Wijziging Pensioenreglement voor militairen per 1 januari 2026, Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Hoofdstuk 3.10 U stopt met pensioen opbouwen bij ABP. De keuzes die u kunt maken

In de zin ‘Als de hoogte van uw pensioen € 613,52 of meer bruto per jaar is, kunt u uw pensioen van ABP meenemen naar een ander pensioenfonds.’ wordt het bedrag ‘€ 613,52’ vervangen door ‘€ 632,63’.

Hoofdstuk 4.1 Uw deelname stopt

In de zin ‘En is de hoogte van uw pensioen € 613,52 bruto per jaar of meer?’ wordt het bedrag ‘€ 613,52’ vervangen door ‘€ 632,63’.

In de zin ‘Let op! Is de hoogte van uw pensioen minder dan € 613,52, maar meer dan € 2,– bruto per jaar?’ wordt het bedrag ‘€ 613,52’ vervangen door ‘€ 632,63.’

Hoofdstuk 7.1 Pensioenopbouw ouderdomspensioen

Onder de kop ‘Pensioen dat u in een jaar opbouwt’ wordt het huidige rekenvoorbeeld vervangen door het volgende rekenvoorbeeld:

Rekenvoorbeeld opbouw ouderdomspensioen (bruto bedragen)

Leeftijd: 25 jaar

Dienstverband: fulltime

Pensioengevend inkomen: € 30.000

Franchise (op jaarbasis): € 17.300

Pensioengrondslag: € 30.000 – € 17.300 = € 12.700

Opbouwpercentage: 1,788%

Als alles hetzelfde blijft, wordt de pensioenberekening als volgt:

Pensioenopbouw per jaar: 1,788% van € 12.700 = € 227,08

Bij doorwerken tot 62 jaar: 37 jaar (van 25ste tot 62ste) x € 227,08 = € 8.401,81

Daarna UGM van 62 tot 67 jaar: 5 jaar x € 227,08 x 50% = € 567,69

Pensioen op pensioenleeftijd: € 8.401,81 + € 567,69 = € 8.969,50

Vanaf uw AOW-leeftijd komt daar de AOW-uitkering bij.

Hoofdstuk 7.1.2 De franchise (het bedrag waarover u geen pensioen opbouwt)

In de tabel onder de kop ‘Hoogte franchise (het bedrag waarover u geen pensioen opbouwt omdat u AOW krijgt)’ wordt het bedrag ‘€ 55.493,10’ twee maal vervangen door ‘€ 58.248,28 ’ en het bedrag ‘€ 16.700’ vervangen door ‘€ 17.300’ en het bedrag ‘€ 18.500’ door ‘€ 19.200’.

In de zin ‘Let op! De franchise die wordt gebruikt voor berekening van de premie voor ouderdomspensioen en nabestaandenpensioen is € 16.700 (zie hiervoor Hoofdstuk 7.4 Hoogte pensioenpremie).’ wordt het bedrag ‘€ 16.700’ vervangen door ‘€ 17.300’.

In de zin ‘Let op! Ontvangt u op 1 januari 2019 al een UGM-uitkering? Dan bouwt u pensioen op in deze pensioenregeling met een franchise van € 26.050.’ wordt het bedrag ‘€ 26.050’ vervangen door ‘€ 27.050.

Hoofdstuk 7.1.3 Het opbouwpercentage (het percentage waarmee u jaarlijks pensioen opbouwt)

In de tabel wordt het bedrag ‘€ 55.493,10’ twee maal vervangen door ‘€ 58.248,28’.

Hoofdstuk 7.1.5 Uw deeltijdpercentage

De huidige rekenvoorbeelden worden vervangen door de volgende rekenvoorbeelden:

‘Werkt u in deeltijd? Dan houden we rekening met uw deeltijdpercentage. In het rekenvoorbeeld hieronder staat hoe we dat doen.

Rekenvoorbeeld

  • Een volledige werkweek bij uw werkgever is 38 uur.

  • Uw deeltijdpercentage is 50%, u werkt 19 uur.

  • Uw pensioengevend inkomen is € 35.000.

  • Uw pensioengevend inkomen bij een volledige werkweek is: € 35.000 / 50% = € 70.000

  • Uw franchise bij een volledige werkweek is € 19.200

  • Uw pensioengrondslag bij een volledige werkweek is: € 70.000 – € 19.200 = € 50.800

  • U bouwt pensioen op over € 50.800 x 50% = € 25.400’

‘Werkt u in deeltijd en zou u met uw voltijdpercentage boven het fiscaal maximum komen?

Rekenvoorbeeld

  • Een volledige werkweek bij uw werkgever is 38 uur.

  • Uw deeltijdpercentage is 50%, u werkt 19 uur.

  • Uw pensioengevend inkomen is € 70.000.

  • Uw franchise bij een volledige werkweek is € 19.200.

  • Uw pensioengevend inkomen bij een volledige werkweek is: € 70.000 / 50% = € 140.000

  • Het fiscaal maximum is € 137.800

  • Uw pensioengrondslag is € 137.800- € 19.200 = € 118.600

  • U bouwt pensioen op over € 118.600 x 50% = € 59.300’

‘Wat gebeurt er als u langer werkt dan een volledige werkweek en daarmee uw inkomen boven het fiscaal maximum uitkomt?

Er is een fiscale grens aan het pensioengevend inkomen waarover iemand pensioen mag opbouwen. Dat heet het fiscale maximum. Werkt u meer dan een volledige werkweek? Dan kan u een deeltijdspercentage van meer dan 100% hebben. Dat is het geval als u 40 uur werkt, terwijl een volledige werkweek bij uw werkgever 38 uur is. Hierdoor kan uw pensioengevend inkomen boven het fiscale maximum uitkomen. In dat geval passen we uw deeltijdpercentage aan. Hieronder ziet u een voorbeeld hoe we dit berekenen.

Rekenvoorbeeld

  • Een volledige werkweek bij uw werkgever is 38 uur.

  • U werkt 40 uur.

  • Uw deeltijdpercentage is 40/38 x 100% = 105,26%.

  • Uw pensioengevend inkomen bij 38-urige werkweek is: € 135.000.

  • Uw franchise bij een volledige werkweek is € 19.200.

  • Uw pensioengevend inkomen bij een 40-urige werkweek is € 135.000 x 105,26% = € 142.101

Het pensioengevend inkomen van € 135.000 is lager dan het bedrag dat in de wet staat. Maar het pensioengevend inkomen van € 142.101 is hoger dan het bedrag dat in de wet staat. Daarom verlagen we uw deeltijdpercentage als volgt:

Fiscaal maximum/uw pensioengevend inkomen bij een volledige werkweek

€ 137.800 / € 135.000 = 102,07%. Dit is uw nieuwe deeltijdpercentage.

U bouwt pensioen op over:

(Fulltime pensioengevend inkomen – franchise) x aangepaste deeltijdpercentage

(€ 135.000 – € 19.200) x 102,07% = € 118.197’

Hoofdstuk 7.3 Maximale bedragen voor uw pensioen

Onder de kop ‘Is er een maximum pensioengevend inkomen voor de premieberekening en mijn pensioenopbouw?’ wordt ‘1 januari 2025’ vervangen door ‘1 januari 2026’.

Hoofdstuk 7.4 Hoogte pensioenpremie

In de tabel onder de kop ‘Waarover berekenen we de premie bij de pensioenen?’ wordt in de tweede rij (Franchise) het bedrag ‘€ 16.700’ vervangen door ‘€ 17.300’.

In de zin ‘Let op! Ontvangt u op 1 januari 2019 al een UGM-uitkering? Dan bedraagt de franchise voor de berekening van de premie € 26.050’ wordt het bedrag ‘€ 26.050’ vervangen door ‘€ 27.050’.

Hoofdstuk 8 Wij kunnen uw pensioen in een keer betalen (Afkopen)

De zin ‘Is uw bruto pensioen hoger dan € 2 maar lager dan € 613,52 per jaar (2025)?’ wordt vervangen door de volgende zin: ‘Is uw bruto pensioen hoger dan € 2 maar lager dan € 632,63 per jaar (2026)?’.

Hoofdstuk 9 U verandert van werkgever en u wilt uw opgebouwde pensioen meenemen (Waardeoverdracht)

Onder de kop ‘Wat moet u doen om uw pensioen mee te nemen’ in de zin ‘Als de hoogte van uw pensioen bij een andere pensioenuitvoerder lager is dan € 613,52 bruto per jaar, draagt die pensioenuitvoerder uw pensioen mogelijk automatisch naar ABP over.’ wordt het bedrag ‘€ 613,52’ vervangen door ‘€ 632,63’.

In de zin ‘Let op! Als de hoogte van uw pensioen minder is dan € 613,52 maar meer dan € 2,– bruto per jaar dan draagt ABP uw pensioen automatisch over naar de pensioenuitvoerder waar u pensioen opbouwt.’ wordt het bedrag ‘€ 613,52’ vervangen door ‘€ 632,63’.

Hoofdstuk 14.2 paragraaf 1 Wat is een nettopensioenregeling?

Onder de kop ‘Wanneer kunt u deelnemen?’ in de zin: ‘U kunt deelnemen als uw pensioengevend inkomen hoger is dan € 137.800 (2025) en:’ wordt ‘(2025)’ vervangen door ‘(2026)’.

Hoofdstuk 14.2 paragraaf 4 Premie en kosten

In het overzicht onder de kop ‘Kosten’ wordt de zin ‘De beheerkosten zijn afhankelijk van uw leeftijd (zie tabel) en variëren tussen 0,07% en 0,13% van uw opgebouwde kapitaal.’ vervangen door de volgende zin: ‘De beheerkosten zijn afhankelijk van uw leeftijd (zie tabel) en variëren tussen 0,07% en 0,15% van uw opgebouwde kapitaal.’

Hoofdstuk 14.2 paragraaf 7 Fiscale maximering en afkopen

In de zin ‘De nettofactor is met ingang van 1 januari 2025 vastgesteld op 50,5%.’ wordt ‘1 januari 2025’ vervangen ‘1 januari 2026’.

Onder de kop ‘Wanneer mogen wij uw pensioen in één keer betalen als u gestopt bent met deelname aan de nettopensioenregeling?’ wordt in de passage ‘Is uw nettopensioen lager dan € 613,52 per jaar (2025)? Dan kunnen wij besluiten dit pensioen in één keer aan u te betalen. Als wij dat besluiten vragen wij u hiervoor toestemming.’ De passage ‘€ 613,52 per jaar (2025)’ vervangen door de passage ‘€ 632,63 per jaar (2026)’.

Hoofdstuk 15 Vaststelling pensioenreglement

Boven de huidige tekst ‘De werkgeversorganisaties en werknemersorganisaties zoals die zijn vermeld in de WPA bepalen de inhoud van de pensioenregeling na voorafgaande instemming of op initiatief van het sectoroverleg Defensie. Die pensioenregeling leggen wij vast in het pensioenreglement. Het bestuur stelt het pensioenreglement vast. Het bestuur is ook bevoegd om aanvullende regels te maken over de uitvoering van de regeling voor zover dat past binnen de afspraken die werkgeversorganisaties en werknemersorganisaties over de pensioenregeling gemaakt hebben.’ wordt de kop ‘Wie stelt het pensioenreglement vast?’ toegevoegd.

Onder de alinea ‘De werkgeversorganisaties en werknemersorganisaties zoals die zijn vermeld in de WPA bepalen de inhoud van de pensioenregeling na voorafgaande instemming of op initiatief van het sectoroverleg Defensie. Die pensioenregeling leggen wij vast in het pensioenreglement. Het bestuur stelt het pensioenreglement vast. Het bestuur is ook bevoegd om aanvullende regels te maken over de uitvoering van de regeling voor zover dat past binnen de afspraken die werkgeversorganisaties en werknemersorganisaties over de pensioenregeling gemaakt hebben.’ wordt een nieuwe kop ingevoegd luidende: ‘Fiscale regels’. Onder deze kop wordt de volgende tekst ingevoegd: ‘De pensioenregeling van ABP moet voldoen aan de regels van de Wet op de loonbelasting 1964. ABP kan de Belastingdienst vragen of de regeling in dit reglement voldoet aan artikel 18 tot en met 18ga van die wet. Als blijkt dat de regeling niet voldoet aan de wet, overlegt ABP direct met de werkgevers- en werknemersorganisaties en het sectoroverleg Defensie (zoals eerder genoemd in dit Hoofdstuk). Deze organisaties passen de pensioenregeling in overleg met ABP aan, als het nodig is ook naar het verleden toe. ABP legt deze aanpassing vast in dit pensioenreglement. Zo voldoet de regeling alsnog aan de wet. Aan de pensioenregeling zoals die was vóór de aanpassing, kunt u dan geen rechten of aanspraken ontlenen.

Bijlage 1 Tabellenboek met voorbeelden

Bijlage 1 inleiding

In de zin ‘Let op! De voorbeelden gelden als u na 2024 in dienst bent gekomen.’ wordt ‘2024’ vervangen door ‘2025’.

Bijlage 1 paragraaf 1 Eerder of later met pensioen dan uw pensioenleeftijd

De tabellen in paragraaf 1 worden vervangen door de volgende tabellen:

Factoren voor eerder of later laten ingaan van opgebouwd pensioen bij een pensioenrekenleeftijd van 65

Leeftijd

60

61

62

63

64

65

66

67

68

Factor

0,778

0,816

0,856

0,900

0,948

1,000

1,057

1,119

1,187

Leeftijd

69

70

71

72

73

74

75

76

77

Factor

1,262

1,345

1,436

1,537

1,651

1,778

1,921

2,084

2,269

Bij pensioneren op tussenliggende leeftijden bepalen wij uw factor naar verhouding.

Factoren voor eerder of later laten ingaan van opgebouwd pensioen bij een pensioenrekenleeftijd van 67

Leeftijd

60

61

62

63

64

65

66

67

68

Factor

0,697

0,730

0,766

0,805

0,847

0,893

0,944

1,000

1,061

Leeftijd

69

70

71

72

73

74

75

76

77

Factor

1,129

1,203

1,286

1,377

1,480

1,594

1,724

1,872

2,040

Bij pensioneren op tussenliggende leeftijden bepalen wij uw factor naar verhouding.

Factoren voor eerder of later laten ingaan van opgebouwd pensioen bij een pensioenrekenleeftijd van 68

Leeftijd

60

61

62

63

64

65

66

67

68

Factor

0,657

0,689

0,722

0,759

0,799

0,842

0,890

0,942

1,000

Leeftijd

69

70

71

72

73

74

75

76

77

Factor

1,064

1,134

1,212

1,299

1,396

1,505

1,628

1,768

1,928

Bij pensioneren op tussenliggende leeftijden bepalen wij uw factor naar verhouding.

De tekst onder de tabel Voorbeeld van de toepassing van de tabel

  • Uw pensioenrekenleeftijd is 68.

  • U wilt stoppen met werken op uw 65e.

  • Op uw 65e is uw opgebouwd ouderdomspensioen € 1.000 per maand.

  • Het partnerpensioen als u overlijdt is 70% van € 1.000 = € 700.

Uw ouderdomspensioen na vervroeging:

  • Vanaf uw 65e wordt uw ouderdomspensioen 0,841 (2025) van € 1.000 = € 841 per maand. Op uw AOW-leeftijd gaat u naast dit bedrag ook AOW ontvangen.

Het partnerpensioen na vervroeging:

  • Als u overlijdt, dan blijft het partnerpensioen 70% van uw oorspronkelijke ouderdomspensioen, dus € 700.’

  • Wordt vervangen door de tekst: ‘Voorbeeld van de toepassing van de tabel

  • Uw pensioenrekenleeftijd is 68.

  • U wilt stoppen met werken op uw 65e.

  • Op uw 65e is uw opgebouwd ouderdomspensioen € 1.000 per maand.

  • Het partnerpensioen als u overlijdt is 70% van € 1.000 = € 700.

Uw ouderdomspensioen na vervroeging:

  • Vanaf uw 65e wordt uw ouderdomspensioen 0,842 (2026) van € 1.000 = € 842 per maand. Op uw AOW-leeftijd gaat u naast dit bedrag ook AOW ontvangen.

Het partnerpensioen na vervroeging:

  • Als u overlijdt, dan blijft het partnerpensioen 70% van uw oorspronkelijke ouderdomspensioen, dus € 700.’

Bijlage 1 paragraaf 2 Gedeeltelijk met pensioen

De huidige tekst wordt vervangen door de volgende tekst: ‘Na uw UGM kunt u uw pensioen ook gedeeltelijk laten uitkeren.

Uw ouderdomspensioen wordt dan:

  • Uw pensioen op uw oorspronkelijke pensioendatum maal;

  • het deel waarmee u met pensioen gaat maal;

  • het vervroegingspercentage dat bij uw nieuwe pensioenleeftijd hoort (zie hieronder).

Een voorbeeld:

  • U bent 67, uw UGM is geëindigd en u wilt een deel van uw pensioen uitstellen.

  • U heeft op uw 67e € 1.000 ouderdomspensioen per maand opgebouwd als u op uw 68e met pensioen gaat.

  • Uw partnerpensioen als u overlijdt is 70% van € 1.000 = € 700.

U wilt op uw 67e slechts 60% van uw ouderdomspensioen in laten gaan. De overige 40% wilt u later laten ingaan.

  • Het deel van uw pensioen dat u nu gaat gebruiken is 60% van € 1.000 = € 600.

  • Op dat deel passen we de vervroegingsfactor toe. De vervroegingsfactor 68 – 67 is 0,942 (2026). U ontvangt € 600 x 0,942 = € 565,20.’

Bijlage 1 paragraaf 3 Partnerpensioen ruilen voor extra ouderdomspensioen (zie Hoofdstuk 5.3 U wilt meer of minder pensioen)

De huidige tekst wordt vervangen door de volgende tekst:

‘Voorbeeld:

  • U gaat op uw 65e met pensioen.

  • Leeftijd van uw partner is niet van belang.

  • Uw ouderdomspensioen is op uw 65e € 1.000 per maand.

  • U heeft een partnerpensioen als u overlijdt van € 700 per maand.

  • Het partnerpensioen dat u heeft opgebouwd kan u optellen bij uw ouderdomspensioen. We rekenen met een uitruilfactor van 0,155 (zie bijlage 3). Uitruilen van € 700 partnerpensioen levert een extra ouderdomspensioen op van € 700 x 0,155 (2026) = € 108,50

  • Uw ouderdomspensioen vanaf uw 65e wordt:

    € 1.000 + € 108,50 = € 1.108,50.

Als u overlijdt ontvangt uw partner geen partnerpensioen.’

Bijlage 1 paragraaf 4 Hoogte van het ouderdomspensioen eerste jaren hoger

De tabel in paragraaf 4 wordt vervangen door de volgende tabel:

Factoren bij in hoogte variëren van ouderdomspensioen
   

Leeftijd vanaf

   

59

60

61

62

63

64

65

66

67

68

Leeftijd tot

60

0,047

                 

61

0,098

0,049

               

62

0,153

0,101

0,050

             

63

0,212

0,158

0,104

0,052

           

64

0,276

0,219

0,163

0,108

0,053

         

65

0,345

0,285

0,226

0,168

0,111

0,055

       

66

0,420

0,357

0,295

0,234

0,174

0,115

0,057

     

67

0,502

0,435

0,370

0,306

0,243

0,180

0,119

0,059

   

68

0,591

0,521

0,452

0,384

0,318

0,252

0,187

0,124

0,061

 

69

0,689

0,615

0,542

0,471

0,400

0,331

0,262

0,195

0,129

0,064

70

0,797

0,718

0,641

0,565

0,491

0,417

0,345

0,273

0,203

0,134

71

0,916

0,833

0,751

0,670

0,591

0,513

0,436

0,360

0,286

0,212

72

1,048

0,960

0,873

0,787

0,703

0,619

0,537

0,457

0,377

0,299

73

1,195

1,101

1,008

0,917

0,827

0,738

0,651

0,564

0,480

0,396

74

1,359

1,259

1,160

1,063

0,966

0,871

0,778

0,685

0,594

0,505

75

1,544

1,437

1,331

1,227

1,123

1,021

0,921

0,822

0,724

0,628

76

1,754

1,639

1,525

1,412

1,301

1,192

1,084

0,977

0,872

0,768

77

1,992

1,868

1,745

1,624

1,504

1,386

1,269

1,154

1,040

0,928

78

2,265

2,131

1,998

1,867

1,737

1,609

1,482

1,357

1,233

1,111

   

Leeftijd vanaf

   

69

70

71

72

73

74

75

76

77

Leeftijd tot

70

0,066

               

71

0,140

0,069

             

72

0,222

0,147

0,073

           

73

0,314

0,233

0,154

0,076

         

74

0,417

0,330

0,245

0,162

0,080

       

75

0,533

0,440

0,349

0,259

0,171

0,084

     

76

0,666

0,565

0,466

0,369

0,274

0,180

0,089

   

77

0,817

0,708

0,601

0,495

0,392

0,290

0,191

0,094

 

78

0,991

0,872

0,756

0,641

0,528

0,417

0,309

0,203

0,100

De tekst onder de tabel ‘Voorbeeld van de toepassing van de tabel:

  • Stel uw AOW-leeftijd is 67 jaar.

  • Op uw 63e is uw ouderdomspensioen op uw 68e € 1.000 per maand.

  • U wilt in juli 2025 op uw 63e met pensioen en tot uw AOW-datum een hoger pensioen. U kiest ervoor om € 100 extra voor uw AOW-datum te ontvangen (en heeft dan na u AOW-datum een lager pensioen).

  • We gaan uw pensioen eerst vervroegen en daarna verhogen.

  • Uw vervroegd pensioen wordt dan:

    • eerst vervroegen we uw pensioen naar uw 63e. Dat is 0,758 (2025) van € 1.000 = € 758 per maand.

  • U wilt uw vervroegde pensioen met € 100 verhogen:

    • de ruilfactor bij hoog-laag tussen uw 63e en 67e is 0,244 (2025). Voor elke euro die u tussen uw 63e en 67e meer wilt ontvangen, ontvangt u 24,4 eurocent minder vanaf uw 67e.

    • de € 100 die u tussen uw 63e en 67e meer wilt ontvangen kost u € 100 x 0,244 = € 24,40. Dit gaat af van uw ouderdomspensioen vanaf uw AOW-leeftijd.

    • Van uw 63e tot uw 67e wordt uw ouderdomspensioen dan € 758 + € 100 = € 858 per maand.

    • Vanaf uw 67e wordt uw ouderdomspensioen dan levenslang € 758 – € 24,40= € 733,60. Daarnaast ontvangt u dan uw AOW-uitkering.

Het voorbeeld kan ook andersom. Dan kiest u ervoor om na uw AOW een hoger pensioen te ontvangen.’

wordt vervangen door de volgende tekst: ‘Voorbeeld van de toepassing van de tabel:

  • Stel uw AOW-leeftijd is 67 jaar.

  • Op uw 63e is uw ouderdomspensioen op uw 68e € 1.000 per maand.

  • U wilt in juli 2026 op uw 63e met pensioen en tot uw AOW-datum een hoger pensioen. U kiest ervoor om € 100 extra voor uw AOW-datum te ontvangen (en heeft dan na u AOW-datum een lager pensioen).

  • We gaan uw pensioen eerst vervroegen en daarna verhogen.

  • Uw vervroegd pensioen wordt dan:

    • eerst vervroegen we uw pensioen naar uw 63e. Dat is 0,759 (2026) van € 1.000 = € 759 per maand.

  • U wilt uw vervroegde pensioen met € 100 verhogen:

    • de ruilfactor bij hoog-laag tussen uw 63e en 67e is 0,243 (2026). Voor elke euro die u tussen uw 63e en 67e meer wilt ontvangen, ontvangt u 24,3 eurocent minder vanaf uw 67e.

    • de € 100 die u tussen uw 63e en 67e meer wilt ontvangen kost u € 100 x 0,243 = € 24,30. Dit gaat af van uw ouderdomspensioen vanaf uw AOW-leeftijd.

    • Van uw 63e tot uw 67e wordt uw ouderdomspensioen dan € 759 + € 100 = € 859 per maand.

    • Vanaf uw 67e wordt uw ouderdomspensioen dan levenslang € 759 – € 24,30= € 734,70. Daarnaast ontvangt u dan uw AOW-uitkering.

Het voorbeeld kan ook andersom. Dan kiest u ervoor om na uw AOW een hoger pensioen te ontvangen.’

Bijlage 1 paragraaf 5 Afkopen (zie Hoofdstuk 8 Wij kunnen uw pensioen in een keer betalen)

De eerste drie tabellen in paragraaf 5 worden vervangen door de volgende tabellen:

Afkoopfactoren ouderdomspensioen bij ingang ouderdomspensioen

Leeftijd

OP

OOP

65

18,702

7,935

66

18,087

7,822

67

17,465

7,706

68

16,837

7,585

69

16,205

7,461

70

15,569

7,331

71

14,928

7,195

72

14,285

7,051

73

13,640

6,899

74

12,994

6,740

75

12,351

6,572

Afkoopfactoren nabestaandenpensioen bij ingang ouderdomspensioen

Leeftijd

Volledig kapitaalgedekt PP1

 

PP

65

2,909

66

2,903

67

2,880

68

2,874

69

2,850

70

2,819

71

2,781

72

2,736

73

2,685

74

2,625

75

2,558

X Noot
1

Opgebouwd vanaf 1-1-2018, uitruilbaar, TPP (tijdelijk partnerpensioen ter compensatie loonheffing) n.v.t., PP bevat wezenpensioen.

Afkoopfactoren nabestaandenpensioen bij ingang ouderdomspensioen

Leeftijd

Kapitaalgedekt PP65+1

Volledig kapitaalgedekt PP2

 

PP

TPP

PP

TPP

65

2,910

0,034

2,214

0,028

66

2,904

0,024

2,220

0,020

67

2,880

0,015

2,222

0,013

68

2,875

0,007

2,221

0,006

69

2,851

0,002

2,215

0,001

70

2,819

0,000

2,204

0,000

71

2,782

0,000

2,189

0,000

72

2,737

0,000

2,169

0,000

73

2,686

0,000

2,143

0,000

74

2,626

0,000

2,112

0,000

75

2,559

0,000

2,074

0,000

X Noot
1

Opgebouwd tussen 1-7-1999 en 1-1-2018, uitruilbaar, PP bevat wezenpensioen.

X Noot
2

Opgebouwd vóór 1-7-1999, niet uitruilbaar, PP bevat wezenpensioen.

De huidige tekst onder ‘Voorbeeld van de toepassing van de tabel:’ wordt vervangen door de volgende tekst:

  • U gaat op uw 65e met pensioen

  • U heeft bij ons een jaarlijks ouderdomspensioen vanaf uw 68e van € 300 per jaar. Als u overlijdt is het partnerpensioen 70% x 300 = € 210 per jaar.

  • We toetsen uw ouderdomspensioen dat u zou krijgen vanaf uw 65e. We moeten uw ouderdomspensioen dus vervroegen van 68 naar 65 jaar. Deze bedraagt dan € 300 x 0,842 (2026) = € 252,60.

  • Zowel het ouderdomspensioen als het partnerpensioen zijn lager dan de afkoopgrens (€ 632,63 in 2026).

  • In 2026 geldt op 65 jaar voor uw ouderdomspensioen een afkoopfactor van 18,702. De afkoopfactor van het partnerpensioen opgebouwd vanaf 1-1-2018 is dan 2,909.

  • U ontvangt van ons (€ 252,60 x 18,702) + (€ 210 x 2,909) = € 4.724,13 + € 610,89 = € 5.335,02.

  • Op dit bruto bedrag wordt o.a. loonheffing nog ingehouden, dus wat u op uw bankrekening ontvangt is lager.

  • U ontvangt géén maandelijkse pensioenen meer van ons.’

De vierde tabel in paragraaf 5 wordt vervangen door de volgende tabel:

Afkoopfactoren Partnerpensioen en Partnerpensioen voor ex-partner bij overlijden

Leeftijd

PP

TPP

Leeftijd

PP

TPP

16

38,770

32,893

57

22,337

9,298

17

38,512

32,539

58

21,786

8,455

18

38,248

32,178

59

21,230

7,568

19

37,978

31,810

60

20,670

6,638

20

37,703

31,436

61

20,105

5,765

21

37,422

31,054

62

19,535

4,899

22

37,135

30,664

63

18,960

4,013

23

36,841

30,266

64

18,380

3,107

24

36,541

29,861

65

17,795

2,060

25

36,234

29,448

66

17,206

0,986

26

35,921

29,013

67

16,612

0,250

27

35,600

28,532

68

16,016

0,000

28

35,272

28,054

69

15,419

0,000

29

34,938

27,605

70

14,820

0,000

30

34,596

27,120

71

14,218

0,000

31

34,246

26,597

72

13,614

0,000

32

33,889

26,092

73

13,010

0,000

33

33,524

25,604

74

12,406

0,000

34

33,151

25,063

75

11,804

0,000

35

32,770

24,497

76

11,204

0,000

36

32,381

23,963

77

10,610

0,000

37

31,984

23,434

78

10,022

0,000

38

31,579

22,832

79

9,444

0,000

39

31,166

22,218

80

8,876

0,000

40

30,744

21,639

81

8,322

0,000

41

30,313

20,998

82

7,783

0,000

42

29,875

20,361

83

7,261

0,000

43

29,428

19,764

84

6,757

0,000

44

28,972

19,120

85

6,271

0,000

45

28,508

18,427

86

5,807

0,000

46

28,035

17,757

87

5,368

0,000

47

27,554

17,055

88

4,953

0,000

48

27,065

16,320

89

4,565

0,000

49

26,568

15,629

90

4,205

0,000

50

26,061

14,945

91

3,873

0,000

51

25,546

14,165

92

3,565

0,000

52

25,024

13,372

93

3,281

0,000

53

24,497

12,627

94

3,021

0,000

54

23,964

11,801

95

2,785

0,000

55

23,426

10,983

96

2,572

0,000

56

22,884

10,172

97

2,381

0,000

Leeftijd

PP

TPP

Leeftijd

PP

TPP

98

2,210

0,000

110

1,254

0,000

99

2,059

0,000

111

1,225

0,000

100

1,929

0,000

112

1,199

0,000

101

1,815

0,000

113

1,177

0,000

102

1,715

0,000

114

1,157

0,000

103

1,626

0,000

115

1,139

0,000

104

1,549

0,000

116

1,119

0,000

105

1,482

0,000

117

1,093

0,000

106

1,423

0,000

118

1,047

0,000

107

1,371

0,000

119

0,944

0,000

108

1,326

0,000

120

0,871

0,000

109

1,288

0,000

     

De vijfde tabel in paragraaf 5 wordt vervangen door de volgende tabel:

Afkoopfactoren wezenpensioen

Leeftijd

Wezenpensioen

0

19,719

1

19,103

2

18,475

3

17,835

4

17,181

5

16,515

6

15,835

7

15,142

8

14,435

9

13,713

10

12,978

11

12,227

12

11,462

13

10,681

14

9,885

15

9,072

16

8,244

17

7,399

18

6,537

19

5,657

20

4,761

21

3,846

22

2,913

23

1,961

24

0,990

25

0,000

In paragraaf 5 onder tabel ‘Afkoop wezenpensioen’ wordt de tekst ‘Omdat het nabestaandenpensioen onder de afkoopgrens van € 613,52 (2025) ligt, kopen wij het als volgt af:

  • Partnerpensioen: € 280 x 29,374 = € 8.224,72

  • Wezenpensioen: € 56 x 11,462 = € 641,87’.’

Vervangen door de tekst ‘Omdat het nabestaandenpensioen onder de afkoopgrens van € 632,63 (2026) ligt, kopen wij het als volgt af:

  • Partnerpensioen: € 280 x 29,428 = € 8.239,84

  • Wezenpensioen: 14% x € 400 x 11,462 = € 641,87

Bijlage 1 paragraaf 6 Berekening ABP ExtraPensioen

Onder de kop ‘Ik ga uit dienst bij mijn werkgever’ wordt de tekst ‘Zit uw leeftijd er bijvoorbeeld precies tussen in? Dan rekenen we met een factor die precies tussen bij die twee leeftijden behorende factoren in ligt. Bent u bijvoorbeeld 41 jaar en zes maanden? Dan berekenen we de factor als volgt: 12,022 + 12,227 = 24,249.

Omdat u precies 41,5 bent, delen we de factor door 2. De omzettingsfactor wordt dan 12,125.

Voorbeeld:

  • U heeft € 100.000 opgebouwd kapitaal.

  • U bent precies 45 jaar.

  • Als u uit dienst gaat wordt € 100.000 op dat moment omgezet in ouderdoms- en nabestaandenpensioen

    • uw ouderdomspensioen wordt dan € 100.000/12,869 (2025) = € 7.770,61 per jaar.

    • partnerpensioen wordt dan 70% van € 7.770,61 = € 5.439,43 per jaar.

    • wezenpensioen wordt dan 14% van € 7.770,61 = € 1.087,89 per jaar (per halve wees).’

Vervangen door de tekst: ‘Zit uw leeftijd er bijvoorbeeld precies tussen in? Dan rekenen we met een factor die precies tussen bij die twee leeftijden behorende factoren in ligt. Bent u bijvoorbeeld 41 jaar en zes maanden? Dan berekenen we de factor als volgt: 12,049 + 12,257 = 24,306.

Omdat u precies 41,5 bent, delen we de factor door 2. De omzettingsfactor wordt dan 12,153.

Voorbeeld:

  • U heeft € 100.000 opgebouwd kapitaal.

  • U bent precies 45 jaar.

  • Als u uit dienst gaat wordt € 100.000 op dat moment omgezet in ouderdoms- en nabestaandenpensioen

    • uw ouderdomspensioen wordt dan € 100.000/12,903 (2026) = € 7.750,14 per jaar.

    • partnerpensioen wordt dan 70% van € 7.750,14 = € 5.425,10 per jaar.

    • wezenpensioen wordt dan 14% van € 7.750,14 = € 1.085,02 per jaar (per halve wees).’

De tabellen in paragraaf 6 worden vervangen door de volgende tabellen:

Omrekeningsfactoren (2026) die we gebruiken bij het omzetten van opgebouwde waarde in ouderdomspensioen en nabestaandenpensioen

Leeftijd

Middelloonregeling militairen (AKP)

15

7,616

16

7,755

17

7,892

18

8,038

19

8,184

20

8,330

21

8,480

22

8,633

23

8,787

24

8,946

25

9,107

26

9,270

27

9,437

28

9,605

29

9,777

30

9,950

31

10,128

32

10,309

33

10,488

34

10,673

35

10,858

36

11,048

37

11,242

38

11,442

39

11,645

40

11,845

41

12,049

42

12,257

43

12,469

44

12,684

45

12,903

46

13,123

47

13,346

48

13,576

49

13,807

50

14,041

51

14,283

52

14,527

53

14,775

54

15,027

55

15,286

56

15,547

57

15,813

58

16,088

59

16,369

60

16,656

61

16,947

62

17,246

63

17,559

64

17,878

65

18,216

66

18,565

67

18,900

68

19,259

69

18,609

70

17,951

71

17,283

72

16,608

73

15,926

74

15,239

75

14,546

Omrekeningsfactor (2026) die we gebruiken bij het omzetten van opgebouwde waarde in nabestaandenpensioen bij overlijden

Leeftijd

Middelloonregeling militairen

n.v.t.

20,993

Onder de kop ‘U bent in dienst en u spaart bij met het ABP ExtraPensioen en u overlijdt’ wordt de tekst ‘We berekenen de verhoging van het nabestaandenpensioen als volgt:

De som van uw inleg en rendement gedeeld door 20,980. Deze factor is niet afhankelijk van uw leeftijd op het moment dat u overlijdt. Per halve wees bedraagt het wezenpensioen 14/70e deel van het partnerpensioen.

Voorbeeld:

  • Op het moment dat u overlijdt, heeft u € 54.000 opgebouwd.

  • Het partnerpensioen is: € 54.000/20,980 = € 2.573,88 per jaar, zolang uw partner leeft.

  • Per halve wees bedraagt het wezenpensioen: 14/70 x € 2.573,88 = € 514,78.’

  • vervangen door de volgende tekst: ‘We berekenen de verhoging van het nabestaandenpensioen als volgt:

    De som van uw inleg en rendement gedeeld door 20,993. Deze factor is niet afhankelijk van uw leeftijd op het moment dat u overlijdt. Per halve wees bedraagt het wezenpensioen 14/70e deel van het partnerpensioen.

Voorbeeld:

  • Op het moment dat u overlijdt, heeft u € 54.000 opgebouwd.

  • Het partnerpensioen is: € 54.000/20,993 = € 2.572,29 per jaar, zolang uw partner leeft.

  • Per halve wees bedraagt het wezenpensioen: 14/70 x € 2.572,29 = € 514,46.’

Bijlage 1 paragraaf 7 Berekening Nettopensioen

De ‘Bijlage Nettopensioen Lifecycleverloop en beheerkosten’ wordt vervangen door:

‘Bijlage Nettopensioen Lifecycleverloop en beheerkosten

Horizon

Aandelen Ontwikkelde Markten

Aandelen Opkomende Markten

Vastgoed

Grondstoffen

Bedrijfsobligaties

Staatsobligaties

Indexleningen

Staatsobligaties Lange Looptijden

Netto beheertarief1 (jaarbasis)

0

24,00%

8,00%

6,00%

2,00%

10,00%

50,00%

0,00%

0,00%

0,078%

1

27,00%

9,00%

6,75%

2,25%

10,00%

40,50%

2,25%

2,25%

0,086%

2

29,40%

9,80%

7,35%

2,45%

10,00%

32,80%

4,10%

4,10%

0,092%

3

31,80%

10,60%

7,95%

2,65%

10,00%

25,90%

5,55%

5,55%

0,098%

4

34,20%

11,40%

8,55%

2,85%

10,00%

19,80%

6,60%

6,60%

0,104%

5

36,00%

12,00%

9,00%

3,00%

10,00%

15,00%

7,50%

7,50%

0,109%

6

37,80%

12,60%

9,45%

3,15%

10,00%

10,80%

8,10%

8,10%

0,113%

7

39,60%

13,20%

9,90%

3,30%

10,00%

7,20%

8,40%

8,40%

0,117%

8

40,80%

13,60%

10,20%

3,40%

10,00%

4,40%

8,80%

8,80%

0,120%

9

42,00%

14,00%

10,50%

3,50%

10,00%

2,00%

9,00%

9,00%

0,122%

10

43,20%

14,40%

10,80%

3,60%

10,00%

0,00%

9,00%

9,00%

0,125%

11

44,40%

14,80%

11,10%

3,70%

10,00%

0,00%

8,00%

8,00%

0,127%

12

45,60%

15,20%

11,40%

3,80%

10,00%

0,00%

7,00%

7,00%

0,129%

13

46,20%

15,40%

11,55%

3,85%

10,00%

0,00%

6,50%

6,50%

0,130%

14

46,80%

15,60%

11,70%

3,90%

10,00%

0,00%

6,00%

6,00%

0,131%

15

48,00%

16,00%

12,00%

4,00%

10,00%

0,00%

5,00%

5,00%

0,132%

16

48,60%

16,20%

12,15%

4,05%

10,00%

0,00%

4,50%

4,50%

0,133%

17

49,20%

16,40%

12,30%

4,10%

10,00%

0,00%

4,00%

4,00%

0,134%

18

49,80%

16,60%

12,45%

4,15%

10,00%

0,00%

3,50%

3,50%

0,135%

19

49,80%

16,60%

12,45%

4,15%

10,00%

0,00%

3,50%

3,50%

0,135%

20

50,40%

16,80%

12,60%

4,20%

10,00%

0,00%

3,00%

3,00%

0,136%

21

51,00%

17,00%

12,75%

4,25%

10,00%

0,00%

2,50%

2,50%

0,137%

22

51,00%

17,00%

12,75%

4,25%

10,00%

0,00%

2,50%

2,50%

0,137%

23

51,60%

17,20%

12,90%

4,30%

10,00%

0,00%

2,00%

2,00%

0,138%

24

51,60%

17,20%

12,90%

4,30%

10,00%

0,00%

2,00%

2,00%

0,138%

25

52,20%

17,40%

13,05%

4,35%

10,00%

0,00%

1,50%

1,50%

0,139%

26

52,20%

17,40%

13,05%

4,35%

10,00%

0,00%

1,50%

1,50%

0,139%

27

52,80%

17,60%

13,20%

4,40%

10,00%

0,00%

1,00%

1,00%

0,140%

28

52,80%

17,60%

13,20%

4,40%

10,00%

0,00%

1,00%

1,00%

0,140%

29

52,80%

17,60%

13,20%

4,40%

10,00%

0,00%

1,00%

1,00%

0,140%

30

52,80%

17,60%

13,20%

4,40%

10,00%

0,00%

1,00%

1,00%

0,140%

31

53,40%

17,80%

13,35%

4,45%

10,00%

0,00%

0,50%

0,50%

0,141%

32

53,40%

17,80%

13,35%

4,45%

10,00%

0,00%

0,50%

0,50%

0,141%

33

53,40%

17,80%

13,35%

4,45%

10,00%

0,00%

0,50%

0,50%

0,141%

34

53,40%

17,80%

13,35%

4,45%

10,00%

0,00%

0,50%

0,50%

0,141%

35

53,40%

17,80%

13,35%

4,45%

10,00%

0,00%

0,50%

0,50%

0,141%

>35

54,00%

18,00%

13,50%

4,50%

10,00%

0,00%

0,00%

0,00%

0,141%

X Noot
1

Omdat de asset allocatie afhankelijk is van de horizon (zie bovenstaand schema) verschillen de kosten van vermogensbeheer per leeftijdscategorie. Het tarief wordt uitgedrukt in basispunten en wordt berekend over het verworven pensioenkapitaal.

ABP ontvangt een korting op de (bruto) beheertarieven per beleggingscategorie. De korting over een maand wordt na afloop van die maand vastgesteld. Op de beheerkosten voor de belegging van het netto pensioenkapitaal wordt dezelfde korting toegepast (netto beheertarief).

In bovenstaand schema zijn de verwachte kortingspercentages per beleggingscategorie voor 2026 verwerkt. Bij de daadwerkelijke aftrek van de netto beheertarieven op uw pensioenkapitaal in een maand houden we rekening met het kortingspercentage per beleggingscategorie over die maand.

De ‘Bijlage Nettopensioen factoren voor omzetting en ruilfactoren’ wordt vervangen door:

‘Bijlage Nettopensioen factoren voor omzetting en ruilfactoren

Aanwendfactoren omzetting verworven kapitaal bij einde deelneming en pensionering (peil 1 januari 2026).

Leeftijd

Factor

Leeftijd

Factor

Leeftijd

Factor

21

7,229

39

11,237

57

18,327

22

7,411

40

11,518

58

18,891

23

7,593

41

11,814

59

19,479

24

7,783

42

12,117

60

20,091

25

7,976

43

12,428

61

20,710

26

8,174

44

12,754

62

21,345

27

8,378

45

13,094

63

22,009

28

8,583

46

13,440

64

22,683

29

8,792

47

13,800

65

23,403

30

9,006

48

14,180

66

24,136

31

9,228

49

14,564

67

24,803

32

9,457

50

14,962

68

25,434

33

9,686

51

15,389

69

26,083

34

9,925

52

15,833

70

26,748

35

10,172

53

16,285

71

27,426

36

10,422

54

16,767

72

28,136

37

10,682

55

17,268

   

38

10,956

56

17,785

   
Aanwendfactoren omzetting verworven kapitaal bij overlijden (peil 1 januari 2026).

Leeftijd

Factor

Leeftijd

Factor

Leeftijd

Factor

21

43,470

48

40,891

75

19,271

22

43,268

49

39,834

76

18,492

23

43,061

50

38,797

77

17,704

24

42,847

51

37,742

78

16,906

25

42,627

52

36,796

79

16,096

26

42,401

53

35,857

80

15,330

27

42,480

54

34,815

81

14,505

28

42,657

55

33,980

82

13,637

29

43,823

56

33,254

83

12,834

30

45,027

57

32,411

84

12,042

31

45,134

58

31,606

85

11,265

32

45,249

59

30,896

86

10,507

33

45,392

60

30,182

87

9,769

34

45,599

61

29,426

88

9,056

35

45,816

62

28,668

89

8,377

36

46,026

63

27,978

90

7,732

37

46,221

64

27,292

91

7,122

38

46,269

65

26,599

92

6,547

39

46,267

66

25,900

93

6,010

40

46,180

67

25,197

94

5,515

41

45,837

68

24,486

95

5,056

42

45,381

69

23,771

96

4,632

43

44,814

70

23,045

97

4,246

44

44,303

71

22,305

98

3,896

45

43,697

72

21,560

99

3,584

46

42,838

73

20,808

100

3,307

47

41,898

74

20,044

   

Afkoop gewezen deelnemers nettopensioen (gestopt met deelname aan nettopensioen)

Bij afkoop (in één keer betalen) van gewezen deelnemers met ingekochte nettopensioen aanspraken, berekenen wij de afkoopwaarde hiervan op basis van de afkoopfactoren die hieronder in de tabel staan. Bij afkoop (in één keer betalen) van gewezen deelnemers met een nettopensioen kapitaal, wordt het actuele pensioenkapitaal als afkoopwaarde uitgekeerd.

Leeftijd

Factor OP67

Factor OP68

Factor PP

Factor WZP

21

5,651

5,373

1,107

0,085

22

5,789

5,502

1,143

0,089

23

5,926

5,632

1,179

0,093

24

6,065

5,767

1,217

0,098

25

6,211

5,904

1,256

0,103

26

6,362

6,044

1,295

0,108

27

6,514

6,189

1,335

0,113

28

6,667

6,334

1,377

0,118

29

6,823

6,481

1,420

0,124

30

6,984

6,633

1,464

0,129

31

7,149

6,789

1,509

0,133

32

7,320

6,950

1,555

0,138

33

7,493

7,112

1,603

0,142

34

7,672

7,281

1,652

0,146

35

7,856

7,455

1,703

0,149

36

8,046

7,632

1,755

0,152

37

8,239

7,816

1,808

0,155

38

8,445

8,011

1,862

0,157

39

8,656

8,211

1,919

0,158

40

8,869

8,410

1,976

0,158

41

9,095

8,620

2,035

0,158

42

9,324

8,837

2,095

0,156

43

9,558

9,060

2,157

0,154

44

9,804

9,293

2,220

0,150

45

10,065

9,539

2,285

0,145

46

10,333

9,788

2,351

0,140

47

10,609

10,048

2,419

0,133

48

10,904

10,324

2,488

0,126

49

11,201

10,604

2,559

0,118

50

11,506

10,894

2,631

0,111

51

11,846

11,206

2,705

0,103

52

12,191

11,532

2,781

0,095

53

12,542

11,865

2,858

0,087

54

12,925

12,222

2,937

0,079

55

13,317

12,593

3,017

0,073

56

13,725

12,977

3,098

0,066

57

14,164

13,383

3,180

0,059

58

14,617

13,806

3,263

0,053

59

15,088

14,250

3,347

0,047

60

15,582

14,713

3,431

0,041

61

16,086

15,183

3,515

0,036

62

16,605

15,666

3,599

0,031

63

17,143

16,173

3,682

0,028

64

17,697

16,691

3,765

0,025

65

18,286

17,247

3,846

0,023

66

18,893

17,818

3,925

0,020

67

19,450

18,336

3,996

0,019

68

19,977

18,833

4,055

0,018

69

20,531

19,355

4,100

0,017

70

21,104

19,895

4,138

0,017

71

21,695

20,452

4,167

0,017

72

22,322

21,043

4,187

0,018

De tekst en tabel ‘Ruilfactoren ouderdomspensioen naar partnerpensioen en andersom’ worden vervangen door de volgende tekst:

‘Ruilfactoren ouderdomspensioen naar partnerpensioen en andersom.

Uitruil

Factor

Toelichting

Van PP2018 naar OP68

0,184

Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot een verhoging van het OP op 68 jaar met 0,184 euro

Van OP 68 naar PP2018

0,291

Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot een verlaging van het OP op 68 jaar met 0,291 euro

De ‘Bijlage Nettopensioen risicopremie nabestaandenpensioen’ wordt vervangen door:

‘Bijlage Nettopensioen risicopremie nabestaandenpensioen

Risicopremie voor het risicogedekt nabestaandenpensioen

Voor het vaststellen van de risicopremie voor het risicogedekt nabestaandenpensioen wordt uitgegaan van de factor behorende bij de leeftijd van de deelnemer in de kolom sterftekans. Deze factor wordt vervolgens vermenigvuldigd met het risicokapitaal. Het risicokapitaal is het verschil tussen i) de factor behorende bij de leeftijd van de partner in de kolom aanwending, maal het fiscaal maximaal partnerpensioen en ii) het al gespaarde kapitaal.

Tabel 7.1.7.4: Sterftekansen en aanwendfactoren voor risicogedekt nabestaandenpensioen

Leeftijd

Sterftekans

Aanwending

Leeftijd

Sterftekans

Aanwending

21

0,000087

43,470

51

0,000787

37,742

22

0,000090

43,268

52

0,000884

36,796

23

0,000096

43,061

53

0,000990

35,857

24

0,000101

42,847

54

0,001113

34,815

25

0,000105

42,627

55

0,001256

33,980

26

0,000108

42,401

56

0,001411

33,254

27

0,000110

42,480

57

0,001590

32,411

28

0,000116

42,657

58

0,001793

31,606

29

0,000122

43,823

59

0,002021

30,896

30

0,000127

45,027

60

0,002278

30,182

31

0,000135

45,134

61

0,002552

29,426

32

0,000144

45,249

62

0,002878

28,668

33

0,000151

45,392

63

0,003255

27,978

34

0,000161

45,599

64

0,003660

27,292

35

0,000172

45,816

65

0,004113

26,599

36

0,000183

46,026

66

0,004634

25,900

37

0,000196

46,221

67

0,005241

25,197

38

0,000212

46,269

68

0,005941

24,486

39

0,000231

46,267

69

0,006721

23,771

40

0,000253

46,180

70

0,007597

23,045

41

0,000278

45,837

71

0,008615

22,305

42

0,000306

45,381

72

0,009797

21,560

43

0,000339

44,814

73

n.v.t.

20,808

44

0,000374

44,303

74

n.v.t.

20,044

45

0,000412

43,697

75

n.v.t.

19,271

46

0,000459

42,838

76

n.v.t.

18,492

47

0,000514

41,898

77

n.v.t.

17,704

48

0,000569

40,891

78

n.v.t.

16,906

49

0,000629

39,834

79

n.v.t.

16,096

50

0,000701

38,797

80

n.v.t.

15,330

Leeftijd

Sterftekans

Aanwending

Leeftijd

Sterftekans

Aanwending

81

n.v.t.

14,505

91

n.v.t.

7,122

82

n.v.t.

13,637

92

n.v.t.

6,547

83

n.v.t.

12,834

93

n.v.t.

6,010

84

n.v.t.

12,042

94

n.v.t.

5,515

85

n.v.t.

11,265

95

n.v.t.

5,056

86

n.v.t.

10,507

96

n.v.t.

4,632

87

n.v.t.

9,769

97

n.v.t.

4,246

88

n.v.t.

9,056

98

n.v.t.

3,896

89

n.v.t.

8,377

99

n.v.t.

3,584

90

n.v.t.

7,732

100

n.v.t.

3,307

De ‘Bijlage nettopensioen risicopremie arbeidsongeschiktheid’ wordt vervangen door:

‘Bijlage nettopensioen risicopremie arbeidsongeschiktheid

De risicopremie voor premievrije voortzetting van de deelneming bij arbeidsongeschiktheid is gelijk aan het percentage behorende bij de leeftijd van de deelnemer maal i) de premie volgens de premiestaffel (bij opbouw- of totaalpakket) óf ii) de risicopremie voor nabestaandenpensioen (bij alleen risicopakket).

Tabel 7.1.7.5: AO-opslag voor het opbouw- of totaalpakket

Leeftijdscohort

Opslag

15 t/m 19

0,0%

20 t/m 24

1,1%

25 t/m 29

1,3%

30 t/m 34

1,4%

35 t/m 39

1,7%

40 t/m 44

1,8%

45 t/m 49

1,5%

50 t/m 54

1,1%

55 t/m 59

1,0%

60 t/m 64

0,8%

65 t/m 67

0,4%

68

0,0%

69

0,0%

70

0,0%

71

0,0%

Bijlage 2 Begrippenlijst

In de begripsbepaling ‘Dagloon’ wordt ‘(1 juli 2025: € 297,82)’ vervangen door: ‘(1 januari 2026: € 304,25)’

Bijlage 3 Bedragen en percentages

De huidige tabel in bijlage 3 wordt vervangen door de volgende tabel:
 

Omschrijving

Datum

01-01-2026

7.3

Maxima

Aftoppingsgrens pensioengevend inkomen

€ 137.800

7.1.2

Franchise

Franchise premiegrondslag OP/NP

€ 17.300

(u heeft geen UGM-uitkering op 1-1-2019)

€ 27.050

(u heeft een UGM-uitkering op 1-1-2019)

7.4

Premie

Premie OP/NP

24,0%

7.1.2

De franchise en opbouwpercentage

Franchise opbouw OP

€ 19.200

(bij opbouwpercentage 1,875%; inkomen gelijk of hoger dan € 58.248,28)

€ 17.300

(bij opbouwpercentage 1,788%; inkomen tot € 58.248,28)

€ 27.050

(bij opbouwpercentage 1,875%; u heeft een UGM-uitkering op 1-1-2019)

5.3

U wilt meer ouderdomspensioen

Ruilvoet omzetten PP65+ naar OP op 65 jaar

0,153

Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot een verhoging van het OP op 65 jaar met 0,153 euro

Ruilvoet omzetten PP65+ naar OP op 67 jaar

0,171

Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot een verhoging van het OP op 67 jaar met 0,171 euro

Ruilvoet omzetten PP65+ naar OP op 68 jaar

0,182

Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot een verhoging van het OP op 68 jaar met 0,182 euro

 

Omschrijving

Datum

01-01-2026

5.3

U wilt meer ouderdomspensioen

Ruilvoet omzetten PP2018 naar OP op 65 jaar

0,155

Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verhoging van het OP op 65 jaar met 0,155 euro

Ruilvoet omzetten PP2018 naar OP op 67 jaar

0,173

Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verhoging van het OP op 67 jaar met 0,173 euro

Ruilvoet omzetten PP2018 naar OP op 68 jaar

0,184

Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verhoging van het OP op 68 jaar met 0,184 euro

Overgangs- bepaling A bij art 17.6.9a PR, zoals dat luidde op 31-12-2018

 

Ruilvoet omzetten OP65 naar PP65+

0,243

Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot verlaging van het OP vanaf 65 jaar met 0,243 euro

Ruilvoet omzetten OP65 naar PP2018

0,245

Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verlaging van het OP vanaf 65 jaar met 0,245 euro

Ruilvoet omzetten OP67 naar PP65+

0,272

Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot verlaging van het OP vanaf 67 jaar met 0,272 euro

Ruilvoet omzetten OP67 naar PP2018

0,274

Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verlaging van het OP vanaf 67 jaar met 0,274 euro

Ruilvoet omzetten OP68 naar PP65+

0,288

Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot verlaging van het OP vanaf 68 jaar met 0,288 euro

Ruilvoet omzetten OP68 naar PP2018

0,291

Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verlaging van het OP vanaf 68 jaar met 0,291 euro

 

Omschrijving

Datum

01-01-2026

Hoofdstuk 17 PR, zoals dat luidde op 31-12-2018

Overgangs-bepaling:

A13 bij par. 7

B12 bij par. 7

bij art. 17.9.5

 

Maximum compensatie premiebetaling over nabestaandenpensioen

€ 9.001,34

€ 9.001,34

€ 9.001,34

14.1

ABP ExtraPensioen

Vast rendement

Kosten

0,2% per maand

0,04% per maand (afgerond)

De tabel onder ‘Uitruilfactoren ouderdomspensioen in kapitaalgedekt partnerpensioen PP65- bij eindigen deelneming (Hoofdstuk 17 artikel 17.6.9b, zoals dat luidde op 31-12-2018)’ wordt vervangen door de volgende tabel:

Werking tabel: aanspraken OP worden verminderd met in te kopen aanspraken PP65- maal factor genoemd in tabel.

Leeftijd

Van OP65

Van OP67

Van OP68

Naar PP65–

Naar PP65–

Naar PP65–

15

0,0447

0,0491

0,0515

16

0,0451

0,0496

0,0521

17

0,0455

0,0501

0,0527

18

0,0460

0,0506

0,0532

19

0,0463

0,0510

0,0537

20

0,0466

0,0514

0,0541

21

0,0469

0,0517

0,0544

22

0,0472

0,0520

0,0547

23

0,0475

0,0523

0,0551

24

0,0477

0,0527

0,0554

25

0,0480

0,0529

0,0557

26

0,0482

0,0532

0,0560

27

0,0484

0,0534

0,0562

28

0,0487

0,0537

0,0566

29

0,0489

0,0540

0,0568

30

0,0491

0,0542

0,0571

31

0,0493

0,0544

0,0573

32

0,0494

0,0546

0,0575

33

0,0496

0,0548

0,0577

34

0,0497

0,0550

0,0579

35

0,0498

0,0551

0,0581

36

0,0499

0,0552

0,0582

37

0,0500

0,0553

0,0583

38

0,0499

0,0553

0,0583

39

0,0499

0,0552

0,0582

40

0,0498

0,0551

0,0581

41

0,0496

0,0549

0,0580

42

0,0494

0,0547

0,0577

43

0,0490

0,0543

0,0573

44

0,0486

0,0539

0,0569

45

0,0481

0,0533

0,0563

46

0,0474

0,0526

0,0556

47

0,0467

0,0518

0,0547

48

0,0458

0,0508

0,0537

49

0,0447

0,0497

0,0525

50

0,0436

0,0484

0,0511

51

0,0422

0,0469

0,0496

52

0,0407

0,0453

0,0479

53

0,0391

0,0435

0,0459

Leeftijd

Van OP65

Van OP67

Van OP68

Naar PP65–

Naar PP65–

Naar PP65–

54

0,0372

0,0414

0,0438

55

0,0352

0,0392

0,0414

56

0,0330

0,0367

0,0388

57

0,0305

0,0340

0,0359

58

0,0277

0,0309

0,0327

59

0,0247

0,0276

0,0292

60

0,0214

0,0239

0,0253

61

0,0178

0,0199

0,0211

62

0,0139

0,0155

0,0165

63

0,0096

0,0108

0,0114

64

0,0050

0,0056

0,0059

Naar boven