Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap | Staatscourant 2025, 44022 | ander besluit van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap | Staatscourant 2025, 44022 | ander besluit van algemene strekking |
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
Gelet op artikel 94 en 95 van de Wet gemeenschappelijke regelingen en artikel 37 van de Gemeenschappelijke regeling Het Flevolands Archief;
Besluit:
Het Rijk neemt deel aan de Gemeenschappelijke regeling Regionaal Historisch Centrum Het Flevolands Archief.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap stemt in met het wijzigingsbesluit van de Gemeenschappelijke regeling Regionaal Historisch Centrum Het Flevolands Archief zoals voorgehangen bij de Tweede en Eerste Kamer der Staten-Generaal per 10 november 2025 (Kamerstukken II 2024/25, 36 723, nr. 4 en Kamerstukken I 2024/25, 36 723, nr. C).
Het besluit van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 25 maart 2017, nr. 116231 (Stcrt. 2017, 25707) wordt ingetrokken.
Met dit besluit stemt de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in met een wijziging aan de Gemeenschappelijke regeling Regionaal Historisch Centrum Het Flevolands Archief.
De aanleiding voor deze gewijzigde gemeenschappelijke regeling is de inwerkingtreding van de Wet van 15 december 2021 (Stb. 2022, 18), waarbij de Wet gemeenschappelijke regelingen werd gewijzigd, met als doelstelling het versterken van de democratische legitimatie. Behoudens deze wijzigingen is de gemeenschappelijke regeling niet aangepast. De hoogte van de bijdragen van alle deelnemers is dan ook gelijk gebleven.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, G. Moes
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, het college van gedeputeerde staten van de provincie Flevoland, het dagelijks bestuur van het waterschap Zuiderzeeland, de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Dronten, Lelystad, Urk en Zeewolde,
Gelet op de hoofdstukken VI en VIII van de Wet gemeenschappelijke regelingen;
Overwegende dat deze gemeenschappelijke regeling moet worden aangepast in verband met de inwerkingtreding van de Wet van 15 december 2021 tot wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen en enige andere wetten in verband met het versterken van de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen (Stb. 2022, 18);
Besluiten:
De Gemeenschappelijke Regeling Regionaal Historisch Centrum Het Flevolands Archief wordt als volgt gewijzigd:
A
Artikel 1 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 1’ gewijzigd in ‘Artikel 1 Begripsbepalingen’.
2. In onderdeel b wordt voor ‘de provincie Flevoland’ ingevoegd ‘het college van gedeputeerde staten van’.
3. In onderdeel c wordt voor ‘de gemeenten Dronten, Lelystad, Urk en Zeewolde’ ingevoegd ‘de colleges van burgemeester en wethouders van’.
4. In onderdeel d wordt voor ‘het waterschap Zuiderzeeland’ ingevoegd ‘het dagelijks bestuur van’ en de woorden ‘het waterschap’ worden vervangen door ‘Waterschap’.
In onderdeel g wordt ‘deelnemers.’ vervangen ‘deelnemers;’ en wordt een onderdeel toegevoegd, luidende:
de Gemeenschappelijke Regeling Regionaal Historisch Centrum Het Flevolands Archief.
B
De titel van Artikel 2 wordt gewijzigd in ‘Artikel 2 Openbaar lichaam’.
C
Artikel 3 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 3’ gewijzigd in ‘Artikel 3 Te behartigen belangen’.
2. In het eerste lid wordt na ‘aangelegenheden’ een komma ingevoegd.
D
Artikel 4 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 4’ gewijzigd in ‘Artikel 4 Taken’.
2. In onderdeel b wordt ‘31 en 32, derde lid, 36, 37’ vervangen door ‘31, 32, derde lid, 36 en 37’.
3. In onderdeel c wordt ‘te benoemen’ vervangen door ‘aan te wijzen’.
E
Artikel 5 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 5’ gewijzigd in ‘Artikel 5 Mededelingen vanuit de deelnemers’.
2. In het tweede lid wordt ‘het gevoelen’ vervangen door ‘een zienswijze’.
F
Artikel 6 komt als volgt te luiden:
Artikel 6 Samenstelling algemeen bestuur
1. Het algemeen bestuur bestaat uit zeven leden, de voorzitter, bedoeld in artikel 13, inbegrepen.
2. De Minister wijst één lid aan.
3. De provincie, de gemeenten en het waterschap wijzen uit hun midden ieder één lid aan.
4. De deelnemers kunnen voor ieder door hen aangewezen lid tevens één plaatsvervangend lid aanwijzen, dat het lid bij verhindering of ontstentenis vervangt. Hetgeen in de regeling is bepaald ten aanzien van een lid van het algemeen bestuur is van overeenkomstige toepassing op het plaatsvervangend lid, tenzij de regeling anders bepaalt.
5. Het lidmaatschap van het lid, aangewezen door de Minister, eindigt op het moment dat de termijn waarvoor het lid is aangewezen, afloopt.
6. Het lidmaatschap van de leden, aangewezen door de provincie, de gemeenten en het waterschap, eindigt op het moment dat de zittingsperiode van gedeputeerde staten van de provincie, van het college van burgemeester en wethouders van een van de gemeenten of van het dagelijks bestuur van het waterschap afloopt. Het lidmaatschap eindigt ook bij beëindiging van het lidmaatschap van het betreffende lid als lid van gedeputeerde staten, het college of het dagelijks bestuur.
7. Een persoon waarvan het lidmaatschap ingevolge het vijfde of zesde lid is geëindigd, kan opnieuw worden aangewezen.
8. Indien tussentijds een zetel van een lid van het algemeen bestuur vacant komt, wijst de betreffende deelnemer zo spoedig mogelijk een nieuw lid aan.
9. Een lid van het algemeen bestuur kan te allen tijde zijn lidmaatschap ter beschikking stellen. Het lid blijft in functie totdat een nieuw lid is aangewezen.
10. Een lid van het algemeen bestuur kan door de deelnemer die hem heeft aangewezen worden ontslagen, indien dit lid het vertrouwen van de deelnemer niet meer heeft.
G
Artikel 7 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 7’ gewijzigd in ‘Artikel 7 Werkwijze en besluitvorming algemeen bestuur’.
2. In het vijfde lid, onderdeel a, wordt ‘benoeming’ vervangen door ‘aanwijzing’.
H
Artikel 8 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 8’ gewijzigd in ‘Artikel 8 Taken en bevoegdheden algemeen bestuur’.
2. Het eerste lid komt te luiden:
1. Aan het algemeen bestuur behoren ter uitvoering van de aan Het Flevolands Archief toegekende taken alle bevoegdheden toe die niet bij wet of de regeling aan een ander orgaan, zoals bedoeld in artikel 2, derde lid, van de regeling, zijn opgedragen.
3. In het tweede lid, onderdelen, a, c, e en g wordt ‘te benoemen’ telkens vervangen door ‘aan te wijzen’.
4. In het tweede lid, onderdelen b en c, vervalt telkens ‘van gedeputeerde staten’.
5. In het tweede lid, onderdelen d en e, vervalt telkens ‘de colleges van burgemeester en wethouders van’.
6. In het tweede lid, onderdeel f en g, vervalt telkens ‘van het dagelijks bestuur’.
7. In het derde lid wordt ‘benoeming’ vervangen door ‘aanwijzing’.
8. In het vierde lid wordt ‘in artikel 31, tot rijksarchivaris in de provincie’ vervangen door ‘in artikel 31 van de regeling, aanwijzen tot rijksarchivaris in de provincie’ en vervalt het woord ‘benoemen’.
9. In het vijfde lid wordt na ‘artikelen 21, 22 en 23’ ingevoegd ‘van de regeling’.
I
Artikel 9 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 9’ gewijzigd in ‘Artikel 9 Kosten’.
2. Na ‘bedoeld in artikel 19’ wordt ingevoegd ‘van de’ en ‘voor het Nationaal Archief’ wordt vervangen door ‘voor de archiefbescheiden van het Rijk’.
J
Artikel 10 en 11 vervallen, onder vernummering van artikel 12 en 13 tot artikel 10 en 11.
K
Artikel 10 (nieuw) wordt als volgt gewijzigd:
1. De titel komt te luiden:
Artikel 10 Samenstelling en besluitvorming dagelijks bestuur
2. In het eerste lid wordt ‘artikel 16’ vervangen door ‘artikel 13’.
3. In het derde lid wordt ‘elfde lid’ vervangen door ‘zevende lid’.
L
De titel van artikel 11 (nieuw) komt te luiden:
Artikel 11 Vergaderingen
M
Artikel 14 wordt vernummerd tot artikel 16.
N
De artikelen 15, 16 en 17 worden vernummerd tot de artikelen 12, 13 en 14.
O
De hoofdstukaanduiding ‘Hoofdstuk VII. De taken en bevoegdheden van het dagelijks bestuur’ wordt ingevoegd voor artikel 12 (nieuw).
P
De hoofdstukaanduiding ‘Hoofdstuk VIII. De voorzitter’ wordt ingevoegd voor artikel 13 (nieuw).
Q
Artikel 12 (nieuw) wordt als volgt gewijzigd:
1. De titel komt te luiden:
Artikel 12 Taken en bevoegdheden dagelijks bestuur
2. Onderdeel d komt te luiden:
d. het aangaan, wijzigen en beëindigen van arbeidsovereenkomsten met het personeel van het Flevolands Archief;
R
De titel van artikel 13 (nieuw) komt te luiden:
Artikel 13 Aanwijzing voorzitter
S
Artikel 14 (nieuw) wordt als volgt gewijzigd:
1. De titel van artikel 14 (nieuw) komt te luiden:
Artikel 14 Taken voorzitter
2. In het vierde lid wordt ‘artikel 33, derde lid’ vervangen door ‘artikel 32, derde lid, van de regeling’.
T
Na artikel 14 (nieuw) wordt een artikel en hoofdstukaanduiding ingevoegd, luidende:
Hoofdstuk IX. Informatie en participatie
Artikel 15 Verstrekken van inlichtingen door (de leden van) het algemeen bestuur
1. Het algemeen bestuur verstrekt gevraagd en ongevraagd schriftelijk alle inlichtingen aan de deelnemers, die voor een juiste beoordeling van het door hen gevoerde en te voeren beleid nodig is.
2. Een verzoek tot het verstrekken van inlichtingen wordt gericht aan het algemeen bestuur en ingediend bij de voorzitter. De gevraagde inlichtingen worden zo spoedig mogelijk doch in ieder geval binnen 45 dagen verstrekt.
3. Een lid of plaatsvervangend lid verstrekt met inachtneming van artikel 16, vijfde lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen de gevraagde inlichtingen aan de deelnemer die hem heeft aangewezen. De inlichtingen worden zo spoedig mogelijk doch in ieder geval binnen 45 dagen verstrekt.
4. Het algemeen bestuur stelt de deelnemers te allen tijde in de gelegenheid toezicht te houden op het bepaalde bij of krachtens de Archiefwet 1995 ten aanzien van de archiefbescheiden die berusten in de rijksarchiefbewaarplaats in de provincie, de archiefbewaarplaats van de provincie, de archiefbewaarplaatsen van de gemeenten en de archiefbewaarplaats van het waterschap.
5. De deelnemers kunnen een door hen aangewezen lid of plaatsvervangend lid van het algemeen bestuur mondeling of schriftelijk ter verantwoording roepen voor het door hem in dat bestuur gevoerde beleid.
U
Artikel 16 (nieuw) wordt als volgt gewijzigd:
1. De titel komt te luiden:
Artikel 16 Verstrekken van inlichtingen door (de leden van) het dagelijks bestuur
2. In het eerste lid wordt na ‘gevraagd en ongevraagd’ ingevoegd ‘schriftelijk’ en wordt toegevoegd ‘Zij geven het algemeen bestuur alle inlichtingen die het algemeen bestuur voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft.’.
3. Het tweede lid (oud) vervalt, onder vernummering van het derde en vierde lid tot tweede en derde lid.
4. Aan het derde lid (nieuw) wordt toegevoegd ‘De gevraagde inlichtingen worden zo spoedig mogelijk doch in ieder geval binnen 45 dagen verstrekt’.
5. Het vijfde lid (oud) vervalt, onder vernummering van het zesde en zevende lid tot vierde en vijfde lid.
V
Na artikel 16 (nieuw) wordt een artikel ingevoegd, dat luidt:
Artikel 17 Participatie ingezetenen en belanghebbenden
Ingezetenen van de provincie, ingezetenen van de gemeenten, ingezetenen vallend onder het waterschap en belanghebbenden kunnen via de reguliere procedures bij de deelnemers betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid.
W
De hoofdstukaanduiding ‘Hoofdstuk IX. Tegemoetkoming en vergoeding’ wordt gewijzigd in ‘Hoofdstuk X. Tegemoetkoming en vergoeding’.
X
Artikel 18 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 18’ gewijzigd in ‘Artikel 18 Tegemoetkoming en vergoeding’.
2. Het eerste lid komt als volgt te luiden:
1. Het algemeen bestuur kan besluiten dat de leden van het algemeen bestuur of dagelijks bestuur, voor zover zij niet een functie vervullen bij of als ambtenaar in dienst zijn van een van de deelnemers, een vergoeding ontvangen voor hun werkzaamheden ten behoeve van Het Flevolands Archief.
Y
De hoofdstukaanduiding ‘Hoofdstuk X. Financiële bepalingen’ wordt gewijzigd in ‘Hoofdstuk XI. Financiële bepalingen’.
Z
Artikel 19 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 19’ gewijzigd in ‘Artikel 19 Kostenverdeling en bijdrage’.
2. In het eerste lid wordt ‘De Minister, de provincie, de gemeenten en het waterschap’ vervangen door ‘De deelnemers’, wordt ‘het openbaar lichaam’ vervangen door ‘Het Flevolands Archief’ en komt ‘Dit met inachtneming van het zesde lid.’ te vervallen.
3. Het derde lid komt als volgt te luiden:
3. De bijdrage van de Minister kan jaarlijks worden aangepast in verband met de ontwikkeling van lonen of prijzen met een percentage, zoals dit in voorkomend geval door de Minister in de loop van het begrotingsjaar voor het geheel van zijn bijdrage wordt vastgesteld. De bijdragen van de provincie, gemeenten en het waterschap kunnen jaarlijks worden aangepast in verband met de ontwikkeling van lonen op basis van recente afspraken uit de van toepassing zijnde CAO, of met een percentage, zoals het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS), het Centraal Planbureau (CPB) en/of De Nederlandse Bank (DNB) die hanteren. Het dagelijks bestuur doet door middel van de ontwerpbegroting voorstellen tot indexaties op basis van de werkwijze, die in de financiële bijlage bij deze regeling staat beschreven.
4. In het zesde lid wordt na ‘artikel 4, onder f,’ ingevoegd ‘van de regeling’.
5. In het zevende lid komt ‘van Het Flevolands Archief’ te vervallen en wordt ‘gedeputeerde staten’ vervangen door ‘de provincie’.
AA
Artikel 20 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 20’ gewijzigd in ‘Artikel 20 Beleidsplan’.
2. Het tweede lid komt als volgt te luiden:
2. Het dagelijks bestuur zendt het ontwerpbeleidsplan ter vaststelling aan het algemeen bestuur. De Minister, provinciale staten van de provincie, de raden van de gemeente en het algemeen bestuur van het waterschap worden vervolgens gedurende twaalf weken in de gelegenheid gesteld om schriftelijk op het concept hun zienswijzen ter kennis van het algemeen bestuur te brengen. Het algemeen bestuur stelt het beleidsplan daarna vast. Dertien maanden voorafgaand aan de periode waarop het beleidsplan betrekking heeft, wordt dit toegezonden aan de Minister, provinciale staten van de provincie, de raden van de gemeenten en het algemeen bestuur van het waterschap.
3. In het derde lid wordt ‘derde lid’ gewijzigd in ‘tweede lid’.
BB
Artikel 21 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 21’ gewijzigd in ‘Artikel 21 Financiële en beleidsmatige kaders’.
2. In het eerste lid wordt ‘vóór 15 april’ vervangen door ‘uiterlijk 30 april’.
3. Het tweede lid komt als volgt te luiden:
2. Het dagelijks bestuur biedt jaarlijks, ten minste twaalf weken voor de in artikel 22, eerste lid, bedoelde vaststelling, de Minister, de provinciale staten van de provincie, de raden van de gemeenten en het algemeen bestuur van het waterschap, een ontwerpbegroting aan met toelichting en een meerjarenraming met toelichting voor ten minste drie op het begrotingsjaar volgende jaren.
4. In het derde lid wordt na ‘artikel 3, tweede lid,’ en na ‘artikel 20, derde lid,’ telkens ingevoegd ‘van de regeling’.
5. In het vijfde lid komt ‘de zorg van’ te vervallen en wordt ‘de verkrijgbaarstelling’ vervangen door ‘het verkrijgbaar stellen’.
6. Het zesde lid komt te luiden:
6. De Minister, provinciale staten van de provincie, de raden van de gemeenten en het algemeen bestuur van het waterschap kunnen twaalf weken na aanbieding door het dagelijks bestuur, bij het dagelijks bestuur hun zienswijze over de ontwerpbegroting naar voren brengen. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijzen zijn vervat bij de ontwerpbegroting, zoals deze aan het algemeen bestuur wordt aangeboden.
7. Er wordt een nieuw lid toegevoegd, dat luidt:
7. Het dagelijks bestuur stelt de indiener van de zienswijze, voorafgaande aan het vaststellen van de begroting, schriftelijk en gemotiveerd in kennis van zijn oordeel over de zienswijze, bedoeld in het zesde lid, alsmede van de conclusies die het daaraan verbindt.
CC
Artikel 22 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 22’ gewijzigd in ‘Artikel 22 Vaststellen begroting’.
2. In het derde lid wordt ‘1 augustus’ vervangen door ‘15 september’.
DD
Artikel 23 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 23’ gewijzigd in ‘Artikel 23 Wijzigen begroting’.
2. In het tweede lid wordt na ‘artikelen 21 en 22, eerste en tweede lid,’ en na ‘artikel 19, tweede lid,’ ingevoegd ‘van de regeling’.
EE
Artikel 24 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 24’ gewijzigd in ‘Artikel 24 Voorschot bijdrage’.
2. ‘De Minister, de provincie, de gemeenten en het waterschap’ wordt vervangen door ‘De deelnemers’.
FF
Artikel 25 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 25’ gewijzigd in ‘Artikel 25 Jaarrekening’.
2. In het eerste en derde lid wordt ‘15 april’ telkens vervangen door ‘30 april’.
3. Onder vernummering van het vierde en vijfde lid tot het vijfde en zesde lid wordt een lid ingevoegd, luidende:
4. Het algemeen bestuur stelt de jaarrekening vast in het jaar volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft.
4. Het vijfde lid (nieuw) komt als volgt te luiden:
5. Het dagelijks bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór 15 juli aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de Minister, provinciale staten van de provincie, de raden van de gemeenten en het algemeen bestuur van het waterschap.
5. Het zesde lid (nieuw) komt als volgt te luiden:
6. Het dagelijks bestuur stelt de in het eerste, derde en vijfde lid bedoelde stukken algemeen verkrijgbaar.
GG
De titel van Artikel 26 wordt gewijzigd in ‘Artikel 26 Reserves’.
HH
De titel van Artikel 27 wordt gewijzigd in ‘Artikel 27 Vaststelling definitieve bijdrage’.
II
De titel van Artikel 28 wordt gewijzigd in ‘Artikel 28 Regels financiële administratie en kasbeheer’.
JJ
De titel van Artikel 29 wordt gewijzigd in ‘Artikel 29 Nadere regels financieel en materieel beheer’.
KK
De hoofdstukaanduiding ‘Hoofdstuk XI. Het Archief’ wordt gewijzigd in ‘Hoofdstuk XII. Het Archief’.
LL
Artikel 30 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 30’ gewijzigd in ‘Artikel 30 Archief’.
2. In het tweede lid wordt na ‘artikel 31’ ingevoegd ‘van de regeling’.
MM
De hoofdstukaanduiding ‘Hoofdstuk XII. De directeur en het overige personeel’ wordt gewijzigd in ‘Hoofdstuk XIII. De directeur en het overige personeel’.
NN
Artikel 31 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 31’ gewijzigd in ‘Artikel 31 De directeur’.
2. Voor de tekst wordt de aanduiding ‘1.’ geplaatst.
3. In het eerste lid wordt ‘benoeming, schorsing en ontslag van de directeur van Het Flevolands Archief’ vervangen door ‘het aangaan, wijzigen en beëindigen van een arbeidsovereenkomst met de directeur van Het Flevolands Archief’.
4. Er worden drie leden toegevoegd, die luiden:
2. Het dagelijks bestuur stelt voor de directeur een instructie vast.
3. Het dagelijks bestuur regelt de vervanging van de directeur.
4. Het dagelijks bestuur beslist omtrent schorsing van de directeur.
OO
Artikel 32 vervalt, onder vernummering van artikel 33 en 34 tot artikel 32 en 33.
PP
Artikel 32 (nieuw) wordt als volgt gewijzigd:
1. De titel van artikel 32 (nieuw) komt te luiden: Artikel 32 Taken directeur
2. In het eerste lid wordt na ‘artikel 3, eerste lid,’ ingevoegd ‘, van deze regeling’.
3. In het derde lid wordt ‘artikel 17, vierde lid’ gewijzigd in ‘artikel 14, vierde lid, van de regeling’.
Artikel 33 (nieuw) komt als volgt te luiden:
Artikel 33 Personeel
Op het personeel van Het Flevolands Archief is de Cao Rijk van toepassing.
RR
De hoofdstukaanduiding ‘Hoofdstuk XIII. Toetreding, uittreding, wijziging en opheffing’ wordt gewijzigd in ‘Hoofdstuk XIV. Toetreding, uittreding, wijziging en opheffing’.
SS
Artikel 35 en 36 worden vernummerd tot artikel 34 en 35.
TT
Artikel 34 (nieuw) wordt als volgt gewijzigd:
1. De titel van artikel komt te luiden: Artikel 34 Toetreding
2. In het tweede lid wordt na ‘toetreding’ ingevoegd ‘en kan hieraan voorwaarden verbinden’.
UU
Artikel 35 (nieuw) komt als volgt te luiden:
Artikel 35 Uittreding
1. Uittreding uit de regeling geschiedt door toezending van een daartoe strekkend besluit van de uittredende deelnemer. De deelnemer overlegt daarbij het besluit tot toestemming van de raad, onderscheidenlijk provinciale staten of algemeen bestuur van het waterschap.
2. De uittredende deelnemer zendt het besluit tot uittreding aangetekend aan het algemeen bestuur. Daarbij wordt een opzegtermijn van één jaar, ingaande op 1 januari van het eerstvolgende kalenderjaar, in acht genomen, tenzij de deelnemers unaniem een andere opzegtermijn overeenkomen.
3. Het dagelijks bestuur inventariseert de gevolgen van de uittreding, de wijze waarop met deze gevolgen kan of moet worden omgegaan en de voorwaarden voor uittreding, welke nadien worden vastgelegd in een door het algemeen bestuur vast te stellen uittredingsplan, als bedoeld in artikel 36 van de regeling.
4. Onder de gevolgen van uittreding behoren in ieder geval de gevolgen voor het personeel en de financiële gevolgen.
5. De financiële gevolgen van de uittreding worden door de uittredende deelnemer gedragen.
6. Het derde, vierde en vijfde lid zijn van overeenkomstige toepassing op het beëindigen of verminderen van een bepaalde taak of dienst van Het Flevolands Archief.
7. Uiterlijk zes maanden na het moment van uittreding stelt het algemeen bestuur het uittredingsplan vast. De daarin voor de uittredende deelnemer omschreven financiële verplichtingen zijn bindend.
8. Na vaststelling van het uittredingsplan is de uittreden deelnemer gehouden om binnen zes maanden aan de daarin omschreven financiële verplichtingen te voldoen.
VV
Na artikel 35 (nieuw) wordt een nieuw artikel ingevoegd, dat luidt:
Artikel 36 Uittredingsplan en uittreedsom
1. Het in artikel 35, derde lid, van de regeling, bedoelde uittredingsplan bevat de financiële, juridische, personele en organisatorische consequenties die gedurende een periode van vijf jaar het directe gevolg zijn van de uittreding. Daarnaast bevat het uittredingsplan de uittreedsom die betaald moet worden door de uittredende deelnemer.
2. De uittreedsom wordt als volgt bepaald: de uittredende deelnemer betaalt over het eerste kalenderjaar na de uittreding 100% van de jaarlijkse bijdrage, over het tweede jaar 80%, over het derde jaar 60%, over het vierde jaar 40% en over het vijfde jaar 20% van de laatste jaarlijkse bijdrage vóór uittreding.
3. Het algemeen bestuur onderzoekt met de uittredende deelnemer de mogelijkheid tot overname van personeel, activa en contracten. Dit hoeft niet te leiden tot wijziging van overeenkomsten met en verplichtingen jegens derden die zijn aangegaan respectievelijk bepaald voorafgaand aan het tijdstip van ontvangst door het algemeen bestuur van het besluit tot uittreding van de deelnemer.
WW
Artikel 37 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 37’ gewijzigd in ‘Artikel 37 Wijziging’.
2. Onder vernummering van het tweede lid tot het vierde lid worden twee leden ingevoegd, die luiden:
2. De Minister, provinciale staten van de provincie, de raden van de gemeenten en het algemeen bestuur van het waterschap kunnen bij het dagelijks bestuur hun zienswijzen binnen acht weken na ontvangst van de ontwerpregeling naar voren brengen.
3. De deelnemers hebben voor het besluit tot wijziging van de regeling toestemming nodig van de Minister, provinciale staten van de provincie, de raden van de gemeenten en het algemeen bestuur van het waterschap.
XX
Artikel 38 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 38’ gewijzigd in ‘Artikel 38 Opheffing’.
2. Onder vernummering van het tweede tot en met zesde lid tot derde tot en met zevende lid wordt een lid ingevoegd, luidende:
2. Het besluit tot opheffing wordt niet genomen voordat de Minister, provinciale staten van de provincie, de raden van de gemeenten en het algemeen bestuur van het waterschap gedurende twaalf weken in de gelegenheid zijn gesteld om schriftelijk op de voorgestelde opheffing hun zienswijze ter kennis te brengen.
3. Het derde lid (nieuw) komt te luiden:
3. Het algemeen bestuur stelt een liquidatieplan op dat voorziet in de verplichtingen van de deelnemers om alle rechten en plichten van Het Flevolands Archief over de deelnemers te verdelen op een in het plan te bepalen wijze.
4. In het zevende lid (nieuw) wordt ‘De bestuursorganen van Het Flevolands Archief’ vervangen door ‘De deelnemers’.
YY
De hoofdstukaanduiding ‘Hoofstuk XIV. Slotbepalingen’ wordt gewijzigd in ‘Hoofdstuk XV. Slotbepalingen’.
ZZ
Artikel 39 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de titel wordt ‘Artikel 39’ gewijzigd in ‘Artikel 39 Slotbepalingen’.
2. Voor de tekst wordt de aanduiding ‘1.’ geplaatst.
3. Het eerste lid komt te luiden:
1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking in het Provinciaal Blad.
4. Er worden twee leden toegevoegd, die luiden:
2. De werking van de regeling zal geëvalueerd worden indien het algemeen bestuur daartoe besluit. Het dagelijks bestuur zal dan een onderzoeksvoorstel aan de deelnemers voorleggen.
3. Het dagelijks bestuur is belast met de registratie van de regeling overeenkomstig artikel 74, eerste lid, juncto artikel 26, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen.
AAA
Artikel 40 vervalt, onder vernummering van artikel 41 tot artikel 40.
BBB
Artikel 40 (nieuw) wordt als volgt gewijzigd:
1. De titel komt te luiden: ‘Artikel 40 Citeertitel’
2. De woorden ‘kan worden’ worden vervangen door ‘wordt’ en ‘regeling’ wordt geschreven met een hoofdletter.
CCC
De ‘Financiële bijlage bij de Gemeenschappelijke regeling Het Flevolands Archief’ wordt vervangen door de ‘Financiële bijlage bij de Gemeenschappelijke Regeling Regionaal Historisch Centrum Het Flevolands Archief’.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, G. Moes
Gedeputeerde Staten van de provincie Flevoland, De voorzitter, A.J. Gerritsen
De secretaris, D.J. Tijl
Burgemeester en wethouders van de gemeente Dronten, De burgemeester, J.P. Gebben
De secretaris, R. Hammenga
Burgemeester en wethouders van de gemeente Lelystad, De burgemeester, A.E.H. Baltus
De secretaris, C.J.M. Swart
Burgemeester en wethouders van de gemeente Urk, De burgemeester, B. Jaspers-Faijer
De secretaris, T. Stroo
Burgemeester en wethouders van de gemeente Zeewolde, De burgemeester, A.M. Harmsma
De secretaris, K.C. Hamstra
Het dagelijks bestuur van het waterschap Zuiderzeeland, De dijkgraaf, H.C. Klavers
De secretaris-directeur, W. Slob
Algemeen
Op 1 juli 2022 is de aangepaste Wet gemeenschappelijke regelingen (verder: Wgr) in werking getreden.1 Uit de gewijzigde Wgr volgen voor alle samenwerkingsverbanden op basis van de Wgr verplichte wijzigingen, waarbij elk samenwerkingsverband twee jaar de tijd heeft om haar regelingen daarop aan te passen. Op 1 juli 2024 dienen alle samenwerkingsverbanden, zo ook het Regionaal Historisch Centrum Het Flevolands Archief (hierna: Het Flevolands Archief), hun gemeenschappelijke regeling te hebben aangepast. De wijzigingen die volgen uit de gewijzigde Wgr hebben als doel de positie van de besturen van de deelnemers aan de gemeenschappelijke regeling te verbeteren. Het betreft onder meer de facultatieve zienswijzeprocedure voor besluiten, de participatie van ingezetenen van de deelnemende gemeenten en belanghebbenden, de actieve informatieplicht, de wijziging van de termijnen voor het toezenden van de ontwerpbegroting aan de raden, de verplichte reactie van het dagelijks bestuur op ingediende zienswijzen, de evaluatiebepaling en de aanscherping van de uittredingsregeling. Omdat op rijksniveau de verhoudingen tussen de minister en het controlerend orgaan niet vergelijkbaar zijn met de verhoudingen op decentraal niveau, zijn deze aanpassingen in deze gemeenschappelijke regeling niet gericht op het parlement, maar op de minister.
Artikelsgewijs
Algemene wijzigingen
Bij alle artikelen is een omschrijving van het artikel toegevoegd. Daarnaast is de intitulé gewijzigd. Verder wordt in de titel ‘regeling’ gewijzigd in ‘Regeling’, zodat dit overal in de gemeenschappelijke regeling op dezelfde wijze wordt geschreven.
Ten slotte is met de invoering van de Aanpassingswet Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (hierna: Wnra) de Archiefwet 1995 aangepast in die zin dat archivarissen niet langer worden benoemd, maar worden aangewezen. Overal waar in de regeling werd gesproken van ‘benoemen’ of ‘benoeming’ is dit aangepast naar ‘aanwijzen’ respectievelijk ‘aanwijzing.
Artikel 1
De begripsbepalingen van de provincie, de gemeente en het waterschap zijn licht gewijzigd door de toevoeging dat het gaat om respectievelijk de bestuursorganen college van gedeputeerde staten, colleges van burgemeester en wethouders en het dagelijks bestuur van het waterschap. Deze wijziging is door de gehele regeling verwerkt. Daarnaast is een begripsbepaling van ‘regeling’ toegevoegd.
Artikel 3
Dit betreft een tekstuele verbetering.
Artikel 4
Dit betreft een tekstuele verbetering.
Artikel 5
In het tweede lid is ‘het gevoelen’ gewijzigd in ‘een zienswijze’, omdat dit beter aansluit bij de wijziging van de Wgr en de terminologie die daarin wordt gebruikt.
Artikel 6
Het tweede, derde en vierde lid zijn samengevoegd in één lid, het tweede lid (nieuw). Daarnaast wordt verwezen naar de deelnemers gezamenlijk.
Artikel 8
In het eerste, vierde en vijfde lid is een verwijzing naar de regeling toegevoegd.
Artikel 9
Dit betreft een tekstuele verbetering.
Artikelen 10 tot en met 16 (nieuw)
Dit betreft een technische aanpassing. Om invulling te geven aan de intentie om de democratische legitimatie van Het Flevolands Archief te versterken, zijn het oorspronkelijke artikel 10, 11 en 14 naar een ander hoofdstuk verplaatst, waarbij artikel 10 en 11 zijn samengevoegd in artikel 15 (nieuw), waarin gezamenlijk naar de deelnemers wordt verwezen. Daarnaast is artikel 14 veranderd in artikel 16 (nieuw), waarin enkele leden zijn samengevoegd. Artikel 15 en 16 (nieuw) maken samen onderdeel uit van hoofdstuk IX.
Het oorspronkelijke artikel 12 is veranderd in artikel 10 (nieuw). In het derde lid van dit artikel is de verwijzing naar het elfde lid aangepast naar het zevende lid. Het oorspronkelijke artikel 13 is veranderd in artikel 11 (nieuw).
Verder is het oorspronkelijke artikel 15 veranderd in artikel 12 (nieuw), waarin enkele tekstuele verbeteringen zijn doorgevoerd. Het oorspronkelijke artikel 16 is veranderd in artikel 13 (nieuw). Het oorspronkelijke artikel 17 is veranderd in artikel 14 (nieuw). In dit artikel is de verwijzing naar artikel 33, derde lid aangepast naar artikel 32, derde lid.
Artikel 17 (nieuw)
In elke gemeenschappelijke regeling moet volgens de Wgr worden opgenomen of, en zo ja op welke wijze, ingezetenen en belanghebbenden de mogelijkheid krijgen tot inspraak over beleidsmatige onderwerpen die bij de gemeenschappelijke regeling zijn belegd. Het bestuur van Het Flevolands Archief stelt zelf geen beleid of verordeningen vast die ingezetenen binden. De uiteindelijke beleidskeuzes liggen bij de vertegenwoordigende organen. Burgerparticipatie verloopt daarom primair via deze vertegenwoordigende organen. Om in specifieke gevallen toch de mogelijkheid open te laten om burgerparticipatie toe te passen, is in de gemeenschappelijke regeling van Het Flevolands Archief een artikel (17 nieuw) toegevoegd. In dit artikel is neergelegd dat ingezetenen van de deelnemers of andere belanghebbende via de reguliere procedures betrokken kunnen worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid.
Artikel 18
In het eerste lid wordt verwezen naar de deelnemers gezamenlijk.
Artikel 19
In het eerste lid wordt verwezen naar de deelnemers gezamenlijk. Naar aanleiding van deze aanpassing zijn in dit artikel eveneens enkele tekstuele wijzigingen doorgevoerd.
In het derde lid is voor de wijze waarop de bijdragen van de provincie, gemeenten en het waterschap jaarlijks kunnen worden aangepast een andere methodiek opgenomen.
Artikel 20
In het kader van de versterking van de positie van provinciale staten, gemeenteraden en besturen van waterschappen is in het tweede lid van artikel 20 aan deze bestuursorganen de mogelijkheid toegekend binnen twaalf weken een zienswijze te geven op het ontwerpbeleidsplan.
Artikelen 21, 22 en 25
Om provinciale staten, gemeenteraden en besturen van waterschappen meer positie te geven in de begrotingscyclus van een gemeenschappelijke regeling is ervoor gekozen de termijnen voor de indiening van de kadernota, ontwerpbegroting en begroting aan te passen. Het dagelijks bestuur moet de ontwerpbegroting twaalf weken voordat zij aan het algemeen bestuur wordt aangeboden, sturen aan de Minister, provinciale staten, gemeenteraden en het algemeen bestuur van het waterschap. Dit was voorheen acht weken. Daarnaast is het voortaan voor het algemeen bestuur verplicht schriftelijk en gemotiveerd terug te koppelen wat zij van de zienswijzen vindt en tot welke conclusies dat heeft geleid. Voor deze verplichting is een nieuw lid toegevoegd aan artikel 21 (lid 7 nieuw). Verder is veranderd dat de inzending van de vastgestelde begroting aan de Minister voortaan niet meer vóór 1 augustus moet plaatsvinden, maar vóór 15 september. De nieuwe termijnen zijn neergelegd in artikel 21, 22 en 25.
Artikel 23
In dit artikel zijn de woorden ‘van de regeling’ toegevoegd.
Artikel 24
In dit artikel wordt verwezen naar de deelnemers gezamenlijk.
Artikel 30
In dit artikel zijn de woorden ‘van de regeling’ toegevoegd.
Artikelen 31 (nieuw)
Vanwege de invoering van de Wnra wordt de directeur van Het Flevolands Archief niet langer eenzijdig benoemd, geschorst of ontslagen, maar gaat het dagelijks bestuur middels het civiele arbeidsrecht over het aangaan, wijzigen en beëindigen van de overeenkomst met de directeur. Deze wijziging is doorgevoerd in artikel 31 (nieuw). In dit artikel zijn het oorspronkelijke artikel 31 en 32 samengevoegd. Daarnaast is een lid toegevoegd (lid 4 nieuw) waarin de beslissingsbevoegdheid van het dagelijks bestuur over schorsing van de directeur is neergelegd.
Artikel 32 (nieuw)
Het oorspronkelijke artikel 33 is veranderd in artikel 32 (nieuw). In het eerste en derde lid zijn de woorden ‘van de regeling’ toegevoegd. Daarnaast is in het derde lid de verwijzing naar ‘artikel 17, vierde lid’ gewijzigd in ‘artikel 14, vierde lid’.
Artikel 33 (nieuw)
Het oorspronkelijke artikel 34 is veranderd in artikel 33 (nieuw). Omdat het dagelijks bestuur met de invoering van de Wnra niet meer zelfstandig een rechtspositie- en arbeidsvoorwaardenregeling vaststelt, speelt ook bij het personeel van Het Flevolands Archief de Wnra een rol. Op het personeel is de Cao Rijk van toepassing. Deze wijziging is doorgevoerd in artikel 33 (nieuw).
Artikel 34 (nieuw)
Het oorspronkelijke artikel 35 is veranderd in artikel 34 (nieuw). Hierin is de mogelijkheid voor het algemeen bestuur neergelegd voorwaarden te verbinden aan de toetreding.
Artikel 35 en 36 (nieuw)
In iedere gemeenschappelijke regeling moeten afspraken worden gemaakt over de gevolgen van uittreden van een deelnemer voor het vermogen voor de rechtspersoon en de overige deelnemers. Met de nieuwe Wgr kan niet meer worden volstaan met een algemene bepaling dat het algemeen bestuur de uittredingsvoorwaarden bepaalt. In het oorspronkelijke artikel 36 stond dat slechts het algemeen bestuur gevolgen van de uittreding regelt en wat er gebeurt met de kosten voor uittreding. Om te voldoen aan de nieuwe Wgr, is het oorspronkelijke artikel 36 (artikel 35 nieuw) ingrijpend gewijzigd en is een nieuw artikel 36 ingevoegd.
Artikel 35 (nieuw) ziet op het besluit tot toestemming die provinciale staten, gemeenteraden en het algemeen bestuur van het waterschap moeten geven bij uittreding, welke opzegtermijn daarbij in acht moet worden genomen en de bepaling dat het algemeen bestuur de gevolgen van de uittreding inventariseert en de wijze waarop met deze gevolgen moet worden omgegaan, alsmede de voorwaarden voor de uittreding.
In artikel 36 (nieuw) is neergelegd dat de voorwaarden voor uittreding door het algemeen bestuur worden vastgesteld in een uittredingsplan, welke het algemeen bestuur uiterlijk zes maanden na het moment van uittreding vaststelt. Het uittredingsplan regelt volgens artikel 36 (nieuw) de financiële, juridische, personele en organisatorische consequenties over een periode van vijf jaar. Ook wordt in artikel 36 (nieuw) de hoogte van de uittreedsom bepaald.
Artikel 37
Ter verduidelijking van de procedure van wijziging van de gemeenschappelijke regeling zijn aan artikel 37 twee leden toegevoegd (lid 2 en lid 3 nieuw). In het tweede lid is neergelegd dat de Minister, provinciale staten, gemeenteraden en het algemeen bestuur van het waterschap bij het dagelijks bestuur hun zienswijze binnen acht weken na ontvangst van de ontwerpregeling naar voren kunnen brengen. Het derde lid ziet op de toestemming die de deelnemers nog hebben voor het besluit tot wijziging van de regeling.
Artikel 38
Aan dit artikel is een nieuw lid ingevoegd (lid 2 nieuw). In dit lid is bepaald dat een besluit tot opheffing niet wordt genomen voordat de Minister, provinciale staten, de gemeenteraden en het algemeen bestuur van het waterschap gedurende twaalf weken in de gelegenheid zijn gesteld om schriftelijk op de voorgestelde opheffing hun zienswijze te geven.
Artikel 39
Met de nieuwe Wgr wordt het verplicht om afspraken te maken over evaluatie van de gemeenschappelijke regeling. Omdat de gemeenschappelijke regeling nog geen bepaling over evaluatie van de regeling bevat, is aan artikel 39 een lid toegevoegd (lid 2 nieuw) die een evaluatie van de regeling mogelijk maakt.
Artikel 41
Dit betreft een tekstuele verbetering.
Financiële bijlage
De financiële bijlage is geactualiseerd.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, G. Moes
Gedeputeerde staten van de provincie Flevoland, De commissaris, A.J. Gerritsen
De secretaris, D.J. Tijl
Het dagelijks bestuur van het waterschap Zuiderzeeland, De voorzitter, H.C. Klavers
De secretaris, W. Slob
Burgemeester en wethouders van de gemeente Lelystad, De burgemeester, A.E.H. Baltus
De secretaris, C.J.M. Swart
Burgemeester en wethouders van de gemeente Dronten, De burgemeester, J.P. Gebben
De secretaris, R. Hammenga
Burgemeester en wethouders van de gemeente Urk, De burgemeester, B. Jaspers-Faijer
De secretaris, T. Stroo
Burgemeester en wethouders van de gemeente Zeewolde, De burgemeester, A.M. Harmsma
De secretaris, K.C. Hamstra
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2025-44022.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.