Town Deal Krachtige Kernen

Preambule

Maatschappelijke onrust en ongenoegen

De samenleving staat voor grote uitdagingen op thema’s als wonen, klimaatverandering en de opvang van asielzoekers. De overheid - gemeenten, provincies, rijk - moet lastige keuzes maken, met vaak ongenoegen als gevolg. Soms uit dit zich in protesten of escalatie van onrust op straat.1

Ongenoegen en onrust zijn niet per definitie negatief. Georganiseerd protest staat aan de basis van alle grote emancipatiebewegingen. Fundamentele rechten, zoals het recht op meningsuiting en demonstratie, bieden ruimte hiervoor. Deze rechten waarmaken vraagt om een overheid die goed luistert en passend optreedt, zodat het ongenoegen de democratie en het bestuur kan versterken.

Uitingen van ongenoegen kunnen wel ‘problematisch’ zijn wanneer ze de democratische rechtsorde ondermijnen. Denk aan het dehumaniseren van andersdenkenden of het systematisch verdacht maken, intimideren of zelfs bedreigen van mensen met een publieke functie. Nederlanders zijn Europees kampioen wat betreft agressie- en geweldsincidenten tegen verpleegkundigen, leerkrachten, ambtenaren en andere werkenden.2 Er is dus echt wat aan de hand in ons land.

Krachtige Kernen

Het vraagstuk van het omgaan met maatschappelijke onrust en ongenoegen, en de bijbehorende beleidsmaatregelen, – ondersteuning en handelingsperspectieven vanuit het rijk, zijn aan de orde in zowel de grootstedelijke context als in kleinere en middelgrote gemeenten. In de gesprekken die gevoerd zijn met kleinere en middelgrote gemeenten in het kader van de verkenning van deze Town Deal, bleek dat dit aanbod beter kan worden toegesneden op hun praktijk.

Kleinere en middelgrote gemeenten moeten, net als in de grootstedelijke context, lastige besluiten nemen, met vaak grote gevolgen voor het leven van mensen. Niet zelden gaat het om het besluiten waar de gemeenten geen regie hebben op de kaders, die gesteld zijn vanuit het rijk of provincies. Dan gaat het bijvoorbeeld over de komst van asielzoekerscentra, plaatsing van windmolens of maatregelen voor de landbouw. Uit onderzoek van de Wethoudersvereniging blijkt dat de bevraagde wethouders regelmatig druk ervaren om trouw te blijven aan het voorgenomen beleid, terwijl ze tegelijkertijd oog moeten hebben voor de zorgen en belangen van inwoners. Dit leidt regelmatig tot dilemma's, waarbij de complexiteit van de bestuurlijke verhoudingen tussen gemeente, provincie en rijk duidelijk naar voren komt. 3

Wat gemeenten met kleine dorpskernen anders maakt, is dat de gemeenschappen vaak hecht zijn. Mensen zijn betrokken met elkaar en met het dorp/de kern. (Familie)verbanden gaan ver terug.

Deze sterke historische band zorgt voor een solide basis voor samenwerking en wederzijdse steun. De ‘lijntjes’ met het lokaal bestuur zijn kort; bestuurders en ambtenaren kennen de lokale context en staan doorgaans goed in contact met inwoners.

Deze kenmerken bieden kansen waar het gaat om omgaan met ongenoegen. Informatie over grieven en perspectief is makkelijker te vinden. Belangen zijn goed in te leven en de informatie is in een kleinere organisatie ook beter te delen. Dit kan helpen bij het omgaan met maatschappelijke onrust en ongenoegen, dat vaak een domein overstijgend thema is, waarbij er geen duidelijke ‘probleemeigenaar’ is binnen de gemeente.

Maar er zijn ook risico’s. In kleine hechte (dorps)gemeenschappen zijn de collectieve identiteiten (“dit zijn wij; zo doen we dat altijd”) vaak sterker gedeeld dan in de grote stad. Het is bekend dat waar ongenoegen raakt aan het gevoel van bedreigde identiteit, de emoties sneller een grote rol spelen. 4 Zeker als mensen het gevoel hebben dat hun regio systematisch achtergesteld wordt en hun belangen en verlangens niet goed gehoord. 5 De korte lijnen in gemeenschappen kunnen ook maken dat onvrede sneller escaleert.

Ook in de gemeentelijke organisatie kunnen de kenmerken van kleine hechte kernen voor uitdagingen zorgen. Vaak ontbreken de capaciteit en specialistische kennis om projecten uit te voeren, waar grote gemeenten deze projecten wel kunnen uitvoeren. Ook kunnen de korte lijntjes tussen politiek en gemeenschappen het lastiger maken mensen teleur te stellen. Hierdoor kunnen dilemma’s bij de uitvoering van democratisch gelegitimeerde besluiten nadrukkelijker naar voren komen.

Town Deal samenwerking

In de verkenningsfase van deze Town Deal kwam naar voren dat, hoewel de lokale context verschilt, er een rode draad bestaat in het type leervragen van de betrokken gemeenten én het rijk. We formuleren in deze Town Deal leervragen rondom het versterken van beleidsontwikkeling en besluitvorming in kleine en middelgrote gemeenten waarbij maatschappelijke onrust op de loer ligt; en rondom de verbetering van het samenspel tussen de lokale overheid en gemeenschap in het licht van landelijke en provinciale opgaven en beleid. Met aandacht voor het, samen met inwoners, mobiliseren en benutten van gemeenschapskracht.

Om de bovenstaande uitdagingen op een vernieuwende manier aan te pakken, sluiten elf kleine- en middelgrote gemeenten, BZK, JenV, SZW en twee kennispartijen een Town Deal. In deze Town Deal heeft elke gemeente zijn eigen vraagstuk, bijvoorbeeld beleid rond de plaatsing van een asielzoekerscentrum of van windmolens. De focus ligt daarbij primair op de achterliggende mechanismen die in de lokale context zorgen voor maatschappelijke onrust en ongenoegen. Dit is belangrijk omdat de ontstane onrust vaak niet alleen een reactie is op het huidige besluit, maar ook geworteld in de historische context van de gemeenschap of in dynamieken die spelen met de bredere samenleving. De focus ligt dus ook op het ontdekken waar de echte pijn zit binnen de samenleving en hoe hierop geanticipeerd en/of tegemoet gekomen kan worden.

Het oog is hierbij op preventie: voorkomen dat het escaleert richting onrust. Door vroegtijdig signaleren en proactief acteren. Het proactief acteren gaat enerzijds over verbinding zoeken met de gemeenschap, maar anderzijds ook over normeren en (morele) grenzen stellen. En ook: hoe kan hierbij de informatiepositie en uitvoeringskracht van de gemeente worden versterkt?

DEEL 1: Overwegingen en doelen

Begripsbepaling

In dit convenant wordt verstaan onder6:

Maatschappelijk onbehagen:

een houding van bezorgdheid en pessimisme over maatschappelijke ontwikkelingen.

Maatschappelijk ongenoegen:

houding van ontevredenheid als gevolg van maatschappelijke problemen. Anders dan bij onbehagen kan er bij ongenoegen een verwachting zijn dat problemen opgepakt kunnen en zouden moeten worden. Ongenoegen volgt vaak uit onbehagen maar kan er ook los van staan; mensen kunnen ook boos zijn over een specifiek maatschappelijk probleem zonder algemeen pessimisme. Onbehagen en ongenoegen zijn relatief constant aanwezig in de samenleving; onze democratie is veerkrachtig genoeg om dit aan te kunnen. Maatschappelijk ongenoegen zorgt voor scherpte richting volksvertegenwoordiging en bestuurders. Ook maakt het dat mensen in gezamenlijkheid optrekken om vraagstukken te adresseren.

Maatschappelijke onrust:

(zichtbare) collectieve gedragingen die voortkomen uit maatschappelijk ongenoegen. Gedragingen kunnen uiteenlopen van vreedzame en kleinschalige demonstraties tot radicale en grootschalige acties. Maatschappelijke onrust is niet per se problematisch en hoeft niet noodzakelijkerwijs tot overheidsoptreden te leiden. Maatschappelijke onrust kan wel problematisch worden als dit leidt tot bijvoorbeeld verstoringen van de openbare orde en bedreiging van politieke ambtsdragers.

Partijen

  • 1. De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, J.J.M. Uitermark; namens deze:

    A. H. van Hout (directeur-generaal Openbaar Bestuur en Democratische Rechtsstaat);

  • 2. De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J. Nobel; namens deze: A. van Noort (directeur Samenleving en Integratie);

  • 3. De Minister van Justitie en Veiligheid, D. van Weel; namens deze: M. Commelin (directeur-generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving);

Partijen genoemd onder 1 tot en met 3 ieder handelend in hun hoedanigheid van bestuursorgaan en als Staat hierna samen te noemen: het rijk;

  • 4. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oldambt, namens deze: mevrouw C.Y. Sikkema (burgemeester), hierna te noemen: Gemeente Oldambt;

  • 5. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Súdwest-Fryslân, namens deze: mevrouw J. De Vries (burgemeester), hierna te noemen: Gemeente Súdwest-Fryslân;

  • 6. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Eijsden Margraten, namens deze: de heer J. Weling (wethouder), hierna te noemen: Gemeente Eijsden Margraten;

  • 7. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Stadskanaal, namens deze: de heer K. Sloots (burgemeester), hierna te noemen: Gemeente Stadskanaal;

  • 8. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten, namens deze: mevrouw K. Heerschop (burgemeester), hierna te noemen: Gemeente Houten;

  • 9. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hollands Kroon, namens deze: mevrouw A. Van Dam (burgemeester), hierna te noemen: Gemeente Hollands Kroon;

  • 10. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dinkelland, namens deze: de heer J. Joosten (burgemeester), hierna te noemen: Gemeente Dinkelland;

  • 11. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Urk, namens deze: de heer F. Brouwer (wethouder), hierna te noemen: Gemeente Urk;

  • 12. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leudal, namens deze: mevrouw D. Schmälschläger (burgemeester), hierna te noemen: Gemeente Leudal;

  • 13. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Staphorst, namens deze: de heer J. C. Bos (wethouder), hierna te noemen: Gemeente Staphorst;

  • 14. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Mook en Middelaar, namens deze: mevrouw I. Van Dijk (burgemeester), hierna te noemen: Gemeente Mook en Middelaar;

Partijen genoemd onder 4 tot en met 14 ieder handelend in hun hoedanigheid van bestuursorgaan en hierna samen te noemen: de Gemeenten

  • 15. Platform31, te dezen vertegenwoordigd door Sandra Koster, interim-directeur, hierna te noemen: Platform31;

Partijen genoemd onder 15 hierna te noemen: de Maatschappelijke organisaties en kennisinstellingen;

Hierna allen tezamen genoemd: Partijen.

De volgende partner is betrokken bij de Town Deal:

  • 1. Bureau Regionale Veiligheidsstrategie Midden Nederland (RVS), te dezen vertegenwoordigd door D. van den Ham, directeur, hierna te noemen: Bureau Regionale Veiligheidsstrategie Midden Nederland.

Algemene overwegingen

  • 1. Het interbestuurlijke innovatieprogramma Agenda Stad (BZK) is opgericht om de groei, innovatie en leefbaarheid van gemeenten in samenhang te versterken. Betrokkenen willen hier invulling aan geven door middel van het sluiten van ‘Town Deals’.

  • 2. In een Town Deal staan vraagstukken en leervragen uit kleine of middelgrote gemeenten centraal. Deze gemeenten, departementen, private partijen, kennisinstellingen en andere belanghebbenden werken gelijkwaardig aan complexe opgaven en willen zo tot vernieuwing komen. De vernieuwing kan gaan over een andere aanpak van een project, innovatie in een proces, ontwikkeling van nieuw beleid of een andere manier van financieren.

  • 3. Town Deals onderscheiden zich doordat ze:

    • a. Een aansprekende ambitie formuleren ten aanzien van een lokale uitdaging;

    • b. Met inzet van alle bestuurslagen en gerichte expertise hiervoor aan doorbraken werken;

    • c. Slagkracht organiseren (gerichte expertise wordt ingezet door samenwerking met kennis-, private- en maatschappelijke partners);

    • d. Betrokkenheid kennen van uiteenlopende publieke en private partijen (waaronder het rijk) waarbij wederzijds leren centraal staat; De dealaanpak fungeert als een voortdurende terugkoppeling voor de uitwerking van rijksbeleid op lokaal niveau.

    • e. Innovatief zijn en gericht op doorbraken, door bijvoorbeeld bestaande systemen anders vorm te geven;

    • f. (Inter)nationaal aansprekend en opschaalbaar zijn.

    • g. Er vooraf geen financiële prikkel is om mee te doen, maar dat het gezamenlijk vinden van doorbraken in taaie vraagstukken de belangrijkste drijfveer is. Dit garandeert dat gecommitteerde ‘pioniers’ deelnemen en elkaar uitdagen. De ervaringen van de deelnemende gemeenten en de ambtenaren die samen meewerken aan de lokale vraagstukken zorgen ook voor input voor nieuw rijksbeleid. Deze voortdurende terugkoppeling kan hiernaast ook systeemfouten of andere knelpunten bij de uitwerking van beleid agenderen.

  • 4. De samenwerking in de Town Deal Krachtige Kernen is mede een initiatief van het interbestuurlijke programma Omgaan met Maatschappelijke Onrust en Ongenoegen (BZK, SZW, J&V, VNG, nationale politie). Het programma Omgaan met Maatschappelijk Onrust en Ongenoegen (OMO) heeft tot doel om bestuurders te ondersteunen bij het omgaan met maatschappelijk onrust en ongenoegen. Het programma is een samenwerkingsverband (gecoördineerd door BZK) van diverse departementen en overheidsorganisaties om alle beschikbare kennis rondom maatschappelijke onrust en ongenoegen te bundelen en te delen binnen een landelijke leeromgeving. Naast de bundeling van alle bestaande kennis zet OMO in op de ontwikkeling van nieuwe kennis en beleid om beter te leren omgaan met maatschappelijke onrust en ongenoegen.

Specifieke overwegingen

De volgende specifieke overwegingen hebben ertoe geleid om deze Town Deal af te sluiten.

  • 1. Gemeenten moeten lastige besluiten nemen, of lastige besluiten vanuit het rijk of provincie uitvoeren, die enorme gevolgen met zich meebrengen voor het leven van mensen. Dit zet de relatie tussen de gemeenschap, de gemeente en andere bestuurslagen onder druk. Daarbij zijn er vanuit gemeenten signalen dat rondom complexe maatschappelijke opgaven er steeds vaker sprake is van problematische vormen van maatschappelijke onrust, zoals verstoringen van de openbare orde en bedreiging van politieke ambtsdragers.

  • 2. Het vraagstuk van het omgaan met maatschappelijke onrust en ongenoegen, en de bijbehorende beleidsmaatregelen, – ondersteuning en handelingsperspectieven vanuit het rijk, zijn met name toegepast in de grootstedelijke context. Uit gesprekken die BZK voerde met kleinere en middelgrote gemeenten bleek dit aanbod niet altijd aan te sluiten bij de behoeften. Vanuit de betrokken departementen komen signalen dat zij met betrekking tot dit vraagstuk zoeken naar manieren waarop het beleid en ondersteunend instrumentarium beter kunnen aansluiten op de praktijk van gemeenten met kleine kernen.

  • 3. Kleine en middelgrote gemeenten staan daarnaast voor specifieke uitdagingen. Uit de verkenning van deze Town Deal blijkt dat, hoewel de lokale context van de gemeenten verschilt, er een rode draad bestaat in de problematiek en leervragen van gemeenten met kleine kernen:

    • a. De gemeenschappen in dorpskernen zijn vaak hecht: de lijntjes zijn relatief kort en de gemeenschap is betrokken bij het dorp. Maar dit kan ook leiden tot het sneller escaleren van onvrede.

    • b. In kleine en middelgrote gemeenten kunnen capaciteitsproblemen, een tekort aan (specialistische) kennis of handelingsverlegenheid een significante hindernis vormen bij het omgaan met maatschappelijke onrust en ongenoegen.

    • c. Ook is maatschappelijke onrust en ongenoegen een domein overstijgend thema, waardoor er geen ‘probleemeigenaar’ is binnen de gemeente.

Doelen

Het doel van deze Town Deal is om te leren over de achterliggende mechanismen die zorgen voor maatschappelijke onrust en ongenoegen en hoe daar preventief mee om te gaan. Zodat de betrokken Partijen beter in staat zijn om met gebeurtenissen om te gaan die mogelijk leiden tot maatschappelijke onrust en ongenoegen. Twee vragen staan hierin centraal:

  • Hoe versterk je beleidsontwikkeling en besluitvorming omtrent complexe maatschappelijke opgaven in kleinere en middelgrote gemeenten met hechte gemeenschappen, waarbij maatschappelijke onrust en ongenoegen op de loer ligt?

  • Hoe kan het samenspel tussen de lokale overheid en de gemeenschap daarbij worden verbeterd, ook in het licht van landelijke en provinciale opgaven en beleid? De gemeenten voeden het rijk met inzichten vanuit de praktijk van kleine en middelgrote gemeenten. Het rijk ondersteunt deze gemeenten in hun lokale opgave. Zo wordt er wederzijds van elkaar geleerd.

Subdoelen zijn:

  • 1. (Door)ontwikkelen van vernieuwende (preventieve) aanpakken en instrumenten

    De lokale aanpakken worden (door)ontwikkeld in en met de deelnemende gemeenten. Waar mogelijk worden hierbij ook vertegenwoordigers van dorpsgemeenschappen betrokken. Er wordt beoogd te komen tot lessen en instrumenten met een bredere betekenis voor Nederland. Landelijke instrumenten en aanpakken worden zo goed mogelijk toepasbaar voor de context van kleine en middelgrote gemeenten.

  • 2. Slagkracht organiseren door inzet van gerichte expertise

    De Town Deal vliegt waar nodig gericht expertise in van binnen en buiten de overheid om gemeenten te ondersteunen in hun lokale opgave. Daarbij wordt altijd eerst gekeken naar het bestaande ondersteuningsaanbod voor gemeenten. Hierbij is specifieke aandacht voor het verhogen en borgen van het kennisniveau bij de gemeenten.

  • 3. Ontwikkelen van een netwerk voor opschaling van goede voorbeelden

    Door het netwerk gecreëerd door de Town Deal hoeven gemeenten niet steeds opnieuw het wiel uit te vinden in hun lokale aanpak, maar kunnen zij leren van goede voorbeelden van andere gemeenten.

  • 4. Gezamenlijk ervaren van uitdagingen en dialoog op gang brengen tussen departementen, provincies en gemeenten

    Met de Town Deal staan rijk, provincie en gemeente naast elkaar en maken ze nader kennis met elkaars leefwereld. Om samen tot een betere aanpak van opgaven te komen en meer begrip te hebben voor elkaars rol. Alle partijen benutten de ervaringen om beleid beter uitvoerbaar te maken en communicatie over en weer te verbeteren.

  • 5. Leren van systemische knelpunten en hardheden

    Ontdekken of en leren van gemeenten (die) aanlopen tegen knelpunten in wet- en regelgeving en beleid als het gaat om het omgaan met maatschappelijke onrust en ongenoegen. Daarbij wordt ook gekeken naar hardheden: wanneer door (stapeling van) wetten, beleid en de uitvoering ervan, onevenredig harde effecten kunnen optreden die (groepen) burgers hard raken en potentieel ontwrichten. We reflecteren op de rol van iedere bestuurslaag en agenderen knelpunten die hierbij naar voren komen om ervan te leren.

  • 6. Het thema van maatschappelijke onrust integraal borgen binnen gemeenten

    Omdat maatschappelijke onrust en ongenoegen vaak verschillende domeinen raakt en er daardoor geen duidelijke ‘probleemeigenaar’ binnen de gemeente is, worden de aanpakken integraal geborgd worden door bestuurders hierbij te betrekken.

DEEL 2: Ambities en afspraken

Partijen spreken samen de ambitie uit om de krachten te bundelen en komen overeen:

  • Een Town Deal te sluiten met de ambitie beter om te gaan met maatschappelijke onrust en ongenoegen in kleine en middelgrote gemeenten. Hiermee willen de partijen bijdragen aan sociale stabiliteit van de regio en vertrouwen in de overheid.

  • Zich te committeren aan een tweejarig traject van samenwerking, waarin zij verantwoordelijk zijn voor de genoemde afspraken en kwaliteit van de resultaten in relatie tot de doelstellingen.

  • Actief deel te nemen aan de Town Deal en bij te dragen aan activiteiten met het door partijen ingebrachte vraagstuk (zoals beschreven in Deel 2: ambities en afspraken).

  • Te investeren in de samenwerking door een bijdrage in de cofinanciering (zoals beschreven in Deel 3: Proces en organisatie) en het beschikbaar stellen van een ambtelijk projectteam om activiteiten in het kader van de Town Deal samen met inbreng en ondersteuning vanuit de andere partijen voor te bereiden en uit te voeren.

Uitvoering

Elke gemeente brengt één urgent actueel vraagstuk in dat past binnen het thema omgaan met maatschappelijke onrust en ongenoegen. De gemeenten selecteren dit vraagstuk vanwege een gewenste intensivering of impuls bij de realisatie of vanwege een gewenste innovatie bij hun hulpvraag. Dit vraagstuk moet samenhangen met de hiervoor benoemde thema’s. Ook kan aangesloten worden bij andere leertrajecten, zoals het interbestuurlijk leren omgaan met ongenoegen. De rijkspartijen kijken samen met gemeenten op welke wijze de lokale uitvoering kan worden ondersteund en de kansen van deze Town Deal maximaal benut kunnen worden. Ook departementen brengen een vraagstuk in.

Werkplan

Direct na de start van de Town Deal wordt per gemeentelijk vraagstuk een beknopt werkplan opgesteld. Ook voor de Town Deal als geheel wordt een werkplan gemaakt. In het werkplan wordt onder andere de inzet van partijen, doelen, gewenste doorbraken, planning, financiën en beoogde resultaten nader uitgewerkt.

Beoogde resultaten

In deze Town Deal wordt toegewerkt naar drie beoogde resultaten:

  • 1. Eindverslag met lessen en innovaties, inclusief de wijze waarop deze worden geborgd.

  • 2. Advies over hoe het rijk beter gemeenten met kleine kernen kan ondersteunen bij het omgaan met ongenoegen en onrust.

  • 3. Diverse concrete activiteiten en leermomenten zoals uitgewerkt in de werkplannen met lokale en landelijke verankering. Daarbij wordt gezamenlijk kennis ontwikkeld over de twee hoofdvragen (in Deel 1: Overwegingen en doelen) in het algemeen en in het specifiek over de volgende vier thema’s:

    • 1) Ontwikkelen van praktisch toepasbare handvatten voor gemeenten in verbinden en normeren. Daarbij gaan Partijen op de volgende vragen in:

      • a. Hoe kunnen gemeenten de relatie, de dialoog en het vertrouwen tussen de lokale overheid en de gemeenschap versterken (verbinding)?

      • b. Hoe kunnen gemeenten en gemeenschappen op een goede manier (morele) grenzen stellen bij maatschappelijke spanningen (normeren)?

    • 2) Omgaan met beleidskeuzes die zorgen voor gevoelens van verlies van identiteit en sociale structuren. Daarbij gaan Partijen op de volgende vragen in:

      • a. Hoe kunnen gemeenten het beste omgaan met hevige emoties rondom het verlies van identiteit en sociale structuren die bij beleidskeuzes komen kijken?

      • b. Hoe kunnen gemeenten omgaan met tegenpolen bij beleidskeuzes door (stille) middengroepen te mobiliseren?

      • c. Hoe kunnen rijk, provincie en gemeenten de historische context en bestaande knelpunten in kernen betrekken in het omgaan met beleidskeuzes?

      • d. Hoe kan de gemeenschap in kleine en middelgrote gemeenten weerbaar gemaakt worden tegen het verlies van identiteit en sociale structuren?

      • e. Wat maakt dat deze gemeenschappen zo hecht zijn en hoe positioneer je hen in een mede eigenaarschapspositie van gemeentelijke vraagstukken?

    • 3) Versterken van gemeentelijke informatiepositie, kennisniveau en capaciteit. Daarbij gaan Partijen op de volgende vragen in:

      • a. Hoe kunnen gemeenten hun informatiepositie over maatschappelijke onrust versterken?

      • b. Hoe kunnen gemeenten hun kennisniveau over maatschappelijke onrust structureel en organisatiebreed (ambtelijk en bestuurlijk) verhogen?

      • c. Hoe kan de samenwerking tussen rijk en dit type gemeenten verbeteren, zodat het rijksbeleid en ondersteunend instrumentarium beter aansluit op de lokale praktijk?

    • 4) Hoe kunnen gemeenten omgaan met maatschappelijke onrust en ongenoegen in zijn algemeenheid in het licht van capaciteitsvraagstukken?

Inzet en acties Partijen

Het rijk

Het rijk zal zich inspannen om bestaande of nieuwe versnellingsmogelijkheden, leerpunten of barrières die naar voren komen uit deze Town Deal waar wenselijk en mogelijk te agenderen en te werken aan oplossingen in experimenteerruimte, regelgeving, regelingen, organisatie en rolopvatting.

Het rijk biedt:

  • Bestuurlijk én ambtelijk commitment, uitgedrukt in het ondertekenen van de Town Deal.

  • Per departement een bestuurlijk en ambtelijk trekker met achtervang.

  • Cofinanciering vanuit het rijk.

  • Gastvrijheid en open blik om samen te werken en te leren.

  • Akkoord met het openbaar delen van ontwikkelingen en leerervaringen.

Meer concreet, zal het rijk de volgende specifieke acties per programma inzetten.

Ministerie van Binnenlandse Zaken & Koninkrijksrelaties:

  • Het interbestuurlijk programma Agenda Stad zal zich inspannen om de vernieuwende aanpakken en beleids- of procesinnovaties die worden ontwikkeld in deze Town Deal te versterken en te borgen; deze te verbinden met relevante onderdelen van BZK en met andere rijkspartijen; te zorgen voor goede interbestuurlijke verhoudingen met de betrokken medeoverheden. Hierbij zal onder andere gebruik worden gemaakt van ontwerpkracht en de Impact Maak- en Meettool. Agenda Stad zal de Town Deal Krachtige Kernen begeleiden, samen met de partners doorontwikkelen en de eindresultaten breed delen met gemeenten, provincies en andere belanghebbenden.

  • Het programma Omgaan met Maatschappelijke Onrust en Ongenoegen (samenwerkingsverband van BZK, SZW, JenV en VNG, onder leiding van BZK/directie Democratie en Bestuur) zal handelingsperspectief stimuleren en faciliteren; verbinding opzoeken met andere rijkspartijen en de opgedane kennis verspreiden onder gemeenten. Gemeenten die deelnemen aan de Town Deal kunnen ook deelnemen aan leertrajecten ‘Interbestuurlijk en Lerend omgaan met ongenoegen’ op thema’s als Transitie landelijk gebied en Opvang asielzoekers/huisvesting statushouders.

Ministerie van Sociale Zaken & Werkgelegenheid:

  • De afdeling Weerbare Samenleving (WS) heeft als beleidsopgave het behouden en bevorderen van de sociale stabiliteit door middel van het versterken van de veerkracht en weerbaarheid in en van de samenleving. Hierbij ligt de focus op het tegengaan van fenomenen die de sociale stabiliteit bedreigen zoals ongewenste vormen van polarisatie en extremisme. De afdeling WS ontwikkelt, implementeert en evalueert beleidsmaatregelen die genomen worden om de weerbaarheid en veerkracht tegen deze fenomenen te versterken. Binnen de Town Deal zal Weerbare Samenleving betrokken zijn bij het vertalen van lessen uit de praktijk naar passend beleid. Ook denkt Weerbare Samenleving mee over de ontwikkeling van preventieve interventies, op basis van ervaring opgedaan in eerdere programma’s.

  • De Expertise-Unit Sociale Stabiliteit (ESS) kan gemeenten binnen de Town Deal ondersteunen en adviseren op vraagstukken vanuit haar expertise op maatschappelijke spanningen, polarisatie, preventie van (online) radicalisering (waaronder anti-institutionele tendensen) en ondermijning. Specifiek kan ESS meedenken en gemeenten begeleiden op de aanpak op het voorkomen en beheersen van deze ontwikkelingen en bestaande kennis en instrumenten beschikbaar stellen. Ook kan door adviseurs worden meegedacht bij het formuleren van strategieën om vroegtijdig signalen van polarisatie, spanningen en radicalisering te herkennen en hier effectief op te reageren. Daarnaast kunnen gemeenten worden ondersteund om tot een wederkerige samenwerking te komen met gemeenschappen als het gaat om de preventie van ondermijning. Tenslotte kan ESS bestaande kennis en methodieken beschikbaar stellen voor de deelnemende gemeenten. Dit omvat onder andere de Polarisatie Verkenningskaart, handelingsperspectieven voor het voeren van dialoog op schurende thema’s en handreikingen om netwerken op te zetten.

Ministerie van Justitie & Veiligheid:

  • Directie Veiligheid en Bestuur (VenB) is onderdeel van het ministerie van Justitie en Veiligheid en zorgt voor de wettelijke toerusting van de burgemeester met betrekking tot zijn taak op het gebied van openbare orde en ondersteunt publieke en private partners bij het tegengaan van criminaliteit. Dit wordt gerealiseerd door een combinatie van menskracht, financiering, beleid, wetgeving, kennis, onderzoek, gedragsbeïnvloeding en het verstevigen van bestuurlijke netwerken. Dit doen we nadrukkelijk nooit alleen, maar in goede samenwerking met onder andere onze partners: gemeenten, VNG, CCV, politie en brancheorganisaties, maar natuurlijk ook met burgers waaronder ondernemers. De Directie Veiligheid en Bestuur wil graag bijdragen aan de gezamenlijke opgave van de Town Deal waarbij de sleutelwoorden zijn: vertrouwen, preventie en het versterken van de interbestuurlijke samenwerking. De directie VenB zal haar kennis en expertise aanbieden, verbinden aan lopende initiatieven en actief meedenken aan oplossingsrichtingen. De lessen uit de praktijk kunnen worden benut voor de ontwikkeling van passend beleid. Het voorkomen dat maatschappelijk onbehagen omslaat in onrust vereist een zorgvuldige en veelzijdige benadering. De directie VenB vindt het van belang om te luisteren naar bezorgdheden, de dialoog aan te gaan, preventieve maatregelen in te zetten en weerbaar te zijn voor de uitdagingen waar we heden ten dage en in de toekomst voor staan.

De rijkspartijen kijken samen met gemeenten op welk wijze de lokale uitvoering kan worden ondersteund en de kansen van deze Town Deal maximaal benut.

De gemeenten

Gemeenten die deelnemen aan de Town Deal, zijn gemotiveerd om samen met alle deelnemende partners werk te maken van de Town Deal. Zij bieden daarbij:

  • Bestuurlijk én ambtelijk commitment, uitgedrukt in het ondertekenen van de Town Deal.

  • Per gemeente een bestuurlijk en ambtelijk trekker met achtervang. Een ambtelijk trekker is voor een dag in de maand extra beschikbaar aanvullend aan de reguliere werkzaamheden met betrekking tot het ingebrachte vraagstuk.

  • Cofinanciering (€ 5.000 per jaar per gemeente).

  • Gastvrijheid en open blik om samen te werken en te leren.

  • Akkoord met het openbaar delen van ontwikkelingen en leerervaringen, op een wijze die het proces van verbinding met de samenleving geen schade toebrengt.

Elke gemeente brengt een lokaal actueel vraagstuk in rondom maatschappelijke onrust en ongenoegen waar kennis en ervaring nodig is om een aanpak (door) te ontwikkelen die leidt tot succes en impact.

  • De gemeente Oldambt wil werken aan het versterken van het contact met de inwoners (op communicatie en in de relatie). Concreter gaat het daarbij ook om de weerbaarheid van de gemeenschap. Hoe mobiliseer je de ‘stille middengroepen’ om niet mee te gaan in de boosheid die in delen van de gemeenschap speelt? Nog concreter is de vraag hoe om te gaan met de spanning die kan ontstaan door (vaak goed bedoeld) rijks- of provinciebeleid dat zorgt voor verdeeldheid in dorpen (zoals postcodebenadering of aardbevingscontouren).

  • De gemeente Súdwest-Fryslân wil aan de slag met het mobiliseren van de gemeenschapskracht die er bestaat in de 89 kernen, om hen weerbaar te maken tegen crises, rampen en bedreigingen die op ons af komen. Hoe kunnen overheden en inwoners constructief omgaan met ongenoegen en weerstand, terwijl tegelijkertijd de weerbaarheid van inwoners moet worden vergroot? Het bevorderen van een cultuur van samenwerking, vertrouwen en gezamenlijke verantwoordelijkheid tussen de lokale overheid en de gemeenschap (mienskip) is van belang, zodat beide partijen effectiever kunnen samenwerken in tijden van crisis, maar ook in de dagelijkse bestuurlijke en maatschappelijke processen.

  • De gemeente Eijsden Margraten wil voorbereid zijn op gebeurtenissen die mogelijk tot maatschappelijke onrust leiden, zoals dat eerder is misgelopen bij de plaatsing van een beschermde woonvorm voor mensen met multiproblematiek. De gemeente wil leren hoe situaties in goede banen te leiden waarbij onrust op de loer ligt, voordat het escaleert. Daarbij wil de gemeente ook graag de kracht uit de gemeenschap en het ‘stille midden’ benutten.

  • De gemeente Stadskanaal ziet enerzijds een democratische proteststem op flankenpartijen en ervaart anderzijds op het oog weinig zichtbare onrust (zo komen er weinig mensen naar inwonersbijeenkomsten over bijvoorbeeld opvang van Oekraïense ontheemden en/of asielzoekers). Inwoners lijken daarin niet te mobiliseren te zijn, of zijn wellicht afgehaakt. De gemeente wil inwoners ondersteunen zich beter te organiseren om het ongenoegen wat wel bestaat op een constructieve manier over te brengen. Daarbij wil de gemeente ook inzetten op het voorkomen dat mensen tot ongenoegen worden aangewakkerd door desinformatie, waarbij sociale media van grote invloed is. Die informatie veroorzaakt onrust, die wordt verspreid omdat niet het doel is onrust te voorkomen, maar juist aanwakkeren. In het bewaken van grenzen en normeren is een rol weggelegd voor diverse actoren in de democratische rechtsstaat: politiek, bestuur en media.

  • De gemeente Houten wil voorbereid zijn op gebeurtenissen die mogelijk tot maatschappelijke onrust leiden, zoals dat eerder is misgelopen bij de plannen voor het plaatsen van een asielzoekerscentrum. De gemeente wil leren hoe situaties in goede banen te leiden waarbij onrust op de loer ligt in een gepolariseerd landschap, waardoor de kans kleiner wordt dat het escaleert. Daarbij wil de gemeente leren over hoe strategisch te communiceren en hoe de (online) informatiepositie te verbeteren. En vervolgens ook leren over wat je vervolgens met de informatie doet, hoe bereik je en dring je door bij de mensen die onrust aanwakkeren?

  • De gemeente Hollands Kroon wil voorbereid zijn op gebeurtenissen die mogelijk tot maatschappelijke onrust leiden. Net als andere gemeenten heeft gemeente Hollands Kroon te maken met het uitvoeren van besluiten vanuit het rijk, wat tot weerstand en onrust kan leiden. Binnen Hollands Kroon zijn een aantal impactvolle ontwikkelingen gaande zoals de 380 kV-hoogspanningslijn, uitbreiding van datacenters, bietentransport, de huisvesting van asielzoekers en statushouders, en de energietransitie. De onrust is vaak niet alleen een reactie op het actuele besluiten, maar ook geworteld in de historische context van een kern of in bestaande

  • knelpunten en ontwikkelingen. Soms is een dorp al met andere uitdagingen bezig, en komt ‘dit’ er nog bovenop. In andere gevallen escaleert een situatie door eerdere gebeurtenissen die nog steeds gevoelig liggen. De kernvragen zijn: Waar zit de echte pijn? Hoe kunnen we hierop anticiperen? En hoe kunnen we hieraan tegemoetkomen?

  • De gemeente Dinkelland wil leren hoe je als gemeente aan de voorkant strategisch communiceert en (moreel) begrenst/normeert, op zo een manier dat een situatie waar veel ongenoegen mee gepaard gaat niet escaleert tot onrust. De gemeente wil hierbij leerpunten identificeren die niet alleen de sociale context omvatten, maar ook maatschappelijke ontwikkelingen die invloed hebben op sociale waarden en gedragsnormen, zoals toenemende individualisering en veranderend respect voor elkaar, voor instanties en gezag.

  • De gemeente Urk heeft veel geleerd van situaties van maatschappelijke onrust in het verleden en wil graag nu voortbouwen op preventie om de rust te bewaren ook in de toekomst. We werken in ons dorp samen aan een gezonde, veilige, kansrijke omgeving via een integrale aanpak. Hoe zorgen we voor een werkelijk integrale aanpak, binnen én buiten het gemeentehuis. Hoe stellen we ons als gemeente op bij het bevorderen van het maatschappelijk gesprek en de gezamenlijke normstelling door en met stakeholders en inwoners?

  • De gemeente Leudal wil in deze Town Deal leren over hoe je als gemeente het best verbindend kan normeren. Zowel preventief, als ten tijde van onrust. Daarbij wil de gemeente graag leren hoe je het stille midden mobiliseert, in plaats van de flanken. De gemeente wil ook graag de mensen bereiken die nu zijn afgehaakt van de maatschappij.

  • De gemeente Staphorst wil leren hoe we ervoor kunnen zorgen dat mensen bij complexe opgaven zich herkennen in wat we als gemeente wel of niet doen - en vooral waarom. We willen leren hoe we contact kunnen maken over het probleem, in plaats van pas te communiceren bij de oplossing. En hoe we in dat contact het ‘stille midden’ in de samenleving kunnen versterken en kunnen wegblijven bij het leveren van brandstof voor de polen. Hoe we in plaats van ruimte

  • te bieden voor ‘tegengeluiden’, het gemeenschappelijke verhaal en het verlangen naar boven kunnen halen. We willen leren hoe we in gesprek kunnen gaan met de samenleving over wat er speelt, wat het verlangen is, wat de zorgen zijn en wat er in Staphorst nodig is. Op welke thema’s moet de verbinding met en tussen onze inwoners worden verstevigd? We willen ook leren hoe we dat gesprek met de samenleving verder kunnen brengen naar het gesprek over de samenleving door de samenleving. Is het mogelijk om contacten met sleutelfiguren op te bouwen voor tijden wanneer de spanning op bepaalde onderwerpen oploopt?

  • De gemeente Mook en Middelaar wil graag leren hoe nog beter gebruik kan worden gemaakt van de denkkracht en participatiebehoefte van inwoners bij complexe projecten. Daarbij is de uitdaging om aan de hand van transparante besluitvorming, zorgvuldige communicatie en eigentijdse participatie draagvlak te versterken en maatschappelijke onrust te voorkomen. We willen dat de gemeente als een betrouwbare partner blijft worden gezien, die al zijn inwoners weet te bereiken en kan de-escaleren.

    Provincies kunnen tijdens de uitvoeringsfase worden uitgenodigd om een rol te spelen in de lokale vraagstukken waarmee de bovenstaande gemeenten mee aan de slag gaan.

Kennisinstellingen, private partijen en maatschappelijke organisaties

Deze partijen dragen bij door inbreng van kennis en ervaring en denken mee in de vraagstukken van deze Town Deal waarin ze daadwerkelijk betrokken zijn. Ze dragen bij aan de verspreiding van de leerervaringen.

  • Platform31 draagt gedurende de looptijd van de Town Deal bij via kenniscocreatie en - verspreiding en door inhoudelijke bijdragen aan bijeenkomsten die in Town Dealverband worden georganiseerd. Ook spant Platform31 zich in om relevante kennis- en leerervaringen vanuit de Town Deal verder te verspreiden binnen haar netwerk, onder andere in P10, M50-en K80-verband, en om waar mogelijk/relevant verbindingen te leggen met haar eigen

thema’s en activiteiten.

DEEL 3: Proces en organisatie

Inwerkingtreding en looptijd

Deze Town Deal treedt in werking met ingang van de dag na ondertekening van deze Town Deal door alle partijen en eindigt op 21 april 2027.

De samenwerking kent de volgende fasen:

  • Opstartfase (2025 Q2): inventariseren van de vraagstukken waarmee gemeenten aan de slag gaan in deze Town Deal, vraagverheldering en -verdieping, opstellen projectplan per

  • gemeenten en voor Town Deal in geheel, inclusief planning bijeenkomsten bestuurlijk en ambtelijk.

  • Uitvoeringsfase (2025 Q2 – 2026 Q4): uitvoering projectplan op basis van planning door gemeente in samenwerking met partijen. De uitvoeringsfase is in twee delen gesplitst:

    • 1. Deel 1 (2025 Q2 – Q4): kennisniveau van de deelnemende partijen versterken door middel van reeks aan bijeenkomsten en lokaal ingevlogen expertise op specifieke vraagstukken/thema’s.

    • 2. Deel 2 (2025 Q4 – 2026 Q4): lerend aan de slag vanuit de praktijk waarbij partijen hun aanpak vernieuwen/versterken/(door)ontwikkelen.

  • Eindfase (2026 Q4 – 2027 Q2): ophalen van bevindingen, implementatie en waar mogelijk opschaling van resultaten, opleveren breed toepasbare producten of instrumenten, bevindingen voor verbeteren beleid en extern delen van kennis.

Procesorganisatie

Voor de organisatie wordt in ieder geval een programmaleider, -secretaris en communicatieadviseur geworven.

Financiering

  • Alle partijen maken gemiddeld 1 dag per maand vrij voor werkzaamheden

  • Gemeenten dragen elk een bedrag van € 5.000 euro per jaar bij aan de financiering van de

  • deal.

  • Het Ministerie van BZK draagt € 150.000 per jaar bij aan de Town Deal.

  • Het Ministerie van SZW draagt € 25.000 per jaar bij aan de Town Deal.

  • Het Ministerie van J&V draagt € 25.000 per jaar bij aan de Town Deal.

  • De overige partijen dragen bij in natura.

De financiële middelen zullen ten minste gebruikt worden voor de inhuur van hierboven beschreven procesorganisatie en logistieke kosten. Daarnaast worden de financiën gebruikt voor de ontwikkeling van nieuwe producten en communicatiemiddelen om de geleerde lessen uit deze deal breder te verspreiden en de inzet van specifieke expertise voor gemeenten indien nodig. In het werkplan voor de Town Deal in zijn geheel volgt een nadere uitsplitsing van de kosten.

Governance

Ambtelijk

De dagelijkse leiding van de Town Deal wordt uitgevoerd door een team waarin de volgende rollen zijn belegd:

  • Programmaleider. De programmaleider is verantwoordelijk voor het goed verlopen van de Town Deal. Hiernaast draagt deze persoon zorg voor het leggen van verbindingen tussen mensen en organisaties, zowel binnen als buiten de Town Deal. De programmaleider stelt jaarlijks een werkplan, communicatieplan en begroting op die worden vastgesteld in het Town Deal-overleg. En stimuleert Partijen om de uitkomsten uit de Town Deal te borgen.

  • Projectsecretaris. De projectsecretaris ondersteunt de programmamanager met het inplannen en voorbereiden van afspraken, houdt de planning bij en organiseert de facilitaire kant van de projectbijeenkomsten.

  • Communicatieadviseur. De communicatieadviseur stelt een communicatiestrategie op en verzorgt communicatie-uitingen.

  • Dealmaker. De dealmaker begeleidt de Town Deal procesmatig vanuit Agenda Stad. De dealmaker signaleert kansen (organisatie en borging) om impact van de deal te vergroten. BZK levert de capaciteit voor de dealmaker van deze Town Deal. De dealmaker onderhoudt ook het contact met de betrokken departementen.

  • Afvaardiging vanuit het interbestuurlijke programma Omgaan met Maatschappelijke Onrust en ongenoegen. De afvaardiging adviseert vanuit hun expertise over de richting van de Town Deal.

  • Afvaarding vanuit de gemeenten.

  • De precieze werkwijze van dit team en de rol van gemeenten hierin worden verder uitgewerkt in het Werkplan.

Bestuurlijk

Een aantal keer in het jaar organiseren Partijen inhoudelijke bestuurlijke bijeenkomsten. Deze zijn bedoeld om bestuurders inhoudelijk aanbod te geven én ze te laten sturen op de koers van de Town Deal.

Communicatie

De communicatieadviseur stelt, in samenspraak met de programmaleider, een communicatieplan op. De communicatieadviseur is verantwoordelijk voor een frequente communicatie over de uitvoering van de Town Deal. Partijen kunnen met in achtneming van de huisstijl vrijelijk communiceren over de ontwikkelingen binnen de Town Deal Krachtige Kernen. De rijkspartijen ondersteunen de Town Deal met haar communicatie. Dit gebeurt onder andere via de website www.agendastad.nl en www.maatschappelijkeonrust.nl

Monitoring en evaluatie

Onderdeel van het werken in Town Deals en City Deals is het jaarlijks invullen van de Impact Maak-& Meettool: een self assessment monitorings- & evaluatietool ontwikkeld voor de werkwijze van City en Town Deals. Met deze evaluatietool wordt jaarlijks gereflecteerd door het programmateam en de deelnemers van de deal. De tool kijkt naar verschillende indicatoren: meerwaarde, proces, samenwerking, kennisontwikkeling, innovatie, adaptiviteit en borging. Monitoring van de uitvoering van de Town Deal vindt plaats op twee niveaus:

  • op het niveau van de lokale projecten/aanpakken;

  • op het niveau van de in Deel 1 genoemde doelen.

Op basis van deze evaluatie wordt bezien in welke vorm de Town Deal wordt voortgezet, uitgebreid of aangepast. Deze evaluatie wordt met alle betrokken partijen besproken. Aan het eind van de looptijd van de deal wordt een eindrapportage opgesteld op basis van de Impact Maak- & Meettool. Hiernaast wordt in de rapportage vooruitgeblikt op de resterende looptijd en welke vervolgstappen genomen moeten worden om de resultaten uit de Town Deal te verspreiden en uit te breiden.

Slotbepalingen

Uitvoering in overeenstemming met Unierecht

De afspraken van de Town Deal Krachtige Kernen worden in overeenstemming met het recht van de Europese Unie uitgevoerd in het bijzonder voor zover de afspraken vallen onder de werking van de Europese regels met betrekking tot aanbesteding, mededinging, staatssteun en technische normen en voorschriften.

Gegevenswisseling

  • 1. De in het kader van (de uitvoering van) deze Town Deal Krachtige Kernen uitgewisselde dan wel uit te wisselen informatie is in beginsel openbaar. Indien een Partij verzoekt om geheimhouding zullen de overige Partijen deze informatie in beginsel geheimhouden en deze geheel noch gedeeltelijk aan enige derde bekendmaken, behoudens voor zover een verplichting tot openbaarmaking voortvloeit uit de wet, een rechterlijke uitspraak of deze Town Deal.

  • 2. Partijen dragen er zorg voor dat concurrentiegevoelige en/of privacygevoelige informatie uitsluitend wordt gedeeld voor zover dit in overeenstemming is met de relevante internationale, Europese en nationale wettelijke kaders. Zij kunnen hiertoe nadere afspraken vastleggen.

Wijzigingen

  • 1. Elke Partij kan schriftelijk verzoeken de Town Deal Krachtige Kernen te wijzigen. De wijziging behoeft de instemming van alle Partijen.

  • 2. Partijen treden in overleg binnen zes weken nadat een Partij het verzoek heeft kenbaar gemaakt aan de programmaleider. De programmaleider informeert de overige Partijen over de voorgestelde wijziging en vraagt hen om instemming.

  • 3. Nadat alle Partijen aan de programmaleider kenbaar hebben gemaakt in te stemmen met het verzoek tot wijziging wordt de wijziging en de verklaringen tot instemming als bijlage aan de Town Deal gehecht.

Opzegging

  • 1. Elke Partij kan de Town Deal Krachtige Kernen met inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden schriftelijk opzeggen, indien een zodanige verandering van omstandigheden is opgetreden dat de Town Deal Krachtige Kernen billijkheidshalve op korte termijn behoort te eindigen. De opzegging moet de verandering in omstandigheden vermelden.

  • 2. Wanneer een Partij de Town Deal Krachtige Kernen opzegt, blijft de deal voor de overige Partijen in stand voor zover de inhoud en de strekking ervan zich daartegen niet verzetten.

  • 3. Ingeval van beëindiging van de Town Deal Krachtige Kernen krachtens opzegging is geen van de Partijen jegens een andere Partij schadeplichtig.

Toetreding nieuwe partijen

  • 1. In overeenstemming met alle Partijen kunnen anderen tijdens de looptijd van de Town Deal Krachtige Kernen als nieuwe partijen toetreden tot deze Town Deal.

  • 2. Dit gebeurt alleen als toetreding meerwaarde heeft, dus als een organisatie een actuele casus/leervraag heeft die de andere casuïstiek verrijkt.

  • 3. Bij voorkeur treden alleen nieuwe Partijen in het eerste jaar van de Town Deal toe.

Nakoming

Partijen komen overeen dat de nakoming van de afspraken in de Town Deal Krachtige Kernen niet in rechte afdwingbaar is. Voor gemeenten geldt dat zij een inspanningsverplichting aangaan voor de onderdelen die aansluiten bij de doelstellingen van het lokale beleid.

Counterparts

De Town Deal Krachtige Kernen kan worden ondertekend door Partijen in verschillende exemplaren, die samengevoegd hetzelfde rechtsgevolg hebben alsof deze Town Deal is ondertekend door alle Partijen in één exemplaar.

Citeertitel

Deze Town Deal kan worden aangehaald als Town Deal Krachtige Kernen.

Inwerkingtreding en looptijd

Deze Town Deal treedt in werking met ingang van de dag na ondertekening op 22 april 2025 door alle Partijen en eindigt op 21 april 2027. Partijen treden uiterlijk twee maanden voor de einddatum in overleg over mogelijke voorzetting van deze Town Deal.

Periodiek overleg

Over de voortgang van de Town Deal voeren Partijen periodiek overleg, zoals beschreven in het hoofdstuk over de organisatie in Deel 2: ambities en afspraken.

Openbaarmaking

  • 1. Deze Town Deal zal openbaar worden gemaakt door publicatie in de Staatscourant, waardoor anderen kennis kunnen nemen van de Town Deal.

  • 2. BZK rapporteert over programma Agenda Stad, alsmede de hieruit voortvloeiende City en Town Deals naar de Tweede Kamer van de Staten-Generaal.


X Noot
1

Kijk voor definities van begrippen als ongenoegen en onrust naar het Begrippenkader ‘Ongenoegen en Onrust, een manier van kijken’ op www.maatschappelijkeonrust.nl. Hier zijn risico’s én de kansen van deze fenomenen op een rij gezet.

X Noot
2

Koetsenruijter, C. Het Agressieparadijs, 2021

X Noot
3

Avans Hogeschool voor de Wethoudersvereninging, Wethouder tussen rijk, regio, en samenleving: Bestuurlijk vakmanschap in situaties van maatschappelijke onrust, 2025.

X Noot
4

Van den Bos, K.,Elkaar eerlijk behandelen: Wantrouwen, polarisatie en complotdenken voor zijn, 2023.

X Noot
5

C. van den Berg en A. Kok, Regionaal maatschappelijk onbehagen: Naar een rechtsstatelijk antwoord op perifeer ressentiment, 2022.

X Noot
6

Deze definities zijn gebaseerd op: Anders Kijken: het Begrippenkader Maatschappelijke Onrust en Ongenoegen (www.maatschappelijkeonrust.nl)

Naar boven