Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid | Staatscourant 2025, 43086 | algemeen verbindend voorschrift (ministeriële regeling) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid | Staatscourant 2025, 43086 | algemeen verbindend voorschrift (ministeriële regeling) |
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
Gelet op de artikelen 3, eerste lid, en 5, van de Kaderwet SZW-subsidies;
Besluit:
De Subsidieregeling IPS-trajecten voor de gemeentelijke doelgroep wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel 1, in de begripsbepaling ‘klant’ wordt na ‘artikelen 7, derde lid, ‘ ingevoegd ‘7a, eerste lid, onderdeel a, en derde lid,’ en vervalt ‘10f,’.
B
In artikel 3, eerste lid, wordt ‘20 november 2024’ vervangen door ‘20 november 2025’.
C
Artikel 4 wordt als volgt gewijzigd.
1. Aan het eerste lid wordt, onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel c door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:
d. voor aanvragen gedaan in het jaar 2026 10,1 miljoen euro. De bijbehorende uitgaven zijn verdeeld over drie jaren: 5,4 miljoen euro in 2026, 2,9 miljoen euro in 2027 en 1,8 miljoen euro in 2028.
2. In het tweede lid, onderdeel b, wordt ‘in het jaar 2025’ vervangen door ‘in de jaren 2025 en 2026’.
D
In artikel 10, eerste lid, wordt ‘2025’ telkens vervangen door ‘2026’.
E
In de artikelen 22, derde lid, 23, derde lid, en 24, tweede lid, wordt ‘zes jaar’ vervangen door ‘zeven jaar’.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.N.J. Nobel
Met deze regeling wordt de Subsidieregeling IPS-trajecten voor de gemeentelijke doelgroep (hierna: de subsidieregeling), gewijzigd.
Op grond van de subsidieregeling wordt subsidie verleend aan GGZ-instellingen voor de uitvoering van een Individuele Plaatsing en Steun traject (IPS). De betaling van de subsidiegelden verloopt via het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV).
Er zijn twee soorten IPS-trajecten. Eén voor mensen met een ernstige psychische aandoening (EPA) en één voor mensen met een vaker voorkomende, mildere psychische aandoening (zgn. ‘common mental disorders’ – CMD). Het eerste traject heeft een duur van ten hoogste drie jaar, het tweede traject van ten hoogste twee jaar.
Deze wijzigingsregeling bevat een verhoging van het totale subsidiebudget en een daarmee gepaard gaande wijziging van de subsidieaanvraagperiode (openstelling in 2026). Daarnaast is de duur van de regeling met een jaar verlengd, en als gevolg daarvan eveneens de periode dat UWV, en de colleges van burgemeester en wethouders, dienen mee te werken aan een onderzoek in het kader van het beoordelen van de rechtmatigheid van de subsidie, of de ontwikkeling van beleid van de Minister.
Tot slot is de definitie van klant gewijzigd als gevolg van een wijziging van artikelen in de Participatiewet1 naar welke de definitie verwees. Deze wijziging heeft een beperkte uitbreiding van de definitie klant tot gevolg. Hieronder worden de wijzigingen in de volgorde van de regeling toegelicht.
Wijziging definitie klant (artikel 1, begripsbepaling klant)
De definitie klant in onderliggende regeling verwijst naar de Participatiewet. Deze wet is, in verband met de Wet van school naar duurzaam werk, met ingang van 1 januari 2026 gewijzigd op onderdelen die van belang zijn voor de definitie klant in deze regeling. De wijziging van de definitie klant als gevolg daarvan betekent een beperkte uitbreiding van deze definitie. De uitbreiding ziet erop dat personen onder 27 jaar die uit ’s Rijks kas onderwijs kunnen volgen maar waarbij dit niet mogelijk of niet passend is, onder de definitie klant komen te vallen.
De definitie van klant in deze regeling verwijst naar artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Participatiewet, in samenhang met diverse artikelen, artikelleden of onderdelen van de Participatiewet. Artikel 7, eerste lid, onderdeel a, omschrijft de doelgroep in algemene zin, waarbij de overige onderdelen deze doelgroep inperken dan wel uitbreiden.
Personen onder 27 jaar die uit ’s Rijks kas bekostigd onderwijs kunnen volgen
Voorafgaand aan de wijziging van artikel 7, derde lid, onderdeel a, van de Participatiewet, bepaalde dat onderdeel in samenhang met de aanhef van artikel 7, derde lid, van de Participatiewet, dat personen onder 27 jaar die uit ‘s Rijks kas bekostigd onderwijs kunnen volgen, niet onder artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Participatiewet vielen. Deze personen vielen daarmee niet onder de definitie van klant in onderliggende regeling.
Het huidige artikel 7, derde lid, onderdeel a, van de Participatiewet, bepaalt echter dat alle personen onder 27 jaar niet onder artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Participatiewet vallen. Vervolgens bepaalt artikel 7a, eerste lid, onderdeel a, (waarmee de definitie van klant is uitgebreid), dat het college personen jonger dan 27 jaar ondersteuning kan bieden indien het college van oordeel is dat volgen van uit ’s Rijks kas bekostigd onderwijs voor die persoon niet mogelijk of niet passend is. Dit betekent dat de mogelijkheid voor het college om te ondersteunen bij arbeidsinschakeling is uitgebreid naar jongeren waarvoor wel uit ’s Rijks kas bekostigd onderwijs beschikbaar is, maar dit niet mogelijk of niet passend is. Omdat de definitie van klant in deze regeling verwijst naar artikelen in de Participatiewet, wordt de definitie van klant daarmee eveneens uitgebreid.
Deze wijziging betekent dus dat in het vervolg ook personen onder 27 jaar waarvoor uit ’s Rijks kas bekostigd onderwijs beschikbaar is, maar dit niet mogelijk of niet passend is, onder het begrip klant van onderliggende regeling vallen.
Ondersteuning bij leer-werktrajecten
Voorafgaand aan de wijziging van de Participatiewet bepaalde artikel 10f van die wet dat het college personen onder 27 jaar bij wie naar het oordeel van het college een leer-werktraject is geboden ondersteuning kon bieden, voor zover nodig voor het volgen van dit traject. Dit artikel, waarnaar werd verwezen voor de definitie klant in onderliggende regeling, is geschrapt. Daarvoor in de plaats staat in het huidige artikel 7a, derde lid, van de Participatiewet dat ondersteuning van een persoon die niet beschikt over een startkwalificatie plaatsvindt in de vorm van een leer-werktraject of, indien dat gelet op de omstandigheden van de persoon passender is, op andere wijze. Omdat de definitie van klant in de onderliggende regeling verwijst naar artikelen in de Participatiewet, geldt ook hier dat de definitie van klant de Participatiewet volgt. Voor zowel personen onder de 27 jaar die een leer-werk traject volgen, als voor personen waarvoor een andere vorm dan een leer-werktraject passend is, blijft IPS-begeleiding dus mogelijk.
Wijziging aanvangsdatum IPS-traject (artikel 3, eerste lid)
Aangezien het meest recente aanvraagtijdvak in de subsidieregeling als gevolg van deze wijziging aanvangt op 1 januari 2026, en het voorgaande aanvraagtijdvak is gesloten op 19 november 2025, 17.00 uur, bestond er tussen 20 november 2025 en 1 januari 2026 geen mogelijkheid om subsidie aan te vragen. Daarom is, evenals voorheen, de mogelijkheid gecreëerd om met terugwerkende kracht subsidie aan te vragen, zij het uitsluitend voor IPS-trajecten die op of na 20 november 2025 van start zijn gegaan.
Wijziging budget en verhoging subsidiebedrag per individueel IPS-traject (artikel 4)
Het budget van de subsidieregeling is middels deze wijziging verhoogd met een bedrag van € 10,1 miljoen. Aangezien de IPS-trajecten waarvoor subsidie wordt verleend een periode van twee of drie jaar beslaan, is het bedrag van de verhoging van de subsidie verdeeld over de jaren 2026 (€ 5,4 miljoen euro), 2027 (€ 2,9 miljoen) en 2028 (€ 1,8 miljoen). De verhoging van het subsidiebudget is bestemd voor IPS-trajecten die op of na 20 november 2025 van start zijn gegaan. De subsidieregeling bevat immers reeds budgetten voor IPS-trajecten die daaraan voorafgaand van start zijn gegaan.
Aanvraagperiode 2025 (artikel 10, eerste lid)
De aanvraagperiode voor subsidie voor een IPS-traject is vastgesteld op 1 januari 2026, 9:00 uur, tot en met 19 november 2026, 17:00 uur.
Wijziging duur verplichting UWV meewerken onderzoek (artikel 22, derde lid)
Aangezien de subsidieregeling met een jaar wordt verlengd, wordt eveneens de verplichting die UWV heeft onder artikel 22, derde lid, om mee te werken aan een door of namens de Minister ingesteld onderzoek, met een jaar verlengd. Dit onderzoek is erop gericht om de Minister inlichtingen te verschaffen die van belang zijn voor het beoordelen van de rechtmatigheid van de verstrekking van de subsidiegelden.
Wijziging duur verplichting college van burgemeester en wethouders meewerken onderzoek (artikel 23, derde lid)
Aangezien de subsidieregeling met een jaar wordt verlengd, wordt eveneens de verplichting die de colleges van burgemeester en wethouders hebben onder artikel 22, derde lid, om mee te werken aan een door of namens de Minister ingesteld onderzoek, met een jaar verlengd. Dit onderzoek is erop gericht om de Minister inlichtingen te verschaffen die van belang zijn voor het beoordelen van de rechtmatigheid van de verstrekking van de subsidiegelden.
Uitkomst van toetsen op de uitvoering
UWV heeft de wijzigingsregeling getoetst op uitvoerbaarheid en acht de verlenging uitvoerbaar onder voorwaarden, waaraan binnen de bestaande kaders kan worden voldaan.2 Het Ministerie van SZW accepteert, als verwerkingsverantwoordelijke, tijdelijk een beperkte onrechtmatigheid in de gegevensverwerking. UWV herstelt dit in haar uitvoering in 2026. SZW en UWV ronden in het eerste kwartaal van 2026 een verwerkersovereenkomst af. En de uitvoeringskosten die UWV in verband met de verlenging van de regeling moet maken, worden door het Ministerie van SZW vergoed. UWV stelt in haar uitvoeringstoets een alternatieve budgetverdeling voor. Om begrotingstechnische redenen wordt dit voorstel niet overgenomen. Het Ministerie van SZW heeft UWV toegezegd zich in 2026 inhoudelijk te zullen buigen over het voorstel voor alternatieve budgetverdeling.
De Vereniging van Nederlandse Gemeenten en De Nederlandse GGZ hebben schriftelijk bevestigd dat de verlenging voor gemeenten en GGZ-instellingen uitvoerbaar is.
Inwerkingtreding
Deze regeling treedt op 1 januari 2026 in werking. Er is afgeweken van de minimuminvoeringstermijn van twee maanden, opdat het subsidiebudget voor IPS-trajecten zo spoedig mogelijk beschikbaar is.
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.N.J. Nobel
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2025-43086.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.