Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 4 december 2025, kenmerk 4276198-1091125-WJZ, tot wijziging van de Mandaatregeling VWS in verband met de openbaarmaking van besluiten betreffende de verlenging van bevelen van de IGJ

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Gelet op artikel 10:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht;

Besluit:

ARTIKEL I

Artikel 15b van de Mandaatregeling VWS wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt na ‘het Besluit openbaarmaking toezicht- en uitvoeringsgegevens Gezondheidswet en Jeugdwet,’ ingevoegd ‘met uitzondering van de besluiten, bedoeld in het tweede lid,’.

2. Onder vernummering van het tweede lid tot derde lid wordt een lid ingevoegd, luidende:

  • 2. De directeuren van het kernministerie hebben mandaat tot het nemen van besluiten tot openbaarmaking als bedoeld in onderdeel II, onder 5, subonderdeel a, van de bijlage bij het Besluit openbaarmaking toezicht- en uitvoeringsgegevens Gezondheidswet en Jeugdwet, voor zover de openbaarmaking informatie als bedoeld in onderdeel II, onder 3.1, onderdeel c, subonderdeel i, van die bijlage betreft.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, J.A. Bruijn

TOELICHTING

Deze wijziging van de Mandaatregeling VWS regelt dat de directeuren van het kernministerie namens de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport mandaat hebben om besluiten te nemen over de openbaarmaking van de verlenging van bevelen die op grond van artikel 27, vierde lid, Wet kwaliteit klachten en geschillen zorg (hierna: Wkkgz) door de Minister zijn opgelegd. Het ligt voor de hand dat de directeur van het kernministerie wiens werkterrein het betreft, het besluit tekent. Een besluit over de openbaarmaking betreft zowel het voorgenomen besluit tot openbaarmaking als het daadwerkelijke openbaarmakingsbesluit. De feitelijke openbaarmaking van het besluit vindt plaats door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (hierna: IGJ).

Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat de bevoegdheid om besluiten te nemen over de openbaarmaking van bevelen die op grond van artikel 27, vierde lid, Wkkgz zijn opgelegd door een inspecteur van de IGJ, bij de IGJ ligt op basis van onderdeel II, onder 5, subonderdeel b, van de bijlage van het Besluit openbaarmaking toezicht- en uitvoeringsgegevens Gezondheidswet en Jeugdwet. Daarnaast heeft de IGJ mandaat om besluiten te nemen over de openbaarmaking van aanwijzingen. Deze bevoegdheid is reeds gemandateerd aan de IGJ in het eerste lid van artikel 15b van de Mandaatregeling VWS.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, J.A. Bruijn

Naar boven