Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid | Staatscourant 2025, 35699 | ander besluit van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid | Staatscourant 2025, 35699 | ander besluit van algemene strekking |
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
maakt bekend dat de gewijzigde registratieschema’s voor machinisten van torenkranen, mobiele kranen en funderingsmachines, bedoeld in artikel 7.7 van de Arbeidsomstandighedenregeling op 28 februari 2025 zijn vastgesteld.
Het betreft zeven registratieschema’s, te weten de registratieschema’s voor de:
|
Machinist mobiele kraan |
W4-01, opgenomen in bijlage 1 bij deze bekendmaking |
|
Machinist kleine funderingsmachine |
W4-02, opgenomen in bijlage 2 bij deze bekendmaking |
|
Machinist grote funderingsmachine |
W4-03, opgenomen in bijlage 3 bij deze bekendmaking |
|
Machinist autolaadkraan |
W4-04, opgenomen in bijlage 4 bij deze bekendmaking |
|
Machinist grondverzetmachine |
W4-05, opgenomen in bijlage 5 bij deze bekendmaking |
|
Machinist torenkraan (vast en mobiel) |
W4-06, opgenomen in bijlage 6 bij deze bekendmaking |
|
Machinist verreiker |
W4-07, opgenomen in bijlage 7 bij deze bekendmaking |
De registratieschema’s met de daarbij behorende toelichting zijn als bijlage opgenomen bij deze bekendmaking.
Deze bekendmaking zal met de daarbij behorende bijlagen en de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.N.J. Nobel
Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 28 februari 2025.
Dit registratieschema bevat de eisen op het gebied van veilig hijsen waaraan een te registreren machinist dient te voldoen om te worden geregistreerd in het Register Kraanmachinisten als machinist mobiele kraan alsmede de eisen aan het proces van persoonsregistratie.
De te registreren machinist voert hijswerkzaamheden uit met een mobiele kraan, dat wil zeggen een mobiele kraan geschikt voor het hijsen van vrijhangende lasten, met tenminste een bedrijfslastmoment van 10 tonmeter. Hijswerkzaamheden bestaan onder meer uit het verplaatsen van vrijhangende lading/lasten.
Daar waar in dit schema wordt gesproken over de Registratie Instelling wordt gedoeld op de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie (hierna: TCVT RA). In verband met het beheer van het Register Kraanmachinisten heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan TCVT RA mandaat, volmacht en machtiging verleend en TCVT RA aangewezen als verwerker in de zin van artikel 28 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Daarnaast heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid met TCVT RA een verwerkersovereenkomst, alsmede een algemene overeenkomst met algemene afspraken over het beheer van het Register Kraanmachinisten afgesloten.
|
Begrip |
Betekenis |
|---|---|
|
Aanvrager |
De persoon die een aanvraag doet voor het afgeven van een registratie machinist mobiele kraan. |
|
Beoordelingsprotocol |
Het beoordelingsprotocol RA 412 zoals opgesteld door de Registratie Instelling met bepalingen voor de beoordeling van de praktijk examen-opdrachten. |
|
Certificaat examinering |
Certificaat afgegeven door TCVT aan de persoon die voldoet aan de eisen gesteld aan de examinator zoals gesteld in VT 421 opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling. |
|
Cesuur |
De grens tussen de hoogste toets score waaraan een onvoldoende en de laagste toets score waaraan een voldoende wordt toegekend. |
|
Dispensatieprotocol |
Het protocol RA 414 zoals opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op haar website dat voor bijzondere gevallen de mogelijkheden beschrijft voor de persoon die geregistreerd is geweest te worden geherregistreerd zonder het examen te hoeven af te leggen. |
|
Eindtermen |
De omschrijving van de minimaal vereiste kennis, vaardigheden en houdingen (gedrag) op een specifiek competentiegebied zoals beschreven in bijlage 1.1, ten behoeve van het toetsen van examenkandidaten. |
|
Entreecriteria |
Voorwaarden waaraan moet zijn voldaan om te kunnen deelnemen aan een examen. |
|
Erkende trainer |
Een persoon die volgens de eisen uit RA 413, opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling, is erkend voor het verzorgen van bijscholing. |
|
Examen |
Het geheel van toets opgaven (toets-vragen en/of toets-opdrachten), bedoeld om de individuele kandidaat te kunnen beoordelen naar de mate waarin hij of zij aan de eindtermen conform de normen voldoet. |
|
Examencommissie |
De commissie, ingesteld door de Registratie Instelling, die verantwoordelijk is voor de examendocumenten en het beheer van de itembank. |
|
Examen Instelling |
Instelling belast met de examinering conform de eisen uit het onderhavige schema. |
|
Examenprotocol |
Het examenprotocol RA 410 zoals opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling met bepalingen voor de uitvoering van examens. |
|
Examinator |
Persoon die beschikt over een geldig certificaat examinering. |
|
Examinatoreninstructie |
De examinatoreninstructie RA 411 zoals vastgesteld door de Registratie Instelling en beschikbaar voor examinatoren die examineren ten behoeve van de Registratie Instelling met bepalingen voor de uniforme uitvoering van examens door examinatoren. |
|
Herregistratie |
Hernieuwde registratie in het Register nadat getoetst is dat de beroepsbeoefenaar voldoet aan de eisen voor herregistratie. |
|
Kandidaat |
Persoon die een examen wordt afgenomen. |
|
KO-opdracht |
Examen-opdracht waarbij een onvoldoende beoordeling tot gevolg heeft dat de kandidaat niet met een positief advies wordt voorgedragen voor registratie. Het examen wordt bij een KO-beoordeling wel voortgezet. (KO staat voor Knock Out.) |
|
Lading |
De last c.q. lasten en/of het object c.q. objecten die op welke wijze dan ook veilig moet(en) worden getransporteerd en/of gehesen en/of opgeslagen en/of overgeslagen en/of geborgen. |
|
Machinist |
Machinist die een mobiele kraan, zoals bedoeld in artikel 7.6, eerste lid onder b, van de Arbeidsomstandighedenregeling, bedient. |
|
Mobiele kraan |
Conform artikel 7.6, eerste lid onder b, van de Arbeidsomstandighedenregeling: een verrijdbare, niet aan een vaste baan gebonden hijskraan die geen torenkraan is en waarvan het maximumbedrijfslastmoment 10 ton-meter of meer bedraagt, met uitzondering van: 1º. een op een voertuig bevestigde laadkraan die uitsluitend ingericht is of althans uitsluitend wordt gebruikt voor het laden en lossen van de laadbak van het voertuig of een samenstel van voertuigen; 2º. een grondverzetmachine die ontgravingen maakt en direct daarop aansluitend leidingwerk in die ontgravingen legt of ten behoeve van het uitvoeren van grondverzetwerkzaamheden ondersteuningsschotten plaatst. |
|
Registratie |
Registratie in de zin van artikel 7.32, eerste lid van het Arbeidsomstandighedenbesluit als machinist mobiele kraan in het Register Kraanmachinisten. |
|
Registratiehouder |
Persoon die in het bezit is van een geldige registratie. |
|
Registratie Instelling |
Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie. |
|
Register |
Het Register Kraanmachinisten met de namen van de personen die voldoen aan de eisen tot (her)registratie. |
|
Reparatie |
Reparaties en wijzigingen die aan de mobiele kraan worden verricht, niet zijnde een ingrijpende wijziging die leidt tot het ontstaan van een nieuwe mobiele kraan met de daarbij behorende overeenstemmingsprocedure. |
|
Schema |
De set van eisen zoals beschreven in onderhavig document voor het verlenen van een registratie. |
|
Toets term |
Een met een minimumprestatie en voorwaarden verbijzonderde eindterm. |
|
Trainer |
Door de Registratie Instelling erkende trainer die de bijscholing mag verzorgen op basis van het document RA 413. Het document RA 413 en de namen van de erkende trainers staan vermeld op de website van de Registratie Instelling. |
|
Verklaring van registratie |
Bewijs dat een persoon is geregistreerd. |
|
Werkbak |
Bak zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel a van het Arbeidsomstandighedenbesluit. |
|
Werkplatform |
Platform zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel b van het Arbeidsomstandighedenbesluit. |
De kandidaat machinist dient bij een namens de Registratie Instelling aangewezen Examen Instelling, in overeenstemming met dit schema, een aanvraag in voor de examinering als machinist van een mobiele kraan.
Examens worden afgenomen door de Examen Instelling die daarvoor door de Registratie Instelling is aangewezen. De examinering door de Examen Instelling vindt plaats volgens de eisen in dit schema, de overige door de Registratie Instelling gestelde eisen en het Examenreglement. Voor deelname aan het examen gelden entreecriteria (zie paragraaf 5).
Wanneer de kandidaat is geslaagd voor het examen dient hij of zij een aanvraag in tot registratie in het Register bij de Registratie Instelling.
Indien de Registratie Instelling vaststelt dat de aanvrager een of meer van de bij de indiening van de aanvraag verlangde gegevens niet heeft verstrekt, stelt zij deze in de gelegenheid het ontbrekende gegeven of de ontbrekende gegevens alsnog binnen twee weken te verstrekken. Wordt het gegeven of worden de gegevens niet binnen die twee weken verstrekt, dan wordt het verzoek buiten behandeling gelaten.
De Registratie Instelling besluit tot registratie van de betreffende persoon indien deze voldoet aan de registratie-eisen, de kosten voor het examen en registratie heeft betaald en niet heeft gemalverseerd tijdens het examen of met zijn of haar persoonsgegevens.
De machinist die een herregistratie wenst in het Register Kraanmachinisten stuurt een aanvraag daartoe aan de Registratie Instelling en voegt daarbij informatie over scholing en praktijkervaring en eventueel met goed gevolg afgelegde vervangende examens (zie de eisen in artikel 7.2.2).
De examinering geschiedt onder de directe verantwoordelijkheid van de Registratie Instelling.
De Registratie Instelling heeft een examenprotocol en draagt er zorg voor dat de Examen Instelling werkt volgens dat examenprotocol. Het examenprotocol bevat alle eisen die in dit schema zijn opgenomen en betrekking hebben op het examen of een uitwerking daarvan.
In het examenprotocol zijn in ieder geval de volgende zaken opgenomen:
a. entreecriteria voor deelname aan het examen (zie ook paragraaf 5);
b. wijze van identificatie van de kandidaat bij het examen;
c. examenduur en wijze van examinering van zowel het theorie als praktijkdeel;
d. gedragsregels voor examenkandidaten;
e. regeling alternatieve examinering;
f. normering voor slagen en afwijzen;
g. bekendmaking van de examenuitslag aan de aanvrager;
h. bewaartermijn van de examendocumenten of digitale scans daarvan, zoals uitwerkingen en beoordelingsformulieren;
i. het recht van de examenkandidaat tot inzicht in zijn of haar beoordeling; en
j. geldigheidsduur van positieve resultaten van het theorie- dan wel het praktijkexamen.
Personen die zijn belast met de examinering voldoen aan de algemene, vakinhoudelijke en onafhankelijkheidseisen zoals bepaald door de Registratie Instelling alsmede aan de eisen zoals gesteld in het examenprotocol.
Alleen personen die in het bezit zijn van een geldig certificaat examinering zijn belast met de examinering. Zij zijn gehouden om de examinatoreninstructie en het beoordelingsprotocol te volgen.
Als examenpersoneel een potentieel belangenconflict heeft bij het examineren van een kandidaat, neemt de Registratie Instelling maatregelen om te garanderen dat de betrouwbaarheid en onpartijdigheid van het examen niet in diskrediet worden gebracht en ziet erop toe dat de Examen Instelling deze maatrgelen uitvoert en naleeft. Deze maatregelen worden vastgelegd.
Het voorgaande geldt tevens als examenpersoneel willens en wetens de voorgaande eisen niet naleeft. In dat geval wordt het examen ongeldig verklaard.
Medewerkers van de Registratie Instelling en een de door de Registratie Instelling ingeschakelde Examen Instelling zorgen voor de absolute geheimhouding van de examenopgaven. Implementatie en verificatie hiervan geschiedt door de Registratie Instelling.
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling en in de Nederlandse taal afgenomen.
Het praktijkexamen wordt in de Nederlandse taal afgenomen.
Indien de kandidaat het Nederlands onvoldoende beheerst, kunnen het theorie-examen en het praktijkexamen in de Duitse, Engelse of Franse taal worden afgenomen.
Het (mondeling) examen wordt afgenomen overeenkomstig de eisen uit het examenprotocol. Hiermee is er borging inzake de kwaliteit. Voor de overige eisen aan de uitvoering van het examen wordt eveneens verwezen naar het examenprotocol.
Voor deelname aan het examen geldt dat de kandidaat moet voldoen aan de volgende entreecriteria:
a. de kandidaat heeft minimaal de leeftijd van 18 jaar;
b. de kandidaat kan tijdens het examen mondeling communiceren in de taal waarin het examen wordt afgenomen; en
c. de kandidaat verkeert in een zodanige lichamelijk en geestelijke toestand, dat hij in staat is de mobiele kraan zonder gevaren te bedienen; en
d. de kandidaat is in de periode van drie maanden voorafgaand aan de indiending van de aanvraag tot examinering niet bestraft geweest voor het bedienen van een mobiele kraan zonder te beschikken over een geldige registratie hiertoe.
Er geldt geen specifieke vooropleidingseis.
Het examen bestaat uit een theorie-examen en een praktijkexamen.
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling afgenomen en bestaat uit 50 meerkeuzevragen, gebaseerd op de toets termen zoals omschreven in bijlage 1.1.
De meerkeuzevragen van het theorie-examen worden uitsluitend verstrekt vanuit de itembank van de Registratie Instelling.
De maximale tijd om het theorie-examen af te leggen bedraagt 90 minuten. Voor de overige eisen aan de uitvoering van het examen wordt verwezen naar het examenprotocol.
Het praktijkexamen wordt in een praktijk gesimuleerde omgeving afgenomen en is gebaseerd op de toets termen zoals omschreven in bijlage 1.1 en bestaat uit de volgende onderdelen:
a. kennismaken en doornemen opdracht;
b. aanvangscontrole van de mobiele kraan en de daarbij behorende documenten;
c. onderhoud en werking van de mobiele kraan;
d. controle en gebruik van hijs- en hefgereedschap;
e. opstellen en gebruiksklaar maken van de mobiele kraan;
f. hijsopdracht 1 (KO-opdracht);
g. assisteren last verplaatsen (KO-opdracht);
h. hijsopdracht 2 (KO-opdracht);
i. hijsopdracht 3 (KO-opdracht);
j. beheersen van de mobiele kraan; en
k. mobiele kraan achterlaten; en
l. veiligheid (KO-onderdeel).
De examenopdrachten voor het praktijkexamen worden uitsluitend verstrekt vanuit de itembank van de Registratie Instelling.
De examenopdrachten moeten binnen 240 minuten worden uitgevoerd.
Het beheer van de itembank geschiedt, onder strikte geheimhouding, door de examencommissie. De examencommissie verstrekt, ten behoeve van de examinering, de meerkeuzevragen van het theorie-examen en de examenopdrachten voor het praktijkexamen.
Waardering examenresultaten
Het resultaat van zowel het theorie- als het praktijkexamen wordt tot uiting gebracht in ofwel “voldoende” ofwel “onvoldoende”.
Cesuur theorie-examen
De maximale waardering voor de meerkeuzevragen bij een volledig theorie-examen is 500 punten.
Een kandidaat heeft een voldoende voor het theorie-examen indien hij of zij 350 punten of meer heeft behaald (70%). Daarnaast moet van elke groep vragen over één eindterm minimaal 70% goed worden gescoord.
Cesuur praktijkexamen
Elk onderdeel van het praktijkexamen wordt beoordeeld aan de hand van het beoordelingsprotocol. Aan de verschillende handelingen zijn beoordelingscriteria gekoppeld met een daaraan verbonden puntenwaardering.
Voor alle onderdelen van het praktijkexamen moet een voldoende worden gehaald. Om een voldoende te halen voor een onderdeel moet minimaal 70% van de maximaal te behalen punten worden gescoord én mag de kandidaat geen KO (knock out) hebben.
Een kandidaat die een voldoende resultaat heeft gehaald voor ofwel het theorie-examen ofwel het praktijkexamen, kan indien hij of zij een onvoldoende heeft behaald voor het andere examendeel, ongelimiteerd herexamen doen voor het als onvoldoende gekwalificeerde examendeel.
Wanneer niet binnen zes maanden na het behalen van een voldoende voor het éne examendeel een voldoende voor het andere examendeel is behaald, moet opnieuw een volledig examen (zowel theorie als praktijk) worden afgelegd.
Er is geen maximum verbonden aan het aantal gecombineerde theorie- en praktijkexamens dat een kandidaat kan afleggen.
Binnen drie weken nadat een kandidaat een voldoende resultaat heeft behaald voor zowel het theorie-examen als het praktijkexamen registreert de Registratie Instelling deze persoon in het Register, tenzij deze persoon in gebreke blijft met de betaling van de kosten of heeft gemalverseerd met zijn of haar persoonsgegevens en/of tijdens het examen.
De geregistreerde persoon ontvangt vervolgens binnen een week na opname in het register een verklaring van registratie.
Een aanvraag tot herregistratie wordt schriftelijk (digitaal of hardcopy) ingediend bij de Registratie Instelling. De beoordeling van een aanvraag tot herregistratie geschiedt door de Registratie Instelling aan de hand van gegevens over gevolgde bijscholing en opgetekende praktijkervaring en/of afgelegde examens.
De gevolgde bijscholing en de opgetekende praktijkervaring wordt bijgehouden in het Register. De administratie hiervan moet minimaal vijf jaar beschikbaar blijven.
Om als registratiehouder voor herregistratie in aanmerking te komen, moet worden aangetoond dat in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie door de registratiehouder aan de volgende voorwaarden is voldaan:
1. Bijscholing:
Twee volledige bijscholingsdagen (of 4 dagdelen) zijn gevolgd bij een door de Registratie Instelling erkende trainer, waarvan
a. één bijscholingsdag (of 2 dagdelen) is gevolgd in de eerste 36 maanden van de periode van vijf jaar, en
b. de tweede bijscholingsdag (of 2 dagdelen) is gevolgd na de 36ste maand van de periode van vijf jaar.
Tijdens de bijscholingsdagen komen alle eindtermen en actuele ontwikkelingen op het gebied van het onderwerp van dit schema aan de orde.
De bijscholing (4 modules, 1 module per dagdeel) wordt als volgt onderverdeeld:
Module A+B onderdeel hijs begeleiden en aanslaan van lasten;
Module C+D onderdeel hijsen en onderdeel gedrag en actualiteit;
Module E+F onderdeel hijs begeleiden en aanslaan van lasten, gedrag en actualiteit
De registratiehouder moet twee van de drie modules volgen om voor herregistratie in aanmerking te komen.
Van de gevolgde bijscholing ontvangt de deelnemer een bewijs van deelname van de door de Registratie Instelling erkende trainer. De deelname wordt aangetekend in het Register.
Indien de aanvrager van herregistratie niet kan aantonen over voldoende gevolgde bijscholing te beschikken in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie, dan kan hij of zij via een theorie-examen aantonen nog steeds over voldoende kennis te beschikken. Dit theorie-examen wordt afgenomen conform de eisen zoals daarvoor vastgelegd in artikel 6.1.
2. Praktijkervaring:
In de periode van vijf jaar dat de registratie geldig is, moet de registratiehouder tenminste acht kwartalen hebben gewerkt in de functie die op de registratie is vermeld en van deze acht kwartalen moeten tenminste twee kwartalen vallen in de laatste drie jaar van de periode van vijf jaar.
Of een persoon voldoende praktijkervaring heeft blijkt uit de aantekening daarvan door de door de Registratie Instelling geautoriseerde werk- en/of opdrachtgever in het Register, die tenminste elke drie maanden de ingevoerde gegevens op waarheid toetst.
Indien de aanvrager van herregistratie niet kan aantonen over voldoende praktijkervaring te beschikken in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie, dan kan hij of zij via een praktijkexamen aantonen nog steeds over voldoende praktische competenties te beschikken.
Dit praktijkexamen wordt afgenomen conform de eisen zoals daarvoor vastgelegd in artikel 6.1.
Na ontvangst van een aanvraag voor herregistratie controleert de Registratie Instelling de gegevens van de aanvrager in het register met betrekking tot de gevolgde bijscholing, de opgetekende praktijkervaring en/of afgelegde examens. Indien wordt voldaan aan de in artikel 7.2.2 gestelde eisen bericht de Registratie Instelling de aanvrager binnen twee kalenderweken over het resultaat.
De aanvrager ontvangt vervolgens binnen een week na opname in het register een verklaring van registratie.
De ingangsdatum van de herregistratie wordt aldus vastgesteld:
a. Indien de positieve herregistratiebeslissing valt binnen drie maanden voor de einddatum van de voorgaande registratie, dan is die vervaldatum tevens de ingangsdatum van de hernieuwde registratie.
b. Indien de positieve herregistratiebeslissing valt voor de drie maanden voorafgaand aan de einddatum van de voorgaande registratie, dan is de datum van de herregistratiebeslissing de ingangsdatum van de hernieuwde registratie.
Wanneer de registratie van de machinist is verlopen zonder tijdige herregistratie en de persoon alsnog in het bezit wil komen van een registratie, is dit mogelijk door het met goed gevolg afleggen van een examen zoals vastgelegd in paragraaf 6.
In uitzonderlijke gevallen is dispensatie mogelijk. Hiertoe moet er een dispensatie-verzoek bij de Registratie Instelling worden ingediend conform het dispensatieprotocol. Dit verzoek wordt vervolgens voorgelegd aan de examencommissie die hieromtrent een advies opstelt. Dit advies wordt vervolgens voorgelegd aan de Raad van Toezicht van de Registratie Instelling, die een besluit neemt over de (her)registratie.
De geregistreerde beantwoordt verzoeken van de registratie-instelling om informatie die zij nodig acht om te kunnen vaststellen of er een noodzaak tot het treffen van maatregelen aanwezig is.
De Registratie Instelling verwijdert de registratie van een persoon uit het Register Kraanmachinisten indien de geregistreerde met zijn of haar werkzaamheden, voor zover die door de registratie worden gereguleerd, of door de wijze waarop hij of zij de werkzaamheden verricht ernstig gevaar veroorzaakt of kan veroorzaken voor personen.
De Registratie Instelling kan de registratie van een persoon uit het Register Kraanmachinisten tijdelijk verwijderen indien de geregistreerde met zijn of haar werkzaamheden, voor zover die door de registratie worden gereguleerd, of door de wijze waarop hij of zij de werkzaamheden verricht gevaar veroorzaakt of kan veroorzaken voor personen.
De verwijdering geschiedt op grond van door de Inspectie aangeleverde informatie die de conclusie onderbouwen dat sprake is of is geweest van gevaar dan wel ernstig gevaar.
Indien de Registratie Instelling ten behoeve van haar besluitvorming over het al dan niet verwijderen van een registratie van een persoon nadere informatie nodig heeft kan zij de registratie van deze persoon lopende het onderzoek voor een periode van maximaal drie maanden schorsen.
De (her)registratie wordt vastgelegd middels een verklaring van registratie.
De verklaring van (her)registratie wordt door de Registratie Instelling afgegeven aan de geregistreerde in de taal van het examen als wordt voldaan aan de eisen uit artikel 6.1.
Op het document van de verklaring van registratie wordt verklaard dat de betreffende persoon voldoet aan de eisen uit het onderhavige schema en indien relevant of het ging om een herregistratie.
De volgende gegevens moeten minimaal in de verklaring van (her)registratie vermeld zijn:
a. naam van de geregistreerde persoon incl. geboortedatum;
b. eenduidig documentnummer (usernummer);
c. referentie naar dit schema;
d. scope van de registratie, inclusief de geldigheidscondities; en
e. de ingangsdatum van de (her)registratie en de datum waarop de (her)registratie ophoudt geldig te zijn.
De geldigheidsduur van de (her)registratie is vijf jaar. Een registratie kan tussentijds worden verwijderd op administratieve gronden (zie artikel 1.5p, derde lid, onder a tot en met d van het Arbeidsomstandighedenbesluit) en bij wijze van maatregel (zie hierover artikel 7.2.6).
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is van toepassing op de beoordeling van beroepskwalificaties van personen afkomstig uit de lidstaten van de Europese Unie en andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Ruimte en Zwitserland ten behoeve van de registratie als machinist mobiele kraan.
De Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties is onverkort van toepassing. Daarnaast gelden artikel 1.5h van het Arbeidsomstandighedenbesluit en paragraaf 1.3 van de Arbeidsomstandighedenregeling.
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling in zowel de Nederlandse als Engels taal.
De Registratie Instelling heeft een procedure voor het indienen en behandelen van klachten over haar functioneren en publiceert deze op haar website.
Er gelden de volgende eindtermen:
1. de kandidaat heeft kennis van hijswerkzaamheden, incl. het voorbereiden daarvan;
2. de kandidaat heeft kennis van de wet- en regelgeving van hijswerkzaamheden;
3. de kandidaat kan het werk voorbereiden, incl. het gebruiken van hijsgereedschappen;
4. de kandidaat kan een mobiele kraan opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken;
5. de kandidaat weet hoe op een veilige manier hijswerkzaamheden uitgevoerd kunnen worden met een mobiele kraan; en
6. de kandidaat kan hijswerkzaamheden afronden en de mobiele kraan voor transport gereed maken.
|
Eindterm |
theorie-examen |
praktijkexamen1 |
|---|---|---|
|
1. |
8 vragen × 5 pt |
X (a en k) |
|
2. |
8 vragen × 6 pt |
|
|
3. |
20 vragen × 15 pt |
X (b, c en d) |
|
4. |
X (e) |
|
|
5. |
14 vragen × 8 pt |
X (f, g, h en i) |
|
6. |
X (j) |
Het theorie-examen bestaat uit 50 meerkeuze vragen.
Het praktijkexamen bestaat uit 3 hijsopdrachten.
Zie ook paragraaf 6.
|
Eindterm |
Beoordelingscriterium |
Specifieke kennis m.b.t: |
|---|---|---|
|
1.1 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welke pbm's nodig zijn in welke situatie |
PBM's: * veiligheidshelm * veiligheidsschoenen * veiligheidshandschoenen * gehoorbescherming * veiligheidsbril * reflecterende kleding * valgordel |
|
1.2 kennis van hijswerkzaamheden |
weet wat de stabiliteit beïnvloedt en kan deze ook berekenen. |
* ondergrond * opstelling kraan * zwaartepunt last * wind |
|
1.3 kennis van hijswerkzaamheden |
kent de relatie tussen zwaartepunt en kantellijnen en kan deze ook berekenen. |
zwaartepunt: * laag * excentrisch * hoog kantellijnen |
|
1.4 kennis van hijswerkzaamheden |
kan het zwaartepunt bepalen van de last en kan deze ook berekenen |
zwaartepunt last: * volume * soortelijke massa * totale massa van de last |
|
1.5 kennis van hijswerkzaamheden |
weet wat het effect is van vocht op de draagkracht van verschillende grondsoorten |
grondsoorten: * zand * veen * klei * leem * löss |
|
1.6 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welk hijsgereedschap geschikt is voor welke opdracht |
rekening houdend met: * capaciteit (WLL: working load limit) * toepassing en aanslaan lasten * afkeurmaatstaven * werklastfactoren * buitenhoek * stroppen, sluitingen, hijsbanden |
|
1.7 kennis van hijswerkzaamheden |
kent de invloed van de verschillende onderdelen van de machine op de stabiliteit en werking |
onderdelen: * afstempelconfiguratie * ballast * giekconfiguratie * optimale aantal inscheringen * vlucht * stand bovenwagen t.o.v. onderwagen |
|
1.8 kennis van hijswerkzaamheden |
kan de functie van de verschillende beveiligingen en signaleringen noemen |
Beveiligingen volgens gebruiksaanwijzing, zoals: * LMB (lastmomentbeveiliging) * windingenbeveiliging * hoogte-afslagbeveiliging * rijsignalering * uitstapbeveiliging (armleuning- of stoelschakelaar) * Kabeluitloop beveiliging * Slappe kabel beveiliging * Zwenkbeveiliging * Asblokkering * Stempeluithouders borging * Slang- of leidingbreuk beveiliging * Drukopnemer topcilinder * Lengtegever giek * Giekhoekmeter |
|
1.9 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welke eisen en restricties van toepassing zijn bij specifieke hijswerkzaamheden |
specifieke hijswerkzaamheden: * hijsen met meerdere kranen aan één last * hijsen met meerdere kranen in één werkgebied * hijsen van een (personen)werkbak/werkplatform * monteren van en hijsen met een jib * hijsen in omgeving van hoogspanningsmasten * hijsen over obstakel * hijsen op pontons |
|
2.1 wet- en regelgeving |
anticipeert op wisselende omstandigheden |
omstandigheden: * weersveranderingen * toestroom kijkers * instabiele last (b.v. hijsen van verpakte vloeistoffen) * verkeer * positie hijsbegeleider, machinist en derden |
|
2.2 wet- en regelgeving |
gebruikt deugdelijke beschermingsmiddelen bij de verschillende werkzaamheden (zie ook 1,1) |
PBM' * veiligheidshelm * veiligheidsschoenen * veiligheidshandschoenen * gehoorbescherming * veiligheidsbril * reflecterende kleding * in goede staat verkeren * niet voorbij uiterlijke gebruiksdatum |
|
2.3 wet- en regelgeving |
voert de werkzaamheden uit volgens de gebruiksaanwijzing van de betreffende machine |
Gebruiksaanwijzing in de taal gebruiker Tabellen van de alle LMB instellingen aanwezig |
|
2.4 wet- en regelgeving |
voert de werkzaamheden uit rekening houdend met wet- en regelgeving |
wet- en regelgeving: * milieuwetgeving * arbowetgeving * nationale regelgeving * lokale regelgeving |
|
2.5 wet- en regelgeving |
begrijpt wat de consequenties zijn van het niet juist uitvoeren van de eindtermen en toets termen en kan uitleggen waarom zijn handelen daarmee in overeenstemming is. |
|
|
3.1 voorbereiding werkzaamheden |
Kan de machine controleren op visueel zichtbare gebreken |
controle op: * banden/rupsen * eventuele lekkages (oliespoor) * breuken/scheuren in metaal * loszittende bouten * beschadigingen |
|
3.2 voorbereiding werkzaamheden |
maakt de cabine werk gereed |
Werk gereed: * stand van de spiegels aanpassen aan bestuurder * stoel aanpassen aan bestuurder * spiegels en ramen schoon en condensvrij * opruimen, en schone werkplek * zonwering (Geen losse voorwerpen) |
|
3.3 voorbereiding werkzaamheden |
Kan de werking van de verlichting controleren |
Werkverlichting * Rijverlichting * Dashbord verlichting |
|
3.4 voorbereiding werkzaamheden |
controleert het peil van diverse vloeistoffen en vult indien nodig bij |
controleren: * motorolie * koelvloeistof * hydrauliek olie * brandstof * onderdelen met automatische vetsmering indien nodig: * vloeistoffen bijvullen * smeren van draaiende onderdelen die niet zijn voorzien van automatische vetsmering |
|
3.5 voorbereiding werkzaamheden |
Selecteert het benodigde hijsgereedschap en draagt zorg dat het gereedschap bruikbaar is |
bruikbaar: – weergave van toegestane werklast op het hijsgereedschap – visuele beschadigingen of manco's – aanwezigheid CE-markering, certificaat en inspectierapport (indien van toepassing) – markeert afkeur hijsgereedschap: * ketting/handtakel * kettingwerk * topschalmen en verbindingsschalmen * sluitingen * wartels * hijssleutels en hijsankers * kogelkopsleutels * speciale hijssleutels * schroefogen/schroefbouten * schroeflussen * hijspennen * haken * samengesteld kettingwerk * kabel en strop * hijsband * stroppen * evenaar/hijsframe * uithouder * pallethaak * klemmen |
|
3.6 voorbereiding werkzaamheden |
voert de aanvangscontrole uit |
aanvangscontrole: de staat en de werking van: * kabels * blok * schijven * beveiligingen |
|
3.7 voorbereiding werkzaamheden |
controleert de voorgeschreven documenten op aanwezigheid en volledigheid |
documenten: * persoonlijke documenten – TCVT registratie machinist * machine gebonden documenten – kraanboek – TCVT keuringscertificaat van machine – opstellingskeuring * hijstabel – gebruiksaanwijzing * hijsgereedschap gebonden documenten – certificaten – gebruiksaanwijzing * last gebonden documenten – werkplan * formulier opstellingskeuring * Klikmelding |
|
3.8 voorbereiding werkzaamheden |
Kan de werkzaamheden volgens het hijsplan toepassen: * hoe de machine moet worden opgesteld om de hijsactiviteit te kunnen uitvoeren * hoe de hijsactiviteiten moeten worden uitgevoerd |
onderdelen van het hijsplan: * type machine * plaats en afmetingen van de hijslocatie(s) * plaats en afmetingen van de obstakels * afmetingen, vorm, massa en zwaartepunt van de last * soort, afmetingen, vorm en massa van het hijsgereedschap (stroppenplan) |
|
3.9 voorbereiding werkzaamheden |
interpreteert de hijstabel van de betreffende machine |
hijstabel: * Capaciteit volgens gieklengte, opstelconfiguratie en vlucht |
|
3.10 voorbereiding werkzaamheden |
neemt eventueel in samenspraak met de uitvoerder, het hijsplan door |
rekening houdend met (o.a.): * de aard van de te hijsen materialen * de aard van de werkzaamheden * de ligging van ondergrondse kabels en leidingen * plaats en afmetingen van obstakels * aanwezigheid van mensen en verkeer * afmetingen, massa en zwaartepunt van de last onderdelen uitvoeringsplan: * keuze en soort hijsgereedschap * interpretatie van hijstabel * benodigde aanvullende veiligheidsmaatregelen * benodigde pbm’s * werkvolgorde |
|
3.11 voorbereiding werkzaamheden |
neemt deel aan het start-werkoverleg |
betrokkenen (bijvoorbeeld): * uitvoerder * machinist * aanpikker/hijsbegeleider doel: * onderlinge afstemming van de totale werkzaamheden |
|
3.12 voorbereiding werkzaamheden |
overlegt met de betrokkenen over de werkaanpak |
hijsteam (bijvoorbeeld): * machinist * hijsbegeleider doel: * onderlinge afstemming van de specifieke werkzaamheden |
|
3.13 voorbereiding werkzaamheden |
plaatst afzettingen, rekening houdend met aandachtspunten |
algemeen: * afstand van minimaal een halve meter tot bijvoorbeeld gebouwen soorten afzettingen: * afzettingen rondom de machine aandachtspunten: * voorkomen van langdurige en onnodige afzettingen |
|
3.14 voorbereiding werkzaamheden |
beoordeelt de draagkracht van de ondergrond op basis van criteria |
beoordelingscriteria: * stabiliteit van de ondergrond * terreinomstandigheden van en naar de opstelplaats (o.b.v. overleg met de klant) * toelaatbare gronddruk (o.b.v. overleg met de klant) * ondergrondse objecten (riool, kelder, leidingen, waterloop, putten) * geroerde grond |
|
3.15 voorbereiding werkzaamheden |
kiest op basis van kenmerken/vorm van de last het juiste hijsgereedschap |
kenmerken van de last: * gewicht * zwaartepunt * materiaalsoort * afmetingen * mechanische kenmerken (sterkte en samenstelling) * aerodynamica (windvlak) * aangebrachte hijsvoorzieningen * lasteigenschappen (kwetsbaar, scherpe randen) |
|
3.16 voorbereiding werkzaamheden |
berekent het gewicht van de last |
Soortelijke massa × volume |
|
3.17 voorbereiding werkzaamheden |
bepaalt het zwaartepunt van de last voorafgaand aan het hijsen |
Hijshaak boven het zwaartepunt |
|
3.18 voorbereiding werkzaamheden |
interpreteert de tekeningen waarin fabrikanten het zwaartepunt van de last weergeven uit waar het gaat om de stabiliteit van de last |
|
|
3.19 voorbereiding werkzaamheden |
interpreteert de tekeningen waarin een last op verschillende manieren is aangeslagen in relatie tot (eventueel) doorbuigen van de last, het (eventueel) inwerken van krachten en (eventuele) risico's op het verschuiven van de stroppen |
Gebruik uithouder/evenaar |
|
4.1 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken van de machine |
bepaalt de meest optimale positie van de machine om de werkzaamheden te kunnen uitvoeren |
optimale positie minimale vlucht bij hijsen maximale vlucht bij hijsen Zicht op de last Beknelling Aanstootgevaar * efficiency * omgeving – bijv. hoogspanningskabels * veiligheid * zicht * weersomstandigheden: – wind – zon – mist – duisternis – vorst en sneeuw – warmte en kou – regen – onweer |
|
4.2 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken van de machine |
houdt tijdens het opstellen rekening met de ondergrondse infrastructuur |
ondergrondse infrastructuur: * leidingen * kabels * kelders * putten * buizen opslagtanks (benzine, enz.) |
|
4.3 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken van de machine |
plaatst stempelschotten/draglineschotten, indien nodig |
plaatsen: * rekening houden met ergonomie * bepalen of oppervlakte voldoende is: oppervlakte = kracht / druk stempelschotten vlak en dragend neerleggen |
|
4.4 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken van de machine |
stelt de machine stabiel (waterpas) op |
Controle na testronde |
|
4.5 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken van de machine |
bepaalt de stempelkracht |
aflezen van de machine of het toepassen van de formule: 2,5 × de totale massa machine en de last en het hijsgereedschap.\. opp. van de totale ondersteuning |
|
4.6 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken van de machine |
berekent de stempeldruk |
zie formule bij 4.5 |
|
4.7 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken van de machine |
houdt bij het opstellen rekening met de stabiliteit van de ondergrond |
soort ondergrond: * zand * veen * klei * leem * löss type verharding: *asfalt * beton * elementverharding |
|
4.8 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken van de machine |
houdt bij het opstellen rekening met de mogelijke kans op afschuiven van de grond rondom sloten, damwanden, kades en taluds |
aandachtspunten: * afstand druk onder 45 graden in ondergrond |
|
4.9 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken van de machine |
monteert de hulpgiek |
Conform gebruiksaanwijzing Kent veiligheidsaspecten |
|
4.10 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken van de machine |
scheert de kabels in of uit, rekening houdend met de aandachtspunten en kiest het aantal inscheringen |
aandachtspunten: * correct aanbrengen van de kabel over de schijven * aanwezigheid van uitloopbeveiligingen, bij inscheren vrij van uitloopbeveiligingen * correcte eindverbindingen * bij werken op hoogte: gebruikmaken van de voorziene klimvoorzieningen en beveiligingen |
|
4.11 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken van de machine |
monteert ballast/contragewicht, rekening houdend met de aandachtspunten |
aandachtspunten: * bij werken bij obstakel: gebruikmaken van de voorziene klimvoorzieningen en LMB juist instellen |
|
4.12 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken van de machine |
controleert of de werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd vanaf de geplande opstelling |
Controle hijsplan |
|
4.13 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken van de machine |
controleert de beveiligingen |
controleert: * instelling * werking Zie ook 0,8 |
|
4.14 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken van de machine |
voert de laatste controle uit voor aanvang van de hijswerkzaamheden |
laatste controle: * rondje draaien met machine * borging/LMRA |
|
5.1 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
voert een LMRA uit |
laatste minuut risicoanalyse: * wijzigingen t.a.v. omgevingsfactoren * wijzigingen t.a.v. weersomstandigheden line of fire handelen |
|
5.2 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
bepaalt, gegeven de belasting factoren en de werklast, of de door de fabrikant opgegeven werklast van hijsgereedschap niet wordt overschreden |
Controle WLL |
|
5.3 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
volgt de arm- en handseinen en/of werken met portofoon) |
seinen: * overnemen commando * stop, einde beweging * stop, einde commando * noodstop * omhoog * omlaag * aanduiding hoogte * horizontale afstand * vooruit * achteruit * naar links * naar rechts |
|
5.4 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
past de verplichte beveiligingen toe |
beveiligingen: * LMB * uitvalbeveiliging |
|
5.5 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
voert meerdere kraanbewegingen tegelijkertijd uit |
kraanbewegingen: * werken onder hoek * last neerleggen * last oprichten * hijsen/zakken * optoppen/aftoppen * zwenken |
|
5.6 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
haalt tijdens het hijsen eventuele slingeringen uit de last of beheerst deze veilig |
Hijsbewegingen 3 kraanbewegingen tegelijkertijd kunnen uitvoeren |
|
5.7 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
Slaat de last aan en schat afstanden goed in |
|
|
5.8 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
past de werksnelheid aan de weers- en werkomstandigheden aan |
|
|
5.9 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
plaatst een last op de aangegeven locatie |
|
|
5.10 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
manoeuvreert een last tussen obstakels door |
|
|
5.11 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
kantelt een last van horizontaal naar verticaal en andersom |
|
|
5.12 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
controleert of de werkbak/werkplatform en machine goedgekeurd zijn |
controle: * aanwezigheid juiste opschriften * aanwezigheid juiste certificaten |
|
5.13 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
controleert of de gordel en lijn in goede staat en goedgekeurd zijn |
controle: * certificaten * staat gordel en lijn |
|
5.14 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
controleert of de hijskabel de afgelopen drie maanden gecontroleerd is, in orde is en gedocumenteerd in het kraanboek |
controle: * certificaat * kraanboek |
|
5.15 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
houdt zich aan de maximale werklast en het aantal personen zoals vermeld op de werkbak/werkplatform |
|
|
5.16 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
gebruikt de werkbak/werkplatform niet indien de weersomstandigheden veilig werken niet toelaten |
weersomstandigheden: * onweer * harde wind (zie gebruiksaanwijzing werkbak/werkplatform) |
|
5.17 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
controleert of de personen in de werkbak/werkplatform beveiligingsmiddelen dragen tegen vallen die rechtstreeks aan de daarvoor bestemde bevestigingspunten zijn bevestigd |
beveiliging: * harnas * korte lijn |
|
5.18 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
hijst de werkbak/werkplatform met geringe snelheid en zonder schokken of stoten |
Liersnelheid Inscheringen |
|
5.19 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
vult voorafgaand aan de werkzaamheden de checklist “Werken met een werkbak/werkplatform” in en ondertekent deze |
|
|
5.20 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
vult voorafgaand aan de werkzaamheden samen met de gebruiker de checklist (zie 5.19) in met betrekking tot het gebruik van de werkbak/werkplatform in en zorgt ervoor dat deze ondertekend wordt |
|
|
5.21 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
laat de gebruiker alleen in- en uitstappen als de werkbak/werkplatform op een vaste ondergrond staat |
|
|
5.22 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
maakt de hijsgereedschappen los en verwijdert deze van de last |
aandachtspunten: * last stabiel * beknellingsgevaar * hijsgereedschappen mogen niet blijven haken achter de last |
|
5.23 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
stelt een storingsdiagnose op in relatie tot de hoofdonderdelen van de machine |
hoofdonderdelen: – hydraulisch – pneumatisch – elektrisch – mechanisch – motorisch * op basis van visuele en auditieve controle |
|
5.24 veilig uitvoeren van werkzaamheden |
bepaalt bij storingen welke acties ondernomen moeten worden en zet deze in gang |
acties: * beoordelen of wel of niet verantwoord doorgewerkt kan worden * bepalen of de storing zelfstandig opgelost kan worden of de monteur of technische dienst ingeschakeld moet worden |
|
6.1 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
(de)monteert de (hulp)giek |
Conform gebruiksaanwijzing |
|
6.2 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
legt ballast/contragewicht af |
|
|
6.3 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
trekt de stempels in |
|
|
6.4 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
maakt de machine transport gereed |
Transport gereed: * losliggende delen verwijderen * sjorrings aanbrengen * borgingen aanbrengen * achteruitrij-signalering controleren * remmen controleren, indien aanwezig: * de rupsen intrekken tot transportstand |
|
6.5 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
laat de machine volgens de voorschriften achter |
|
|
6.6 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
ruimt de werkplek op |
werkplek netjes achterlaten: * afzettingen opruimen * vergelijk de plek zoals bij aanvang |
|
6.7 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
ondertekent de noodzakelijke documenten en/of laat deze ondertekenen |
documenten: * * kraanboek (bij reparatie aan de machine) |
|
6.8 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
bespreekt, indien nodig, het verloop van het werk met het team en de klant |
|
|
6.9 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
manoeuvreert de machine op het werkterrein, rekening houdend met de rijeigenschappen van de machine |
rijeigenschappen machine: * de grootte van het voertuig * de giek * wendbaarheid * belading * trager verloop van optrekken en remmen * zwaartepunt * indien van toepassing op rails rijden – niet over voedingskabel rijden – voorzichtig bij vorst of als er blad op de rails ligt |
Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 28 februari 2025.
Dit registratieschema bevat de eisen op het gebied van veilig hijsen waaraan een te registreren machinist dient te voldoen om als machinist funderingsmachine klein te worden geregistreerd in het Register Kraanmachinisten klein alsmede de eisen aan het proces van persoonsregistratie.
De te registreren machinist voert hijswerkzaamheden uit met een funderingsmachine klein, dat wil zeggen een funderingsmachine met een eigen massa inclusief uitrustingen en funderingselement die gelijk is aan of minder is dan 30 ton, een totale hoogte heeft van minder dan 12 meter en die funderingselementen korter dan 10 meter verwerkt.
Daar waar in dit schema wordt gesproken over de Registratie Instelling wordt gedoeld op de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie (hierna: TCVT RA). In verband met het beheer van het Register Kraanmachinisten heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan TCVT RA mandaat, volmacht en machtiging verleend en TCVT aangewezen als verwerker in de zin van artikel 28 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Daarnaast heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid met TCVT RA een verwerkersovereenkomst, alsmede een algemene overeenkomst met algemene afspraken over het beheer van het Register Kraanmachinisten afgesloten.
|
Begrip |
Betekenis |
|---|---|
|
Aanvrager |
De persoon die een aanvraag doet voor het afgeven van een registratie machinist funderingsmachine klein |
|
Beoordelingsprotocol |
Het beoordelingsprotocol RA 412 zoals opgesteld door de Registratie Instelling met bepalingen voor de beoordeling van de praktijk examen-opdrachten. |
|
Certificaat examinering |
Certificaat afgegeven door TCVT RA aan de persoon die voldoet aan de eisen gesteld aan de examinator zoals gesteld in VT 412 opgesteld door de registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling. |
|
Cesuur |
De grens tussen de hoogste toets score waaraan een onvoldoende en de laagste toets score waaraan een voldoende wordt toegekend. |
|
Dispensatieprotocol |
Het protocol RA 414 zoals opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op haar website dat voor bijzondere gevallen de mogelijkheden beschrijft voor de persoon die geregistreerd is geweest te worden geherregistreerd zonder het examen te hoeven af te leggen. |
|
Eindtermen |
De omschrijving van de minimaal vereiste kennis, vaardigheden en houdingen (gedrag) op een specifiek competentiegebied zoals beschreven in bijlage 2.1, ten behoeve van het toetsen van examenkandidaten. |
|
Entreecriteria |
Voorwaarden waaraan moet zijn voldaan om te kunnen deelnemen aan een examen. |
|
Erkende trainer |
Een persoon die volgens de eisen uit RA 413, opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling, is erkend voor het verzorgen van bijscholing. |
|
Examen |
Het geheel van toets opgaven (toets-vragen en/of toets-opdrachten), bedoeld om de individuele kandidaat te kunnen beoordelen naar de mate waarin hij of zij aan de eindtermen conform de normen voldoet. |
|
Examencommissie |
De commissie, ingesteld door de Registratie Instelling, die verantwoordelijk is voor de examendocumenten en het beheer van de itembank. |
|
Examen Instelling |
Instelling belast met de examinering conform de eisen uit het onderhavige schema. |
|
Examenprotocol |
Het examenprotocol RA 410 zoals opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling met bepalingen voor de uitvoering van examens. |
|
Examinator |
Persoon die beschikt over een geldig certificaat examinering. |
|
Examinatoreninstructie |
De examinatoreninstructie RA 411 zoals vastgesteld door de Registratie Instelling en beschikbaar voor examinatoren die examineren ten behoeve van de Registratie Instelling met bepalingen voor de uniforme uitvoering van examens door examinatoren. |
|
Funderingsmachine klein |
Conform artikel 7.6, eerste lid onder c, van de Arbeidsomstandighedenregeling: een machine met een eigen massa inclusief uitrustingen en funderingselement die gelijk is aan of minder is dan 30 ton, een totale hoogte heeft van minder dan 10 meter en die funderingselementen korter dan 10 meter verwerkt. |
|
Herregistratie |
Hernieuwde registratie in het Register nadat getoetst is dat de beroepsbeoefenaar voldoet aan de eisen voor herregistratie. |
|
Kandidaat |
Persoon die een examen wordt afgenomen. |
|
KO-opdracht |
Examen-opdracht waarbij een onvoldoende beoordeling tot gevolg heeft dat de kandidaat niet met een positief advies wordt voorgedragen voor registratie. Het examen wordt bij een KO-beoordeling wel voortgezet. (KO staat voor Knock Out.) |
|
Lading |
De last c.q. lasten en/of het object c.q. objecten die op welke wijze dan ook veilig moet(en) worden getransporteerd en/of gehesen en/of opgeslagen en/of overgeslagen en/of geborgen. |
|
Machinist |
Machinist die een funderingsmachine klein, zoals bedoeld in artikel 7.6, eerste lid onder c, van de Arbeidsomstandighedenregeling, bedient. |
|
Registratie |
Registratie in de zin van artikel 7.32, eerste lid van het Arbeidsomstandighedenbesluit als machinist funderingsmachine klein in het Register Kraanmachinisten. |
|
Registratiehouder |
Persoon die in het bezit is van een geldige registratie. |
|
Registratie Instelling |
Stichting Toezicht Certificatie Verticaal transport Register Administratie. |
|
Register |
Het Register Kraanmachinisten met de namen van de personen die voldoen aan de eisen tot (her)registratie. |
|
Reparatie |
Reparaties en wijzigingen die aan de funderingsmachine klein worden verricht, niet zijnde een ingrijpende wijziging die leidt tot het ontstaan van een funderingsmachine klein met de daarbij behorende overeenstemmingsprocedure. |
|
Schema |
De set van eisen zoals beschreven in onderhavig document voor het verlenen van een registratie. |
|
Toets term |
Een met een minimumpresentatie en voorwaarden verbijzonderde eindterm. |
|
Trainer |
Door de Registratie Instelling erkende trainer die de bijscholing mag verzorgen op basis van het document RA 413. Het document RA 413 en de namen van de erkende trainers staan vermeld op de website van de registratie Instelling. |
|
Verklaring van registratie |
Bewijs dat een persoon is geregistreerd. |
|
Werkbak |
Werkbak zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel a van het Arbeidsomstandighedenbesluit. |
|
Werkplatform |
Platform zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel b van het Arbeidsomstandighedenbesluit. |
De kandidaat machinist dient bij een namens de Registratie Instelling aangewezen Examen Instelling, in overeenstemming met dit schema, een aanvraag in voor de examinering als machinist van een funderingsmachine klein.
Examens worden afgenomen door de Examen Instelling die daarvoor door de Registratie Instelling is aangewezen. De examinering door de Examen Instelling vindt plaats volgens de eisen in dit schema, de overige door de Registratie Instelling gestelde eisen en het Examenreglement. Voor deelname aan het examen gelden entreecriteria (zie paragraaf 5).
Wanneer de kandidaat is geslaagd voor het examen dient hij of zij een aanvraag in tot registratie in het Register bij de Registratie Instelling.
Indien de Registratie Instelling vaststelt dat de aanvrager een of meer van de bij de indiening van de aanvraag verlangde gegevens niet heeft verstrekt, stelt zij deze in de gelegenheid het ontbrekende gegeven of de ontbrekende gegevens alsnog binnen twee weken te verstrekken. Wordt het gegeven of worden de gegevens niet binnen die twee weken verstrekt, dan wordt het verzoek buiten behandeling gelaten.
De Registratie Instelling besluit tot registratie van de betreffende persoon indien deze voldoet aan de registratie-eisen, de kosten voor het examen en registratie heeft betaald en niet heeft gemalverseerd tijdens het examen of met zijn of haar persoonsgegevens.
De machinist die een herregistratie wenst in het Register Kraanmachinisten stuurt een aanvraag daartoe aan de Registratie Instelling en voegt daarbij informatie over scholing en praktijkervaring en eventueel met goed gevolg afgelegde vervangende examens (zie de eisen in artikel 7.2.2).
De examinering geschiedt onder de directe verantwoordelijkheid van de Registratie Instelling.
De Registratie Instelling heeft een examenprotocol en draagt er zorg voor dat de Examen Instelling werkt volgens dat examenprotocol. Het examenprotocol bevat alle eisen die in dit schema zijn opgenomen en betrekking hebben op het examen of een uitwerking daarvan.
In het examenprotocol zijn in ieder geval de volgende zaken opgenomen:
a. entree-criteria voor deelname aan het examen (zie ook paragraaf 5);
b. wijze van identificatie van de kandidaat bij het examen;
c. examenduur en wijze van examinering van zowel het theorie als praktijkdeel;
d. gedragsregels voor examenkandidaten;
e. regeling alternatieve examinering;
f. normering voor slagen en afwijzen;
g. bekendmaking van de examenuitslag aan de aanvrager;
h. bewaartermijn van de examendocumenten of digitale scans daarvan, zoals uitwerkingen en beoordelingsformulieren;
i. het recht van de examenkandidaat tot inzicht in zijn of haar beoordeling; en
j. geldigheidsduur van positieve resultaten van het theorie- dan wel het praktijkexamen.
Personen die zijn belast met de examinering voldoen aan de algemene, vakinhoudelijke en onafhankelijkheidseisen zoals bepaald door de Registratie Instelling alsmede aan de eisen zoals gesteld in het examenprotocol.
Alleen personen die in het bezit zijn van een geldig certificaat examinering zijn belast met de examinering. Zij zijn gehouden om de examinatoreninstructie en het beoordelingsprotocol te volgen.
Als examenpersoneel een potentieel belangenconflict heeft bij het examineren van een kandidaat, neemt de Registratie Instelling maatregelen om te garanderen dat de betrouwbaarheid en onpartijdigheid van het examen niet in diskrediet worden gebracht en ziet erop toe dat de Examen Instelling deze maatrgelen uitvoert en naleeft. Deze maatregelen worden vastgelegd.
Het voorgaande geldt tevens als examenpersoneel willens en wetens de voorgaande eisen niet naleeft. In dat geval wordt het examen ongeldig verklaard.
Medewerkers van de Registratie Instelling en een de door de Registratie Instelling ingeschakelde Examen Instelling zorgen voor de absolute geheimhouding van de examenopgaven. Implementatie en verificatie hiervan geschiedt door de Registratie Instelling.
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling en in de Nederlandse taal afgenomen.
Het praktijkexamen wordt in de Nederlandse taal afgenomen.
Indien de kandidaat het Nederlands onvoldoende beheerst, kunnen het theorie-examen en het praktijkexamen in de Duitse, Engelse of Franse taal worden afgenomen.
Het (mondeling) examen wordt afgenomen overeenkomstig de eisen uit het examenprotocol. Hiermee is er borging inzake de kwaliteit. Voor de overige eisen aan de uitvoering van het examen wordt eveneens verwezen naar het examenprotocol.
Voor deelname aan het examen geldt dat de kandidaat moet voldoen aan de volgende entreecriteria:
a. de kandidaat heeft minimaal de leeftijd van 18 jaar;
b. de kandidaat kan tijdens het examen mondeling communiceren in de taal waarin het examen wordt afgenomen; en
c. de kandidaat verkeert in een zodanige lichamelijk en geestelijke toestand, dat hij in staat is de funderingsmachine klein zonder gevaren te bedienen, en
d. de kandidaat is in de periode van drie maanden voorafgaand aan de indiending van de aanvraag tot examinering niet bestraft geweest voor het bedienen van een funderingsmachine klein zonder te beschikken over een geldige registratie hiertoe.
Er geldt geen specifieke vooropleidingseis.
Het examen bestaat uit een theorie-examen en een praktijkexamen.
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling afgenomen en bestaat uit 50 meerkeuzevragen, gebaseerd op de toets termen zoals omschreven in bijlage 2.1.
De meerkeuzevragen van het theorie-examen worden uitsluitend verstrekt vanuit de itembank van de Registratie Instelling.
De maximale tijd om het theorie-examen af te leggen bedraagt 90 minuten. Voor de overige eisen aan de uitvoering van het examen wordt verwezen naar het examenprotocol.
Het praktijkexamen wordt in een praktijk gesimuleerde omgeving afgenomen en is gebaseerd op de toets termen zoals omschreven in bijlage 2.1 en bestaat uit de volgende onderdelen:
a. kennismaken en doornemen opdracht;
b. aanvangscontrole van de funderingsmachine klein en de daarbij behorende documenten;
c. onderhoud en werking van de funderingsmachine klein;
d. controle en gebruik van hijs- en hefgereedschap;
e. opstellen en gebruiksklaar maken van de funderingsmachine klein;
f. hijsopdracht 1 (KO-opdracht);
g. assisteren last verplaatsen (KO-opdracht);
h. hijsopdracht 2 (KO-opdracht);
i. hijsopdracht 3 (KO-opdracht);
j. beheersen van de funderingsmachine klein;
k. funderingsmachine klein achterlaten;
l. veiligheid (KO-onderdeel).
De examenopdrachten voor het praktijkexamen worden uitsluitend verstrekt vanuit de itembank van de Registratie Instelling.
De examenopdrachten moeten binnen 240 minuten worden uitgevoerd.
Het beheer van de itembank geschiedt onder strikte geheimhouding door de examencommissie. De examencommissie verstrekt ten behoeve van de examinering, de meerkeuzevragen van het theorie-examen en de examenopdrachten voor het praktijkexamen.
Waardering examenresultaten
Het resultaat van zowel het theorie- als het praktijkexamen wordt tot uiting gebracht in ofwel “voldoende” ofwel “onvoldoende”.
Cesuur theorie-examen
De maximale waardering voor de meerkeuzevragen bij een volledig theorie-examen is 500 punten.
Een kandidaat heeft een voldoende voor het theorie-examen indien hij of zij 350 punten of meer heeft behaald (70%). Daarnaast moet van elke groep vragen over één eindterm minimaal 70% goed worden gescoord.
Cesuur praktijkexamen
Elk onderdeel van het praktijkexamen wordt beoordeeld aan de hand van het beoordelingsprotocol. Aan de verschillende handelingen zijn beoordelingscriteria gekoppeld met een daaraan verbonden puntenwaardering.
Voor alle onderdelen van het praktijkexamen moet een voldoende worden gehaald. Om een voldoende te halen voor een onderdeel moet minimaal 70% van de maximaal te behalen punten worden gescoord én mag de kandidaat geen KO (knock out) hebben.
Een kandidaat die een voldoende resultaat heeft gehaald voor ofwel het theorie-examen ofwel het praktijkexamen, kan indien hij of zij een onvoldoende heeft behaald voor het andere examendeel, ongelimiteerd herexamen doen voor het als onvoldoende gekwalificeerde examendeel.
Wanneer niet binnen zes maanden na het behalen van een voldoende voor het éne examendeel een voldoende voor het andere examendeel is behaald, moet opnieuw een volledig examen (zowel theorie als praktijk) worden afgelegd.
Er is geen maximum verbonden aan het aantal gecombineerde theorie- en praktijkexamens dat een kandidaat kan afleggen.
Binnen drie weken nadat een kandidaat een voldoende resultaat heeft behaald voor zowel het theorie-examen als het praktijkexamen registreert de Registratie Instelling deze persoon in het Register, tenzij deze persoon in gebreke blijft met de betaling van de kosten of heeft gemalverseerd met zijn of haar persoonsgegevens en/of tijdens het examen.
De geregistreerde persoon ontvangt vervolgens binnen een week na opname in het register een verklaring van registratie.
Een aanvraag tot herregistratie wordt schriftelijk (digitaal of hardcopy) ingediend bij de Registratie Instelling. De beoordeling van een aanvraag tot herregistratie geschiedt door de Registratie Instelling aan de hand van gegevens over gevolgde bijscholing en opgetekende praktijkervaring en/of afgelegde examens.
De gevolgde bijscholing en de opgetekende praktijkervaring wordt bijgehouden in het Register. De administratie hiervan moet minimaal vijf jaar beschikbaar blijven.
Om als registratiehouder voor herregistratie in aanmerking te komen, moet worden aangetoond dat in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie door de registratiehouder aan de volgende voorwaarden is voldaan:
1. Bijscholing:
Twee volledige bijscholingsdagen (of 4 dagdelen) zijn gevolgd bij een door de Registratie Instelling erkende trainer, waarvan
a. één bijscholingsdag (of 2 dagdelen) is gevolgd in de eerste 36 maanden van de periode van vijf jaar, en
b. de tweede bijscholingsdag (of 2 dagdelen) is gevolgd na de 36ste maand van de periode van vijf jaar.
Tijdens de bijscholingsdagen komen alle eindtermen en actuele ontwikkelingen op het gebied van het onderwerp van dit schema aan de orde.
De bijscholing (4 modules, 1 module per dagdeel) wordt als volgt onderverdeeld:
Module A+B onderdeel hijs begeleiden en aanslaan van lasten;
Module C+D onderdeel hijsen en onderdeel gedrag en actualiteit;
Module E+F onderdeel hijs begeleiden en aanslaan van lasten, gedrag en actualiteit
De registratiehouder moet 2 van de drie modules volgen om voor herregistratie in aanmerking te komen.
Van de gevolgde bijscholing ontvangt de deelnemer een bewijs van deelname van de door de Registratie Instelling erkende trainer. De deelname wordt aangetekend in het Register.
Indien de aanvrager van herregistratie niet kan aantonen over voldoende gevolgde bijscholing te beschikken in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie, dan kan hij of zij via een theorie-examen aantonen nog steeds over voldoende kennis te beschikken. Dit theorie-examen wordt afgenomen conform de eisen zoals daarvoor vastgelegd in artikel 6.1.
2. Praktijkervaring:
In de periode van vijf jaar dat de registratie geldig is, moet de registratiehouder tenminste acht kwartalen hebben gewerkt in de functie die op de registratie is vermeld en van deze acht kwartalen moeten tenminste twee kwartalen vallen in de laatste drie jaar van de periode van vijf jaar.
Of een persoon voldoende praktijkervaring heeft blijkt uit de aantekening daarvan door de door de Registratie Instelling geautoriseerde werk- en/of opdrachtgever in het Register, die tenminste elke drie maanden de ingevoerde gegevens op waarheid toetst.
Indien de aanvrager van herregistratie niet kan aantonen over voldoende praktijkervaring te beschikken in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie, dan kan hij of zij via een praktijkexamen aantonen nog steeds over voldoende praktische competenties te beschikken.
Dit praktijkexamen wordt afgenomen conform de eisen zoals daarvoor vastgelegd in artikel 6.1.
Na ontvangst van een aanvraag voor herregistratie controleert de Registratie Instelling de gegevens van de aanvrager in het register met betrekking tot de gevolgde bijscholing, de opgetekende praktijkervaring en/of afgelegde examens. Indien wordt voldaan aan de in artikel 7.2.2 gestelde eisen bericht de Registratie Instelling de aanvrager binnen twee kalenderweken over het resultaat.
De aanvrager ontvangt vervolgens binnen een week na opname in het register een verklaring van herregistratie.
De ingangsdatum van de herregistratie wordt aldus vastgesteld:
a. Indien de positieve herregistratiebeslissing valt binnen drie maanden voor de einddatum van de voorgaande registratie, dan is die vervaldatum tevens de ingangsdatum van de hernieuwde registratie.
b. Indien de positieve herregistratiebeslissing valt voor de drie maanden voorafgaand aan de einddatum van de voorgaande registratie, dan is de datum van de herregistratiebeslissing de ingangsdatum van de hernieuwde registratie.
Wanneer de registratie van de machinist is verlopen zonder tijdige herregistratie en de persoon alsnog in het bezit wil komen van een registratie, is dit mogelijk door het met goed gevolg afleggen van een examen zoals vastgelegd in paragraaf 6.
In uitzonderlijke gevallen is dispensatie mogelijk. Hiertoe moet er een dispensatie-verzoek bij de Registratie Instelling worden ingediend conform het dispensatieprotocol. Dit verzoek wordt vervolgens voorgelegd aan de examencommissie die hieromtrent een advies opstelt. Dit advies wordt vervolgens voorgelegd aan de Raad van Toezicht van de Registratie Instelling, die een besluit neemt over de (her)registratie.
De geregistreerde beantwoordt verzoeken van de registratie-instelling om informatie die zij nodig acht om te kunnen vaststellen of er een noodzaak tot het treffen van maatregelen aanwezig is.
De Registratie Instelling verwijdert de registratie van een persoon uit het Register Kraanmachinisten indien de geregistreerde met zijn of haar werkzaamheden, voor zover die door de registratie worden gereguleerd, of door de wijze waarop hij of zij de werkzaamheden verricht ernstig gevaar veroorzaakt of kan veroorzaken voor personen.
De Registratie Instelling kan de registratie van een persoon uit het Register Kraanmachinisten tijdelijk verwijderen indien de geregistreerde met zijn of haar werkzaamheden, voor zover die door de registratie worden gereguleerd, of door de wijze waarop hij of zij de werkzaamheden verricht gevaar veroorzaakt of kan veroorzaken voor personen.
De verwijdering geschiedt op grond van door de Arbeidsinspectie of anderen aangeleverde informatie die de conclusie onderbouwen dat sprake is of is geweest van gevaar dan wel ernstig gevaar.
Indien de Registratie Instelling ten behoeve van haar besluitvorming over het al dan niet verwijderen van een registratie van een persoon nadere informatie nodig heeft kan zij de registratie van deze persoon lopende het onderzoek voor een periode van maximaal drie maanden schorsen.
De (her)registratie wordt vastgelegd middels een verklaring van registratie.
De verklaring van (her)registratie wordt door de Registratie Instelling afgegeven aan de geregistreerde in de taal van het examen als wordt voldaan aan de eisen uit artikel 6.1.
Op het document van de verklaring van (her)registratie wordt verklaard dat de betreffende persoon voldoet aan de eisen uit het onderhavige schema en indien relevant of het ging om een herregistratie.
De volgende gegevens moeten minimaal in de verklaring van (her)registratie vermeld zijn:
a. naam van de geregistreerde persoon incl. geboortedatum;
b. eenduidig documentnummer (usernummer);
c. referentie naar dit schema;
d. scope van de registratie, inclusief de geldigheidscondities; en
e. de ingangsdatum van de (her)registratie en de datum waarop de (her)registratie ophoudt geldig te zijn.
De geldigheidsduur van de (her)registratie is vijf jaar. Een registratie kan tussentijds worden verwijderd op administratieve gronden (zie artikel 1.5p, derde lid, onder a tot en met d van het Arbeidsomstandighedenbesluit) en bij wijze van maatregel (zie hierover artikel 7.2.6).
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is van toepassing op de beoordeling van beroepskwalificaties van personen afkomstig uit de lidstaten van de Europese Unie en andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Ruimte en Zwitserland ten behoeve van de registratie als machinist mobiele kraan.
De Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties is onverkort van toepassing. Daarnaast gelden artikel 1.5h van het Arbeidsomstandighedenbesluit en paragraaf 1.3 van de Arbeidsomstandighedenregeling.
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling in zowel de Nederlandse als Engelse taal.
De Registratie Instelling heeft een procedure voor het indienen en behandelen van klachten over haar functioneren en publiceert deze op haar website.
Er gelden de volgende eindtermen:
1. de kandidaat heeft kennis van hijswerkzaamheden, incl. het voorbereiden daarvan;
2. de kandidaat heeft kennis van de wet- en regelgeving van hijswerkzaamheden;
3. de kandidaat kan het werk voorbereiden, incl. het gebruiken van hijsgereedschappen;
4. de kandidaat kan een funderingsmachine klein opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken;
5. de kandidaat weet hoe op een veilige manier hijswerkzaamheden uitgevoerd kunnen worden met een funderingsmachine klein; en
6. de kandidaat kan hijswerkzaamheden afronden en de funderingsmachine klein voor transport gereed maken.
|
Eindterm |
theorie-examen |
praktijkexamen1 |
|---|---|---|
|
1. |
8 vragen × 5 pt |
X (a en k) |
|
2. |
8 vragen × 6 pt |
|
|
3. |
20 vragen 15 pt |
X (b, c en d) |
|
4. |
X (e) |
|
|
5. |
14 vragen × 8 pt |
X (f. g, h en i) |
|
6. |
X (j) |
Het theorie-examen bestaat uit 50 meerkeuze vragen.
Het praktijkexamen bestaat uit 3 hijsopdrachten.
Zie ook paragraaf 6.
|
Eindterm |
Beoordelingscriterium |
Specifieke kennis m.b.t.: |
|---|---|---|
|
1.1 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welke pbm's nodig zijn in welke situatie |
PBM's: * veiligheidshelm * veiligheidsschoenen * veiligheidshandschoenen * gehoorbescherming * veiligheidsbril * reflecterende kleding • valgordel • reddingsvest |
|
1.2 kennis van hijswerkzaamheden |
weet wat de stabiliteit beïnvloedt en kan deze ook berekenen |
* ondergrond * opstelling machine * wind * zwaartepunt last |
|
1.3 kennis van hijswerkzaamheden |
kent de relatie tussen zwaartepunt en kantellijnen en kan deze ook berekenen |
zwaartepunt: * laag * excentrisch * hoog kantellijnen |
|
1.4 kennis van hijswerkzaamheden |
kan het zwaartepunt bepalen van de last en kan deze ook berekenen |
zwaartepunt last: * volume * soortelijke massa * totale massa van de last |
|
1.5 kennis van hijswerkzaamheden |
weet wat het effect is van vocht op de draagkracht van verschillende grondsoorten |
grondsoorten: * zand * veen * klei * leem * löss |
|
1.6 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welk hijsgereedschap geschikt is voor welke opdracht |
rekening houdend met: * capaciteit (WLL working load limit) * toepassing en aanslaan lasten * afkeurmaatstaven * werklastfactoren – buitenhoek – werkbak – stroppen |
|
1.7 kennis van hijswerkzaamheden |
kent de invloed van de verschillende onderdelen van de machine op de stabiliteit en werking |
onderdelen: * ballast * optimale aantal inscheringen * schoorstanden * last |
|
1.8 kennis van hijswerkzaamheden |
kent de invloed van werken op een ponton ten aanzien van de stabiliteit van de machine |
Rekening houdend met: * capaciteit * labiel evenwicht * belading ponton * ballast |
|
1.9 kennis van hijswerkzaamheden |
kan de functie van de verschillende beveiligingen en signaleringen noemen |
beveiligingen: * windingenbeveiliging * hoogte-afslagbeveiliging * zwenksignalering trekkrachtindicatie giekafslag * uitstapbeveiliging |
|
1.10 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welke restricties van toepassing zijn bij specifieke hijswerkzaamheden |
specifieke hijswerkzaamheden: * hijsen met meerdere kranen in één werkgebied hijsen bij spoor hijsen naast grondkeringen opstelling van de machine * hijsen in omgeving van hoogspanningsmasten * hijsen met/zonder LMB |
|
2.1 kennis van wet- en regelgeving |
anticipeert op wisselende omstandigheden |
omstandigheden: * wisselend weer * getijden * toestroom kijkers * instabiele last * verkeer * positie hijsbegeleider, machinist en derden (ter voorkoming van knelgevaar) |
|
2.2 kennis van wet- en regelgeving |
gebruikt deugdelijke beschermingsmiddelen bij de verschillende werkzaamheden |
PBM's: * veiligheidshelm * veiligheidsschoenen * veiligheidshandschoenen * gehoorbescherming * veiligheidsbril *harnasgordel * reflecterende kleding * reddingsvest (bij werken op het water) deugdelijk: * in goede staat verkeren * niet voorbij uiterste gebruiksdatum |
|
2.3 kennis van wet- en regelgeving |
voert de werkzaamheden uit volgens de gebruiksaanwijzing van de betreffende machines |
Gebruiksaanwijzing in de taal van de gebruiker Tabellen van alle LMB instellingen aanwezig |
|
2.4 kennis van wet- en regelgeving |
voert de werkzaamheden uit rekening houdend met wet- en regelgeving |
wet- en regelgeving: * milieuwetgeving * arbowetgeving * nationale wetgeving * lokale verordening |
|
3.1 voorbereiding werkzaamheden |
Kan de machine controleren op visueel zichtbare gebreken |
controle op: * banden/rupsen * eventuele lekkages (oliespoor) * breuken/scheuren in metaal * loszittende bouten * stempelinriching * beveiliging juiste opbouw * beschadigingen |
|
3.2 voorbereiding werkzaamheden |
Kan het ponton controleren op visueel zichtbare gebreken |
controle op: * eventuele lekkages * breuken/scheuren in metaal * loszittende bouten * eventuele pontonkoppeling * ankers en ankerdraden * eventuele spudbedieningen |
|
3.3 voorbereiding werkzaamheden |
maakt de cabine werk klaar |
Werk klaar: * spiegels en ramen schoon en condensvrij * zonwering * opstappen/handgrepen schoon |
|
3.4 voorbereiding werkzaamheden |
Kan de werking van de verlichting controleren |
|
|
3.5 voorbereiding werkzaamheden |
Kan het peil van diverse vloeistoffen controleren en vult indien nodig bij |
controleren: * motorolie * koelvloeistof * hydrauliek olie * brandstof * accu * onderdelen met automatische vetsmering indien nodig: * vloeistoffen bijvullen * smeren van draaiende onderdelen die niet zijn voorzien van automatische vetsmering |
|
3.6 voorbereiding werkzaamheden |
zorgt voor aanwezigheid van het benodigde hijsgereedschap en draagt zorg dat het gereedschap bruikbaar is |
bruikbaar: – weergave van toegestane werklast op het hijsgereedschap – visuele beschadigingen of manco's – aanwezigheid CE-markering, certificaat en inspectierapport – markeert afkeur hijsgereedschap, bijvoorbeeld: * kettingtakel * kettingwerk * hijsbanden |
|
3.7 voorbereiding werkzaamheden |
voert de aanvangscontrole uit |
aanvangscontrole: de staat en de werking van: * kabels * blok * schijven * beveiligingen |
|
3.8. voorbereiding werkzaamheden |
controleert de voorgeschreven documenten op aanwezigheid en volledigheid |
documenten: * persoonlijke documenten – TCVT registratie machinist * machine gebonden documenten – kraanboek – TCVT certificaat van machine – opstellingskeuring * capaciteitstabel(/hijstabel) – gebruiksaanwijzing * hijsgereedschap gebonden documenten – certificaten – gebruiksaanwijzing * last gebonden documenten – werkplan * opstellingsinspectieformulier * kabels en leidingenformulier * eventueel stabiliteitsberekening van het ponton |
|
3.9 voorbereiding werkzaamheden |
maakt uit het werkplan op: * hoe de machine moet worden opgesteld om de hef- of hijsactiviteit te kunnen uitvoeren * hoe de hef- en hijsactiviteiten moeten worden uitgevoerd |
onderdelen van het werkplan: * soort machine * plaats en afmetingen van de hijslocatie(s) * plaats en afmetingen van de obstakels * afmetingen, vorm, massa en zwaartepunt van de last * soort, afmetingen, vorm en massa van het hijsgereedschap * eventueel uitvoering van ponton |
|
3.10 voorbereiding werkzaamheden |
interpreteert de hijstabel van de betreffende machine |
hijstabel: * technische weergave in hoeveelheid en aantal * weergave wat de machine mag hijsen * juiste configuratie |
|
3.11 voorbereiding werkzaamheden |
neemt eventueel in samenspraak met de uitvoerder, het werkplan door |
rekening houdend met (o.a.): * de aard van de te hijsen materialen * de aard van de werkzaamheden * de ligging van ondergrondse kabels en leidingen * plaats en afmetingen van obstakels * aanwezigheid van mensen en verkeer * afmetingen, massa en zwaartepunt van de last onderdelen werkplan, bijvoorbeeld: * keuze en soort hijsgereedschap * interpretatie van hijstabel * benodigde aanvullende veiligheidsmaatregelen * benodigde persoonlijke beschermingsmiddelen * werkvolgorde/routing |
|
3.12 voorbereiding werkzaamheden |
neemt deel aan het start-werkoverleg |
betrokkenen (bijvoorbeeld): * uitvoerder * machinist * aanpikker/hijsbegeleider doel: * onderlinge afstemming van de totale werkzaamheden |
|
3.13 voorbereiding werkzaamheden |
overlegt met de betrokkenen over de werkaanpak |
hijsteam (bijvoorbeeld): * machinist * hijsbegeleider doel: * onderlinge afstemming van de specifieke werkzaamheden |
|
3.14 voorbereiding werkzaamheden |
plaatst afzettingen, rekening houdend met aandachtspunten |
algemeen: * afstand van minimaal een halve meter tot bijvoorbeeld gebouwen soorten afzettingen: * afzettingen rondom de machine aandachtspunten: * voorkomen van langdurige en onnodige afzettingen |
|
3.15 voorbereiding werkzaamheden |
beoordeelt de draagkracht van de ondergrond op basis van criteria |
beoordelingscriteria: * stabiliteit van de ondergrond * terreinomstandigheden van en naar de opstelplaats (o.b.v. overleg met de klant, actief bevragen) * toelaatbare gronddruk (o.b.v. overleg met de klant, actief bevragen) * ondergrondse objecten (riool, kelder, leidingen, waterloop, putten, obstakels), aanwezigheid grondkeringen, toepassing van draglineschotten * geroerde grond |
|
3.16 voorbereiding werkzaamheden |
kiest op basis van kenmerken van de last het juiste hijsgereedschap |
kenmerken van de last: * gewicht * materiaalsoort * afmetingen * mechanische kenmerken (sterkte en samenstelling) |
|
3.17 voorbereiding werkzaamheden |
berekent het gewicht van de last |
massa × volume |
|
3.18 voorbereiding werkzaamheden |
onderzoekt/informeert over het zwaartepunt van de last voorafgaand aan het hijsen |
|
|
3.19 voorbereiding werkzaamheden |
interpreteert het dekplan van het ponton |
dekplan tekening van ponton: * locatie ballast * locatie machine, schotten, blokken * locatie (hulp)materialen (dekplan is grafische weergave van het stabiliteitsplan) |
|
3.20 voorbereiding werkzaamheden |
interpreteert de tekeningen waarin een last op verschillende manieren is aangeslagen in relatie tot (eventueel) doorbuigen van de last, het (eventueel) inwerken van krachten en (eventuele) risico's op het verschuiven van de stroppen |
|
|
4.1 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
bepaalt de meest optimale positie van de machine om de werkzaamheden te kunnen uitvoeren |
optimale positie: * veiligheid * zicht * omgeving – bijv hoogspanningskabels – over mensen heen draaien – juiste afzetting * weersomstandigheden: – wind – zon – mist – duisternis – vorst en sneeuw – warmte en kou – regen – onweer * efficiency |
|
4.2 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
plaatst de machine op een ponton rekening houdend met aandachtspunten |
aandachtspunten: * sterkte kade * oprijdschotten * verankering aan de kade * hoogte van waterpeil slipeffect van de spudpalen * effect gewichtsverplaatsing |
|
4.3 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt tijdens het opstellen rekening met de ondergrondse infrastructuur |
ondergrondse infrastructuur: * leidingen * kabels * kelders * putten * buizen |
|
4.4 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
plaatst stempelschotten/draglineschotten, indien nodig |
plaatsen: * bepalen of oppervlakte voldoende is: oppervlakte = kracht / druk |
|
4.5 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
stelt de machine stabiel (waterpas) op |
|
|
4.6 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt bij het opstellen rekening met de stabiliteit van de ondergrond |
soort ondergrond: * zand * veen * klei * leem * löss type verharding: *asfalt * beton * elementverharding |
|
4.7 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt bij het opstellen rekening met de mogelijke kans op afschuiven van de grond rondom sloten, damwanden, kades en taluds |
aandachtspunten: * afstand |
|
4.8 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
scheert de kabels in of uit, rekening houdend met de aandachtspunten, en kiest het aantal inscheringen |
aandachtspunten: * correct aanbrengen van de kabel over de schijven * aanwezigheid van uitloopbeveiligingen, bij inscheren vrij van uitloopbeveiligingen * correcte eindverbindingen * bij werken op hoogte: gebruikmaken van de voorziene klimvoorzieningen en beveiligingen |
|
4.9 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
monteert ballast/contragewicht, rekening houdend met de aandachtspunten |
aandachtspunten: * bij werken op hoogte: gebruikmaken van de voorziene klimvoorzieningen en beveiligingen borging/LMRA |
|
4.10 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
controleert of de werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd vanaf de geplande opstelling |
|
|
4.11 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
controleert de beveiligingen |
controleert: * instelling * werking |
|
5.1 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
voert een LMRA uit |
laatste minuut risicoanalyse: * wijzigingen t.a.v. omgevingsfactoren * wijzigingen t.a.v. weersomstandigheden |
|
5.2 uitvoeren van hijswerkzaamheden |
bepaalt, gegeven de belasting factoren en de werklast, of de door de fabrikant opgegeven werklast van hijsgereedschap niet wordt overschreden |
|
|
5.3 uitvoeren van hijswerkzaamheden |
volgt de arm- en handseinen en/of kan werken met de portofoon |
Seinen (signalering vooraf afstemmen): * overnemen commando * stop, einde beweging * stop, einde commando * noodstop * omhoog * omlaag * aanduiding hoogte * horizontale afstand * vooruit * achteruit * naar links * naar rechts |
|
5.4 uitvoeren van hijswerkzaamheden |
past de verplichte beveiligingen toe |
beveiligingen: * uitstapbeveiliging |
|
5.5 uitvoeren van hijswerkzaamheden |
voert meerdere kraanbewegingen tegelijkertijd uit |
kraanbewegingen: * last neerleggen * last oprichten * hijsen/zakken * optoppen/aftoppen * zwenken |
|
5.6 uitvoeren van hijswerkzaamheden |
haalt tijdens het hijsen eventuele slingeringen uit de last of beheerst deze veilig |
|
|
5.7 uitvoeren van hijswerkzaamheden |
schat afstanden goed in |
|
|
5.8 uitvoeren van hijswerkzaamheden |
past de werksnelheid aan de weers- en werkomstandigheden aan |
|
|
5.9 uitvoeren van hijswerkzaamheden |
plaatst een last op de juiste locatie |
|
|
5.10 uitvoeren van hijswerkzaamheden |
manoeuvreert een last tussen obstakels door |
|
|
5.11 uitvoeren van hijswerkzaamheden |
kantelt een last van horizontaal naar verticaal en andersom |
|
|
5.12 uitvoeren van hijswerkzaamheden |
controleert of de gordel en lijn in goede staat en goedgekeurd zijn |
controle: * certificaten * staat gordel en lijn |
|
5.13 uitvoeren van hijswerkzaamheden |
controleert of de hijskabel de afgelopen drie maanden gecontroleerd is, in orde is en gedocumenteerd in het kraanboek |
controle: * certificaat * kraanboek |
|
5.14 uitvoeren van hijswerkzaamheden |
maakt de hijsgereedschappen los en verwijdert deze van de last |
aandachtspunten: * last stabiel * beknellingsgevaar * hijsgereedschappen mogen niet blijven haken achter de last |
|
5.15 uitvoeren van hijswerkzaamheden |
stelt een storingsdiagnose op in relatie tot de hoofdonderdelen van de machine |
hoofdonderdelen: – hydraulisch – pneumatisch – elektrisch – mechanisch – motorisch * op basis van visuele en auditieve controle |
|
5.16 uitvoeren van hijswerkzaamheden |
bepaalt bij storingen welke acties ondernomen moeten worden en zet deze in gang |
acties: * beoordelen of wel of niet verantwoord doorgewerkt kan worden * bepalen of de storing zelfstandig opgelost kan worden of de monteur of technische dienst ingeschakeld moet worden |
|
6.1 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
legt, indien nodig, ballast/contragewicht af |
|
|
6.2 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
plaatst de machine op de kade rekening houdend met aandachtspunten |
aandachtspunten: * sterkte kade * oprijdschotten * verankering aan de kade * hoogte van waterpeil spileffect op de spudpalen * effect gewichtsverplaatsing |
|
6.3 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
maakt de machine transport gereed |
Transport gereed: * losliggende delen verwijderen * sjorrings aanbrengen * borgingen aanbrengen * achteruitrij-signalering controleren * remmen controleren indien aanwezig: * de rupsen intrekken tot transportstand |
|
6.4 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
laat de machine volgens de voorschriften achter |
Makelaar tegen eindstoppen Stempels uit Ketting vast |
|
6.5 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
ruimt de werkplek op |
werkplek netjes achterlaten: * afzettingen opruimen * vergelijk de plek zoals bij aanvang |
|
6.6 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
ondertekent de noodzakelijke documenten en/of laat deze ondertekenen |
documenten: * kraanboek (bij reparatie aan de machine) |
|
6.7 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
bespreekt, indien nodig, het verloop van het werk met het team en de klant |
|
|
6.8. afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
rijdt de machine op de dieplader en kiest een goede laad- of losplaats |
volgt hierbij aanwijzingen op van de chauffeur laad- losplaats: * stabiele ondergrond * voldoende ruimte * geen beperkingen voor verkeer * bovengrondse obstakels |
|
6.9 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
manoeuvreert de machine op het werkterrein, rekening houdend met de rijeigenschappen van de machine |
rijeigenschappen machine: * de grootte van het voertuig * de giek * wendbaarheid * belading * trager verloop van optrekken en remmen * zwaartepunt * indien van toepassing op rails rijden – niet over voedingskabel rijden – voorzichtig bij vorst of als er blad op de rails ligt |
Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 28 februari 2025.
Dit registratieschema bevat de eisen op het gebied van veilig hijsen waaraan een te registreren machinist dient te voldoen om als machinist funderingsmachine groot te worden geregistreerd in het Register Kraanmachinisten alsmede de eisen aan het proces van persoonsregistratie.
De te registreren machinist voert hijswerkzaamheden uit met een funderingsmachine groot, dat wil zeggen een funderingsmachine met een eigen massa inclusief uitrustingen en funderingselement van 30 ton of meer, een totale hoogte van 12 meter of meer heeft of die funderingselementen van 10 meter of langer verwerkt. Hijswerkzaamheden bestaan onder meer uit het verplaatsen van vrijhangende lading/lasten.
Daar waar in dit schema wordt gesproken over de Registratie Instelling wordt gedoeld op de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie (hierna: TCVT RA). In verband met het beheer van het Register Kraanmachinisten heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan TCVT RA mandaat, volmacht en machtiging verleend en TCVT RA aangewezen als verwerker in de zin van artikel 28 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Daarnaast heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid met TCVT RA een verwerkersovereenkomst, alsmede een algemene overeenkomst met algemene afspraken over het beheer van het Register Kraanmachinisten afgesloten.
|
Begrip |
Betekenis |
|---|---|
|
Aanvrager |
De persoon die een aanvraag doet voor het afgeven van een registratie machinist funderingsmachine groot. |
|
Beoordelingsprotocol |
Het beoordelingsprotocol RA 412 zoals opgesteld door de Registratie Instelling met bepalingen voor de beoordeling van de praktijk examen-opdrachten. |
|
Certificaat examinering |
Certificaat afgegeven door TCVT RA aan de persoon die voldoet aan de eisen gesteld aan de examinator zoals gesteld in VT 421 opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling. |
|
Cesuur |
De grens tussen de hoogste toets score waaraan een onvoldoende en de laagste toets score waaraan een voldoende wordt toegekend. |
|
Dispensatieprotocol |
Het protocol RA 414 zoals opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op haar website dat voor bijzondere gevallen de mogelijkheden beschrijft voor de persoon die geregistreerd is geweest te worden geherregistreerd zonder het examen te hoeven af te leggen. |
|
Eindtermen |
De omschrijving van de minimaal vereiste kennis, vaardigheden en houdingen (gedrag) op een specifiek competentiegebied zoals beschreven in bijlage 3.1, ten behoeve van het toetsen van examenkandidaten. |
|
Entreecriteria |
Voorwaarden waaraan moet zijn voldaan om te kunnen deelnemen aan een examen. |
|
Erkende trainer |
Een persoon die volgens de eisen uit RA 413, opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling, is erkend voor het verzorgen van bijscholing. |
|
Examen |
Het geheel van toets opgaven (toets-vragen en/of toets-opdrachten), bedoeld om de individuele kandidaat te kunnen beoordelen naar de mate waarin hij of zij aan de eindtermen conform de normen voldoet. |
|
Examencommissie |
De commissie, ingesteld door de Registratie Instelling, die verantwoordelijk is voor de examendocumenten en het beheer van de itembank. |
|
Examen Instelling |
Instelling belast met de examinering conform de eisen uit het onderhavige schema. |
|
Examenprotocol |
Het examenprotocol RA 410 zoals opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling met bepalingen voor de uitvoering van examens. |
|
Examinator |
Persoon die beschikt over een geldig certificaat examinering. |
|
Examinatoreninstructie |
De examinatoreninstructie RA 411 zoals vastgesteld door de Registratie Instelling en beschikbaar voor examinatoren die examineren ten behoeve van de Registratie Instelling met bepalingen voor de uniforme uitvoering van examens door examinatoren. |
|
Funderingsmachine groot |
Conform artikel 7.6, eerste lid onder c, van de Arbeidsomstandighedenregeling: een funderingsmachine met een eigen massa inclusief uitrustingen en funderingselement van 30 ton of meer, een totale hoogte van 10 meter of meer heeft of die funderingselementen van 10 meter of langer verwerkt. |
|
Herregistratie |
Hernieuwde registratie in het register nadat getoetst is dat de beroepsbeoefenaar voldoet aan de eisen voor herregistratie. |
|
Kandidaat |
Persoon die een examen wordt afgenomen. |
|
KO-opdracht |
Examen-opdracht waarbij een onvoldoende beoordeling tot gevolg heeft dat de kandidaat niet met een positief advies wordt voorgedragen voor registratie. Het examen wordt bij een KO-beoordeling wel voortgezet. (KO staat voor Knock Out.) |
|
Lading |
De last c.q. lasten en/of het object c.q. objecten die op welke wijze dan ook veilig moet(en) worden getransporteerd en/of gehesen en/of opgeslagen en/of overgeslagen en/of geborgen. |
|
Machinist |
Machinist die een funderingsmachine groot, zoals bedoeld in artikel 7.6, eerste lid onder c, van de Arbeidsomstandighedenregeling, bedient. |
|
Registratie |
Registratie in de zin van artikel 7.32, eerste lid van het Arbeidsomstandighedenbesluit als machinist funderingsmachine groot in het Register Kraanmachinisten. |
|
Registratiehouder |
Persoon die in het bezit is van een geldige registratie. |
|
Registratie Instelling |
Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie. |
|
Register |
Het Register Kraanmachinisten met de namen van de personen die voldoen aan de eisen tot (her)registratie. |
|
Reparatie |
Reparaties en wijzigingen die aan de funderingsmachine groot worden verricht, niet zijnde een ingrijpende wijziging die leidt tot het ontstaan van een nieuwe funderingsmachine groot met de daarbij behorende overeenstemmingsprocedure. |
|
Schema |
De set van eisen zoals beschreven in onderhavig document voor het verlenen van een registratie. |
|
Toets term |
Een met een minimumprestatie en voorwaarden verbijzonderde eindterm. |
|
Trainer |
Door de Registratie Instelling erkende trainer die de bijscholing mag verzorgen op basis van het document RA 413. Het document RA 413 en de namen van de erkende trainers staan vermeld op de website van de Registratie Instelling. |
|
Verkl. van registratie |
Bewijs dat een persoon is geregistreerd. |
|
Werkbak |
Werkbak zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel a van het Arbeidsomstandighedenbesluit. |
|
Werkplatform |
Platform zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel b van het Arbeidsomstandighedenbesluit. |
De kandidaat machinist dient bij een namens de Registratie Instelling aangewezen Examen Instelling, in overeenstemming met dit schema, een aanvraag in voor de examinering als machinist van een funderingsmachine groot.
Examens worden afgenomen door de Examen Instelling die daarvoor door de Registratie Instelling is aangewezen. De examinering door de Examen Instelling vindt plaats volgens de eisen in dit schema, de overige door de Registratie Instelling gestelde eisen en het Examenreglement. Voor deelname aan het examen gelden entreecriteria (zie paragraaf 5).
Wanneer de kandidaat is geslaagd voor het examen dient hij of zij een aanvraag in tot registratie in het Register bij de Registratie Instelling.
Indien de Registratie Instelling vaststelt dat de aanvrager een of meer van de bij de indiening van de aanvraag verlangde gegevens niet heeft verstrekt, stelt zij deze in de gelegenheid het ontbrekende gegeven of de ontbrekende gegevens alsnog binnen twee weken te verstrekken. Wordt het gegeven of worden de gegevens niet binnen die twee weken verstrekt, dan wordt het verzoek buiten behandeling gelaten.
De Registratie Instelling besluit tot registratie van de betreffende persoon indien deze voldoet aan de registratie-eisen, de kosten voor het examen en registratie heeft betaald en niet heeft gemalverseerd tijdens het examen of met zijn of haar persoonsgegevens.
De machinist die een herregistratie wenst in het Register Kraanmachinisten stuurt een aanvraag daartoe aan de Registratie Instelling en voegt daarbij informatie over scholing en praktijkervaring en eventueel met goed gevolg afgelegde vervangende examens (zie de eisen in artikel 7.2.2).
De examinering geschiedt onder de directe verantwoordelijkheid van de Registratie Instelling.
De Registratie Instelling heeft een examenprotocol en draagt er zorg voor dat de Examen Instelling werkt volgens dat examenprotocol. Het examenprotocol bevat alle eisen die in dit schema zijn opgenomen en betrekking hebben op het examen of een uitwerking daarvan.
In het examenprotocol zijn in ieder geval de volgende zaken opgenomen:
a. entree-criteria voor deelname aan het examen (zie ook paragraaf 5);
b. wijze van identificatie van de kandidaat bij het examen;
c. examenduur en wijze van examinering van zowel het theorie als praktijkdeel;
d. gedragsregels voor examenkandidaten;
e. regeling alternatieve examinering;
f. normering voor slagen en afwijzen;
g. bekendmaking van de examenuitslag aan de aanvrager;
h. bewaartermijn van de examendocumenten of digitale scans daarvan, zoals uitwerkingen en beoordelingsformulieren;
i. het recht van de examenkandidaat tot inzicht in zijn of haar beoordeling; en
j. geldigheidsduur van positieve resultaten van het theorie- dan wel het praktijkexamen.
Personen die zijn belast met de examinering voldoen aan de algemene, vakinhoudelijke en onafhankelijkheidseisen zoals bepaald door de Registratie Instelling alsmede aan de eisen zoals gesteld in het examenprotocol.
Alleen personen die in het bezit zijn van een geldig certificaat examinering zijn belast met de examinering. Zij zijn gehouden om de examinatoreninstructie en het beoordelingsprotocol te volgen.
Als examenpersoneel een potentieel belangenconflict heeft bij het examineren van een kandidaat, neemt de Registratie Instelling maatregelen om te garanderen dat de betrouwbaarheid en onpartijdigheid van het examen niet in diskrediet worden gebracht en ziet erop toe dat de Examen Instelling deze maatrgelen uitvoert en naleeft. Deze maatregelen worden vastgelegd.
Het voorgaande geldt tevens als examenpersoneel willens en wetens de voorgaande eisen niet naleeft. In dat geval wordt het examen ongeldig verklaard.
Medewerkers van de Registratie Instelling en een de door de Registratie Instelling ingeschakelde Examen Instelling zorgen voor de absolute geheimhouding van de examenopgaven. Implementatie en verificatie hiervan geschiedt door de Registratie Instelling.
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling en in de Nederlandse taal afgenomen.
Het praktijkexamen wordt in de Nederlandse taal afgenomen.
Indien de kandidaat het Nederlands onvoldoende beheerst, kunnen het theorie-examen en het praktijkexamen in de Duitse, Engelse of Franse taal worden afgenomen.
Het (mondeling) examen wordt afgenomen overeenkomstig de eisen uit het examenprotocol. Hiermee is er borging inzake de kwaliteit. Voor de overige eisen aan de uitvoering van het examen wordt eveneens verwezen naar het examenprotocol.
Voor deelname aan het examen geldt dat de kandidaat moet voldoen aan de volgende entreecriteria:
a. de kandidaat heeft minimaal de leeftijd van 18 jaar;
b. de kandidaat kan tijdens het examen mondeling communiceren in de taal waarin het examen wordt afgenomen; en
c. de kandidaat verkeert in een zodanige lichamelijke en geestelijke toestand, dat hij in staat is de funderingsmachine groot zonder gevaren te bedienen; en
d. de kandidaat is in de periode van drie maanden voorafgaand aan de indiending van de aanvraag tot examinering niet bestraft geweest voor het bedienen van een funderingsmachine groot zonder te beschikken over een geldige registratie hiertoe.
Er geldt geen specifieke vooropleidingseis.
Het examen bestaat uit een theorie-examen en een praktijkexamen.
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling afgenomen en bestaat uit 50 meerkeuzevragen, gebaseerd op de toets termen zoals omschreven in bijlage 3.1.
De meerkeuzevragen van het theorie-examen worden uitsluitend verstrekt vanuit de itembank van de Registratie Instelling.
De maximale tijd om het theorie-examen af te leggen bedraagt 90 minuten. Voor de overige eisen aan de uitvoering van het examen wordt verwezen naar het examenprotocol.
Het praktijkexamen wordt in een praktijk gesimuleerde omgeving afgenomen en is gebaseerd op de toets termen zoals omschreven in bijlage 3.1 en bestaat uit de volgende onderdelen:
a. kennismaken en doornemen opdracht;
b. aanvangscontrole van de funderingsmachine en de daarbij behorende documenten;
c. onderhoud en werking van de funderingsmachine groot;
d. controle en gebruik van hijs- en hefgereedschap;
e. opstellen en gebruiksklaar maken van de funderingsmachine groot;
f. hijsopdracht 1 (KO-opdracht);
g. assisteren last verplaatsen (KO-opdracht);
h. hijsopdracht 2 (KO-opdracht);
i. hijsopdracht 3 (KO-opdracht);
j. beheersen van de funderingsmachine groot;
k. funderingsmachine groot achterlaten; en
l. veiligheid (KO-onderdeel).
De examenopdrachten voor het praktijkexamen worden uitsluitend verstrekt vanuit de itembank van de Registratie Instelling.
De examenopdrachten moeten binnen 240 minuten worden uitgevoerd.
Het beheer van de itembank geschiedt onder strikte geheimhouding door de examencommissie. De examencommissie verstrekt, ten behoeve van de examinering, de meerkeuzevragen van het theorie-examen en de examenopdrachten voor het praktijkexamen.
Waardering examenresultaten
Het resultaat van zowel het theorie- als het praktijkexamen wordt tot uiting gebracht in ofwel “voldoende” ofwel “onvoldoende”.
Cesuur theorie-examen
De maximale waardering voor de meerkeuzevragen bij een volledig theorie-examen is 500 punten.
Een kandidaat heeft een voldoende voor het theorie-examen indien hij of zij 350 punten of meer heeft behaald (70%). Daarnaast moet van elke groep vragen over één eindterm minimaal 70% goed worden gescoord.
Cesuur praktijkexamen
Elk onderdeel van het praktijkexamen wordt beoordeeld aan de hand van het beoordelingsprotocol. Aan de verschillende handelingen zijn beoordelingscriteria gekoppeld met een daaraan verbonden puntenwaardering.
Voor alle onderdelen van het praktijkexamen moet een voldoende worden gehaald. Om een voldoende te halen voor een onderdeel moet minimaal 70% van de maximaal te behalen punten worden gescoord én mag de kandidaat geen KO (knock out) hebben.
Een kandidaat die een voldoende resultaat heeft gehaald voor ofwel het theorie-examen ofwel het praktijkexamen, kan indien hij of zij een onvoldoende heeft behaald voor het andere examendeel, ongelimiteerd herexamen doen voor het als onvoldoende gekwalificeerde examendeel.
Wanneer niet binnen zes maanden na het behalen van een voldoende voor het éne examendeel een voldoende voor het andere examendeel is behaald, moet opnieuw een volledig examen (zowel theorie als praktijk) worden afgelegd.
Er is geen maximum verbonden aan het aantal gecombineerde theorie- en praktijkexamens dat een kandidaat kan afleggen.
Binnen drie weken nadat een kandidaat een voldoende resultaat heeft behaald voor zowel het theorie-examen als het praktijkexamen registreert de Registratie Instelling deze persoon in het Register, tenzij deze persoon in gebreke blijft met de betaling van de kosten of heeft gemalverseerd met zijn of haar persoonsgegevens en/of tijdens het examen.
De geregistreerde persoon ontvangt vervolgens binnen een week na opname in het register een verklaring van registratie.
Een aanvraag tot herregistratie wordt schriftelijk (digitaal of hardcopy) ingediend bij de Registratie Instelling. De beoordeling van een aanvraag tot herregistratie geschiedt door de Registratie Instelling aan de hand van gegevens over gevolgde bijscholing en opgetekende praktijkervaring en/of afgelegde examens.
De gevolgde bijscholing en de opgetekende praktijkervaring wordt bijgehouden in het Register. De administratie hiervan moet minimaal vijf jaar beschikbaar blijven.
Om als registratiehouder voor herregistratie in aanmerking te komen, moet worden aangetoond dat in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie door de registratiehouder aan de volgende voorwaarden is voldaan:
1. Bijscholing:
Twee volledige bijscholingsdagen (of 4 dagdelen) zijn gevolgd bij een door de Registratie Instelling erkende trainer, waarvan
a. één bijscholingsdag (of 2 dagdelen) is gevolgd in de eerste 36 maanden van de periode van vijf jaar, en
b. de tweede bijscholingsdag (of 2 dagdelen) is gevolgd na de 36ste maand van de periode van vijf jaar.
Tijdens de bijscholingsdagen komen alle eindtermen en actuele ontwikkelingen op het gebied van het onderwerp van dit schema aan de orde.
De bijscholing (4 modules, 1 module per dagdeel) wordt als volgt onderverdeeld:
Module A+B onderdeel hijs begeleiden en aanslaan van lasten;
Module C+D onderdeel hijsen en onderdeel gedrag en actualiteit;
Module E+F onderdeel hijs begeleiden en aanslaan van lasten, gedrag en actualiteit
De registratiehouder moet 2 van de drie modules volgen om voor herregistratie in aanmerking te komen.
Van de gevolgde bijscholing ontvangt de deelnemer een bewijs van deelname van de door de Registratie Instelling erkende trainer. De deelname wordt aangetekend in het Register.
Indien de aanvrager van herregistratie niet kan aantonen over voldoende gevolgde bijscholing te beschikken in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie, dan kan hij of zij via een theorie-examen aantonen nog steeds over voldoende kennis te beschikken. Dit theorie-examen wordt afgenomen conform de eisen zoals daarvoor vastgelegd in artikel 6.1.
2. Praktijkervaring:
In de periode van vijf jaar dat de registratie geldig is, moet de registratiehouder tenminste acht kwartalen hebben gewerkt in de functie die op de registratie is vermeld en van deze acht kwartalen moeten tenminste twee kwartalen vallen in de laatste drie jaar van de periode van vijf jaar.
Of een persoon voldoende praktijkervaring heeft blijkt uit de aantekening daarvan door de door de Registratie Instelling geautoriseerde werk- en/of opdrachtgever in het Register, die tenminste elke drie maanden de ingevoerde gegevens op waarheid toetst.
Indien de aanvrager van herregistratie niet kan aantonen over voldoende praktijkervaring te beschikken in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie, dan kan hij of zij via een praktijkexamen aantonen nog steeds over voldoende praktische competenties te beschikken.
Dit praktijkexamen wordt afgenomen conform de eisen zoals daarvoor vastgelegd in artikel 6.1.
Na ontvangst van een aanvraag voor herregistratie controleert de Registratie Instelling de gegevens van de aanvrager in het register met betrekking tot de gevolgde bijscholing, de opgetekende praktijkervaring en/of afgelegde examens. Indien wordt voldaan aan de in artikel 7.2.2 gestelde eisen bericht de Registratie Instelling de aanvrager binnen twee kalenderweken over het resultaat.
De aanvrager ontvangt vervolgens binnen een week na opname in het register een verklaring van herregistratie.
De ingangsdatum van de herregistratie wordt aldus vastgesteld:
a. Indien de positieve herregistratiebeslissing valt binnen drie maanden voor de einddatum van de voorgaande registratie, dan is die vervaldatum tevens de ingangsdatum van de hernieuwde registratie.
b. Indien de positieve herregistratiebeslissing valt voor de drie maanden voorafgaand aan de einddatum van de voorgaande registratie, dan is de datum van de herregistratiebeslissing de ingangsdatum van de hernieuwde registratie.
Wanneer de registratie van de machinist is verlopen zonder tijdige herregistratie en de persoon alsnog in het bezit wil komen van een registratie, is dit mogelijk door het met goed gevolg afleggen van een examen zoals vastgelegd in paragraaf 6.
In uitzonderlijke gevallen is dispensatie mogelijk. Hiertoe moet er een dispensatie-verzoek bij de Registratie Instelling worden ingediend conform het dispensatieprotocol. Dit verzoek wordt vervolgens voorgelegd aan de examencommissie die hieromtrent een advies opstelt. Dit advies wordt vervolgens voorgelegd aan de Raad van Toezicht van de Registratie Instelling, die een besluit neemt over de (her)registratie.
De geregistreerde beantwoordt verzoeken van de registratie-instelling om informatie die zij nodig acht om te kunnen vaststellen of er een noodzaak tot het treffen van maatregelen aanwezig is.
De Registratie Instelling verwijdert de registratie van een persoon uit het Register Kraanmachinisten indien de geregistreerde met zijn of haar werkzaamheden, voor zover die door de registratie worden gereguleerd, of door de wijze waarop hij of zij de werkzaamheden verricht ernstig gevaar veroorzaakt of kan veroorzaken voor personen.
De Registratie Instelling kan de registratie van een persoon uit het Register Kraanmachinisten tijdelijk verwijderen indien de geregistreerde met zijn of haar werkzaamheden, voor zover die door de registratie worden gereguleerd, of door de wijze waarop hij of zij de werkzaamheden verricht gevaar veroorzaakt of kan veroorzaken voor personen.
De verwijdering geschiedt op grond van door de Arbeidsinspectie of anderen aangeleverde informatie die de conclusie onderbouwen dat sprake is of is geweest van gevaar dan wel ernstig gevaar.
Indien de Registratie Instelling ten behoeve van haar besluitvorming over het al dan niet verwijderen van een registratie van een persoon nadere informatie nodig heeft kan zij de registratie van deze persoon lopende het onderzoek voor een periode van maximaal drie maanden schorsen.
De (her)registratie wordt vastgelegd middels een verklaring van (her)registratie.
De verklaring van (her)registratie wordt door de Registratie Instelling afgegeven aan de geregistreerde in de taal van het examen als wordt voldaan aan de eisen uit artikel 6.1.
Op het document van de verklaring van (her)registratie wordt verklaard dat de betreffende persoon voldoet aan de eisen uit het onderhavige schema en indien relevant of het ging om een herregistratie.
De volgende gegevens moeten minimaal in de verklaring van (her)registratie vermeld zijn:
a. naam van de geregistreerde persoon incl. geboortedatum;
b. eenduidig documentnummer (usernummer);
c. referentie naar dit schema;
d. scope van de registratie, inclusief de geldigheidscondities; en
e. de ingangsdatum van de (her)registratie en de datum waarop de (her)registratie ophoudt geldig te zijn.
De geldigheidsduur van de (her)registratie is vijf jaar. Een registratie kan tussentijds worden verwijderd op administratieve gronden (zie artikel 1.5p, derde lid, onder a tot en met d van het Arbeidsomstandighedenbesluit) en bij wijze van maatregel (zie hierover artikel 7.2.6).
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is van toepassing op de beoordeling van beroepskwalificaties van personen afkomstig uit de lidstaten van de Europese Unie en andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Ruimte en Zwitserland ten behoeve van de registratie als machinist mobiele kraan.
De Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties is onverkort van toepassing. Daarnaast gelden artikel 1.5h van het Arbeidsomstandighedenbesluit en paragraaf 1.3 van de Arbeidsomstandighedenregeling.
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling in zowel de Nederlandse als Engelse taal.
De Registratie Instelling heeft een procedure voor het indienen en behandelen van klachten over haar functioneren en publiceert deze op haar website.
Er gelden de volgende eindtermen:
1. de kandidaat heeft kennis van hijswerkzaamheden, incl. het voorbereiden daarvan;
2. de kandidaat heeft kennis van de wet- en regelgeving van hijswerkzaamheden;
3. de kandidaat kan het werk voorbereiden, incl. het gebruiken van hijsgereedschappen;
4. de kandidaat kan een funderingsmachine groot opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken;
5. de kandidaat weet hoe op een veilige manier hijswerkzaamheden uitgevoerd kunnen worden met een funderingsmachine groot; en
6. de kandidaat kan hijswerkzaamheden afronden en de funderingsmachine voor transport gereed maken.
|
Eindterm |
theorie-examen |
praktijkexamen1 |
|---|---|---|
|
1. |
8 vragen × 5 pt |
X (a en k) |
|
2. |
8 vragen × 6 pt |
|
|
3. |
20 vragen × 15 pt |
X (b, en c en d) |
|
4. |
X (e) |
|
|
5. |
14 vragen × 8 pt |
X (f, g, h en i) |
|
6. |
X (j) |
Het theorie-examen bestaat uit 50 meerkeuze vragen.
Het praktijkexamen bestaat uit 3 hijsopdrachten.
Zie ook paragraaf 6.
|
Eindterm |
Beoordelingscriterium |
Specifieke kennis m.b.t.: |
|---|---|---|
|
1.1 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welke pbm's nodig zijn in welke situatie |
PBM's: * veiligheidshelm * veiligheidsschoenen * veiligheidshandschoenen * gehoorbescherming * veiligheidsbril * reflecterende kleding • valgordel • reddingsvest |
|
1.2 kennis van hijswerkzaamheden |
weet wat de stabiliteit beïnvloedt en kan deze ook berekenen |
* ondergrond * opstelling machine * wind * zwaartepunt last |
|
1.3 kennis van hijswerkzaamheden |
kent de relatie tussen zwaartepunt en kantellijnen en kan deze ook berekenen |
zwaartepunt: * laag * excentrisch * hoog kantellijnen |
|
1.4 kennis van hijswerkzaamheden |
kan het zwaartepunt bepalen van de last en kan deze ook berekenen |
zwaartepunt last: * volume/vorm * soortelijke massa * totale massa van de last |
|
1.5 kennis van hijswerkzaamheden |
weet wat het effect is van vocht op de draagkracht van verschillende grondsoorten |
grondsoorten: * zand * veen * klei * leem * löss |
|
1.6 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welk hijsgereedschap geschikt is voor welke opdracht |
rekening houdend met: * capaciteit (WLL working load limit) * toepassing en aanslaan lasten * afkeurmaatstaven * werklastfactoren – buitenhoek – werkbak/werkplatform – stroppen |
|
1.7 kennis van hijswerkzaamheden |
kent de invloed van de verschillende onderdelen van de machine op de stabiliteit en werking |
onderdelen: * ballast * optimale aantal inscheringen * schoorstanden * last |
|
1.8 kennis van hijswerkzaamheden |
kent de invloed van werken op een ponton ten aanzien van de stabiliteit van de machine |
Rekening houdend met: * capaciteit * labiel evenwicht * belading ponton * ballast |
|
1.9 kennis van hijswerkzaamheden |
kan de functie van de verschillende beveiligingen en signaleringen noemen |
beveiligingen: * windingenbeveiliging * hoogte-afslagbeveiliging * LMI * uitstapbeveiliging |
|
1.10 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welke restricties van toepassing zijn bij specifieke hijswerkzaamheden |
specifieke hijswerkzaamheden: * hijsen met meerdere kranen in één werkgebied * hijsen van werkbak * hijsen van personen * hijsen bij spoor * hijsen naast grondkeringen * opstelling van de machine * hijsen in omgeving van hoogspanningsmasten |
|
2.1 kennis van wet- en regelgeving |
anticipeert op wisselende omstandigheden |
omstandigheden: * wisselend weer * getijden * toestroom kijkers * instabiele last * verkeer * positie hijsbegeleider, machinist en derden (ter voorkoming van knelgevaar) |
|
2.2 kennis van wet- en regelgeving |
gebruikt deugdelijke beschermingsmiddelen bij de verschillende werkzaamheden |
PBM's: * veiligheidshelm * veiligheidsschoenen * veiligheidshandschoenen * gehoorbescherming * veiligheidsbril *harnasgordel * reflecterende kleding * reddingsvest (bij werken op het water) deugdelijk: * in goede staat verkeren * niet voorbij uiterste gebruiksdatum |
|
2.3 kennis van wet- en regelgeving |
voert de werkzaamheden uit volgens de gebruiksaanwijzing van de betreffende machine |
Gebruiksaanwijzing in de taal van de gebruiker Tabellen van alle LMB instellingen aanwezig |
|
2.4 kennis van wet- en regelgeving |
voert de werkzaamheden uit rekening houdend met wet- en regelgeving |
wet- en regelgeving: * milieuwetgeving * arbowetgeving * nationale wetgeving * lokale verordening |
|
3.1 voorbereiding werkzaamheden |
kan de machine controleren op visueel zichtbare gebreken |
controle op: * banden/rupsen * eventuele lekkages (oliespoor) * breuken/scheuren in metaal * loszittende bouten * stempelinrichting * beveiliging juiste opbouw * beschadigingen |
|
3.2 voorbereiding werkzaamheden |
kan het ponton controleren op visueel zichtbare gebreken |
controle op: * eventuele lekkages * breuken/scheuren in metaal * loszittende bouten * eventuele pontonkoppeling * ankers en ankerdraden * eventuele spudbedieningen |
|
3.3 voorbereiding werkzaamheden |
maakt de cabine werk klaar |
Werk klaar: * spiegels en ramen schoon en condensvrij * zonwering |
|
3.4 voorbereiding werkzaamheden |
Kan de werking van de verlichting controleren |
|
|
3.5 voorbereiding werkzaamheden |
controleert het peil van diverse vloeistoffen en vult indien nodig bij |
controleren: * motorolie * koelvloeistof * hydrauliek olie * brandstof * accu * onderdelen met automatische vetsmering indien nodig: * vloeistoffen bijvullen * smeren van draaiende onderdelen die niet zijn voorzien van automatische vetsmering |
|
3.6 voorbereiding werkzaamheden |
zorgt voor aanwezigheid van het benodigde hijsgereedschap en draagt zorg dat het gereedschap bruikbaar is |
bruikbaar: – weergave van toegestane werklast op het hijsgereedschap – visuele beschadigingen of manco's – aanwezigheid CE-markering, certificaat en inspectierapport – markeert afkeur hijsgereedschap, bijvoorbeeld: * kettingtakel * kettingwerk |
|
3.7 voorbereiding werkzaamheden |
voert de aanvangscontrole uit |
aanvangscontrole: de staat en de werking van: * kabels * blok * schijven * beveiligingen |
|
3.8 voorbereiding werkzaamheden |
controleert de voorgeschreven documenten op aanwezigheid en volledigheid |
documenten: * persoonlijke documenten – TCVT registratie machinist * machine gebonden documenten – kraanboek – TCVT certificaat van machine – opstellingskeuring * capaciteitstabel(/hijstabel) – gebruiksaanwijzing * hijsgereedschap gebonden documenten – certificaten – gebruiksaanwijzing * last gebonden documenten – werkplan * opstellingsinspectieformulier * kabels en leidingenformulier * eventueel stabiliteitsberekening van het ponton |
|
3.9 voorbereiding werkzaamheden |
maakt uit het werkplan op: * hoe de machine moet worden opgesteld om de hef- of hijsactiviteit te kunnen uitvoeren * hoe de hef- en hijsactiviteiten moeten worden uitgevoerd |
onderdelen van het werkplan: * soort machine * plaats en afmetingen van de hijslocatie(s) * plaats en afmetingen van de obstakels * afmetingen, vorm, massa en zwaartepunt van de last * soort, afmetingen, vorm en massa van het hijsgereedschap * eventueel uitvoering van ponton |
|
3.10 voorbereiding werkzaamheden |
interpreteert de hijstabel van de betreffende machine |
hijstabel: * technische weergave in hoeveelheid en aantal * weergave wat de machine mag hijsen * juiste configuratie |
|
3.11 voorbereiding werkzaamheden |
neemt eventueel in samenspraak met de uitvoerder, het werkplan door |
rekening houdend met (o.a.): * de aard van de te hijsen materialen * de aard van de werkzaamheden * de ligging van ondergrondse kabels en leidingen * plaats en afmetingen van obstakels * aanwezigheid van mensen en verkeer * afmetingen, massa en zwaartepunt van de last onderdelen werkplan, bijvoorbeeld: * keuze en soort hijsgereedschap * interpretatie van hijstabel * benodigde aanvullende veiligheidsmaatregelen * benodigde persoonlijke beschermingsmiddelen * werkvolgorde/routing |
|
3.12 voorbereiding werkzaamheden |
neemt deel aan het start-werkoverleg |
betrokkenen (bijvoorbeeld): * uitvoerder * machinist * aanpiker/hijsbegeleider doel: * onderlinge afstemming van de totale werkzaamheden |
|
3.13 voorbereiding werkzaamheden |
overlegt met de betrokkenen over de werkaanpak |
hijsteam (bijvoorbeeld): * machinist * hijsbegeleider doel: * onderlinge afstemming van de specifieke werkzaamheden |
|
3.14 voorbereiding werkzaamheden |
plaatst afzettingen, rekening houdend met aandachtspunten |
algemeen: * afstand van minimaal een halve meter tot bijvoorbeeld gebouwen soorten afzettingen: * afzettingen rondom de machine aandachtspunten: * voorkomen van langdurige en onnodige afzettingen |
|
3.15 voorbereiding werkzaamheden |
Beoordeelt de draagkracht van de ondergrond op basis van criteria |
beoordelingscriteria: * stabiliteit van de ondergrond * terreinomstandigheden van en naar de opstelplaats (o.b.v. overleg met de klant) * toelaatbare gronddruk (o.b.v. overleg met de klant) * ondergrondse objecten (riool, kelder, leidingen, waterloop, putten, obstakels) aanwezigheid grondkeringen toepassing van draglineschotten * geroerde grond |
|
3.16 voorbereiding werkzaamheden |
kiest op basis van kenmerken/vorm van de last het juiste hijsgereedschap |
kenmerken van de last: * gewicht * materiaalsoort * afmetingen * mechanische kenmerken (sterkte en samenstelling) |
|
3.17 voorbereiding werkzaamheden |
berekent het gewicht van de last |
massa × volume |
|
3.18 voorbereiding werkzaamheden |
onderzoekt/informeert over het zwaartepunt van de last voorafgaand aan het hijsen |
|
|
3.19 voorbereiding werkzaamheden |
interpreteert het dekplan van het ponton |
dekplan tekening van ponton: * locatie ballast * locatie machine, schotten, blokken * locatie (hulp)materialen (dekplan is grafische weergave van het stabiliteitsplan) |
|
3.20 voorbereiding werkzaamheden |
interpreteert de tekeningen waarin een last op verschillende manieren is aangeslagen in relatie tot (eventueel) doorbuigen van de last, het (eventueel) inwerken van krachten en (eventuele) risico's op het verschuiven van de stroppen |
|
|
4.1 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
bepaalt de meest optimale positie van de machine om de werkzaamheden te kunnen uitvoeren |
optimale positie: * veiligheid * zicht * omgeving – bijv hoogspanningskabels – over mensen heen draaien – afzetting * weersomstandigheden: – wind – zon – mist – duisternis – vorst en sneeuw – warmte en kou – regen – onweer * efficiency |
|
4.2 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
plaatst de machine op een ponton rekening houdend met aandachtspunten |
aandachtspunten: * sterkte kade * oprijdschotten * verankering aan de kade * hoogte van waterpeil slipeffect van de spudpalen * effect gewichtsverplaatsing |
|
4.3 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt tijdens het opstellen rekening met de ondergrondse infrastructuur |
ondergrondse infrastructuur: * leidingen * kabels * kelders * putten * buizen |
|
4.4 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
plaatst stempelschotten/draglineschotten, indien nodig |
plaatsen: * bepalen of oppervlakte voldoende is: oppervlakte = kracht / druk |
|
4.5 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
stelt de machine stabiel (waterpas) op |
|
|
4.6 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt bij het opstellen rekening met de stabiliteit van de ondergrond |
soort ondergrond: * zand * veen * klei * leem * löss type verharding: *asfalt * beton * elementverharding |
|
4.7 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt bij het opstellen rekening met de mogelijke kans op afschuiven van de grond rondom sloten, damwanden, kades en taluds |
aandachtspunten: * afstand |
|
4.8 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
scheert de kabels in of uit, rekening houdend met de aandachtspunten, en kiest het aantal inscheringen |
aandachtspunten: * correct aanbrengen van de kabel over de schijven * aanwezigheid van uitloopbeveiligingen, bij inscheren vrij van uitloopbeveiligingen * correcte eindverbindingen * bij werken op hoogte: gebruikmaken van de voorziene klimvoorzieningen en beveiligingen |
|
4.9 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
monteert ballast/contragewicht, rekening houdend met de aandachtspunten |
aandachtspunten: * bij werken op hoogte: gebruikmaken van de voorziene klimvoorzieningen en beveiligingen borging |
|
4.10 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
controleert of de werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd vanaf de geplande opstelling |
|
|
4.11 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
controleert de beveiligingen |
controleert: * instelling * werking |
|
5.1 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
voert een LMRA uit |
laatste minuut risicoanalyse: * wijzigingen t.a.v. omgevingsfactoren * wijzigingen t.a.v. weersomstandigheden |
|
5.2 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
bepaalt, gegeven de belasting factoren en de werklast, of de door de fabrikant opgegeven werklast van hijsgereedschap niet wordt overschreden |
|
|
5.3 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
volgt de arm- en handseinen en/of kan werken met de portofoon |
Seinen (signalering vooraf afstemmen): * overnemen commando * stop, einde beweging * stop, einde commando * noodstop * omhoog * omlaag * aanduiding hoogte * horizontale afstand * vooruit * achteruit * naar links * naar rechts |
|
5.4 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
past de verplichte beveiligingen toe |
beveiligingen: * uitstapbeveiliging |
|
5.5 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
voert meerdere kraanbewegingen tegelijkertijd uit |
kraanbewegingen: * last neerleggen * last oprichten * hijsen/zakken * optoppen/aftoppen * zwenken |
|
5.6 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
haalt tijdens het hijsen eventuele slingeringen uit de last of beheerst deze veilig |
|
|
5.7 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
schat afstanden goed in |
|
|
5.8 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
past de werksnelheid aan de weers- en werkomstandigheden aan |
|
|
5.9 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
plaatst een last op de juiste locatie |
|
|
5.10 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
manoeuvreert een last tussen obstakels door |
|
|
5.11 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
kantelt een last van horizontaal naar verticaal en andersom |
|
|
5.12 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
controleert of de werkbak/lift en machine goedgekeurd zijn hoort bij 0: vooraf checken! |
controle: * aanwezigheid juiste stickers * aanwezigheid juiste certificaten |
|
5.13 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
controleert of de gordel en lijn in goede staat en goedgekeurd zijn hoort bij 0: vooraf checken! |
controle: * certificaten * staat gordel en lijn |
|
5.14 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
controleert of de hijskabel de afgelopen drie maanden gecontroleerd is, in orde is en gedocumenteerd in het kraanboek hoort bij 0: vooraf checken! |
controle: * certificaat * kraanboek |
|
5.15 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
houdt zich aan de maximale werklast en het aantal personen zoals vermeldt op de werkbak/werkplatform |
25%-regel + LMB |
|
5.16 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
gebruikt de werkbak/werkplatform niet indien de weersomstandigheden veilig werken niet toelaten |
weersomstandigheden: * onweer * harde wind (zie gebruiksaanwijzing werkbak/werkplatform) |
|
5.17 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
controleert of de personen in de werkbak/werkplatform beveiligingsmiddelen dragen tegen vallen die rechtstreeks aan de daarvoor bestemde bevestigingspunten zijn bevestigd |
beveiliging: * harnas * korte lijn geen valgordel (boven water wel) |
|
5.18 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
hijst de werkbak/machinistenlift met geringe snelheid en zonder schokken of stoten |
|
|
5.19 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
vult voorafgaand aan de werkzaamheden de checklist “Werken met een werkbak/werkplatform” in en ondertekent deze hoort bij 0: vooraf checken! |
|
|
5.20 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
vult voorafgaand aan de werkzaamheden samen met de gebruiker een checklist in met betrekking tot het gebruik van de werkbak/werkplatform in en zorgt ervoor dat deze ondertekend wordt hoort bij 0: vooraf checken! |
|
|
5.21 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
laat de gebruiker alleen in- en uitstappen als de werkbak/werkplatform op een vaste ondergrond staat |
|
|
5.22 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
maakt de hijsgereedschappen los en verwijdert deze van de last |
aandachtspunten: * last stabiel * beknellingsgevaar * hijsgereedschappen mogen niet blijven haken achter de last |
|
5.23 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
stelt een storingsdiagnose op in relatie tot de hoofdonderdelen van de machine |
hoofdonderdelen: – hydraulisch – pneumatisch – elektrisch – mechanisch – motorisch * op basis van visuele en auditieve controle |
|
5.24 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
bepaalt bij storingen welke acties ondernomen moeten worden en zet deze in gang |
acties: * beoordelen of wel of niet verantwoord doorgewerkt kan worden * bepalen of de storing zelfstandig opgelost kan worden of de monteur of technische dienst ingeschakeld moet worden |
|
6.1 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
legt, indien nodig, ballast/contragewicht af |
|
|
6.2 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
plaatst de machine op de kade rekening houdend met aandachtspunten |
aandachtspunten: * sterkte kade * oprijdschotten * verankering aan de kade * hoogte van waterpeil * spileffect op de spudpalen * effect gewichtsverplaatsing |
|
6.3 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
maakt de machine transport gereed |
Transport gereed: * losliggende delen verwijderen * sjorrings aanbrengen * borgingen aanbrengen * achteruitrij-signalering controleren * remmen controleren indien aanwezig: * de rupsen intrekken tot transportstand |
|
6.4 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
laat de machine volgens de voorschriften achter |
Makelaar tegen eindstoppen Stempels uit Ketting vast |
|
6.5 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
ruimt de werkplek op |
werkplek netjes achterlaten: * afzettingen opruimen * vergelijk de plek zoals bij aanvang |
|
6.6 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
ondertekent de noodzakelijke documenten en/of laat deze ondertekenen |
documenten: * kraanboek (bij repartie aan de machine) |
|
6.7 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
bespreekt, indien nodig, het verloop van het werk met het team en de klant |
|
|
6.8 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
rijdt de machine op de dieplader en kiest een goede laad- of losplaats |
volgt hierbij aanwijzingen op van de chauffeur laad- losplaats: * stabiele ondergrond * voldoende ruimte * geen beperkingen voor verkeer * bovengrondse obstakels |
|
6.9 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
manoeuvreert de machine op het werkterrein, rekening houdend met de rijeigenschappen van de machine |
rijeigenschappen machine: * de grootte van het voertuig * de giek * wendbaarheid * belading * trager verloop van optrekken en remmen * zwaartepunt * indien van toepassing op rails rijden – niet over voedingskabel rijden – voorzichtig bij vorst of als er blad op de rails ligt |
Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 28 februari 2025.
Dit registratieschema bevat de eisen op het gebied van veilig hijsen waaraan een te registreren machinist dient te voldoen om als machinist autolaadkraan te worden geregistreerd in het Register Kraanmachinisten alsmede de eisen aan het proces van persoonsregistratie.
De te registreren machinist voert hijswerkzaamheden uit met een autolaadkraan, dat wil zeggen een autolaadkraan geschikt voor het hijsen van vrijhangende lasten, met tenminste een bedrijfslastmoment van 10 tonmeter. Hijswerkzaamheden bestaan onder meer uit hetverplaatsen van vrijhangende lading/lasten.
Daar waar in dit schema wordt gesproken over de Registratie Instelling wordt gedoeld op de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie (hierna: TCVT RA). In verband met het beheer van het Register Kraanmachinisten heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan TCVT RA mandaat, volmacht en machtiging verleend en TCVT RA aangewezen als verwerker in de zin van artikel 28 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Daarnaast heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid met TCVT RA een verwerkersovereenkomst, alsmede een algemene overeenkomst met algemene afspraken over het beheer van het Register Kraanmachinisten afgesloten.
|
Begrip |
Betekenis |
|---|---|
|
Aanvrager |
De persoon die een aanvraag doet voor het afgeven van een registratie machinist autolaadkraan. |
|
Autolaadkraan |
Conform artikel 7.6, eerste lid onder b, van de Arbeidsomstandighedenregeling: een autolaadkraan geschikt voor het hijsen van vrijhangende lasten, met tenminste een bedrijfslastmoment van 10 tonmeter. |
|
Beoordelingsprotocol |
Het beoordelingsprotocol RA 412 zoals opgesteld door de Registratie Instelling met bepalingen voor de beoordeling van de praktijk examen-opdrachten. |
|
Certificaat examinering |
Certificaat afgegeven door TCVT RA aan de persoon die voldoet aan de eisen gesteld aan de examinator zoals gesteld in VT 421 opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling. |
|
Cesuur |
De grens tussen de hoogste toets score waaraan een onvoldoende en de laagste toets score waaraan een voldoende wordt toegekend. |
|
Dispensatieprotocol |
Het protocol RA 414 zoals opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op haar website dat voor bijzondere gevallen de mogelijkheden beschrijft voor de persoon die geregistreerd is geweest te worden geherregistreerd zonder het examen te hoeven af te leggen. |
|
Eindtermen |
De omschrijving van de minimaal vereiste kennis, vaardigheden en houdingen (gedrag) op een specifiek competentiegebied zoals beschreven in bijlage 4.1, ten behoeve van het toetsen van examenkandidaten. |
|
Entreecriteria |
Voorwaarden waaraan moet zijn voldaan om te kunnen deelnemen aan en examen. |
|
Erkende trainer |
Een persoon die volgens de eisen uit RA 413, opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling, is erkend voor het verzorgen van bijscholing. |
|
Examen |
Het geheel van toets opgaven (toets-vragen en/of toets-opdrachten), bedoeld om de individuele kandidaat te kunnen beoordelen naar de mate waarin hij of zij aan de eindtermen conform de normen voldoet. |
|
Examencommissie |
De commissie, ingesteld door de Registratie Instelling, die verantwoordelijk is voor de examendocumenten en het beheer van de itembank. |
|
Examen Instelling |
Instelling belast met de examinering conform de eisen uit het onderhavige schema. |
|
Examenprotocol |
Het examenprotocol RA 410 zoals opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling met bepalingen voor de uitvoering van examens. |
|
Examinator |
Persoon die beschikt over een geldig certificaat examinering. |
|
Examinatoreninstructie |
De examinatoreninstructie RA 411 zoals vastgesteld door de Registratie Instelling en beschikbaar voor examinatoren die examineren ten behoeve van de Registratie Instelling met bepalingen voor de uniforme uitvoering van examens door examinatoren. |
|
Herregistratie |
Hernieuwde registratie in het Register nadat getoetst is dat de beroepsbeoefenaar voldoet aan de eisen voor herregistratie. |
|
Kandidaat |
Persoon die een examen wordt afgenomen. |
|
KO-opdracht |
Examen-opdracht waarbij een onvoldoende beoordeling tot gevolg heeft dat de kandidaat niet met een positief advies wordt voorgedragen voor registratie. Het examen wordt bij een KO-beoordeling wel voortgezet. (KO staat voor Knock Out.) |
|
Lading |
De last c.q. lasten en/of het object c.q. objecten die op welke wijze dan ook veilig moet(en) worden getransporteerd en/of gehesen en/of opgeslagen en/of overgeslagen en/of geborgen. |
|
Machinist |
Machinist die een autolaadkraan, zoals bedoeld in artikel 7.6, eerste lid onder b, van de Arbeidsomstandighedenregeling, bedient. |
|
Registratie |
Registratie in de zin van artikel 7.32, eerste lid van het Arbeidsomstandighedenbesluit als machinist autolaadkraan in het Register Kraanmachinisten. |
|
Registratiehouder |
Persoon die in het bezit is van een geldige registratie. |
|
Registratie Instelling |
Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie. |
|
Register |
Het Register Kraanmachinisten met de namen van de personen die voldoen aan de eisen tot (her)registratie. |
|
Reparatie |
Reparaties en wijzigingen die aan de autolaadkraan worden verricht, niet zijnde een ingrijpende wijziging die leidt tot het ontstaan van een nieuwe autolaadkraan met de daarbij behorende overeenstemmingsprocedure. |
|
Schema |
De set van eisen zoals beschreven in onderhavig document voor het verlenen van een registratie. |
|
Toets term |
Een met een minimumprestatie en voorwaarden verbijzonderde eindterm. |
|
Trainer |
Door de Registratie Instelling erkende trainer die de bijscholing mag verzorgen op basis van het document RA 413. Het document RA 413 en de namen van de erkende trainers staan vermeld op de website van de Registratie Instelling. |
|
Verklaring van registratie |
Bewijs dat een persoon is geregistreerd. |
|
Werkbak |
Bak zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel a van het Arbeidsomstandighedenbesluit. |
|
Werkplatform |
Platform zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel b van het Arbeidsomstandighedenbesluit. |
De kandidaat machinist dient bij een namens de Registratie Instelling aangewezen Examen Instelling, in overeenstemming met dit schema, een aanvraag in voor de examinering als machinist van een autolaadkraan.
Examens worden afgenomen door de Examen Instelling die daarvoor door de Registratie Instelling is aangewezen. De examinering door de Examen Instelling vindt plaats volgens de eisen in dit schema, de overige door de Registratie Instelling gestelde eisen en het Examenreglement. Voor deelname aan het examen gelden entreecriteria (zie paragraaf 5).
Wanneer de kandidaat is geslaagd voor het examen dient hij of zij een aanvraag in tot registratie in het Register bij de Registratie Instelling.
Indien de Registratie Instelling vaststelt dat de aanvrager een of meer van de bij de indiening van de aanvraag verlangde gegevens niet heeft verstrekt, stelt zij deze in de gelegenheid het ontbrekende gegeven of de ontbrekende gegevens alsnog binnen twee weken te verstrekken. Wordt het gegeven of worden de gegevens niet binnen die twee weken verstrekt, dan wordt het verzoek buiten behandeling gelaten.
De Registratie Instelling besluit tot registratie van de betreffende persoon indien deze voldoet aan de registratie-eisen, de kosten voor het examen en registratie heeft betaald en niet heeft gemalverseerd tijdens het examen of met zijn of haar persoonsgegevens.
De machinist die een herregistratie wenst in het Register Kraanmachinisten stuurt een aanvraag daartoe aan de Registratie Instelling en voegt daarbij informatie over scholing en praktijkervaring en eventueel met goed gevolg afgelegde vervangende examens (zie de eisen in artikel 7.2.2).
De examinering geschiedt onder de directe verantwoordelijkheid van de Registratie Instelling.
De Registratie Instelling heeft een examenprotocol en draagt er zorg voor dat de Examen Instelling werkt volgens dat examenprotocol. Het examenprotocol bevat alle eisen die in dit schema zijn opgenomen en betrekking hebben op het examen of een uitwerking daarvan.
In het examenprotocol zijn in ieder geval de volgende zaken opgenomen:
a. entree-criteria voor deelname aan het examen (zie ook paragraaf 5);
b. wijze van identificatie van de kandidaat bij het examen;
c. examenduur en wijze van examinering van zowel het theorie als praktijkdeel;
d. gedragsregels voor examenkandidaten;
e. regeling alternatieve examinering;
f. normering voor slagen en afwijzen;
g. bekendmaking van de examenuitslag aan de aanvrager;
h. bewaartermijn van de examendocumenten of digitale scans daarvan, zoals uitwerkingen en beoordelingsformulieren;
i. het recht van de examenkandidaat tot inzicht in zijn of haar beoordeling; en
j. geldigheidsduur van positieve resultaten van het theorie- dan wel het praktijkexamen.
Personen die zijn belast met de examinering voldoen aan de algemene, vakinhoudelijke en onafhankelijkheidseisen zoals bepaald door de Registratie Instelling alsmede aan de eisen zoals gesteld in het examenprotocol.
Alleen personen die in het bezit zijn van een geldig certificaat examinering zijn belast met de examinering. Zij zijn gehouden om de examinatoreninstructie en het beoordelingsprotocol te volgen.
Als examenpersoneel een potentieel belangenconflict heeft bij het examineren van een kandidaat, neemt de Registratie Instelling maatregelen om te garanderen dat de betrouwbaarheid en onpartijdigheid van het examen niet in diskrediet worden gebracht en ziet erop toe dat de Examen Instelling deze maatrgelen uitvoert en naleeft. Deze maatregelen worden vastgelegd.
Het voorgaande geldt tevens als examenpersoneel willens en wetens de voorgaande eisen niet naleeft. In dat geval wordt het examen ongeldig verklaard.
Medewerkers van de Registratie Instelling en een de door de Registratie Instelling ingeschakelde Examen Instelling zorgen voor de absolute geheimhouding van de examenopgaven. Implementatie en verificatie hiervan geschiedt door de Registratie Instelling.
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling en in de Nederlandse taal afgenomen.
Het praktijkexamen wordt in de Nederlandse taal afgenomen.
Indien de kandidaat het Nederlands onvoldoende beheerst, kunnen het theorie-examen en het praktijkexamen in de Duitse, Engelse of Franse taal worden afgenomen.
Het (mondeling) examen wordt afgenomen overeenkomstig de eisen uit het examenprotocol. Hiermee is er borging inzake de kwaliteit. Voor de overige eisen aan de uitvoering van het examen wordt eveneens verwezen naar het examenprotocol.
Voor deelname aan het examen geldt dat de kandidaat moet voldoen aan de volgende entreecriteria:
a. de kandidaat heeft minimaal de leeftijd van 18 jaar;
b. de kandidaat kan tijdens het examen mondeling communiceren in de taal waarin het examen wordt afgenomen; en
c. de kandidaat verkeert in een zodanige lichamelijke en geestelijke toestand, dat hij/zij in staat is de autolaadkraan zonder gevaren te bedienen, en
d. de kandidaat is in de periode van drie maanden voorafgaand aan de indiending van de aanvraag tot examinering niet bestraft geweest voor het bedienen van een autolaadkraan zonder te beschikken over een geldige registratie hiertoe.
Er geldt geen specifieke vooropleidingseis.
Het examen bestaat uit een theorie-examen en een praktijkexamen.
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling afgenomen en bestaat uit 50 meerkeuzevragen, gebaseerd op de toets termen zoals omschreven in bijlage 4.1.
De meerkeuzevragen van het theorie-examen worden uitsluitend verstrekt vanuit de itembank van de Registratie Instelling.
De maximale tijd om het theorie-examen af te leggen bedraagt 90 minuten. Voor de overige eisen aan de uitvoering van het examen wordt verwezen naar het examenprotocol.
Het praktijkexamen wordt in een praktijk gesimuleerde omgeving afgenomen en is gebaseerd op de toets termen zoals omschreven in bijlage 4.1 en bestaat uit de volgende onderdelen:
a. kennismaken en doornemen opdracht;
b. aanvangscontrole van de autolaadkraan en de daarbij behorende documenten;
c. onderhoud en werking van de autolaadkraan;
d. controle en gebruik van hijs- en hefgereedschap;
e. opstellen en gebruiksklaar maken van de autolaadkraan;
f. hijsopdracht 1 (KO-opdracht);
g. assisteren last verplaatsen (KO-opdracht);
h. hijsopdracht 2 (KO-opdracht);
i. hijsopdracht 3 (KO-opdracht);
j. beheersen van de autolaadkraan;
k. autolaadkraan achterlaten; en
l. veiligheid (KO-onderdeel).
De examenopdrachten voor het praktijkexamen worden uitsluitend verstrekt vanuit de itembank van de Registratie Instelling.
De examenopdrachten moeten binnen 240 minuten worden uitgevoerd.
Het beheer van de itembank geschiedt onder strikte geheimhouding door de examencommissie. De examencommissie verstrekt, ten behoeve van de examinering, de meerkeuzevragen van het theorie-examen en de examenopdrachten voor het praktijkexamen.
Waardering examenresultaten
Het resultaat van zowel het theorie- als het praktijkexamen wordt tot uiting gebracht in ofwel “voldoende” ofwel “onvoldoende”.
Cesuur theorie-examen
De maximale waardering voor de meerkeuzevragen bij een volledig theorie-examen is 500 punten.
Een kandidaat heeft een voldoende voor het theorie-examen indien hij of zij 350 punten of meer heeft behaald (70%). Daarnaast moet van elke groep vragen over één eindterm minimaal 70% goed worden gescoord.
Cesuur praktijkexamen
Elk onderdeel van het praktijkexamen wordt beoordeeld aan de hand van het beoordelingsprotocol. Aan de verschillende handelingen zijn beoordelingscriteria gekoppeld met een daaraan verbonden puntenwaardering.
Voor alle onderdelen van het praktijkexamen moet een voldoende worden gehaald. Om een voldoende te halen voor een onderdeel moet minimaal 70% van de maximaal te behalen punten worden gescoord én mag de kandidaat geen KO (knock out) hebben.
Een kandidaat die een voldoende resultaat heeft gehaald voor ofwel het theorie-examen ofwel het praktijkexamen, kan indien hij of zij een onvoldoende heeft behaald voor het andere examendeel, ongelimiteerd herexamen doen voor het als onvoldoende gekwalificeerde examendeel.
Wanneer niet binnen zes maanden na het behalen van een voldoende voor het éne examendeel een voldoende voor het andere examendeel is behaald, moet opnieuw een volledig examen (zowel theorie als praktijk) worden afgelegd.
Er is geen maximum verbonden aan het aantal gecombineerde theorie- en praktijkexamens dat een kandidaat kan afleggen.
Binnen drie weken nadat een kandidaat een voldoende resultaat heeft behaald voor zowel het theorie-examen als het praktijkexamen registreert de Registratie Instelling deze persoon in het Register, tenzij deze persoon in gebreke blijft met de betaling van de kosten of heeft gemalverseerd met zijn of haar persoonsgegevens en/of tijdens het examen.
De geregistreerde persoon ontvangt vervolgens binnen een week na opname in het register een verklaring van registratie.
Een aanvraag tot herregistratie wordt schriftelijk (digitaal of hard copy)ingediend bij de Registratie Instelling. De beoordeling van een aanvraag tot herregistratie geschiedt door de Registratie Instelling aan de hand van gegevens over gevolgde bijscholing en opgetekende praktijkervaring en/of afgelegde examens.
De gevolgde bijscholing en de opgetekende praktijkervaring wordt bijgehouden in het Register. De administratie hiervan moet minimaal vijf jaar beschikbaar blijven.
Om als registratiehouder voor herregistratie in aanmerking te komen, moet worden aangetoond dat in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie door de registratiehouder aan de volgende voorwaarden is voldaan:
1. Bijscholing:
Twee volledige bijscholingsdagen (of 4 dagdelen) zijn gevolgd bij een door de Registratie Instelling erkende trainer, waarvan
a. één bijscholingsdag (of 2 dagdelen) is gevolgd in de eerste 36 maanden van de periode van vijf jaar, en
b. de tweede bijscholingsdag (of 2 dagdelen) is gevolgd na de 36ste maand van de periode van vijf jaar.
Tijdens de bijscholingsdagen komen alle eindtermen en actuele ontwikkelingen op het gebied van het onderwerp van dit schema aan de orde.
De bijscholing (4 modules, 1 module per dagdeel) wordt als volgt onderverdeeld:
Module A+B onderdeel hijs begeleiden en aanslaan van lasten;
Module C+D onderdeel hijsen en onderdeel gedrag en actualiteit;
Module E+F onderdeel hijs begeleiden en aanslaan van lasten, gedrag en actualiteit
De registratiehouder moet 2 van de drie modules volgen om voor herregistratie in aanmerking te komen.
Van de gevolgde bijscholing ontvangt de deelnemer een bewijs van deelname van de door de Registratie Instelling erkende trainer. De deelname wordt aangetekend in het Register.
Indien de aanvrager van herregistratie niet kan aantonen over voldoende gevolgde bijscholing te beschikken in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie, dan kan hij of zij via een theorie-examen aantonen nog steeds over voldoende kennis te beschikken. Dit theorie-examen wordt afgenomen conform de eisen zoals daarvoor vastgelegd in artikel 6.1.
2. Praktijkervaring:
In de periode van vijf jaar dat de registratie geldig is, moet de registratiehouder tenminste acht kwartalen hebben gewerkt in de functie die op de registratie is vermeld en van deze acht kwartalen moeten tenminste twee kwartalen vallen in de laatste drie jaar van de periode van vijf jaar.
Of een persoon voldoende praktijkervaring heeft blijkt uit de aantekening daarvan door de door de Registratie Instelling geautoriseerde werk- en/of opdrachtgever in het Register, die tenminste elke drie maanden de ingevoerde gegevens op waarheid toetst.
Indien de aanvrager van herregistratie niet kan aantonen over voldoende praktijkervaring te beschikken in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie, dan kan hij of zij via een praktijkexamen aantonen nog steeds over voldoende praktische competenties te beschikken.
Dit praktijkexamen wordt afgenomen conform de eisen zoals daarvoor vastgelegd in artikel 6.1.
Na ontvangst van een aanvraag voor herregistratie controleert de Registratie Instelling de gegevens van de aanvrager in het register met betrekking tot de gevolgde bijscholing, de opgetekende praktijkervaring en/of afgelegde examens. Indien wordt voldaan aan de in artikel 7.2.2 gestelde eisen bericht de Registratie Instelling de aanvrager binnen twee kalenderweken over het resultaat.
De aanvrager ontvangt vervolgens binnen een week na opname in het register een verklaring van herregistratie.
De ingangsdatum van de herregistratie wordt aldus vastgesteld:
a. Indien de positieve herregistratiebeslissing valt binnen drie maanden voor de einddatum van de voorgaande registratie, dan is die vervaldatum tevens de ingangsdatum van de hernieuwde registratie.
b. Indien de positieve herregistratiebeslissing valt voor de drie maanden voorafgaand aan de einddatum van de voorgaande registratie, dan is de datum van de herregistratiebeslissing de ingangsdatum van de hernieuwde registratie.
Wanneer de registratie van de machinist is verlopen zonder tijdige herregistratie en de persoon alsnog in het bezit wil komen van een registratie, is dit mogelijk door het met goed gevolg afleggen van een examen zoals vastgelegd in paragraaf 6.
In uitzonderlijke gevallen is dispensatie mogelijk. Hiertoe moet er een dispensatie-verzoek bij de Registratie Instelling worden ingediend conform het dispensatieprotocol. Dit verzoek wordt vervolgens voorgelegd aan de examencommissie die hieromtrent een advies opstelt. Dit advies wordt vervolgens voorgelegd aan de Raad van Toezicht van de Registratie Instelling, die een besluit neemt over de (her)registratie.
De geregistreerde beantwoordt verzoeken van de registratie-instelling om informatie die zij nodig acht om te kunnen vaststellen of er een noodzaak tot het treffen van maatregelen aanwezig is.
De Registratie Instelling verwijdert de registratie van een persoon uit het Register Kraanmachinisten indien de geregistreerde met zijn of haar werkzaamheden, voor zover die door de registratie worden gereguleerd, of door de wijze waarop hij of zij de werkzaamheden verricht ernstig gevaar veroorzaakt of kan veroorzaken voor personen.
De Registratie Instelling kan de registratie van een persoon uit het Register Kraanmachinisten tijdelijk verwijderen indien de geregistreerde met zijn of haar werkzaamheden, voor zover die door de registratie worden gereguleerd, of door de wijze waarop hij of zij de werkzaamheden verricht gevaar veroorzaakt of kan veroorzaken voor personen.
De verwijdering geschiedt op grond van door de Arbeidsinspectie of anderen aangeleverde informatie die de conclusie onderbouwen dat sprake is of is geweest van gevaar dan wel ernstig gevaar.
Indien de Registratie Instelling ten behoeve van haar besluitvorming over het al dan niet verwijderen van een registratie van een persoon nadere informatie nodig heeft kan zij de registratie van deze persoon lopende het onderzoek voor een periode van maximaal drie maanden schorsen.
De (her)registratie wordt vastgelegd middels een verklaring van (her)registratie.
De verklaring van (her)registratie wordt door de Registratie Instelling afgegeven aan de geregistreerde in de taal van het examen als wordt voldaan aan de eisen uit artikel 6.1.
Op het document van de verklaring van (her)registratie wordt verklaard dat de betreffende persoon voldoet aan de eisen uit het onderhavige schema en indien relevant of het ging om een herregistratie.
De volgende gegevens moeten minimaal in de verklaring van (her)registratie vermeld zijn:
a. naam van de geregistreerde persoon incl. geboortedatum;
b. eenduidig documentnummer (usernummer);
c. referentie naar dit schema;
d. scope van de registratie, inclusief de geldigheidscondities; en
e. de ingangsdatum van de (her)registratie en de datum waarop de (her)registratie ophoudt geldig te zijn.
De geldigheidsduur van de (her)registratie is vijf jaar. Een registratie kan tussentijds worden verwijderd op administratieve gronden (zie artikel 1.5p, derde lid, onder a tot en met d van het Arbeidsomstandighedenbesluit) en bij wijze van maatregel (zie hierover artikel 7.2.6).
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is van toepassing op de beoordeling van beroepskwalificaties van personen afkomstig uit de lidstaten van de Europese Unie en andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Ruimte en Zwitserland ten behoeve van de registratie als machinist mobiele kraan.
De Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties is onverkort van toepassing. Daarnaast gelden artikel 1.5h van het Arbeidsomstandighedenbesluit en paragraaf 1.3 van de Arbeidsomstandighedenregeling.
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling in zowel de Nederlandse als Engelse taal.
De Registratie Instelling heeft een procedure voor het indienen en behandelen van klachten over haar functioneren en publiceert deze op haar website.
Er gelden de volgende eindtermen:
1. de kandidaat heeft kennis van hijswerkzaamheden, incl. het voorbereiden daarvan;
2. de kandidaat heeft kennis van de wet- en regelgeving van hijswerkzaamheden;
3. de kandidaat kan het werk voorbereiden, incl. het gebruiken van hijsgereedschappen;
4. de kandidaat kan een autolaadkraan opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken;
5. de kandidaat weet hoe op een veilige manier hijswerkzaamheden uitgevoerd kunnen worden met een autolaadkraan; en
6. de kandidaat kan hijswerkzaamheden afronden en de autolaadkraan voor transport gereed maken.
|
Eindterm |
theorie-examen |
praktijkexamen1 |
|---|---|---|
|
1. |
8 vragen × 5 pt |
X (a en k) |
|
2. |
8 vragen × 6 pt |
|
|
3. |
20 vragen × 15 pt |
X (b, c en d) |
|
4. |
X (e) |
|
|
5. |
14 vragen × 8 pt |
X (f, g, h en i) |
|
6. |
X (j) |
Het theorie-examen bestaat uit 50 meerkeuze vragen.
Het praktijkexamen bestaat uit 3 hijsopdrachten.
Zie ook paragraaf 6.
|
Eindterm |
Beoordelingscriterium |
Specifieke kennis m.b.t.: |
|---|---|---|
|
1.1 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welke pbm's nodig zijn in welke situatie |
PBM's: * veiligheidshelm * veiligheidsschoenen * veiligheidshandschoenen * gehoorbescherming * veiligheidsbril * reflecterende kleding |
|
1.2 kennis van hijswerkzaamheden |
weet wat de stabiliteit beïnvloedt en kan deze ook berekenen |
* ondergrond * opstelling kraan * zwaartepunt last |
|
1.3 kennis van hijswerkzaamheden |
kent de relatie tussen zwaartepunt en kantellijnen en kan deze ook berekenen |
zwaartepunt: * laag * excentrisch * hoog kantellijnen |
|
1.4s kennis van hijswerkzaamheden |
kan het zwaartepunt bepalen van de last en kan deze ook berekenen |
zwaartepunt last: * volume * soortelijke massa * totale massa van de last |
|
1.5 kennis van hijswerkzaamheden |
weet wat het effect is van vocht op de draagkracht van verschillende grondsoorten |
grondsoorten: * zand * veen * klei * leem * löss |
|
1.6 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welk hijsgereedschap geschikt is voor welke opdracht |
rekening houdend met: * capaciteit (WLL working load limit) * toepassing en aanslaan lasten * afkeurmaatstaven (* werklastfactoren – buitenhoek – stroppen |
|
1.7 kennis van hijswerkzaamheden |
kent de invloed van de verschillende onderdelen van de machine op de stabiliteit en werking |
onderdelen: * stempelconfiguratie configuratie * optimale aantal inscheringen * vlucht * stand autolaadkraan t.o.v. onderwagen |
|
1.8 kennis van hijswerkzaamheden |
kan de functie van de verschillende beveiligingen en signaleringen noemen |
beveiligingen: * LMB (lastmomentbeveiliging) * windingenbeveiliging * hoogte-afslagbeveiliging * rijsignalering * uitstapbeveiliging |
|
1.9 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welke restricties van toepassing zijn bij specifieke hijswerkzaamheden |
specifieke hijswerkzaamheden: * hijsen met meerdere kranen tegelijkertijd * hijsen met meerdere kranen in één werkgebied * hijsen in omgeving van hoogspanningsmasten * hijsen over obstakel * Laad/los werkzaamheden |
|
2.1 kennis van wet- en regelgeving |
anticipeert op wisselende omstandigheden |
omstandigheden: * wisselend weer * toestroom kijkers * instabiele last * verkeer * positie hijsbegeleider, machinist en derden (ter voorkoming van knelgevaar) |
|
2.2 kennis van wet- en regelgeving |
gebruikt deugdelijke beschermingsmiddelen bij de verschillende werkzaamheden |
PBM's: * veiligheidshelm * veiligheidsschoenen * veiligheidshandschoenen * gehoorbescherming * veiligheidsbril * reflecterende kleding deugdelijk: * in goede staat verkeren * niet voorbij uiterste gebruiksdatum |
|
2.3 kennis van wet- en regelgeving |
voert de werkzaamheden uit volgens de gebruiksaanwijzing van de betreffende machine |
Gebruiksaanwijzing in de taal van de gebruiker Tabellen van alle LMB instellingen aanwezig |
|
2.4 kennis van wet- en regelgeving |
voert de werkzaamheden uit rekening houdend met wet- en regelgeving |
wet- en regelgeving: * milieuwetgeving * arbowetgeving * nationale wetgeving * lokale wetgeving |
|
3.1 voorbereiding werkzaamheden |
kan de machine controleren op visueel zichtbare gebreken |
controle op: * banden/rupsen * eventuele lekkages (oliespoor) * breuken/scheuren in metaal * loszittende bouten * beschadigingen |
|
3.2 voorbereiding werkzaamheden |
Kan de cabine werk klaar maken |
Werk klaar: * stand van de spiegels aanpassen aan bestuurder * stoel aanpassen aan bestuurder * spiegels en ramen schoon en condensvrij *zonwering |
|
3.3 voorbereiding werkzaamheden |
Kan de werking van de verlichting controleren |
*verlichting van de verreiker *verlichting van het werk |
|
3.4 voorbereiding werkzaamheden |
controleert het peil van diverse vloeistoffen en vult indien nodig bij |
controleren: * motorolie * koelvloeistof * hydrauliek olie * brandstof * onderdelen met automatische vetsmering indien nodig: * vloeistoffen bijvullen * smeren van draaiende onderdelen die niet zijn voorzien van automatische vetsmering |
|
3.5 voorbereiding werkzaamheden |
zorgt voor aanwezigheid van het benodigde hijsgereedschap en draagt zorg dat het gereedschap bruikbaar is |
bruikbaar: – weergave van toegestane werklast op het hijsgereedschap – visuele beschadigingen of manco's – aanwezigheid CE-markering, certificaat en inspectierapport – markeert afkeur hijsgereedschap: * kettingtakel * kettingwerk * topschalmen en verbindingsschalmen * sluitingen * wartels * hijssleutels en hijsankers * kogelkopsleutels * speciale hijssleutels * schroefogen/schroefbouten * schroeflussen * hijspennen * haken * samengesteld kettingwerk * kabel en strop * hijsband * stroppen * evenaar/hijsframe * uithouder * pallethaak * klemmen |
|
3.6 voorbereiding werkzaamheden |
voert de aanvangscontrole uit |
aanvangscontrole: de staat en de werking van: * kabels * blok * schijven * beveiligingen |
|
3.7 voorbereiding werkzaamheden |
controleert de voorgeschreven documenten op aanwezigheid en volledigheid |
documenten: * persoonlijke documenten – TCVT registratie machinist * machine gebonden documenten – kraanboek – TCVT certificaat van machine – opstellingskeuring * capaciteitstabel(/hijstabel) – gebruiksaanwijzing * hijsgereedschap gebonden documenten – certificaten – gebruiksaanwijzing * last gebonden documenten – werkplan * opstellingsinspectieformulier * kabels en leidingenformulier * eventueel stabiliteitsberekening van het ponton * klicmelding |
|
3.8 voorbereiding werkzaamheden |
maakt uit het hijsplan op: * hoe de machine moet worden opgesteld om de hef- of hijsactiviteit te kunnen uitvoeren * hoe de hef- en hijsactiviteiten moeten worden uitgevoerd |
onderdelen van het hijsplan: * soort machine * plaats en afmetingen van de hijslocatie(s) * plaats en afmetingen van de obstakels * afmetingen, vorm, massa en zwaartepunt van de last * soort, afmetingen, vorm en massa van het hijsgereedschap * eventueel uitvoering van ponton |
|
3.9 voorbereiding werkzaamheden |
interpreteert de hijstabel van de betreffende machine |
hijstabel: * technische weergave in hoeveelheid en aantal * weergave wat de machine mag hijsen in afstand |
|
3.10 voorbereiding werkzaamheden |
neemt eventueel in samenspraak met de uitvoerder, het uitvoeringsplan door |
rekening houdend met (o.a.): * de aard van de te hijsen materialen * de aard van de werkzaamheden * de ligging van ondergrondse kabels en leidingen * plaats en afmetingen van obstakels * aanwezigheid van mensen en verkeer * afmetingen, massa en zwaartepunt van de last onderdelen uitvoeringsplan: * keuze en soort hijsgereedschap * interpretatie van hijstabel * benodigde aanvullende veiligheidsmaatregelen * benodigde persoonlijke beschermingsmiddelen * werkvolgorde |
|
3.11 voorbereiding werkzaamheden |
neemt deel aan het start-werkoverleg |
betrokkenen (bijvoorbeeld): * uitvoerder * machinist * aanpikker/hijsbegeleider doel: * onderlinge afstemming van de totale werkzaamheden |
|
3.12 voorbereiding werkzaamheden |
overlegt met de betrokkenen over de werkaanpak |
hijsteam (bijvoorbeeld): * machinist * hijsbegeleider doel: * onderlinge afstemming van de specifieke werkzaamheden |
|
3.13 voorbereiding werkzaamheden |
plaatst afzettingen, rekening houdend met aandachtspunten |
algemeen: * afstand van minimaal een halve meter tot bijvoorbeeld gebouwen soorten afzettingen: * afzettingen rondom de machine aandachtspunten: * voorkomen van langdurige en onnodige afzettingen |
|
3.14 voorbereiding werkzaamheden |
beoordeelt de draagkracht van de ondergrond op basis van criteria |
beoordelingscriteria: * stabiliteit van de ondergrond * terreinomstandigheden van en naar de opstelplaats (o.b.v. overleg met de klant) * toelaatbare gronddruk (o.b.v. overleg met de klant) * ondergrondse objecten (riool, kelder, leidingen, waterloop, putten) * geroerde grond |
|
3.15 voorbereiding werkzaamheden |
kiest op basis van kenmerken/vorm van de last het juiste hijsgereedschap |
kenmerken van de last: * gewicht * zwaartepunt * materiaalsoort * afmetingen * mechanische kenmerken (sterkte en samenstelling) * aerodynamica (windvlak) |
|
3.16 voorbereiding werkzaamheden |
berekent het gewicht van de last |
massa × volume |
|
3.17 voorbereiding werkzaamheden |
bepaalt het zwaartepunt van de last voorafgaand aan het hijsen |
|
|
3.18 voorbereiding werkzaamheden |
interpreteert de tekeningen waarin fabrikanten het zwaartepunt van de last weergeven uit waar het gaat om de stabiliteit van de last |
|
|
3.19 voorbereiding werkzaamheden |
interpreteert de tekeningen waarin een last op verschillende manieren is aangeslagen in relatie tot (eventueel) doorbuigen van de last, het (eventueel) inwerken van krachten en (eventuele) risico's op het verschuiven van de stroppen |
|
|
4.1 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
bepaalt de meest optimale positie van de machine om de werkzaamheden te kunnen uitvoeren |
optimale positie: * efficiency * omgeving – bijv. hoogspanningskabels * veiligheid * zicht * weersomstandigheden: – wind – zon – mist – duisternis – vorst en sneeuw – warmte en kou – regen – onweer |
|
4.2 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt tijdens het opstellen rekening met de ondergrondse infrastructuur |
ondergrondse infrastructuur: * leidingen * kabels * kelders * putten * buizen |
|
4.3 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
plaatst stempelschotten/draglineschotten, indien nodig |
plaatsen: * rekening houden met ergonomie * bepalen of oppervlakte voldoende is: oppervlakte = kracht / druk |
|
4.4 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
stelt de machine stabiel (waterpas) op |
|
|
4.5 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
berekent de stempelkracht |
druk * oppervlakte |
|
4.6 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
berekent de stempeldruk |
kracht / oppervlakte |
|
4.7 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt bij het opstellen rekening met de stabiliteit van de ondergrond |
soort ondergrond: * zand * veen * klei * leem * löss type verharding: *asfalt * beton * elementverharding |
|
4.8 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt bij het opstellen rekening met de mogelijke kans op afschuiven van de grond rondom sloten, damwanden, kades en taluds |
aandachtspunten: * afstand |
|
4.9 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
monteert de hulpgiek |
|
|
4.10 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
laad/los werkzaamheden |
aandachtspunten: * bij werken op hoogte: gebruikmaken van de voorziene klimvoorzieningen en beveiligingen |
|
4.11 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
controleert of de werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd vanaf de geplande opstelling |
|
|
4.12 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
controleert de beveiligingen |
controleert: * instelling * werking |
|
4.13 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
voert de laatste controle uit voor aanvang van de hijs- en laad/los werkzaamheden |
laatste controle: * rondje draaien met machine * borging/LMRA |
|
5.1 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
voert een LMRA uit |
laatste minuut risico-analyse: * wijzigingen t.a.v. omgevingsfactoren * wijzigingen t.a.v. weersomstandigheden line of fire handelen |
|
5.2 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
bepaalt, gegeven de belasting factoren en de werklast, of de door de fabrikant opgegeven werklast van hijsgereedschap niet wordt overschreden |
|
|
5.3 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
volgt de arm- en handseinen en/of kan werken met de portofoon |
seinen: * overnemen commando * stop, einde beweging * stop, einde commando * noodstop * omhoog * omlaag * aanduiding hoogte * horizontale afstand * vooruit * achteruit * naar links * naar rechts |
|
5.4 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
past de verplichte beveiligingen toe |
beveiligingen: * LMB * uitvalbeveiliging |
|
5.5 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
voert meerdere kraanbewegingen tegelijkertijd uit |
kraanbewegingen: * werken onder hoek * last neerleggen * last oprichten * hijsen/zakken * optoppen/aftoppen * zwenken |
|
5.6 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
haalt tijdens het hijsen eventuele slingeringen uit de last of beheerst deze veilig |
|
|
5.7 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
schat afstanden goed in |
|
|
5.8. veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
past de werksnelheid aan de weers- en werkomstandigheden aan |
|
|
5.9 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
plaatst een last op de juiste locatie |
|
|
5,10 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
manoeuvreert een last tussen obstakels door |
|
|
5.11 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
kantelt een last van horizontaal naar verticaal en andersom |
|
|
5.12 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
laat de gebruiker alleen in- en uitstappen als de werkbak op een vaste ondergrond staat |
|
|
5.13 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
maakt de hijsgereedschappen los en verwijdert deze van de last |
aandachtspunten: * last stabiel * beknellingsgevaar * hijsgereedschappen mogen niet blijven haken achter de last |
|
5.14 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
stelt een storingsdiagnose op in relatie tot de hoofdonderdelen van de machine |
hoofdonderdelen: – hydraulisch – pneumatisch – elektrisch – mechanisch – motorisch * op basis van visuele en auditieve controle |
|
5.15 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
bepaalt bij storingen welke acties ondernomen moeten worden en zet deze in gang |
acties: * beoordelen of wel of niet verantwoord doorgewerkt kan worden * bepalen of de storing zelfstandig opgelost kan worden of de monteur of technische dienst ingeschakeld moet worden |
|
6.1 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
demonteert, indien nodig, de (hulp)giek |
|
|
6.2 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
legt, indien nodig, ballast/contragewicht af |
|
|
6.3 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
trekt, indien aanwezig, de stempels in |
|
|
6.4 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
maakt de machine transport gereed |
Transport gereed: * losliggende delen verwijderen * sjorrings aanbrengen * borgingen aanbrengen * achteruitrij-signalering controleren * remmen controleren indien aanwezig: * de rupsen intrekken tot transportstand |
|
6.5 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
laat de machine volgens de voorschriften achter |
|
|
6.6 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
ruimt de werkplek op |
werkplek netjes achterlaten: * afzettingen opruimen * vergelijk de plek zoals bij aanvang |
|
6.7 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
ondertekent de noodzakelijke documenten en/of laat deze ondertekenen |
documenten: * kraanboek (bij rapartie aan de machine) |
|
6.8 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
bespreekt, indien nodig, het verloop van het werk met het team en de klant |
|
|
6.9 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
manoeuvreert de machine op het werkterrein, rekening houdend met de rijeigenschappen van de machine |
rijeigenschappen machine: * de grootte van het voertuig * de giek * wendbaarheid * belading * trager verloop van optrekken en remmen * zwaartepunt * indien van toepassing op rails rijden – niet over voedingskabel rijden – voorzichtig bij vorst of als er blad op de rails ligt |
Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 28 februari 2025.
Dit registratieschema bevat de eisen op het gebied van veilig hijsen waaraan een te registreren machinist dient te voldoen om als machinist grondverzetmachine te worden geregistreerd in het Register Kraanmachinisten alsmede de eisen aan het proces van persoonsregistratie.
De te registreren machinist voert hijswerkzaamheden uit met een grondverzetmachine, dat wil zeggen een grondverzetmachine geschikt voor het hijsen van vrijhangende lasten, met tenminste een bedrijfslastmoment van 10 tonmeter, uitgezonderd een grondverzetmachine die ontgravingen maakt en direct daarop aansluitend leidingwerk in die ontgravingen legt of ten behoeve van het uitvoeren van grondverzetwerkzaamheden ondersteuningsschotten plaatst.
Hijswerkzaamheden bestaan onder meer uit het verplaatsen van vrijhangende lading/lasten.
Daar waar in dit schema wordt gesproken over de Registratie Instelling wordt gedoeld op de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie (hierna: TCVT RA). In verband met het beheer van het Register Kraanmachinisten heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan TCVT RA mandaat, volmacht en machtiging verleend en TCVT RA aangewezen als verwerker in de zin van artikel 28 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Daarnaast heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid met TCVT RA een verwerkersovereenkomst, alsmede een algemene overeenkomst met algemene afspraken over het beheer van het Register Kraanmachinisten afgesloten.
|
Begrip |
Betekenis |
|---|---|
|
Aanvrager |
De persoon die een aanvraag doet voor het afgeven van een registratie machinist grondverzetmachine. |
|
Beoordelingsprotocol |
Het beoordelingsprotocol RA 412 zoals opgesteld door de Registratie Instelling met bepalingen voor de beoordeling van de praktijk examen-opdrachten. |
|
Cesuur |
De grens tussen de hoogste toets score waaraan een onvoldoende en de laagste toets score waaraan een voldoende wordt toegekend. |
|
Certificaat examinering |
Certificaat afgegeven door TCVT RAaan de persoon die voldoet aan de eisen gesteld aan de examinator zoals gesteld in VT 421 opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling. |
|
Dispensatieprotocol |
Het protocol RA 414 zoals opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op haar website dat voor bijzondere gevallen de mogelijkheden beschrijft voor de persoon die geregistreerd is geweest te worden geherregistreerd zonder het examen te hoeven af te leggen. |
|
Eindtermen |
De omschrijving van de minimaal vereiste kennis, vaardigheden en houdingen (gedrag) op een specifiek competentiegebied zoals beschreven in bijlage 5.1, ten behoeve van het toetsen van examenkandidaten. |
|
Entreecriteria |
Voorwaarden waaraan moet zijn voldaan om te kunnen deelnemen aan een examen. |
|
Erkende trainer |
Een persoon die volgens de eisen uit RA 413, opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling, is erkend voor het verzorgen van bijscholing. |
|
Examen |
Het geheel van toets opgaven (toets-vragen en/of toets-opdrachten), bedoeld om de individuele kandidaat te kunnen beoordelen naar de mate waarin hij of zij aan de eindtermen conform de normen voldoet. |
|
Examencommissie |
De commissie, ingesteld door de Registratie Instelling, die verantwoordelijk is voor de examendocumenten en het beheer van de itembank. |
|
Examen Instelling |
Instelling belast met de examinering conform de eisen uit het onderhavige schema. |
|
Examenprotocol |
Het examenprotocol RA 410 zoals opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling met bepalingen voor de uitvoering van examens. |
|
Examinator |
Persoon die beschikt over een geldig certificaat examinering. |
|
Examinatoreninstructie |
De examinatoreninstructie RA 411 zoals vastgesteld door de Registratie Instelling en beschikbaar voor examinatoren die examineren ten behoeve van de Registratie Instelling met bepalingen voor de uniforme uitvoering van examens door examinatoren. |
|
Herregistratie |
Hernieuwde registratie in het register nadat getoetst is dat de beroepsbeoefenaar voldoet aan de eisen voor herregistratie. |
|
Grondverzetmachine |
Conform artikel 7.6, eerste lid onder b, van de Arbeidsomstandighedenregeling: een grondverzetmachine geschikt voor het hijsen van vrijhangende lasten, met tenminste een bedrijfslastmoment van 10 tonmeter, uitgezonderd een grondverzetmachine die ontgravingen maakt en direct daarop aansluitend leidingwerk in die ontgravingen legt of ten behoeve van het uitvoeren van grondverzetwerkzaamheden ondersteuningsschotten plaatst. |
|
Kandidaat |
Persoon die een examen wordt afgenomen. |
|
KO-opdracht |
Examen-opdracht waarbij een onvoldoende beoordeling tot gevolg heeft dat de kandidaat niet met een positief advies wordt voorgedragen voor registratie. Het examen wordt bij een KO-beoordeling wel voortgezet. (KO staat voor Knock Out.) |
|
Krol |
Kraan op lorry. Kraan die wordt ingezet op het spoor om mee te hijsen |
|
Lading |
De last c.q. lasten en/of het object c.q. objecten die op welke wijze dan ook veilig moet(en) worden getransporteerd en/of gehesen en/of opgeslagen en/of overgeslagen en/of geborgen. |
|
Machinist |
Machinist die een grondverzetmachine, zoals bedoeld in artikel 7.6, eerste lid onder b, van de Arbeidsomstandighedenregeling, bedient. |
|
Registratie |
Registratie in de zin van artikel 7.32, eerste lid van het Arbeidsomstandighedenbesluit als machinist grondverzetmachine in het Register Kraanmachinisten. |
|
Registratiehouder |
Persoon die in het bezit is van een geldige registratie. |
|
Registratie Instelling |
Stichting Toezicht certificatie verticaal transport Register Administratie |
|
Register |
Het Register Kraanmachinisten met de namen van de personen die voldoen aan de eisen tot (her)registratie. |
|
Reparatie |
Reparaties en wijzigingen die aan de grondverzetmachine worden verricht, niet zijnde een ingrijpende wijziging die leidt tot het ontstaan van een nieuwe grondverzetmachine met de daarbij behorende overeenstemmingsprocedure. |
|
Schema |
De set van eisen zoals beschreven in onderhavig document voor het verlenen van een registratie. |
|
Toetsterm |
Een met een minimumprestatie en voorwaarden verbijzonderde eindterm. |
|
Trainer |
Door de Registratie Instelling erkende trainer die de bijscholing mag verzorgen op basis van het document RA 413. Het document RA 413 en de namen van de erkende trainers staan vermeld op de website van de Registratie Instelling. |
|
Verklaring van registratie |
Bewijs dat een persoon is geregistreerd. |
|
Werkbak |
Werkbak zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel a van het Arbeidsomstandighedenbesluit. |
|
Werkplatform |
Platform zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel b van het Arbeidsomstandighedenbesluit. |
De kandidaat machinist dient bij een namens de Registratie Instelling aangewezen Examen Instelling, in overeenstemming met dit schema, een aanvraag in voor de examinering als machinist van een grondverzetmachine.
Examens worden afgenomen door de Examen Instelling die daarvoor door de Registratie Instelling is aangewezen. De examinering door de Examen Instelling vindt plaats volgens de eisen in dit schema, de overige door de Registratie Instelling gestelde eisen en het Examenreglement. Voor deelname aan het examen gelden entreecriteria (zie paragraaf 5).
Wanneer de kandidaat is geslaagd voor het examen dient hij of zij een aanvraag in tot registratie in het Register bij de Registratie Instelling.
Indien de Registratie Instelling vaststelt dat de aanvrager een of meer van de bij de indiening van de aanvraag verlangde gegevens niet heeft verstrekt, stelt zij deze in de gelegenheid het ontbrekende gegeven of de ontbrekende gegevens alsnog binnen twee weken te verstrekken. Wordt het gegeven of worden de gegevens niet binnen die twee weken verstrekt, dan wordt het verzoek buiten behandeling gelaten.
De Registratie Instelling besluit tot registratie van de betreffende persoon indien deze voldoet aan de registratie-eisen, de kosten voor het examen en registratie heeft betaald en niet heeft gemalverseerd tijdens het examen of met zijn of haar persoonsgegevens.
De machinist die een herregistratie wenst in het Register Kraanmachinisten stuurt een aanvraag daartoe aan de Registratie Instelling en voegt daarbij informatie over scholing en praktijkervaring en eventueel met goed gevolg afgelegde vervangende examens (zie de eisen in artikel 7.2.2).
De examinering geschiedt onder de directe verantwoordelijkheid van de Registratie Instelling.
De Registratie Instelling heeft een examenprotocol en draagt er zorg voor dat de Examen Instelling werkt volgens dat examenprotocol. Het examenprotocol bevat alle eisen die in dit schema zijn opgenomen en betrekking hebben op het examen of een uitwerking daarvan.
In het examenprotocol zijn in ieder geval de volgende zaken opgenomen:
a. entree-criteria voor deelname aan het examen (zie ook paragraaf 5);
b. wijze van identificatie van de kandidaat bij het examen;
c. examenduur en wijze van examinering van zowel het theorie als praktijkdeel;
d. gedragsregels voor examenkandidaten;
e. regeling alternatieve examinering;
f. normering voor slagen en afwijzen;
g. bekendmaking van de examenuitslag aan de aanvrager;
h. bewaartermijn van de examendocumenten of digitale scans daarvan, zoals uitwerkingen en beoordelingsformulieren;
i. het recht van de examenkandidaat tot inzicht in zijn of haar beoordeling; en
j. geldigheidsduur van positieve resultaten van het theorie- dan wel het praktijkexamen.
Personen die zijn belast met de examinering voldoen aan de algemene, vakinhoudelijke en onafhankelijkheidseisen zoals bepaald door de Registratie Instelling alsmede aan de eisen zoals gesteld in het examenprotocol.
Alleen personen die in het bezit zijn van een geldig certificaat examinering zijn belast met de examinering. Zij zijn gehouden om de examinatoreninstructie en het beoordelingsprotocol te volgen.
Als examenpersoneel een potentieel belangenconflict heeft bij het examineren van een kandidaat, neemt de Registratie Instelling maatregelen om te garanderen dat de betrouwbaarheid en onpartijdigheid van het examen niet in diskrediet worden gebracht en ziet erop toe dat de Examen Instelling deze maatrgelen uitvoert en naleeft. Deze maatregelen worden vastgelegd.
Het voorgaande geldt tevens als examenpersoneel willens en wetens de voorgaande eisen niet naleeft. In dat geval wordt het examen ongeldig verklaard.
Medewerkers van de Registratie Instelling en een de door de Registratie Instelling ingeschakelde Examen Instelling zorgen voor de absolute geheimhouding van de examenopgaven. Implementatie en verificatie hiervan geschiedt door de Registratie Instelling.
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling en in de Nederlandse taal afgenomen.
Het praktijkexamen wordt in de Nederlandse taal afgenomen.
Indien de kandidaat het Nederlands onvoldoende beheerst, kunnen het theorie-examen en het praktijkexamen in de Duitse, Engelse of Franse taal worden afgenomen.
Het (mondeling) examen wordt afgenomen overeenkomstig de eisen uit het examenprotocol. Hiermee is er borging inzake de kwaliteit. Voor de overige eisen aan de uitvoering van het examen wordt eveneens verwezen naar het examenprotocol.
Voor deelname aan het examen geldt dat de kandidaat moet voldoen aan de volgende entreecriteria:
a. de kandidaat heeft minimaal de leeftijd van 18 jaar;
b. de kandidaat kan tijdens het examen mondeling communiceren in de taal waarin het examen wordt afgenomen; en
c. de kandidaat verkeert in een zodanige lichamelijk en geestelijke toestand, dat hij in staat is de grondverzetmachine zonder gevaren te bedienen; en
d. de kandidaat is in de periode van drie maanden voorafgaand aan de indiending van de aanvraag tot examinering niet bestraft geweest voor het bedienen van een grondverzetmachine zonder te beschikken over een geldige registratie hiertoe.
Er geldt geen specifieke vooropleidingseis.
Het examen bestaat uit een theorie-examen en een praktijkexamen.
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling afgenomen en bestaat uit 50 meerkeuzevragen, gebaseerd op de toets termen zoals omschreven in bijlage 5.1.
De meerkeuzevragen van het theorie-examen worden uitsluitend verstrekt vanuit de itembank van de Registratie Instelling.
De maximale tijd om het theorie-examen af te leggen bedraagt 90 minuten. Voor de overige eisen aan de uitvoering van het examen wordt verwezen naar het examenprotocol.
Het praktijkexamen wordt in een praktijk gesimuleerde omgeving afgenomen en is gebaseerd op de toets termen zoals omschreven in bijlage 5.1 en bestaat uit de volgende onderdelen:
a. kennismaken en doornemen opdracht;
b. aanvangscontrole van de grondverzetmachine en de daarbij behorende documenten;
c. onderhoud en werking van de grondverzetmachine;
d. controle en gebruik van hijs- en hefgereedschap;
e. opstellen en gebruiksklaar maken van de grondverzetmachine;
f. hijsopdracht 1 (KO-opdracht);
g. assisteren last verplaatsen (KO-opdracht);
h. hijsopdracht 2 (KO-opdracht);
i. hijsopdracht 3 (KO-opdracht);
j. beheersen van de grondverzetmachine
k. grondverzetmachine achterlaten;
l. veiligheid (KO-onderdeel).
De examenopdrachten voor het praktijkexamen worden uitsluitend verstrekt vanuit de itembank van de Registratie Instelling.
De examenopdrachten moeten binnen 240 minuten worden uitgevoerd.
Het beheer van de itembank geschiedt onder strikte geheimhouding door de examencommissie. De examencommissie verstrekt, ten behoeve van de examinering, de meerkeuzevragen van het theorie-examen en de examenopdrachten voor het praktijkexamen.
Waardering examenresultaten
Het resultaat van zowel het theorie- als het praktijkexamen wordt tot uiting gebracht in ofwel “voldoende” ofwel “onvoldoende”.
Cesuur theorie-examen
De maximale waardering voor de meerkeuzevragen bij een volledig theorie-examen is 500 punten.
Een kandidaat heeft een voldoende voor het theorie-examen indien hij of zij 350 punten of meer heeft behaald (70%). Daarnaast moet van elke groep vragen over één eindterm minimaal 70% goed worden gescoord.
Cesuur praktijkexamen
Elk onderdeel van het praktijkexamen wordt beoordeeld aan de hand van het beoordelingsprotocol. Aan de verschillende handelingen zijn beoordelingscriteria gekoppeld met een daaraan verbonden puntenwaardering.
Voor alle onderdelen van het praktijkexamen moet een voldoende worden gehaald. Om een voldoende te halen voor een onderdeel moet minimaal 70% van de maximaal te behalen punten worden gescoord én mag de kandidaat geen KO (knock out) hebben.
Een kandidaat die een voldoende resultaat heeft gehaald voor ofwel het theorie-examen ofwel het praktijkexamen, kan indien hij of zij een onvoldoende heeft behaald voor het andere examendeel, ongelimiteerd herexamen doen voor het als onvoldoende gekwalificeerde examendeel.
Wanneer niet binnen zes maanden na het behalen van een voldoende voor het éne examendeel een voldoende voor het andere examendeel is behaald, moet opnieuw een volledig examen (zowel theorie als praktijk) worden afgelegd.
Er is geen maximum verbonden aan het aantal gecombineerde theorie- en praktijkexamens dat een kandidaat kan afleggen.
Binnen drie weken nadat een kandidaat een voldoende resultaat heeft behaald voor zowel het theorie-examen als het praktijkexamen registreert de Registratie Instelling deze persoon in het Register, tenzij deze persoon in gebreke blijft met de betaling van de kosten of heeft gemalverseerd met zijn of haar persoonsgegevens en/of tijdens het examen.
De geregistreerde persoon ontvangt vervolgens binnen een week na opname in het register een verklaring van registratie.
Een aanvraag tot herregistratie wordt schriftelijk (digitaal of hardcopy) ingediend bij de Registratie Instelling. De beoordeling van een aanvraag tot herregistratie geschiedt door de Registratie Instelling aan de hand van gegevens over gevolgde bijscholing en opgetekende praktijkervaring en/of afgelegde examens.
De gevolgde bijscholing en de opgetekende praktijkervaring wordt bijgehouden in het Register. De administratie hiervan moet minimaal vijf jaar beschikbaar blijven.
Om als registratiehouder voor herregistratie in aanmerking te komen, moet worden aangetoond dat in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie door de registratiehouder aan de volgende voorwaarden is voldaan:
1. Bijscholing:
Twee volledige bijscholingsdagen (of 4 dagdelen) zijn gevolgd bij een door de Registratie Instelling erkende trainer, waarvan
a. één bijscholingsdag (of 2 dagdelen) is gevolgd in de eerste 36 maanden van de periode van vijf jaar, en
b. de tweede bijscholingsdag (of 2 dagdelen) is gevolgd na de 36ste maand van de periode van vijf jaar.
Tijdens de bijscholingsdagen komen alle eindtermen en actuele ontwikkelingen op het gebied van het onderwerp van dit schema aan de orde.
De bijscholing (4 modules, 1 module per dagdeel) wordt als volgt onderverdeeld:
Module A+B onderdeel hijs begeleiden en aanslaan van lasten;
Module C+D onderdeel hijsen en onderdeel gedrag en actualiteit;
Module E+F onderdeel hijs begeleiden en aanslaan van lasten, gedrag en actualiteit
De registratiehouder moet 2 van de drie modules volgen om voor herregistratie in aanmerking te komen.
Van de gevolgde bijscholing ontvangt de deelnemer een bewijs van deelname van de door de Registratie Instelling erkende trainer. De deelname wordt aangetekend in het Register.
Indien de aanvrager van herregistratie niet kan aantonen over voldoende gevolgde bijscholing te beschikken in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie, dan kan hij of zij via een theorie-examen aantonen nog steeds over voldoende kennis te beschikken. Dit theorie-examen wordt afgenomen conform de eisen zoals daarvoor vastgelegd in artikel 6.1.
2. Praktijkervaring:
In de periode van vijf jaar dat de registratie geldig is, moet de registratiehouder tenminste acht kwartalen hebben gewerkt in de functie die op de registratie is vermeld en van deze acht kwartalen moeten tenminste twee kwartalen vallen in de laatste drie jaar van de periode van vijf jaar.
Of een persoon voldoende praktijkervaring heeft blijkt uit de aantekening daarvan door de door de Registratie Instelling geautoriseerde werk- en/of opdrachtgever in het Register, die tenminste elke drie maanden de ingevoerde gegevens op waarheid toetst.
Indien de aanvrager van herregistratie niet kan aantonen over voldoende praktijkervaring te beschikken in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie, dan kan hij of zij via een praktijkexamen aantonen nog steeds over voldoende praktische competenties te beschikken.
Dit praktijkexamen wordt afgenomen conform de eisen zoals daarvoor vastgelegd in artikel 6.1.
Na ontvangst van een aanvraag voor herregistratie controleert de Registratie Instelling de gegevens van de aanvrager in het register met betrekking tot de gevolgde bijscholing, de opgetekende praktijkervaring en/of afgelegde examens. Indien wordt voldaan aan de in artikel 7.2.2 gestelde eisen bericht de Registratie Instelling de aanvrager binnen twee kalenderweken over het resultaat.
De aanvrager ontvangt vervolgens binnen een week na opname in het register een verklaring van (her)registratie.
De ingangsdatum van de herregistratie wordt aldus vastgesteld:
a. Indien de positieve herregistratiebeslissing valt binnen drie maanden voor de einddatum van de voorgaande registratie, dan is die vervaldatum tevens de ingangsdatum van de hernieuwde registratie.
b. Indien de positieve herregistratiebeslissing valt voor de drie maanden voorafgaand aan de einddatum van de voorgaande registratie, dan is de datum van de herregistratiebeslissing de ingangsdatum van de hernieuwde registratie.
Wanneer de registratie van de machinist is verlopen zonder tijdige herregistratie en de persoon alsnog in het bezit wil komen van een registratie, is dit mogelijk door het met goed gevolg afleggen van een examen zoals vastgelegd in p
In uitzonderlijke gevallen is dispensatie mogelijk. Hiertoe moet er een dispensatie-verzoek bij de Registratie Instelling worden ingediend conform het dispensatieprotocol. Dit verzoek wordt vervolgens voorgelegd aan de examencommissie die hieromtrent een advies opstelt. Dit advies wordt vervolgens voorgelegd aan de Raad van Toezicht van de Registratie Instelling, die een besluit neemt over de (her)registratie.
De geregistreerde beantwoordt verzoeken van de registratie-instelling om informatie die zij nodig acht om te kunnen vaststellen of er een noodzaak tot het treffen van maatregelen aanwezig is.
De Registratie Instelling verwijdert de registratie van een persoon uit het Register Kraanmachinisten indien de geregistreerde met zijn of haar werkzaamheden, voor zover die door de registratie worden gereguleerd, of door de wijze waarop hij of zij de werkzaamheden verricht ernstig gevaar veroorzaakt of kan veroorzaken voor personen.
De Registratie Instelling kan de registratie van een persoon uit het Register Kraanmachinisten tijdelijk verwijderen indien de geregistreerde met zijn of haar werkzaamheden, voor zover die door de registratie worden gereguleerd, of door de wijze waarop hij of zij de werkzaamheden verricht gevaar veroorzaakt of kan veroorzaken voor personen.
De verwijdering geschiedt op grond van door de Arbeidsinspectie of anderen aangeleverde informatie die de conclusie onderbouwen dat sprake is of is geweest van gevaar dan wel ernstig gevaar.
Indien de Registratie Instelling ten behoeve van haar besluitvorming over het al dan niet verwijderen van een registratie van een persoon nadere informatie nodig heeft kan zij de registratie van deze persoon lopende het onderzoek voor een periode van maximaal drie maanden schorsen.
De (her)registratie wordt vastgelegd middels een verklaring van (her)registratie.
De verklaring van (her)registratie wordt door de Registratie Instelling afgegeven aan de geregistreerde in de taal van het examen als wordt voldaan aan de eisen uit artikel 6.1.
Op het document van de verklaring van (her)registratie wordt verklaard dat de betreffende persoon voldoet aan de eisen uit het onderhavige schema en indien relevant of het ging om een herregistratie.
De volgende gegevens moeten minimaal in de verklaring van (her)registratie vermeld zijn:
a. naam van de geregistreerde persoon incl. geboortedatum;
b. eenduidig documentnummer (usernummer);
c. referentie naar dit schema;
d. scope van de registratie, inclusief de geldigheidscondities; en
e. de ingangsdatum van de (her)registratie en de datum waarop de (her)registratie ophoudt geldig te zijn.
De geldigheidsduur van de (her)registratie is vijf jaar. Een registratie kan tussentijds worden verwijderd op administratieve gronden (zie artikel 1.5p, derde lid, onder a tot en met d van het Arbeidsomstandighedenbesluit) en bij wijze van maatregel (zie hierover artikel 7.2.6).
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is van toepassing op de beoordeling van beroepskwalificaties van personen afkomstig uit de lidstaten van de Europese Unie en andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Ruimte en Zwitserland ten behoeve van de registratie als machinist mobiele kraan.
De Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties is onverkort van toepassing. Daarnaast gelden artikel 1.5h van het Arbeidsomstandighedenbesluit en paragraaf 1.3 van de Arbeidsomstandighedenregeling.
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling in zowel de Nederlandse als Engelse taal.
De Registratie Instelling heeft een procedure voor het indienen en behandelen van klachten over haar functioneren en publiceert deze op haar website.
Er gelden de volgende eindtermen:
1. de kandidaat heeft kennis van hijswerkzaamheden, incl. het voorbereiden daarvan;
2. de kandidaat heeft kennis van de wet- en regelgeving van hijswerkzaamheden;
3. de kandidaat kan het werk voorbereiden, incl. het gebruiken van hijsgereedschappen;
4. de kandidaat kan een grondverzetmachine opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken;
5. de kandidaat weet hoe op een veilige manier hijswerkzaamheden uitgevoerd kunnen worden met een grondverzetmachine; en
6. de kandidaat kan hijswerkzaamheden afronden en de grondverzetmachine voor transport gereed maken.
|
Eindterm |
theorie-examen |
praktijkexamen1 |
|---|---|---|
|
1. |
8 vragen × 5 pt |
X (a en k) |
|
2. |
8 vragen × 6 pt |
|
|
3. |
20 vragen × 15 pt |
X (b, c en d) |
|
4. |
X (e) |
|
|
5. |
14 vragen × 8 pt |
X (f, g, h en i) |
|
6. |
X (j) |
Het theorie-examen bestaat uit 50 meerkeuze vragen.
Het praktijkexamen bestaat uit 3 hijsopdrachten.
Zie ook paragraaf 6.
|
Eindterm |
Beoordelingscriterium |
Specifieke kennis m.b.t.: |
|---|---|---|
|
1.1 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welke pbm's nodig zijn in welke situatie |
PBM's: * veiligheidshelm * veiligheidsschoenen * veiligheidshandschoenen * gehoorbescherming * veiligheidsbril * reflecterende kleding |
|
1.2 kennis van hijswerkzaamheden |
weet wat de stabiliteit beïnvloedt en kan deze ook berekenen |
* ondergrond * opstelling machine * zwaartepunt last |
|
1.3 kennis van hijswerkzaamheden |
kent de relatie tussen zwaartepunt en kantellijnen en kan deze ook berekenen |
zwaartepunt: * laag * excentrisch * hoog kantellijnen |
|
1.4 kennis van hijswerkzaamheden |
kan het zwaartepunt bepalen van de last en kan deze ook berekenen |
zwaartepunt last: * volume * soortelijke massa * totale massa van de last |
|
1.5 kennis van hijswerkzaamheden |
weet wat het effect is van vocht op de draagkracht van verschillende grondsoorten |
grondsoorten: * zand * veen * klei * leem * löss |
|
1.6 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welk hijsgereedschap geschikt is voor welke opdracht |
rekening houdend met: * capaciteit (WLL working load limit) * toepassing en aanslaan lasten * afkeurmaatstaven * werklastfactorenfactoren – buitenhoek – stroppen, sluitingen, hijsbanden |
|
1.7 kennis van hijswerkzaamheden |
kent de invloed van de verschillende onderdelen van de machine op de stabiliteit en werking |
onderdelen: * afstempelconfiguratie * ballast * giekconfiguratie * lastmoment * vlucht |
|
1.8 kennis van hijswerkzaamheden |
kan de functie van de verschillende beveiligingen en signaleringen noemen |
Beveiligingen volgens gebruiksaanwijzing, zoals: * LMB (lastmomentbeveiliging) * windingenbeveiliging * hoogte-afslagbeveiliging * rijsignalering * uitstapbeveiliging (armleuning- of stoelschakelaar) Kabeluitloop beveiliging Slappe kabel beveiliging Zwenkbeveiliging Asblokkering Slang- of leidingbreuk beveiliging Drukopnemer giekcilinder Lengtegever giek Giekhoekmeter |
|
1.9 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welke eisen en restricties van toepassing zijn bij specifieke hijswerkzaamheden |
specifieke hijswerkzaamheden: * hijsen met meerdere kranen aan één last * hijsen met meerdere kranen in één werkgebied * hijsen in omgeving van hoogspanningsmasten * hijsen over obstakel hijsen op pontons |
|
2.1 kennis van wet- en regelgeving |
anticipeert op wisselende omstandigheden |
omstandigheden: * weersveranderingen * toestroom kijkers * instabiele last (b.v. hijsen van verpakte vloeistoffen) * verkeer * positie hijsbegeleider, machinist en derden |
|
2.2 kennis van wet- en regelgeving |
gebruikt deugdelijke beschermingsmiddelen bij de verschillende werkzaamheden |
PBM's: * veiligheidshelm * veiligheidsschoenen * veiligheidshandschoenen * gehoorbescherming * veiligheidsbril * reflecterende kleding * in goede staat verkeren * niet voorbij uiterlijke gebruiksdatum |
|
2.3 kennis van wet- en regelgeving |
voert de werkzaamheden uit volgens de gebruiksaanwijzing van de betreffende machine |
Gebruiksaanwijzing in de taal van de gebruiker Tabellen van alle LMB instellingen aanwezig |
|
2.4 kennis van wet- en regelgeving |
voert de werkzaamheden uit rekening houdend met wet- en regelgeving |
wet- en regelgeving: * milieuwetgeving * arbowetgeving * nationale regelgeving * lokale regelgeving |
|
3.1 voorbereiding werkzaamheden |
kan de machine controleren op visueel zichtbare gebreken |
controle op: * banden/rupsen * eventuele lekkages (oliespoor) * breuken/scheuren in metaal * loszittende bouten * beschadigingen |
|
3.2 voorbereiding werkzaamheden |
kan de cabine werk gereed maken |
Werk gereed: * stand van de spiegels aanpassen aan bestuurder * stoel aanpassen aan bestuurder * spiegels en ramen schoon en condensvrij opruimen en schone werkplek *zonwering *Geen losse voorwerpen |
|
3.3 voorbereiding werkzaamheden |
kan de werking van de verlichting controleren |
Werkverlichting Rijverlichting Dashbord verlichting |
|
3.4 voorbereiding werkzaamheden |
controleert het peil van diverse vloeistoffen en vult indien nodig bij |
controleren: * motorolie * koelvloeistof * hydrauliek olie * brandstof * onderdelen met automatische vetsmering indien nodig: * vloeistoffen bijvullen * smeren van draaiende onderdelen die niet zijn voorzien van automatische vetsmering |
|
3.5 voorbereiding werkzaamheden r |
Selecteert het benodigde hijsgereedschap en draagt zorg dat het gereedschap bruikbaar is |
bruikbaar: – weergave van toegestane werklast op het hijsgereedschap – visuele beschadigingen of manco's – aanwezigheid CE-markering, certificaat en inspectierapport – markeert afkeur hijsgereedschap: * kettingtakel * kettingwerk * topschalmen en verbindingsschalmen * sluitingen * wartels * hijssleutels en hijsankers * kogelkopsleutels * speciale hijssleutels * schroefogen/schroefbouten * schroeflussen * hijspennen * haken * samengesteld kettingwerk * kabel en strop * hijsband * stroppen * evenaar/hijsframe * uithouder * pallethaak * klemmen |
|
3.6 voorbereiding werkzaamheden |
voert de aanvangscontrole uit |
aanvangscontrole: de staat en de werking van: * kabels * blok * schijven * beveiligingen |
|
3.7 voorbereiding werkzaamheden |
controleert de voorgeschreven documenten op aanwezigheid en volledigheid |
documenten: * persoonlijke documenten – TCVT registratie machinist * machine gebonden documenten – kraanboek – TCVT keuringscertificaat van machine – opstellingskeuring * hijstabel – gebruiksaanwijzing * hijsgereedschap gebonden documenten – certificaten – gebruiksaanwijzing * last gebonden documenten – werkplan * formulier opstellingskeuring * Klikmelding |
|
3.8 voorbereiding werkzaamheden |
Kan de werkzaamheden volgens het hijsplan toepassen: * hoe de machine moet worden opgesteld om de hijsactiviteit te kunnen uitvoeren * hoe de hijsactiviteiten moeten worden uitgevoerd |
onderdelen van het hijsplan: * type machine * plaats en afmetingen van de hijslocatie(s) * plaats en afmetingen van de obstakels * afmetingen, vorm, massa en zwaartepunt van de last * soort, afmetingen, vorm en massa van het hijsgereedschap (stroppenplan) |
|
3.9 voorbereiding werkzaamheden |
interpreteert de hijstabel van de betreffende machine |
hijstabel: * Capaciteit volgens gieklengte, opstelconfiguratie en vlucht |
|
3.10 voorbereiding werkzaamheden |
neemt eventueel in samenspraak met de uitvoerder, het hijsplan door |
rekening houdend met (o.a.): * de aard van de te hijsen materialen * de aard van de werkzaamheden * de ligging van ondergrondse kabels en leidingen * plaats en afmetingen van obstakels * aanwezigheid van mensen en verkeer * afmetingen, massa en zwaartepunt van de last onderdelen uitvoeringsplan: * keuze en soort hijsgereedschap * interpretatie van hijstabel * benodigde aanvullende veiligheidsmaatregelen * benodigde pbm’s * werkvolgorde |
|
3.11 voorbereiding werkzaamheden |
neemt deel aan het start-werkoverleg |
betrokkenen (bijvoorbeeld): * uitvoerder * machinist * aanpikker/hijsbegeleider doel: * onderlinge afstemming van de totale werkzaamheden |
|
3.12 voorbereiding werkzaamheden |
overlegt met de betrokkenen over de werkaanpak |
hijsteam (bijvoorbeeld): * machinist * hijsbegeleider doel: * onderlinge afstemming van de specifieke werkzaamheden |
|
3.13 voorbereiding werkzaamheden |
plaatst afzettingen, rekening houdend met aandachtspunten |
algemeen: * afstand van minimaal een halve meter tot bijvoorbeeld gebouwen soorten afzettingen: * afzettingen rondom de machine aandachtspunten: * voorkomen van langdurige en onnodige afzettingen |
|
3.14 voorbereiding werkzaamheden |
beoordeelt de draagkracht van de ondergrond op basis van criteria |
beoordelingscriteria: * stabiliteit van de ondergrond * terreinomstandigheden van en naar de opstelplaats (o.b.v. overleg met de klant) * toelaatbare gronddruk (o.b.v. overleg met de klant) * ondergrondse objecten (riool, kelder, leidingen, waterloop, putten) * geroerde grond |
|
3.15 voorbereiding werkzaamheden |
kiest op basis van kenmerken/vorm van de last het juiste hijsgereedschap |
kenmerken van de last: * gewicht * zwaartepunt * materiaalsoort * afmetingen * mechanische kenmerken (sterkte en samenstelling) * aerodynamica (windvlak) aangebrachte hijsvoorzieningen lasteigenschappen (kwetsbaar, scherpe randen) |
|
3. 16 voorbereiding werkzaamheden |
berekent het gewicht van de last |
Soortelijke massa × volume |
|
3.17 voorbereiding werkzaamheden |
bepaalt het zwaartepunt van de last voorafgaand aan het hijsen |
Hijshaak boven het zwaartepunt |
|
3.18 voorbereiding werkzaamheden |
interpreteert de tekeningen waarin fabrikanten het zwaartepunt van de last weergeven uit waar het gaat om de stabiliteit van de last |
|
|
3.19 voorbereiding werkzaamheden |
interpreteert de tekeningen waarin een last op verschillende manieren is aangeslagen in relatie tot (eventueel) doorbuigen van de last, het (eventueel) inwerken van krachten en (eventuele) risico's op het verschuiven van de stroppen |
Gebruik uithouder/evenaar |
|
4.1 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
bepaalt de meest optimale positie van de machine om de werkzaamheden te kunnen uitvoeren |
optimale positie minimale vlucht bij hijsen maximale vlucht bij hijsen Zicht op de last Beknelling Aanstootgevaar * efficiency * omgeving – bijv. hoogspanningskabels * veiligheid * zicht * weersomstandigheden: – wind – zon – mist – duisternis – vorst en sneeuw – warmte en kou – regen – onweer |
|
4.2 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt tijdens het opstellen rekening met de ondergrondse infrastructuur |
ondergrondse infrastructuur: * leidingen * kabels * kelders * putten * buizen |
|
4.3 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
plaatst stempelschotten/draglineschotten, indien nodig |
plaatsen: * rekening houden met ergonomie * bepalen of oppervlakte voldoende is: oppervlakte = kracht / druk stempelschotten vlak en dragend neerleggen |
|
4.4 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
stelt de machine stabiel (waterpas) op |
Controle na testronde |
|
4. 5 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
berekent de stempelkracht |
kracht / oppervlakte |
|
4.6 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
berekent de stempeldruk |
kracht / oppervlakte |
|
4.7 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt bij het opstellen rekening met de stabiliteit van de ondergrond |
soort ondergrond: * zand * veen * klei * leem * löss type verharding: *asfalt * beton * elementverharding |
|
4. 8 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt bij het opstellen rekening met de mogelijke kans op afschuiven van de grond rondom sloten, damwanden, kades en taluds |
aandachtspunten: * afstand druk onder 45 graden in ondergrond |
|
4. 9 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
monteert de hulpgiek |
Conform gebruiksaanwijzing Kent veiligheidsaspecten |
|
4.10 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
scheert de kabels in of uit, rekening houdend met de aandachtspunten en kiest het aantal inscheringen |
aandachtspunten: * correct aanbrengen van de kabel over de schijven * aanwezigheid van uitloopbeveiligingen, bij inscheren vrij van uitloopbeveiligingen * correcte eindverbindingen |
|
4.11 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
monteert ballast/contragewicht, rekening houdend met de aandachtspunten |
aandachtspunten: * bij werken over obstakels: gebruikmaken van de LMB en juist instellen |
|
4.12 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
controleert of de werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd vanaf de geplande opstelling |
Controle hijsplan |
|
4.13 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
controleert de beveiligingen |
controleert: * instelling * werking Zie ook 0,8 |
|
4.14 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
voert de laatste controle uit voor aanvang van de hijswerkzaamheden |
laatste controle: * rondje draaien met machine * borging/LMRA |
|
5. 1 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
voert een LMRA uit |
laatste minuut risico-analyse: * wijzigingen t.a.v. omgevingsfactoren * wijzigingen t.a.v. weersomstandigheden line of fire handelen |
|
5.2 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
bepaalt, gegeven de belasting factoren en de werklast, of de door de fabrikant opgegeven werklast van hijsgereedschap niet wordt overschreden |
Controle WLL |
|
5.3 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
volgt de arm- en handseinen en/of kan werken met portofoon) |
seinen: * overnemen commando * stop, einde beweging * stop, einde commando * noodstop * omhoog * omlaag * aanduiding hoogte * horizontale afstand * vooruit * achteruit * naar links * naar rechts |
|
5.4 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
past de verplichte beveiligingen toe |
beveiligingen: * LMB * uitvalbeveiliging |
|
5.5 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
voert meerdere kraanbewegingen tegelijkertijd uit |
kraanbewegingen: * werken onder hoek * last neerleggen * last oprichten * hijsen/zakken * optoppen/aftoppen * zwenken |
|
5.6 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
haalt tijdens het hijsen eventuele slingeringen uit de last of beheerst deze veilig |
|
|
5.7 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
schat afstanden goed in |
|
|
5. 8 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
past de werksnelheid aan de weers- en werkomstandigheden aan |
|
|
5. 9 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
plaatst een last op de aangegeven locatie |
|
|
5.10 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
manoeuvreert een last tussen obstakels door |
|
|
5.11 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
kantelt een last van horizontaal naar verticaal en andersom |
|
|
5.12 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
laat de gebruiker alleen in- en uitstappen als de werkbak/werkplatform op een vaste ondergrond staat |
|
|
5. 13 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
maakt de hijsgereedschappen los en verwijdert deze van de last |
aandachtspunten: * last stabiel * beknellingsgevaar * hijsgereedschappen mogen niet blijven haken achter de last |
|
5.14 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
stelt een storingsdiagnose op in relatie tot de hoofdonderdelen van de machine |
hoofdonderdelen: – hydraulisch – pneumatisch – elektrisch – mechanisch – motorisch * op basis van visuele en auditieve controle |
|
5. 15 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
bepaalt bij storingen welke acties ondernomen moeten worden en zet deze in gang |
acties: * beoordelen of wel of niet verantwoord doorgewerkt kan worden * bepalen of de storing zelfstandig opgelost kan worden of de monteur of technische dienst ingeschakeld moet worden |
|
6. 1 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
(de)monteert de (hulp)giek |
Conform gebruiksaanwijzing |
|
6.2 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
legt ballast/contragewicht af |
|
|
6.3 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
trekt de stempels in |
|
|
6.4 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
maakt de machine transport gereed |
Transport gereed: * losliggende delen verwijderen * sjorrings aanbrengen * borgingen aanbrengen * achteruitrij-signalering controleren * remmen controleren indien aanwezig: * de rupsen intrekken tot transportstand |
|
6.5 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
laat de machine volgens de voorschriften achter |
|
|
6.6 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
ruimt de werkplek op |
werkplek netjes achterlaten: * afzettingen opruimen * vergelijk de plek zoals bij aanvang |
|
6.7 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
ondertekent de noodzakelijke documenten en/of laat deze ondertekenen |
documenten: * kraanboek (bij reparatie aan de machine) |
|
6.8 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
bespreekt, indien nodig, het verloop van het werk met het team en de klant |
|
|
6.9 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
manoeuvreert de machine op het werkterrein, rekening houdend met de rijeigenschappen van de machine |
rijeigenschappen machine: * de grootte van het voertuig * de giek * wendbaarheid * belading * trager verloop van optrekken en remmen * zwaartepunt * indien van toepassing op rails rijden – niet over voedingskabel rijden – voorzichtig bij vorst of als er blad op de rails ligt |
Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 28 februari 2025.
Dit registratieschema bevat de eisen op het gebied van veilig hijsen waaraan een te registreren machinist dient te voldoen om als machinist torenkraan te worden geregistreerd in het Register Kraanmachinisten alsmede de eisen aan het proces van persoonsregistratie.
De te registreren machinist voert hijswerkzaamheden uit met een torenkraan, dat wil zeggen een torenvormige hijskraan, in vaste opstelling (incl. op rails) of mobiel, waarvan het maximumbedrijfslastmoment 10 tonmeter of meer bedraagt of de giek 20 meter of hoger boven het vlak van de ondersteuning van de kraan bevestigd is. Hijswerkzaamheden bestaan onder meer uit het verplaatsen van vrijhangende lading/lasten.
Daar waar in dit schema wordt gesproken over de Registratie Instelling wordt gedoeld op de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie (hierna: TCVT). In verband met het beheer van het Register Kraanmachinisten heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan TCVT RA mandaat, volmacht en machtiging verleend en TCVT RA aangewezen als verwerker in de zin van artikel 28 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Daarnaast heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid met TCVT RA een verwerkersovereenkomst, alsmede een algemene overeenkomst met algemene afspraken over het beheer van het Register Kraanmachinisten afgesloten.
|
Begrip |
Betekenis |
|---|---|
|
Aanvrager |
De persoon die een aanvraag doet voor het afgeven van een registratie machinist torenkraan. |
|
Beoordelingsprotocol |
Het beoordelingsprotocol RA 412 zoals opgesteld door de Registratie Instelling met bepalingen voor de beoordeling van de praktijk examen-opdrachten. |
|
Cesuur |
De grens tussen de hoogste toets score waaraan een onvoldoende en de laagste toets score waaraan een voldoende wordt toegekend. |
|
Certificaat examinering |
Certificaat afgegeven door TCVT RA aan de persoon die voldoet aan de eisen gesteld aan de examinator zoals gesteld in VT 421 opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling. |
|
Dispensatieprotocol |
Het protocol RA 414 zoals opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op haar website dat voor bijzondere gevallen de mogelijkheden beschrijft voor de persoon die geregistreerd is geweest te worden geherregistreerd zonder het examen te hoeven af te leggen. |
|
Eindtermen |
De omschrijving van de minimaal vereiste kennis, vaardigheden en houdingen (gedrag) op een specifiek competentiegebied zoals beschreven in bijlage 6.1, ten behoeve van het toetsen van examenkandidaten. |
|
Entreecriteria |
Voorwaarden waaraan moet zijn voldaan om te kunnen deelnemen aan een examen. |
|
Erkende trainer |
Een persoon die volgens de eisen uit RA 413, opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling, is erkend voor het verzorgen van bijscholing. |
|
Examen |
Het geheel van toets opgaven (toets-vragen en/of toets-opdrachten), bedoeld om de individuele kandidaat te kunnen beoordelen naar de mate waarin hij of zij aan de eindtermen conform de normen voldoet. |
|
Examencommissie |
De commissie, ingesteld door de Registratie Instelling, die verantwoordelijk is voor de examendocumenten en het beheer van de itembank. |
|
Examen Instelling |
Instelling belast met de examinering conform de eisen uit het onderhavige schema. |
|
Examenprotocol |
Het examenprotocol RA 410 zoals opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling met bepalingen voor de uitvoering van examens. |
|
Examinator |
Persoon die beschikt over een geldig certificaat examinering. |
|
Examinatoreninstructie |
De examinatoreninstructie RA 411 zoals vastgesteld door de Registratie Instelling en beschikbaar voor examinatoren die examineren ten behoeve van de Registratie Instelling met bepalingen voor de uniforme uitvoering van examens door examinatoren. |
|
Herregistratie |
Hernieuwde registratie in het register nadat getoetst is dat de beroepsbeoefenaar voldoet aan de eisen voor herregistratie. |
|
Kandidaat |
Persoon die een examen wordt afgenomen. |
|
KO-opdracht |
Examen-opdracht waarbij een onvoldoende beoordeling tot gevolg heeft dat de kandidaat niet met een positief advies wordt voorgedragen voor registratie. Het examen wordt bij een KO-beoordeling wel voortgezet. (KO staat voor Knock Out.) |
|
Lading |
De last c.q. lasten en/of het object c.q. objecten die op welke wijze dan ook veilig moet(en) worden getransporteerd en/of gehesen en/of opgeslagen en/of overgeslagen en/of geborgen. |
|
Machinist |
Machinist die een torenkraan, zoals bedoeld in artikel 7.6, eerste lid onder a, van de Arbeidsomstandighedenregeling, bedient. |
|
Registratie |
Registratie in de zin van artikel 7.32, eerste lid van het Arbeidsomstandighedenbesluit als machinist torenkraan in het Register Kraanmachinisten. |
|
Registratiehouder |
Persoon die in het bezit is van een geldige registratie. |
|
Registratie Instelling |
Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie. |
|
Register |
Het Register Kraanmachinisten met de namen van de personen die voldoen aan de eisen tot (her)registratie. |
|
Reparatie |
Reparaties en wijzigingen die aan de torenkraan worden verricht, niet zijnde een ingrijpende wijziging die leidt tot het ontstaan van een nieuwe torenkraan met de daarbij behorende overeenstemmingsprocedure. |
|
Schema |
De set van eisen zoals beschreven in onderhavig document voor het verlenen van een registratie. |
|
Toets term |
Een met een minimumprestatie en voorwaarden verbijzonderde eindterm. |
|
Trainer |
Door de Registratie Instelling erkende trainer die de bijscholing mag verzorgen op basis van het document RA 413. Het document RA 413 en de namen van de erkende trainers staan vermeld op de website van de Registratie Instelling. |
|
Torenkraan |
Conform artikel 7.6, eerste lid onder a, van de Arbeidsomstandighedenregeling: een torenvormige hijskraan, in vaste opstelling (incl. op rails) of mobiel, waarvan het maximumbedrijfslastmoment 10 tonmeter of meer bedraagt of de giek 20 meter of hoger boven het vlak van de ondersteuning van de kraan bevestigd is. |
|
Verklaring van registratie |
Bewijs dat een persoon is geregistreerd. |
|
Werkbak |
Werkbak zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel a van het Arbeidsomstandighedenbesluit. |
|
Werkplatform |
Platform zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel b van het Arbeidsomstandighedenbesluit. |
De kandidaat machinist dient bij een namens de Registratie Instelling aangewezen Examen Instelling, in overeenstemming met dit schema, een aanvraag in voor de examinering als machinist van een torenkraan.
Examens worden afgenomen door de Examen Instelling die daarvoor door de Registratie Instelling is aangewezen. De examinering door de Examen Instelling vindt plaats volgens de eisen in dit schema, de overige door de Registratie Instelling gestelde eisen en het Examenreglement. Voor deelname aan het examen gelden entreecriteria (zie paragraaf 5).
Wanneer de kandidaat is geslaagd voor het examen dient hij of zij een aanvraag in tot registratie in het Register bij de Registratie Instelling.
Indien de Registratie Instelling vaststelt dat de aanvrager een of meer van de bij de indiening van de aanvraag verlangde gegevens niet heeft verstrekt, stelt zij deze in de gelegenheid het ontbrekende gegeven of de ontbrekende gegevens alsnog binnen twee weken te verstrekken. Wordt het gegeven of worden de gegevens niet binnen die twee weken verstrekt, dan wordt het verzoek buiten behandeling gelaten.
De Registratie Instelling besluit tot registratie van de betreffende persoon indien deze voldoet aan de registratie-eisen, de kosten voor het examen en registratie heeft betaald en niet heeft gemalverseerd tijdens het examen of met zijn of haar persoonsgegevens.
De machinist die een herregistratie wenst in het Register Kraanmachinisten stuurt een aanvraag daartoe aan de Registratie Instelling en voegt daarbij informatie over scholing en praktijkervaring en eventueel met goed gevolg afgelegde vervangende examens (zie de eisen in artikel 7.2.2).
De examinering geschiedt onder de directe verantwoordelijkheid van de Registratie Instelling.
De Registratie Instelling heeft een examenprotocol en draagt er zorg voor dat de Examen Instelling werkt volgens dat examenprotocol. Het examenprotocol bevat alle eisen die in dit schema zijn opgenomen en betrekking hebben op het examen of een uitwerking daarvan.
In het examenprotocol zijn in ieder geval de volgende zaken opgenomen:
a. entree-criteria voor deelname aan het examen (zie ook paragraaf 5);
b. wijze van identificatie van de kandidaat bij het examen;
c. examenduur en wijze van examinering van zowel het theorie als praktijkdeel;
d. gedragsregels voor examenkandidaten;
e. regeling alternatieve examinering;
f. normering voor slagen en afwijzen;
g. bekendmaking van de examenuitslag aan de aanvrager;
h. bewaartermijn van de examendocumenten of digitale scans daarvan, zoals uitwerkingen en beoordelingsformulieren;
i. het recht van de examenkandidaat tot inzicht in zijn of haar beoordeling; en
j. geldigheidsduur van positieve resultaten van het theorie- dan wel het praktijkexamen.
Personen die zijn belast met de examinering voldoen aan de algemene, vakinhoudelijke en onafhankelijkheidseisen zoals bepaald door de Registratie Instelling alsmede aan de eisen zoals gesteld in het examenprotocol.
Alleen personen die in het bezit zijn van een geldig certificaat examinering zijn belast met de examinering. Zij zijn gehouden om de examinatoreninstructie en het beoordelingsprotocol te volgen.
Als examenpersoneel een potentieel belangenconflict heeft bij het examineren van een kandidaat, neemt de Registratie Instelling maatregelen om te garanderen dat de betrouwbaarheid en onpartijdigheid van het examen niet in diskrediet worden gebracht en ziet erop toe dat de Examen Instelling deze maatrgelen uitvoert en naleeft. Deze maatregelen worden vastgelegd.
Het voorgaande geldt tevens als examenpersoneel willens en wetens de voorgaande eisen niet naleeft. In dat geval wordt het examen ongeldig verklaard.
Medewerkers van de Registratie Instelling en een de door de Registratie Instelling ingeschakelde Examen Instelling zorgen voor de absolute geheimhouding van de examenopgaven. Implementatie en verificatie hiervan geschiedt door de Registratie Instelling.
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling en in de Nederlandse taal afgenomen.
Het praktijkexamen wordt in de Nederlandse taal afgenomen.
Indien de kandidaat het Nederlands onvoldoende beheerst, kunnen het theorie-examen en het praktijkexamen in de Duitse, Engelse of Franse taal worden afgenomen.
Het (mondeling) examen wordt afgenomen overeenkomstig de eisen uit het examenprotocol. Hiermee is er borging inzake de kwaliteit. Voor de overige eisen aan de uitvoering van het examen wordt eveneens verwezen naar het examenprotocol.
Voor deelname aan het examen geldt dat de kandidaat moet voldoen aan de volgende entreecriteria:
a. de kandidaat heeft minimaal de leeftijd van 18 jaar;
b. de kandidaat kan tijdens het examen mondeling communiceren in de taal waarin het examen wordt afgenomen; en
c. de kandidaat verkeert in een zodanige lichamelijk en geestelijke toestand, dat hij in staat is de torenkraan zonder gevaren te bedienen; en
d. de kandidaat is in de periode van drie maanden voorafgaand aan de indiending van de aanvraag tot examinering niet bestraft geweest voor het bedienen van een torenkraan zonder te beschikken over een geldige registratie hiertoe.
Er geldt geen specifieke vooropleidingseis.
Het examen bestaat uit een theorie-examen en een praktijkexamen.
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling afgenomen en bestaat uit 50 meerkeuzevragen, gebaseerd op de toets termen zoals omschreven in bijlage 6.1.
De meerkeuzevragen van het theorie-examen worden uitsluitend verstrekt vanuit de itembank van de Registratie Instelling.
De maximale tijd om het theorie-examen af te leggen bedraagt 90 minuten. Voor de overige eisen aan de uitvoering van het examen wordt verwezen naar het examenprotocol.
Het praktijkexamen wordt in een praktijk gesimuleerde omgeving afgenomen op een mobiele torenkraan en is gebaseerd op de toets termen zoals omschreven in bijlage 6.1 en bestaat uit de volgende onderdelen:
a. kennismaken en doornemen opdracht;
b. aanvangscontrole van de torenkraan en de daarbij behorende documenten;
c. onderhoud en werking van de torenkraan;
d. controle en gebruik van hijs- en hefgereedschap;
e. opstellen en gebruiksklaar maken van de torenkraan;
f. hijsopdracht 1 (KO-opdracht);
g. assisteren last verplaatsen (KO-opdracht);
h. hijsopdracht 2 (KO-opdracht);
i. hijsopdracht 3 (KO-opdracht);
j. beheersen van de torenkraan;
k. torenkraan achterlaten;
l. veiligheid (KO-onderdeel).
De examenopdrachten voor het praktijkexamen worden uitsluitend verstrekt vanuit de itembank van de Registratie Instelling.
De examenopdrachten moeten binnen 240 minuten worden uitgevoerd.
Het beheer van de itembank geschiedt onder strikte geheimhouding door de examencommissie. De examencommissie verstrekt, ten behoeve van de examinering, de meerkeuzevragen van het theorie-examen en de examenopdrachten voor het praktijkexamen.
Waardering examenresultaten
Het resultaat van zowel het theorie- als het praktijkexamen wordt tot uiting gebracht in ofwel “voldoende” ofwel “onvoldoende”.
Cesuur theorie-examen
De maximale waardering voor de meerkeuzevragen bij een volledig theorie-examen is 500 punten.
Een kandidaat heeft een voldoende voor het theorie-examen indien hij of zij 350 punten of meer heeft behaald (70%). Daarnaast moet van elke groep vragen over één eindterm minimaal 70% goed worden gescoord.
Cesuur praktijkexamen
Elk onderdeel van het praktijkexamen wordt beoordeeld aan de hand van het beoordelingsprotocol. Aan de verschillende handelingen zijn beoordelingscriteria gekoppeld met een daaraan verbonden puntenwaardering.
Voor alle onderdelen van het praktijkexamen moet een voldoende worden gehaald. Om een voldoende te halen voor een onderdeel moet minimaal 70% van de maximaal te behalen punten worden gescoord én mag de kandidaat geen KO (knock out) hebben.
Een kandidaat die een voldoende resultaat heeft gehaald voor ofwel het theorie-examen ofwel het praktijkexamen, kan indien hij of zij een onvoldoende heeft behaald voor het andere examendeel, ongelimiteerd herexamen doen voor het als onvoldoende gekwalificeerde examendeel.
Wanneer niet binnen zes maanden na het behalen van een voldoende voor het éne examendeel een voldoende voor het andere examendeel is behaald, moet opnieuw een volledig examen (zowel theorie als praktijk) worden afgelegd.
Er is geen maximum verbonden aan het aantal gecombineerde theorie- en praktijkexamens dat een kandidaat kan afleggen.
Binnen drie weken nadat een kandidaat een voldoende resultaat heeft behaald voor zowel het theorie-examen als het praktijkexamen registreert de Registratie Instelling deze persoon in het Register, tenzij deze persoon in gebreke blijft met de betaling van de kosten of heeft gemalverseerd met zijn of haar persoonsgegevens en/of tijdens het examen.
De geregistreerde persoon ontvangt vervolgens binnen een week na opname in het register een verklaring van registratie.
Een aanvraag tot herregistratie wordt (schriftelijk (digitaal of hardcopy) ingediend bij de Registratie Instelling. De beoordeling van een aanvraag tot herregistratie geschiedt door de Registratie Instelling aan de hand van gegevens over gevolgde bijscholing en opgetekende praktijkervaring en/of afgelegde examens.
De gevolgde bijscholing en de opgetekende praktijkervaring wordt bijgehouden in het Register. De administratie hiervan moet minimaal vijf jaar beschikbaar blijven.
Om als registratiehouder voor herregistratie in aanmerking te komen, moet worden aangetoond dat in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie door de registratiehouder aan de volgende voorwaarden is voldaan:
1. Bijscholing:
Twee volledige bijscholingsdagen (of 4 dagdelen) zijn gevolgd bij een door de Registratie Instelling erkende trainer, waarvan
a. één bijscholingsdag (of 2 dagdelen) is gevolgd in de eerste 36 maanden van de periode van vijf jaar, en
b. de tweede bijscholingsdag (of 2 dagdelen) is gevolgd na de 36ste maand van de periode van vijf jaar.
Tijdens de bijscholingsdagen komen alle eindtermen en actuele ontwikkelingen op het gebied van het onderwerp van dit schema aan de orde.
De bijscholing (4 modules, 1 module per dagdeel) wordt als volgt onderverdeeld:
Module A+B onderdeel hijs begeleiden en aanslaan van lasten;
Module C+D onderdeel hijsen en onderdeel gedrag en actualiteit;
Module E+F onderdeel hijs begeleiden en aanslaan van lasten, gedrag en actualiteit
De registratiehouder moet 2 van de drie modules volgen om voor herregistratie in aanmerking te komen.
Van de gevolgde bijscholing ontvangt de deelnemer een bewijs van deelname van de door de Registratie Instelling erkende trainer. De deelname wordt aangetekend in het Register.
Indien de aanvrager van herregistratie niet kan aantonen over voldoende gevolgde bijscholing te beschikken in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie, dan kan hij of zij via een theorie-examen aantonen nog steeds over voldoende kennis te beschikken. Dit theorie-examen wordt afgenomen conform de eisen zoals daarvoor vastgelegd in artikel 6.1.
2. Praktijkervaring:
In de periode van vijf jaar dat de registratie geldig is, moet de registratiehouder tenminste acht kwartalen hebben gewerkt in de functie die op de registratie is vermeld en van deze acht kwartalen moeten tenminste twee kwartalen vallen in de laatste drie jaar van de periode van vijf jaar.
Of een persoon voldoende praktijkervaring heeft blijkt uit de aantekening daarvan door de door de Registratie Instelling geautoriseerde werk- en/of opdrachtgever in het Register, die tenminste elke drie maanden de ingevoerde gegevens op waarheid toetst.
Indien de aanvrager van herregistratie niet kan aantonen over voldoende praktijkervaring te beschikken in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie, dan kan hij of zij via een praktijkexamen aantonen nog steeds over voldoende praktische competenties te beschikken.
Dit praktijkexamen wordt afgenomen conform de eisen zoals daarvoor vastgelegd in artikel 6.1.
Na ontvangst van een aanvraag voor herregistratie controleert de Registratie Instelling de gegevens van de aanvrager in het register met betrekking tot de gevolgde bijscholing, de opgetekende praktijkervaring en/of afgelegde examens. Indien wordt voldaan aan de in artikel 7.2.2 gestelde eisen bericht de Registratie Instelling de aanvrager binnen twee kalenderweken over het resultaat.
De aanvrager ontvangt vervolgens binnen een week na opname in het register een verklaring van herregistratie.
De ingangsdatum van de herregistratie wordt aldus vastgesteld:
a. Indien de positieve herregistratiebeslissing valt binnen drie maanden voor de einddatum van de voorgaande registratie, dan is die vervaldatum tevens de ingangsdatum van de hernieuwde registratie.
b. Indien de positieve herregistratiebeslissing valt voor de drie maanden voorafgaand aan de einddatum van de voorgaande registratie, dan is de datum van de herregistratiebeslissing de ingangsdatum van de hernieuwde registratie.
Wanneer de registratie van de machinist is verlopen zonder tijdige herregistratie en de persoon alsnog in het bezit wil komen van een registratie, is dit mogelijk door het met goed gevolg afleggen van een examen zoals vastgelegd in paragraaf 6.
In uitzonderlijke gevallen is dispensatie mogelijk. Hiertoe moet er een dispensatie-verzoek bij de Registratie Instelling worden ingediend conform het dispensatieprotocol. Dit verzoek wordt vervolgens voorgelegd aan de examencommissie die hieromtrent een advies opstelt. Dit advies wordt vervolgens voorgelegd aan de Raad van Toezicht van de Registratie Instelling, die een besluit neemt over de (her)registratie.
De geregistreerde beantwoordt verzoeken van de registratie-instelling om informatie die zij nodig acht om te kunnen vaststellen of er een noodzaak tot het treffen van maatregelen aanwezig is.
De Registratie Instelling verwijdert de registratie van een persoon uit het Register Kraanmachinisten indien de geregistreerde met zijn of haar werkzaamheden, voor zover die door de registratie worden gereguleerd, of door de wijze waarop hij of zij de werkzaamheden verricht ernstig gevaar veroorzaakt of kan veroorzaken voor personen.
De Registratie Instelling kan de registratie van een persoon uit het Register Kraanmachinisten tijdelijk verwijderen indien de geregistreerde met zijn of haar werkzaamheden, voor zover die door de registratie worden gereguleerd, of door de wijze waarop hij of zij de werkzaamheden verricht gevaar veroorzaakt of kan veroorzaken voor personen.
De verwijdering geschiedt op grond van door de Arbeidsinspectie of anderen aangeleverde informatie die de conclusie onderbouwen dat sprake is of is geweest van gevaar dan wel ernstig gevaar.
Indien de Registratie Instelling ten behoeve van haar besluitvorming over het al dan niet verwijderen van een registratie van een persoon nadere informatie nodig heeft kan zij de registratie van deze persoon lopende het onderzoek voor een periode van maximaal drie maanden schorsen.
De (her)registratie wordt vastgelegd middels een verklaring van (her)registratie.
De verklaring van (her)registratie wordt door de Registratie Instelling afgegeven aan de geregistreerde in de taal van het examen als wordt voldaan aan de eisen uit artikel 6.1.
Op het document van de verklaring van (her)registratie wordt verklaard dat de betreffende persoon voldoet aan de eisen uit het onderhavige schema en indien relevant of het ging om een herregistratie.
De volgende gegevens moeten minimaal in de verklaring van (her)registratie vermeld zijn:
a. naam van de geregistreerde persoon incl. geboortedatum;
b. eenduidig documentnummer (usernummer);
c. referentie naar dit schema;
d. scope van de registratie, inclusief de geldigheidscondities; en
e. de ingangsdatum van de (her)registratie en de datum waarop de (her)registratie ophoudt geldig te zijn.
De geldigheidsduur van de (her)registratie is vijf jaar. Een registratie kan tussentijds worden verwijderd op administratieve gronden (zie artikel 1.5p, derde lid, onder a tot en met d van het Arbeidsomstandighedenbesluit) en bij wijze van maatregel (zie hierover artikel 7.2.6).
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is van toepassing op de beoordeling van beroepskwalificaties van personen afkomstig uit de lidstaten van de Europese Unie en andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Ruimte en Zwitserland ten behoeve van de registratie als machinist mobiele kraan.
De Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties is onverkort van toepassing. Daarnaast gelden artikel 1.5h van het Arbeidsomstandighedenbesluit en paragraaf 1.3 van de Arbeidsomstandighedenregeling.
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling in zowel de Nederlandse als Engelse taal.
De Registratie Instelling heeft een procedure voor het indienen en behandelen van klachten over haar functioneren en publiceert deze op haar website.
Er gelden de volgende eindtermen:
1. de kandidaat heeft kennis van hijswerkzaamheden, incl. het voorbereiden daarvan;
2. de kandidaat heeft kennis van de wet- en regelgeving van hijswerkzaamheden;
3. de kandidaat kan het werk voorbereiden, incl. het gebruiken van hijsgereedschappen;
4. de kandidaat kan een torenkraan opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken;
5. de kandidaat weet hoe op een veilige manier hijswerkzaamheden uitgevoerd kunnen worden met een torenkraan; en
6. de kandidaat kan hijswerkzaamheden afronden en de torenkraan voor transport gereed maken.
|
Eindterm |
theorie-examen |
praktijkexamen1 |
|---|---|---|
|
1. |
8 vragen × 5 pt |
X (a en k) |
|
2. |
8 vragen × 6 pt |
|
|
3. |
20 vragen × 15 pt |
X (b, c en d) |
|
4. |
X (e) |
|
|
5. |
14 vragen × 8 pt |
X (f, g, h, en i) |
|
6. |
X (j) |
Het theorie-examen bestaat uit 50 meerkeuze vragen.
Het praktijkexamen bestaat uit 3 hijsopdrachten.
Zie ook paragraaf 6.
|
Eindterm |
Beoordelingscriterium |
Specifieke kennis m.b.t.: |
|---|---|---|
|
1.1 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welke pbm's nodig zijn in welke situatie |
PBM's: * veiligheidshelm * veiligheidsschoenen * veiligheidshandschoenen * veiligheidsharnas *gehoorbescherming * veiligheidsbril * reflecterende kleding |
|
1.2 kennis van hijswerkzaamheden |
weet wat de stabiliteit beïnvloedt en kan deze ook berekenen |
* ondergrond * opstelling kraan * zwaartepunt last |
|
1.3 kennis van hijswerkzaamheden |
kent de relatie tussen zwaartepunt en kantellijnen en kan deze ook berekenen |
zwaartepunt: * laag * excentrisch * hoog kantellijnen |
|
1.4 kennis van hijswerkzaamheden |
kan het zwaartepunt bepalen van de last en kan deze ook berekenen |
zwaartepunt last: * volume * soortelijke massa * totale massa van de last |
|
1.5 kennis van hijswerkzaamheden |
weet wat het effect is van vocht op de draagkracht van verschillende grondsoorten |
grondsoorten: * zand * veen * klei * leem * löss |
|
1.6 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welk hijsgereedschap geschikt is voor welke opdracht |
rekening houdend met: * capaciteit (WLL working load limit) * toepassing en aanslaan lasten * afkeurmaatstaven * werklastfactoren – buitenhoek – stroppen, sluitingen, hijsbanden |
|
1.7 kennis van hijswerkzaamheden |
kent de invloed van de verschillende onderdelen van de machine op de stabiliteit en werking |
onderdelen: * afstempelconfiguratie * ballast * giekconfiguratie * optimale aantal inscheringen * vlucht * stand bovenwagen t.o.v. onderwagen |
|
1.8 kennis van hijswerkzaamheden |
kan de functie van de verschillende beveiligingen en signaleringen noemen |
Beveiligingen volgens gebruiksaanwijzing, zoals: * LMB (lastmomentbeveiliging) * windingenbeveiliging * hoogte-afslagbeveiliging * rijsignalering * uitstapbeveiliging (armleuning- of stoelschakelaar) Kabeluitloop beveiliging Slappe kabel beveiliging Zwenkbeveiliging Asblokkering Stempeluithouders borging Slang- of leidingbreuk beveiliging Giekhoekmeter |
|
1.9 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welke eisen en restricties van toepassing zijn bij specifieke hijswerkzaamheden |
specifieke hijswerkzaamheden: * hijsen met meerdere kranen aan één last * hijsen met meerdere kranen in één werkgebied * hijsen van een werkbak/werkplatform * hijsen in omgeving van hoogspanningsmasten * hijsen over obstakels hijsen op pontons |
|
2.1 kennis van wet- en regelgeving |
anticipeert op wisselende omstandigheden |
omstandigheden: * weersveranderingen * toestroom kijkers * instabiele last (b.v. hijsen van verpakte vloeistoffen) * verkeer * positie hijsbegeleider, machinist en derden |
|
2.2 kennis van wet- en regelgeving |
gebruikt deugdelijke beschermingsmiddelen bij de verschillende werkzaamheden) |
PBM's: * veiligheidshelm * veiligheidsschoenen * veiligheidshandschoenen * veiligheidsharnas *gehoorbescherming * veiligheidsbril * reflecterende kleding * in goede staat verkeren * niet voorbij uiterlijke gebruiksdatum |
|
2.3 kennis van wet- en regelgeving |
voert de werkzaamheden uit volgens de gebruiksaanwijzing van de betreffende machine en de Arbocatalogus |
Gebruiksaanwijzing in de taal van de gebruiker Tabellen van alle LMB instellingen aanwezig |
|
2.4 kennis van wet- en regelgeving |
voert de werkzaamheden uit rekening houdend met wet- en regelgeving |
wet- en regelgeving: * milieuwetgeving * arbowetgeving * nationale regelgeving * lokale regelgeving |
|
3.1 voorbereiden werkzaamheden |
Kan de machine op visueel zichtbare gebreken controleren |
controle op: * banden/rupsen * eventuele lekkages (oliespoor) * breuken/scheuren in metaal * loszittende bouten * beschadigingen |
|
3.2 voorbereiden werkzaamheden |
Kan de cabine werk gereed maken |
Werk gereed: * stand van de spiegels aanpassen aan bestuurder * stoel aanpassen aan bestuurder * spiegels en ramen schoon en condensvrij * zonwering opruimen, en schone werkplek (Geen losse voorwerpen) |
|
3.3 voorbereiden werkzaamheden |
Kan de werking van de verlichting controleren |
Werkverlichting Rijverlichting Dashbord verlichting |
|
3.4 voorbereiden werkzaamheden |
controleert het peil van diverse vloeistoffen en vult indien nodig bij |
controleren: * motorolie * koelvloeistof * hydrauliek olie * brandstof * onderdelen met automatische vetsmering indien nodig: * vloeistoffen bijvullen * smeren van draaiende onderdelen die niet zijn voorzien van automatische vetsmering |
|
3.5 voorbereiden werkzaamheden |
Selecteert het benodigde hijsgereedschap en draagt zorg dat het gereedschap bruikbaar is |
bruikbaar: – weergave van toegestane werklast op het hijsgereedschap – visuele beschadigingen of manco's – aanwezigheid CE-markering, certificaat en inspectierapport – markeert afkeur hijsgereedschap: * kettingtakel * kettingwerk * topschalmen en verbindingsschalmen * sluitingen * wartels * hijssleutels en hijsankers * kogelkopsleutels * speciale hijssleutels * schroefogen/schroefbouten * schroeflussen * hijspennen * haken * samengesteld kettingwerk * kabel en strop * hijsband * stroppen * evenaar/hijsframe * uithouder * pallethaak * klemmen |
|
3.6 voorbereiden werkzaamheden |
voert de aanvangscontrole uit |
aanvangscontrole: de staat en de werking van: * kabels * blok * schijven * beveiligingen |
|
3.7 voorbereiden werkzaamheden |
controleert de voorgeschreven documenten op aanwezigheid en volledigheid |
documenten: * persoonlijke documenten – TCVT registratie machinist * machine gebonden documenten – kraanboek – TCVT keuringscertificaat van machine – opstellingskeuring * hijstabel – gebruiksaanwijzing * hijsgereedschap gebonden documenten – certificaten – gebruiksaanwijzing * last gebonden documenten – werkplan * formulier opstellingskeuring * Klikmelding |
|
3.8 voorbereiden werkzaamheden |
Kan de werkzaamheden volgens het hijsplan toepassen: * hoe de machine moet worden opgesteld om de hijsactiviteit te kunnen uitvoeren * hoe de hijsactiviteiten moeten worden uitgevoerd |
onderdelen van het hijsplan: * type machine * plaats en afmetingen van de hijslocatie(s) * plaats en afmetingen van de obstakels * afmetingen, vorm, massa en zwaartepunt van de last * soort, afmetingen, vorm en massa van het hijsgereedschap (stroppenplan) |
|
3.9 voorbereiden werkzaamheden |
interpreteert de hijstabel van de betreffende machine |
hijstabel: * Capaciteit volgens gieklengte, opstelconfiguratie en vlucht |
|
3.10 voorbereiden werkzaamheden |
neemt eventueel in samenspraak met de uitvoerder, het hijsplan door |
rekening houdend met (o.a.): * de aard van de te hijsen materialen * de aard van de werkzaamheden * de ligging van ondergrondse kabels en leidingen * plaats en afmetingen van obstakels * aanwezigheid van mensen en verkeer * afmetingen, massa en zwaartepunt van de last onderdelen uitvoeringsplan: * keuze en soort hijsgereedschap * interpretatie van hijstabel * benodigde aanvullende veiligheidsmaatregelen * benodigde pbm’s * werkvolgorde |
|
3.11 voorbereiden werkzaamheden |
neemt deel aan het start-werkoverleg |
betrokkenen (bijvoorbeeld): * uitvoerder * machinist *aanpikker/Hijsbegeleider doel: * onderlinge afstemming van de totale werkzaamheden |
|
3.12 voorbereiden werkzaamheden |
overlegt met de betrokkenen over de werkaanpak |
hijsteam (bijvoorbeeld): * machinist * hijsbegeleider doel: * onderlinge afstemming van de specifieke werkzaamheden |
|
3.13 voorbereiden werkzaamheden |
plaatst afzettingen, rekening houdend met aandachtspunten |
algemeen: * afstand van minimaal een halve meter tot bijvoorbeeld gebouwen soorten afzettingen: * afzettingen rondom de machine aandachtspunten: * voorkomen van langdurige en onnodige afzettingen |
|
3.14 voorbereiden werkzaamheden |
beoordeelt de draagkracht van de ondergrond op basis van criteria |
beoordelingscriteria: * stabiliteit van de ondergrond * terreinomstandigheden van en naar de opstelplaats (o.b.v. overleg met de klant) * toelaatbare gronddruk (o.b.v. overleg met de klant) * ondergrondse objecten (riool, kelder, leidingen, waterloop, putten) * geroerde grond |
|
3.15 voorbereiden werkzaamheden |
kiest op basis van kenmerken/vorm van de last het juiste hijsgereedschap |
kenmerken van de last: * gewicht * zwaartepunt * materiaalsoort * afmetingen * mechanische kenmerken (sterkte en samenstelling) * aerodynamica (windvlak) aangebrachte hijsvoorzieningen lasteigenschappen (kwetsbaar, scherpe randen) |
|
3.16 voorbereiden werkzaamheden |
berekent het gewicht van de last |
Soortelijke massa × volume |
|
3.17 voorbereiden werkzaamheden |
bepaalt het zwaartepunt van de last voorafgaand aan het hijsen |
Hijshaak boven het zwaartepunt |
|
3.18 voorbereiden werkzaamheden |
interpreteert de tekeningen waarin fabrikanten het zwaartepunt van de last weergeven uit waar het gaat om de stabiliteit van de last |
|
|
3.19 voorbereiden werkzaamheden |
interpreteert de tekeningen waarin een last op verschillende manieren is aangeslagen in relatie tot (eventueel) doorbuigen van de last, het (eventueel) inwerken van krachten en (eventuele) risico's op het verschuiven van de stroppen |
Gebruik uithouder/evenaar |
|
4.1 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
bepaalt de meest optimale positie van de machine om de werkzaamheden te kunnen uitvoeren |
optimale positie minimale vlucht bij hijsen maximale vlucht bij hijsen Zicht op de last Beknelling Aanstootgevaar * efficiency * omgeving – bijv. hoogspanningskabels * veiligheid * zicht * weersomstandigheden: – wind – zon – mist – duisternis – vorst en sneeuw – warmte en kou – regen – onweer |
|
4.2 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt tijdens het opstellen rekening met de ondergrondse infrastructuur |
ondergrondse infrastructuur: * leidingen * kabels * kelders * putten * buizen |
|
4.3 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
plaatst stempelschotten/draglineschotten, indien nodig |
plaatsen: * rekening houden met ergonomie * bepalen of oppervlakte voldoende is: oppervlakte = kracht / druk stempelschotten vlak en dragend neerleggen |
|
4.4 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
stelt de machine stabiel (waterpas) op |
Controle na testronde |
|
4.5 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
berekent de stempelkracht |
kracht / oppervlakte |
|
4.6 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
berekent de stempeldruk |
kracht / oppervlakte |
|
4.7 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt bij het opstellen rekening met de stabiliteit van de ondergrond |
soort ondergrond: * zand * veen * klei * leem * löss type verharding: *asfalt * beton * elementverharding |
|
4. 8 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt bij het opstellen rekening met de mogelijke kans op afschuiven van de grond rondom sloten, damwanden, kades en taluds |
aandachtspunten: * afstand druk onder 45 graden in ondergrond |
|
4.09 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
monteert ballast/contragewicht, rekening houdend met de aandachtspunten |
aandachtspunten: * bij werken bij obstakel: gebruikmaken van de voorziene klimvoorzieningen en LMB juist instellen |
|
4.10 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
controleert of de werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd vanaf de geplande opstelling |
Controle hijsplan |
|
4.11 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
controleert de beveiligingen |
controleert: * instelling * werking Zie ook 0,8 |
|
4.12 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
voert de laatste controle uit voor aanvang van de hijswerkzaamheden |
laatste controle: * rondje draaien met machine * borging/LMRA |
|
5. 1 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
voert een LMRA uit |
laatste minuut risico-analyse: * wijzigingen t.a.v. omgevingsfactoren * wijzigingen t.a.v. weersomstandigheden line of fire handelen |
|
5.2 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
bepaalt, gegeven de belasting factoren en de werklast, of de door de fabrikant opgegeven werklast van hijsgereedschap niet wordt overschreden |
Controle WLL |
|
5.3 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
volgt de arm- en handseinen en/of kan werken met de portofoon) |
seinen: * overnemen commando * stop, einde beweging * stop, einde commando * noodstop * omhoog * omlaag * aanduiding hoogte * horizontale afstand * vooruit * achteruit * naar links * naar rechts |
|
5.4 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
past de verplichte beveiligingen toe |
beveiligingen: * LMB * uitvalbeveiliging |
|
5.5 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
voert meerdere kraanbewegingen tegelijkertijd uit |
kraanbewegingen: * werken onder hoek * last neerleggen * last oprichten * hijsen/zakken * in- en uitkatten * zwenken |
|
5.6 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
haalt tijdens het hijsen eventuele slingeringen uit de last of beheerst deze veilig |
|
|
5.7 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
schat afstanden goed in |
|
|
5.8 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
past de werksnelheid aan de weers- en werkomstandigheden aan |
|
|
5.9 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
plaatst een last op de aangegeven locatie |
|
|
5.10 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
manoeuvreert een last tussen obstakels door |
|
|
5.11 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
kantelt een last van horizontaal naar verticaal en andersom |
|
|
5.12 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
controleert of de werkbak/werkplatform en machine goedgekeurd zijn |
controle: * aanwezigheid juiste opschriften * aanwezigheid juiste certificaten |
|
5.13 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
controleert of de gordel en lijn in goede staat en goedgekeurd zijn |
controle: * certificaten * staat gordel en lijn |
|
5.14 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
controleert of de hijskabel de afgelopen drie maanden gecontroleerd is, in orde is en gedocumenteerd in het kraanboek |
controle: * certificaat * kraanboek |
|
5.15 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
houdt zich aan de maximale werklast en het aantal personen zoals vermeldt op de werkbak/werkplatform |
|
|
5.16 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
gebruikt de werkbak niet indien de weersomstandigheden veilig werken niet toelaten |
weersomstandigheden: * onweer * harde wind (zie gebruiksaanwijzing werkbak/werkplatform) |
|
5.17 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
controleert of de personen in de werkbak/werkplatform beveiligingsmiddelen dragen tegen vallen die rechtstreeks aan de daarvoor bestemde bevestigingspunten zijn bevestigd |
beveiliging: * harnas * korte lijn |
|
5.18 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
hijst de werkbak/werkplatform met geringe snelheid en zonder schokken of stoten |
|
|
5.20 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
vult voorafgaand aan de werkzaamheden samen met de gebruiker een checklist in met betrekking tot het gebruik van de werkbak/werkplatform in en zorgt ervoor dat deze ondertekend wordt |
|
|
5.21 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
laat de gebruiker alleen in- en uitstappen als de werkbak/werkplatform op een vaste ondergrond staat |
|
|
5.22 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
maakt de hijsgereedschappen los en verwijdert deze van de last |
aandachtspunten: * last stabiel * beknellingsgevaar * hijsgereedschappen mogen niet blijven haken achter de last |
|
5.23 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
stelt een storingsdiagnose op in relatie tot de hoofdonderdelen van de machine |
hoofdonderdelen: – hydraulisch – pneumatisch – elektrisch – mechanisch – motorisch * op basis van visuele en auditieve controle |
|
5.24 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
bepaalt bij storingen welke acties ondernomen moeten worden en zet deze in gang |
acties: * beoordelen of wel of niet verantwoord doorgewerkt kan worden * bepalen of de storing zelfstandig opgelost kan worden of de monteur of technische dienst ingeschakeld moet worden |
|
6.1 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
(de)monteert de (hulp)giek |
Conform gebruiksaanwijzing |
|
6.2 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
legt ballast/contragewicht af |
|
|
6.3 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
trekt de stempels in |
|
|
6.4 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
maakt de machine transport gereed |
Transport gereed: * losliggende delen verwijderen * sjorrings aanbrengen * borgingen aanbrengen * achteruitrij-signalering controleren * remmen controleren indien aanwezig: * de rupsen intrekken tot transportstand |
|
6.5 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
laat de machine volgens de voorschriften achter |
|
|
6.6 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
ruimt de werkplek op |
werkplek netjes achterlaten: * afzettingen opruimen * vergelijk de plek zoals bij aanvang |
|
6.7 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
ondertekent de noodzakelijke documenten en/of laat deze ondertekenen |
documenten: * kraanboek (bij reparatie aan de machine) |
|
6.8 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
bespreekt, indien nodig, het verloop van het werk met het team en de klant |
|
|
6.9 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
manoeuvreert de machine op het werkterrein, rekening houdend met de rijeigenschappen van de machine |
rijeigenschappen machine: * de grootte van het voertuig * de giek * wendbaarheid * belading * trager verloop van optrekken en remmen * zwaartepunt * indien van toepassing op rails rijden – niet over voedingskabel rijden – voorzichtig bij vorst of als er blad op de rails ligt |
Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 28 februari 2025.
Dit registratieschema bevat de eisen op het gebied van veilig hijsen waaraan een te registreren machinist dient te voldoen om als machinist torenkraan te worden geregistreerd in het Register Kraanmachinisten alsmede de eisen aan het proces van persoonsregistratie.
De te registreren machinist voert hijswerkzaamheden uit met een torenkraan, dat wil zeggen een torenvormige hijskraan, in vaste opstelling (incl. op rails) of mobiel, waarvan het maximumbedrijfslastmoment 10 tonmeter of meer bedraagt of de giek 20 meter of hoger boven het vlak van de ondersteuning van de kraan bevestigd is. Hijswerkzaamheden bestaan onder meer uit het verplaatsen van vrijhangende lading/lasten.
Daar waar in dit schema wordt gesproken over de Registratie Instelling wordt gedoeld op de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie (hierna: TCVT). In verband met het beheer van het Register Kraanmachinisten heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan TCVT RA mandaat, volmacht en machtiging verleend en TCVT RA aangewezen als verwerker in de zin van artikel 28 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Daarnaast heeft de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid met TCVT RA een verwerkersovereenkomst, alsmede een algemene overeenkomst met algemene afspraken over het beheer van het Register Kraanmachinisten afgesloten.
|
Begrip |
Betekenis |
|---|---|
|
Aanvrager |
De persoon die een aanvraag doet voor het afgeven van een registratie machinist torenkraan. |
|
Beoordelingsprotocol |
Het beoordelingsprotocol RA 412 zoals opgesteld door de Registratie Instelling met bepalingen voor de beoordeling van de praktijk examen-opdrachten. |
|
Cesuur |
De grens tussen de hoogste toets score waaraan een onvoldoende en de laagste toets score waaraan een voldoende wordt toegekend. |
|
Certificaat examinering |
Certificaat afgegeven door TCVT RA aan de persoon die voldoet aan de eisen gesteld aan de examinator zoals gesteld in VT 421 opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling. |
|
Dispensatieprotocol |
Het protocol RA 414 zoals opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op haar website dat voor bijzondere gevallen de mogelijkheden beschrijft voor de persoon die geregistreerd is geweest te worden geherregistreerd zonder het examen te hoeven af te leggen. |
|
Eindtermen |
De omschrijving van de minimaal vereiste kennis, vaardigheden en houdingen (gedrag) op een specifiek competentiegebied zoals beschreven in bijlage 7.1, ten behoeve van het toetsen van examenkandidaten. |
|
Entreecriteria |
Voorwaarden waaraan moet zijn voldaan om te kunnen deelnemen aan een examen. |
|
Erkende trainer |
Een persoon die volgens de eisen uit RA 413, opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling, is erkend voor het verzorgen van bijscholing. |
|
Examen |
Het geheel van toets opgaven (toets-vragen en/of toets-opdrachten), bedoeld om de individuele kandidaat te kunnen beoordelen naar de mate waarin hij of zij aan de eindtermen conform de normen voldoet. |
|
Examencommissie |
De commissie, ingesteld door de Registratie Instelling, die verantwoordelijk is voor de examendocumenten en het beheer van de itembank. |
|
Examen Instelling |
Instelling belast met de examinering conform de eisen uit het onderhavige schema. |
|
Examenprotocol |
Het examenprotocol RA 410 zoals opgesteld door de Registratie Instelling en gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling met bepalingen voor de uitvoering van examens. |
|
Examinator |
Persoon die beschikt over een geldig certificaat examinering. |
|
Examinatoreninstructie |
De examinatoreninstructie RA 411 zoals vastgesteld door de Registratie Instelling en beschikbaar voor examinatoren die examineren ten behoeve van de Registratie Instelling met bepalingen voor de uniforme uitvoering van examens door examinatoren. |
|
Herregistratie |
Hernieuwde registratie in het register nadat getoetst is dat de beroepsbeoefenaar voldoet aan de eisen voor herregistratie. |
|
Kandidaat |
Persoon die een examen wordt afgenomen. |
|
KO-opdracht |
Examen-opdracht waarbij een onvoldoende beoordeling tot gevolg heeft dat de kandidaat niet met een positief advies wordt voorgedragen voor registratie. Het examen wordt bij een KO-beoordeling wel voortgezet. (KO staat voor Knock Out.) |
|
Lading |
De last c.q. lasten en/of het object c.q. objecten die op welke wijze dan ook veilig moet(en) worden getransporteerd en/of gehesen en/of opgeslagen en/of overgeslagen en/of geborgen. |
|
Machinist |
Machinist die een torenkraan, zoals bedoeld in artikel 7.6, eerste lid onder a, van de Arbeidsomstandighedenregeling, bedient. |
|
Registratie |
Registratie in de zin van artikel 7.32, eerste lid van het Arbeidsomstandighedenbesluit als machinist torenkraan in het Register Kraanmachinisten. |
|
Registratiehouder |
Persoon die in het bezit is van een geldige registratie. |
|
Registratie Instelling |
Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie. |
|
Register |
Het Register Kraanmachinisten met de namen van de personen die voldoen aan de eisen tot (her)registratie. |
|
Reparatie |
Reparaties en wijzigingen die aan de torenkraan worden verricht, niet zijnde een ingrijpende wijziging die leidt tot het ontstaan van een nieuwe torenkraan met de daarbij behorende overeenstemmingsprocedure. |
|
Schema |
De set van eisen zoals beschreven in onderhavig document voor het verlenen van een registratie. |
|
Toets term |
Een met een minimumprestatie en voorwaarden verbijzonderde eindterm. |
|
Trainer |
Door de Registratie Instelling erkende trainer die de bijscholing mag verzorgen op basis van het document RA 413. Het document RA 413 en de namen van de erkende trainers staan vermeld op de website van de Registratie Instelling. |
|
Torenkraan |
Conform artikel 7.6, eerste lid onder a, van de Arbeidsomstandighedenregeling: een torenvormige hijskraan, in vaste opstelling (incl. op rails) of mobiel, waarvan het maximumbedrijfslastmoment 10 tonmeter of meer bedraagt of de giek 20 meter of hoger boven het vlak van de ondersteuning van de kraan bevestigd is. |
|
Verklaring van registratie |
Bewijs dat een persoon is geregistreerd. |
|
Werkbak |
Werkbak zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel a van het Arbeidsomstandighedenbesluit. |
|
Werkplatform |
Platform zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel b van het Arbeidsomstandighedenbesluit. |
De kandidaat machinist dient bij een namens de Registratie Instelling aangewezen Examen Instelling, in overeenstemming met dit schema, een aanvraag in voor de examinering als machinist van een torenkraan.
Examens worden afgenomen door de Examen Instelling die daarvoor door de Registratie Instelling is aangewezen. De examinering door de Examen Instelling vindt plaats volgens de eisen in dit schema, de overige door de Registratie Instelling gestelde eisen en het Examenreglement. Voor deelname aan het examen gelden entreecriteria (zie paragraaf 5).
Wanneer de kandidaat is geslaagd voor het examen dient hij of zij een aanvraag in tot registratie in het Register bij de Registratie Instelling.
Indien de Registratie Instelling vaststelt dat de aanvrager een of meer van de bij de indiening van de aanvraag verlangde gegevens niet heeft verstrekt, stelt zij deze in de gelegenheid het ontbrekende gegeven of de ontbrekende gegevens alsnog binnen twee weken te verstrekken. Wordt het gegeven of worden de gegevens niet binnen die twee weken verstrekt, dan wordt het verzoek buiten behandeling gelaten.
De Registratie Instelling besluit tot registratie van de betreffende persoon indien deze voldoet aan de registratie-eisen, de kosten voor het examen en registratie heeft betaald en niet heeft gemalverseerd tijdens het examen of met zijn of haar persoonsgegevens.
De machinist die een herregistratie wenst in het Register Kraanmachinisten stuurt een aanvraag daartoe aan de Registratie Instelling en voegt daarbij informatie over scholing en praktijkervaring en eventueel met goed gevolg afgelegde vervangende examens (zie de eisen in artikel 7.2.2).
De examinering geschiedt onder de directe verantwoordelijkheid van de Registratie Instelling.
De Registratie Instelling heeft een examenprotocol en draagt er zorg voor dat de Examen Instelling werkt volgens dat examenprotocol. Het examenprotocol bevat alle eisen die in dit schema zijn opgenomen en betrekking hebben op het examen of een uitwerking daarvan.
In het examenprotocol zijn in ieder geval de volgende zaken opgenomen:
a. entree-criteria voor deelname aan het examen (zie ook paragraaf 5);
b. wijze van identificatie van de kandidaat bij het examen;
c. examenduur en wijze van examinering van zowel het theorie als praktijkdeel;
d. gedragsregels voor examenkandidaten;
e. regeling alternatieve examinering;
f. normering voor slagen en afwijzen;
g. bekendmaking van de examenuitslag aan de aanvrager;
h. bewaartermijn van de examendocumenten of digitale scans daarvan, zoals uitwerkingen en beoordelingsformulieren;
i. het recht van de examenkandidaat tot inzicht in zijn of haar beoordeling; en
j. geldigheidsduur van positieve resultaten van het theorie- dan wel het praktijkexamen.
Personen die zijn belast met de examinering voldoen aan de algemene, vakinhoudelijke en onafhankelijkheidseisen zoals bepaald door de Registratie Instelling alsmede aan de eisen zoals gesteld in het examenprotocol.
Alleen personen die in het bezit zijn van een geldig certificaat examinering zijn belast met de examinering. Zij zijn gehouden om de examinatoreninstructie en het beoordelingsprotocol te volgen.
Als examenpersoneel een potentieel belangenconflict heeft bij het examineren van een kandidaat, neemt de Registratie Instelling maatregelen om te garanderen dat de betrouwbaarheid en onpartijdigheid van het examen niet in diskrediet worden gebracht en ziet erop toe dat de Examen Instelling deze maatrgelen uitvoert en naleeft. Deze maatregelen worden vastgelegd.
Het voorgaande geldt tevens als examenpersoneel willens en wetens de voorgaande eisen niet naleeft. In dat geval wordt het examen ongeldig verklaard.
Medewerkers van de Registratie Instelling en een de door de Registratie Instelling ingeschakelde Examen Instelling zorgen voor de absolute geheimhouding van de examenopgaven. Implementatie en verificatie hiervan geschiedt door de Registratie Instelling.
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling en in de Nederlandse taal afgenomen.
Het praktijkexamen wordt in de Nederlandse taal afgenomen.
Indien de kandidaat het Nederlands onvoldoende beheerst, kunnen het theorie-examen en het praktijkexamen in de Duitse, Engelse of Franse taal worden afgenomen.
Het (mondeling) examen wordt afgenomen overeenkomstig de eisen uit het examenprotocol. Hiermee is er borging inzake de kwaliteit. Voor de overige eisen aan de uitvoering van het examen wordt eveneens verwezen naar het examenprotocol.
Voor deelname aan het examen geldt dat de kandidaat moet voldoen aan de volgende entreecriteria:
a. de kandidaat heeft minimaal de leeftijd van 18 jaar;
b. de kandidaat kan tijdens het examen mondeling communiceren in de taal waarin het examen wordt afgenomen; en
c. de kandidaat verkeert in een zodanige lichamelijk en geestelijke toestand, dat hij in staat is de torenkraan zonder gevaren te bedienen; en
d. de kandidaat is in de periode van drie maanden voorafgaand aan de indiending van de aanvraag tot examinering niet bestraft geweest voor het bedienen van een torenkraan zonder te beschikken over een geldige registratie hiertoe.
Er geldt geen specifieke vooropleidingseis.
Het examen bestaat uit een theorie-examen en een praktijkexamen.
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling afgenomen en bestaat uit 50 meerkeuzevragen, gebaseerd op de toets termen zoals omschreven in bijlage 7.1.
De meerkeuzevragen van het theorie-examen worden uitsluitend verstrekt vanuit de itembank van de Registratie Instelling.
De maximale tijd om het theorie-examen af te leggen bedraagt 90 minuten. Voor de overige eisen aan de uitvoering van het examen wordt verwezen naar het examenprotocol.
Het praktijkexamen wordt in een praktijk gesimuleerde omgeving afgenomen op een mobiele torenkraan en is gebaseerd op de toets termen zoals omschreven in bijlage 7.1 en bestaat uit de volgende onderdelen:
a. kennismaken en doornemen opdracht;
b. aanvangscontrole van de torenkraan en de daarbij behorende documenten;
c. onderhoud en werking van de torenkraan;
d. controle en gebruik van hijs- en hefgereedschap;
e. opstellen en gebruiksklaar maken van de torenkraan;
f. hijsopdracht 1 (KO-opdracht);
g. assisteren last verplaatsen (KO-opdracht);
h. hijsopdracht 2 (KO-opdracht);
i. hijsopdracht 3 (KO-opdracht);
j. beheersen van de torenkraan;
k. torenkraan achterlaten;
l. veiligheid (KO-onderdeel).
De examenopdrachten voor het praktijkexamen worden uitsluitend verstrekt vanuit de itembank van de Registratie Instelling.
De examenopdrachten moeten binnen 240 minuten worden uitgevoerd.
Het beheer van de itembank geschiedt onder strikte geheimhouding door de examencommissie. De examencommissie verstrekt, ten behoeve van de examinering, de meerkeuzevragen van het theorie-examen en de examenopdrachten voor het praktijkexamen.
Waardering examenresultaten
Het resultaat van zowel het theorie- als het praktijkexamen wordt tot uiting gebracht in ofwel “voldoende” ofwel “onvoldoende”.
Cesuur theorie-examen
De maximale waardering voor de meerkeuzevragen bij een volledig theorie-examen is 500 punten.
Een kandidaat heeft een voldoende voor het theorie-examen indien hij of zij 350 punten of meer heeft behaald (70%). Daarnaast moet van elke groep vragen over één eindterm minimaal 70% goed worden gescoord.
Cesuur praktijkexamen
Elk onderdeel van het praktijkexamen wordt beoordeeld aan de hand van het beoordelingsprotocol. Aan de verschillende handelingen zijn beoordelingscriteria gekoppeld met een daaraan verbonden puntenwaardering.
Voor alle onderdelen van het praktijkexamen moet een voldoende worden gehaald. Om een voldoende te halen voor een onderdeel moet minimaal 70% van de maximaal te behalen punten worden gescoord én mag de kandidaat geen KO (knock out) hebben.
Een kandidaat die een voldoende resultaat heeft gehaald voor ofwel het theorie-examen ofwel het praktijkexamen, kan indien hij of zij een onvoldoende heeft behaald voor het andere examendeel, ongelimiteerd herexamen doen voor het als onvoldoende gekwalificeerde examendeel.
Wanneer niet binnen zes maanden na het behalen van een voldoende voor het éne examendeel een voldoende voor het andere examendeel is behaald, moet opnieuw een volledig examen (zowel theorie als praktijk) worden afgelegd.
Er is geen maximum verbonden aan het aantal gecombineerde theorie- en praktijkexamens dat een kandidaat kan afleggen.
Binnen drie weken nadat een kandidaat een voldoende resultaat heeft behaald voor zowel het theorie-examen als het praktijkexamen registreert de Registratie Instelling deze persoon in het Register, tenzij deze persoon in gebreke blijft met de betaling van de kosten of heeft gemalverseerd met zijn of haar persoonsgegevens en/of tijdens het examen.
De geregistreerde persoon ontvangt vervolgens binnen een week na opname in het register een verklaring van registratie.
Een aanvraag tot herregistratie wordt (schriftelijk (digitaal of hardcopy) ingediend bij de Registratie Instelling. De beoordeling van een aanvraag tot herregistratie geschiedt door de Registratie Instelling aan de hand van gegevens over gevolgde bijscholing en opgetekende praktijkervaring en/of afgelegde examens.
De gevolgde bijscholing en de opgetekende praktijkervaring wordt bijgehouden in het Register. De administratie hiervan moet minimaal vijf jaar beschikbaar blijven.
Om als registratiehouder voor herregistratie in aanmerking te komen, moet worden aangetoond dat in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie door de registratiehouder aan de volgende voorwaarden is voldaan:
1. Bijscholing:
Twee volledige bijscholingsdagen (of 4 dagdelen) zijn gevolgd bij een door de Registratie Instelling erkende trainer, waarvan
a. één bijscholingsdag (of 2 dagdelen) is gevolgd in de eerste 36 maanden van de periode van vijf jaar, en
b. de tweede bijscholingsdag (of 2 dagdelen) is gevolgd na de 36ste maand van de periode van vijf jaar.
Tijdens de bijscholingsdagen komen alle eindtermen en actuele ontwikkelingen op het gebied van het onderwerp van dit schema aan de orde.
De bijscholing (4 modules, 1 module per dagdeel) wordt als volgt onderverdeeld:
Module A+B onderdeel hijs begeleiden en aanslaan van lasten;
Module C+D onderdeel hijsen en onderdeel gedrag en actualiteit;
Module E+F onderdeel hijs begeleiden en aanslaan van lasten, gedrag en actualiteit
De registratiehouder moet 2 van de drie modules volgen om voor herregistratie in aanmerking te komen.
Van de gevolgde bijscholing ontvangt de deelnemer een bewijs van deelname van de door de Registratie Instelling erkende trainer. De deelname wordt aangetekend in het Register.
Indien de aanvrager van herregistratie niet kan aantonen over voldoende gevolgde bijscholing te beschikken in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie, dan kan hij of zij via een theorie-examen aantonen nog steeds over voldoende kennis te beschikken. Dit theorie-examen wordt afgenomen conform de eisen zoals daarvoor vastgelegd in artikel 6.1.
2. Praktijkervaring:
In de periode van vijf jaar dat de registratie geldig is, moet de registratiehouder tenminste acht kwartalen hebben gewerkt in de functie die op de registratie is vermeld en van deze acht kwartalen moeten tenminste twee kwartalen vallen in de laatste drie jaar van de periode van vijf jaar.
Of een persoon voldoende praktijkervaring heeft blijkt uit de aantekening daarvan door de door de Registratie Instelling geautoriseerde werk- en/of opdrachtgever in het Register, die tenminste elke drie maanden de ingevoerde gegevens op waarheid toetst.
Indien de aanvrager van herregistratie niet kan aantonen over voldoende praktijkervaring te beschikken in de vijf jaar van de geldigheid van de registratie, dan kan hij of zij via een praktijkexamen aantonen nog steeds over voldoende praktische competenties te beschikken.
Dit praktijkexamen wordt afgenomen conform de eisen zoals daarvoor vastgelegd in artikel 6.1.
Na ontvangst van een aanvraag voor herregistratie controleert de Registratie Instelling de gegevens van de aanvrager in het register met betrekking tot de gevolgde bijscholing, de opgetekende praktijkervaring en/of afgelegde examens. Indien wordt voldaan aan de in artikel 7.2.2 gestelde eisen bericht de Registratie Instelling de aanvrager binnen twee kalenderweken over het resultaat.
De aanvrager ontvangt vervolgens binnen een week na opname in het register een verklaring van herregistratie.
De ingangsdatum van de herregistratie wordt aldus vastgesteld:
a. Indien de positieve herregistratiebeslissing valt binnen drie maanden voor de einddatum van de voorgaande registratie, dan is die vervaldatum tevens de ingangsdatum van de hernieuwde registratie.
b. Indien de positieve herregistratiebeslissing valt voor de drie maanden voorafgaand aan de einddatum van de voorgaande registratie, dan is de datum van de herregistratiebeslissing de ingangsdatum van de hernieuwde registratie.
Wanneer de registratie van de machinist is verlopen zonder tijdige herregistratie en de persoon alsnog in het bezit wil komen van een registratie, is dit mogelijk door het met goed gevolg afleggen van een examen zoals vastgelegd in paragraaf 6.
In uitzonderlijke gevallen is dispensatie mogelijk. Hiertoe moet er een dispensatie-verzoek bij de Registratie Instelling worden ingediend conform het dispensatieprotocol. Dit verzoek wordt vervolgens voorgelegd aan de examencommissie die hieromtrent een advies opstelt. Dit advies wordt vervolgens voorgelegd aan de Raad van Toezicht van de Registratie Instelling, die een besluit neemt over de (her)registratie.
De geregistreerde beantwoordt verzoeken van de registratie-instelling om informatie die zij nodig acht om te kunnen vaststellen of er een noodzaak tot het treffen van maatregelen aanwezig is.
De Registratie Instelling verwijdert de registratie van een persoon uit het Register Kraanmachinisten indien de geregistreerde met zijn of haar werkzaamheden, voor zover die door de registratie worden gereguleerd, of door de wijze waarop hij of zij de werkzaamheden verricht ernstig gevaar veroorzaakt of kan veroorzaken voor personen.
De Registratie Instelling kan de registratie van een persoon uit het Register Kraanmachinisten tijdelijk verwijderen indien de geregistreerde met zijn of haar werkzaamheden, voor zover die door de registratie worden gereguleerd, of door de wijze waarop hij of zij de werkzaamheden verricht gevaar veroorzaakt of kan veroorzaken voor personen.
De verwijdering geschiedt op grond van door de Arbeidsinspectie of anderen aangeleverde informatie die de conclusie onderbouwen dat sprake is of is geweest van gevaar dan wel ernstig gevaar.
Indien de Registratie Instelling ten behoeve van haar besluitvorming over het al dan niet verwijderen van een registratie van een persoon nadere informatie nodig heeft kan zij de registratie van deze persoon lopende het onderzoek voor een periode van maximaal drie maanden schorsen.
De (her)registratie wordt vastgelegd middels een verklaring van (her)registratie.
De verklaring van (her)registratie wordt door de Registratie Instelling afgegeven aan de geregistreerde in de taal van het examen als wordt voldaan aan de eisen uit artikel 6.1.
Op het document van de verklaring van (her)registratie wordt verklaard dat de betreffende persoon voldoet aan de eisen uit het onderhavige schema en indien relevant of het ging om een herregistratie.
De volgende gegevens moeten minimaal in de verklaring van (her)registratie vermeld zijn:
a. naam van de geregistreerde persoon incl. geboortedatum;
b. eenduidig documentnummer (usernummer);
c. referentie naar dit schema;
d. scope van de registratie, inclusief de geldigheidscondities; en
e. de ingangsdatum van de (her)registratie en de datum waarop de (her)registratie ophoudt geldig te zijn.
De geldigheidsduur van de (her)registratie is vijf jaar. Een registratie kan tussentijds worden verwijderd op administratieve gronden (zie artikel 1.5p, derde lid, onder a tot en met d van het Arbeidsomstandighedenbesluit) en bij wijze van maatregel (zie hierover artikel 7.2.6).
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is van toepassing op de beoordeling van beroepskwalificaties van personen afkomstig uit de lidstaten van de Europese Unie en andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Ruimte en Zwitserland ten behoeve van de registratie als machinist mobiele kraan.
De Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties is onverkort van toepassing. Daarnaast gelden artikel 1.5h van het Arbeidsomstandighedenbesluit en paragraaf 1.3 van de Arbeidsomstandighedenregeling.
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling in zowel de Nederlandse als Engelse taal.
De Registratie Instelling heeft een procedure voor het indienen en behandelen van klachten over haar functioneren en publiceert deze op haar website.
Er gelden de volgende eindtermen:
1. de kandidaat heeft kennis van hijswerkzaamheden, incl. het voorbereiden daarvan;
2. de kandidaat heeft kennis van de wet- en regelgeving van hijswerkzaamheden;
3. de kandidaat kan het werk voorbereiden, incl. het gebruiken van hijsgereedschappen;
4. de kandidaat kan een torenkraan opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken;
5. de kandidaat weet hoe op een veilige manier hijswerkzaamheden uitgevoerd kunnen worden met een torenkraan; en
6. de kandidaat kan hijswerkzaamheden afronden en de torenkraan voor transport gereed maken.
|
Eindterm |
theorie-examen |
praktijkexamen1 |
|---|---|---|
|
1. |
8 vragen × 5 pt |
X (a en k) |
|
2. |
8 vragen × 6 pt |
|
|
3. |
20 vragen × 15 pt |
X (b, c en d) |
|
4. |
X (e) |
|
|
5. |
14 vragen × 8 pt |
X (f, g, h, en i) |
|
6. |
X (j) |
Het theorie-examen bestaat uit 50 meerkeuze vragen.
Het praktijkexamen bestaat uit 3 hijsopdrachten.
Zie ook paragraaf 6.
|
Eindterm |
Beoordelingscriterium |
Specifieke kennis m.b.t.: |
|---|---|---|
|
1.1 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welke pbm's nodig zijn in welke situatie |
PBM's: * veiligheidshelm * veiligheidsschoenen * veiligheidshandschoenen * veiligheidsharnas *gehoorbescherming * veiligheidsbril * reflecterende kleding |
|
1.2 kennis van hijswerkzaamheden |
weet wat de stabiliteit beïnvloedt en kan deze ook berekenen |
* ondergrond * opstelling kraan * zwaartepunt last |
|
1.3 kennis van hijswerkzaamheden |
kent de relatie tussen zwaartepunt en kantellijnen en kan deze ook berekenen |
zwaartepunt: * laag * excentrisch * hoog kantellijnen |
|
1.4 kennis van hijswerkzaamheden |
kan het zwaartepunt bepalen van de last en kan deze ook berekenen |
zwaartepunt last: * volume * soortelijke massa * totale massa van de last |
|
1.5 kennis van hijswerkzaamheden |
weet wat het effect is van vocht op de draagkracht van verschillende grondsoorten |
grondsoorten: * zand * veen * klei * leem * löss |
|
1.6 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welk hijsgereedschap geschikt is voor welke opdracht |
rekening houdend met: * capaciteit (WLL working load limit) * toepassing en aanslaan lasten * afkeurmaatstaven * werklastfactoren – buitenhoek – stroppen, sluitingen, hijsbanden |
|
1.7 kennis van hijswerkzaamheden |
kent de invloed van de verschillende onderdelen van de machine op de stabiliteit en werking |
onderdelen: * afstempelconfiguratie * ballast * giekconfiguratie * optimale aantal inscheringen * vlucht * stand bovenwagen t.o.v. onderwagen |
|
1.8 kennis van hijswerkzaamheden |
kan de functie van de verschillende beveiligingen en signaleringen noemen |
Beveiligingen volgens gebruiksaanwijzing, zoals: * LMB (lastmomentbeveiliging) * windingenbeveiliging * hoogte-afslagbeveiliging * rijsignalering * uitstapbeveiliging (armleuning- of stoelschakelaar) Kabeluitloop beveiliging Slappe kabel beveiliging Zwenkbeveiliging Asblokkering Stempeluithouders borging Slang- of leidingbreuk beveiliging Giekhoekmeter |
|
1.9 kennis van hijswerkzaamheden |
weet welke eisen en restricties van toepassing zijn bij specifieke hijswerkzaamheden |
specifieke hijswerkzaamheden: * hijsen met meerdere kranen aan één last * hijsen met meerdere kranen in één werkgebied * hijsen van een werkbak/werkplatform * hijsen in omgeving van hoogspanningsmasten * hijsen over obstakels hijsen op pontons |
|
2.1 kennis van wet- en regelgeving |
anticipeert op wisselende omstandigheden |
omstandigheden: * weersveranderingen * toestroom kijkers * instabiele last (b.v. hijsen van verpakte vloeistoffen) * verkeer * positie hijsbegeleider, machinist en derden |
|
2.2 kennis van wet- en regelgeving |
gebruikt deugdelijke beschermingsmiddelen bij de verschillende werkzaamheden) |
PBM's: * veiligheidshelm * veiligheidsschoenen * veiligheidshandschoenen * veiligheidsharnas *gehoorbescherming * veiligheidsbril * reflecterende kleding * in goede staat verkeren * niet voorbij uiterlijke gebruiksdatum |
|
2.3 kennis van wet- en regelgeving |
voert de werkzaamheden uit volgens de gebruiksaanwijzing van de betreffende machine en de Arbocatalogus |
Gebruiksaanwijzing in de taal van de gebruiker Tabellen van alle LMB instellingen aanwezig |
|
2.4 kennis van wet- en regelgeving |
voert de werkzaamheden uit rekening houdend met wet- en regelgeving |
wet- en regelgeving: * milieuwetgeving * arbowetgeving * nationale regelgeving * lokale regelgeving |
|
3.1 voorbereiden werkzaamheden |
Kan de machine op visueel zichtbare gebreken controleren |
controle op: * banden/rupsen * eventuele lekkages (oliespoor) * breuken/scheuren in metaal * loszittende bouten * beschadigingen |
|
3.2 voorbereiden werkzaamheden |
Kan de cabine werk gereed maken |
Werk gereed: * stand van de spiegels aanpassen aan bestuurder * stoel aanpassen aan bestuurder * spiegels en ramen schoon en condensvrij * zonwering opruimen, en schone werkplek (Geen losse voorwerpen) |
|
3.3 voorbereiden werkzaamheden |
Kan de werking van de verlichting controleren |
Werkverlichting Rijverlichting Dashbord verlichting |
|
3.4 voorbereiden werkzaamheden |
controleert het peil van diverse vloeistoffen en vult indien nodig bij |
controleren: * motorolie * koelvloeistof * hydrauliek olie * brandstof * onderdelen met automatische vetsmering indien nodig: * vloeistoffen bijvullen * smeren van draaiende onderdelen die niet zijn voorzien van automatische vetsmering |
|
3.5 voorbereiden werkzaamheden |
Selecteert het benodigde hijsgereedschap en draagt zorg dat het gereedschap bruikbaar is |
bruikbaar: – weergave van toegestane werklast op het hijsgereedschap – visuele beschadigingen of manco's – aanwezigheid CE-markering, certificaat en inspectierapport – markeert afkeur hijsgereedschap: * kettingtakel * kettingwerk * topschalmen en verbindingsschalmen * sluitingen * wartels * hijssleutels en hijsankers * kogelkopsleutels * speciale hijssleutels * schroefogen/schroefbouten * schroeflussen * hijspennen * haken * samengesteld kettingwerk * kabel en strop * hijsband * stroppen * evenaar/hijsframe * uithouder * pallethaak * klemmen |
|
3.6 voorbereiden werkzaamheden |
voert de aanvangscontrole uit |
aanvangscontrole: de staat en de werking van: * kabels * blok * schijven * beveiligingen |
|
3.7 voorbereiden werkzaamheden |
controleert de voorgeschreven documenten op aanwezigheid en volledigheid |
documenten: * persoonlijke documenten – TCVT registratie machinist * machine gebonden documenten – kraanboek – TCVT keuringscertificaat van machine – opstellingskeuring * hijstabel – gebruiksaanwijzing * hijsgereedschap gebonden documenten – certificaten – gebruiksaanwijzing * last gebonden documenten – werkplan * formulier opstellingskeuring * Klikmelding |
|
3.8 voorbereiden werkzaamheden |
Kan de werkzaamheden volgens het hijsplan toepassen: * hoe de machine moet worden opgesteld om de hijsactiviteit te kunnen uitvoeren * hoe de hijsactiviteiten moeten worden uitgevoerd |
onderdelen van het hijsplan: * type machine * plaats en afmetingen van de hijslocatie(s) * plaats en afmetingen van de obstakels * afmetingen, vorm, massa en zwaartepunt van de last * soort, afmetingen, vorm en massa van het hijsgereedschap (stroppenplan) |
|
3.9 voorbereiden werkzaamheden |
interpreteert de hijstabel van de betreffende machine |
hijstabel: * Capaciteit volgens gieklengte, opstelconfiguratie en vlucht |
|
3.10 voorbereiden werkzaamheden |
neemt eventueel in samenspraak met de uitvoerder, het hijsplan door |
rekening houdend met (o.a.): * de aard van de te hijsen materialen * de aard van de werkzaamheden * de ligging van ondergrondse kabels en leidingen * plaats en afmetingen van obstakels * aanwezigheid van mensen en verkeer * afmetingen, massa en zwaartepunt van de last onderdelen uitvoeringsplan: * keuze en soort hijsgereedschap * interpretatie van hijstabel * benodigde aanvullende veiligheidsmaatregelen * benodigde pbm’s * werkvolgorde |
|
3.11 voorbereiden werkzaamheden |
neemt deel aan het start-werkoverleg |
betrokkenen (bijvoorbeeld): * uitvoerder * machinist *aanpikker/Hijsbegeleider doel: * onderlinge afstemming van de totale werkzaamheden |
|
3.12 voorbereiden werkzaamheden |
overlegt met de betrokkenen over de werkaanpak |
hijsteam (bijvoorbeeld): * machinist * hijsbegeleider doel: * onderlinge afstemming van de specifieke werkzaamheden |
|
3.13 voorbereiden werkzaamheden |
plaatst afzettingen, rekening houdend met aandachtspunten |
algemeen: * afstand van minimaal een halve meter tot bijvoorbeeld gebouwen soorten afzettingen: * afzettingen rondom de machine aandachtspunten: * voorkomen van langdurige en onnodige afzettingen |
|
3.14 voorbereiden werkzaamheden |
beoordeelt de draagkracht van de ondergrond op basis van criteria |
beoordelingscriteria: * stabiliteit van de ondergrond * terreinomstandigheden van en naar de opstelplaats (o.b.v. overleg met de klant) * toelaatbare gronddruk (o.b.v. overleg met de klant) * ondergrondse objecten (riool, kelder, leidingen, waterloop, putten) * geroerde grond |
|
3.15 voorbereiden werkzaamheden |
kiest op basis van kenmerken/vorm van de last het juiste hijsgereedschap |
kenmerken van de last: * gewicht * zwaartepunt * materiaalsoort * afmetingen * mechanische kenmerken (sterkte en samenstelling) * aerodynamica (windvlak) aangebrachte hijsvoorzieningen lasteigenschappen (kwetsbaar, scherpe randen) |
|
3.16 voorbereiden werkzaamheden |
berekent het gewicht van de last |
Soortelijke massa × volume |
|
3.17 voorbereiden werkzaamheden |
bepaalt het zwaartepunt van de last voorafgaand aan het hijsen |
Hijshaak boven het zwaartepunt |
|
3.18 voorbereiden werkzaamheden |
interpreteert de tekeningen waarin fabrikanten het zwaartepunt van de last weergeven uit waar het gaat om de stabiliteit van de last |
|
|
3.19 voorbereiden werkzaamheden |
interpreteert de tekeningen waarin een last op verschillende manieren is aangeslagen in relatie tot (eventueel) doorbuigen van de last, het (eventueel) inwerken van krachten en (eventuele) risico's op het verschuiven van de stroppen |
Gebruik uithouder/evenaar |
|
4.1 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
bepaalt de meest optimale positie van de machine om de werkzaamheden te kunnen uitvoeren |
optimale positie minimale vlucht bij hijsen maximale vlucht bij hijsen Zicht op de last Beknelling Aanstootgevaar * efficiency * omgeving – bijv. hoogspanningskabels * veiligheid * zicht * weersomstandigheden: – wind – zon – mist – duisternis – vorst en sneeuw – warmte en kou – regen – onweer |
|
4.2 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt tijdens het opstellen rekening met de ondergrondse infrastructuur |
ondergrondse infrastructuur: * leidingen * kabels * kelders * putten * buizen |
|
4.3 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
plaatst stempelschotten/draglineschotten, indien nodig |
plaatsen: * rekening houden met ergonomie * bepalen of oppervlakte voldoende is: oppervlakte = kracht / druk stempelschotten vlak en dragend neerleggen |
|
4.4 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
stelt de machine stabiel (waterpas) op |
Controle na testronde |
|
4.5 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
berekent de stempelkracht |
kracht / oppervlakte |
|
4.6 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
berekent de stempeldruk |
kracht / oppervlakte |
|
4.7 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt bij het opstellen rekening met de stabiliteit van de ondergrond |
soort ondergrond: * zand * veen * klei * leem * löss type verharding: *asfalt * beton * elementverharding |
|
4. 8 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
houdt bij het opstellen rekening met de mogelijke kans op afschuiven van de grond rondom sloten, damwanden, kades en taluds |
aandachtspunten: * afstand druk onder 45 graden in ondergrond |
|
4.09 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
monteert ballast/contragewicht, rekening houdend met de aandachtspunten |
aandachtspunten: * bij werken bij obstakel: gebruikmaken van de voorziene klimvoorzieningen en LMB juist instellen |
|
4.10 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
controleert of de werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd vanaf de geplande opstelling |
Controle hijsplan |
|
4.11 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
controleert de beveiligingen |
controleert: * instelling * werking Zie ook 0,8 |
|
4.12 opstellen, bedienen en gebruiksklaar maken |
voert de laatste controle uit voor aanvang van de hijswerkzaamheden |
laatste controle: * rondje draaien met machine * borging/LMRA |
|
5. 1 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
voert een LMRA uit |
laatste minuut risico-analyse: * wijzigingen t.a.v. omgevingsfactoren * wijzigingen t.a.v. weersomstandigheden line of fire handelen |
|
5.2 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
bepaalt, gegeven de belasting factoren en de werklast, of de door de fabrikant opgegeven werklast van hijsgereedschap niet wordt overschreden |
Controle WLL |
|
5.3 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
volgt de arm- en handseinen en/of kan werken met de portofoon) |
seinen: * overnemen commando * stop, einde beweging * stop, einde commando * noodstop * omhoog * omlaag * aanduiding hoogte * horizontale afstand * vooruit * achteruit * naar links * naar rechts |
|
5.4 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
past de verplichte beveiligingen toe |
beveiligingen: * LMB * uitvalbeveiliging |
|
5.5 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
voert meerdere kraanbewegingen tegelijkertijd uit |
kraanbewegingen: * werken onder hoek * last neerleggen * last oprichten * hijsen/zakken * in- en uitkatten * zwenken |
|
5.6 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
haalt tijdens het hijsen eventuele slingeringen uit de last of beheerst deze veilig |
|
|
5.7 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
schat afstanden goed in |
|
|
5.8 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
past de werksnelheid aan de weers- en werkomstandigheden aan |
|
|
5.9 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
plaatst een last op de aangegeven locatie |
|
|
5.10 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
manoeuvreert een last tussen obstakels door |
|
|
5.11 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
kantelt een last van horizontaal naar verticaal en andersom |
|
|
5.12 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
controleert of de werkbak/werkplatform en machine goedgekeurd zijn |
controle: * aanwezigheid juiste opschriften * aanwezigheid juiste certificaten |
|
5.13 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
controleert of de gordel en lijn in goede staat en goedgekeurd zijn |
controle: * certificaten * staat gordel en lijn |
|
5.14 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
controleert of de hijskabel de afgelopen drie maanden gecontroleerd is, in orde is en gedocumenteerd in het kraanboek |
controle: * certificaat * kraanboek |
|
5.15 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
houdt zich aan de maximale werklast en het aantal personen zoals vermeldt op de werkbak/werkplatform |
|
|
5.16 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
gebruikt de werkbak niet indien de weersomstandigheden veilig werken niet toelaten |
weersomstandigheden: * onweer * harde wind (zie gebruiksaanwijzing werkbak/werkplatform) |
|
5.17 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
controleert of de personen in de werkbak/werkplatform beveiligingsmiddelen dragen tegen vallen die rechtstreeks aan de daarvoor bestemde bevestigingspunten zijn bevestigd |
beveiliging: * harnas * korte lijn |
|
5.18 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
hijst de werkbak/werkplatform met geringe snelheid en zonder schokken of stoten |
|
|
5.20 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
vult voorafgaand aan de werkzaamheden samen met de gebruiker een checklist in met betrekking tot het gebruik van de werkbak/werkplatform in en zorgt ervoor dat deze ondertekend wordt |
|
|
5.21 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
laat de gebruiker alleen in- en uitstappen als de werkbak/werkplatform op een vaste ondergrond staat |
|
|
5.22 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
maakt de hijsgereedschappen los en verwijdert deze van de last |
aandachtspunten: * last stabiel * beknellingsgevaar * hijsgereedschappen mogen niet blijven haken achter de last |
|
5.23 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
stelt een storingsdiagnose op in relatie tot de hoofdonderdelen van de machine |
hoofdonderdelen: – hydraulisch – pneumatisch – elektrisch – mechanisch – motorisch * op basis van visuele en auditieve controle |
|
5.24 veilig uitvoeren van hijswerkzaamheden |
bepaalt bij storingen welke acties ondernomen moeten worden en zet deze in gang |
acties: * beoordelen of wel of niet verantwoord doorgewerkt kan worden * bepalen of de storing zelfstandig opgelost kan worden of de monteur of technische dienst ingeschakeld moet worden |
|
6.1 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
(de)monteert de (hulp)giek |
Conform gebruiksaanwijzing |
|
6.2 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
legt ballast/contragewicht af |
|
|
6.3 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
trekt de stempels in |
|
|
6.4 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
maakt de machine transport gereed |
Transport gereed: * losliggende delen verwijderen * sjorrings aanbrengen * borgingen aanbrengen * achteruitrij-signalering controleren * remmen controleren indien aanwezig: * de rupsen intrekken tot transportstand |
|
6.5 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
laat de machine volgens de voorschriften achter |
|
|
6.6 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
ruimt de werkplek op |
werkplek netjes achterlaten: * afzettingen opruimen * vergelijk de plek zoals bij aanvang |
|
6.7 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
ondertekent de noodzakelijke documenten en/of laat deze ondertekenen |
documenten: * kraanboek (bij reparatie aan de machine) |
|
6.8 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
bespreekt, indien nodig, het verloop van het werk met het team en de klant |
|
|
6.9 afronding werkzaamheden en transport gereed maken |
manoeuvreert de machine op het werkterrein, rekening houdend met de rijeigenschappen van de machine |
rijeigenschappen machine: * de grootte van het voertuig * de giek * wendbaarheid * belading * trager verloop van optrekken en remmen * zwaartepunt * indien van toepassing op rails rijden – niet over voedingskabel rijden – voorzichtig bij vorst of als er blad op de rails ligt |
Hieronder zijn de wijzigingen van de 1e tranche toegelicht.
Inmiddels bestaat er bijna vijf jaar ervaring met het toepassen van de Registratie-Schema’s voor machinisten (voor het hijsen met de diverse soorten hijskranen) die door de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie (hierna TCVT RA) worden beheerd. En daarnaast met de examinering op basis daarvan door de vier examen-instellingen (Certiflex, ECE, TECH en XY Masterclass) die met TCVT RA hiertoe een overeenkomst hebben gesloten.
Het betreft zeven registratieschema’s, te weten de registratieschema’s voor de:
|
Machinist mobiele kraan |
W4-01 |
|
Machinist kleine funderingsmachine |
W4-02 |
|
Machinist grote funderingsmachine |
W4-03 |
|
Machinist autolaadkraan |
W4-04 |
|
Machinist grondverzetmachine |
W4-05 |
|
Machinist torenkraan (vast en mobiel) |
W4-06 |
|
Machinist verreiker |
W4-07 |
In de afgelopen periode is aandacht gevraagd voor een aantal verbeterpunten.
Deze evaluatie 1e tranche heeft betrekking op een aantal detail- en (machine)technische wijzigingen in de registratieschema’s machinisten van TCVT RA en de daarop gebaseerde interpretatiedocumenten die urgent zijn, maar niet leiden tot fundamentele aanpassing van het Registratieschema. De evaluatie is in 2023 uitgevoerd en in 2024 afgerond.
Het werkveld is in de gelegenheid gesteld om concrete wijzigingsvoorstellen aan te dragen. De wijzigingsvoorstellen zijn in een werkgroep besproken. De Werkgroep bestond uit de leden van de Werkkamer 4, de Examencommissie en opleiders, aangevuld met de inhoudsdeskundigen uit het werkveld. De TCVT werkkamer 4 heeft het advies van de werkgroep besproken, beoordeeld en overgenomen. Vervolgens heeft het CCvD-TCVT ingestemd met het advies en is dit advies op 15 mei 2024 vastgesteld en bekrachtigd door het bestuur van TCVT RA.
De door TCVT RA vastgestelde wijzigingen van de zeven (7) schema’s zijn voor akkoord aan het Ministerie van SZW voorgelegd en geschikt bevonden voor publicatie in de Staatscourant, waarmee deze nieuwe versie het voorgaande registratieschema vervangt.
Inwerkingtreding
De door TCVT RA reeds afgegeven registraties behouden hun geldigheid gedurende de looptijd van de registratie.
De onderstaande correcties, concretiseringen en verbeteringen zijn in de respectievelijke zeven registratieschema’s doorgevoerd.
Koptekst: 2020 is gewijzigd in 2025
Aanhef: Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 6 november 2019.
is gewijzigd in:
Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 28 februari 2025.
Hijswerkzaamheden zijn het verplaatsen van vrijhangende lasten.
Het criterium laden, lossen is niet relevant voor de mobiele kraan (want alleen relevant voor de autolaadkraan) en is daarom verwijderd.
In het schema is in de definitie van "Certificaat examinering" de term DNVGL veranderd in TCV RA. Dat is de registratie instelling die verantwoordelijk is voor de examinering.
De reden daarvoor is dat de certificaten (lees: registraties) sinds 1-1-2020 niet meer door de organisatie DNVGL worden afgegeven, maar door TCVT RA.
De term “reparatie” is toegevoegd aan de lijst van definities.
De term Werkbak is gewijzigd als gevolg van een wijziging in het Arbeidsomstandighedenbesluit. Er wordt nu verwezen naar de definitie uit het Arbeidsomstandighedenbesluit.
Dit geldt ook voor de definitie van het werkplatform.
In hoofdstuk 4, dat de organisatie van het examen beschrijft, is één wijziging doorgevoerd.
Aan 4.4.2 is de mogelijkheid van een mondeling examen toegevoegd. Hiermee wordt tegemoetgekomen aan de gangbare praktijk die een mondeling examen al mogelijk maakte als een kandidaat 3x was gezakt voor een schriftelijk examen. Nu er steeds meer kandidaten toetreden die moeite hebben met geschreven taal, maar wel de kennis en kunde hebben om de theoriekennis tot zich te nemen wordt de mogelijkheid gecreëerd tot een direct mondeling examen dat wordt afgenomen door een gecertificeerde examinator, waardoor de vakbekwaamheid kan wordt getoetst.
Het toezicht van de Examenkamer op de examinering borgt dat het mondelinge examen gelijkwaardig is aan het schriftelijk examen.
4.4.2 algemene regels voor de uitvoering van examens
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling en in de Nederlandse taal afgenomen.
Het (mondeling) examen wordt afgenomen overeenkomstig de eisen uit het examenprotocol. Hiermee is er borging inzake de kwaliteit. Voor de overige eisen aan de uitvoering van het examen wordt eveneens verwezen naar het examenprotocol.
De Examenkamer is door TCVT RA ingehuurd voor toezicht op de examinering. Het toezicht van de Examenkamer op de examinering borgt dat het mondelinge examen gelijkwaardig is aan het schriftelijk examen.
In hoofdstuk 5, dat de entreecritera voor deelname aan het examen bevat, zijn drie wijzigingen doorgevoerd.
Onderdeel b is zodanig aangepast dat duidelijk wordt gemaakt dat de kandidaat tijdens het examen moet aantonen in staat te zijn mondeling te communiceren. Voorheen was de vorm van communicatie niet ingevuld. Als gevolg van jurisprudentie is duidelijk geworden dat deze specificatie gewenst is om te voorkomen dat de indruk ontstaat dat een kraanmachinist ook op andere wijzen mag communiceren indien de kraanmachinist niet in staat is tot mondelinge communicatie. Mondelinge communicatie is van belang om de veiligheid op de bouwplaats te kunnen waarborgen.
Onderdeel c is de geestelijke toestand toegevoegd. In de praktijk waren er examenkandidaten die geestelijke onvoldoende bekwaam zijn om veilig te kunnen werken.
In onderdeel d is hijskraan vervangen door mobiele kraan, overeenkomstig de regelgeving.
Voor deelname aan het examen geldt dat de kandidaat moet voldoen aan de volgende entreecriteria:
a. de kandidaat heeft minimaal de leeftijd van 18 jaar;
b. de kandidaat kan tijdens het examen mondeling communiceren in de taal waarin het examen wordt afgenomen; en
c. de kandidaat verkeert in een zodanige lichamelijk en geestelijke toestand, dat hij in staat is de mobiele kraan zonder gevaren te bedienen; en
d. de kandidaat is in de periode van drie maanden voorafgaand aan de indiending van de aanvraag tot examinering niet bestraft geweest voor het bedienen van een mobiele kraan zonder te beschikken over een geldige registratie hiertoe.
Er geldt geen specifieke vooropleidingseis.
In hoofdstuk 6, dat de inhoud van en de cesuur van de examens bevat, zijn vijf wijzigingen doorgevoerd. Met de aanpassingen onder d en j wordt de beheersing en het juiste gebruik van de kraan en het hijs- en hefgereedschap strakker gereguleerd. Uit de rapportage van de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) van een onderzoek in 2023 is gebleken dat veel ongevallen worden veroorzaakt door ondeskundig gebruik van het hijs- en hefgereedschap, maar ook onvoldoende kennis van het beheersen van de kraan.
Met de aanpassing onder 6.3 is de cesuur aangepast van 84% naar de meer gangbare systematiek van 70%. De zwaarte wordt nu bepaald door de eindterm waarover de vraag gaat. Hiermee wordt recht gedaan aan het hierboven vermelde onderzoek. De eis dat voor de vragen uit één groep van eindtermen minimaal 70% moet worden gescoord, blijft bestaan.
Verder is er geen beperking meer aan het aantal herexamens, omdat het examen(niveau) de meetlat blijft.
6.1d → controle en gebruik van hijs- en hefgereedschap toegevoegd.
6.1 j → beheersing van de kraan toegevoegd. Hiermee is de exacte toets term ingevoerd
6.2 zin geherformuleerd
6.3 → cesuur is aangepast van 84% naar 70%, maar wel met een zwaartenormering per soort vraag (eindterm afhankelijk).
6.4 → het aantal keren dat een herexamen kan worden gedaan is ongelimiteerd geworden. Het examen blijft de norm (meetlat).
In hoofdstuk 7, dat de eisen voor registratie en herregistratie beschrijft, zijn vijf wijzigingen doorgevoerd.
In 7.1 en 7.2.3 is de expliciete verwijzing naar de pas verwijdert, omdat er geen pas meer wordt uitgegeven. De machinist kan een app downloaden om zijn data in te kunnen zien.
In 7.2.1 in de schriftelijke aanvraag verbijzonderd: digitaal of hardcopy. Hiermee wordt tegemoet gekomen aan de toenemende digitalisering.
Onder 7.2.2 zijn het aantal bijscholingsmomenten gelijk gebleven (4 dagdelen in de 5 jaar), maar is de mogelijk toegevoegd om de bijscholing voor de module E+F te laten meetellen voor de reguliere bijscholing. Ook deze bijscholing staat onder toezicht van een stichting (TCVT). Hiermee worden mogelijke dubbelingen in de bijscholing voorkomen en wordt een machinist niet op nodige kosten gejaagd.
Onder 7.2.6 is een passage ingevoegd op verzoek van SZW: de verplichting van de machinist om informatie te verstrekken aan TCVT RA inzake zijn registratie.
De geregistreerde beantwoordt verzoeken van de registratie-instelling om informatie die zij nodig acht om te kunnen vaststellen of er een noodzaak tot het treffen van maatregelen aanwezig is.
De expliciete verwijzing naar de pas is verwijderd, omdat er geen pas meer wordt uitgegeven. De machinist kan een app downloaden om zijn data in te kunnen zien.
De taal van de publicatie van het document dat de basis is voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is toegevoegd (Nederlands en Engels).
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling in zowel de Nederlandse als Engels taal.
In Bijlage 1.1 is nu opgenomen hoeveel vragen in het theorie examen per eindterm worden gesteld en hoeveel punten daarmee gehaald kunnen worden.
De volgende toets termen zijn op een aantal punten, indachtig de hierboven beschreven motivatie, aangescherpt/aangepast:
1.5 vocht i.p.v. water (ruimer)
1.6 maatstaven i.p.v. normen (ruimer)
1.9 obstakel i.p.v. gebouw (breder)
3.2 zonwering is toegevoegd
3.7 registratie i.p.v. vakbekwaamheid
3.11 werkoverleg wordt ook gevoerd door de HBG en AB
4.11 obstakel i.p.v. hoogte (breder)
4.14 LMRA toegevoegd
5.3 alleen hand- en armseinen (n.a.v. uitspraak RvSt)
5.5 last i.p.v. buis (ruimer)
6.5 voorschriften i.p.v. wettelijke voorschriften (ruimer)
6.7 kraanboek inschrijving bij reparatie i.p.v. bij elke ingrijpende wijziging
Overal is werkbak vervangen door werkbak/werkplatform.
Koptekst: 2020 is gewijzigd in 2025
Aanhef: Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 6 november 2019.
is gewijzigd in:
Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 28 februari 2025.
Hijswerkzaamheden zijn het verplaatsen van vrijhangende lasten.
Het criterium laden, lossen is niet relevant voor de funderingsmachine klein (want alleen relevant voor de autolaadkraan) en is derhalve verwijderd.
In het schema is in de definitie van "Certificaat examinering" de term DNVGL veranderd in TCV RA. Dat is de registratie instelling die verantwoordelijk is voor de examinering.
De reden daarvoor is dat de certificaten niet meer door de organisatie DNVGL worden afgegeven, maar door TCVT RA.
De term “reparatie” is toegevoegd aan de lijst van definities.
De term Werkbak is gewijzigd i.v.m. een wijziging van het Arbeidsomstandighedenbesluit:
Bak zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel a van het Arbeidsomstandighedenbesluit.
In hoofdstuk 4, dat de organisatie van het examen beschrijft, is één wijziging doorgevoerd.
Aan 4.4.2 is de mogelijkheid van een mondeling examen toegevoegd. Hiermee wordt tegemoetgekomen aan de gangbare praktijk die een mondeling examen al mogelijk maakte als een kandidaat 3x was gezakt voor een schriftelijk examen. Nu er steeds meer kandidaten toetreden die moeite hebben met geschreven taal, maar wel de kennis en kunde hebben om de theoriekennis tot zich te nemen wordt de mogelijkheid gecreëerd tot een direct mondeling examen dat wordt afgenomen door een gecertificeerde examinator, waardoor de vakbekwaamheid kan wordt getoetst.
4.4.2 algemene regels voor de uitvoering van examens
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling en in de Nederlandse taal afgenomen.
In hoofdstuk 5, dat de entreecritera voor deelname aan het examen bevat, zijn drie wijzigingen doorgevoerd.
Onderdeel b is zodanig aangepast dat duidelijk wordt gemaakt dat de kandidaat tijdens het examen moet aantonen in staat te zijn mondeling te communiceren. Voorheen was de vorm van communicatie niet ingevuld. Als gevolg van jurisprudentie is duidelijk geworden dat deze specificatie gewenst is om te voorkomen dat de indruk ontstaat dat een kraanmachinist ook op andere wijzen mag communiceren indien de kraanmachinist niet in staat is tot mondelinge communicatie. Mondelinge communicatie is van belang om de veiligheid op de bouwplaats te kunnen waarborgen.
Onderdeel c is de geestelijke toestand toegevoegd. In de praktijk waren er examenkandidaten die geestelijke onvoldoende bekwaam zijn om veilig te kunnen werken.
In onderdeel d is hijskraan vervangen door funderingsmachine klein, overeenkomstig de formulering in de regelgeving.
Voor deelname aan het examen geldt dat de kandidaat moet voldoen aan de volgende entreecriteria:
a. de kandidaat heeft minimaal de leeftijd van 18 jaar;
b. de kandidaat kan tijdens het examen mondeling communiceren in de taal waarin het examen wordt afgenomen; en
c. de kandidaat verkeert in een zodanige lichamelijk en geestelijke toestand, dat hij in staat is de funderingsmachine klein zonder gevaren te bedienen; en
d. de kandidaat is in de periode van drie maanden voorafgaand aan de indiending van de aanvraag tot examinering niet bestraft geweest voor het bedienen van een funderingsmachine klein zonder te beschikken over een geldige registratie hiertoe.
Er geldt geen specifieke vooropleidingseis.
In hoofdstuk 6, dat de inhoud van en de cesuur van de examens beschrijft, zijn vijf wijzigingen doorgevoerd. Met de aanpassingen onder d en j wordt de beheersing en het juiste gebruik van de kraan en het hijs- en hefgereedschap strakker gereguleerd. Uit de rapportage van de NLA van een onderzoek in 2023 is gebleken dat veel ongevallen worden veroorzaakt door ondeskundig gebruik van het hijs- en hefgereedschap, maar ook onvoldoende kennis van het beheersen van de machine.
Met de aanpassing onder 6.3 is de cesuur aangepast van 84% naar de meer gangbare systematiek van 70%. De zwaarte wordt nu bepaald door de eindterm waarover de vraag gaat. Hiermee wordt recht gedaan aan het hierboven vermelde onderzoek.
Verder is er geen beperking meer aan het aantal herexamens, omdat het examen(niveau) de meetlat blijft.
6.1d → toegevoegd: controle en gebruik van hijs- en hefgereedschap.
6.1 j → beheersing van de machine toegevoegd. Hiermee is de exacte toetsterm ingevoerd
6.2 zin geherformuleerd
6.3 → cesuur is aangepast van 84% naar 70%, maar wel met een zwaartenormering per soort vraag (eindterm afhankelijk).
6.4 → het aantal keren dat een herexamen kan worden gedaan is ongelimiteerd geworden. Het examen blijft de norm (meetlat).
In hoofdstuk 7, dat de eisen voor registratie en herregistratie beschrijft, zijn vier wijzigingen doorgevoerd.
In 7.1 en 7.2.3 is de expliciete verwijzing naar de pas verwijdert, omdat er geen pas meer wordt uitgegeven. De machinist kan een app downloaden om zijn data in te kunnen zien.
In 7.2.1 in de schriftelijke aanvraag verbijzonderd: digitaal of hardcopy. Hiermee wordt tegemoet gekomen aan de toenemende digitalisering.
Onder 7.2.6 is een passage ingevoegd op verzoek van SZW: de verplichting van de machinist om informatie te verstrekken aan TCVT RA inzake zijn registratie.
De geregistreerde beantwoordt verzoeken van de registratie-instelling om informatie die zij nodig acht om te kunnen vaststellen of er een noodzaak tot het treffen van maatregelen aanwezig is.
De expliciete verwijzing naar de pas is verwijderd, omdat er geen pas meer wordt uitgegeven. De machinist kan een app downloaden om zijn data in te kunnen zien.
De taal van de publicatie van het document dat de basis is voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is toegevoegd (Nederlands en Engels).
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling in zowel de Nederlandse als Engels taal.
In Bijlage 2.1 is nu opgenomen hoeveel vragen in het theorie examen per eindterm worden gesteld en hoeveel punten daarmee gehaald kunnen worden.
De toets termen zijn op een aantal punten, indachtig de hierboven beschreven motivatie, aangescherpt/aangepast:
1.5 vocht i.p.v. water (ruimer)
1.6 maatstaven i.p.v. normen (ruimer)
3.3 zonwering is toegevoegd
3.12 werkoverleg wordt ook gevoerd door de HBG en AB
4.9 LMRA toegevoegd
5.1 woordje risico analyse toegevoegd
5.3 alleen hand- en armseinen (n.a.v. uitspraak RvSt)
5.5 last i.p.v. buis (ruimer)
6.4 voorschriften i.p.v. wettelijke voorschriften (ruimer)
6.6 kraanboek inschrijving bij reparatie i.p.v. bij elke wijziging
Koptekst: 2020 is gewijzigd in 2025
Aanhef: Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 6 november 2019.
is gewijzigd in:
Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 28 februari 2025.
Hijswerkzaamheden zijn het verplaatsen van vrijhangende lasten.
Het criterium laden, lossen is niet relevant voor de funderingsmachine groot (want alleen relevant voor de autolaadkraan) en is derhalve verwijderd.
In het schema is in de definitie van "Certificaat examinering" de term DNVGL veranderd in TCV RA. Dat is de registratie instelling die verantwoordelijk is voor de examinering.
De reden daarvoor is dat de certificaten niet meer door de organisatie DNVGL worden afgegeven, maar door TCVT RA.
De term “reparatie” is toegevoegd aan de lijst van definities.
De term Werkbak is gewijzigd i.v.m. een wijziging van het Arbeidsomstandighedenbesluit:
→ Bak zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel a van het Arbeidsomstandighedenbesluit.
In hoofdstuk 4, dat de organisatie van het examen bevat, is één wijziging doorgevoerd.
Aan 4.4.2 is de mogelijkheid van een mondeling examen toegevoegd. Hiermee wordt tegemoetgekomen aan de gangbare praktijk die een mondeling examen al mogelijk maakte als een kandidaat 3x was gezakt voor een schriftelijk examen. Nu er steeds meer kandidaten toetreden die moeite hebben met geschreven taal, maar wel de kennis en kunde hebben om de theoriekennis tot zich te nemen wordt de mogelijkheid gecreëerd tot een direct mondeling examen dat wordt afgenomen door een gecertificeerde examinator, waardoor de vakbekwaamheid kan wordt getoetst.
4.4.2 algemene regels voor de uitvoering van examens
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling en in de Nederlandse taal afgenomen.
In hoofdstuk 5, dat de entreecritera voor deelname aan het examen bevat, zijn drie wijzigingen doorgevoerd.
Onderdeel b is zodanig aangepast dat duidelijk wordt gemaakt dat de kandidaat tijdens het examen moet aantonen in staat te zijn mondeling te communiceren. Voorheen was de vorm van communicatie niet ingevuld. Als gevolg van jurisprudentie is duidelijk geworden dat deze specificatie gewenst is om te voorkomen dat de indruk ontstaat dat een kraanmachinist ook op andere wijzen mag communiceren indien de kraanmachinist niet in staat is tot mondelinge communicatie. Mondelinge communicatie is van belang om de veiligheid op de bouwplaats te kunnen waarborgen.
Onderdeel c is de geestelijke toestand toegevoegd. In de praktijk waren er examenkandidaten die geestelijke onvoldoende bekwaam zijn om veilig te kunnen werken.
In onderdeel d is hijskraan vervangen door funderingsmachine groot, overeenkomstig de wettekst.
Voor deelname aan het examen geldt dat de kandidaat moet voldoen aan de volgende entreecriteria:
a. de kandidaat heeft minimaal de leeftijd van 18 jaar;
b. de kandidaat kan tijdens het examen mondeling communiceren in de taal waarin het examen wordt afgenomen; en
c. de kandidaat verkeert in een zodanige lichamelijk en geestelijke toestand, dat hij in staat is de funderingsmachine groot zonder gevaren te bedienen; en
d. de kandidaat is in de periode van drie maanden voorafgaand aan de indiending van de aanvraag tot examinering niet bestraft geweest voor het bedienen van een funderingsmachine groot zonder te beschikken over een geldige registratie hiertoe.
Er geldt geen specifieke vooropleidingseis.
In hoofdstuk 6, dat de inhoud van en de cesuur van de examens beschrijft, zijn vijf wijzigingen doorgevoerd. Met de aanpassingen onder d en j wordt de beheersing en het juiste gebruik van de machine en het hijs- en hefgereedschap strakker gereguleerd. Uit de rapportage van de NLA van een onderzoek in 2023 is gebleken dat veel ongevallen worden veroorzaakt door ondeskundig gebruik van het hijs- en hefgereedschap, maar ook onvoldoende kennis van het beheersen van de machine.
Met de aanpassing onder 6.3 is de cesuur aangepast van 84% naar de meer gangbare systematiek van 70%. De zwaarte wordt nu bepaald door de eindterm waarover de vraag gaat. Hiermee wordt recht gedaan aan het hierboven vermelde onderzoek.
Verder is er geen beperking meer aan het aantal herexamens, omdat het examen(niveau) de meetlat blijft.
6.1d → toegevoegd: controle en gebruik van hijs- en hefgereedschap.
6.1 j → beheersing van de kraan toegevoegd. Hiermee is de exacte toets term ingevoerd
6.2 zin geherformuleerd
6.3 → cesuur is aangepast van 84% naar 70%, maar wel met een zwaartenormering per soort vraag (eindterm afhankelijk).
6.4 → het aantal keren dat een herexamen kan worden gedaan is ongelimiteerd geworden. Het examen blijft de norm (meetlat).
In hoofdstuk 7, dat de eisen voor registratie en herregistratie beschrijft, zijn vijf wijzigingen doorgevoerd.
In 7.1 en 7.2.3 is de expliciete verwijzing naar de pas verwijdert, omdat er geen pas meer wordt uitgegeven. De machinist kan een app downloaden om zijn data in te kunnen zien.
In 7.2.1 in de schriftelijke aanvraag verbijzonderd: digitaal of hardcopy. Hiermee wordt tegemoet gekomen aan de toenemende digitalisering.
Onder 7.2.6 is een passage ingevoegd op verzoek van SZW: de verplichting van de machinist om informatie te verstrekken aan TCVT RA inzake zijn registratie.
De geregistreerde beantwoordt verzoeken van de registratie-instelling om informatie die zij nodig acht om te kunnen vaststellen of er een noodzaak tot het treffen van maatregelen aanwezig is.
De expliciete verwijzing naar de pas is verwijderd, omdat er geen pas meer wordt uitgegeven. De machinist kan een app downloaden om zijn data in te kunnen zien.
De taal van de publicatie van het document dat de basis is voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is toegevoegd (Nederlands en Engels).
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling in zowel de Nederlandse als Engels taal.
In Bijlage 3.1 is nu opgenomen hoeveel vragen in het theorie examen per eindterm worden gesteld en hoeveel punten daarmee gehaald kunnen worden.
De volgende toetstermen zijn op een aantal punten, indachtig de hierboven beschreven motivatie, aangescherpt/aangepast:
1.5 vocht i.p.v. water (ruimer)
1.6 maatstaven i.p.v. normen (ruimer)
3.3 zonwering is toegevoegd
3.12 werkoverleg wordt ook gevoerd door de HBG en AB
4.9 LMRA toegevoegd
5.1 woordje risico analyse toegevoegd
5.3 alleen hand- en armseinen (n.a.v. uitspraak RvSt)
5.5 last i.p.v. buis (ruimer)
5.15 25%-regel en LMB toegevoegd
6.4 voorschriften i.p.v. wettelijke voorschriften (ruimer)
6.6 kraanboek inschrijving bij reparatie i.p.v. bij elke wijziging
Koptekst: 2020 is gewijzigd in 2025
Aanhef: Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 6 november 2019.
is gewijzigd in:
Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 28 februari 2025.
Hijswerkzaamheden zijn het verplaatsen van vrijhangende lasten.
Het criterium laden, lossen is in de inleiding niet relevant voor de autolaadkraan (want alleen relevant voor zover het betreft het hijsen van vrijhangende lasten met de autolaadkraan) en is derhalve verwijderd.
In het schema is in de definitie van "Certificaat examinering" de term DNVGL veranderd in TCV RA. Dat is de registratie instelling die verantwoordelijk is voor de examinering.
De reden daarvoor is dat de certificaten niet meer door de organisatie DNVGL worden afgegeven, maar door TCVT RA.
De term “reparatie” is toegevoegd aan de lijst van definities.
De term Werkbak is gewijzigd i.v.m. een wijziging van het Arbeidsomstandighedenbesluit:
→ Bak zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel a van het Arbeidsomstandighedenbesluit.
In hoofdstuk 4, dat de organisatie van het examen beschrijft, is één wijziging doorgevoerd.
Aan 4.4.2 is de mogelijkheid van een mondeling examen toegevoegd. Hiermee wordt tegemoetgekomen aan de gangbare praktijk die een mondeling examen al mogelijk maakte als een kandidaat 3x was gezakt voor een schriftelijk examen. Nu er steeds meer kandidaten toetreden die moeite hebben met geschreven taal, maar wel de kennis en kunde hebben om de theoriekennis tot zich te nemen wordt de mogelijkheid gecreëerd tot een direct mondeling examen dat wordt afgenomen door een gecertificeerde examinator, waardoor de vakbekwaamheid kan wordt getoetst.
4.4.2 algemene regels voor de uitvoering van examens
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling en in de Nederlandse taal afgenomen.
In hoofdstuk 5, dat de entreecritera voor deelname aan het examen beschrijft, zijn drie wijzigingen doorgevoerd.
Onderdeel b is zodanig aangepast dat duidelijk wordt gemaakt dat de kandidaat tijdens het examen moet aantonen in staat te zijn mondeling te communiceren. Voorheen was de vorm van communicatie niet ingevuld. Als gevolg van jurisprudentie is duidelijk geworden dat deze specificatie gewenst is om te voorkomen dat de indruk ontstaat dat een kraanmachinist ook op andere wijzen mag communiceren indien de kraanmachinist niet in staat is tot mondelinge communicatie. Mondelinge communicatie is van belang om de veiligheid op de bouwplaats te kunnen waarborgen.
Onderdeel c is de geestelijke toestand toegevoegd. In de praktijk waren er examenkandidaten die geestelijke onvoldoende bekwaam zijn om veilig te kunnen werken.
In onderdeel d is hijskraan vervangen door autolaadkraan, overeenkomstig het Arbeidsomstandighedenbesluit.
Voor deelname aan het examen geldt dat de kandidaat moet voldoen aan de volgende entreecriteria:
a. de kandidaat heeft minimaal de leeftijd van 18 jaar;
b. de kandidaat kan tijdens het examen mondeling communiceren in de taal waarin het examen wordt afgenomen; en
c. de kandidaat verkeert in een zodanige lichamelijk en geestelijke toestand, dat hij in staat is de autolaadkraan zonder gevaren te bedienen; en
d. de kandidaat is in de periode van drie maanden voorafgaand aan de indiending van de aanvraag tot examinering niet bestraft geweest voor het bedienen van een autolaadkraan zonder te beschikken over een geldige registratie hiertoe.
Er geldt geen specifieke vooropleidingseis.
In hoofdstuk 6, dat de inhoud van en de cesuur van de examens bevat, zijn vijf wijzigingen doorgevoerd. Met de aanpassingen onder d en j wordt de beheersing en het juiste gebruik van de kraan en het hijs- en hefgereedschap strakker gereguleerd. Uit de rapportage van de NLA van een onderzoek in 2023 is gebleken dat veel ongevallen worden veroorzaakt door ondeskundig gebruik van het hijs- en hefgereedschap, maar ook onvoldoende kennis van het beheersen van de kraan.
Met de aanpassing onder 6.3 is de cesuur aangepast van 84% naar de meer gangbare systematiek van 70%. De zwaarte wordt nu bepaald door de eindterm waarover de vraag gaat. Hiermee wordt recht gedaan aan het hierboven vermelde onderzoek.
Verder is er geen beperking meer aan het aantal herexamens, omdat het examen(niveau) de meetlat blijft.
6.1d → toegevoegd: controle en gebruik van hijs- en hefgereedschap.
6.1 j → beheersing van de kraan toegevoegd. Hiermee is de exacte toets term ingevoerd
6.2 zin geherformuleerd
6.3 → cesuur is aangepast van 84% naar 70%, maar wel met een zwaartenormering per soort vraag (eindterm afhankelijk).
6.4 → het aantal keren dat een herexamen kan worden gedaan is ongelimiteerd geworden. Het examen blijft de norm (meetlat).
In hoofdstuk 7, dat de eisen voor registratie en herregistratie beschrijft, zijn vijf wijzigingen doorgevoerd.
In 7.1 en 7.2.3 is de expliciete verwijzing naar de pas verwijdert, omdat er geen pas meer wordt uitgegeven. De machinist kan een app downloaden om zijn data in te kunnen zien.
In 7.2.1 in de schriftelijke aanvraag verbijzonderd: digitaal of hardcopy. Hiermee wordt tegemoet gekomen aan de toenemende digitalisering.
Onder 7.2.2 zijn het aantal bijscholingsmomenten gelijk gebleven (4 dagdelen in de 5 jaar), maar is de mogelijk toegevoegd om de bijscholing voor de KROL (TCVT W5-02) te laten meetellen voor de reguliere bijscholing. Ook deze bijscholing staat onder toezicht van een stichting (TCVT). Hiermee worden dubbelingen in de bijscholing voorkomen en wordt een machinist niet op nodige kosten gejaagd.
Onder 7.2.6 is een passage ingevoegd op verzoek van SZW: de verplichting van de machinist om informatie te verstrekken aan TCVT RA inzake zijn registratie.
De geregistreerde beantwoordt verzoeken van de registratie-instelling om informatie die zij nodig acht om te kunnen vaststellen of er een noodzaak tot het treffen van maatregelen aanwezig is.
De expliciete verwijzing naar de pas is verwijderd, omdat er geen pas meer wordt uitgegeven. De machinist kan een app downloaden om zijn data in te kunnen zien.
De taal van de publicatie van het document dat de basis is voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is toegevoegd (Nederlands en Engels).
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling in zowel de Nederlandse als Engels taal.
In Bijlage 4.1 is nu opgenomen hoeveel vragen in het theorie examen per eindterm worden gesteld en hoeveel punten daarmee gehaald kunnen worden.
De toets termen zijn op een aantal punten, indachtig de hierboven beschreven motivatie, aangescherpt/aangepast:
1.5 vocht i.p.v. water (ruimer)
1.6 maatstaven i.p.v. normen (ruimer)
1.9 obstakel i.p.v. gebouw (breder)
werkbak verwijderd (niet bij ALK)
3.2 zonwering is toegevoegd
3.3 verlichting toegevoegd
3.7 registratie i.p.v. vakbekwaamheid
3.11 werkoverleg wordt ook gevoerd door de HBG en AB
4.13 LMRA toegevoegd
5.3 alleen hand- en armseinen (n.a.v. uitspraak RvSt)
5.5 last i.p.v. buis (ruimer)
werken i.p.v. beton (ruimer)
6.5 voorschriften i.p.v. wettelijke voorschriften (ruimer)
Koptekst: 2020 is gewijzigd in 2025
Aanhef: Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 6 november 2019.
is gewijzigd in:
Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 28 februari 2025.
Hijswerkzaamheden zijn het verplaatsen van vrijhangende lasten.
Het criterium laden, lossen is niet relevant voor de grondverzetmachine (want alleen relevant voor de autolaadkraan) en is derhalve verwijderd.
In het schema is in de definitie van "Certificaat examinering" de term DNVGL veranderd in TCV RA. Dat is de registratie instelling die verantwoordelijk is voor de examinering.
De reden daarvoor is dat de certificaten niet meer door de organisatie DNVGL worden afgegeven, maar door TCVT RA.
De term “reparatie” is toegevoegd aan de lijst van definities.
De term Werkbak is gewijzigd i.v.m. een wijziging van het Arbeidsomstandighedenbesluit:
Bak zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel a van het Arbeidsomstandighedenbesluit
In hoofdstuk 4, dat de organisatie van het examen bevat, is één wijziging doorgevoerd.
Aan 4.4.2 is de mogelijkheid van een mondeling examen toegevoegd. Hiermee wordt tegemoetgekomen aan de gangbare praktijk die een mondeling examen al mogelijk maakte als een kandidaat 3x was gezakt voor een schriftelijk examen. Nu er steeds meer kandidaten toetreden die moeite hebben met geschreven taal, maar wel de kennis en kunde hebben om de theoriekennis tot zich te nemen wordt de mogelijkheid gecreëerd tot een direct mondeling examen dat wordt afgenomen door een gecertificeerde examinator, waardoor de vakbekwaamheid kan wordt getoetst.
4.4.2 algemene regels voor de uitvoering van examens
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling en in de Nederlandse taal afgenomen.
In hoofdstuk 5, dat de entreecritera voor deelname aan het examen bevat, zijn drie wijzigingen doorgevoerd.
Onderdeel b is zodanig aangepast dat duidelijk wordt gemaakt dat de kandidaat tijdens het examen moet aantonen in staat te zijn mondeling te communiceren. Voorheen was de vorm van communicatie niet ingevuld. Als gevolg van jurisprudentie is duidelijk geworden dat deze specificatie gewenst is om te voorkomen dat de indruk ontstaat dat een kraanmachinist ook op andere wijzen mag communiceren indien de kraanmachinist niet in staat is tot mondelinge communicatie. Mondelinge communicatie is van belang om de veiligheid op de bouwplaats te kunnen waarborgen.
Onderdeel c is de geestelijke toestand toegevoegd. In de praktijk waren er examenkandidaten die geestelijke onvoldoende bekwaam zijn om veilig te kunnen werken.
In onderdeel d is hijskraan vervangen door grondverzetmachine overeenkomstig de wettekst.
Voor deelname aan het examen geldt dat de kandidaat moet voldoen aan de volgende entreecriteria:
a. de kandidaat heeft minimaal de leeftijd van 18 jaar;
b. de kandidaat kan tijdens het examen mondeling communiceren in de taal waarin het examen wordt afgenomen; en
c. de kandidaat verkeert in een zodanige lichamelijk en geestelijke toestand, dat hij in staat is de grondverzetmachine zonder gevaren te bedienen; en
d. de kandidaat is in de periode van drie maanden voorafgaand aan de indiending van de aanvraag tot examinering niet bestraft geweest voor het bedienen van een grondverzetmachine zonder te beschikken over een geldige registratie hiertoe.
Er geldt geen specifieke vooropleidingseis.
In hoofdstuk 6, dat de inhoud van en de cesuur van de examens beschrijft, zijn vijf wijzigingen doorgevoerd. Met de aanpassingen onder d en j wordt de beheersing en het juiste gebruik van de kraan en het hijs- en hefgereedschap strakker gereguleerd. Uit de rapportage van de NL-A van een onderzoek in 2023 is gebleken dat veel ongevallen worden veroorzaakt door ondeskundig gebruik van het hijs- en hefgereedschap, maar ook onvoldoende kennis van het beheersen van de grondverzetmachine.
Met de aanpassing onder 6.3 is de cesuur aangepast van 84% naar de meer gangbare systematiek van 70%. De zwaarte wordt nu bepaald door de eindterm waarover de vraag gaat. Hiermee wordt recht gedaan aan het hierboven vermelde onderzoek.
Verder is er geen beperking meer aan het aantal herexamens, omdat het examen(niveau) de meetlat blijft.
6.1d → toegevoegd: controle en gebruik van hijs- en hefgereedschap.
6.1 j → beheersing van de grondverzetmachine toegevoegd. Hiermee is de exacte toets term ingevoerd
6.2 zin geherformuleerd
6.3 → cesuur is aangepast van 84% naar 70%, maar wel met een zwaartenormering per soort vraag (eindterm afhankelijk).
6.4 → het aantal keren dat een herexamen kan worden gedaan is ongelimiteerd geworden. Het examen blijft de norm (meetlat).
In hoofdstuk 7, dat de eisen voor registratie en herregistratie beschrijft, zijn vijf wijzigingen doorgevoerd.
In 7.1 en 7.2.3 is de expliciete verwijzing naar de pas verwijdert, omdat er geen pas meer wordt uitgegeven. De machinist kan een app downloaden om zijn data in te kunnen zien.
In 7.2.1 in de schriftelijke aanvraag verbijzonderd: digitaal of hardcopy. Hiermee wordt tegemoet gekomen aan de toenemende digitalisering.
Onder 7.2.2 zijn het aantal bijscholingsmomenten gelijk gebleven (4 dagdelen in de 5 jaar), maar is de mogelijk toegevoegd om de bijscholing voor de KROL (TCVT W5-02) te laten meetellen voor de reguliere bijscholing. Ook deze bijscholing staat onder toezicht van een stichting (TCVT). Hiermee worden dubbelingen in de bijscholing voorkomen en wordt een machinist niet op nodige kosten gejaagd.
Onder 7.2.6 is een passage ingevoegd op verzoek van SZW: de verplichting van de machinist om informatie te verstrekken aan TCVT RA inzake zijn registratie.
De geregistreerde beantwoordt verzoeken van de registratie-instelling om informatie die zij nodig acht om te kunnen vaststellen of er een noodzaak tot het treffen van maatregelen aanwezig is.
De expliciete verwijzing naar de pas is verwijderd, omdat er geen pas meer wordt uitgegeven. De machinist kan een app downloaden om zijn data in te kunnen zien.
De taal van de publicatie van het document dat de basis is voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is toegevoegd (Nederlands en Engels).
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling in zowel de Nederlandse als Engels taal.
In Bijlage 5.1 is nu opgenomen hoeveel vragen in het theorie examen per eindterm worden gesteld en hoeveel punten daarmee gehaald kunnen worden.
De toets termen zijn op een aantal punten, indachtig de hierboven beschreven motivatie, aangescherpt/aangepast:
1.5 vocht i.p.v. water (ruimer)
1.6 maatstaven i.p.v. normen (ruimer)
1.7 lastmoment ingevoegd
1.9 obstakel i.p.v. gebouw (breder)
3.2 zonwering is toegevoegd
3.7 registratie i.p.v. vakbekwaamheid
3.11 werkoverleg wordt ook gevoerd door de HBG en AB
4.11 obstakel i.p.v. hoogte (breder)
4.14 LMRA toegevoegd
5.3 alleen hand- en armseinen (n.a.v. uitspraak RvSt)
5.5 last i.p.v. buis (ruimer)
werken i.p.v. beton (ruimer0
6.5 voorschriften i.p.v. wettelijke voorschriften (ruimer)
Koptekst: 2020 is gewijzigd in 2025
Aanhef: Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 6 november 2019.
is gewijzigd in:
Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 28 februari 2025.
Hijswerkzaamheden zijn het verplaatsen van vrijhangende lasten.
Het criterium laden, lossen is niet relevant voor de torenkraan (want alleen relevant voor de autolaadkraan) en is derhalve verwijderd.
In het schema is in de definitie van "Certificaat examinering" de term DNVGL veranderd in TCV RA. Dat is de registratie instelling die verantwoordelijk is voor de examinering.
De reden daarvoor is dat de certificaten niet meer door de organisatie DNVGL worden afgegeven, maar door TCVT RA.
De term “reparatie” is toegevoegd aan de lijst van definities.
De term Werkbak is gewijzigd i.v.m. een wijziging van het Arbeidsomstandighedenbesluit:
Bak zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel a van het Arbeidsomstandighedenbesluit
In hoofdstuk 4, dat de organisatie van het examen beschrijft, is één wijziging doorgevoerd.
Aan 4.4.2 is de mogelijkheid van een mondeling examen toegevoegd. Hiermee wordt tegemoetgekomen aan de gangbare praktijk die een mondeling examen al mogelijk maakte als een kandidaat 3x was gezakt voor een schriftelijk examen. Nu er steeds meer kandidaten toetreden die moeite hebben met geschreven taal, maar wel de kennis en kunde hebben om de theoriekennis tot zich te nemen wordt de mogelijkheid gecreëerd tot een direct mondeling examen dat wordt afgenomen door een gecertificeerde examinator, waardoor de vakbekwaamheid kan wordt getoetst.
4.4.2 algemene regels voor de uitvoering van examens
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling en in de Nederlandse taal afgenomen.
In hoofdstuk 5, dat de entreecritera voor deelname aan het examen bevat, zijn drie wijzigingen doorgevoerd.
Onderdeel b is zodanig aangepast dat duidelijk wordt gemaakt dat de kandidaat tijdens het examen moet aantonen in staat te zijn mondeling te communiceren. Voorheen was de vorm van communicatie niet ingevuld. Als gevolg van jurisprudentie is duidelijk geworden dat deze specificatie gewenst is om te voorkomen dat de indruk ontstaat dat een kraanmachinist ook op andere wijzen mag communiceren indien de kraanmachinist niet in staat is tot mondelinge communicatie. Mondelinge communicatie is van belang om de veiligheid op de bouwplaats te kunnen waarborgen.
Onderdeel c is de geestelijke toestand toegevoegd. In de praktijk waren er examenkandidaten die geestelijke onvoldoende bekwaam zijn om veilig te kunnen werken.
In onderdeel d is hijskraan vervangen door torenkraan, overeenkomstig de wettekst.
Voor deelname aan het examen geldt dat de kandidaat moet voldoen aan de volgende entreecriteria:
a. de kandidaat heeft minimaal de leeftijd van 18 jaar;
b. de kandidaat kan tijdens het examen mondeling communiceren in de taal waarin het examen wordt afgenomen; en
c. de kandidaat verkeert in een zodanige lichamelijk en geestelijke toestand, dat hij in staat is de torenkraan zonder gevaren te bedienen; en
d. de kandidaat is in de periode van drie maanden voorafgaand aan de indiending van de aanvraag tot examinering niet bestraft geweest voor het bedienen van een torenkraan zonder te beschikken over een geldige registratie hiertoe.
Er geldt geen specifieke vooropleidingseis.
In hoofdstuk 6, dat de inhoud van en de cesuur van de examens beschrijft, zijn vijf wijzigingen doorgevoerd. Met de aanpassingen onder d en j wordt de beheersing en het juiste gebruik van de kraan en het hijs- en hefgereedschap strakker gereguleerd. Uit de rapportage van de NL-A van een onderzoek in 2023 is gebleken dat veel ongevallen worden veroorzaakt door ondeskundig gebruik van het hijs- en hefgereedschap, maar ook onvoldoende kennis van het beheersen van de kraan.
Met de aanpassing onder 6.3 is de cesuur aangepast van 84% naar de meer gangbare systematiek van 70%. De zwaarte wordt nu bepaald door de eindterm waarover de vraag gaat. Hiermee wordt recht gedaan aan het hierboven vermelde onderzoek.
Verder is er geen beperking meer aan het aantal herexamens, omdat het examen(niveau) de meetlat blijft.
6.1d → toegevoegd: controle en gebruik van hijs- en hefgereedschap.
6.1 j → beheersing van de kraan toegevoegd. Hiermee is de exacte toets term ingevoerd
6.2 zin geherformuleerd
6.3 → cesuur is aangepast van 84% naar 70%, maar wel met een zwaartenormering per soort vraag (eindterm afhankelijk).
6.4 → het aantal keren dat een herexamen kan worden gedaan is ongelimiteerd geworden. Het examen blijft de norm (meetlat).
In hoofdstuk 7, dat de eisen voor registratie en herregistratie beschrijft, zijn vijf wijzigingen doorgevoerd.
In 7.1 en 7.2.3 is de expliciete verwijzing naar de pas verwijdert, omdat er geen pas meer wordt uitgegeven. De machinist kan een app downloaden om zijn data in te kunnen zien.
In 7.2.1 in de schriftelijke aanvraag verbijzonderd: digitaal of hardcopy. Hiermee wordt tegemoet gekomen aan de toenemende digitalisering.
Onder 7.2.2 zijn het aantal bijscholingsmomenten gelijk gebleven (4 dagdelen in de 5 jaar), maar is de mogelijk toegevoegd om de bijscholing voor de KROL (TCVT W5-02) te laten meetellen voor de reguliere bijscholing. Ook deze bijscholing staat onder toezicht van een stichting (TCVT). Hiermee worden dubbelingen in de bijscholing voorkomen en wordt een machinist niet op nodige kosten gejaagd.
Onder 7.2.6 is een passage ingevoegd op verzoek van SZW: de verplichting van de machinist om informatie te verstrekken aan TCVT RA inzake zijn registratie.
De geregistreerde beantwoordt verzoeken van de registratie-instelling om informatie die zij nodig acht om te kunnen vaststellen of er een noodzaak tot het treffen van maatregelen aanwezig is.
De expliciete verwijzing naar de pas is verwijderd, omdat er geen pas meer wordt uitgegeven. De machinist kan een app downloaden om zijn data in te kunnen zien.
De taal van de publicatie van het document dat de basis is voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is toegevoegd (Nederlands en Engels).
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling in zowel de Nederlandse als Engels taal.
In Bijlage 6.1 is nu opgenomen hoeveel vragen in het theorie examen per eindterm worden gesteld en hoeveel punten daarmee gehaald kunnen worden.
De toets termen zijn op een aantal punten, indachtig de hierboven beschreven motivatie, aangescherpt/aangepast:
1.5 vocht i.p.v. water (ruimer)
1.6 maatstaven i.p.v. normen (ruimer)
1.9 obstakel i.p.v. gebouw (breder)
3.2 zonwering is toegevoegd
3.7 registratie i.p.v. vakbekwaamheid
3.11 werkoverleg wordt ook gevoerd door de HBG en AB
4.9 obstakel i.p.v. hoogte (breder)
4.9 oud vervalt
4.12 LMRA toegevoegd
4.14 oud vervalt
5.3 alleen hand- en armseinen (n.a.v. uitspraak RvSt)
5.5 last i.p.v. buis (ruimer)
5.15 machinistenlift vervalt
5.16 machinistenlift vervalt
6.5 voorschriften i.p.v. wettelijke voorschriften (ruimer)
6.7 kraanboek inschrijving bij reparatie i.p.v. bij elke wijziging
Koptekst: 2020 is gewijzigd in 2025
Aanhef: Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 6 november 2019.
is gewijzigd in:
Vastgesteld door het bestuur van de Stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport Register Administratie op 28 februari 2025.
Hijswerkzaamheden zijn het verplaatsen van vrijhangende lasten.
Het criterium laden, lossen is niet relevant voor de verreiker (want alleen relevant voor de autolaadkraan) en is derhalve verwijderd.
In het schema is in de definitie van "Certificaat examinering" de term DNVGL veranderd in TCV RA. Dat is de registratie instelling die verantwoordelijk is voor de examinering.
De reden daarvoor is dat de certificaten niet meer door de organisatie DNVGL worden afgegeven, maar door TCVT RA.
De term “reparatie” is toegevoegd aan de lijst van definities.
De term Werkbak is gewijzigd i.v.m. een wijziging van het Arbeidsomstandighedenbesluit:
Bak zoals genoemd in art. 7.23d, lid 1 onderdeel a van het Arbeidsomstandighedenbesluit
In hoofdstuk 4, dat de organisatie van het examen beschrijft, is één wijziging doorgevoerd.
Aan 4.4.2 is de mogelijkheid van een mondeling examen toegevoegd. Hiermee wordt tegemoetgekomen aan de gangbare praktijk die een mondeling examen al mogelijk maakte als een kandidaat 3x was gezakt voor een schriftelijk examen. Nu er steeds meer kandidaten toetreden die moeite hebben met geschreven taal, maar wel de kennis en kunde hebben om de theoriekennis tot zich te nemen wordt de mogelijkheid gecreëerd tot een direct mondeling examen dat wordt afgenomen door een gecertificeerde examinator, waardoor de vakbekwaamheid kan wordt getoetst.
4.4.2 algemene regels voor de uitvoering van examens
Het theorie-examen wordt schriftelijk of digitaal of mondeling en in de Nederlandse taal afgenomen.
In hoofdstuk 5, dat de entreecritera voor deelname aan het examen beschrijft, zijn drie wijzigingen doorgevoerd.
Onderdeel b is zodanig aangepast dat duidelijk wordt gemaakt dat de kandidaat tijdens het examen moet aantonen in staat te zijn mondeling te communiceren. Voorheen was de vorm van communicatie niet ingevuld. Als gevolg van jurisprudentie is duidelijk geworden dat deze specificatie gewenst is om te voorkomen dat de indruk ontstaat dat een kraanmachinist ook op andere wijzen mag communiceren indien de kraanmachinist niet in staat is tot mondelinge communicatie. Mondelinge communicatie is van belang om de veiligheid op de bouwplaats te kunnen waarborgen.
Onderdeel c is de geestelijke toestand toegevoegd. In de praktijk waren er examenkandidaten die geestelijke onvoldoende bekwaam zijn om veilig te kunnen werken.
In onderdeel d is hijskraan vervangen door verreiker, overeenkomstig de wettekst.
Voor deelname aan het examen geldt dat de kandidaat moet voldoen aan de volgende entreecriteria:
a. de kandidaat heeft minimaal de leeftijd van 18 jaar;
b. de kandidaat kan tijdens het examen mondeling communiceren in de taal waarin het examen wordt afgenomen; en
c. de kandidaat verkeert in een zodanige lichamelijk en geestelijke toestand, dat hij in staat is de verreiker zonder gevaren te bedienen; en
d. de kandidaat is in de periode van drie maanden voorafgaand aan de indiending van de aanvraag tot examinering niet bestraft geweest voor het bedienen van een verreiker zonder te beschikken over een geldige registratie hiertoe.
Er geldt geen specifieke vooropleidingseis.
In hoofdstuk 6, dat de inhoud van en de cesuur van de examens bevat, zijn vijf wijzigingen doorgevoerd. Met de aanpassingen onder d en j wordt de beheersing en het juiste gebruik van de kraan en het hijs- en hefgereedschap strakker gereguleerd. Uit de rapportage van de NL-A van een onderzoek in 2023 is gebleken dat veel ongevallen worden veroorzaakt door ondeskundig gebruik van het hijs- en hefgereedschap, maar ook onvoldoende kennis van het beheersen van de verreiker.
Met de aanpassing onder 6.3 is de cesuur aangepast van 84% naar de meer gangbare systematiek van 70%. De zwaarte wordt nu bepaald door de eindterm waarover de vraag gaat. Hiermee wordt recht gedaan aan het hierboven vermelde onderzoek.
Verder is er geen beperking meer aan het aantal herexamens, omdat het examen(niveau) de meetlat blijft.
6.1d → toegevoegd: controle en gebruik van hijs- en hefgereedschap.
6.1 j → beheersing van de verreiker toegevoegd. Hiermee is de exacte toets term ingevoerd
6.2 zin geherformuleerd
6.3 → cesuur is aangepast van 84% naar 70%, maar wel met een zwaartenormering per soort vraag (eindterm afhankelijk).
6.4 → het aantal keren dat een herexamen kan worden gedaan is ongelimiteerd geworden. Het examen blijft de norm (meetlat).
In hoofdstuk 7, dat de eisen voor registratie en herregistratie beschrijft, zijn vijf wijzigingen doorgevoerd.
In 7.1 en 7.2.3 is de expliciete verwijzing naar de pas verwijdert, omdat er geen pas meer wordt uitgegeven. De machinist kan een app downloaden om zijn data in te kunnen zien.
In 7.2.1 in de schriftelijke aanvraag verbijzonderd: digitaal of hardcopy. Hiermee wordt tegemoet gekomen aan de toenemende digitalisering.
Onder 7.2.2 zijn het aantal bijscholingsmomenten gelijk gebleven (4 dagdelen in de 5 jaar), maar is de mogelijk toegevoegd om de bijscholing voor de KROL (TCVT W5-02) te laten meetellen voor de reguliere bijscholing. Ook deze bijscholing staat onder toezicht van een stichting (TCVT). Hiermee worden dubbelingen in de bijscholing voorkomen en wordt een machinist niet op nodige kosten gejaagd.
Onder 7.2.6 is een passage ingevoegd op verzoek van SZW: de verplichting van de machinist om informatie te verstrekken aan TCVT RA inzake zijn registratie.
De geregistreerde beantwoordt verzoeken van de registratie-instelling om informatie die zij nodig acht om te kunnen vaststellen of er een noodzaak tot het treffen van maatregelen aanwezig is.
De expliciete verwijzing naar de pas is verwijderd, omdat er geen pas meer wordt uitgegeven. De machinist kan een app downloaden om zijn data in te kunnen zien.
De taal van de publicatie van het document dat de basis is voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is toegevoegd (Nederlands en Engels).
De procedure voor de beoordeling van buitenlandse beroepskwalificaties is gepubliceerd op de website van de Registratie Instelling in zowel de Nederlandse als Engels taal.
In Bijlage 7.1 is nu opgenomen hoeveel vragen in het theorie examen per eindterm worden gesteld en hoeveel punten daarmee gehaald kunnen worden.
De toets termen zijn op een aantal punten, indachtig de hierboven beschreven motivatie, aangescherpt/aangepast:
1.5 vocht i.p.v. water (ruimer)
1.6 maatstaven i.p.v. normen (ruimer)
1.9 obstakel i.p.v. gebouw (breder)
3.2 zonwering is toegevoegd
3.7 registratie i.p.v. vakbekwaamheid
3.11 werkoverleg wordt ook gevoerd door de HBG en AB
4.11 obstakel i.p.v. hoogte (breder)
4.14 LMRA toegevoegd
5.3 alleen hand- en armseinen (n.a.v. uitspraak RvSt)
5.5 last i.p.v. buis (ruimer)
werken i.p.v. beton (ruimer)
6.5 voorschriften i.p.v. wettelijke voorschriften (ruimer)
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.N.J. Nobel
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2025-35699.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.