Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Klimaat en Groene Groei | Staatscourant 2025, 35383 | advies Raad van State |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Klimaat en Groene Groei | Staatscourant 2025, 35383 | advies Raad van State |
’s-Gravenhage, 22 september 2025
Nr. WJZ / 100796678
Aan de Koning
Nader rapport inzake het ontwerp van een algemene maatregel van bestuur tot wijziging van het Mijnbouwbesluit, het Besluit leveringszekerheid Gaswet en het Besluit beveiliging netwerk- en informatiesystemen
Blijkens de mededeling van de Directeur van Uw kabinet van 13 maart 2025, nr. 2025000558, machtigde Uwe Majesteit de Afdeling advisering van de Raad van State haar advies inzake het bovenvermelde ontwerp van een algemene maatregel van bestuur rechtstreeks aan mij te doen toekomen. Dit advies, gedateerd 18 juni 2025, nr. W19.25.00058/IV, bied ik U hierbij aan.
Het voorstel geeft de Afdeling advisering van de Raad van State geen aanleiding tot het maken van inhoudelijke opmerkingen. Van de gelegenheid is gebruik gemaakt om een vijftal aanpassingen van wetstechnische of redactionele aard door te voeren in het ontwerpbesluit en de nota van toelichting. De verwijzing in artikel 1a van het Besluit leveringszekerheid Gaswet naar artikel 10a, vierde lid, van de Gaswet wordt gewijzigd omdat dit artikellid is vernummerd tot het derde lid. In artikel 120, onder f, van het Mijnbouwbesluit wordt het woord ‘drie’ eenmaal verwijderd omdat dit woord hier abusievelijk dubbel in staat. Tot slot worden de artikelen 122, 123 en 124 van het Mijnbouwbesluit aangepast om een verwijzing naar het voorschot uit paragraaf 9.3 van de Mijnbouwwet, dat reeds is vervallen met de laatste wijziging, ook hier te laten vervallen. In de nota van toelichting zijn deze punten toegevoegd en is de keuze voor delegatie van het nazorgplan naar het niveau van een ministeriële regeling in het voorgestelde artikel 40g van het Mijnbouwbesluit nader verduidelijkt.
Ik moge U hierbij het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Klimaat en Groene Groei, S.Th.M. Hermans.
No. W19.25.00058/IV
’s-Gravenhage, 18 juni 2025
Aan de Koning
Bij Kabinetsmissive van 13 maart 2025, no.2025000558, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Klimaat en Groene Groei, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit leveringszekerheid Gaswet, het Mijnbouwbesluit en het Besluit beveiliging netwerk- en informatiesystemen in verband met de beëindiging van de gaswinning uit het Groningenveld, met nota van toelichting.
De Afdeling advisering van de Raad van State heeft geen opmerkingen over het ontwerpbesluit en adviseert het besluit te nemen.
De vice-president van de Raad van State, Th.C. de Graaf.
Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Klimaat en Groene Groei van 12 maart 2025, nr. WJZ / 97354571;
Gelet op artikel 10a, derde lid, van de Gaswet, de artikelen 52g, zesde lid, en 136, eerste lid, van de Mijnbouwwet, artikel II, onderdeel S, van de Wet van 17 april 2024, houdende wijziging van de Gaswet en Mijnbouwwet in verband met de beëindiging van de gaswinning uit het Groningenveld (Stb. 2024, 95) en artikel 5, eerste lid, van de Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van nr. ...);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Klimaat en Groene Groei van ..., nr. WJZ / ... ;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel 2, zesde lid, van het Besluit leveringszekerheid Gaswet vervalt.
Het Mijnbouwbesluit wordt als volgt gewijzigd:
A
Aan paragraaf 5.1.4 wordt een artikel toegevoegd, luidende:
B
In de aanhef van artikel 117 vervallen ‘, de Technische commissie bodembeweging’ en ‘bedoelde vennootschap’.
C
Artikel 120 wordt als volgt gewijzigd:
1. In onderdeel c wordt ‘artikel 113, onderdeel b’ vervangen door ‘artikel 134, eerste lid, onderdeel a’.
2. In onderdeel d wordt ‘artikel 113, onderdeel c’ vervangen door ‘artikel 134, eerste lid, onderdeel b’.
3. Onderdeel g vervalt, onder vervanging van de puntkomma aan het slot van onderdeel f door een punt.
D
Artikel 125 vervalt.
E
Artikel 129 wordt als volgt gewijzigd:
1. In de aanhef vervalt ‘onderscheidenlijk om een voorschot’.
2. Onderdeel f vervalt, onder vervanging van de puntkomma aan het slot van onderdeel d door ‘; en’ en van ‘, en’ aan het slot van onderdeel e door een punt.
In artikel 2 van het Besluit beveiliging netwerk- en informatiesystemen vervalt ‘Het opsporen en winnen van gas op basis van de concessie voor de aardgaswinning uit het Groningenveld op grond van het koninklijk besluit van 30 mei 1963, nr. 39 (Stcrt. 1963, 126)’.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
De Minister van Klimaat en Groene Groei,
Dit besluit brengt wijzigingen aan in het Besluit leveringszekerheid Gaswet, het Mijnbouwbesluit en het Besluit beveiliging netwerk- en informatiesystemen. Deze algemene maatregelen van bestuur worden aangepast om te zorgen dat zij aansluiten bij de Gaswet en de Mijnbouwwet, zoals die wetten zijn gewijzigd met de Wet van 17 april 2024, houdende wijziging van de Gaswet en Mijnbouwwet in verband met de beëindiging van de gaswinning uit het Groningenveld (Stb. 2024, 95) (hierna: wet beëindiging gaswinning Groningenveld). Met die wijziging is de gaswinning in het Groningenveld definitief beëindigd.
De wijzigingen in dit besluit zijn beleidsarm en redactioneel van aard.
In 2004, bij de totstandkoming van het Besluit leveringszekerheid Gaswet, is in het zesde lid van artikel 2 een verplichting voor GasTerra (destijds Gasunie) neergelegd om een aanbod te doen als de netbeheerder van het landelijk gastransportnet in het kader van pieklevering een openbare aanbesteding deed. Het doel hiervan was te verzekeren dat de exploitant van het Groningenveld, de Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V. (hierna: NAM), mee zou werken aan leveringszekerheidsvoorzieningen. De NAM bepaalde immers hoeveel aardgas er uit het Groningenveld geproduceerd zou worden. Met de beëindiging van de gaswinning in het Groningenveld is deze verplichting niet langer relevant. Daarom komt dit lid te vervallen.
Met onderdeel A wordt de bevoegdheid om regels betreffende het nazorgplan uit artikel 52g, derde lid, van de Mijnbouwwet te stellen doorgedelegeerd naar het niveau van een ministeriële regeling. Het derde en zesde lid, van artikel 52g van de Mijnbouwwet zijn voortgekomen uit een amendement van de leden Beckerman en Bushoff.1 Artikel 52g, derde lid, bevat een verplichting tot het opstellen van een nazorgplan voor het Groningenveld over de monitoring, het systematisch beheer van data en kennis, en de ontwikkeling van kennis van zowel technische aspecten als de gevolgen voor mens, natuur en milieu. In artikel 52g, zesde lid, van de wet is bepaald dat er bij of krachtens algemene maatregel van bestuur nadere regels worden gesteld over het nazorgplan. Omdat de regels die gesteld moeten worden over de inhoud van het nazorgplan technisch van aard zullen zijn en daar ook vaak aanpassingen in nodig zullen zijn, is delegatie naar het niveau van een ministeriële regeling passend. Daarom is ervoor gekozen om nadere regels over het nazorgplan bij ministeriële regeling te stellen.
De subonderdelen 1 en 2 van onderdeel C van artikel II bevatten puur redactionele wijzigingen in het Mijnbouwbesluit. In de onderdelen c en d van artikel 120 van het Mijnbouwbesluit werd verwezen naar artikel 113 van de Mijnbouwwet. Met de inwerkingtreding van de wet beëindiging gaswinning Groningenveld zijn de paragrafen 6.2 en 6.3 van de Mijnbouwwet vervallen. Daarmee is ook artikel 113 van die wet vervallen. In dat artikel stonden enkele definities. Deze definities zijn met de wetswijziging verplaatst naar artikel 134, eerste lid, van die wet. De verwijzingen worden hiermee in lijn gebracht.
Onderdelen B, C, subonderdeel 3, D en E van artikel II hebben te maken met het vervallen van paragraaf 9.3 van de Mijnbouwwet met de inwerkingtreding van de wet beëindiging gaswinning Groningenveld. In die paragraaf was een regeling opgenomen voor het verstrekken van voorschotten aan natuurlijke personen indien in het voorlopig of definitieve advies van de Technische commissie bodembeweging (Tcbb) was vastgesteld dat schade als gevolg van mijnbouwactiviteiten was opgetreden. Het vervallen van de paragraaf is enerzijds een gevolg van het opheffen van de Tcbb en heeft er anderzijds mee te maken dat dit systeem nog nooit gebruikt is. Een nadere toelichting daarop kan gevonden worden in paragraaf 5.2 van de memorie van toelichting bij de wet beëindiging gaswinning Groningenveld. Deze artikelen van het Mijnbouwwet en de bijbehorende bepalingen in het Mijnbouwbesluit voorzien dus niet in een bestaande behoefte en zijn daarmee overbodig. Door het vervallen van deze paragraaf in de Mijnbouwwet zijn de bijbehorende artikel 120, onderdeel g, artikel 125 en artikel 129, onderdeel f, van het Mijnbouwbesluit dode letters geworden; deze bepalingen vervallen derhalve met dit besluit. De aanhef van artikel 117 en van artikel 129 van het Mijnbouwbesluit wordt hier ook op aangepast.
In het Besluit beveiliging netwerk- en informatiesystemen is de NAM aangewezen als aanbieder van een essentiële dienst ten aanzien van het opsporen en winnen van gas op basis van de concessie voor de aardgaswinning uit het Groningenveld.
Nu de aardgaswinning uit het Groningenveld, en daarmee dus een van de essentiële diensten die NAM aanbiedt, is gestopt, is de aanwijzing van NAM als aanbieder van een essentiële dienst als bedoeld in de Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen ten aanzien van de aardgaswinning uit het Groningenveld niet langer nodig. In dit besluit wordt daarom geregeld dat in artikel 2 Besluit beveiliging netwerk- en informatiesystemen bij de aanwijzing van NAM als aanbieder van een essentiële dienst, de vermelding van de essentiële dienst ‘Het opsporen en winnen van gas op basis van de concessie voor de aardgaswinning uit het Groningenveld op grond van het koninklijk besluit van 30 mei 1963, nr. 39 (Stcrt. 1963, 126)’ komt te vervallen. De andere hierin opgenomen essentiële dienst, te weten het opslaan van gas op basis van de opslagvergunning ‘Norg’ blijft bestaan. Deze gasopslagen worden immers nog gebruikt.
Het Adviescollege toetsing regeldruk heeft het dossier niet geselecteerd voor een formeel advies, omdat de regeldrukgevolgen te verwaarlozen zijn.
De Minister van Klimaat en Groene Groei,
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2025-35383.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.