Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Klimaat en Groene Groei | Staatscourant 2025, 34166 | andere vergunning |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Klimaat en Groene Groei | Staatscourant 2025, 34166 | andere vergunning |
Met een kennisgeving op 16 november 2023 heeft de Minister van Klimaat en Groene Groei (hierna: KGG) het voornemen kenbaar gemaakt tot het project 380 kV netuitbreiding Zeeuws-Vlaanderen, met daarin de plannen voor het project op hoofdlijnen. Het project betreft de aanleg van een nieuwe 380 kV hoogspanningsverbinding tussen Terneuzen en de hoogspanningsverbinding tussen Borssele en Rilland (Zuid-West 380 kV West). Ook gaat het om de aanleg van een nieuw 380/150 kV hoogspanningsstation in of nabij Terneuzen. Voor de 380 kV netuitbreiding Zeeuws-Vlaanderen worden de mogelijke gevolgen van het project op het milieu onderzocht, zodat dit kan worden meegenomen in de besluitvorming. De resultaten van de milieuonderzoeken komen samen in het milieueffectrapport (MER).
Op vrijdag 24 januari 2025 is de concept-NRD ter inzage gelegd. In deze notitie staan de kaders voor het op te stellen MER. Eenieder heeft hierop kunnen reageren. Dit heeft aanleiding gegeven tot het toevoegen van een extra ondergrondse uitvoeringsvariant op Zuid-Beveland en een tekstuele wijziging in paragraaf 4.4. Deze wijzigingen staan beschreven in een nota van wijziging. Op 27 september 2025 is deze definitieve NRD vastgesteld door de Minister van KGG. Het is niet meer mogelijk om een reactie te geven op de definitieve NRD.

Op de besluitvorming voor dit project is de projectprocedure uit de Omgevingswet van toepassing. Dit betekent dat de netuitbreiding zal worden vastgesteld in een projectbesluit door de Minister van KGG en de Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (hierna: VRO). Besluiten die voor het project nodig zijn, worden zoveel mogelijk voorbereid in één gecoördineerde procedure. De Minister van KGG coördineert de procedure.
Bij een milieueffectrapportage procedure (mer) worden mogelijke milieueffecten, bijvoorbeeld op leefomgevingskwaliteit van de mens, gezondheid, landschap, natuur, bodem en water in kaart gebracht zodat deze effecten een volwaardige rol kunnen spelen bij de besluitvorming. De resultaten hiervan worden gepresenteerd in het milieueffectrapport (MER). Het MER zal ook een passende beoordeling bevatten om mogelijke gevolgen voor Natura 2000-gebieden in kaart te brengen.
De Minister van KGG heeft in de NRD aangegeven welk milieuonderzoek zal moeten worden uitgevoerd en hoe dit in het MER moet worden opgenomen. Het concept van deze NRD heeft ter inzage gelegen van vrijdag 24 januari 2025 tot en met donderdag 6 maart 2025. Iedereen heeft in die periode een reactie kunnen indienen op de concept-NRD. Er zijn binnen de inspraaktermijn in totaal 482 reacties van particulieren, bedrijven en betrokken overheden ontvangen. De reacties zijn beantwoord in een Reactienota. De Commissie voor de milieueffectrapportage (Commissie mer) heeft op 17 april 2025 een advies uitgebracht op de concept-NRD en de ingediende reacties. Uit de reacties en het advies van de Commissie mer komt een aantal zaken naar voren die belangrijk zijn om in het MER op te nemen. Met het advies van de Commissie mer wordt rekening gehouden en dit advies wordt betrokken bij het opstellen van het MER.
Mede op basis van de ingediende reacties en het advies van de Commissie mer heeft de Minister van KGG op 27 september 2025 de definitieve NRD vastgesteld.
U kunt de definitieve NRD inzien op www.rvo.nl/zeeuws-vlaanderen. Heeft u na het bezoeken van de website nog vragen? Dan kunt u bellen met Bureau Energieprojecten op 088 042 47 47.
In het plan-MER worden de onderzoeksalternatieven uit de NRD nader uitgewerkt en beoordeeld. Daarnaast wordt ook een Integrale Effectenanalyse (IEA) opgesteld, waarin naast de milieueffecten ook de effecten op het gebied van technische haalbaarheid, belangen in de omgeving, kosten, toekomstvastheid en ruimtelijke kwaliteit in beeld worden gebracht. Na afronding van het plan-MER en de IEA, worden de regionale overheden (gemeenten, provincie en waterschap) om advies gevraagd over het gewenste tracé en de locatie van het hoogspanningsstation. Op basis van dit regionale advies, het plan-MER en de IEA nemen de Ministers van KGG en VRO een ontwerpvoorkeursbeslissing. Het plan-MER, de IEA en de ontwerpvoorkeursbeslissing zullen tegelijkertijd ter inzage worden gelegd. Hierop kan iedereen weer reageren. De start van de terinzagelegging en hiermee ook de reactietermijn wordt te zijner tijd aangekondigd in onder andere de Staatscourant en op www.rvo.nl/zeeuws-vlaanderen.
De overheid vindt het belangrijk dat iedereen mee kan doen. Niet iedereen is even handig met computers. Daarom zijn er Informatiepunten Digitale Overheid. Deze informatiepunten vindt u in de bibliotheken. U kunt er makkelijk binnenlopen om uw vragen over websites van de overheid te stellen. Bijvoorbeeld voor het op de computer bekijken van documenten die bij dit project horen. Vraag ernaar bij de bibliotheek bij u in de buurt. Voor meer informatie kunt u terecht op de website: www.informatiepuntdigitaleoverheid.nl.
Meer informatie over 380 kV Netuitbreiding Zeeuws-Vlaanderen en alle bijbehorende stukken vindt u op www.rvo.nl/zeeuws-vlaanderen en www.tennet.eu/380kvzeeuwsvlaanderen. Heeft u naar aanleiding daarvan nog vragen? Dan kunt u Bureau Energieprojecten bellen op 088 042 47 47.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2025-34166.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.