Regeling van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 28 augustus 2025, nr. 2025-0000425346, houdende regels inzake een bijzondere uitkering in verband met het bevorderen van de digitale dienstverlening door de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Regeling bijzondere uitkering digitalisering BES) [KetenID WGK26992]

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Gelet op artikel 92, tweede lid, onderdeel a, van de Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba;

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepaling

In deze regeling wordt verstaan onder:

bestuurscollege:

bestuurscollege van het openbare lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba;

bijzondere uitkering:

bijzondere uitkering als, bedoeld in artikel 2;

openbaar lichaam:

openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba;

minister:

Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Artikel 2. Verstrekking bijzondere uitkering

De minister verstrekt een bijzondere uitkering aan de openbare lichamen ter bekostiging van de transitie naar digitale dienstverlening door de openbare lichamen.

Artikel 3. Hoogte bijzondere uitkering

  • 1. De minister verstrekt de bijzondere uitkering volgens de volgende verdeling:

    • a. Bonaire: € 3.850.000;

    • b. Sint Eustatius: € 2.400.000;

    • c. Saba: € 2.200.000.

  • 2. De bijzondere uitkering wordt verstrekt in US dollars.

Artikel 4. Toekenningsbeschikking en voorschot

  • 1. Voor elk openbaar lichaam stelt de minister een toekenningsbeschikking vast.

  • 2. In de toekenningsbeschikking wordt opgenomen dat jaarlijks een voorschot wordt verleend.

  • 3. Het jaarlijkse voorschot, bedoeld in het tweede lid, bedraagt voor:

    • a. Bonaire: € 700.000;

    • b. Sint Eustatius: € 400.000;

    • c. Saba: € 400.000.

  • 4. In afwijking van het derde lid bedraagt het voorschot in 2025:

    • a. Bonaire: € 350.000;

    • b. Sint Eustatius: € 400.000;

    • c. Saba: € 200.000.

  • 5. In de toekenningsbeschikking wordt bepaald op welke datum het openbaar lichaam het voorschot uiterlijk ontvangt.

Artikel 5. Besteding bijzondere uitkering

  • 1. Het openbaar lichaam besteedt de bijzondere uitkering uitsluitend aan activiteiten ten behoeve van de transitie naar digitale dienstverlening door het openbaar lichaam.

  • 2. Het openbaar lichaam besteedt de bijzondere uitkering volledig uiterlijk op 31 december 2032.

Artikel 6. Informatieverplichtingen

  • 1. Het bestuurscollege informeert de minister op verzoek over de voortgang van de activiteiten waarvoor de bijzondere uitkering is verstrekt.

  • 2. Het bestuurscollege is verplicht een schriftelijke melding aan de minister te doen zodra aannemelijk is dat de activiteiten waarvoor de bijzondere uitkering wordt verstrekt niet of niet tijdig worden verricht.

Artikel 7. Verantwoording, terugvordering en vaststelling

  • 1. Het openbaar lichaam legt over de besteding van de bijzondere uitkering verantwoording af aan de minister via het jaarverslag, bedoeld in artikel 31, eerste lid, van de Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

  • 2. Indien uit de verantwoordingsinformatie blijkt dat de bijzondere uitkering onrechtmatig is besteed, kan de uitkering ter hoogte van het onrechtmatig bestede deel door de minister worden teruggevorderd.

  • 3. Indien uit de verantwoordingsinformatie blijkt dat de bijzondere uitkering op 1 januari 2033 niet of niet volledig is besteed, kan de uitkering ter hoogte van het niet bestede deel door de minister worden teruggevorderd.

  • 4. Binnen 13 weken na ontvangst van de verantwoordingsinformatie, bedoeld in het eerste lid, stelt de minister de bijzondere uitkering vast.

Artikel 8. Grondslag

Indien het bij koninklijke boodschap van 21 oktober 2024 ingediende voorstel van wet houdende wijziging van diverse wetten in verband met het invoeren van het burgerservicenummer en de voorzieningen van de digitale overheid in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Wet invoering BSN en voorzieningen digitale overheid BES) (Kamerstukken 36 639) tot wet is of wordt verheven, berust deze regeling met ingang van de datum waarop artikel V van die wet in werking is getreden, op artikel 22e van de Wet digitale overheid.

Artikel 9. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 10. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling bijzondere uitkering digitalisering BES.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Herstel Groningen, Koninkrijksrelaties en Digitalisering, E. van Marum

TOELICHTING

Op Bonaire, Sint Eustatius en Saba verloopt overheidsdienstverlening richting burgers en bedrijven op dit moment voor het overgrote deel via fysieke processen, zoals schriftelijk of aan balies. Het is wenselijk om de voordelen van betere (digitale) overheidsdienstverlening ook mogelijk te maken in het Caribisch deel van Nederland. Het wetsvoorstel invoering BSN en voorzieningen digitale overheid BES (Kamerstukken 36 639) zal een deel van de juridische randvoorwaarden hiervoor invullen. Om daadwerkelijk tot betere fysieke en digitale overheidsdienstverlening, verbeterde effectiviteit en efficiëntie binnen overheidsorganisaties te komen en daarbij te voldoen aan de toepasselijke wettelijke eisen, zijn diverse technische en procesaanpassingen nodig. De Caribische openbare lichamen zullen hiervoor verschillende projecten dienen uit te rollen.

Tussen de rijksoverheid en de eilanden zijn in de bestuursakkoorden afspraken gemaakt over passende ondersteuning. Een deel van de benodigde ondersteuning is financieel. Voor de invoering van digitale overheid op Bonaire, Sint Eustatius en Saba heeft het Ministerie van BZK daarom tot en met 2030 jaarlijks € 1,5 mln. beschikbaar. Op basis van de bouwsteen Digitalisering uit het Eindrapport onderzoek eilandelijke taken en middelen Caribisch Nederland (Kamerstukken II 2023/24, 36 410 IV, nr. 8) wordt hierbij als verdeling aangehouden: € 700.000 voor Bonaire, € 400.000 voor Sint Eustatius en € 400.000 voor Saba.

Aan het einde van 2023 zijn aan de drie openbare lichamen opstartbudgetten toegekend via de vrije uitkering. Op dat moment was de digitaliseringsopgave nog onvoldoende inzichtelijk en gestructureerd, waardoor een vrij besteedbaar opstartbudget een passend instrument was. Voor toekomstige bijdragen wordt gekozen voor het instrument van de bijzondere uitkering. Het is wenselijk dat de middelen onder voorwaarden verstrekt worden en dat hierover verantwoording wordt afgelegd, ondanks de verantwoordingslasten die dit met zich meebrengt. Van belang hierin is dat andere binnen de digitale overheid, zoals burgers en bedrijven, afhankelijk zijn van sterk gedigitaliseerde openbare lichamen. Zo worden de openbare lichamen in het te implementeren stelsel basisregistraties c.q. federatief datastelsel bronhouder van diverse authentieke gegevens, waar andere overheidsorganisaties verplicht afnemer van worden. Het ontvangen van verantwoordingsinformatie is van belang zodat het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) zijn coördinerende rol binnen de digitale overheid naar behoren kan invullen en waar nodig kan bijsturen. De aan deze keuze ten grondslag gelegen afwegingen zijn getoetst aan het toetsingskader voor bijzondere uitkeringen.

Aan het begin van 2025 hebben Bonaire en Saba aangeven dat hun opstartbudgetten binnen enkele maanden op zouden zijn. De wettelijke grondslag voor de meerjarige bijzondere uitkering in de Wet invoering BSN en voorzieningen digitale overheid BES (nieuw artikel 22e Wet digitale overheid (Wdo) was echter nog niet beschikbaar, omdat deze wet nog niet in werking is getreden. Daarmee zouden hun inspanningen tot stilstand komen. Daarom is aan deze openbare lichamen een incidentele bijzondere uitkering verstrekt van € 350.000 resp. € 200.000, ter overbrugging van deze periode. Daarbij is in de beschikkingen aangegeven dat deze bedragen in mindering gebracht zullen worden van het totale uit te keren bedrag dat ze in 2025 via de meerjarige bijzondere uitkering zullen ontvangen. Voor Sint Eustatius speelde dit destijds niet.

Deze regeling stelt regels over de verstrekking van de meerjarige bijzondere uitkering aan de openbare lichamen. Totdat artikel 22e van de Wdo in werking is getreden wordt deze regeling gebaseerd op artikel 92, tweede lid, onderdeel a, van de Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Benadrukt wordt dat deze bijzondere uitkering bedoeld is voor transitieprojecten binnen de digitale overheid. Dit zijn projecten waarmee een openbaar lichaam fysieke interne werkstromen en processen vervangt voor digitale interne werkstromen en processen. Ook betreft het projecten waarbij belangrijke algemene gegevens over objecten en subjecten niet langer wordt vastgelegd in losse overzichten, maar in goed beheerde en elektronisch te ontsluiten (basis)registraties. Verder betreft het projecten om bestaande dienstverleningskanalen, zoals schriftelijk, telefonische of aan balies, beter te ondersteunen met digitale voorzieningen en opnieuw in te richten. Ten slotte betreft het projecten om digitale dienstverlening, via Wdo-middelen, toe te voegen. De randvoorwaarden hiervoor, zoals de implementatie van het BSN, de implementatie van de eisen uit de Wdo en de inrichting van elektronische koppelingen, maken vanzelfsprekend onderdeel uit van de in aanmerking komende kosten.

Niet in aanmerking voor bekostiging vanuit deze bijzondere uitkering komen kosten die tot de reeds gangbare bedrijfsvoering van een openbaar lichaam behoren. Zo is het inmiddels gangbaar dat openbare lichamen ICT-afdelingen hebben voor de instandhouding van netwerkinfrastructuur en een digitale werkplek, of uitgaven doen aan licenties. Ook toekomstige structurele uitgaven komen niet in aanmerking voor financiering uit de bijzondere uitkering, omdat uitsluitend transitie-uitgaven in aanmerking komen.

Op basis van de jarenlange ervaringen in gemeenten is de verwachting dat de openbare lichamen, door middel van hun digitale transitie, met digitalisering besparingen zullen realiseren in hun bedrijfsvoering die ze kunnen aanwenden voor de meeruitgaven die ze aan ICT kwijt zullen zijn. Deze bijzondere uitkering helpt de openbare lichamen om de transitie zelf te kunnen bekostigen.

Er wordt jaarlijks een bedrag aan de openbare lichamen verstrekt, zonder dat de openbare lichamen hiervoor een aanvraag hoeven in te dienen. Op deze wijze worden administratieve lasten voor de openbare lichamen, die verband houden met het opstellen van een aanvraag, voorkomen. De middelen moeten aan het in de regeling beschreven bestedingsdoel worden uitgegeven. Uiterlijk op 31 december 2032 moeten de middelen zijn uitgegeven. Verder wordt – zoals gebruikelijk bij bijzondere uitkeringen – geregeld dat de bijzondere uitkering dient te worden verantwoord via de jaarrekening. De uiterlijke jaarrekening waarin verantwoording afgelegd dient te worden betreft dus de jaarrekening 2032, die in 2033 wordt vastgesteld. Overbodige middelen en onrechtmatig uitgegeven middelen kunnen teruggevorderd worden.

Tabel 1 – Verdeling meerjarige bijzondere uitkering en incidentele bijzondere uitkering, per eiland
 

Meerjarige bijzondere uitkering

Incidentele bijzondere uitkering

Totaal

 

Bonaire

Sint Eustatius

Saba

Bonaire

Sint Eustatius

Saba

 

2025

€ 350.000

€ 400.000

€ 200.000

€ 350.000

€ 200.000

€ 1.500.000

2026

€ 700.000

€ 400.000

€ 400.000

€ 1.500.000

2027

€ 700.000

€ 400.000

€ 400.000

€ 1.500.000

2028

€ 700.000

€ 400.000

€ 400.000

€ 1.500.000

2029

€ 700.000

€ 400.000

€ 400.000

€ 1.500.000

2030

€ 700.000

€ 400.000

€ 400.000

€ 1.500.000

Totaal

€ 3.850.000

€ 2.400.000

€ 2.200.000

€ 350.000

0

€ 200.000

€ 9.000.000

Tabel 2 – Totale bijdrage per eiland
 

Meerjarige bijzondere uitkering

Incidentele bijzondere uitkering

Totaal

Bonaire

€ 3.850.000

€ 350.000

€ 4.200.000

Sint Eustatius

€ 2.400.000

€ 2.400.000

Saba

€ 2.200.000

€ 200.000

€ 2.400.000

Totaal

€ 8.450.000

€ 550.000

€ 9.000.000

De beschikbaarheid van budget voor bijzondere uitkeringen digitalisering is met de bestuurscolleges van Bonaire, Sint Eustatius en Saba besproken en aangekondigd in de met Bonaire, Sint Eustatius en Saba afgesloten bestuursakkoorden. Omdat de eerder verstrekte middelen ter bekostiging van de transitie nagenoeg zijn uitgeput is de keuze gemaakt deze regeling niet voor te leggen voor (internet)consultatie.

Artikelsgewijs

Artikel 3

De bijzondere uitkering wordt verstrekt volgens de volgende verdeling; Bonaire: € 3.850.000; Sint Eustatius: € 2.400.000 en Saba: € 2.200.000. De bedragen zullen verstrekt worden in US dollars. Vanwege de wisselende wisselkoers en gegeven de bedragen die zijn opgenomen in de begroting van het Ministerie van BZK zijn de bedragen in artikel 3 opgenomen in euro’s.

Artikel 4

De Minister van BZK stelt een toekenningsbeschikking op. De openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba hoeven voorafgaand geen aanvraag in te dienen. In de toekenningsbeschikking staat de hoogte van het voorschot dat zal worden verleend.

Artikel 6

Het bestuurscollege van de openbare lichamen informeert de Minister van BZK op verzoek over de voortgang van de activiteiten waarvoor de bijzondere uitkering is verstrekt. Zodra aannemelijk is dat de activiteiten waarvoor de bijzondere uitkering wordt verstrekt niet of niet tijdig worden verricht is het bestuurscollege verplicht hiervan een schriftelijke melding te doen bij de Minister van BZK.

Artikel 8

Wanneer de Wet invoering BSN en voorzieningen digitale overheid BES tot wet is verheven is de grondslag van deze regeling niet langer artikel 92, tweede lid, onderdeel a van de Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, maar artikel 22e van de Wdo. Bijzondere uitkeringen dienen in beginsel te worden geregeld bij of krachtens de wet. Artikel 92, tweede lid, onderdeel a, van de Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba biedt een uitzondering op deze hoofdregel in afwachting van de totstandkoming van een wettelijk voorschrift gedurende ten hoogste een jaar of totdat een binnen dat jaar bij de Staten-Generaal ingediend wetsvoorstel is verworpen of tot wet is verheven en in werking is getreden.

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Herstel Groningen, Koninkrijksrelaties en Digitalisering, E. van Marum

Naar boven