Het dagelijks bestuur van het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard;
Gelet op artikel 32, eerste lid van de Scheepvaartverkeerswet;
Overwegende dat de Provinciale Staten van Zuid-Holland, gelet op artikel 2, derde lid van de Scheepvaartverkeerswet het dagelijks bestuur van het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard hebben aangewezen als bevoegd gezag voor het nautisch beheer op de aangewezen regionale vaarwegen, op grond van artikel 4 van de Verordening nautisch beheer Zuid-Holland 2022 en in samenhang met artikel 6.4 van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening;
Overwegende dat het, in het kader van een opsporing, wenselijk is om de buitengewoon opsporingsambtenaren van het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard in te zetten voor de opsporing van feiten die bij of krachtens de Scheepvaartverkeerswet strafbaar zijn gesteld;
Besluit:
vast te stellen
Aanwijzingsbesluit Buitengewoon opsporingsambtenaren Scheepvaartverkeerswet Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard.
Artikel 1
Met de opsporing van bij of krachtens de Scheepvaartverkeerswet strafbaar gestelde feiten worden de buitengewoon opsporingsambtenaren in dienst van het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard belast.
Artikel 2
- 1.
Van dit besluit wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.
- 2.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
Rotterdam, 19 augustus 2025
dijkgraaf, drs. P. H. van de Stadt
secretaris directeur, drs. N.T.C.M. Dukker
Toelichting
De Provincie Zuid-Holland heeft het beheer van een aantal regionale vaarwegen toebedeeld aan het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard (hierna: HHSK), namelijk:
- 1.
Rotte [vanaf de Viersprong tot Zevenhuizer Verlaat]
- 2.
Hennipsloot [incl. Zevenhuizer Verlaat]
- 3.
Ringvaart vanaf Hennipsloot en Hollandse IJssel [incl. Snelle Sluis te Moordrecht en de toegangsgeul vanuit Rijksvaarwater Hollandse IJssel]
Daarmee is HHSK als vaarwegbeheerder ook verantwoordelijk voor het nautisch beheer van de aangewezen vaarwegen, zoals genoemd in artikel 4, eerste lid, van de Verordening nautisch beheer Zuid-Holland 2022 en in samenhang met artikel 6.4 van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening.
Om het nautisch beheer effectief uit te kunnen voeren, is het belangrijk dat er ook handhavend kan worden opgetreden. In dit kader is het wenselijk dat de buitengewoon opsporingsambtenaren (hierna: boa’s) bevoegd zijn om op te treden bij constatering van strafbare feiten.
Een belangrijke regeling die gebaseerd is op de Scheepvaartverkeerswet, is het Binnenvaartpolitiereglement (hierna: het BPR). In het BPR staan de verkeersregels op het water. Denk hierbij aan vaarregels, naleven van verkeerstekens, snelheid en verlichting op boten. Overtredingen van het BPR zijn strafbaar gesteld op grond van artikel 7a van het Vaststellingsbesluit BPR.
Door middel van dit aanwijzingsbesluit zijn de boa’s belast met de opsporing van strafbare feiten, bij of krachtens de Scheepvaartverkeerswet. Daarnaast zijn de boa’s op grond van artikel 34, eerste lid, van de Scheepvaartverkeerswet ook bevoegd om toezicht te houden op de naleving van de regels die bij of krachtens deze wet zijn vastgesteld. Dit besluit draagt bij aan een veilig en vlot vaarverkeer binnen het beheergebied van het HHSK.