Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rijksdienst voor Identiteitsgegevens | Staatscourant 2025, 26882 | autorisatiebesluit basisregistratie personen |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rijksdienst voor Identiteitsgegevens | Staatscourant 2025, 26882 | autorisatiebesluit basisregistratie personen |
Datum 21 juli 2025
Kenmerk 2025-0000436863
In het verzoek van 3 juli, met kenmerk 2025-0000431548, heeft het bestuur van Stichting Veilig Thuis IJsselland verzocht om een aanvullende autorisatie voor het verstrekken van informatie uit de basisregistratie personen.
Gelet op artikel 2.5 van het Besluit experiment dataminimalisatie basisregistratie personen wordt op dit verzoek als volgt besloten.
In dit besluit wordt verstaan onder:
het bestuur van de Veilig Thuis-organisatie, Stichting Veilig Thuis IJsselland;
de Wet basisregistratie personen;
de systematische verstrekking, bedoeld in artikel 1.1, onder g, van de Wet BRP;
de basisregistratie personen, bedoeld in artikel 1.2 van de Wet BRP;
de persoonslijst, bedoeld in artikel 1.1, onder c, van de Wet BRP;
de ingeschrevene, bedoeld in artikel 1.1, onder e, van de Wet BRP;
een gegeven dat op grond van artikel 2.7 of 2.69 van de Wet BRP en overeenkomstig hoofdstuk 4 van de systeembeschrijving op de persoonslijst van een ingeschrevene is opgenomen;
het Besluit basisregistratie personen;
de systeembeschrijving, zoals bedoeld in artikel 4 Besluit BRP;
de systematische verstrekking van gegevens, bedoeld in artikel 37, eerste lid, onder c, van het Besluit BRP waarbij het verzoek en de verstrekking plaats vinden overeenkomstig hoofdstuk 5, paragraaf 5.3 van de systeembeschrijving;
het Besluit experiment dataminimalisatie basisregistratie personen;
de bewerking van gegevens tot informatie overeenkomstig artikel 2.3 van het experimentbesluit;
informatie over een ingeschrevene die is afgeleid van de gegevens op de persoonslijst van één of meerdere ingeschrevenen en die als afgeleid gegeven is opgenomen in hoofdstuk 4, paragraaf 4.11 van de systeembeschrijving;
het autorisatiebesluit dat op grond van artikel 3.3 van de Wet BRP door de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is afgegeven aan Veilig Thuis van 21 juli 2025, met kenmerk 2025-0000432587 en de opvolgende besluiten;
een verzoek om een gegeven of informatieproduct dat in hoofdstuk 5, paragraaf 5.3 van de systeembeschrijving is aangeduid als type vraag die is opgenomen in bijlage I bij dit besluit;
een verzoek om een gegeven of informatieproduct dat in hoofdstuk 5, paragraaf 5.3 van de systeembeschrijving is aangeduid als type vraag die is opgenomen in bijlage II bij dit besluit.
1. Als Veilig Thuis een raadpleegvraag of een zoekvraag stelt, dan worden op diens verzoek de gegevens en informatieproducten verstrekt die in hoofdstuk 5, paragraaf 5.3 van de systeembeschrijving als output van die raadpleegvraag of zoekvraag zijn beschreven, voor zover:
a. Veilig Thuis de gegevens op grond van het autorisatiebesluit verstrekt mag krijgen, en
b. het een informatieproduct betreft dat is opgenomen in bijlage III bij dit besluit.
2. Veilig Thuis verzoekt slechts met een raadpleegvraag om een informatieproduct dat is opgenomen in bijlage III over een ingeschrevene als bedoeld in artikel 2, tweede lid van het autorisatiebesluit.
3. Veilig Thuis stelt slechts een zoekvraag die is opgenomen in bijlage II bij dit besluit als het verzoek gericht is op het verkrijgen van gegevens en informatieproducten over een ingeschrevene als bedoeld in artikel 2, tweede lid van het autorisatiebesluit.
4. Het antwoord op de zoekvraag bedoeld in het derde lid bevat gegevens en informatieproducten over ten hoogste tien ingeschrevenen.
5. Onverminderd het tweede en derde lid, stelt Veilig Thuis slechts een raadpleegvraag of zoekvraag als dit noodzakelijk is voor de uitvoering van taken in de hoedanigheid van meldpunt voor gevallen of vermoedens van huiselijk geweld of kindermishandeling.
6. Aan Veilig Thuis wordt geen informatieproduct over een ingeschrevene verstrekt als het informatieproduct niet kan worden afgeleid uit de gegevens die zijn opgenomen in de basisregistratie personen of Veilig Thuis in zijn raadpleegvraag of zoekvraag verzoekt om een informatieproduct dat hij op grond van dit besluit niet verstrekt mag krijgen.
1. Als een informatieproduct dat op grond van dit besluit wordt verstrekt aan Veilig Thuis is afgeleid van een gegeven dat op juistheid wordt onderzocht, bevat de verstrekking ook informatie over dat onderzoek.
2. Als een informatieproduct dat op grond van dit besluit wordt verstrekt aan Veilig Thuis is afgeleid van gegevens op een persoonslijst waarvan de bijhouding is opgeschort, bevat de verstrekking ook informatie over de reden en de datum van de opschorting, alsmede, voor zover deze gegevens zijn opgenomen op de persoonslijst, informatie over de verificatie en de aanlevering van de verstrekte gegevens.
1. Veilig Thuis verstrekt aan de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties onverwijld alle nieuw gebleken informatie die betrekking heeft op hetgeen geregeld is in dit besluit.
2. Deze informatie betreft in ieder geval wijzigingen in:
a. de taak of de wijze van uitvoering van de taak van Veilig Thuis;
b. de regelgeving ten aanzien van de taak of de wijze van uitvoering van de taak van Veilig Thuis;
c. de informatieproducten die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de taak van Veilig Thuis.
Het besluit en de bijlage bij het besluit worden gepubliceerd in de Staatscourant.
's-Gravenhage, 21 juli 2025
De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Herstel Groningen, Koninkrijksrelaties en Digitalisering namens deze, wnd. Directeur Uitvoering
Bezwaar
Belanghebbenden kunnen binnen zes weken na bekendmaking van dit besluit daartegen per brief bezwaar maken bij de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Postbus 10451, 2501 HL Den Haag. Het bezwaarschrift moet zijn ondertekend, voorzien zijn van een datum alsmede de naam en het adres van de indiener en dient vergezeld te gaan van de gronden waarop het bezwaar berust en, zo mogelijk, een afschrift van het besluit waartegen het bezwaar is gericht.
|
TYPE VRAAG |
INFORMATIEVRAGEN |
|---|---|
|
Zoekvraag |
“ZoekMetGeslachtsnaamEnGeboortedatum” |
|
Zoekvraag |
“ZoekMetNaamEnGemeenteVanInschrijving” |
|
Zoekvraag |
“ZoekMetPostcodeEnHuisnummerEnGeslachtsnaam” |
|
Zoekvraag |
“ZoekMetStraatHuisnummerEnGemeenteVanInschrijving” |
|
Zoekvraag |
“ZoekMetNummeraanduidingIdentificatie” |
|
RUBRIEKNUMMER |
INFORMATIEPRODUCT |
|---|---|
|
PA.AD.01 |
Adressering |
|
PA.GZ.01 |
Gezagsrelaties |
|
PA.HP.01 |
Voorletters partner |
|
PA.KD.01 |
Voorletters kind |
|
PA.NM.01 |
Voorletters |
|
PA.OU.01 |
Voorletters ouder |
|
PX.VP.07 |
Verblijfplaatshistorie |
Inleiding
De Wet basisregistratie personen (Wet BRP) vormt de juridische basis voor de basisregistratie personen (BRP). In de basisregistratie personen zijn persoonsgegevens van ingezetenen en niet-ingezetenen opgeslagen in de vorm van persoonslijsten.
Op grond van de Wet BRP kunnen de gegevens van ingezetenen en niet-ingezetenen uit de centrale verstrekkingsvoorziening (BRP-V) systematisch verstrekt worden aan overheidsorganen en derden die zijn aangewezen in bijlage 4 van het Besluit BRP (verder te noemen afnemers).
Aan deze afnemers is door de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een autorisatiebesluit verleend. Hierin is opgenomen van welke categorieën personen, welke gegevens op welke wijze aan de afnemer mogen worden verstrekt.
Op 22 april 2024 is het Besluit experiment dataminimalisatie basisregistratie personen inwerking getreden. Dit besluit is gebaseerd op artikel 4.16a van de Wet BRP en maakt het mogelijk om in afwijking van de Wet BRP informatie, die is afgeleid van gegevens die in de BRP zijn opgenomen, aan afnemers te verstrekken. Het experiment zorgt hiermee voor dataminimalisatie omdat aan afnemers direct de informatie wordt verstrekt die ze nodig hebben. Het voorkomt dus dat afnemers (veel) gegevens uit de BRP verstrekt moeten krijgen om de informatie hier zelf uit af te leiden.
Afnemers die al geautoriseerd zijn voor systematische gegevensverstrekking uit de BRP, kunnen in aanmerking komen voor verstrekking van informatie uit de BRP. Informatie die nodig is voor de taak waarvoor zij al zijn geautoriseerd over categorieën van personen waarover zij op grond van hun autorisatiebesluit gegevens uit de BRP verstrekt mogen krijgen.
Als een afnemer deel gaat nemen aan het experiment, dan wordt er een convenant afgesloten tussen afnemer en de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties waarin aanvullende afspraken worden gemaakt. Op verzoek van de afnemer kan daarna door de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een aanvullend autorisatiebesluit worden verleend waarin de afnemer wordt geautoriseerd voor het verstrekt krijgen van één of meerdere informatieproducten.
Dit besluit is een aanvullend autorisatiebesluit dat is verleend aan het bestuur van Stichting Veilig Thuis IJsselland.
Dit besluit is een autorisatiebesluit dat is genomen ten behoeve van Stichting Veilig Thuis IJsselland (in deze toelichting genoemd: Veilig Thuis).
Aan Veilig Thuis kan op grond van hoofdstuk 3, afdeling 1, §1, van de Wet BRP systematisch gegevens worden verstrekt.
Een Veilig Thuis-organisatie, niet zijnde een overheidsorgaan, is ingevolge artikel 3.3 van de Wet BRP en artikel 39 van het besluit BRP aangewezen als organisatie die in aanmerking komt voor systematische gegevensverstrekking uit de basisregistratie personen.
Veilig Thuis fungeert als herkenbaar en toegankelijk meldpunt voor alle gevallen of vermoedens van huiselijk geweld en kindermishandeling. Veilig Thuis geeft desgevraagd adviezen en onderzoekt meldingen van huiselijk geweld en/of kindermishandeling of een vermoeden daarvan en begeleidt de betrokkenen bij de melding zo nodig door naar passende hulpverlening. Veilig Thuis informeert, indien nodig, de politie en de Raad voor de Kinderbescherming (RvdK) en schakelt passende hulpverlening in. Zodra blijkt dat vrijwillige hulpverlening de problemen niet kan oplossen en een kind bedreigd wordt in zijn ontwikkeling, draagt Veilig Thuis de casus onmiddellijk over aan de RvdK. De RvdK onderzoekt vervolgens of het nodig is om de kinderrechter een kinderbeschermingsmaatregel te verzoeken.
Informatieproducten uit de BRP worden verstrekt door gebruik te maken van een «Application Programming Interface Bevragen BRP» (hierna: BRP API). Door middel van deze BRP API kunnen afnemers de BRP-V direct bevragen. Naast deze nieuwe techniek blijven de huidige manieren om gegevens uit de BRP-V op te vragen, bijvoorbeeld via webservices, bestaan.
Via de BRP API kunnen zowel gegevens als informatieproducten opgevraagd worden. Welke gegevens en informatieproducten dit zijn staat beschreven in de systeembeschrijving. Van deze gegevens en informatieproducten mag de afnemer alleen de gegevens opvragen waar die recht op heeft op grond van diens autorisatiebesluit. En alleen de informatieproducten waar die recht op heeft op grond van een aanvullend besluit.
Afnemers kunnen via de BRP API verschillende soorten vragen stellen, namelijk een raadpleegvraag en zoekvragen.
Raadpleegvragen
Met een raadpleegvraag gebruikt een afnemer het burgerservicenummer van een ingeschrevene om gegevens en informatieproducten uit de BRP-V op te vragen. Met de raadpleegvraag kan de afnemer alle gegevens en informatieproducten opvragen die volgens de systeembeschrijving in het antwoord (output) op de vraag zijn opgenomen mits de afnemer voor de verstrekking van het gegeven of informatieproduct is geautoriseerd.
Veilig Thuis kan de volgende raadpleegvraag stellen:
• RaadpleegMetBurgerservicenummer
Met behulp van een burgerservicenummer vraagt de afnemer gegevens en informatieproducten op.
Zoekvragen
Als een afnemer niet over het burgerservicenummer van een ingeschrevene beschikt dan stelt hij een zoekvraag. De systeembeschrijving beschrijft diverse zoekingangen (combinaties van gegevens die de afnemer in zijn verzoek opneemt) die de afnemer kan gebruiken als hij hiervoor is geautoriseerd. De afnemer kan in zijn verzoek aangeven of hij wel of niet gegevens van overleden personen in het antwoord op de zoekvraag wil krijgen. Het antwoord op de zoekvraag bevat gegevens en informatieproducten over ten hoogste tien personen. Van deze personen wordt, naast het burgerservicenummer, een beperkte set gegevens verstrekt zodat de afnemer de persoon kan identificeren waar hij naar op zoek is. Wanneer nodig kan de afnemer met behulp van het burgerservicenummer een raadpleegvraag stellen om meer gegevens en informatieproducten over deze persoon op te vragen.
Veilig Thuis kan gebruik maken van de volgende zoekingangen voor het stellen van zoekvragen:
• “ZoekMetGeslachtsnaamEnGeboortedatum”
In de zoekvraag worden geslachtsnaam en geboortedatum opgenomen, eventueel aangevuld met voornamen, voorvoegsel geslachtsnaam, geslacht en gemeente van inschrijving.
• “ZoekMetNaamEnGemeenteVanInschrijving”
In de zoekvraag worden voornamen en geslachtsnaam opgenomen, eventueel aangevuld met voorvoegsel geslachtsnaam, geslacht en gemeente van inschrijving.
• “ZoekMetPostcodeEnHuisnummer”
In de zoekvraag worden huisnummer en postcode opgenomen, eventueel aangevuld met huisletter, huisnummertoevoeging en gemeente van inschrijving.
• “ZoekMetStraatHuisnummerEnGemeenteVanInschrijving”
In de zoekvraag worden straat en huisnummer opgenomen, eventueel aangevuld met huisletter, huisnummertoevoeging en gemeente van inschrijving.
• “ZoekMetNummeraanduidingIdentificatie”
In de zoekvraag wordt identificatiecode nummeraanduiding opgenomen. Dit duidt een uniek adres aan.
Informatieproducten
De informatieproducten die kunnen worden verstrekt uit de BRP zijn afgeleid uit één of meerdere gegevens van één of meerdere persoonslijsten. Het informatieproduct bevat informatie over één of meerdere ingeschrevenen. Met een informatieproduct of een combinatie van informatieproducten kan een afnemer een handeling uitvoeren die nodig is voor een goede uitvoering van zijn taak. Bijvoorbeeld iemand aanschrijven of de gezagsrelaties rondom een minderjarige in kaart brengen.
Uit de BRP-V kan op verzoek de volgende informatieproducten aan Veilig Thuis worden verstrekt:
• Adressering (PA.AD.01)
Informatie over de wijze van aanschrijven en het adres van een persoon.
• Voorletters partner (PA.HP.01)
De voorletters van de partner van de ingeschrevene, gescheiden door punten.
• Voorletters kind (PA.KD.01)
De voorletters van een kind van de ingeschrevene, gescheiden door punten.
• Voorletters (PA.NM.01)
De voorletters van de ingeschrevene, gescheiden door punten.
• Voorletters ouder (PA.OU.01)
De voorletters van een ouder van de ingeschrevene, gescheiden door punten.
• Gezagsrelaties (PA.GZ.01)
Dit informatieproduct geeft aan of de ingeschrevene onder gezag van een ander staat of zelf gezag uitoefent over een ander, voor zover dit uit gegevens in de BRP is af te leiden. Daarnaast wordt voor elke persoon over wie de ingeschrevene gezag heeft of onder wiens gezag de ingeschrevene staat, voor zover uit de BRP is af te leiden, een aanduiding van de aard van de gezagsrelatie opgenomen, het BSN van elke ingeschrevene waarmee de gezagsrelatie bestaat en, indien van toepassing, het BSN van de tweede gezaghouder over het kind dat onder gezag van de ingeschrevene staat.
• Verblijfplaatshistorie (PX.VP.07)
De actuele of historische verblijfplaats(en) op een bepaalde peildatum of in een bepaalde periode.
Overige verstrekkingen
Naast bovenstaande informatieproducten krijgt een afnemer relevante informatie over de informatieproducten die hij/zij ontvangt automatisch meeverstrekt.
Als een of meer van de gegevens waaruit het informatieproduct is afgeleid wordt onderzocht op juistheid, dan wordt dit, en de datum waarop het onderzoek is gestart, aan de afnemer gemeld.
Bij informatieproducten die zijn afgeleid van gegevens op een persoonslijst waarvan de bijhouding is opgeschort, dan bevat de verstrekking ook de reden opschorting en de datum waarop de persoonslijst is opgeschort. Als er wordt verstrekt van een persoonslijst van een niet-ingezetene, dan bevat de verstrekking ook informatie over het bestuursorgaan dat de gegevens heeft bijgehouden en over de datum en wijze waarop de gegevens zijn geverifieerd.
Gegevens
Via de BRP API kunnen ook gegevens worden verstrekt voor zover in de systeembeschrijving is opgenomen dat deze gegevens in het antwoord (output) worden opgenomen en de afnemer deze gegevens op grond van zijn autorisatiebesluit mag opvragen.
Er zijn een aantal verschillen in de huidige verstrekking van gegevens aan afnemers. Zo worden data in een ander formaat verstrekt en bevat een gegeven dat als codering in de BRP is vastgelegd ook de beschrijving van die codering. Als een afnemer gegevens over een echtgenoot of geregistreerd partner opvraagt, dan bevat het antwoord alleen gegevens van de huidige of de laatste ex-partner.
Veilig Thuis heeft voor haar taak informatie nodig wanneer een melding is gedaan van huiselijk geweld of kindermishandeling, of van een vermoeden daarvan. Op basis van deze melding wordt door Veilig Thuis onderzocht of daadwerkelijk sprake is van huiselijk geweld of kindermishandeling. Wanneer een melding binnenkomt bij Veilig Thuis wordt eerst een raadpleegvraag gesteld met het BSN. Wanneer deze niet kan worden aangeleverd door de melder of een andere betrokkene worden andere zoekingangen gebruikt afhankelijk van de informatie die door de melder of een andere betrokkene kan worden aangeleverd. Veilig Thuis heeft informatie nodig in de volgende situaties:
Adressering
Voor het voeren van correspondentie in verband met de uitvoering van de bovengenoemde taken is informatie nodig in de vorm van het informatieproduct adressering. Dit informatieproduct kan meteen gebruikt worden op documenten die bestemd zijn voor briefpost, zonder dat daarvoor handmatig aanschrijfgegevens moeten worden verwerkt.
Voorletters
Veilig Thuis heeft informatie nodig over voorletters zodat deze geautomatiseerd in het cliëntvolgsysteem van Veilig Thuis opgeslagen kan worden. Deze informatie hoeft in dat geval niet meer handmatig geregistreerd te worden op basis van volledige voornamen.
Gezagsrelaties
Om een beeld te krijgen van de situatie en om een veiligheidsbeoordeling te kunnen doen is informatie nodig over de familiebetrekkingen van de betrokken personen. Hierbij moet Veilig Thuis weten wat de relatie is tussen de aanwezige personen (volwassenen en kinderen), of er sprake is van gezag over minderjarige kinderen en wat de aard is van de gezagsrelatie. Informatie over gezagsrelaties is verder nodig om vast te stellen wie de gezaghebbende ouder(s) is/zijn voor het informeren en adviseren over een onderzoek en veiligheidsvoorwaarden. Bijvoorbeeld, als geweld plaatsvindt bij de gezaghebbende ouder en de nieuwe partner, moet de andere gezaghebbende ouder geïnformeerd worden over het onderzoek van Veilig Thuis. Voordat deze ouder geïnformeerd kan worden, moet duidelijk zijn wie deze ouder is. Hetzelfde geldt ook voor het adviseren over de veiligheidsvoorwaarden. De andere gezaghebbende ouder kan een rol spelen in de veiligheidsvoorwaarden. In dat geval moet dan duidelijk zijn dat er een andere gezaghebbende ouder is.
Verblijfplaatshistorie
Bij het verrichten van nader onderzoek heeft Veilig Thuis informatie nodig over verblijfplaatshistorie, omdat uit deze historie kan blijken of een kind en/of een ouder in korte tijd regelmatig verhuisd zijn. Deze informatie kan bijvoorbeeld duiden op onrust in het gezinssysteem. Ook is dit van belang voor het bepalen van de veiligheidssituatie en het stellen van veiligheidsvoorwaarden.
Informatie over verblijfplaatshistorie is verder noodzakelijk om na te kunnen gaan waar cliënten eerder hebben gewoond en bij welke Veilig Thuis-organisatie informatie beschikbaar is. Met deze gegevens kan worden bevestigd of ontkracht dat de betreffende cliënt bekend was bij een Veilig Thuis-organisatie in een andere regio en het achterhalen van (gezins)samenstellingen. Het is noodzakelijk vast te kunnen stellen of cliënten in een andere regio mogelijk eerder gemeld zijn aangaande hetzelfde of een andere ernstige zorg.
Om de autorisatie actueel te houden dient Veilig Thuis tijdig inlichtingen te verschaffen over wijzigingen die zich voordoen in diens taak, in de regelingen waarop die taak is gebaseerd of wijzigingen in de informatieproducten uit de basisregistratie personen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van die taak. Het is de uitdrukkelijke verantwoordelijkheid van Veilig Thuis om deze informatie onverwijld kenbaar te maken aan de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Eventuele gevolgen van onjuistheden in de autorisatie als gevolg van het niet of niet tijdig doorgeven van dergelijke wijzigingen komen voor de verantwoordelijkheid van Veilig Thuis.
Dit besluit wordt gepubliceerd in de Staatscourant. Het besluit wordt tevens geplaatst op de internetpagina van de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens, publicaties.rvig.nl.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2025-26882.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.