Regeling van de Minister van Justitie en Veiligheid van 23 juli 2025, nr. 6517266, houdende wijziging van de Regeling wapens en munitie in verband met de implementatie van Uitvoeringsrichtlijn (EU) 2019/68 van 16 januari 2019 tot vaststelling van technische specificaties voor de markering van vuurwapens en essentiële onderdelen daarvan uit hoofde van Richtlijn 91/477/EEG van de Raad inzake de controle op de verwerving en het voorhanden hebben van wapens

De Minister van Justitie en Veiligheid,

Gelet op artikel 32a, vijfde lid van de Wet wapens en munitie;

Besluit:

ARTIKEL I

Aan artikel 13a, tweede lid, van de Regeling wapens en munitie wordt een zin toegevoegd, luidende: De markering heeft een diepte van ten minste 0,0762 millimeter.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 23 juli 2025

De Minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel

TOELICHTING

Uitvoeringsrichtlijn (EU) 2019/68 van de Commissie bevat de minimale technische specificaties voor de markering van vuurwapens en essentiële onderdelen daarvan om de traceerbaarheid van vuurwapens en essentiële onderdelen ervan te verbeteren en het vrije verkeer ervan te vergemakkelijken.Uitvoeringsrichtlijn (EU) 2019/68 bevatte aanvankelijk geen vereiste minimale diepte van markeringen. Met Uitvoeringsrichtlijn (EU) 2024/325 van de Commissie van 19 januari 2024 tot wijziging van Uitvoeringsrichtlijn (EU) 2019/68 wat betreft de minimale diepte van markeringen op vuurwapens en essentiële onderdelen, is er wel een vereiste opgenomen aan de diepte van markeringen.

De Commissie oordeelde dat een minimale diepte op EU-niveau moest worden vastgesteld om een gelijk speelveld voor marktdeelnemers en gebruikers van vuurwapens te waarborgen en de handel op de interne markt van de Europese Unie te vergemakkelijken. Daarbij is aangesloten bij de normen van de belangrijkste markten voor de uitvoer van civiele vuurwapens (VS en Canada), reden waarom een minimale diepte van 0,0762 millimeter is vastgesteld voor de markering. Een diepte van 0,0762 millimeter is volgens de Commissie technisch haalbaar en brengt de duurzaamheid van vuurwapens en de essentiële onderdelen niet in het gedrang.

Met deze wijziging wordt Uitvoeringsrichtlijn (EU) 2019/68, gewijzigd door Uitvoeringsrichtlijn (EU) 2024/325, geïmplementeerd in de Nederlandse regelgeving. In artikel 13a, waarin in het Nederlandse recht de eisen aan de markering van vuurwapens zijn neergelegd, wordt aan het tweede lid dan ook toegevoegd dat de markering een diepte heeft van tenminste 0,0762 millimeter.

’s-Gravenhage, 23 juli 2025

De Minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel

Naar boven