Verkeersbesluit te water, Verbod om af te meren aan ponton van Nuala B.V. Havenkant 8, te Moerdijk

Rijkswaterstaat West-Nederland Zuid

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat

Overwegingen ten aanzien van het besluit

Vereiste van besluit

  • Ingevolge artikel 1, lid 4, van de Scheepvaartverkeerswet (Svw) is het Binnenvaartpolitiereglement (Bpr) van toepassing daar waar eveneens sprake is van waterstaatkundig beheer door de Minister van Infrastructuur en Waterstaat;

  • Het waterstaatkundig beheer van het Hollands Diep ligt ingevolge artikel 3.1 en Bijlage II onder 1, van het Omgevingsbesluit en artikel 2.2, vierde lid, van de Omgevingsregeling bij het Rijk.

  • Ingevolge artikel 6 van de Svw en op grond van het bepaalde in artikel 2 van het Babs moet het bevoegd gezag een besluit nemen en bekend maken voor het aanbrengen of verwijderen van een verkeersteken dat een gebod of een verbod dan wel de opheffing van een gebod of verbod aangeeft, zoals opgenomen in bijlage 7 van het Bpr.

  • In artikel 5 van het Besluit administratieve bepalingen scheepvaartverkeer staat welke van de in artikel 3 van de Svw genoemde belangen aan het verkeersbesluit ten grondslag liggen en welke doelstelling met het verkeersbesluit wordt beoogd.

  • Ingevolge artikel 2, eerste lid, onder a 1, van de Svw ben ik bevoegd dit besluit te nemen.

Procedure

Door mij is geen voorbereidingsprocedure als bedoeld in afdeling 3.4 van de Algemene Wet Bestuursrecht gevolgd. Reden hiervan is, dat ik ervan uit ga dat belanghebbenden door het nemen van dit besluit redelijkerwijs niet in hun rechten worden geschaad.

Belangenafweging en motivering

De volgende belangen spelen een rol. Het verzekeren van de veiligheid en het vlotte verloop van het scheepvaartverkeer en het in standhouden van de scheepvaartweg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan.

Nuala B.V. heeft een omgevingsvergunning voor het permanent afmeren van een ponton dat dienst doet als golfbreker. Afgemeerde schepen aan de buitenzijde van de ponton ondervinden hinder van de golfbewegingen van de passerende zeeschepen van en naar de zeehaven van Moerdijk. Om dit te voorkomen moet de passerende scheepvaart vaart inhouden. Rijkswaterstaat hecht belang aan een vlot scheepvaartverkeer en wil niet dat deze vaart moet inhouden om hinder aan afgemeerde schepen te voorkomen. Om die reden is afmeren aan de buitenzijde van de ponton niet toegestaan.

Besluit

Op grond van vorenstaande overwegingen besluit ik het volgende:

Het is verboden schepen af te meren aan de buitenzijde van de ponton van Nuala B.V. Havenkant 8, te Moerdijk. Ik maak dit verbod kenbaar door het plaatsen van het bord A5, van Bijlage 7, van het Bpr.

Dit verkeersbesluit treedt in werking op de dag na publicatie in de Staatscourant.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, namens deze, hoofd Vergunningverlening, M. Koubia

Bezwaar

Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kunt u tegen dit besluit schriftelijk bezwaar maken binnen zes weken na de dag waarop het is bekendgemaakt. Het bezwaarschrift moet worden gericht aan de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, Rijkswaterstaat West-Nederland Zuid, t.a.v. de afdeling Werkenpakket, Postbus 2232, 3500 GE, Utrecht.

Naar boven