Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Justitie en Veiligheid | Staatscourant 2025, 22222 | algemeen verbindend voorschrift (ministeriële regeling) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Justitie en Veiligheid | Staatscourant 2025, 22222 | algemeen verbindend voorschrift (ministeriële regeling) |
De Minister van Justitie en Veiligheid,
Gelet op artikel 4, tweede lid, onder a en vijfde lid van de Wet gebruik passagiersgegevens voor de bestrijding van terroristische en ernstige misdrijven;
Besluit:
Artikel 2 van het Aanwijzingsbesluit verstrekking passagiersgegevens aan de passagiersinformatie-eenheid wordt als volgt gewijzigd:
1. Voor de tekst wordt de aanduiding ‘1.’ geplaatst.
2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:
2. Indien 24 uur voor de geplande vertrektijd van een vlucht van een bepaalde passagier geen passagiersgegevens beschikbaar zijn, verstrekt de luchtvaartmaatschappij de passagiersgegevens van de betreffende passagier niet later dan twee uur voor de geplande vertrektijd, voor zover de luchtvaartmaatschappij op dat moment over deze gegevens beschikt.
Dit besluit zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel
Op grond van artikel 2 van het Aanwijzingsbesluit verstrekking passagiersgegevens aan de passagiersinformatie-eenheid (verder te noemen: Aanwijzingsbesluit) juncto artikel 4, tweede lid, onder a, van de Wet gebruik van passagiersgegevens voor de bestrijding van terroristische en ernstige misdrijven (verder te noemen: Wet) verstrekt een luchtvaartmaatschappij langs elektronische weg 48 en 24 uur voor de geplande vertrektijd passagiersgegevens aan de Passagiersinformatie-eenheid. Daarnaast worden passagiersgegevens verstrekt als de passagiers in het vliegtuig zitten (artikel 4, tweede lid, onder b, van de Wet). Het is dan duidelijk wie er daadwerkelijk met de vlucht meegaan.1
Artikel 2 van het Aanwijzingsbesluit implementeert artikel 8 van Richtlijn 2016/681/EU van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 over het gebruik van persoonsgegevens van passagiers voor het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van terroristische misdrijven en ernstige criminaliteit (Pb EU 2016, L 119/132, hierna: de Richtlijn). In overeenstemming met artikel 8, vierde lid, van de Richtlijn is in artikel 4, derde lid van de Wet geregeld dat bij de elektronische verstrekking van de passagiersgegevens op het moment van vertrek kan worden volstaan met het doorgeven van wijzigingen van de passagiersgegevens ten opzichte van de gegevens die 24 of 48 uur voor vertrek zijn verstrekt. Met deze aanpak wordt beoogd een actueel inzicht te hebben in de passagiers die daadwerkelijk gebruik maken van de vlucht. Indien met het oog op het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van terroristische misdrijven en ernstige criminaliteit geacteerd moet worden jegens een bepaalde passagier biedt een mogelijke correctie van de passagiersgegevens door deze op het laatste moment door te geven aan de Passagiersinformatie-eenheid een extra waarborg dat de actie gericht is tegen de juiste persoon. Deze systematiek draagt enerzijds bij aan de doelstelling van voornoemde richtlijn, te weten het voorkomen, opsporen, onderzoeken en vervolgen van terroristische misdrijven en ernstige criminaliteit en anderzijds aan de bescherming van persoonsgegevens. Een belangrijk beginsel van het gegevensbeschermingsrecht is immers dat persoonsgegevens juist zijn en zo nodig worden geactualiseerd.2
Het geschetste systeem van verstrekking van passagiersgegevens betekent dat op een zo laat mogelijk moment, te weten het moment onmiddellijk na het aan boord gaan van de passagiers (artikel 4, tweede lid, onder b van de Wet) de reeds verkregen passagiersgegevens worden geactualiseerd. Actualisering is slechts mogelijk als die gegevens reeds bekend zijn. Van reizigers die boeken tussen 24 uur voor vertrek tot het instapmoment kunnen geen gegevens worden geactualiseerd op het moment van instappen omdat die gegevens in die tijdsperiode niet eerder bekend zijn. Om te kunnen voldoen aan enerzijds de doelstelling van de richtlijn, anderzijds de bescherming van persoonsgegevens is van belang om twee uur voor vertrek de passagiersgegevens van degenen die op het allerlaatste moment hebben geboekt elektronisch door te geven aan de Passagiersinformatie-eenheid. Er kan dan redelijkerwijs van uit worden gegaan dat de passagiersgegevens van alle passagiers bekend en dus geactualiseerd zijn, hetgeen het mogelijk maakt op tijd te controleren of ook de passagiers die heel laat boeken bijvoorbeeld gesignaleerd staan en te bezien of actie moet worden ondernomen. In artikel 2 wordt thans geregeld dat ook twee uur voor vertrek passagiersgegevens worden aangeleverd van die passagiers van wie geen gegevens bekend waren 48 of 24 uur voor vertrek.
De Minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel
Bij vluchten binnen de Europese Unie zijn luchtvaartmaatschappijen op dit moment niet verplicht om Advance Passenger Information (API) te verzamelen, het betreft bij die vluchten in dat geval alleen de Passenger Name Record data die ongeverifieerd is.
Zie artikel 4, eerste lid, onder d, van Richtlijn (EU) 2016/680 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door bevoegde autoriteiten met het oog op de voorkoming, het onderzoek, de opsporing en de vervolging van strafbare feiten of de tenuitvoerlegging van straffen, en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Kaderbesluit 2008/977/JBZ van de Raad.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2025-22222.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.