Besluiten aanvragen ex artikel 74 Wet op het primair onderwijs en artikel 4.2 Wet voortgezet onderwijs 2020, nr. POR/202503/000015, Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Besluiten op basis van artikel 74 van de Wet op het primair onderwijs en artikel 4.2 van de Wet op het voortgezet onderwijs, op de aanvragen voor bekostiging van een nieuwe basisschool, scholengemeenschap of vbo profiel, met ingang van 1 augustus 2026.

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap geeft kennis van de goedkeuring dan wel afwijzing van de volgende aanvragen die zijn ingediend voor 1 november 2024 in het kader van de procedure voor bekostiging van een nieuwe school voor basisonderwijs, scholengemeenschap of vbo profiel.

Als u belang hebt bij dit besluit, dan kunt u hiertegen binnen 6 weken, gerekend vanaf de verzenddatum van de onderstaande besluiten, bezwaar maken. Stuur uw bezwaarschrift naar DUO, Postbus 30205, 2500 GE Den Haag. U kunt uw bezwaar ook digitaal indienen op www.bezwaarschriftenocw.nl.

Stichting Innovatief Islamitisch Onderwijs Nederland e.o. – AIDA Moerwijk

Aanvraag voor bekostiging van een basisschool op bijzondere grondslag te ’s-Gravenhage

Naar aanleiding van de door u op 31 oktober 2024 ingediende aanvraag voor bekostiging van een basisschool, zoals bedoeld in artikel 74, eerste lid, van de Wet op het primair onderwijs (WPO), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning po 2021, bericht ik u als volgt.

De aanvraag betreft een bijzondere basisschool genaamd AIDA Moerwijk, te vestigen in het postcodegebied 2533 in de gemeente Den Haag.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 75, derde lid, van de WPO, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gewenste bijzondere basisschool niet voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Het initiatief is gemeld op 18 juni 2024 en de aanvraag is ingediend op 31 oktober 2024.

Belangstellingsmeting

De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen. De belangstellingsmeting is uitgevoerd conform het wettelijk voorschrift en aan de hand van de daarvoor vereiste gegevens en de te hanteren formule zoals bedoeld artikel 74a, derde lid, onder a, van de WPO. Met de belangstellingsmeting is berekend dat het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2035 voldoet aan de stichtingsnorm.

Uitnodiging voor overleg

In artikel 74 tweede lid, onderdeel c, van de WPO en artikel 4, tweede lid, van de Regeling voorzieningenplanning po 2021 is bepaald dat u bij uw aanvraag dient aan te tonen dat de bevoegde gezagsorganen van de scholen en vestigingen binnen het voedingsgebied van de gewenste school door u zijn gevraagd om te overleggen over het voornemen tot het doen van een aanvraag voor bekostiging.

Bij de beoordeling van uw aanvraag heb ik geconstateerd dat u niet alle bevoegde gezagsorganen hebt uitgenodigd voor voornoemd overleg.

Op 27 januari 2025 heeft u in een gesprek toegelicht dat u inderdaad een gedeelte van de bevoegde gezagsorganen met een school of vestiging binnen het voedingsgebied van de gewenste school niet hebt uitgenodigd. U zag daartoe geen noodzaak, aangezien u hen niet tegenkomt in de reguliere overleggen die u in Den Haag voert met schoolbesturen. Ook gaf u aan dat u van mening bent dat de leerlingen die de scholen van de betreffende bevoegde gezagsorganen bezoeken niet tot de doelgroep van uw gewenste school behoren.

U benoemde dat u bij een vorige aanvraag voor een nieuwe school ook niet alle bevoegde gezagsorganen hebt uitgenodigd en dat dit in die aanvraagprocedure is geaccepteerd. Daarom mocht u er volgens u vanuit gaan dat dit nu ook geen belemmering zou zijn voor de behandeling van uw aanvraag.

Hierover merk ik het volgende op.

De WPO stelt nadrukkelijk dat een aanvrager de bevoegde gezagsorganen met een school of vestiging binnen het voedingsgebied van de gewenste school dient uit te nodigen. Hierin is door de wetgever geen onderscheid gemaakt tussen besturen met scholen van een bepaalde richting of samenstelling, of waar deze gelegen zijn in het voedingsgebied. Dit betekent dat het niet aan de aanvrager is om te bepalen welk bevoegd gezag zij relevant vindt om uit te nodigen, en welke niet.

Helaas is in de eerdere aanvraagronde onopgemerkt gebleven dat uw bestuur niet alle bevoegde gezagsorganen met een school of vestiging in het voedingsgebied van de door u gewenste school heeft uitgenodigd. Ik behoef een gemaakte fout echter niet te herhalen in de volgende ronde waarin opnieuw volledig wordt beoordeeld of de aanvraag aan de wettelijke eisen voldoet. U hebt als aanvrager de wettelijke verplichting alle bevoegde gezagsorganen met een school of vestiging binnen het voedingsgebied voor een gesprek uit te nodigen.

Op basis van bovenstaande stel ik vast dat u niet heeft voldaan aan de uitnodigingsplicht zoals voorgeschreven in artikel 74, tweede lid, onder c, van de WPO en artikel 4, tweede lid, van de Regeling voorzieningenplanning po 2021.

Geen advies inspectie noodzakelijk

In artikel 75, eerste lid, van de wet, is geregeld dat de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) de Minister adviseert of de aanvraag voldoet aan de verplichtingen in artikel 74, tweede lid, onderdeel b, WPO. Ik kan u hierover het volgende berichten.

Met betrekking tot uw aanvraag wordt niet voldaan aan één van de wettelijke bekostigingscriteria, hetgeen op zichzelf staand grond is voor afwijzing. Een aanvraag kan immers alleen worden goedgekeurd wanneer aan alle verplichtingen in de WPO en in de Regeling voorzieningenplanning po 2021 wordt voldaan. Wanneer niet wordt voldaan aan de verplichting van het overleggen over het voornemen tot het doen van een aanvraag om bekostiging, is het advies van de inspectie niet meer van invloed op het besluit en daardoor ook niet opportuun. Ik heb daarom de inspectie niet om advies gevraagd.

Stichting Innovatief Islamitisch Onderwijs Nederland e.o. – AIDA Ypenburg

Aanvraag voor bekostiging van een basisschool op bijzondere grondslag te ’s-Gravenhage

Naar aanleiding van de door u op 31 oktober 2024 ingediende aanvraag voor bekostiging van een basisschool, zoals bedoeld in artikel 74, eerste lid, van de Wet op het primair onderwijs (WPO), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning po 2021, bericht ik u als volgt.

De aanvraag betreft een bijzondere basisschool genaamd AIDA Ypenburg, te vestigen in het postcodegebied 2492 in de gemeente Den Haag.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 75, derde lid, van de WPO, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gewenste bijzondere basisschool niet voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Het initiatief is gemeld op 19 juni 2024 en de aanvraag is ingediend op 31 oktober 2024.

Belangstellingsmeting

De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen. De belangstellingsmeting is uitgevoerd conform het wettelijk voorschrift en aan de hand van de daarvoor vereiste gegevens en de te hanteren formule zoals bedoeld artikel 74a, derde lid, onder a, van de WPO. Met de belangstellingsmeting is berekend dat het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2035 voldoet aan de stichtingsnorm.

Uitnodiging voor overleg

In artikel 74 tweede lid, onderdeel c, van de WPO en artikel 4, tweede lid, van de Regeling voorzieningenplanning po 2021 is bepaald dat u bij uw aanvraag dient aan te tonen dat de bevoegde gezagsorganen van de scholen en vestigingen binnen het voedingsgebied van de gewenste school door u zijn gevraagd om te overleggen over het voornemen tot het doen van een aanvraag voor bekostiging.

Bij de beoordeling van uw aanvraag heb ik geconstateerd dat u niet alle bevoegde gezagsorganen hebt uitgenodigd voor voornoemd overleg.

Op 27 januari 2025 heeft u in een gesprek toegelicht dat u inderdaad een gedeelte van de bevoegde gezagsorganen met een school of vestiging binnen het voedingsgebied van de gewenste school niet hebt uitgenodigd. U zag daartoe geen noodzaak, aangezien u hen niet tegenkomt in de reguliere overleggen die u in Den Haag voert met schoolbesturen. Ook gaf u aan dat u van mening bent dat de leerlingen die de scholen van de betreffende bevoegde gezagsorganen bezoeken niet tot de doelgroep van uw gewenste school behoren.

U benoemde dat u bij een vorige aanvraag voor een nieuwe school ook niet alle bevoegde gezagsorganen hebt uitgenodigd en dat dit in die aanvraagprocedure is geaccepteerd. Daarom mocht u er volgens u vanuit gaan dat dit nu ook geen belemmering zou zijn voor de behandeling van uw aanvraag.

Hierover merk ik het volgende op.

De WPO stelt nadrukkelijk dat een aanvrager de bevoegde gezagsorganen met een school of vestiging binnen het voedingsgebied van de gewenste school dient uit te nodigen. Hierin is door de wetgever geen onderscheid gemaakt tussen besturen met scholen van een bepaalde richting of samenstelling, of waar deze gelegen zijn in het voedingsgebied. Dit betekent dat het niet aan de aanvrager is om te bepalen welk bevoegd gezag zij relevant vindt om uit te nodigen, en welke niet.

Helaas is in de eerdere aanvraagronde onopgemerkt gebleven dat uw bestuur niet alle bevoegde gezagsorganen met een school of vestiging in het voedingsgebied van de door u gewenste school heeft uitgenodigd. Ik behoef een gemaakte fout echter niet te herhalen in de volgende ronde waarin opnieuw volledig wordt beoordeeld of de aanvraag aan de wettelijke eisen voldoet. U hebt als aanvrager de wettelijke verplichting alle bevoegde gezagsorganen met een school of vestiging binnen het voedingsgebied voor een gesprek uit te nodigen.

Op basis van bovenstaande stel ik vast dat u niet heeft voldaan aan de uitnodigingsplicht zoals voorgeschreven in artikel 74, tweede lid, onder c, van de WPO en artikel 4, tweede lid, van de Regeling voorzieningenplanning po 2021.

Geen advies inspectie noodzakelijk

In artikel 75, eerste lid, van de wet, is geregeld dat de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) de Minister adviseert of de aanvraag voldoet aan de verplichtingen in artikel 74, tweede lid, onderdeel b, WPO. Ik kan u hierover het volgende berichten.

Met betrekking tot uw aanvraag wordt niet voldaan aan één van de wettelijke bekostigingscriteria, hetgeen op zichzelf staand grond is voor afwijzing. Een aanvraag kan immers alleen worden goedgekeurd wanneer aan alle verplichtingen in de WPO en in de Regeling voorzieningenplanning po 2021 wordt voldaan. Wanneer niet wordt voldaan aan de verplichting van het overleggen over het voornemen tot het doen van een aanvraag om bekostiging, is het advies van de inspectie niet meer van invloed op het besluit en daardoor ook niet opportuun. Ik heb daarom de inspectie niet om advies gevraagd.

Stichting PCPO De Vier Windstreken – KC De Verrekijkers

Aanvraag voor bekostiging van een basisschool op bijzondere grondslag te Zevenhuizen ZH, gemeente Zuidplas

Naar aanleiding van de door u op 29 oktober 2024 ingediende aanvraag voor bekostiging van een basisschool, zoals bedoeld in artikel 74, eerste lid, van de Wet op het primair onderwijs (WPO), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning po 2021, bericht ik u als volgt.

De aanvraag betreft een bijzondere basisschool genaamd “KC De Verrekijkers”, te vestigen in het postcodegebied 2761 te Zevenhuizen ZH, gemeente Zuidplas.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 75, derde lid, van de WPO, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gewenste bijzondere basisschool met ingang van 1 augustus 2026 voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Het initiatief is aangemeld op 27 juni 2024 en de aanvraag is ingediend op 29 oktober 2024. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen. De belangstellingsmeting aan de hand van ouderverklaringen is uitgevoerd conform het wettelijk voorschrift. Het aantal verkregen ouderverklaringen betreft 109 en 1 januari 2024 bedraagt het aantal 2- tot en met 4- jarigen in het voedingsgebied 7760.

Op 1 januari 2035 bedraagt – naar verwachting – het aantal leerlingen van 4 tot en met 11 jaar, vermeerderd met 30% van het aantal leerlingen van 12 jaar, in het voedingsgebied 22167,9.

Rekening houdende met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7 is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2035, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 74a, derde lid, onder a, van de WPO, berekend op 218.

De stichtingsnorm voor basisscholen in de gemeente Zuidplas bedraagt 213. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2035 wordt berekend op 218, is aannemelijk gemaakt dat de gewenste school op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de voor de gemeente van vestiging geldende stichtingsnorm.

Conform het bepaalde in artikel 75, eerste lid, van de WPO, heeft de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) op 18 maart 2025 advies uitgebracht over deze aanvraag. Het oordeel van de inspectie is ten aanzien van alle deugdelijkheidseisen voldoende. Dat betekent dat het advies van de inspectie over de te verwachten onderwijskwaliteit positief is. Het advies is als bijlage bij dit besluit gevoegd. Voor de verdere motivering verwijs ik naar het advies. Het advies is zorgvuldig tot stand gekomen en de overwegingen kunnen de conclusie dragen.

Ik stel verder vast dat aan de vereisten zoals opgenomen in artikel 74, tweede lid, onder c en d, van de WPO, is voldaan.

De gemeente Zuidplas heeft geen zienswijze ingediend, als bedoeld in artikel 75, twaalfde lid, van de WPO.

Met betrekking tot de daadwerkelijke aanvang van de bekostiging zult u in het eerste kwartaal van het volgende jaar bericht ontvangen.

Stichting Innovatief Islamitisch Onderwijs Nederland e.o. – AIDA College Den Haag

Aanvraag voor bekostiging van uitbreiding van het Aida College te Den Haag (instellingsnummer 32DC) met een school voor voorbereidend beroepsonderwijs en een school voor praktijkonderwijs

Naar aanleiding van de door u op 31 oktober 2024 ingediende aanvraag voor bekostiging van een scholengemeenschap, zoals bedoeld in artikel 4.2, tweede lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt.

De aanvraag betreft een uitbreiding van het aanbod aan de bijzondere scholengemeenschap het AIDA College in Den Haag, met een school voor Praktijkonderwijs en de vbo-profielen Dienstverlening en producten en Zorg en welzijn.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 en 4.5, van de WVO 2020, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde scholengemeenschap voor vbo en praktijkonderwijs niet voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Het initiatief is gemeld op 18 juni 2024 en de aanvraag is ingediend op 31 oktober 2024.

Belangstellingsmeting

De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen. De belangstellingsmeting is uitgevoerd conform het wettelijk voorschrift en aan de hand van de daarvoor vereiste gegevens en de te hanteren formule zoals bedoeld artikel 4.6, derde lid, onder a, van de WVO 2020. Met de belangstellingsmeting is berekend dat het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2035 voldoet aan de stichtingsnorm.

Uitnodiging voor overleg

In artikel 4.5a tweede lid, onderdeel c, van de WVO 2020 en artikel 5, tweede lid, van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 is bepaald dat u bij uw aanvraag dient aan te tonen dat de bevoegde gezagsorganen van de scholen en vestigingen binnen het voedingsgebied van de gewenste school door u zijn gevraagd om te overleggen over het voornemen tot het doen van een aanvraag voor bekostiging.

Bij de beoordeling van uw aanvraag heb ik geconstateerd dat niet is gebleken dat u alle bevoegde gezagsorganen hebt uitgenodigd voor voornoemd overleg.

Op 27 januari 2025 hebt u in een gesprek toegelicht dat u inderdaad een gedeelte van de bevoegde gezagsorganen met een school of vestiging binnen het voedingsgebied van de gewenste school niet hebt uitgenodigd. U zag daartoe geen noodzaak, aangezien u hen niet tegenkomt in de reguliere overleggen die u in Den Haag voert met schoolbesturen. Ook gaf u aan dat u van mening bent dat de leerlingen die de scholen van de betreffende bevoegde gezagsorganen bezoeken niet tot de doelgroep van uw gewenste school behoren.

U benoemde dat u bij een vorige aanvraag voor een nieuwe school ook niet alle bevoegde gezagsorganen hebt uitgenodigd en dat dit in die aanvraagprocedure is geaccepteerd. Daarom mocht u er volgens u vanuit gaan dat dit nu ook geen belemmering zou zijn voor de behandeling van uw aanvraag.

Hierover merk ik het volgende op.

De WVO 2020 stelt nadrukkelijk dat een aanvrager de bevoegde gezagsorganen met een school of vestiging binnen het voedingsgebied van de gewenste school dient uit te nodigen. Hierin is door de wetgever geen onderscheid gemaakt tussen besturen met scholen van een bepaalde richting of samenstelling, of waar deze gelegen zijn in het voedingsgebied. Dit betekent dat het niet aan de aanvrager is om te bepalen welk bevoegd gezag zij relevant vindt om uit te nodigen, en welke niet.

Helaas is in de eerdere aanvraagronde onopgemerkt gebleven dat uw bestuur niet alle bevoegde gezagsorganen met een school of vestiging in het voedingsgebied van de door u gewenste school heeft uitgenodigd. Ik hoef een gemaakte fout echter niet te herhalen in de volgende ronde waarin opnieuw volledig wordt beoordeeld of de aanvraag aan de wettelijke eisen voldoet. U hebt als aanvrager de wettelijke verplichting alle bevoegde gezagsorganen met een school of vestiging binnen het voedingsgebied voor een gesprek uit te nodigen.

Op basis van bovenstaande stel ik vast dat u niet hebt voldaan aan de uitnodigingsplicht zoals voorgeschreven in artikel 4.5a tweede lid, onderdeel c, van de WVO 2020.

Geen advies inspectie noodzakelijk

In artikel 4.5, derde lid, van de WVO 2020, is geregeld dat de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) de Minister adviseert of de aanvraag voldoet aan de verplichtingen in artikel 4.5a, tweede lid, onderdeel b, van de WVO 2020. Ik kan u hierover het volgende berichten.

Met betrekking tot uw aanvraag wordt niet voldaan aan één van de wettelijke bekostigingscriteria, hetgeen op zichzelf staand grond is voor afwijzing. Een aanvraag kan immers alleen worden goedgekeurd wanneer aan alle verplichtingen in de WVO 2020 en in de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 wordt voldaan. Wanneer niet wordt voldaan aan de verplichting van het overleggen over het voornemen tot het doen van een aanvraag om bekostiging, is het advies van de inspectie niet meer van invloed op het besluit en daardoor ook niet opportuun. Ik heb daarom de inspectie niet om advies gevraagd.

Vereniging voor Christelijk Voortgezet Onderwijs in Noord- en West-Fryslân

Aanvraag voor bekostiging van een scholengemeenschap voor mavo, havo en vwo te Leeuwarden

Naar aanleiding van de door u op 31 oktober 2024 ingediende aanvraag voor bekostiging van een scholengemeenschap, zoals bedoeld in artikel 4.2, tweede lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 (WVO 2020), en met inachtneming van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020, bericht ik u als volgt.

De aanvraag betreft een bijzondere scholengemeenschap voor mavo, havo en vwo, genaamd CSG Comenius@Forum, te vestigen in het postcodegebied 8924, in de gemeente Leeuwarden.

BESLUIT

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 4.2 en 4,5 van de WVO 2020, en onder verwijzing naar onderstaande overwegingen, besluit ik hierbij dat de gevraagde scholengemeenschap voor mavo, havo en vwo niet voor bekostiging in aanmerking wordt gebracht.

Overwegingen

Belangstellingsmeting

U heeft uw initiatief, door omstandigheden waarop u geen invloed had, niet voor 1 juni 2024 aan kunnen melden. We zijn er daarom mee akkoord gegaan dat uw aanvraag later is aangemeld. De aanvraag is ingediend op 31 oktober 2024. De belangstellingsmeting is uitgevoerd aan de hand van ouderverklaringen.

De belangstellingsmeting aan de hand van ouderverklaringen is uitgevoerd conform het wettelijk voorschrift, in die zin dat de belangstellingsmeting inzicht geeft in het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari van het elfde jaar na indiening van de aanvraag en is uitgevoerd binnen het voedingsgebied dat een gebied omvat dat bestaat uit viercijferige postcodegebieden die geheel of gedeeltelijk zijn gelegen binnen een straal van vijftien kilometer van de beoogde plaats van vestiging van de scholengemeenschap.

Belangstellingsmeting mavo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor mavo is 8 en op 1 januari 2024 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 7.433. Op 1 januari 2035 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 2.390, vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (3,90) komt dat uit op 9.321. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2035, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6, van de WVO 2020, berekend op 7.

De stichtingsnorm voor een school voor mavo als samenstellende school van een scholengemeenschap bedraagt 195. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2035 is berekend op 7, is niet aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor mavo als onderdeel van een scholengemeenschap op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Belangstellingsmeting havo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor havo is 20 en op 1 januari 2024 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 7.433. Op 1 januari 2035 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 2.390, vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (5,40) komt dat uit op 12.906. Rekening houdend met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2035, aan de hand van de formule zoals genoemd in 4.6, van de WVO 2020, berekend op 24.

De stichtingsnorm voor een school voor havo als samenstellende school van een scholengemeenschap bedraagt 244. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2035 wordt berekend op 24, is niet aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor havo als onderdeel van een scholengemeenschap op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Belangstellingsmeting vwo

Het aantal verkregen ouderverklaringen voor een school voor vwo is 9 en op 1 januari 2024 bedraagt het aantal 10- tot en met 12-jarigen in het voedingsgebied 7.433. Op 1 januari 2035 bedraagt – naar verwachting – het gemiddelde van het aantal leerlingen in de leeftijd van 12 en 13 jaar in het voedingsgebied, 2.390, vermenigvuldigd met de verblijfsjaren zoals opgenomen in artikel 7 van de Regeling voorzieningenplanning vo 2020 (5,70) komt dat uit op 13.623. Rekening houdende met voornoemde aantallen en met een correctiefactor van 0,7, is het te verwachten aantal leerlingen op 1 januari 2035, aan de hand van de formule zoals genoemd in artikel 4.6 van de WVO 2020, berekend op 11.

De stichtingsnorm voor een school voor vwo als samenstellende school van een scholengemeenschap bedraagt 293. Nu het aantal te verwachten leerlingen op 1 januari 2035 wordt berekend op 11, is niet aannemelijk gemaakt dat de gewenste school voor vwo als onderdeel van een scholengemeenschap op 1 januari van het elfde jaar na de indiening van de aanvraag, zal worden bezocht door ten minste het aantal leerlingen dat overeenkomt met de hiervoor geldende stichtingsnorm.

Onderwijskwaliteit

In artikel 4.5 WVO 2020 is geregeld dat de Inspectie van het Onderwijs (hierna: de inspectie) de Minister adviseert of de aanvraag voldoet aan de verplichtingen in artikel 4.5, tweede lid onderdeel b, WVO 2020. Ik kan u hierover het volgende berichten.

Uw aanvraag kan niet rekenen op voldoende belangstelling. Uw aanvraag voldoet daarmee niet aan één van de wettelijke bekostigingscriteria hetgeen op zichzelf staand grond is voor afwijzing van uw aanvraag. Een aanvraag kan immers alleen worden goedgekeurd wanneer zowel aan de stichtingsnormen als aan de verplichtingen in artikel 4.5, tweede lid onderdeel b, WVO 2020 wordt voldaan. Wanneer niet wordt voldaan aan de stichtingsnormen is het advies van de inspectie niet meer van invloed op het besluit en daardoor ook niet opportuun. Ik heb daarom de inspectie, conform artikel 4.5, lid 4a, van de WVO 2020, niet om advies gevraagd.

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, namens deze, de directeur Onderwijsinstellingen van de Dienst Uitvoering Onderwijs, H. van Es

Naar boven