Kennisgeving in het kader van Tracébesluit Zuidasdok

Rijkswaterstaat voert het project Zuidasdok uit. Voor de uitvoering van dit project zijn besluiten nodig.

Welke besluiten zijn er genomen?

Voor de uitvoering van het Tracébesluit Zuidasdok zijn de onderstaande besluiten genomen.

Gemeente Amsterdam

  • Omgevingsvergunning voor het oprichten van een gebouw voor de bediening van de Schinkelbruggen inclusief traforuimte bij de Schinkelsluis onder de rijksweg A10, onder Schinkelbrug 02 te Amsterdam (zaaknummer 13394937)

  • Omgevingsvergunning voor de bouw van een aanvaarbescherming van de oplegpijler van Schinkelbrug 09 inclusief geleidewerk in de voorhaven van het Schinkelcomplex te Amsterdam (zaaknummer 13384199)

  • Omgevingsvergunning voor de bouw van de Schinkelbrug 01 met beweegbaar deel en landhoofden geluidscherm GS-P-012 in het Schinkelcomplex ter plaatse van Knooppunt De Nieuwe Meer te Amsterdam (zaaknummer 13381517)

Deze besluiten worden op de datum van publicatie van deze kennisgeving aan de aanvrager bekendgemaakt.

Welke procedure is van toepassing?

Op de besluiten is de coördinatieregeling van de Algemene wet bestuursrecht (afdeling 3.5) van toepassing. Dit volgt uit de Omgevingswet (artikel 5.45 lid 2 en artikel 16.7). De Minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft de voorbereiding van de besluiten gecoördineerd. De reguliere voorbereidingsprocedure (afdeling 4.1 van de Algemene wet bestuursrecht) is toegepast.

Waar en wanneer kunt u de stukken inzien?

De besluiten en de daarop betrekking hebbende stukken van de gemeente Amsterdam zijn digitaal in te zien:

Hoe kunt u bezwaar maken?

Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kunnen belanghebbenden bezwaar maken tegen het besluit. Dit kan van 22 maart 2025 tot en met 6 mei 2025. Het bezwaarschrift moet worden gericht aan de Minister van Infrastructuur en Waterstaat en verstuurd worden naar:

Rijkswaterstaat Corporate Dienst

T.a.v. het afdelingshoofd BJV Projectadvisering

Postbus 2232

3500 GE Utrecht

Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en ten minste het volgende te bevatten:

  • de naam en het adres van de indiener;

  • de datum;

  • een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht (kopie bijvoegen), en;

  • een opgave van de redenen waarom men zich met het besluit niet kan verenigen (motivering).

Het maken van bezwaar schorst de werking van het besluit niet. Gelijktijdig met of na de indiening van het bezwaarschrift kunt u – bij een spoedeisend belang – verzoeken om het treffen van een voorlopige voorziening. Dit verzoek moet worden gericht aan de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag of (door burgers) via het Digitaal Loket: https://loket.raadvanstate.nl/digitaal-loket/.

Het verzoek dient te zijn ondertekend en dient ten minste het volgende te bevatten:

  • naam en het adres van de indiener;

  • de datum;

  • een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht (kopie bijvoegen);

  • de motivering van het verzoek, en;

  • een afschrift van het bezwaarschrift.

Voor het indienen van een verzoek om een voorlopige voorziening is griffierecht verschuldigd.

Meer informatie?

Voor meer informatie over de besluiten van de gemeente Amsterdam kunt u contact opnemen met de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied, via dit contactformulier of via telefoonnummer 088-5670200.

Naar boven