Wijziging Pensioenreglement voor militairen per 1 januari 2025, Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Hoofdstuk 3.4 U wordt ziek

Onder paragraaf 1 “U blijft pensioen bij ons opbouwen” wordt onder de kop “Als u ziek bent, geldt het volgende zolang u in dienst blijft:” de volgende zin aan het einde toegevoegd: “In paragraaf 7.1.1 ziet u hoe wij uw pensioengevend inkomen berekenen.”

Hoofdstuk 3.5 U gaat uit elkaar

In de tabel onder de kop ‘Uw ouderdomspensioen’ wordt in de linker kolom in het tweede vakje van boven de zin ‘Zie 7.2 Partnerpensioen en wezenpensioen voor de wijze waarop we dat berekenen’ geschrapt.

In de tabel onder de kop ‘Uw ouderdomspensioen’ wordt in de middelste kolom in het vijfde vakje van boven onder de derde bullet de zin ‘Als u en uw ex-partner weer een partnerschap met elkaar beginnen’ vervangen door de zin: ‘Als u en uw ex-partner (opnieuw) met elkaar trouwen of (opnieuw) met elkaar een geregistreerd partnerschap aangaan.’

In de tabel onder de kop ‘Uw ouderdomspensioen’ wordt in de linker kolom in het zevende vakje van boven aan het einde van de zin toegevoegd: ‘(trouwen / geregistreerd partnerschap).’

In de tabel onder de kop ‘Uw ouderdomspensioen’ wordt in de middelste kolom in het zevende vakje van boven de zin ‘Als u en uw ex-partner weer een partnerschap met elkaar beginnen, is dit ouderdomspensioen weer voor u.’ vervangen door de zin: ‘Als u en uw ex-partner (opnieuw) met elkaar trouwen of (opnieuw) met elkaar een geregistreerd partnerschap aangaan, is dit ouderdomspensioen weer voor u.’

Hoofdstuk 3.10 U stopt met pensioen opbouwen bij ABP. De keuzes die u kunt maken

In de zin ‘Als de hoogte van uw pensioen € 592,51 of meer bruto per jaar is, kunt u uw pensioen van ABP meenemen naar een ander pensioenfonds.’ wordt het bedrag ‘€ 592,51’ vervangen door ‘€ 613,52’.

Hoofdstuk 4.1 Uw deelname stopt

In de zin ‘En is de hoogte van uw pensioen € 592,51 bruto per jaar of meer?’ wordt het bedrag ‘€ 592,51’ vervangen door ‘€ 613,52.

In de zin ‘Let op! Is de hoogte van uw pensioen minder dan € 592,51, maar meer dan € 2,– bruto per jaar?’ wordt het bedrag ‘€ 592,51’ vervangen door ‘€ 613,52.’

Hoofdstuk 5.1 U wilt met pensioen op uw pensioenleeftijd

Onder de kop “Wat moet u doen om pensioen te krijgen” wordt de volledige tekst onder deze kop vervangen door de volgende tekst: “U krijgt van ons een brief ‘Vraag nu uw pensioen aan bij ABP’. Deze brief krijgt u 9 maanden voordat u uw pensioenleeftijd bereikt. In deze brief informeren wij u dat u uw pensioen kunt aanvragen en hoe u dit kunt doen. U kunt het pensioen alleen laten ingaan op een datum in de toekomst. Om uw pensioen op uw pensioenleeftijd te laten ingaan moet u het pensioen daarom voor die datum bij ABP aanvragen. Heeft u deze brief niet gekregen? Neemt u dan contact met ons op (zie hoofdstuk 13 Vragen of u bent het ergens niet mee eens).”

Hoofdstuk 7.1 Pensioenopbouw ouderdomspensioen

Onder de kop ‘Pensioen dat u in een jaar opbouwt’ wordt het huidige rekenvoorbeeld vervangen door het volgende rekenvoorbeeld:

“Rekenvoorbeeld opbouw ouderdomspensioen (bruto bedragen)

Leeftijd: 25 jaar

Dienstverband: fulltime

Pensioengevend inkomen: € 30.000

Franchise (op jaarbasis): € 16.700

Pensioengrondslag: € 30.000 – € 16.700 = € 13.300

Opbouwpercentage: 1,788%

Als alles hetzelfde blijft, wordt de pensioenberekening als volgt:

Pensioenopbouw per jaar: 1,788% van € 13.300 = € 237,80

Bij doorwerken tot 62 jaar: 37 jaar (van 25ste tot 62ste) × € 237,80 = € 8.798,75

Daarna UGM van 62 tot 67 jaar: 5 jaar × € 237,80 × 50% = € 594,51

Pensioen op pensioenleeftijd: € 8.798,75 + € 594,51 = € 9.393,26

Vanaf uw AOW-leeftijd komt daar de AOW-uitkering bij.”

Hoofdstuk 7.1.1 Uw pensioengevend inkomen

Onder de kop ‘Hoe berekenen we uw pensioengevend inkomen?’ wordt de tekst bij het derde opsommingsteken ‘Wij passen uw pensioengevend inkomen alleen door het jaar aan als een rechter ons dit verplicht of wanneer op het moment van aanlevering blijkt dat uw gegevens fout door het Ministerie van Defensie zijn aangeleverd.’, geschrapt. Deze tekst wordt vervangen door: ‘Verandert uw inkomen op 1 januari van het komende jaar? Dan nemen we dat mee in uw pensioengevend inkomen per 1 januari van datzelfde jaar.’

Onder de kop ‘Hoe berekenen we uw pensioengevend inkomen?’ wordt de tekst bij het vierde opsommingsteken ‘Verandert in het jaar uw inkomen? Dan nemen we dat mee in uw pensioengevend inkomen per 1 januari van het komende jaar. Als uw pensioengevend inkomen per 1 januari verandert, nemen we dat mee in datzelfde jaar.’ geschrapt. Deze tekst wordt vervangen door de volgende tekst:

‘Verandert uw inkomen op een ander moment dan 1 januari van het komende jaar? Of verandert uw inkomen gedurende het jaar? Dan nemen we dat mee in uw pensioengevend inkomen per 1 januari van het volgende jaar. Gedurende het jaar passen wij uw pensioengevend inkomen alleen aan als een rechter ons dit verplicht of wanneer op het moment van aanlevering blijkt dat uw gegevens fout door het Ministerie van Defensie zijn aangeleverd.'.

Onder de kop ‘Hoe berekenen we uw pensioengevend inkomen?’ wordt de derde zin in de tekst bij het zesde opsommingsteken ‘Verandert dit?’ vervangen door de volgende zin: ‘Verandert uw deeltijdpercentage?'.

Onder de kop ‘Hoe berekenen we uw pensioengevend inkomen?’ wordt de laatste zin van de tekst bij het zevende opsommingsteken ‘Dan nemen we dit mee in het pensioengevend inkomen op 1 januari nadat u deze verhoging heeft ontvangen.’ vervangen door de volgende zin: ‘Dan nemen we dit mee in het pensioengevend inkomen op 1 januari nadat u deze verhoging heeft ontvangen zonder terugwerkende kracht.'.

Rekenvoorbeeld

  • Een volledige werkweek bij uw werkgever is 38 uur.

  • Uw deeltijdpercentage is 50%, u werkt 19 uur.

  • Uw pensioengevend inkomen is € 35.000.

  • Uw pensioengevend inkomen bij een volledige werkweek is: € 35.000 / 50% = € 70.000

  • Uw franchise bij een volledige werkweek is € 18.500

  • Uw pensioengrondslag bij een volledige werkweek is: € 70.000 – € 18.500 = € 51.500

  • U bouwt pensioen op over € 51.500 × 50% = € 25.750

pensioengevend inkomen op 1 januari nadat u deze verhoging heeft ontvangen zonder terugwerkende kracht.'.

Onder de kop ‘Hoe hoog is uw pensioengevend inkomen als u recht heeft op een werkloosheidsuitkering?’ wordt de laatste zin ‘Dit pensioengevend inkomen veranderen we ieder jaar op 1 januari met de gewogen gemiddelde salarisverhogingen voor de sectoren die bij ABP aangesloten zijn.’ vervangen door:

‘Dit pensioengevend inkomen veranderen we ieder jaar op 1 januari met de loonindex.’

Hoofdstuk 7.1.2 De franchise (het bedrag waarover u geen pensioen opbouwt)

In de tabel onder de kop ‘Hoogte franchise (het bedrag waarover u geen pensioen opbouwt omdat u AOW krijgt)’ wordt het bedrag ‘€ 52.487,93’ twee maalvervangen door ‘€,55.493,10’ en het bedrag ‘€ 15.850’ vervangen door ‘€ 16.700’ en het bedrag ‘€ 17.550’ door ‘€ 18.500’.

In de zin ‘Let op! De franchise die wordt gebruikt voor berekening van de premie voor ouderdomspensioen en nabestaandenpensioen is € 15.850 (zie hiervoor hoofdstuk 7.4 Hoogte pensioenpremie).’ wordt het bedrag ‘€ 15.850’ vervangen door ‘€ 16.700’.

In de zin ‘Let op! Ontvangt u op 1 januari 2019 al een UGM-uitkering? Dan bouwt u pensioen op in deze pensioenregeling met een franchise van € 24.750.’ wordt het bedrag ‘€ 24.750’ vervangen door ‘€ 26.050’.

Hoofdstuk 7.1.3 Het opbouwpercentage (het percentage waarmee u jaarlijks pensioen opbouwt)

In de tabel wordt het bedrag ‘€ 52.487,93’ twee maal vervangen door ‘€ 55.493,10’.

Hoofdstuk 7.1.4 De meetelwaarde

Onder de kop ‘Uw meetelwaarde als u arbeidsongeschikt bent en om die reden een arbeidsongeschiktheidspensioen krijgt’ wordt de tekst onder de tabel ‘Voor het gedeelte dat u arbeidsgeschikt bent, blijft u pensioen opbouwen op basis van uw situatie toen u nog in dienst was. U blijft daarover premie betalen’ vervangen door de volgende tekst: ‘Voor het gedeelte dat u arbeidsgeschikt bent en in dienst blijft, blijft u pensioen opbouwen. U blijft daarover premie betalen.'.

Hoofdstuk 7.1.5 Uw deeltijdpercentage

De huidige rekenvoorbeelden worden vervangen door de volgende rekenvoorbeelden:

‘Rekenvoorbeeld

  • Een volledige werkweek bij uw werkgever is 38 uur.

  • Uw deeltijdpercentage is 50%, u werkt 19 uur.

  • Uw pensioengevend inkomen is € 35.000.

  • Uw pensioengevend inkomen bij een volledige werkweek is: € 35.000 / 50% = € 70.000

  • Uw franchise bij een volledige werkweek is € 18.500

  • Uw pensioengrondslag bij een volledige werkweek is: € 70.000 – € 18.500 = € 51.500

  • U bouwt pensioen op over € 51.500 × 50% = € 25.750.’

‘Rekenvoorbeeld

  • Een volledige werkweek bij uw werkgever is 38 uur.

  • Uw deeltijdpercentage is 50%, u werkt 19 uur.

  • Uw pensioengevend inkomen is € 70.000.

  • Uw franchise bij een volledige werkweek is € 18.500.

  • Uw pensioengevend inkomen bij een volledige werkweek is: € 70.000 / 50% = € 140.000

  • Het fiscaal maximum is € 137.800

  • Uw pensioengrondslag is € 137.800- € 18.500 = € 119.300

  • U bouwt pensioen op over € 119.300 × 50% = € 59.650.’

‘Rekenvoorbeeld

  • Een volledige werkweek bij uw werkgever is 38 uur.

  • U werkt 40 uur.

  • Uw deeltijdpercentage is 40/38 × 100% = 105,26%.

  • Uw pensioengevend inkomen bij 38-urige werkweek is: € 135.000.

  • Uw franchise bij een volledige werkweek is € 18.500.

  • Uw pensioengevend inkomen bij een 40-urige werkweek is € 135.000 × 105,26% = € 142.101

Het pensioengevend inkomen van € 135.000 is lager dan het bedrag dat in de wet staat. Maar het pensioengevend inkomen van € 142.101 is hoger dan het bedrag dat in de wet staat. Daarom verlagen we uw deeltijdpercentage als volgt:

Fiscaal maximum/uw pensioengevend inkomen bij een volledige werkweek

€ 137.800 / € 135.000 = 102,07%. Dit is uw nieuwe deeltijdpercentage.

U bouwt pensioen op over:

(Fulltime pensioengevend inkomen – franchise) × aangepaste deeltijdpercentage

(€ 135.000 – € 18.500) × 102,07% = € 118.912’

Hoofdstuk 7.3 Maximale bedragen voor uw pensioen

De zin: “Let op! Er is geen maximum pensioengevend inkomen voor uw arbeidsongeschiktheidspensioen.” wordt geschrapt.

Onder de kop ‘Is er een maximum pensioengevend inkomen voor de premieberekening en mijn pensioenopbouw?’ wordt ‘1 januari 2024’ vervangen door ‘1 januari 2025’.

Hoofdstuk 7.4 Hoogte pensioenpremie

Onder de kop ‘Wat als u geen salaris van het Ministerie van Defensie krijgt?’ wordt onder het eerste opsommingsteken ‘Wat als u een werkloosheidsuitkering krijgt?’ de zin: ‘Dit pensioengevend inkomen veranderen we ieder jaar op 1 januari met de gewogen gemiddelde salarisverhogingen voor de sectoren die bij ABP aangesloten zijn.’ vervangen door de volgende zin: ‘D it pensioengevend inkomen veranderen we ieder jaar op 1 januari met de loonindex.’

In de tabel onder de kop ‘Waarover berekenen we de premie bij de pensioenen?’ wordt in de tweede rij (Franchise) het bedrag ‘€ 15.850’ vervangen door ‘€ 16.700’.

In de zin ‘Let op! Ontvangt u op 1 januari 2019 al een UGM-uitkering? Dan bedraagt de franchise voor de berekening van de premie € 24.750’ wordt het bedrag ‘€ 24.750’ vervangen door ‘€ 26.050’.

Hoofdstuk 8 Wij kunnen uw pensioen in een keer betalen (Afkopen)

De zin ‘Is uw bruto pensioen hoger dan € 2 maar lager dan € 592,51 per jaar (2024)?’ wordt vervangen door de volgende zin: ‘Is uw bruto pensioen hoger dan € 2 maar lager dan € 613,52 per jaar (2025)?’

Onder de kop ‘Wanneer mogen wij pensioen in één keer betalen?’ wordt de tekst onder de tweede bullet onder de kop ‘Als u uw pensioenleeftijd bereikt’ vervangen door de volgende tekst: ‘Wij stellen dan aan u voor om uw ouderdomspensioen en nabestaandenpensioen in één keer aan u uit te betalen. Als u ons laat weten dat u uw pensioen in één keer wilt ontvangen, dan betalen wij dit in één keer aan u uit. Als u hier niet mee instemt, betalen wij uw pensioen levenslang elke maand.’

Hoofdstuk 9 U verandert van werkgever en u wilt uw opgebouwde pensioen meenemen (Waardeoverdracht)

Onder de kop “Wat moet u doen om uw pensioen mee te nemen’ in de zin ‘Als de hoogte van uw pensioen bij een andere pensioenuitvoerder lager is dan € 592,51 bruto per jaar, draagt die pensioenuitvoerder uw pensioen mogelijk automatisch naar ABP over.’ wordt het bedrag

‘€ 592,51’’ vervangen door ‘€ 613,52’.

In de zin ‘Let op! Als de hoogte van uw pensioen minder is dan € 592,51 maar meer dan € 2,– bruto per jaar dan draagt ABP uw pensioen automatisch over naar de pensioenuitvoerder waar u pensioen opbouwt.’ wordt het bedrag ‘€ 592,51’ vervangen door ‘€ 613,52’.

Hoofdstuk 13 Vragen of u bent het ergens niet mee eens

Onder de kop ‘Stap 3: als u het niet eens bent met onze reactie op uw klacht’ wordt onder de tweede bullet de tekst:

‘Dan kunt u uw situatie voorleggen aan de Geschillencommissie Pensioenfondsen (GIP). Stuur een brief naar:

Varrolaan 100 3584 BW Utrecht.

Op abp.nl/oneens leest u wat GIP voor u kan doen. De Ombudsman Pensioenen is een onderdeel van het GIP.’

vervangen door de volgende tekst:

‘En heeft u uw klacht op of na 1 juli 2023 bij ons gemeld? Dan kunt u uw situatie voorleggen aan de Geschilleninstantie Pensioenfondsen (GIP). GIP probeert in dit soort gevallen te helpen.

Hoe het precies werkt, leest u op de website van GIP: geschilleninstantiepensioenfondsen.nl

Hoofdstuk 14.1 ABP ExtraPensioen

Onder de kop “Wanneer stopt ABP ExtraPensioen vanzelf en welke gevolgen heeft dat?’ wordt achter de eerste zin ’Als u overlijdt’ de zin: ‘Wij keren dan uit aan uw partner tot het moment dat zij overlijdt.’ vervangen door de volgende tekst: “Uw saldo gaat naar het partner- en wezenpensioen (zie bijlage 1 tabellenboek). Dit is aanvullend op het partner- en wezenpensioen dat we vanuit de ABP-regeling aan uw partner en/of kinderen uitkeren’.

Hoofdstuk 14.2 paragraaf 1 Wat is een nettopensioenregeling?

Onder de kop ‘Hoe werkt het"?’ wordt de tekst bij het tweede opsommingsteken ‘Als u in de basisregeling geen premie meer hoeft te betalen bij arbeidsongeschiktheid, geldt dat ook voor de nettopensioenregeling. Uw deelname loopt gewoon door op basis van uw pensioengevend inkomen voor u arbeidsongeschikt werd. U hoeft daarvoor geen premie meer te betalen. Dit geldt niet als uw arbeidsongeschiktheid was te verwachten toen u begon in deze regeling.’ geschrapt en vervangen door de volgende tekst:

‘Als u in de basisregeling geen premie meer hoeft te betalen bij arbeidsongeschiktheid, geldt dat ook voor uw deelname aan de nettopensioenregeling. Vanaf de datum van uw ontslag hoeft u dan geen premie meer te betalen voor het gedeelte dat u arbeidsongeschikt bent. Zie hoofdstuk 3.4 U wordt ziek. Uw deelname aan de nettopensioenregeling loopt net als in de basisregeling voor het arbeidsongeschikte deel gewoon door op basis van uw pensioengevend inkomen voordat u ziek werd. Dit pensioengevend inkomen veranderen we ieder jaar op 1 januari met loonindex. Zie hoofdstuk 7.1.1 Uw pensioengevend inkomen. De tekst hierboven geldt niet als uw arbeidsongeschiktheid was te verwachten toen u begon in deze regeling.'.

Onder de kop ‘Wanneer kunt u deelnemen?’ in de zin: ‘U kunt deelnemen als uw pensioengevend inkomen hoger is dan € 137.800 (2024) en:’ wordt ‘(2024)’ vervangen door ‘(2025)’.

Hoofdstuk 14.2 Paragraaf 2 Deelname en start

Onder de kop ‘Risicopakket’ wordt bij het vijfde opsommingsteken de tekst ‘De hoogte van het partnerpensioen: 52,5% van uw pensioengevend inkomen boven het fiscaal maximum.’ vervangen door de volgende tekst: ‘De hoogte van het partnerpensioen: 52,5% van uw pensioengevend inkomen boven het fiscaal maximum maal de nettofactor. We gaan hierbij uit van een middelloonregeling.'.

Onder de kop ‘Risicopakket’ wordt bij het zesde opsommingsteken de tekst ‘De hoogte van het wezenpensioen: 10,5% van uw pensioengevend inkomen boven het fiscaal maximum.’ vervangen door de volgende tekst: ‘De hoogte van het wezenpensioen: 10,5% van uw pensioengevend inkomen boven het fiscaal maximum maal de nettofactor. We gaan hierbij uit van een middelloonregeling.'.

Hoofdstuk 14.2 paragraaf 3 Einde regeling, eerder stoppen of overlijden

Onder de kop ‘Wat gebeurt er als ik met pensioen ga? wordt bij het eerste opsommingsteken na de eerste zin ‘Wij zetten uw opgebouwde waarde om in pensioen.’ de volgende tekst toegevoegd: ‘Zie Bijlage 1 Tabellenboek met voorbeeld paragraaf 7.'.

Onder de kop ‘Kan ik eerder stoppen?’ wordt na de vierde zin ‘Het tot dan opgebouwde kapitaal zetten we na vier maanden om in pensioen.’ de volgende tekst toegevoegd: ‘Zie Bijlage 1 Tabellenboek met voorbeelden paragraaf 7.".

Onder de kop ‘Wat gebeurt er als mijn deelname aan de basisregeling stopt voordat ik met pensioen ga?’ onder de kop ‘Bouwde u extra pensioen op met het Totaal- of opbouwpakket?’ wordt na de tweede zin ‘Het tot dan opgebouwde kapitaal zetten we uiterlijk na vier maanden om in pensioen’ de volgende tekst toegevoegd: ‘Zie Bijlage 1 Tabellenboek met voorbeelden paragraaf 7.'.

Onder de kop ‘Wat gebeurt er met mijn nettopensioenregeling als ik overlijd?' onder de kop ‘Had u gekozen voor het Opbouwpakket?’ wordt na de zin ‘We zetten de opgebouwde waarde om in partner- en wezenpensioen’ de volgende tekst toegevoegd: ‘Zie Bijlage 1 Tabellenboek met voorbeelden paragraaf 7.'.

Onder de kop ‘Wat gebeurt er met mijn nettopensioenregeling als ik overlijd? onder de kop ‘Had u gekozen voor Totaalpakket?’ wordt na de eerste zin ‘U had extra partner- en wezenpensioen verzekerd, maar ook kapitaal opgebouwd voor partner- en wezenpensioen.’ de volgende tekst toegevoegd: ‘Zie Bijlage 1 Tabellenboek met voorbeelden paragraaf 7 voor de omzetting van het opgebouwde kapitaal.'.

Onder de tekst ‘Let op! We keren geen partner- en wezenpensioen uit als u overlijdt en dit overlijden op basis van uw gezondheidstoestand te verwachten was toen u begon in deze regeling', wordt de volgende tekst toegevoegd:

“Wat gebeurt er met mijn nettopensioenregeling als ik arbeidsongeschikt word?

Als u in de basisregeling geen premie meer hoeft te betalen bij arbeidsongeschiktheid, geldt dat ook voor uw deelname aan de nettopensioenregeling. Vanaf de datum van uw ontslag hoeft u dan geen premie meer te betalen voor het gedeelte dat u arbeidsongeschikt bent. Zie hoofdstuk 3.4 U wordt ziek. Uw deelname aan de nettopensioenregeling loopt net als in de basisregeling voor het arbeidsongeschikte deel gewoon door op basis van uw pensioengevend inkomen voordat u ziek werd. Dit pensioengevend inkomen veranderen we ieder jaar op 1 januari met de loonindex. Zie hoofdstuk 7.1.1 Uw pensioengevend inkomen. De tekst hierboven geldt niet als uw arbeidsongeschiktheid was te verwachten toen u begon in deze regeling.'.

Hoofdstuk 14.2 paragraaf 4 Premie en kosten

In het overzicht onder de kop ‘Kosten’ wordt de zin ‘De beheerkosten zijn afhankelijk van uw leeftijd (zie tabel) en variëren tussen 0,08% en 0,16% van uw opgebouwde kapitaal.’ vervangen door de volgende zin: ‘De beheerkosten zijn afhankelijk van uw leeftijd (zie tabel) en variëren tussen 0,07% en 0,13% van uw opgebouwde kapitaal.’

Hoofdstuk 14.2 paragraaf 7 Fiscale maximering en afkopen

In de zin ‘De nettofactor is met ingang van 1 januari 2024 vastgesteld op 50,5%.’ wordt ‘1 januari 2024’ vervangen ‘1 januari 2025’.

De tekst ‘Het fiscaal maximum voor het nabestaandenpensioen is als volgt:

  • 52,5% voor het partnerpensioen;

  • 10,5% voor het wezenpensioen.’

Bij de kop ‘Afkopen’ wordt de volgende tekst geschrapt: ‘Afkopen. U kunt uw pensioen niet in een keer laten betalen, aan iemand anders overdragen, er afstand van doen of als onderpand gebruiken. In bepaalde situaties kunnen wij uw hele pensioen wel in een keer betalen. We kijken hierbij naar het pensioen dat u uit deze regeling en uit de basisregeling op uw pensioenleeftijd zou ontvangen. Het pensioen uit deze regeling wordt maal een nettofactor gedaan. Dat noemen we afkopen (zie hoofdstuk 8 Wij kunnen uw pensioen in een keer betalen).' en vervangen door de volgende tekst:

‘Wanneer mogen wij uw pensioen in één keer betalen als u overlijdt of als u uw pensioenleeftijd bereikt?

U kunt uw pensioen niet in een keer laten betalen, aan iemand anders overdragen, er afstand van doen of als onderpand gebruiken. Als u overlijdt of als u uw pensioenleeftijd bereikt, kunnen wij uw hele pensioen wel in een keer betalen. Dat noemen we afkopen (zie hoofdstuk 8 Wij kunnen uw pensioen in een keer betalen).

We kijken hierbij naar het pensioen dat u uit deze regeling en uit de basisregeling op pensioenleeftijd zou ontvangen. Het pensioen uit deze regeling wordt maal een nettofactor gedaan.

Wanneer mogen wij uw pensioen in één keer betalen als u gestopt bent met deelname aan de nettopensioenregeling?

Is uw nettopensioen lager dan € 613,52 per jaar (2025)? Dan kunnen wij besluiten dit pensioen in één keer aan u te betalen. Als wij dat besluiten vragen wij u hiervoor toestemming.

Hoe berekenen wij hoeveel we betalen als u bent gestopt?

In paragraaf 3 (Einde regeling, eerder stoppen of overlijden) leest u wanneer het opgebouwde kapitaal wordt omgezet in pensioen of blijft renderen als uw deelname stopt. Als wij besluiten dit pensioen in één keer aan u te betalen, dan berekenen wij de afkoopwaarde hiervan op basis van de afkoopvoet. We nemen de afkoopvoet op in bijlage 1 Tabellenboek met voorbeelden (paragraaf 7: berekening Nettopensioen).

Let op!

  • Hebben wij u uw nettopensioen in één keer betaald? Dan krijgen u en uw nabestaanden daarna geen nettopensioen meer van ons.'.

BIJLAGE 1 TABELLENBOEK MET VOORBEELDEN

Bijlage 1 inleiding

In de zin ‘Let op! De voorbeelden gelden als u na 2022 in dienst bent gekomen.’ wordt ‘2023’ vervangen door ‘2024’.

Bijlage 1 paragraaf 1 Eerder of later met pensioen dan uw pensioenleeftijd

De tabellen in paragraaf 1 worden vervangen door de volgende tabellen:

Factoren voor eerder of later laten ingaan van opgebouwd pensioen bij een pensioenrekenleeftijd van 65

Leeftijd

60

61

62

63

64

65

66

67

68

69

Factor

0,777

0,815

0,855

0,900

0,948

1,000

1,057

1,120

1,188

1,264

Leeftijd

70

71

72

73

74

75

76

77

   

Factor

1,347

1,439

1,541

1,655

1,783

1,928

2,092

2,280

   

Bij pensioneren op tussenliggende leeftijden bepalen wij uw factor naar verhouding.

Factoren voor eerder of later laten ingaan van opgebouwd pensioen bij een pensioenrekenleeftijd van 67

Leeftijd

60

61

62

63

64

65

66

67

68

69

Factor

0,696

0,729

0,765

0,804

0,846

0,893

0,944

1,000

1,062

1,130

Leeftijd

70

71

72

73

74

75

76

77

   

Factor

1,204

1,287

1,380

1,483

1,599

1,730

1,878

2,048

   

Bij pensioneren op tussenliggende leeftijden bepalen wij uw factor naar verhouding.

Factoren voor eerder of later laten ingaan van opgebouwd pensioen bij een pensioenrekenleeftijd van 68

Leeftijd

60

61

62

63

64

65

66

67

68

69

Factor

0,656

0,687

0,721

0,758

0,798

0,841

0,889

0,942

1,000

1,064

Leeftijd

70

71

72

73

74

75

76

77

   

Factor

1,135

1,213

1,301

1,399

1,508

1,633

1,774

1,935

   

Bij pensioneren op tussenliggende leeftijden bepalen wij uw factor naar verhouding.

De tekst onder de tabel ‘Voorbeeld van de toepassing van de tabel

  • Uw pensioenrekenleeftijd is 68.

  • U wilt stoppen met werken op uw 65e.

  • Op uw 65e is uw opgebouwd ouderdomspensioen € 1.000 per maand.

  • Het partnerpensioen als u overlijdt is 70% van € 1.000 = € 700.

Uw ouderdomspensioen na vervroeging:

  • Vanaf uw 65e wordt uw ouderdomspensioen 0,840 (2024) van € 1.000 = € 840 per maand. Op uw AOW-leeftijd gaat u naast dit bedrag ook AOW ontvangen.

Het partnerpensioen na vervroeging:

  • Als u overlijdt, dan blijft het partnerpensioen 70% van uw oorspronkelijke ouderdomspensioen, dus € 700.’

wordt vervangen door de volgende tekst:

‘Voorbeeld van de toepassing van de tabel

  • Uw pensioenrekenleeftijd is 68.

  • U wilt stoppen met werken op uw 65e.

  • Op uw 65e is uw opgebouwd ouderdomspensioen € 1.000 per maand.

  • Het partnerpensioen als u overlijdt is 70% van € 1.000 = € 700.

Uw ouderdomspensioen na vervroeging:

  • Vanaf uw 65e wordt uw ouderdomspensioen 0,841 (2025) van € 1.000 = € 841 per maand. Op uw AOW-leeftijd gaat u naast dit bedrag ook AOW ontvangen.

Het partnerpensioen na vervroeging:

  • Als u overlijdt, dan blijft het partnerpensioen 70% van uw oorspronkelijke ouderdomspensioen, dus € 700.’

Bijlage 1 paragraaf 2 Gedeeltelijk met pensioen

De huidige tekst wordt vervangen door de volgende tekst:

‘Na uw UGM kunt u uw pensioen ook gedeeltelijk laten uitkeren.

Uw ouderdomspensioen wordt dan:

  • Uw pensioen op uw oorspronkelijke pensioendatum maal;

  • het deel waarmee u met pensioen gaat maal;

  • het vervroegingspercentage dat bij uw nieuwe pensioenleeftijd hoort (zie hieronder).

Een voorbeeld:

  • U bent 67, uw UGM is geëindigd en u wilt een deel van uw pensioen uitstellen.

  • U heeft op uw 67e € 1.000 ouderdomspensioen per maand opgebouwd als u op uw 68e met pensioen gaat.

  • Uw partnerpensioen als u overlijdt is 70% van € 1.000 = € 700.

U wilt op uw 67e slechts 60% van uw ouderdomspensioen in laten gaan. De overige 40% wilt u later laten ingaan.

  • Het deel van uw pensioen dat u nu gaat gebruiken is 60% van € 1.000 = € 600.

  • Op dat deel passen we de vervroegingsfactor toe. De vervroegingsfactor 68 – 67 is 0,942 (2025). U ontvangt € 600 × 0,942 = € 565,20.’

Bijlage 1 paragraaf 3 Partnerpensioen ruilen voor extra ouderdomspensioen (zie hoofdstuk 5.3 U wilt meer of minder pensioen)

De huidige tekst wordt vervangen door de volgende tekst:

‘Voorbeeld:

  • U gaat op uw 65e met pensioen.

  • Leeftijd van uw partner is niet van belang.

  • Uw ouderdomspensioen is op uw 65e € 1.000 per maand.

  • U heeft een partnerpensioen als u overlijdt van € 700 per maand.

  • Het partnerpensioen dat u heeft opgebouwd kan u optellen bij uw ouderdomspensioen. We rekenen met een uitruilfactor van 0,156 (zie bijlage 3). Uitruilen van € 700 partnerpensioen levert een extra ouderdomspensioen op van € 700 × 0,156 (2025) = € 109,20

  • Uw ouderdomspensioen vanaf uw 65e wordt:

    € 1.000 + € 109,20 = € 1.109.20.

Als u overlijdt ontvangt uw partner geen partnerpensioen.’

Bijlage 1 paragraaf 4 Hoogte van het ouderdomspensioen eerste jaren hoger

De tabel in paragraaf 4 wordt vervangen door de volgende tabel:

Factoren bij in hoogte variëren van ouderdomspensioen

 

Leeftijd vanaf

59

60

61

62

63

64

65

66

67

68

Leeftijd tot

60

0,048

                 

61

0,099

0,049

               

62

0,154

0,102

0,050

             

63

0,213

0,158

0,105

0,052

           

64

0,277

0,220

0,163

0,108

0,054

         

65

0,346

0,286

0,227

0,169

0,112

0,055

       

66

0,422

0,359

0,296

0,235

0,175

0,116

0,057

     

67

0,504

0,438

0,372

0,307

0,244

0,181

0,120

0,059

   

68

0,594

0,524

0,455

0,386

0,319

0,253

0,188

0,124

0,062

 

69

0,693

0,618

0,545

0,473

0,402

0,332

0,264

0,196

0,130

0,064

70

0,801

0,723

0,645

0,569

0,494

0,420

0,347

0,275

0,204

0,135

71

0,921

0,838

0,756

0,675

0,595

0,516

0,439

0,362

0,287

0,213

72

1,054

0,966

0,878

0,792

0,707

0,623

0,541

0,460

0,380

0,301

73

1,203

1,108

1,015

0,923

0,832

0,743

0,655

0,568

0,483

0,399

74

1,369

1,268

1,168

1,070

0,973

0,878

0,783

0,690

0,599

0,508

75

1,556

1,448

1,341

1,236

1,132

1,029

0,928

0,828

0,730

0,633

76

1,767

1,651

1,537

1,423

1,312

1,201

1,092

0,984

0,878

0,774

77

2,009

1,883

1,760

1,638

1,517

1,397

1,280

1,163

1,048

0,935

78

2,285

2,149

2,016

1,883

1,752

1,623

1,495

1,369

1,244

1,121

 

Leeftijd vanaf

69

70

71

72

73

74

75

76

77

Leeftijd tot

70

0,067

               

71

0,141

0,070

             

72

0,224

0,148

0,073

           

73

0,316

0,235

0,155

0,077

         

74

0,420

0,333

0,247

0,163

0,081

       

75

0,537

0,443

0,351

0,260

0,172

0,085

     

76

0,671

0,569

0,470

0,372

0,276

0,182

0,090

   

77

0,823

0,713

0,605

0,499

0,395

0,292

0,193

0,095

 

78

0,999

0,880

0,762

0,646

0,532

0,421

0,311

0,205

0,101

De tekst onder de tabel ‘Voorbeeld van de toepassing van de tabel:

  • Stel uw AOW-leeftijd is 67 jaar.

  • Op uw 63e is uw ouderdomspensioen op uw 68e € 1.000 per maand.

  • U wilt in juli 2024 op uw 63e met pensioen en tot uw AOW-datum een hoger pensioen. U kiest ervoor om € 100 extra voor uw AOW-datum te ontvangen (en heeft dan na u AOW-datum een lager pensioen).

  • We gaan uw pensioen eerst vervroegen en daarna verhogen.

  • Uw vervroegd pensioen wordt dan:

    • eerst vervroegen we uw pensioen naar uw 63e. Dat is 0,756 (2024) van € 1.000 = € 756 per maand.

  • U wilt uw vervroegde pensioen met € 100 verhogen:

    • de ruilfactor bij hoog-laag tussen uw 63e en 67e is 0,246 (2024). Voor elke euro die u tussen uw 63e en 67e meer wilt ontvangen, ontvangt u 24,6 eurocent minder vanaf uw 67e.

    • de € 100 die u tussen uw 63e en 67e meer wilt ontvangen kost u € 100 × 0,246 = € 24,60. Dit gaat af van uw ouderdomspensioen vanaf uw AOW-leeftijd.

    • Van uw 63e tot uw 67e wordt uw ouderdomspensioen dan € 756 + € 100 = € 856 per maand.

    • Vanaf uw 67e wordt uw ouderdomspensioen dan levenslang € 756 – € 24,60= € 731,40. Daarnaast ontvangt u dan uw AOW-uitkering.

Het voorbeeld kan ook andersom. Dan kiest u ervoor om na uw AOW een hoger pensioen te ontvangen.’

wordt vervangen door de volgende tekst:

‘Voorbeeld van de toepassing van de tabel:

  • Stel uw AOW-leeftijd is 67 jaar.

  • Op uw 63e is uw ouderdomspensioen op uw 68e € 1.000 per maand.

  • U wilt in juli 2025 op uw 63e met pensioen en tot uw AOW-datum een hoger pensioen. U kiest ervoor om € 100 extra voor uw AOW-datum te ontvangen (en heeft dan na u AOW-datum een lager pensioen).

  • We gaan uw pensioen eerst vervroegen en daarna verhogen.

  • Uw vervroegd pensioen wordt dan:

    • eerst vervroegen we uw pensioen naar uw 63e. Dat is 0,758 (2025) van € 1.000 = € 758 per maand.

  • U wilt uw vervroegde pensioen met € 100 verhogen:

    • de ruilfactor bij hoog-laag tussen uw 63e en 67e is 0,244 (2025). Voor elke euro die u tussen uw 63e en 67e meer wilt ontvangen, ontvangt u 24,4 eurocent minder vanaf uw 67e.

    • de € 100 die u tussen uw 63e en 67e meer wilt ontvangen kost u € 100 × 0,244 = € 24,40. Dit gaat af van uw ouderdomspensioen vanaf uw AOW-leeftijd.

    • Van uw 63e tot uw 67e wordt uw ouderdomspensioen dan € 758 + € 100 = € 858 per maand.

    • Vanaf uw 67e wordt uw ouderdomspensioen dan levenslang € 758 – € 24,40= € 733,60. Daarnaast ontvangt u dan uw AOW-uitkering.

Het voorbeeld kan ook andersom. Dan kiest u ervoor om na uw AOW een hoger pensioen te ontvangen.’

Bijlage 1 paragraaf 5 Afkopen (zie hoofdstuk 8 Wij kunnen uw pensioen in een keer betalen)

De eerste drie tabellen in paragraaf 5 worden vervangen door de volgende tabellen:

Afkoopfactoren ouderdomspensioen bij ingang ouderdomspensioen

Leeftijd

OP

OOP

65

18,635

7,895

66

18,019

7,780

67

17,396

7,663

68

16,768

7,542

69

16,136

7,417

70

15,500

7,287

71

14,859

7,150

72

14,216

7,006

73

13,571

6,854

74

12,926

6,695

75

12,284

6,527

Afkoopfactoren nabestaandenpensioen bij ingang ouderdomspensioen

Leeftijd

Volledig kapitaalgedekt PP1

 

PP

65

2,918

66

2,912

67

2,887

68

2,881

69

2,855

70

2,822

71

2,782

72

2,737

73

2,684

74

2,624

75

2,555

X Noot
1

Opgebouwd vanaf 1-1-2018, uitruilbaar, TPP (tijdelijk partnerpensioen ter compensatie loonheffing) n.v.t., PP bevat wezenpensioen

Afkoopfactoren nabestaandenpensioen bij ingang ouderdomspensioen

Leeftijd

Kapitaalgedekt PP65+1

Volledig kapitaalgedekt PP2

 

PP

TPP

PP

TPP

65

2,919

0,035

2,231

0,029

66

2,913

0,024

2,237

0,020

67

2,888

0,014

2,239

0,012

68

2,881

0,006

2,237

0,005

69

2,855

0,002

2,230

0,001

70

2,822

0,000

2,219

0,000

71

2,783

0,000

2,203

0,000

72

2,738

0,000

2,182

0,000

73

2,685

0,000

2,156

0,000

74

2,625

0,000

2,124

0,000

75

2,556

0,000

2,084

0,000

X Noot
1

Opgebouwd tussen 1-7-1999 en 1-1-2018, uitruilbaar, PP bevat wezenpensioen

X Noot
2

Opgebouwd vóór 1-7-1999, niet uitruilbaar, PP bevat wezenpensioen

De huidige tekst onder ‘Voorbeeld van de toepassing van de tabel:’ wordt vervangen door de volgende tekst:

  • U gaat op uw 65e met pensioen

  • U heeft bij ons een jaarlijks ouderdomspensioen vanaf uw 68e van € 300 per jaar. Als u overlijdt is het partnerpensioen 70% × 300 = € 210 per jaar.

  • We toetsen uw ouderdomspensioen dat u zou krijgen vanaf uw 65e. We moeten uw ouderdomspensioen dus vervroegen van 68 naar 65 jaar. Deze bedraagt dan € 300 × 0,841 (2025) = € 252,30.

  • Zowel het ouderdomspensioen als het partnerpensioen zijn lager dan de afkoopgrens (€ 613,52 in 2025).

  • In 2025 geldt op 65 jaar voor uw ouderdomspensioen een afkoopfactor van 18,635. De afkoopfactor van het partnerpensioen opgebouwd vanaf 1-1-2018 is dan 2,918.

  • U ontvangt van ons (€ 252,30 × 18,635) + (€ 210 × 2,918) = € 4.701,61 + € 612,78 = € 5.314,39.

  • Op dit bruto bedrag wordt o.a. loonheffing nog ingehouden, dus wat u op uw bankrekening ontvangt is lager.

  • U ontvangt géén maandelijkse pensioenen meer van ons.’

De vierde tabel in paragraaf 5 wordt vervangen door de volgende tabel:

Afkoopfactoren Partnerpensioen en Partnerpensioen voor ex-partner bij overlijden

Leeftijd

PP

TPP

16

38,743

32,888

17

38,484

32,534

18

38,219

32,173

19

37,949

31,805

20

37,673

31,431

21

37,392

31,048

22

37,104

30,659

23

36,809

30,261

24

36,508

29,856

25

36,200

29,430

26

35,886

28,958

27

35,564

28,489

28

35,236

28,048

29

34,900

27,572

30

34,557

27,060

31

34,206

26,564

32

33,848

26,086

33

33,482

25,555

34

33,108

24,999

35

32,726

24,476

36

32,336

23,896

37

31,938

23,305

38

31,532

22,764

39

31,117

22,195

40

30,694

21,566

41

30,263

20,941

42

29,823

20,355

43

29,374

19,722

44

28,918

19,042

45

28,452

18,384

46

27,979

17,694

47

27,497

16,973

48

27,006

16,294

49

26,507

15,543

50

26,000

14,778

51

25,483

14,078

52

24,960

13,345

53

24,432

12,533

54

23,898

11,729

55

23,359

10,932

56

22,815

10,074

57

22,267

9,246

58

21,715

8,377

59

21,158

7,466

60

20,597

6,610

61

20,031

5,763

62

19,459

4,897

63

18,883

4,012

64

18,302

2,991

65

17,716

1,945

66

17,126

0,986

67

16,532

0,250

68

15,936

0,000

69

15,339

0,000

70

14,741

0,000

71

14,140

0,000

72

13,537

0,000

73

12,934

0,000

74

12,332

0,000

75

11,732

0,000

76

11,134

0,000

77

10,541

0,000

78

9,956

0,000

79

9,380

0,000

80

8,815

0,000

81

8,264

0,000

82

7,728

0,000

83

7,209

0,000

84

6,707

0,000

85

6,222

0,000

86

5,760

0,000

87

5,322

0,000

88

4,909

0,000

89

4,521

0,000

90

4,163

0,000

91

3,833

0,000

92

3,528

0,000

93

3,245

0,000

94

2,988

0,000

95

2,753

0,000

96

2,542

0,000

97

2,353

0,000

98

2,184

0,000

99

2,035

0,000

100

1,905

0,000

101

1,793

0,000

102

1,694

0,000

103

1,607

0,000

104

1,530

0,000

105

1,463

0,000

106

1,405

0,000

107

1,354

0,000

108

1,310

0,000

109

1,272

0,000

110

1,239

0,000

111

1,210

0,000

112

1,185

0,000

113

1,163

0,000

114

1,144

0,000

115

1,125

0,000

116

1,106

0,000

117

1,081

0,000

118

1,036

0,000

119

0,936

0,000

120

0,866

0,000

De vijfde tabel in paragraaf 5 wordt vervangen door de volgende tabel:

Afkoopfactoren wezenpensioen

Leeftijd

Wezenpensioen

0

19,719

1

19,103

2

18,475

3

17,835

4

17,181

5

16,515

6

15,835

7

15,142

8

14,435

9

13,713

10

12,978

11

12,227

12

11,462

13

10,681

14

9,885

15

9,072

16

8,244

17

7,399

18

6,537

19

5,657

20

4,761

21

3,846

22

2,913

23

1,961

24

0,990

25

0,000

In paragraaf 5 onder tabel ‘Afkoop wezenpensioen’ wordt de tekst ‘Omdat het nabestaandenpensioen onder de afkoopgrens van € 592,51 (2024) ligt, kopen wij het als volgt af:

  • Partnerpensioen: € 280 × 29,165 = € 8.166,20

  • Wezenpensioen: 14% × € 400 × 11,462 = € 641,87’

vervangen door de volgende tekst:

‘Omdat het nabestaandenpensioen onder de afkoopgrens van € 613,52 (2025) ligt, kopen wij het als volgt af:

  • Partnerpensioen: € 280 × 29,374 = € 8.224,72

  • Wezenpensioen: € 56 × 11,462 = € 641,87’.

Bijlage 1 paragraaf 6 Berekening ABP ExtraPensioen

Onder de kop ‘Ik ga uit dienst bij mijn werkgever’ wordt de tekst ‘Wij gaan dan de opgebouwde waarde omzetten in ouderdomspensioen op uw 68e en nabestaandenpensioen als u overlijdt. Dit doen we door het opgebouwde kapitaal te delen door de bij uw leeftijd horende factor. Het partnerpensioen is dan 70% van uw ouderdomspensioen. Het wezenpensioen is 14% van het ouderdomspensioen.

Zit uw leeftijd er bijvoorbeeld precies tussen in? Dan rekenen we met een factor die precies tussen bij die twee leeftijden behorende factoren in ligt. Bent u bijvoorbeeld 41 jaar en zes maanden? Dan berekenen we de factor als volgt: 11,973 + 12,182 = 24,155.

Omdat u precies 41,5 bent, delen we de factor door 2. De omzettingsfactor wordt dan 12,078.

Voorbeeld:

  • U heeft € 100.000 opgebouwd kapitaal.

  • U bent precies 45 jaar.

  • Als u uit dienst gaat wordt € 100.000 op dat moment omgezet in ouderdoms- en nabestaandenpensioen

    • uw ouderdomspensioen wordt dan € 100.000/12,822 (2024) = € 7.799,10 per jaar.

    • het partnerpensioen wordt dan 70% van € 7.799,10 = € 5.459,37 per jaar.

    • het wezenpensioen wordt dan 14% van € 7.799,10 = € 1.091,87 per jaar (per halve wees).’

vervangen door de volgende tekst:

‘Wij gaan dan de opgebouwde waarde omzetten in ouderdomspensioen op uw 68e en nabestaandenpensioen als u overlijdt. Dit doen we door het opgebouwde kapitaal te delen door de bij uw leeftijd horende factor. Het partnerpensioen is dan 70% van uw ouderdomspensioen. Het wezenpensioen is 14% van het ouderdomspensioen.

Zit uw leeftijd er bijvoorbeeld precies tussen in? Dan rekenen we met een factor die precies tussen bij die twee leeftijden behorende factoren in ligt. Bent u bijvoorbeeld 41 jaar en zes maanden? Dan berekenen we de factor als volgt: 12,022 + 12,227 = 24,249.

Omdat u precies 41,5 bent, delen we de factor door 2. De omzettingsfactor wordt dan 12,125.

Voorbeeld:

  • U heeft € 100.000 opgebouwd kapitaal.

  • U bent precies 45 jaar.

  • Als u uit dienst gaat wordt € 100.000 op dat moment omgezet in ouderdoms- en nabestaandenpensioen

    • uw ouderdomspensioen wordt dan € 100.000/12,869 (2025) = € 7.770,61 per jaar.

    • partnerpensioen wordt dan 70% van € 7.770,61 = € 5.439,43 per jaar.

De tabellen in paragraaf 6worden vervangen door de volgende tabellen:

Omrekeningsfactoren (2025) die we gebruiken bij het omzetten van opgebouwde waarde in ouderdomspensioen en nabestaandenpensioen

Leeftijd

Middelloonregeling militairen (AKP)

15

7,602

16

7,739

17

7,877

18

8,019

19

8,165

20

8,313

21

8,463

22

8,614

23

8,768

24

8,927

25

9,087

26

9,252

27

9,416

28

9,584

29

9,755

30

9,929

31

10,105

32

10,280

33

10,463

34

10,648

35

10,832

36

11,029

37

11,222

38

11,415

39

11,615

40

11,818

41

12,022

42

12,227

43

12,437

44

12,654

45

12,869

46

13,087

47

13,313

48

13,539

49

13,771

50

14,006

51

14,244

52

14,485

53

14,733

54

14,985

55

15,240

56

15,499

57

15,766

58

16,040

59

16,318

60

16,601

61

16,890

62

17,192

63

17,500

64

17,818

65

18,153

66

18,501

67

18,839

68

19,194

69

18,543

70

17,883

71

17,215

72

16,539

73

15,857

74

15,170

75

14,478

Omrekeningsfactor (2025) die we gebruiken bij het omzetten van opgebouwde waarde in nabestaandenpensioen bij overlijden

Leeftijd

Middelloonregeling militairen (AKP)

n.v.t.

20,980

Onder de kop ‘U bent in dienst en u spaart bij met het ABP ExtraPensioen en u overlijdt’ wordt de tekst ‘We berekenen de verhoging van het nabestaandenpensioen als volgt:

De som van uw inleg en rendement gedeeld door 21,079. Deze factor is niet afhankelijk van uw leeftijd op het moment dat u overlijdt. Per halve wees bedraagt het wezenpensioen 14/70e deel van het partnerpensioen.

Voorbeeld:

  • Op het moment dat u overlijdt, heeft u € 54.000 opgebouwd.

  • Het partnerpensioen is: € 54.000/21,079 = € 2.561,79 per jaar, zolang uw partner leeft.

Per halve wees bedraagt het wezenpensioen: 14/70 × € 2.561,79 = € 512,36.’

vervangen door de volgende tekst:

‘We berekenen de verhoging van het nabestaandenpensioen als volgt:

De som van uw inleg en rendement gedeeld door 20,980. Deze factor is niet afhankelijk van uw leeftijd op het moment dat u overlijdt. Per halve wees bedraagt het wezenpensioen 14/70e deel van het partnerpensioen.

Voorbeeld:

  • Op het moment dat u overlijdt, heeft u € 54.000 opgebouwd.

  • Het partnerpensioen is: € 54.000/20,980 = € 2.573,88 per jaar, zolang uw partner leeft.

  • Per halve wees bedraagt het wezenpensioen: 14/70 × € 2.573,88 = € 514,78.’

Bijlage 1 paragraaf 7 Berekening Nettopensioen

De ‘Bijlage Nettopensioen Lifecycleverloop en beheerkosten’ wordt vervangen door:

‘Bijlage Nettopensioen Lifecycleverloop en beheerkosten

Horizon

Aandelen Ontwikkelde Markten

Aandelen Opkomende Markten

Vastgoed

Grondstoffen

Bedrijfsobligaties

Staatsobligaties

Indexleningen

Staatsobligaties Lange Looptijden

Netto beheertarief1 (jaarbasis)

0

24,00%

8,00%

6,00%

2,00%

10,00%

50,00%

0,00%

0,00%

0,071%

1

27,00%

9,00%

6,75%

2,25%

10,00%

40,50%

2,25%

2,25%

0,078%

2

29,40%

9,80%

7,35%

2,45%

10,00%

32,80%

4,10%

4,10%

0,084%

3

31,80%

10,60%

7,95%

2,65%

10,00%

25,90%

5,55%

5,55%

0,090%

4

34,20%

11,40%

8,55%

2,85%

10,00%

19,80%

6,60%

6,60%

0,095%

5

36,00%

12,00%

9,00%

3,00%

10,00%

15,00%

7,50%

7,50%

0,099%

6

37,80%

12,60%

9,45%

3,15%

10,00%

10,80%

8,10%

8,10%

0,103%

7

39,60%

13,20%

9,90%

3,30%

10,00%

7,20%

8,40%

8,40%

0,107%

8

40,80%

13,60%

10,20%

3,40%

10,00%

4,40%

8,80%

8,80%

0,110%

9

42,00%

14,00%

10,50%

3,50%

10,00%

2,00%

9,00%

9,00%

0,112%

10

43,20%

14,40%

10,80%

3,60%

10,00%

0,00%

9,00%

9,00%

0,114%

11

44,40%

14,80%

11,10%

3,70%

10,00%

0,00%

8,00%

8,00%

0,116%

12

45,60%

15,20%

11,40%

3,80%

10,00%

0,00%

7,00%

7,00%

0,117%

13

46,20%

15,40%

11,55%

3,85%

10,00%

0,00%

6,50%

6,50%

0,118%

14

46,80%

15,60%

11,70%

3,90%

10,00%

0,00%

6,00%

6,00%

0,119%

15

48,00%

16,00%

12,00%

4,00%

10,00%

0,00%

5,00%

5,00%

0,120%

16

48,60%

16,20%

12,15%

4,05%

10,00%

0,00%

4,50%

4,50%

0,121%

17

49,20%

16,40%

12,30%

4,10%

10,00%

0,00%

4,00%

4,00%

0,122%

18

49,80%

16,60%

12,45%

4,15%

10,00%

0,00%

3,50%

3,50%

0,123%

19

49,80%

16,60%

12,45%

4,15%

10,00%

0,00%

3,50%

3,50%

0,123%

20

50,40%

16,80%

12,60%

4,20%

10,00%

0,00%

3,00%

3,00%

0,123%

21

51,00%

17,00%

12,75%

4,25%

10,00%

0,00%

2,50%

2,50%

0,124%

22

51,00%

17,00%

12,75%

4,25%

10,00%

0,00%

2,50%

2,50%

0,124%

23

51,60%

17,20%

12,90%

4,30%

10,00%

0,00%

2,00%

2,00%

0,125%

24

51,60%

17,20%

12,90%

4,30%

10,00%

0,00%

2,00%

2,00%

0,125%

25

52,20%

17,40%

13,05%

4,35%

10,00%

0,00%

1,50%

1,50%

0,126%

26

52,20%

17,40%

13,05%

4,35%

10,00%

0,00%

1,50%

1,50%

0,126%

27

52,80%

17,60%

13,20%

4,40%

10,00%

0,00%

1,00%

1,00%

0,126%

28

52,80%

17,60%

13,20%

4,40%

10,00%

0,00%

1,00%

1,00%

0,126%

29

52,80%

17,60%

13,20%

4,40%

10,00%

0,00%

1,00%

1,00%

0,126%

30

52,80%

17,60%

13,20%

4,40%

10,00%

0,00%

1,00%

1,00%

0,126%

31

53,40%

17,80%

13,35%

4,45%

10,00%

0,00%

0,50%

0,50%

0,127%

32

53,40%

17,80%

13,35%

4,45%

10,00%

0,00%

0,50%

0,50%

0,127%

33

53,40%

17,80%

13,35%

4,45%

10,00%

0,00%

0,50%

0,50%

0,127%

34

53,40%

17,80%

13,35%

4,45%

10,00%

0,00%

0,50%

0,50%

0,127%

35

53,40%

17,80%

13,35%

4,45%

10,00%

0,00%

0,50%

0,50%

0,127%

>35

54,00%

18,00%

13,50%

4,50%

10,00%

0,00%

0,00%

0,00%

0,128%

X Noot
1

Omdat de asset allocatie afhankelijk is van de horizon (zie bovenstaand schema) verschillen de kosten van vermogensbeheer per leeftijdscategorie. Het tarief wordt uitgedrukt in basispunten en wordt berekend over het verworven pensioenkapitaal.

ABP ontvangt een korting op de (bruto) beheertarieven per beleggingscategorie. De korting over een maand wordt na afloop van die maand vastgesteld. Op de beheerkosten voor de belegging van het netto pensioenkapitaal wordt dezelfde korting toegepast (netto beheertarief).

In bovenstaand schema zijn de verwachte kortingspercentages per beleggingscategorie voor 2025 verwerkt. Bij de daadwerkelijke aftrek van de netto beheertarieven op uw pensioenkapitaal in een maand houden we rekening met het kortingspercentage per beleggingscategorie over die maand.’

De ‘Bijlage Nettopensioen factoren voor omzetting en ruilfactoren’ wordt vervangen door:

Bijlage Nettopensioen factoren voor omzetting en ruilfactoren

Aanwendfactoren omzetting verworven kapitaal bij einde deelneming en pensionering (peil 1 januari 2025).

Leeftijd

Factor

Leeftijd

Factor

Leeftijd

Factor

Leeftijd

Factor

21

13,755

36

15,136

51

16,881

66

20,769

22

13,849

37

15,226

52

17,048

67

21,152

23

13,947

38

15,327

53

17,221

68

21,553

24

14,046

39

15,429

54

17,408

69

21,966

25

14,139

40

15,527

55

17,608

70

22,389

26

14,227

41

15,626

56

17,816

71

22,826

27

14,312

42

15,735

57

18,046

72

23,281

28

14,409

43

15,845

58

18,289

   

29

14,499

44

15,953

59

18,543

   

30

14,583

45

16,069

60

18,813

   

31

14,673

46

16,184

61

19,097

   

32

14,766

47

16,308

62

19,404

   

33

14,855

48

16,442

63

19,719

   

34

14,943

49

16,577

64

20,048

   

35

15,038

50

16,721

65

20,400

   

Aanwendfactoren omzetting verworven kapitaal bij overlijden (peil 1 januari 2025).

Leeftijd

Factor

21

47,620

22

47,159

23

46,694

24

46,224

25

45,749

26

45,269

27

45,047

28

44,904

29

45,577

30

46,273

31

46,058

32

45,852

33

45,671

34

45,550

35

45,438

36

45,322

37

45,195

38

44,939

39

44,644

40

44,280

41

43,697

42

43,027

43

42,272

44

41,578

45

40,812

46

39,841

47

38,813

48

37,741

49

36,637

50

35,558

51

34,473

52

33,482

53

32,503

54

31,448

55

30,562

56

29,766

57

28,884

58

28,039

59

27,271

60

26,507

61

25,716

62

24,930

63

24,202

64

23,485

65

22,768

66

22,053

67

21,343

68

20,633

69

19,927

70

19,220

71

18,511

72

17,806

73

17,102

74

16,396

75

15,691

76

14,989

77

14,288

78

13,585

79

12,882

80

12,222

81

11,521

82

10,790

83

10,119

84

9,463

85

8,824

86

8,205

87

7,606

88

7,030

89

6,485

90

5,971

91

5,486

92

5,032

93

4,610

94

4,222

95

3,864

96

3,535

97

3,235

98

2,965

99

2,725

100

2,512

Ruilfactoren ouderdomspensioen naar partnerpensioen en andersom.

Uitruil

Factor

Toelichting

Van PP2018 naar OP68

0,185

Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot een verhoging van het OP op 68 jaar met 0,185 euro

Van OP68 naar PP2018

0,292

Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot een verlaging van het OP op 68 jaar met 0,292 euro

De ‘Bijlage Nettopensioen risicopremie nabestaandenpensioen’ wordt vervangen door:

Bijlage Nettopensioen risicopremie nabestaandenpensioen

Risicopremie voor het risicogedekt nabestaandenpensioen

Voor het vaststellen van de risicopremie voor het risicogedekt nabestaandenpensioen wordt uitgegaan van de factor behorende bij de leeftijd van de deelnemer in de kolom sterftekans. Deze factor wordt vervolgens vermenigvuldigd met het risicokapitaal. Het risicokapitaal is het verschil tussen i) de factor behorende bij de leeftijd van de partner in de kolom aanwending, maal het fiscaal maximaal partnerpensioen en ii) het al gespaarde kapitaal.

Sterftekansen en aanwendfactoren voor risicogedekt nabestaandenpensioen

Leeftijd

Sterftekans

Aanwending

21

0,000088

47,620

22

0,000092

47,159

23

0,000098

46,694

24

0,000103

46,224

25

0,000107

45,749

26

0,000109

45,269

27

0,000112

45,047

28

0,000118

44,904

29

0,000124

45,577

30

0,000129

46,273

31

0,000137

46,058

32

0,000146

45,852

33

0,000154

45,671

34

0,000164

45,550

35

0,000175

45,438

36

0,000186

45,322

37

0,000199

45,195

38

0,000216

44,939

39

0,000235

44,644

40

0,000257

44,280

41

0,000282

43,697

42

0,000311

43,027

43

0,000344

42,272

44

0,000380

41,578

45

0,000419

40,812

46

0,000466

39,841

47

0,000521

38,813

48

0,000578

37,741

49

0,000639

36,637

50

0,000712

35,558

51

0,000800

34,473

52

0,000899

33,482

53

0,001008

32,503

54

0,001134

31,448

55

0,001280

30,562

56

0,001437

29,766

57

0,001620

28,884

58

0,001829

28,039

59

0,002063

27,271

60

0,002326

26,507

61

0,002604

25,716

62

0,002940

24,930

63

0,003333

24,202

64

0,003751

23,485

65

0,004214

22,768

66

0,004751

22,053

67

0,005389

21,343

68

0,006118

20,633

69

0,006923

19,927

70

0,007823

19,220

71

0,008858

18,511

72

0,010059

17,806

73

n.v.t.

17,102

74

n.v.t.

16,396

75

n.v.t.

15,691

76

n.v.t.

14,989

77

n.v.t.

14,288

78

n.v.t.

13,585

79

n.v.t.

12,882

80

n.v.t.

12,222

81

n.v.t.

11,521

82

n.v.t.

10,790

83

n.v.t.

10,119

84

n.v.t.

9,463

85

n.v.t.

8,824

86

n.v.t.

8,205

87

n.v.t.

7,606

88

n.v.t.

7,030

89

n.v.t.

6,485

90

n.v.t.

5,971

91

n.v.t.

5,486

92

n.v.t.

5,032

93

n.v.t.

4,610

94

n.v.t.

4,222

95

n.v.t.

3,864

96

n.v.t.

3,535

97

n.v.t.

3,235

98

n.v.t.

2,965

99

n.v.t.

2,725

100

n.v.t.

2,512

De ‘Bijlage nettopensioen risicopremie arbeidsongeschiktheid’ wordt vervangen door:

‘Bijlage nettopensioen risicopremie arbeidsongeschiktheid

Risicopremie voor premievrije voortzetting bij arbeidsongeschiktheid

De risicopremie voor premievrije voortzetting van de deelneming bij arbeidsongeschiktheid is gelijk aan het percentage behorende bij de leeftijd van de deelnemer maal i) de premie volgens de premiestaffel (bij opbouw- of totaalpakket) óf ii) de risicopremie voor nabestaandenpensioen (bij alleen risicopakket).

AO-opslag voor het opbouw- of totaalpakket

Leeftijdscohort

Opslag

15 t/m 19

0,0%

20 t/m 24

0,8%

25 t/m 29

1,1%

30 t/m 34

1,3%

35 t/m 39

1,5%

40 t/m 44

1,5%

45 t/m 49

1,2%

50 t/m 54

0,9%

55 t/m 59

0,8%

60 t/m 64

0,7%

65 t/m 67

0,3%

68

0,0%

69

0,0%

70

0,0%

71

0,0%

BIJLAGE 2 BEGRIPPENLIJST

In de begripsbepaling ‘Dagloon’ wordt ‘(juli 2024: € 282,95)’ vervangen door: ‘(januari 2025: € 290,67)’.

In Bijlage 2 Begrippenlijst wordt de volgende tekst toegevoegd:

Loonindex

Het peil van de lonen op 1 januari van enig jaar ten opzichte van het jaar daarvoor. Deze index wordt gebaseerd op de cao-lonen per maand inclusief bijzondere beloningen voor de cao-sector overheid zoals vastgesteld door het CBS.

BIJLAGE 3 BEDRAGEN EN PERCENTAGES

De huidige tabel in bijlage 3 wordt vervangen door de volgende tabel:

 

Omschrijving

Datum

01-01-2025

7.3

Maxima

Aftoppingsgrens pensioengevend inkomen

€ 137.800

7.1.2

Franchise

Franchise premiegrondslag OP/NP

€ 16.700

(u heeft geen UGM-uitkering op 1-1-2019)

€ 26.050

(u heeft een UGM-uitkering op 1-1-2019)

7.4

Premie

Premie OP/NP

24,3%

7.1.2

De franchise en opbouwpercentage

Franchise opbouw OP

€ 18.500

(bij opbouwpercentage 1,875%; inkomen gelijk of hoger dan € 55.493,10)

€ 16.700

(bij opbouwpercentage 1,788%; inkomen tot € 55.493,10)

€ 26.050

(bij opbouwpercentage 1,875%; u heeft een UGM-uitkering op 1-1-2019)

5.3

U wilt meer ouderdomspensioen

Ruilvoet omzetten PP65+ naar OP op 65 jaar

0,154

Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot een verhoging van het OP op 65 jaar met 0,154 euro

Ruilvoet omzetten PP65+ naar OP op 67 jaar

0,172

Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot een verhoging van het OP op 67 jaar met 0,172 euro

Ruilvoet omzetten PP65+ naar OP op 68 jaar

0,183

Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot een verhoging van het OP op 68 jaar met 0,183 euro

Ruilvoet omzetten PP2018 naar OP op 65 jaar

0,156

Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verhoging van het OP op 65 jaar met 0,156 euro

Ruilvoet omzetten PP2018 naar OP op 67 jaar

0,175

Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verhoging van het OP op 67 jaar met 0,175 euro

Ruilvoet omzetten PP2018 naar OP op 68 jaar

0,185

Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verhoging van het OP op 68 jaar met 0,185 euro

Overgangsbepaling A bij art 17.6.9a PR, zoals dat luidde op 31-12-2018

 

Ruilvoet omzetten OP65 naar PP65+

0,245

Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot verlaging van het OP vanaf 65 jaar met 0,245 euro

Ruilvoet omzetten OP65 naar PP2018

0,246

Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verlaging van het OP vanaf 65 jaar met 0,246 euro

Ruilvoet omzetten OP67 naar PP65+

0,274

Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot verlaging van het OP vanaf 67 jaar met 0,274 euro

Ruilvoet omzetten OP67 naar PP2018

0,276

Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verlaging van het OP vanaf 67 jaar met 0,276 euro

Ruilvoet omzetten OP68 naar PP65+

0,291

Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot verlaging van het OP vanaf 68 jaar met 0,291 euro

Ruilvoet omzetten OP68 naar PP2018

0,292

Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verlaging van het OP vanaf 68 jaar met 0,292 euro

Hoofdstuk 17 PR, zoals dat luidde op 31-12-2018

Overgangsbepaling:

A13 bij par. 7

B12 bij par. 7

bij art. 17.9.5

 

Maximum compensatie premiebetaling over nabestaandenpensioen

€ 8.752,76

€ 8.752,76

€ 8.752,76

14.1

ABP ExtraPensioen

Vast rendement

Kosten

0,2% per maand

0,04% per maand (afgerond)

De tabel onder ‘Uitruilfactoren ouderdomspensioen in kapitaalgedekt partnerpensioen PP65- bij eindigen deelneming (hoofdstuk 17 artikel 17.6.9b, zoals dat luidde op 31-12-2018)’ wordt vervangen door de volgende tabel:

Werking tabel: aanspraken OP worden verminderd met in te kopen aanspraken PP65- maal factor genoemd in tabel.

Leeftijd

van OP65

van OP67

van OP68

naar PP65-

naar PP65-

naar PP65-

15

0,0454

0,0499

0,0525

16

0,0459

0,0505

0,0531

17

0,0464

0,0511

0,0537

18

0,0468

0,0516

0,0542

19

0,0472

0,0520

0,0547

20

0,0475

0,0523

0,0550

21

0,0478

0,0526

0,0554

22

0,0481

0,0530

0,0558

23

0,0483

0,0533

0,0561

24

0,0486

0,0536

0,0564

25

0,0488

0,0539

0,0567

26

0,0491

0,0541

0,0570

27

0,0493

0,0544

0,0573

28

0,0495

0,0547

0,0576

29

0,0498

0,0549

0,0579

30

0,0500

0,0552

0,0581

31

0,0502

0,0554

0,0584

32

0,0503

0,0556

0,0586

33

0,0505

0,0558

0,0588

34

0,0506

0,0560

0,0590

35

0,0507

0,0561

0,0592

36

0,0508

0,0562

0,0592

37

0,0508

0,0562

0,0593

38

0,0508

0,0563

0,0593

39

0,0508

0,0562

0,0593

40

0,0507

0,0561

0,0592

41

0,0505

0,0559

0,0590

42

0,0503

0,0557

0,0588

43

0,0499

0,0553

0,0584

44

0,0495

0,0549

0,0579

45

0,0489

0,0543

0,0573

46

0,0483

0,0536

0,0566

47

0,0475

0,0527

0,0557

48

0,0466

0,0517

0,0546

49

0,0455

0,0506

0,0534

50

0,0443

0,0493

0,0521

51

0,0430

0,0478

0,0505

52

0,0415

0,0461

0,0488

53

0,0398

0,0443

0,0468

54

0,0379

0,0422

0,0446

55

0,0359

0,0399

0,0422

56

0,0336

0,0374

0,0396

57

0,0311

0,0346

0,0366

58

0,0283

0,0315

0,0334

59

0,0252

0,0281

0,0298

60

0,0219

0,0244

0,0259

61

0,0182

0,0203

0,0215

62

0,0142

0,0159

0,0168

63

0,0099

0,0110

0,0117

64

0,0051

0,0057

0,0061

Naar boven