Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap | Staatscourant 2024, 37955 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap | Staatscourant 2024, 37955 | beleidsregel |
Deze beleidsregel is van toepassing op het vaststellen van het NLQF-niveau van non-formele opleidingen en het beheren van een openbaar register van non-formele opleidingen waarvoor een NLQF-niveau is vastgesteld, zoals bedoeld in artikel 4.1, tweede lid, onderdelen a en b, van de Wet NLQF.
In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
aanbieder als bedoeld in het Besluit NLQF;
aanvraag als bedoeld in artikel 4 van het Besluit NLQF, tot vaststelling van het NLQF-niveau van een non-formele opleiding;
deskundigen die bij een aanvraag validiteit een auditbezoek uitvoeren;
het onafhankelijk orgaan van het Nationaal coördinatiepunt NLQF bestaande uit onafhankelijke deskundigen, dat het NLQF-niveau van de door de aanbieder voorgelegde non-formele opleiding beoordeelt en hierover een advies uitbrengt aan de Programmaraad;
het onafhankelijk orgaan van het Nationaal coördinatiepunt NLQF bestaande uit onafhankelijke deskundigen, dat de validiteit van de organisatie van de aanbieder beoordeelt en een advies hierover uitbrengt aan de Programmaraad;
het meest verstrekkende recht dat een aanbieder heeft op een opleiding;
EQF als bedoeld in de Wet NLQF;
kwalificatieniveau binnen het EQF;
Onafhankelijke deskundigen die in het kader van een aanvraag tot inschaling van een non-formele opleiding beoordelen of de non-formele opleiding aan het aangevraagde NLQF-niveau voldoet en hierover aan de Commissie Inschaling rapporteren;
formele opleiding als bedoeld in de Wet NLQF;
het moment dat de aanvraag validiteit of inschaling voldoet aan de vereisten van beoordeelbaarheid en het Nationaal coördinatiepunt NLQF de aanvraag in behandeling neemt;
vaststellen van een NLQF-niveau van een non-formele opleiding door het Nationaal coördinatiepunt NLQF;
besluit tot vaststelling van het NLQF-niveau van een non-formele opleiding;
voorwaarden voor het gebruik van het NLQF in communicatie door aanbieder;
beoogde leeruitkomsten, uitgedrukt in wat men kent en kan doen na de voltooiing van een opleiding;
niveau van de kwalificatie dat wordt beschreven in termen van kennis, vaardigheden, zelfstandigheid en verantwoordelijkheid;
Nationaal coördinatiepunt NLQF, bedoeld in artikel 3 van het Besluit NLQF;
non-formele opleiding die (nog) niet wordt uitgevoerd en/of waarvoor nog geen diploma’s voor zijn verstrekt;
Nederlands Kwalificatieraamwerk als bedoeld in artikel 1.3 van de Wet NLQF;
kwalificatieniveau binnen het NLQF;
het register, bedoeld in artikel 3.1, tweede lid, van de Wet NLQF en artikel 1.4, tweede lid, onderdeel b, van het Besluit NLQF;
leertraject niet zijnde een formele opleiding;
non-formele opleiding die al uitgevoerd wordt en waarvoor diploma’s zijn verstrekt;
ormele opleiding of non-formele opleiding;
onderbreken van de beslistermijn van 13 weken van artikel 5, vierde lid, van het Besluit NLQF;
het besluitvormend orgaan van het Nationaal coördinatiepunt NLQF voor besluiten over de vaststelling van het NLQF-niveau van non-formele opleidingen;
elke wezenlijke verandering die van toepassing is op de criteria van validiteit of de inschaling;
de voorwaarden waaraan de aanbieder moet voldoen wil deze een non-formele opleiding laten inschalen in het NLQF. De validiteit wordt bij een eerste inschaling vastgesteld met een validiteitstoets als bedoeld in artikel 5, tweede lid, van het Besluit NLQF.
1. De aanbieder dient een digitale aanvraag voor het vaststellen van het NLQF-niveau van een non-formele opleiding in bij NCP NLQF door het gebruik van de aanvraagformulieren in de digitale aanvraagomgeving. Het indienen van de formulieren moet uiterlijk gebeuren op één van de door NCP NLQF vastgestelde indieningsdata als bedoeld in artikel 4, tweede lid, van het Besluit NLQF. Deze staan op de website www.nlqf.nl vermeld.
2. Indien het een eerste aanvraag van de aanbieder betreft, dient aanbieder uiterlijk op dezelfde indieningsdatum een aanvraag voor validiteit en een aanvraag voor inschaling in. Hiervoor maakt de aanbieder gebruik van het digitale aanvraagformulier validiteit en het aparte aanvraagformulier inschaling via: https://aanvragen.nlqf.nl/.
3. Voorwaarde voor het in behandeling nemen van een eerste aanvraag tot inschaling, is een beoordeelbare validiteitsaanvraag. Voorwaarde voor het nemen van een besluit op inschaling is een positief beoordeelde validiteit.
4. Als al eerder het NLQF-niveau van een non-formele opleiding van aanbieder is vastgesteld en opgenomen in het register zoals beschreven in artikel 4.1 van deze beleidsregel, dan kan de aanbieder volstaan met het indienen van een aanvraag voor inschaling waarin de validiteit slechts marginaal wordt getoetst. Daarbij gelden de regels uit artikel 2.5 e.v. De aanbieder moet voor deze aanvraag inschaling gebruik maken van het digitale aanvraagformulier inschaling, te raadplegen via: https://aanvragen.nlqf.nl/.
5. Onder de aanvraag, zoals genoemd in het tweede en derde lid wordt verstaan: de beschreven onderbouwing op de gestelde vragen in het aanvraagformulier voorzien van documenten die de onderbouwing ondersteunen.
6. De aanbieder dient de aanvraag overeenkomstig het bepaalde in het eerste lid bij het NCP NLQF in.
7. De aanbieder ontvangt van NCP NLQF per omgaande een bevestiging van ontvangst van de aanvraag.
1. Nadat de aanbieder de aanvraag formeel heeft ingediend, beoordeelt het NCP NLQF de beoordeelbaarheid van de aanvraag validiteit en/of inschaling. De vereisten daartoe zijn gepubliceerd op de website van NCP NLQF (www.nlqf.nl).
2. Voldoet de aanvraag aan de in lid 1 bedoelde vereisten van beoordeelbaarheid, dan neemt NCP NLQF de aanvraag in behandeling. De beslistermijn start op de eerstkomende uiterste indieningsdatum na ontvangst van de aanvraag. De indieningsdata zijn gecommuniceerd op de website van het NLQF: www.nlqf.nl. De aanbieder ontvangt binnen vijf werkdagen na de beoordeling van de beoordeelbaarheid bericht, gevolgd door een factuur voor de te betalen leges. De hoogte van de leges staat vermeld in de Regeling NLQF.
3. Voldoet de aanvraag niet aan in het eerste lid bedoelde vereisten voor beoordeelbaarheid, dan wordt de aanbieder in de gelegenheid gesteld om binnen een door NCP NLQF te stellen termijn aanvullende informatie aan te leveren. Als aanbieder binnen de gestelde termijn geen aanvullende informatie aanlevert of de aanvullende informatie voldoet niet aan de eisen van beoordeelbaarheid, neemt NCP NLQF de ingediende aanvraag binnen de beoordelingscyclus niet in behandeling. De aanbieder heeft het recht om de aanvraag aan te passen en bij een volgende beoordelingscyclus formeel in te dienen. Het NCP NLQF beoordeelt de aanvraag opnieuw zoals vermeld in eerste lid.
1. NCP NLQF heeft minimaal vier beoordelingscycli van 13 weken per jaar, zoals beschreven in Besluit NLQF Hoofdstuk, artikel 4 lid 2.
2. Bij de vier beoordelingscycli zoals in voorgaand lid bedoeld, hoort een uiterste indieningsdatum. Deze uiterste indieningsdatum geldt als de start van de beoordelingscyclus.
3. De Programmaraad neemt uiterlijk binnen 13 weken na de uiterste indieningsdatum van de beoordelingscyclus een inschalingsbesluit.
4. NCP NLQF kan gedurende het beoordelingsproces de in het vorig lid genoemde beslistermijn opschorten indien er aanvullende informatie van aanbieder nodig is om te komen tot een beoordeling. NCP NLQF stelt de aanbieder in de gelegenheid om binnen een redelijke termijn de gevraagde aanvullende informatie aan te leveren.
5. Indien meer tijd nodig is om een besluit over de vaststelling van het NLQF-niveau te nemen, dan wordt de beslistermijn eenmalig met ten hoogste 13 weken verlengd. NCP NQF informeert de aanbieder uiterlijk binnen 10 werkdagen na het bijeenkomen van de Programmaraad schriftelijk over de verlenging van deze beslistermijn.
1. Zoals beschreven in artikel 2.1 lid 2, dient de aanbieder bij een eerste aanvraag inschaling zowel een aanvraagformulier validiteit als inschaling in. De aanvragen validiteit en inschaling worden binnen dezelfde beoordelingscyclus van 13 weken behandeld.
2. Voor de beoordeling van de aanvraag validiteit is lid 3 e.v. van het huidige artikel van toepassing. Voor de beoordeling van de aanvraag inschaling is de beoordeling zoals beschreven in artikel 2.5 van toepassing.
3. Na het in behandeling nemen van de aanvraag validiteit als bedoeld in artikel 2.2, lid 2 wordt de aanvraag doorgeleid naar de Commissie Validiteit. De Commissie Validiteit voert een validiteitstoets van de aanbieder uit als voorwaarde voor het nemen van een besluit op een eerste inschalingsaanvraag.
4. De validiteitstoets als bedoeld in het eerste lid van dit artikel betreft de volgende onderdelen:
a. Eigendomsrecht van de non-formele opleiding: houdt in dat de organisatie verantwoordelijk is voor de inhoud en het recht heeft om de non-formele opleiding te ontwikkelen, te onderhouden, te beheren een waardedocument (zoals een diploma) en uit te reiken.;
b. Rechtsvorm en continuïteit van de organisatie van de aanbieder: de organisatie toont een rechtsvorm aan waaruit blijkt dat de aanbieder zelfstandig rechten en verplichtingen kan aangaan. Daarnaast moet de organisatie stabiel en duurzaam zijn, zodat zij op lange termijn kan blijven functioneren. Ook moet gewaarborgd zijn dat dat, bij een eventueel stoppen van de organisatie en/of opleiding, de lerende gegarandeerd kan worden examen te doen en de non-formele opleiding kan behalen;
c. Kwaliteitsborging: betreft de procedures en systemen die de organisatie inricht om de kwaliteit van haar non-formele opleidingen te waarborgen en te verbeteren;
d. Examinering: De wijze waarop door de aanbieder is voorzien in een onafhankelijke positionering van de examinering van de non-formele opleiding. Dit betreft het proces van beoordelen en toetsen van de leeruitkomsten van de kandidaten om te bepalen of kandidaten voldoen aan het eindniveau van de kwalificatie: het proces dient betrouwbaar en valide te zijn.
5. Het aanvraagformulier validiteit bevat per onderdeel de criteria waar de aanvraag op wordt beoordeeld. Aanbieder beschrijft alle criteria per onderdeel, en onderbouwt dit met documenten, zoals bedoeld in artikel 2.1, lid 4 van deze beleidsregel.
6. Onderdeel van de procedure validiteit bij een eerste inschaling is een auditbezoek bij de aanbieder. Deze audit wordt uitgevoerd door twee auditoren. Deze auditoren worden benoemd door NCP NLQF. Zij rapporteren de bevindingen van het auditbezoek schriftelijk aan de Commissie Validiteit.
7. De audit als hierboven in lid 6 bedoeld wordt uitgevoerd met slechts één auditor of blijft geheel achterwege als de aanbieder al een door het NCP NLQF erkend keurmerk voert. Op de website van het NCP NLQF zijn de door NCP NLQF erkende keurmerken en de consequentie voor de audit gepubliceerd: www.nlqf.nl.
8. Op basis van de aanvraag en de daarbij behorende documenten, en – indien van toepassing – het rapport van de auditoren zoals bedoeld in het zesde lid, beoordeelt de Commissie Validiteit de validiteit van aanbieder.
9. Het advies van de Commissie Validiteit wordt opgebouwd vanuit drie verschillende oordelen die aan elk onderdeel als bedoeld in het tweede lid worden toegekend:
a. het oordeel ‘voldoet' indien wordt voldaan aan alle criteria van het onderdeel;
b. het oordeel ‘voldoet ten dele’ indien in belangrijke mate aan de gestelde criteria per onderdeel wordt voldaan, maar er verbeteringen nodig zijn om volledig aan het onderdeel te voldoen;
c. het oordeel ‘voldoet niet’ indien niet wordt voldaan aan de gestelde criteria per onderdeel.
10. Afhankelijk van het oordeel per onderdeel zoals bedoeld in het negende lid, luidt de beoordeling van de aanvraag Validiteit van de aanbieder door de Commissie Validiteit als volgt:
a. ‘positief’ wanneer alle onderdelen zijn beoordeeld met ‘voldoet’;
b. ‘verbeteringen nodig’ wanneer er verbeteringen voor een of meer criteria nodig zijn die binnen de gestelde beslistermijn te realiseren zijn;
c. ‘negatief’ indien:
i. de basiskwaliteit niet op orde is of er zodanig substantiële verbeteringen nodig zijn dat die niet binnen de beslistermijn zijn door te voeren; of
ii. de aanbieder naar aanleiding van de beoordeling ‘verbeteringen nodig’, als genoemd onder 10b, niet aan de criteria heeft voldaan binnen de gestelde termijn of de gestelde termijn heeft laten verlopen.
11. Bij een beoordeling ‘Verbeteringen nodig’ stelt de Commissie Validiteit voorwaarden om aan de criteria te voldoen. Aanbieder wordt over deze voorwaarden door NCP NLQF schriftelijk geïnformeerd, samen met de termijn waarbinnen aanbieder aan deze voorwaarden moet voldoen.
12. Op basis van de verkregen aanvullende informatie heroverweegt de Commissie Validiteit het eerdere oordeel.
13. De Commissie Validiteit brengt op basis van de hiervoor beschreven beoordeling schriftelijk advies uit aan de Programmaraad.
14. Op basis van het advies van de Commissie Validiteit vormt de Programmaraad een oordeel op de aanvraag validiteit als onderdeel van het besluit tot vaststelling van het NLQF-niveau, als bedoeld in artikel 2.4, negende lid. Het oordeel van de Programmaraad luidt:
a. ‘Positief’ indien alle onderdelen zijn beoordeeld met ‘voldoet’. Indien er sprake is van een nog niet-operationele opleiding stelt NCP NLQF hierbij de voorwaarde overeenkomstig artikel 2.6, derde lid.
b. ‘Negatief’ indien niet aan alle onderdelen is voldaan.
15. In geval van een negatief oordeel van de validiteitstoets door de Programmaraad, behandelt de Programmaraad de aanvraag inschaling nog niet. Het besluit op de aanvraag tot vaststelling van het NLQF-niveau wordt dan negatief. De aanbieder heeft het recht een nieuwe aanvraag voor validiteit in te dienen. De aanbieder dient hierbij de eerstvolgende indieningsdatum van de beoordelingscyclus over te slaan. De nieuw ingediende aanvraag validiteit wordt vervolgens door het NCP NLQF beoordeeld op beoordeelbaarheid zoals beschreven in artikel 2.2. Bij een beoordeelbare aanvraag, volgt de beoordelingsprocedure zoals beschreven in artikel 2.3 e.v. Hiervoor krijgt de aanbieder een nieuwe factuur. Nadat de Programmaraad de validiteit positief heeft beoordeeld, behandelt de Programmaraad in dezelfde beoordelingscyclus alsnog de aanvraag voor de inschaling zoals die eerder was ingediend.
1. Na het in behandeling nemen van de aanvraag tot inschaling als bedoeld in artikel 2.1, lid 3 worden door NCP NLQF twee onafhankelijke experts benoemd. De experts beoordelen de aanvraag.
2. De eisen voor de NLQF-niveaus zijn per niveau vastgesteld in termen van kennis, vaardigheden en verantwoordelijkheid en zelfstandigheid. De aanvraag inschaling bestaat uit de onderdelen:
a. Descriptoren;
b. Leerinspanning en arbeidsmarktrelevantie; en
c. Examinering.
3. De experts leggen hun bevindingen vast in het daarvoor bestemde beoordelingsformulier. Dit formulier wordt vervolgens doorgeleid naar de Commissie Inschaling.
4. De Commissie Inschaling formuleert op basis van het beoordelingsformulier van de experts, met eventueel de aanvraag en het aangeleverde bewijsmateriaal, een advies aan de Programmaraad over het aangevraagde inschalingsniveau.
5. Het advies van de Commissie Inschaling kan de beoordeling van de experts opvolgen, maar kan daar ook van afwijken.
6. Het advies van de Commissie Inschaling wordt opgebouwd vanuit drie verschillende oordelen die aan het onderdeel als bedoeld in het tweede lid onder b en c worden toegekend:
a. het oordeel ‘voldoet' indien wordt voldaan aan alle criteria van het onderdeel;
b. het oordeel ‘voldoet ten dele’ indien in belangrijke mate aan de gestelde criteria per onderdeel wordt voldaan, maar er verbeteringen nodig zijn om volledig aan het onderdeel te voldoen;
c. het oordeel ‘voldoet niet’ indien niet wordt voldaan aan de gestelde criteria per onderdeel.
Voor het tweede lid onder a geldt voor descriptoren alleen het oordeel ‘voldoet’ en het oordeel ‘voldoet niet’, omdat in geval van twijfel een uitspraak op basis van de best-fit methode volgt.
7. Afhankelijk van het oordeel per onderdeel zoals bedoeld in het zesde lid, luidt de beoordeling van de aanvraag Inschaling van de aanbieder door de Commissie Inschaling:
a. ‘Positief’ wanneer alle onderdelen zijn beoordeeld met ‘voldoet’;
b. ‘’Verbeteringen nodig’ wanneer er verbeteringen voor enige criteria nodig zijn die binnen de gestelde beslistermijn te realiseren zijn;
c. ‘Negatief’ indien:
i. de basiskwaliteit niet op orde is en/of zodanig substantiële verbeteringen nodig zijn die niet binnen de beslistermijn zijn door te voeren;
ii. de aanbieder naar aanleiding van de beoordeling ‘verbeteringen nodig’, als genoemd onder b, niet aan de criteria heeft voldaan binnen de gestelde termijn of de gestelde termijn heeft laten verlopen; of
iii. het NLQF-niveau van de non-formele opleiding op een ander NLQF-niveau is beoordeeld dan de aanbieder heeft aangevraagd.
8. Bij een beoordeling ‘Verbeteringen nodig’ stelt de Commissie Inschaling voorwaarden om aan de criteria te voldoen. Aanbieder wordt over deze voorwaarden door NCP NLQF schriftelijk geïnformeerd, samen met de termijn waarbinnen aanbieder aan deze voorwaarden moet voldoen. Op basis van de verkregen aanvullende informatie heroverweegt de Commissie Inschaling het eerdere oordeel.
9. De Commissie Inschaling brengt op basis van de hiervoor beschreven beoordeling schriftelijk advies uit aan de Programmaraad.
10. De Programmaraad besluit op basis van het advies op de aanvraag tot vaststelling van het NLQF-niveau over de aanvraag inschaling. Het besluit van de Programmaraad luidt:
a. ‘Positief’ over het verzoek tot vaststelling van het NLQF-niveau van aanbieder indien aan de criteria voor elk van de onderdelen is voldaan.
b. ‘Negatief’ over het verzoek tot vaststelling van het NLQF-niveau van aanbieder indien niet is voldaan aan de voor inschaling gestelde criteria voor elk van de onderdelen.
11. De aanbieder ontvangt binnen 10 werkdagen na het besluit van de Programmaraad een beschikking over het besluit inschaling, en in het geval van een eerste inschaling (artikel 2.4) het oordeel validiteit, met de daaraan verbonden regels over communicatie zoals bedoeld in artikel 3.1, eerste lid.
12. De aanbieder heeft het recht een nieuwe aanvraag tot vaststelling van het NLQF-niveau van diezelfde non-formele opleiding, in het geval van een eerste inschaling mét benodigde validiteitstoets, in te dienen na een negatief besluit zoals bedoeld in artikel 2.4, veertiende lid. De aanbieder dient hierbij de uiterste indieningsdatum van de eerstvolgende beoordelingscyclus na het besluit over te slaan. De nieuwe aanvraag wordt door het NCP NLQF beoordeeld op beoordeelbaarheid zoals beschreven in artikel 2.2. Bij een beoordeelbare aanvraag, volgt de beoordelingsprocedure zoals beschreven in artikel 2.4 e.v. Hiervoor krijgt de aanbieder een nieuwe factuur.
1. De geldigheidsduur van een inschalingsbesluit, waaronder eventueel ook de beoordeling validiteit bij de eerste inschaling, is in beginsel zes jaar, tenzij deze duur om redenen vermeld in het vijfde lid wordt beperkt of vermeld in de inschalingsbeschikking, anders is beslist.
2. Indien de aanbieder een aanvraag tot vaststelling van het NLQF-niveau indient voor een nog niet-operationele opleiding, dan wordt er aan het besluit een voorwaarde verbonden, zoals aangegeven in artikel 2.4 lid 14 a. Deze voorwaarde stelt dat de aanbieder na twee jaar een zelfevaluatie van de validiteit aanlevert, waaruit blijkt dat de opleiding in de afgelopen periode operationeel is geworden. Indien niet aan deze voorwaarde wordt voldaan, dan wordt het oordeel voor validiteit negatief en volgt hierna de consequentie beschreven in lid 4.
3. Indien er sprake is van een substantiële wijziging, als bedoeld in artikel 2.7, dan bepaalt de Programmaraad welke consequenties dit zal hebben. Voor iedere substantiële wijziging zal dit opnieuw afgewogen worden. In het uiterste geval leidt dit tot een nieuw besluit.
4. Met het verlopen van de geldigheid van de beoordeling validiteit, krijgt de eerste inschaling van de aanbieder de status ‘stopgezet’ in het register zoals aangegeven in het Reglement register (gepubliceerd op https://www.nlqf.nl/wetnlqf). Opleidingen van de aanbieder die later zijn ingeschaald, krijgen na herregistratiedatum de status ‘stopgezet’, tenzij de aanbieder een nieuw aanvraag tot vaststelling van het NLQF-niveau, waaronder validiteit, indient en het besluit positief is. In alle andere gevallen, zal de Programmaraad een afweging maken en een besluit nemen over de vervolgstappen.
1. Als er na een beschikking met een positief besluit een wezenlijke verandering plaatsvindt in de non-formele opleiding die raakt aan de criteria voor validiteit of inschaling van het NLQF, dan dient de aanbieder het NCP NLQF hierover schriftelijk te informeren. Het bureau van het NCP NLQF legt de schriftelijke onderbouwing van de verandering voor aan de Programmaraad, eventueel voorafgegaan aan een advies van Commissie Validiteit en/of Commissie Inschaling, afhankelijk van de wijziging.
2. Afhankelijk van de wijziging en invloed op de validiteit dan wel inschaling, zal de Programmaraad aangeven of dit om een substantiële wijziging gaat en eventueel vervolgstappen formuleren.
1. Aan een inschalingsbesluit als bedoeld in artikel 2.4, veertiende lid, of artikel 2.5, tiende lid, zijn voorschriften verbonden. De voorschriften staan vermeld in het Communicatieprotocol NLQF, te raadplegen via www.nlqf.nl/wetnlqf. Zij geven weer hoe gecommuniceerd dient te worden over de non-formele opleiding en het daaraan verbonden NLQF-inschalingsniveau.
2. Als de geldigheidsduur van een inschalingsbesluit, bedoeld in artikel 2.6, is verlopen, dan zijn de voorschriften genoemd in het Communicatieprotocol NLQF niet meer van toepassing op de betreffende non-formele opleidingen.
3. De aanbieder dient erop toe te zien dat de aan een ingeschaalde non-formele opleiding verbonden eigenaar en opleiders communiceren in lijn met het Communicatieprotocol NLQF.
1. Het NCP NLQF ziet in afstemming met de Inspectie van het Onderwijs toe op en handhaaft het gebruik van inschalingskenmerken zoals bedoeld in artikel 3.1, eerste lid.
2. Als onrechtmatig gebruik van inschalingskenmerken wordt geconstateerd, wordt de aanbieder van de betreffende opleiding daarop gewezen. In het uiterste geval kan het NCP NLQF bij besluit van de Programmaraad overgaan tot intrekking van het inschalingsbesluit van de betreffende non-formele opleiding, bedoeld in artikel 2.6 vierde lid.
3. Krachtens artikel 4 Wet NLQF is een onrechtmatige aanduiding van het NLQF-niveau of EQF-niveau niet toegestaan en heeft dit mogelijk sanctionering tot gevolg, zoals een bestuurlijke boete, beschreven in Beleidsregels bestuurlijke boetes middelbaar beroepsonderwijs, hoger beroepsonderwijs en wetenschappelijk onderwijs 2024.
1. Op grond van wet NLQF artikel 1.4, lid 2b, beheert het NCP NLQF een openbaar register waarin gegevens van de ingeschaalde non-formele opleidingen en de data van (her)registratie worden vermeld.
2. Na (her)beoordeling van de inschaling van een non-formele opleiding, zoals beschreven in hoofdstuk 5, wordt de herregistratiedatum van de non-formele opleiding bijgewerkt.
Op de in het vorige artikel bedoelde registratie is het Reglement Register NLQF van toepassing. Dit reglement is te vinden via https://www.nlqf.nl/wetnlqf.
1. Na de termijn genoemd in artikel 2.6, eerste lid, vervalt de geldigheid van de validiteit voor de organisatie van de aanbieder en hiermee de beschikking(en).
2. De aanbieder ontvangt van het NCP NLQF tijdig, uiterlijk een jaar voordat de geldigheidsduur van het eerste inschalingbesluit verloopt, een schriftelijk bericht. Hierin staat dat de aanbieder de geldigheid met zes jaar kan verlengen door een herbeoordeling van de validiteit en inschaling aan te vragen.
3. Net zoals de beoordeling van de eerste inschaling, beschreven in artikel 2.4, dient de aanbieder zowel een digitaal aanvraagformulier voor de herbeoordeling van validiteit als inschaling in, te raadplegen via: https://aanvragen.nlqf.nl/. De herbeoordelingsaanvragen voor validiteit en inschaling worden binnen dezelfde beoordelingscyclus behandeld.
4. Voor de herbeoordeling van de validiteit zijn het zesde tot en met twaalfde lid van toepassing. Voor de herbeoordeling van de inschaling is artikel 5.2 van toepassing.
5. Indien het tijdstip van de afloop van de geldigheidsduur van de validiteit en die van de inschaling binnen een tijdvak van 12 maanden vallen, wordt de herbeoordeling van beiden gelijktijdig in behandeling genomen. De herregistratiedatum van de inschaling zoals vermeld in het NLQF-register is hierbij leidend. Dit lid vervalt met ingang van 1 januari 2032, gegeven dat op dat moment alle in te schalen opleidingen volgens de beoordelingscyclus zoals vermeld in deze beleidsregel NLQF, zijn beoordeeld.
6. De aanbieder moet tijdig, uiterlijk op de indieningsdatum van de laatste beoordelingscyclus vóór het verstrijken van de geldigheidsduur, een aanvraag voor herbeoordeling van de validiteit en inschaling indienen.
7. Het NCP NLQF beoordeelt de compleetheid van de aanvraag voor herbeoordeling validiteit en inschaling.
8. Bij de herbeoordeling wordt gekeken naar eventuele wijzigingen en ontwikkelingen, en of de aanbieder nog steeds voldoet aan de eerder gestelde criteria en eventuele gestelde aanbevelingen heeft opgevolgd.
9. In geval tijdens de toekenningsperiode van 6 jaar (of anders, zoals beschreven in artikel 2.6) de criteria en of de procedure zijn gewijzigd door het NCP NLQF, gelden de nieuwe criteria in de herbeoordelingsprocedure en kan de aanbieder op deze punten alsnog aanvullend beoordeeld worden.
10. Op basis van de aanvraag herbeoordeling validiteit en de daarbij behorende documenten beoordeelt de Commissie Validiteit de validiteit van de organisatie.
11. De beoordeling van de commissie kan het volgende inhouden:
a. Het oordeel ‘voldoet' indien wordt voldaan aan alle criteria van het onderdeel.
b. Het oordeel ‘voldoet ten dele’. Dat wil zeggen dat er in belangrijke mate wordt voldaan, maar nog niet alle wijzigingen en ontwikkelingen zijn onderbouwd en/of er blijkt sprake te zijn van een substantiële wijziging.
c. Het oordeel ‘voldoet niet’ indien verbetering niet mogelijk is binnen de gestelde termijn.
12. Afhankelijk van het oordeel zoals bedoeld in het elfde lid, luidt het advies van de Commissie Validiteit over de aanvraag herbeoordeling validiteit als volgt:
a. ‘Positief’ wanneer de aanvraag herbeoordeling op orde is en is beoordeeld met ‘voldoet’.
b. ‘Verbeteringen nodig’ wanneer de aanvraag herbeoordeling in beginsel op orde is, maar er verbeteringen en/of (substantiële) wijzigingen nodig zijn die binnen de gestelde beslistermijn te realiseren zijn.
c. ‘Negatief’ indien de aanvraag niet op orde is en/of zodanig substantiële verbeteringen nodig zijn welke niet binnen de beslistermijn zijn door te voeren.
13. Bij een beoordeling ‘Verbeteringen nodig’ stelt de Commissie Validiteit voorwaarden. Aanbieder wordt over deze voorwaarden door NCP NLQF schriftelijk geïnformeerd, samen met de termijn waarbinnen aanbieder aan deze voorwaarden moet voldoen.
14. Op basis van de eventuele verkregen aanvullende informatie heroverweegt de Commissie Validiteit het eerdere oordeel.
15. Op basis van de beoordeling, formuleert de Commissie Validiteit in het geval van het twaalfde lid een schriftelijk advies aan de Programmaraad.
16. Op basis van het advies van de Commissie Validiteit vormt de Programmaraad een oordeel op de aanvraag herbeoordeling validiteit als onderdeel van het besluit tot vaststelling van het NLQF-niveau. Het oordeel van de Programmaraad luidt:
a. ‘Positief’ indien alle onderdelen zijn beoordeeld met ‘voldoet’.
b. ‘Negatief’ indien niet aan alle onderdelen is voldaan.
17. In het geval van een negatief oordeel van de herbeoordeling validiteit door de Programmaraad, komt de Programmaraad niet toe aan behandeling van de aanvraag voor herbeoordeling inschaling (zie artikel 5.2) met als gevolg een negatief besluit op vaststelling van het NLQF-niveau. Door het vervallen van de voorwaardelijke validiteit met een negatief besluit op de herbeoordeling van de eerste inschaling, krijgen alle inschalingen van de aanbieder die zijn opgenomen in het register de status ‘stopgezet’, zoals bedoeld in artikel 2.6, vierde lid.
18. De aanbieder heeft het recht een nieuwe aanvraag tot herbeoordeling validiteit in te dienen, nadat deze een negatief oordeel op de herbeoordeling validiteit als bedoeld in het voorgaande artikellid heeft ontvangen. Hierbij geldt de beoordelingsprocedure zoals beschreven in lid 6 e.v. van dit artikel.
19. De nieuwe ingediende aanvraag voor herbeoordeling validiteit wordt door het NCP NLQF beoordeeld op compleetheid. Bij een complete aanvraag, volgt de beoordelingsprocedure zoals beschreven in artikel 5.1 lid 4 e.v. Hiervoor krijgt de aanbieder een nieuwe factuur.
20. Op het moment dat de validiteit van de aanbieder een positief oordeel op de nieuwe aanvraag herbeoordeling ontvangt, nadat eerder een negatief oordeel, zoals beschreven in het zestiende lid van dit artikel, is beschreven, dan wordt de status van alle inschalingen in het register weer aangepast naar ‘actief’.
1. Na de termijn genoemd in artikel 2.6, eerste lid, vervalt de geldigheid van de inschaling en de daarmee samenhangende registratie als bedoeld in artikel 4.1,.
2. De aanbieder ontvangt van het NCP NLQF tijdig, uiterlijk een jaar voordat de geldigheidsduur van de inschaling verloopt, een schriftelijk bericht. Hierin staat dat de aanbieder de geldigheid van de inschaling met zes jaar kan verlengen door een herbeoordeling van de inschaling aan te vragen.
3. De aanbieder dient voor de herbeoordeling van het NLQF-niveau van de non-formele opleiding gebruik te maken van het digitale aanvraagformulier herbeoordeling Inschaling, te raadplegen via https://aanvragen.nlqf.nl/
4. De aanbieder moet tijdig, uiterlijk op de indieningsdatum van de laatste beoordelingscyclus vóór het verstrijken van de geldigheidsduur, een aanvraag voor herbeoordeling van de inschaling indienen.
5. NCP NLQF beoordeelt de compleetheid van de aanvraag voor herbeoordeling inschaling.
6. Bij herbeoordeling wordt gekeken naar eventuele wijzigingen en ontwikkelingen die hebben plaatsgevonden en of de aanbieder nog steeds aan de eerder gestelde criteria voldoet en, aan eventueel eerder gestelde aanbevelingen voldoet.
7. In geval tijdens de toekenningsperiode van 6 jaar (of anders, zoals beschreven in artikel 2.6) de criteria en of de procedure zijn gewijzigd door het NCP NLQF, gelden de nieuwe criteria in de herbeoordelingsprocedure en kan de aanbieder op deze punten alsnog aanvullend beoordeeld worden.
8. Op basis van de aanvraag herbeoordeling validiteit en de daarbij behorende documenten formuleert de Commissie Inschaling een advies over het NLQF-niveau van de non-formele opleiding.
9. De beoordeling van de commissie kan het volgende inhouden:
a. De opleiding voldoet.
b. De opleiding voldoet ten dele. Dat wil zeggen dat er in belangrijke mate wordt voldaan, maar nog niet alle wijzigingen en ontwikkelingen zijn onderbouwd en/of er blijkt sprake te zijn van een substantiële wijziging.
c. De opleiding voldoet niet en verbetering is niet mogelijk binnen de gestelde termijn.
10. Afhankelijk van het oordeel zoals bedoeld in het negende lid, luidt het advies van de Commissie Inschaling over de aanvraag herbeoordeling inschaling:
a. ‘Positief’ wanneer de aanvraag herbeoordeling op orde is en is beoordeeld met ‘voldoet’;
b. ‘Verbeteringen nodig’ wanneer de aanvraag herbeoordeling in beginsel op orde is, maar er verbeteringen en/of (substantiële) wijzigingen nodig zijn die binnen de gestelde beslistermijn te realiseren zijn;
c. ‘Negatief’ indien de aanvraag niet op orde is of zodanig substantiële wijzigingen of verbeteringen nodig zijn welke niet binnen de beslistermijn zijn door te voeren.
11. Bij een beoordeling ‘Verbeteringen nodig’ stelt de Commissie Inschaling voorwaarden. Aanbieder wordt over deze voorwaarden door NCP NLQF schriftelijk geïnformeerd, tezamen met de termijn waarbinnen aanbieder aan deze voorwaarden moet voldoen.
12. Op basis van de aldus verkregen aanvullende informatie heroverweegt de Commissie Inschaling het eerdere oordeel.
13. Op basis van de beoordeling, bedoeld in het tiende lid, formuleert de Commissie Inschaling een schriftelijk advies aan de Programmaraad.
14. De Programmaraad vormt een oordeel op de aanvraag Herbeoordeling inschaling en besluit op basis van dit oordeel positief of negatief over de aanvraag Herbeoordeling inschaling van aanbieder.
15. De aanbieder ontvangt binnen 10 werkdagen na het besluit van de Programmaraad een beschikking met de daaraan verbonden regels omtrent communicatie zoals bedoeld in artikel 3.1.
16. Indien de Programmaraad negatief besluit over de herbeoordeling van de inschaling, krijgt de opleiding in het register de status ‘stopgezet’, zoals bedoeld in artikel 2.6 vierde lid.
17. De aanbieder heeft het recht een nieuwe aanvraag tot herbeoordeling inschaling, nadat deze een negatief besluit als bedoeld in lid 10 sub c van huidig artikel heeft ontvangen.
18. De nieuwe aanvraag voor herbeoordeling inschaling wordt door het NCP NLQF beoordeeld op compleetheid. Bij een complete aanvraag, volgt de beoordelingsprocedure zoals beschreven in artikel 5.2 lid 5 e.v. Hiervoor krijgt de aanbieder een nieuwe factuur. De hoogte van de leges staan vermeld in de Regeling NLQF.
1. De geldigheidsduur van de herbeoordeling inschaling en/of validiteit is in beginsel zes jaar, tenzij anders is beslist om redenen die vermeld staan in de beschikking van de Programmaraad.
2. Indien een aanbieder besluit geen herbeoordeling inschaling en/of validiteit aan te vragen of deze te laat is ingediend, dan verloopt de geldigheid van de aanbieder zes jaar na toekenning van het besluit. De status van de opleiding(en) wordt in het register vermeld als ‘stopgezet’ zoals vermeld in artikel 2.6 vierde lid.
1. Het NCP NLQF volgt de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) voor het omgaan met persoonsgegevens, hierover wordt gecommuniceerd op de website: www.nlqf.nl.
2. Medewerkers van het NCP NLQF, inclusief Commissieleden, leden van de Programmaraad en alle andere personen van het NCP die ten behoeve van het vaststellen van het NLQF-niveau toegang hebben tot de gegevens van de aanvrager, hebben een geheimhoudingsverklaring ondertekend. Een exemplaar van deze verklaring wordt op aanvraag verstrekt.
3. Aanvraagformulieren in de digitale omgeving, waaronder de gegevens die daarin vermeld staan, die langer dan twaalf maanden niet zijn gewijzigd en binnen dit tijdsbestek niet hebben geleid tot een formeel ingediende aanvraag, zullen worden verwijderd.
1. Het NCP NLQF vraagt periodiek gegevens op bij aanbieders. De aanbieders zijn verantwoordelijk voor het aanleveren van deze gegevens. Zie het tweede lid voor meer details over deze gegevens. Het NCP NLQF verwerkt de gegevens geanonimiseerd en combineert ze met gegevens van andere aanbieders. Deze gegevens worden gebruikt in communicatie-uitingen om de impact van het NLQF te laten zien aan het bredere publiek, en om beleidsontwikkeling, kwaliteitsborging en strategische planning van het NLQF te ondersteunen.
2. De opgevraagde gegevens omvatten, maar zijn niet beperkt tot, het totale aantal uitgegeven waardepapieren van ingeschaalde NLQF non-formele opleidingen en titels van opleidingsinstellingen voor de non-formele opleidingen. Persoonsgegevens maken nooit deel uit van de opgevraagde gegevens.
3. De gegevens kunnen geanonimiseerd en/of gecombineerd worden gebruikt in communicatie-uitingen zoals, maar niet beperkt tot, rapporten en persberichten.
4. Het NCP NLQF vraagt aanbieders tijdig en accuraat de gevraagde gegevens te verstrekken.
5. De verzamelde gegevens worden behandeld conform geldende wet- en regelgeving omtrent gegevensbescherming, zoals in voorgaand artikel 6.1 beschreven.
De aanbieder kan binnen zes weken bezwaar maken tegen het besluit van vaststelling van het NLQF-niveau van de non-formele opleiding dan wel het oordeel over de verlenging van de geldigheidsduur van het besluit, in de zin van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 6.4 e.v. en artikel 6 van Besluit NLQF.
Op de in het vorige artikellid bedoelde mogelijkheid tot het maken van bezwaar is de bezwaarprocedure van toepassing, zoals beschreven in het document Regeling procedure indienen bezwaar, te raadplegen https://www.nlqf.nl/wetnlqf.
Deze beleidsregel zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Het Nationaal coördinatiepunt NLQF, De Programmadirecteur, T. Pijls
Vaststellen van NLQF-niveau van non-formele opleidingen en het beheer van het NLQF-register
Deze beleidsregel geeft een verdere duiding van de procedure tot inschaling van non-formele opleidingen in het NLQF, zoals beschreven in het Besluit NLQF.
Deze toelichting dient meerdere doelen:
• het verduidelijken van de inhoud van de beleidsregel;
• het verduidelijken van de aansluiting van de beleidsregel bij de wet NLQF;
• het geven van contextuele en achtergrondinformatie over de keuzes die zijn gemaakt bij het inrichten van de procedure zoals beschreven in de beleidsregel.
Uitleg en toelichting wordt per artikel gegeven.
In de beleidsregel worden de definities zoals in de wet NLQF geformuleerd, aangehouden.
Over “aanbieder”: de aanbieder wordt vertegenwoordigd door de persoon die namens de organisatie contactpersoon is voor NLQF en aanvragen indient. De aanbieder kan daarom ook worden gezien als ‘aanvrager’.
Over “eigendomsrecht van de kwalificatie”: Wanneer gesproken wordt over eigenaar van een kwalificatie, gaat het om de aanbieder (zie hierboven) die het recht heeft om leeruitkomsten en daarbij passende examinering aan te (laten) passen. De eigenaar van de organisatie moet de aanbieder voor NLQF zijn, tenzij de eigenaar een andere organisatie mandateert een inschaling namens hen aan te bieden. De naam van de eigenaar zal in ieder geval in het register vermeld worden.
Over “EQF-niveau”: Met inschaling in het NLQF is ook automatisch het EQF niveau vastgesteld. Het NLQF is een samenhangend geheel van kwalificatieniveaus die corresponderen met die van het EQF. de EQF niveaus staan gelijk aan de NLQF niveaus. Dit betekent dat een NLQF 1 een EQF 1 is, een NLQF 5 een EQF 5, etc.
Deze overeenkomst in niveaus tussen het EQF en de nationale vertaling hoeft niet altijd op te gaan. Nationale raamwerken in andere lidstaten hebben bijvoorbeeld meer niveaus dan het EQF heeft.
We spreken in deze beleidsregel over het vaststellen van het niveau van non-formele opleidingen. Bij het inschalen is het mogelijk om in te schalen op NLQF-niveaus 1 tot en met 8.
Over “wezenlijke verandering”: We spreken van een wezenlijke verandering als de verandering die de aanbieder doorvoert, impact heeft op één van de criteria van NLQF bij validiteit en/of inschaling. Dit kan dus zijn dat een verandering, doorgevoerd door de aanbieder, invloed heeft op het aangevraagde niveau, maar ook op de titel van de opleiding, of een wijziging in het kwaliteitszorgsysteem of examinering. We vragen de aanbieder om de wijziging door te geven aan het NCP NLQF, zodat de Programmaraad kan beslissen wat een eventuele vervolgstap kan zijn.
De vereisten voor beoordeelbaarheid zijn niet de uiteindelijke criteria op basis waarvan de beoordeling voor de vaststelling van het NLQF niveau wordt gedaan. Na formele indiening van een aanvraag bekijkt het bureau of de aanvraag in behandeling kan worden genomen en dus of de commissies en de Programmaraad de aanvraag zelfstandig kunnen lezen en beoordelen. Hiervoor is het nodig dat de toelichting op de vragen helder en leesbaar is, dat er in de toelichting goede verwijzingen naar aangeleverde documenten zijn, dat de aangeleverde documenten kloppen, etc. De beoordelingsvereisten voor validiteit en inschaling zijn te vinden op de website van het NLQF.
De hoogte van de leges staat vermeld in de Regeling NLQF.
In sub 4 wordt gesproken over “aanvullende informatie” die worden opgevraagd bij de aanbieder op het moment dat het dossier al in behandeling is. De vraag naar aanvullende informatie komt voort uit nader onderzoek van of de commissie Validiteit of de experts (afhankelijk van validiteit of inschaling) die de aanvraag inhoudelijk bekijken en alle aangeleverde informatie grondig doornemen en eventueel zelf ook openbare informatie raadplegen.
Hoewel het Bureau eerder heeft bekeken naar de beoordeelbaarheid en de compleetheid van het dossier, kan het dus zo zijn dat er later in het proces door de auditoren, experts of commissies aanvullende inhoudelijke informatie van de aanbieder nodig is om tot beoordeling te komen.
Als blijkt dat er aanvullende informatie nodig is om te komen tot een beoordeling, dan formuleert de Commissie Validiteit respectievelijk de experts wat nog nodig is en dit wordt doorgegeven aan het Bureau. Het Bureau zendt de benodigde informatie naar de aanbieder. In deze mail staat ook een datum waarop het Bureau verwacht dat aanbieder de informatie heeft aangeleverd. Als de informatie van de aanbieder niet binnen is op de door het Bureau gecommuniceerde datum, dan kan de beslistermijn worden opgeschort. Dit houdt in dat de beslistermijn van 13 weken die het NCP NLQF heeft voor het nemen van een besluit, vanaf dat moment wordt gepauzeerd, totdat de aanbieder de informatie heeft aangeleverd.
Hier wordt aangegeven dat het NCP NLQF meer tijd nodig kan hebben om tot een besluit te komen. De Wet NLQF schrijft voor dat de beslistermijn voor het vaststellen van het NLQF-niveau van een non-formele opleiding 13 weken is. Met deze beslistermijn is rekening gehouden bij de procedure voor beoordeling. Het kan zijn dat NCP NLQF meer tijd nodig heeft om tot een zorgvuldig besluit te komen. Artikel 2.3, vijfde lid, beschrijft daarom dat het mogelijk is dat het NCP NLQF, het recht heeft om meer tijd te nemen om tot een besluit te komen. De beslistermijn kan dan verlengd worden tot nog eens maximaal 13 weken.
In het geval zich een dergelijke situatie voordoet en het NCP NLQF de beslistermijn moet verlengen met maximaal nog eens 13 weken, dan wordt de aanbieder hierover geïnformeerd.
De validiteitstoets bestaat uit vijf onderdelen, hierna worden ze verder toegelicht:
• Rechtspersoonlijkheid houdt in dat de organisatie een rechtsvorm overlegt waaruit blijkt dat de aanbieder zelfstandig rechten en verplichtingen kan aangaan.
• Eigendomsrecht van de non-formele opleiding: zoals ook besproken in de toelichting bij Artikel 1, tweede lid, onder f, gaat dit om het meest verstrekkende recht dat een aanbieder heeft op een kwalificatie. Het eigendomsrecht van de non-formele opleiding verwijst naar de formele erkenning dat de organisatie die de non-formele opleiding verstrekt, de eigenaar is van deze kwalificatie. Dit betekent dat de organisatie het recht heeft om de non-formele opleiding te ontwikkelen, te onderhouden, te beheren en uit te reiken. Het eigendomsrecht zorgt ervoor dat er duidelijkheid is over wie verantwoordelijk is voor de inhoud en de kwaliteit van de kwalificatie.
• Simpeler geformuleerd, is de eigenaar van de non-formele opleiding de organisatie waarvan het logo op het diploma staat.
• Continuïteit van de organisatie betreft de zekerheid dat de organisatie stabiel en duurzaam is en in staat is om op lange termijn te opereren. Continuïteit is belangrijk om te waarborgen dat lerenden en werkgevers erop kunnen vertrouwen dat de uitgegeven diploma’s van de non-formele opleidingen hun waarde behouden.
• In de validiteitsaanvraag wordt getoetst hoe de continuïteit geborgd wordt en ook dat, mocht de organisatie onverhoopt stoppen, de lerende gegarandeerd kan worden examen te doen en de non-formele opleiding kan behalen.
• Examinering verwijst naar het proces van beoordelen en toetsen van de leeruitkomsten van de kandidaten om te bepalen of kandidaten voldoen aan de het eindniveau van de kwalificatie. Dit kan zowel intern als extern belegd zijn, maar omvat in ieder geval het ontwikkelen en vaststellen van examens of andere beoordelingsmethoden die betrouwbaar en valide zijn. Een goed examineringsproces is essentieel om de waarde van de non-formele opleidingen en transparantie van het niveau te waarborgen.
• Kwaliteitsborging betreft de procedures en systemen die een organisatie opzet om de kwaliteit van haar non-formele opleidingen te waarborgen en te verbeteren. Er dient een continu proces van kwaliteitsborging te zijn, de zogenoemde pdca-cyclus. Dit omvat het regelmatig evalueren en monitoren van examineringsprocessen, l, en het verzamelen en analyseren van evaluaties van belanghebbenden en het doorvoeren van verbeteracties.
Een aantal keurmerken dat grotendeels overeenkomt met de criteria van het NLQF bij validiteit geeft toegang tot een validiteitstoets zonder auditbezoek. De lijst met keurmerken is te vinden op de website van het NLQF.
Onder artikel 1, tweede lid, onder r, wordt de term “niet-operationele opleiding” toegelicht als zijnde een non-formele opleiding die (nog) niet wordt uitgevoerd. Een niet-operationele non-formele opleiding kan in aanmerking komen voor inschaling in het NLQF. Echter, als de aanbieder de niet-operationele non-formele opleiding in het NLQF wil laten inschalen, dan worden er voorwaarden verbonden aan het besluit. De voorwaarde is dat de non-formele opleiding binnen twee jaar operationeel wordt.
Een validiteitsaanvraag wordt namelijk gedaan in het licht van een kwalificatie, om zo voorbeelden te kunnen geven van bijvoorbeeld de examencommissie, de examenprocessen en het kwaliteitshandboek. Veel van deze zaken zijn nog niet in praktijk uitgevoerd op het moment dat de non-formele opleiding nog niet operationeel is en er nog geen diploma’s zijn uitgegeven.
De Programmaraad zal, als zij positief besluit over de validiteit en inschaling, een besluit ‘positief onder voorwaarden’ afgeven. Bij een besluit ‘positief onder voorwaarden’ dient de aanbieder van de niet-operationele non-formele opleiding na twee jaar een zelfevaluatie over validiteit in te leveren bij NCP NLQF. Als de non-formele opleiding operationeel is geworden en uit de zelfevaluatie blijkt dat de beschreven processen van examinering en kwaliteitsborging in praktijk werken zoals eerder beschreven was, dan wordt de geldigheidsduur van het oordeel op validiteit verlengd van twee naar zes jaar en daarmee ook het besluit van de Programmaraad. De aanpassing van registratiedatum zal ook worden gedaan in het NLQF register. Als de non-formele opleiding niet operationeel is geworden (de non-formele opleiding wordt niet uitgevoerd er zijn dus ook geen diploma’s uitgegeven) dan verloopt automatisch de geldigheidsduur van het besluit.
Twee onafhankelijke experts beoordelen de inschalingsaanvraag. Dit doen zij door een beoordelingsformulier in te vullen. Het beoordelingsformulier komt grotendeels overeen met het aanvraagformulier; het bestaat uit dezelfde vragen die gesteld zijn aan de aanbieder. Daarnaast komt in het beoordelingsformulier ook het eindoordeel (in te vullen door de experts) en, na de vergadering van de commissie, het advies van de Commissie Inschaling aan de Programmaraad. Het beoordelingsformulier wordt vervolgens in het geheel doorgezet naar de Programmaraad.
De vragen zijn, net als het aanvraagformulier, verdeeld over de drie onderdelen van de inschalingsaanvraag: descriptoren, leerinspanning/arbeidsmarktrelevantie en de examinering.
De experts leveren na hun beoordelingsperiode van maximaal 5 weken, het ingevulde beoordelingsformulier in bij het Bureau. Het Bureau zorgt er vervolgens voor dat de Commissie Inschaling en, na hen, de Programmaraad het beoordelingsformulier ontvangt. Het beoordelingsformulier wordt bij de beschikking ook meegestuurd naar de aanbieder, zo is transparant hoe de beoordeling is verlopen en wat argumenten zijn voor een positief of negatief besluit.
In dit artikel zijn voorschriften verbonden aan het inschalingsbesluit. In dit geval gaat het om voorschriften in de zin van: eisen, restricties, richtlijnen, voor het gebruik van NLQF in communicatie. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om richtlijnen voor gebruik van het NLQF logo en niveau, het communiceren over het vastgestelde NLQF-niveau, etc. Al het onrechtmatige gebruik van de voorschriften verbonden aan het inschalingsbesluit, valt onder toezicht van de Inspectie.
Het beheren en actualiseren van het NLQF-register is een wettelijke taak van het NCP NLQF. Het register is openbaar toegankelijk en maakt het mogelijk voor iedereen om te bekijken welke non-formele opleidingen van welke eigenaren zijn ingeschaald in het NLQF en op welk niveau. Ook laat het register zien bij welke opleiders personen een opleiding kunnen volgen om een diploma van een ingeschaalde non-formele opleiding te ontvangen. De gegevens die in het register worden opgenomen, worden door het Bureau uit het aanvraagformulier van de aanbieder gehaald. Daarnaast zijn de aanbieders verantwoordelijk voor het aanleveren van de lijst met opleiders die opleiden tot de door hun ingeschaalde non-formele opleiding. Meer informatie over de gegevens die in het register vermeld zijn, is te vinden in het Reglement Register NLQF, waar ook het artikel 4, tweede lid, naar verwijst.
Het NCP NLQF stuurt de aanbieder een jaar van tevoren bericht over de mogelijkheid om een herbeoordeling voor validiteit en/of inschaling aan te vragen. Dit dient altijd, in een apart aanvraagformulier te worden gedaan: één voor herbeoordeling validiteit en één voor herbeoordeling inschaling.
Als de aanbieder zwaarwegende redenen heeft waardoor de herbeoordeling niet op tijd kan worden ingediend, dan brengt de aanbieder de Programmaraad hier schriftelijk van op de hoogte. De Programmaraad besluit vervolgens of er uitstel van herbeoordeling wordt verleend en welke termijn hieraan gekoppeld wordt.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-37955.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.