Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport | Staatscourant 2024, 3787 | convenant |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport | Staatscourant 2024, 3787 | convenant |
versie 06-12-23
Partijen:
1. De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, de heer Maarten van Ooijen;
2. De Vereniging van Evenementenmakers (VVEM), vertegenwoordigd door haar voorzitter, de heer Henk Schuit;
3. De Vereniging Nederlandse Poppodia en -Festivals (VNPF), vertegenwoordigd door haar directeur, de heer Berend Schans;
4. Koninklijke Horeca Nederland (KHN) vertegenwoordigd door haar voorzitter, mevrouw Marijke Vuik;
5. De Landelijke Kamer van Verenigingen (LKvV), vertegenwoordigd door haar praeses Linde van Mechelen en vice preases Ann Withaar;
6. NL Actief, vertegenwoordigd door haar directeur, de heer Ronald Wouters;
7. De Nederlandse Vereniging van Bioscopen en Filmtheaters (NVBF), vertegenwoordigd door haar directeur, de heer Gulian Nolthenius;
8. DeBesteSchoolfeesten.nl, vertegenwoordigd door haar directeur, de heer Egbert de Kwaasteniet;
9. De Vereniging voor Podiumtechnologie (VPT), vertegenwoordigd door haar bestuurslid, mevrouw Antoinette Wijffels;
10. Overleg Scholing Arbeidsmarkt Theatertechniek (OSAT), vertegenwoordigd door haar voorzitter, de heer Eric de Ruijter;
11. VeiligheidNL kenniscentrum letselpreventie, vertegenwoordigd door haar directeur, mevrouw Martijntje Bakker;
12. GGD GHOR Nederland, vertegenwoordigd door haar voorzitter, de heer André Rouvoet.
Hierna te noemen: de Convenantpartijen
Overwegende dat:
1. Gehoorschade een maatschappelijk probleem is en dat de preventie van gehoorschade ten gevolge van versterkte muziek belangrijk is;
2. Mensen worden blootgesteld aan (hard) geluid tijdens het uitgaan (bijv. bij bezoek aan café, discotheek, club, poppodium, festival, bioscoop, studentenvereniging, schoolfeest enz.), tijdens het luisteren naar persoonlijke muziekdragers, tijdens het werk (machines), in het verkeer en bij vrijetijdsbesteding (in fitnessruimtes, sportkantines enz.);
3. De geluidsbronnen slechts voor een deel binnen de invloedsfeer van de Convenantpartijen liggen;
4. De World Health Organization (WHO) begin 2022 zes aanbevelingen deed voor de aanpak van gehoorschade op locaties en evenementen1, die grotendeels overeenkomen met de onderwerpen waarvoor in dit convenant afspraken worden gemaakt;
5. De Gezondheidsraad eind 2022 adviseerde prioriteit te geven aan het verlagen van het geluidniveau en het dragen van gehoorbescherming om het risico op gehoorschade te verminderen2;
6. De Staatssecretaris van VWS met zijn brief Preventie gehoorschade aangeeft hoe hij, na overleg met de Convenantpartijen, invulling wil geven aan het advies van de Gezondheidsraad3;
7. Het bij muziekactiviteiten niet altijd mogelijk is maximale geluidniveaus te hanteren die voor iedereen absoluut veilig zijn aangezien de schadelijkheid wordt bepaald door zowel het niveau als de duur en frequentie van de blootstelling4 en de gevoeligheid voor en blootstelling aan versterkte muziek per individu verschilt;
8. Verlaging van het geluidniveau waar mogelijk, en met behoud van de beleving, wenselijk is op basis van het voorzorgsbeginsel;
9. Op verschillende plekken in de keten veel verschillende professionals werken, die elk vanuit hun eigen verantwoordelijkheden en activiteiten kunnen bijdragen aan de realisatie van een verantwoord geluidniveau;
10. Voor het verkleinen van risico’s op gehoorschade het dragen van gehoorbescherming nodig blijft bij geluidniveaus boven een zekere ondergrens;
11. Voor het daadwerkelijk dragen van gehoorbescherming de bezoeker zelf verantwoordelijk is;
12. Het van groot belang is dat bezoekers, werknemers en andere betrokkenen in de keten zich bewust zijn van de risico’s van harde muziek zoals het risico op (blijvende) gehoorschade;
13. Dit convenant voortbouwt op de inzet en opgedane ervaringen in het Derde convenant preventie gehoorschade versterkte muziek en het voorafgaande eerste en tweede convenant;
14. Door het gebrek aan kennis over causaliteit en etiologie van gehoorschade en versterkte muziek, en de complexiteit van de betrokken ketens de Convenantpartijen afspraken maken over hun inzet om de risico’s op gehoorschade te verlagen, maar geen resultaatsverplichtingen aangaan voor het daadwerkelijk voorkomen van eventuele gehoorschade.
Komen het volgende overeen:
1. Convenantpartijen: hierboven genoemde partijen en/of de bij hen aangesloten leden en organisatoren;
2. Bezoekers: personen die een muziekactiviteit van een Convenantpartij bezoeken;
3. Werknemers: alle betrokken professionals binnen de keten die werken in opdracht of in dienst van een Convenantpartij;
4. Keten: alle betrokken partijen die bijdragen aan het ten gehore brengen van versterkte muziek zoals: organisatoren, musici, geluidstechnici en akoestici;
5. Versterkte muziek: geheel van klanken door stemmen en/of muziekinstrumenten waarvan het geluidsvermogen elektronisch wordt versterkt;
6. Muziekactiviteiten: activiteiten voor groepen bezoekers waar het genieten van versterkte muziek het primaire doel is of waar versterkte muziek een belangrijke ondersteunende rol speelt;
7. Geluidniveau: equivalent gemiddeld geluidniveau, uitgedrukt als Leq= ... dB(A), gemeten over 15 minuten;
8. Gehoorbescherming: fysieke bescherming van het gehoor door oordoppen met een vlak dB-filter (in communicatie: muziekfilter) en een demping van minimaal SNR 15 dB;
9. Oorpauze: rust geven aan de oren door tijdelijk weg te gaan uit de muziek;
10. Limiter: een elektronisch toestel dan wel een softwarematige voorziening in een signaalprocessor die tot doel heeft de signaalsterkte op een vooraf ingestelde waarde te begrenzen.
Het doel van het convenant is om bij te dragen aan de preventie van gehoorschade door bezoekers en werknemers van muziekactiviteiten op een voor het gehoor zo veilig mogelijke manier van de muziek te laten genieten. De Convenantpartijen zullen de bij hen aangesloten leden hiertoe informeren en toerusten betreffende de volgende onderwerpen:
1) Geluidniveaus
2) Geluidsmetingen
3) Gehoorbescherming
4) Voorlichting aan de bezoekers
5) Deskundigheidsbevordering van werknemers
6) Kennis en onderzoek
De bovenstaande onderwerpen worden in het volgende artikel (artikel 3 Verplichtingen) nader uitgewerkt.
Dit convenant kent een algemeen deel, namelijk de hoofdtekst met bijlagen, dat door alle Convenantpartijen gezamenlijk wordt onderschreven. Niet alle benoemde onderwerpen zijn voor alle Convenantpartijen van toepassing. De Convenantpartijen geven in hun appendices aan welke van de zes onderwerpen in hun eigen uitvoeringspraktijk van toepassing zijn en welke afspraken zij hiervoor aangaan. De eigen appendix is leidend, voor zover deze niet strijdig is met het algemene deel.
Nieuwe Convenantpartijen mogen gefaseerd voldoen aan de afspraken volgens het in bijlage 1 opgenomen instapmodel.
1. Om ervoor te zorgen dat bezoekers op een voor het gehoor veilige manier van de muziek kunnen genieten, gaan Convenantpartijen verantwoord om met geluid en hanteren ze geluidniveaus die passen bij de omgeving, omstandigheden en bezoekersdoelgroep.
2. De Convenantpartijen zorgen ervoor dat hun leden het geluidniveau beperken tot maximaal Leq=103 dB(A), gemeten over 15 minuten.
3. Voor leeftijdsgroepen onder de 18 jaar5 gelden de volgende maximale geluidniveaus:
a. t/m 13 jaar: Leq=91 dB(A), gemeten over 15 minuten;
b. 14 en 15 jaar: Leq=96 dB(A), gemeten over 15 minuten;
c. 16 en 17 jaar: Leq=100 dB(A), gemeten over 15 minuten.
4. De Convenantpartijen stimuleren en faciliteren bij hen aangesloten leden en hun werknemers, om zich te houden aan de bovengenoemde maximale geluidniveaus, door handreikingen over geluidsmanagement aan te bieden.
5. Convenantpartijen streven ernaar zo min mogelijk het maximum geluidniveau te benaderen en stimuleren dat de betrokken professionals in de keten samenwerken om het geluidniveau waar mogelijk, met behoud van een optimale beleving, omlaag te brengen.
1. De Convenantpartijen voeren bij muziekactiviteiten representatieve geluidsmetingen uit, hebben limiters geïnstalleerd of kunnen anderszins aantonen dat ze zich aan de relevante maximale geluidniveaus houden.
2. Bij activiteiten waar versterkte muziek de primaire activiteit is en/of de verwachte geluidniveaus rond het maximum liggen, dienen de geluidniveaus zoveel als mogelijk is te worden gemeten indien geen gebruik wordt gemaakt van limiters.
3. Voor het uitvoeren van geluidsmetingen worden ondersteunende meetprotocollen gebruikt, zoals het Meetprotocol convenant geluid Nederland 2019 (zie Bijlage 2).
4. Indien de versterkte muziek een belangrijke ondersteunende rol heeft, kan worden volstaan met steekproeven van de optredende geluidniveaus of het gebruik van limiters.
5. Een door de Convenantpartijen samen te stellen technische commissie adviseert over de verdere uitwerking van het onderwerp metingen. De commissie doet aanbevelingen met betrekking tot zaken als: de generieke indeling van de verschillende soorten activiteiten, de kwaliteit en kalibratie van meters en limiters en de controle hierop, en de omvang van de benodigde steekproeven.
6. De resultaten van de geluidsmetingen van muziekactiviteiten worden ter registratie gedeeld met een door VWS aangewezen derde en onafhankelijke partij. Deze partij rapporteert hierover geanonimiseerd en geaggregeerd per halfjaar aan de Convenantpartijen. De rapportages maken de daadwerkelijk gemeten geluidniveaus inzichtelijk. Daarbij zullen naast de resultaten van het maximumniveau van Leq=103 dB(A) ook de resultaten worden weergegeven van een niveau van Leq=100 dB(A) en de resultaten van de voor kinderen en jongeren afgesproken lagere geluidniveaus. De Convenantpartijen bespreken onderling de rapportages en koppelen deze terug naar hun leden.
7. Indien uit het registratiesysteem blijkt dat er structurele overschrijdingen plaatsvinden, kan de betreffende Convenantpartij ook buiten de halfjaarlijkse rapportages worden ingeseind. De organisator in kwestie kan dan op de hoogte worden gesteld met als doel bij te sturen waar mogelijk.
1. Voor minderjarige bezoekers (tot 18 jaar) is het vanaf een geluidniveau van 88 dB(A) nodig om het dragen van gehoorbescherming te faciliteren en stimuleren.
2. Voor meerderjarige bezoekers (18 jaar en ouder) is het vanaf een geluidniveau van 92,5 dB(A) nodig om het dragen van gehoorbescherming te faciliteren en stimuleren.
3. Convenantpartijen informeren bezoekers zoveel mogelijk vóór het bezoek of aan het begin van de muziekactiviteit, over het belang van het dragen van gehoorbescherming.
4. In de ruimtes waar versterkte muziek wordt weergegeven dragen werknemers gehoorbescherming met een (muziek)filter en vertonen daarmee voorbeeldgedrag.
5. Bij muziekactiviteiten is gehoorbescherming ter plaatse laagdrempelig verkrijgbaar en goed vindbaar voor de bezoekers.
6. Indien van toepassing is tijdens het aankoopproces van de tickets voor muziekactiviteiten gehoorbescherming laagdrempelig verkrijgbaar.
1. De Convenantpartijen werken aan de bewustwording van de bezoekers en geven voorlichting over handelingsopties als het dragen van gehoorbescherming, het nemen van oorpauzes en het afstand houden tot de geluidsbron.
2. De Convenantpartijen verspreiden materialen van I Love My Ears via hun eigen communicatiekanalen als: websites, sociale media, het aankoopproces van de tickets, informatie op de tickets, bezoekersinformatie die van te voren wordt verstrekt of informatieschermen en/of posters op de locatie.
1. Veel verschillende professionals in de keten dragen elk vanuit hun eigen taken en verantwoordelijkheden bij aan het realiseren van de doelstellingen van dit convenant.
2. Deskundigheidsbevordering van professionals heeft tot doel dat zij hierbij optimaal gebruik kunnen maken van de binnen dit convenant beschikbare kennis om bezoekers en werknemers van muziekactiviteiten op een voor het gehoor zo veilig mogelijke manier van muziek te laten genieten.
3. Convenantpartijen inventariseren welke behoeften en randvoorwaarden er gelden voor het uitvoeren van activiteiten op het gebied van deskundigheidsbevordering binnen de vertegenwoordigde branches.
4. Naar aanleiding van de inventarisatie voeren Convenantpartijen activiteiten uit, passend bij de betreffende branche. Waar mogelijk kunnen activiteiten ook worden uitgevoerd voor/op locaties binnen de branche die geen lid zijn van een Convenantpartij.
1. Convenantpartijen brengen actuele kennislacunes en onderzoeksvragen in kaart ten aanzien van praktische uitvoering van het convenant. Deze worden opgenomen in de groslijst voor de onderzoeksagenda (zie Bijlage 3).
2. Indien mogelijk zullen concrete onderzoeksvoorstellen worden opgesteld en uitgevoerd.
1. Met het ondertekenen van dit convenant zoeken Convenantpartijen nog bewuster de samenwerking, verbinding en synergie op als het gaat om de preventie van gehoorschade. Als collectief worden kennis en ervaring gedeeld, zowel onderling als met andere betrokkenen, en ontstaat meer kracht om mensen zo lang mogelijk van muziek te laten genieten zonder het risico op gehoorschade.
2. Partijen ontmoeten elkaar periodiek om samen te werken aan:
– het ondersteunen van de implementatie;
– het versterken van communicatie en voorlichting;
– de verschillende benoemde onderzoeksvraagstukken;
– de maatschappelijke agendering van dit thema.
3. Tijdens de eerste convenantbijeenkomst, die in ieder geval wordt georganiseerd binnen drie maanden na ondertekening van het convenant, zullen de inhoud en het proces van de samenwerking verder worden besproken.
1. Jaarlijks zal een tussenevaluatie plaatsvinden om de onderlinge samenwerking verder te stimuleren en bij te sturen waar nodig. Een nader te bepalen partij stelt hiervoor een evaluatierapportage op, op basis van:
– de voortgang van afspraken uit de appendices,
– de halfjaarlijkse rapportages over de geregistreerde geluidniveaus,
– onderzoeksresultaten afkomstig uit de campagne I Love My Ears,
– resultaten van overige binnen het convenant uitgevoerde onderzoeken
– de ervaren samenwerking binnen het convenant.
2. De Convenantpartijen rapporteren elk jaar op 1 maart over de uitvoering van hun appendices in het voorgaande kalenderjaar. Doel is dat de Convenantpartijen voor elke van de zes benoemde onderwerpen, voor zover van toepassing, inzichtelijk kunnen maken:
– Welke concrete acties zijn en worden uitgevoerd;
– Hoe deze acties worden gevolgd of gemeten en wat de resultaten hiervan zijn;
– Welke doelstelling zijn geformuleerd en of deze zijn bereikt.
3. De Convenantpartijen stellen de evaluatierapportage gezamenlijk vast en bespreken of de uitvoering van het convenant op schema ligt en welke verbeteringen of aanpassingen eventueel nodig zijn. Zo nodig gaan de Convenantpartijen hierover in gesprek met hun leden.
4. Ten minste zes maanden voorafgaand aan het einde van de looptijd van dit convenant zal aan de hand van de resultaten een eindevaluatie plaatsvinden. De eindevaluatie gaat over de realisatie van de afspraken en de doelbereiking van het convenant als geheel. Daarbij zal zo mogelijk tevens worden gekeken naar de bredere impact van het convenant op de ontwikkeling van een veilig versterkte muziekklimaat en verantwoorde luistergedrag in Nederland.
5. De eindevaluatie vormt de basis voor het eindoverleg tussen Convenantpartijen waarbij beoordeeld wordt of het op basis van de behaalde resultaten wenselijk is om het convenant te verlengen.
VWS faciliteert (bijvoorbeeld met behulp van overheidssubsidies of overheidsopdrachten) de uitvoering van de geluidregistraties, de voorlichting van de I Love My Ears campagne, de evaluatie en waar mogelijk de uitvoering van onderzoek naar de in bijlage 3 benoemde onderzoeksvragen.
De toekenning van financiering is onder voorbehoud van het budget dat in de rijksbegroting aan VWS wordt toebedeeld voor de uitvoering van deze activiteiten. Daarnaast zijn bij overheidssubsidies de wettelijke kaders voor subsidieverstrekking van toepassing. Hieronder valt onder meer de toetsing aan de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS en de Europese regels met betrekking tot mededinging en staatssteun. Ook dienen eventuele overheidsopdrachten getoetst te worden aan de regels betreffende aanbesteding.De Convenantpartijen en bij hen aangesloten leden dienen zelf te investeren in de uitvoering van de in hun appendix opgenomen maatregelen of activiteiten.
Het Vierde convenant preventie gehoorschade versterkte muziekwordt voor de duur van vier jaar aangegaan met de mogelijkheid de inhoud na twee jaar bij te stellen. Het treedt in werking met ingang van de dag na ondertekening en eindigt op 6 december 2027. Elke partij kan dit convenant (te allen tijde) met inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden schriftelijk opzeggen. Wanneer een partij het convenant opzegt, blijft het convenant voor de overige partijen in stand voor zover de inhoud en de strekking ervan zich daartegen niet verzetten.
Het is voor andere partijen mogelijk om gedurende de looptijd van het convenant zich bij het Vierde convenant preventie gehoorschade versterkte muziek aan te sluiten, mits zij het algemeen geldende deel van het convenant volledig onderschrijven voor zover dat op hen van toepassing is. Voor toetreding van nieuwe partijen is de toestemming van de huidige Convenantpartijen nodig en geldt het instapmodel (zie Bijlage 1). Met het instapmodel geven nieuw aangesloten partijen gefaseerd invulling aan hun concrete inzet op de onderwerpen uit het convenant, gespecificeerd in een eigen appendix.
Het is een meerwaarde als de context van een nieuw aangesloten partij aanvullend is aan de contexten van de huidige Convenantpartijen. Mogelijke aanvullende contexten worden gedurende de looptijd van het convenant in kaart gebracht en geprioriteerd.
Binnen 10 weken na ondertekening van dit convenant wordt de tekst daarvan gepubliceerd in de Staatscourant. Bij wijzigingen in het convenant wordt dit ook gepubliceerd in de Staatscourant. Van opzeggen of ontbinden van een van de Convenantpartijen wordt melding gemaakt in de Staatscourant.
VWS M. van Ooijen, De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
VNPF B. Schans, Directeur
VVEM H. Schuit, Voorzitter bestuur
KHN M. Vuijk, Voorzitter
LKvV L. van Mechelen, praeses A. Withaar, vice praeses
NL actief R. Wouters, Directeur
NVBF G. Nolthenius, Directeur
DeBesteSchoolfeesten.nl E. de Kwaasteniet, Directeur
VPT A. Wijffels, Bestuurslid
OSAT E. de Ruijter, Voorzitter
Stichting VeiligheidNL M. Bakker, Directeur
GGD GHOR Nederland A. Rouvoet Voorzitter
Dit instapmodel voor potentiële en nieuwe Convenantpartijen (hierna: nieuwe partijen) heeft als doel de drempel voor toetreding te verlagen en om duidelijk te maken wat de minimale eisen zijn. Dit instapmodel laat zien welke gefaseerde invulling aan het convenant een nieuwe partij kan geven.
Als eerste stap gaat de nieuwe partij na met welke van de zes in het convenant benoemde onderwerpen (hierna: onderwerpen) zij in haar uitvoeringspraktijk daadwerkelijk te maken krijgt. Het maakt daarbij niet uit of de nieuwe partij zelf een aanbieder is van versterkte muziek of actief is in rollen als adviseur, voorlichter, onderzoeker, etc.
Vervolgens geeft de nieuwe partij in onderstaand schema aan in welke mate zij betrokken is bij het onderwerp.
Dat gebeurt behulp van de niveaus: kerntaak, taak, bijdrage en geen taak.
Kerntaak: het onderwerp raakt de primaire activiteit van de nieuwe convenantpartij,
Taak: het onderwerp is een belangrijk onderdeel van het werkveld van de nieuwe convenantpartij maar geen primaire activiteit,
Bijdrage: de nieuwe convenantpartij is slechts zijdeling betrokken bij het onderwerp,
Geen taak: de nieuwe convenantpartij heeft geen betrokkenheid bij het onderwerp.
|
Geluidniveau |
Metingen |
Gehoorbescherming |
Voorlichting |
Deskundigheidsbevordering |
Kennis en onderzoek |
|---|---|---|---|---|---|
Als voorbeeld is het schema ingevuld voor de huidige partner VNPF en haar leden:
|
Geluidniveau |
Metingen |
Gehoorbescherming |
Voorlichting |
Deskundigheidsbevordering |
Kennis en onderzoek |
|---|---|---|---|---|---|
|
Kerntaak |
Kerntaak |
Kerntaak |
Kerntaak |
Taak |
Bijdrage |
|
Geluidniveau |
Metingen |
Gehoorbescherming |
Voorlichting |
Deskundigheidsbevordering |
Kennis en onderzoek |
|
|---|---|---|---|---|---|---|
|
Kerntaak |
eerste jaar: overgangsperiode vanaf jaar twee: operationeel uitvoeren conform afspraken |
eerste twee jaar: onderzoek en pilot uiterlijk vanaf start derde jaar: invoering structureel meten en registreren conform afspraken |
vanaf eerste jaar: aanbieden gehoorbescherming en voorlichting m.b.t. plaats waar te koop, conform afspraken |
vanaf eerste jaar: aanbieden voorlichting, waar nodig op maat gemaakt, conform afspraken |
vanaf eerste jaar: aanbieden deskundigheidsbevordering, waar nodig op maat gemaakt, conform afspraken |
gedurende de convenantsperiode: onderzoek binnen de onderzoeksagenda en naar de lopende campagnes en andere bewustwordings- en voorlichting maatregelen. Daarnaast vanuit de kennis over voorkomen gehoorschade de leden van het convenant hierover voorlichten. |
|
Taak |
eerste jaar: overgangsperiode vanaf jaar twee: operationeel uitvoeren conform afspraken |
eerste twee jaar: onderzoek en pilot uiterlijk vanaf start derde jaar: invoering structureel meten en registreren of gebruik limiter conform afspraken |
vanaf eerste jaar: aanbieden gehoorbescherming en voorlichting m.b.t. plaats waar te koop, conform afspraken |
vanaf eerste jaar: onderzoeken welk materiaal nodig is, waar nodig op maat gemaakt. vanaf tweede jaar: aanbieden conform afspraken |
vanaf eerste jaar: gezamenlijk met voorlichtings-partij(en) aanbieden aan leden en werknemers conform afspraken |
n.v.t. |
|
Bijdrage |
ondersteuning operationeel krijgen en houden max. juiste geluidsniveau |
ondersteuning operationeel krijgen en houden juiste geluidsmetingen of gebruik limiters |
voorlichting/ondersteuning mbt aanbieden gehoorbescherming en/of voorlichtingsmateriaal voor professional vanaf eerste jaar |
bijdrage vanuit expertise binnen voorlichting en bewustwording en/of onderzoek naar communicatie en bewustwording |
bijdrage vanuit expertise binnen deskundigheidsbevordering en/of onderzoek naar deskundigheidsbevor-dering |
iedereen levert een bijdrage binnen het onderzoek waar relevant om een zo geslaagd mogelijk onderzoek voor het gehele convenant te realiseren |
|
Geen taak |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
n.v.t. |
Titel
Meetprotocol convenant geluid in Nederland
Doel
Dit meetprotocol is bedoeld voor de uitvoering van geluidsmetingen in het kader van het convenant geluid Nederland, getekend op 5 december 2018 en gepubliceerd in de Staatscourant op 17 januari 2019.
Instrumentatie
De geluidsmetingen moeten worden uitgevoerd met integrerende geluidsniveaumeters, voorzien van de uitlezing Leq (equivalent geluidsniveau). De geluidsniveaumeter, inclusief microfoon en microfoonkabel, moet minimaal voldoen aan de nauwkeurigheid zoals omschreven in IEC 61672-1:2013 voor class 2. In Nederland is deze norm vertaald als NEN-EN-IEC 61672-1:2014 (Elektro-akoestiek – Geluidniveaumeters).
Het gehele meetsysteem dient tenminste eens in de 2 jaar te worden gekalibreerd met een akoestische ijkbron die voldoet aan de eisen uit IEC 60942 class 2. In Nederland is deze norm vertaald als NEN-EN-IEC 60942:2018 (Elektro-akoestiek – IJkbronnen voor geluid).
Meetmethodiek
Meethoogte:
De meethoogte bedraag 2 meter boven de lokale vloer in het publieksvlak.
Meetpositie:
De voorkeurspositie is in het midden van het publieksvlak.
Het mogelijke praktische meetgebied is in het publieksvlak met een variatie van ¼ tot ¾ ten opzichte van de breedte van het publieksvlak en idem met een variatie van ¼ tot ¾ ten opzichte van de afstand podiumrand tot achterste rij publieksvlak.
Het eventuele balkongedeelte wordt daarbij niet meegerekend, de diepte van het publieksvlak is dan van de podiumrand tot de balkonrand.
Vergelijking:
Indien een meetpositie in het midden van het publieksvlak niet mogelijk is dan kan er een vergelijkingsmeting worden uitgevoerd tussen het midden en de uiteindelijke positie van de meetmicrofoon. Het verschil moet dan als correctiefactor worden ingevoerd in de geluidsmeter. Het alternatief is om op de uiteindelijke meetpositie een navenant lagere (of hogere) waarde aan te houden als richtwaarde.
Voorbeeld vergelijking:
Midden op de dansvloer is 103 dB(A) gemeten met een testsignaal (bijv. ruis, voorkeur brown noise), de meetmicrofoon is aan de zijkant van de zaal geplaatst en geeft 99 dB(A) aan. Het verschil van 4 dB kan ingevoerd worden in het meetapparaat, zodat het meetapparaat ook 103 dB(A) aanwijst. Als alternatief kan de uitlezing aan zijkant van 99 dB(A) als hoogste waarde worden aangehouden
Meet plattegrond

Definities:
b = breedte van het publieksvlak in meters
d = diepte van het publieksvlak in meters
MP = geometrisch MiddelPunt van het publieksvlak
rode ellipsvorm: voorkeursmeetgebied rondom middelpunt MP
Deze onderzoeksagenda van het Vierde Convenant Preventie Gehoorschade versterkte muziek bestaat uit een, niet limitatieve, groslijst van actuele kennislacunes en onderzoeksvragen die de praktische uitvoering van het convenant kunnen bevorderen.
1. Update en uitbreiding van het meetprotocol voor locaties en situaties waarvoor het huidige meetprotocol niet geschikt is;
2. Risicogestuurde differentiatie met betrekking tot het beheersen en/of meten van geluidniveaus;
3. Inzichtelijk en bruikbaar maken van de resultaten van geluidsmetingen per branche en/of locatie;
4. Differentiatie van (maximale) geluidniveaus, o.a. naar verschillende muzieksoorten en locaties;
5. Advisering over geluidstechnische oplossingen en bouwkundige/akoestische toepassingen om de luidheidservaring te bevorderen en het geluidniveau te beheersen;
6. Advisering over zinvolle dB(C) waarden om in het convenant op te nemen;
7. Herijking van de afgesproken geluidniveaus voor minderjarigen (tot 18 jaar);
8. Experimenteel belevingsonderzoek naar wenselijke geluidniveaus voor bezoekers;
9. Onderzoek naar bewustwording en gedrag van bezoekers en professionals omtrent risico’s en preventie van gehoorschade;
10. Aanvullend onderzoek naar de relatie tussen ultra lage bastonen en gehoorschade, en in welke mate de huidige gehoorbeschermingsmiddelen hiertegen bescherming bieden.
Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) vindt de preventie van gehoorschade belangrijk omdat gehoorschade onomkeerbaar is en de gevolgen ernstig zijn. Daarom zet het ministerie in samenwerking met betrokken partijen zich in voor een veiliger luisterklimaat en het stimuleren van verantwoord luistergedrag door bezoekers en werknemers. Het ministerie heeft een faciliterende rol bij de uitvoering van het convenant.
zet zich middels ondertekening van dit convenant op de volgende manier in voor de volgende onderwerpen
1. Geluidniveau
Concrete activiteiten:
• VWS zal de mogelijkheden verkennen om samen met de convenantpartners maximumgeluidniveaus internationaal op de agenda te zetten.
Wat wil VWS wanneer bereikt hebben?
• In Q4 van 2024 zijn de mogelijkheden in kaart gebracht. In 2025 en verder worden de nader te specificeren relevante acties ondernomen.
2. Geluidsmetingen
Concrete activiteiten:
• VWS faciliteert de geluidsmetingen door opdracht te verlenen aan een derde partij voor het registreren van geluidsmetingen en voor het geanonimiseerd en geaggregeerd delen van de resultaten.
Wat wil VWS wanneer bereikt hebben?
• Voortzetting van (huidige) registratiesysteem is operationeel bij start van convenant.
• Waar mogelijk volgt eventueel benodigde uitbreiding en aanpassing van het registratiesysteem in afstemming op de inzet en het daarvoor aangegeven tijdpad van de overige convenantpartijen.
3. Gehoorbescherming
Concrete activiteiten:
• VWS faciliteert het dragen van gehoorbescherming via subsidiëring van de I Love My Ears campagne.
• VWS zal de Alcoholwet aanpassen waardoor gehoorbescherming wordt uitgezonderd van het kleinhandelsverbod en er geen wettelijke belemmeringen meer zijn voor de verkoop van gehoorbescherming in de horeca.
Wat wil VWS wanneer bereikt hebben?
• VeiligheidNL is in staat haar bijdrage uit te voeren conform de voor het dragen van gehoorbescherming afgesproken doelen en tijdspad.
• Over twee jaar zijn er geen wettelijke belemmeringen meer die bezoekers van horeca gelegenheden verhinderen om ter plekke gehoorbescherming te kopen.
4. Voorlichting aan bezoekers
Concrete activiteiten:
• VWS subsidieert de I Love My Ears campagne.
Wat wil VWS wanneer bereikt hebben?
• VeiligheidNL is in staat haar bijdrage uit te voeren conform de voor I Love My Ears afgesproken doelen en tijdspad.
5. Deskundigheidsbevordering van werknemers
Concrete activiteiten:
• VWS faciliteert deskundigheidsbevordering van werknemers voor zover deze onderdeel is van de I Love My Ears campagne.
Wat wil VWS wanneer bereikt hebben?
• VeiligheidNL is in staat haar bijdrage uit te voeren conform de voor I Love My Ears afgesproken doelen en tijdspad.
6. Kennis en onderzoek
Concrete activiteiten:
• VWS faciliteert de uitvoering van een lerende evaluatie. VWS zal hiervoor een derde partij aanwijzen om dit proces op zich te nemen en deze partij financieren.
• VWS zal, bovenop het voor kennis en onderzoek bestemde deel van de instellingssubsidie van VNL, waar mogelijk aanvullend onderzoek faciliteren naar de in de bijlage 3 benoemde onderzoeksvragen.
• VWS zal zich inzetten om meer zicht te krijgen op de prevalentie van gehoorschade, bijvoorbeeld door opname van gehoorschade in de Landelijke Leefstijlmonitor.
• Gehoorschade wordt meegenomen in het 7e preventieprogramma van ZonMW.
Wat wil VWS wanneer bereikt hebben?
• Onderzoek naar kritieke onderzoeksvragen voor de uitvoering van het convenant zoals de aanpassing van het meetprotocol en de aanpak van de risicogestuurde differentiatie met betrekking tot het beheersen en/of meten van geluidniveaus zullen in Q1 van 2024 in gang worden gezet. De opbrengsten moeten in Q4 van dat jaar beschikbaar zijn.
• Opname van gehoorschade in de Landelijke Leefstijlmonitor is in 2026 gerealiseerd.
De Vereniging van Evenementen Makers (VVEM) en de Vereniging Nederlandse Poppodia en -Festivals (VNPF) vertegenwoordigen een groot deel van de muzieklocaties in Nederland. Op poppodia en bij evenementen wordt versterkte muziek met een passend volume gebruikt om de bezoekers een optimale6 beleving te geven. De leden, denk aan organisatoren, muzieklocaties en betrokken leveranciers binnen de VVEM en VNPF, doen dat graag, goed en vaak. Het instellen van een passend volume en het meedoen met goede maatregelen passen bij goed ondernemerschap in de entertainmentindustrie en de cultuursector.
zetten zich middels ondertekening van dit convenant op de volgende manier in voor de volgende onderwerpen:
1. Geluidniveau
De VNPF en de VVEM zorgen ervoor dat hun leden de audio-emissies beperken tot een hoogste equivalent gemiddeld geluidniveau van Leq=103 dB(A), gemeten over 15 minuten.
Naar de aangesloten partijen wordt benadrukt dat het streven is zo min mogelijk het maximum geluidniveau te benaderen. Er wordt gestimuleerd dat de betrokken professionals in de keten samenwerken om het geluidniveau waar mogelijk, met behoud van een optimale beleving, omlaag te brengen. Concrete gedachten en manieren daarbij zijn:
• Door doordachte communicatie, betrokkenheid en een positieve benadering.
• Door blijvend en duidelijk uit te leggen wat de redenen en voordelen zijn van het ons committeren aan het convenant. Wij communiceren hoe dit commitment de branche als geheel ten goede komt en waarom het belangrijk is voor individuele leden om bij te dragen.
• We benadrukken het belang van deze vorm van zelfregulering binnen de branche. We laten leden zien dat het naleven van de norm bijdraagt aan een positief beeld van een sterke en maatschappelijk verantwoordelijk opererende branche.
• Op logische momenten (ledendagen, conferenties, vakbeurzen, ledenvergaderingen) creëren we ruimte voor open gesprekken en discussies. We laten leden hun zorgen, suggesties en ideeën delen.
• We zorgen ervoor dat bij ons aangesloten leden volledig begrijpen wat het convenant inhoudt en waarom het relevant is. We geven daarbij voorbeelden van de positieve impact die het kan hebben.
• We organiseren, indien nodig, workshops en/of webinars.
• We houden het convenant en de impact ervan regelmatig tegen het licht. Het is niet voor niets al de vijfde editie.
Onder geluidniveau wordt verstaan het Leq-niveau in dB(A) gemeten over een periode van 15 minuten, aan de mengtafel of een andere voor de gemiddelde geluidsdruk representatieve plek7, op een hoogte van ongeveer 2 meter boven de vloer.
Voor muziekevenementen voor kinderen en jongeren hanteren de VVEM en VNPF de volgende maximale geluidniveaus voor de audio-emissies:
• bij shows voor jonge kinderen (t/m 13 jaar) wordt een maximaal geluidniveau voor de audio-emissie van 91 dB(A) gehanteerd.
• voor shows voor kinderen/jongeren van 14 en 15 jaar is dit maximaal 96 dB(A).
• voor shows voor kinderen/jongeren van 16 en 17 jaar is dit maximaal 100 dB(A). Indicatief voor de leeftijdskeuze is de gekozen doelgroep en/of de aanwezigheid van meer dan 50% van een bepaalde doelgroep.
2. Geluidsmetingen
Het geluidniveau van muzieklocaties wordt gedurende de muziekactiviteit gemeten met geschikte apparatuur (minimaal IEC 61672:2003, klasse 2). De geluidsmetingen worden vastgelegd in een logboek (conform de aanwijzingen van het protocol ‘Soundsken’) en verstuurt aan de Stichting Kwaliteit Evenementen Nederland (SKEN), of een vergelijkbaar deskundige en opererende organisatie.
Muzieklocaties waarvan het maximale volume is beperkt en is afgeregeld door middel van een goed werkende limiter, of die anderszins kunnen aantonen dat ze zich aan de relevante maximale waarden hebben gehouden, kunnen daarover rapporteren op de door de SKEN aangegeven wijze aan de SKEN (of een vergelijkbaar deskundige en opererende organisatie).
De SKEN (of een vergelijkbaar deskundige en opererende organisatie) verzamelt, verwerkt en rapporteert over de metingen aan een door VWS aangewezen onafhankelijke partij, ten behoeve van de afgesproken voortgangsrapportages.
De SKEN (of een vergelijkbaar deskundige en opererende organisatie) verzamelt, verwerkt en rapporteert over de metingen aan de brancheorganisaties VNPF en de VVEM.
De SKEN (of een vergelijkbaar deskundige en opererende organisatie) rapporteert (nog) niet aan individuele leden van de brancheorganisaties; onderzocht wordt of tot een ‘dashboardachtige’ opzet gekomen kan worden.
Mochten er muzieklocaties zijn die de maximale geluidniveaus structureel overtreden, dan worden de VVEM of de VNPF hierover door de SKEN (of een vergelijkbaar deskundige en opererende organisatie) geïnformeerd. Vervolgens gaan de VVEM of de VNPF in gesprek met de muzieklocaties die de maximale geluidniveaus hebben overschreden en geven hun zo nodig tips om de maximale geluidniveaus niet meer te overschrijden.
3. Gehoorbescherming
Bezoekers van muzieklocaties worden in staat gesteld gehoorbescherming met muziekfilter aan te schaffen en worden over die mogelijkheid zoveel mogelijk geïnformeerd.
• Voorafgaand aan het bezoek van een locatie kunnen bezoekers informatie hierover ontvangen, bijvoorbeeld via de bezoekersinformatie die bezoekers voorafgaand aan het bezoek van een locatie ontvangen, bij het aankoopproces van een ticket of via informatie op of bij het ticket.
• Op locatie zorgt het lid waar mogelijk voor informatieverstrekking en verkoop, bijvoorbeeld bij de bar, bij merchandise stands, toiletten, kassa, ingang.
Bij de informatie en de duiding van verkoopplekken kan gebruik worden gemaakt van de materialen uit de I Love My Ears (ILME) campagne.
4. Voorlichting aan bezoekers
Het bevorderen van bewustwording onder bezoekers is van essentieel belang. De VNPF en de VVEM hebben hiermee al sinds 2014 ervaring opgedaan met de I Love My Ears-campagne en zetten deze door. Muzieklocaties worden ook in de komende convenantperiode door de VVEM en VNPF in staat gesteld de ILME-campagnematerialen in te zetten. De VVEM en VNPF zullen hun opgedane ervaringen op het gebied van communicatie en de in het kader van de ILME-campagne ontwikkelde materialen delen met de convenantpartners.
5. Deskundigheidsbevordering van werknemers
De VNPF en de VVEM inventariseren bij de achterban, inclusief de betrokken ketenpartners, welke behoeften en randvoorwaarden er gelden voor de uitvoer van activiteiten op het gebied van deskundigheidsbevordering. Er wordt gewerkt aan deskundigheid door middel van workshops voor betrokken medewerkers. Onderwerpen kunnen o.a. de techniek maar zeker ook de communicatie betreffen.
Door middel van de nieuwsbrieven worden onderwerpen die met het convenant te maken hebben beschreven.
Op een of meer gezamenlijke webpagina(‘s) wordt aan onderwerpen die uitleg behoeven extra aandacht besteed. Die pagina’s zijn ook voor derden, als leden van andere convenantpartners, beschikbaar.
De beschikbaarheid van de e-learnings binnen ILME wordt benadrukt.
Waar mogelijk worden meer kennismaterialen en voorlichtingsmaterialen ontwikkeld. De ervaring van ketenpartners van de VNPF en de VVEM zal waar nodig of gewenst worden ingezet bij overleg met of voor voorlichting aan andere convenantpartners en hun leden.
6. Kennis en onderzoek
De leden van de VNPF en de VVEM zullen waar mogelijk meewerken aan het verkrijgen en verspreiden van kennis.
• Samen met convenantpartners wordt gewerkt aan manieren (inclusief kennis en onderzoek) om te stimuleren dat de betrokken professionals in de keten samenwerken om geluidniveaus, waar mogelijk met behoud van een optimale beleving, omlaag te brengen.
• De VVEM en de VNPF gaan in samenwerking met VeiligheidNL door met het onderzoek wat het eventueel verlagen van de geluidniveaus betekent voor de muziekbeleving.
• De VVEM en de VNPF gaan in samenwerking met VeiligheidNL door met het onderzoek naar de eventuele beïnvloeding van de gezondheid door geluid en met name lage tonen.
• De VNPF en de VVEM doen waar mogelijk mee aan onderzoeken onder professionals en bezoekers.
• De VVEM en VNPF delen graag kennis en ervaringen uit de eigen branche met de convenantpartners.
KHN is de branchevereniging voor de horeca in Nederland. We hebben ongeveer 18.000 leden van een restaurant tot een club van een cafetaria tot een hotel. Voor het convenant preventie gehoorschade zijn binnen onze achterban met name de clubs/discotheken en cafés van belang. KHN vertegenwoordigt niet de gehele horeca markt. In aantallen ondernemingen is ongeveer 50% lid van KHN.
KHN vindt het belangrijk dat er aandacht is voor het stijgende aantal mensen dat een gehoorbeschadiging heeft. Een gehoorbeschadiging is bijna altijd permanent en dus niet of nauwelijks te genezen. De horeca heeft er dan ook belang bij dat gasten op een veilige manier kunnen genieten van de muziek die in horecazaken wordt afgespeeld en dat medewerkers in een geluidsgezonde omgeving kunnen werken.
KHN heeft voor de komende jaren een plan van aanpak gemaakt. Eerst moet een aantal zaken goed uitgezocht worden met name over de uitwerking in de praktijk. De focus ligt hierbij op voorlichting, geluidsmetingen en de rapportage hier over. Belangrijk voor KHN is dat de administratieve lasten voor onze leden beperkt blijven als ook de kosten.
zet zich middels ondertekening van dit convenant op de volgende manier in voor de volgende onderwerpen:
1. Geluidniveau
KHN stimuleert haar leden de audio-emissies beperken tot een hoogste equivalent gemiddeld geluidniveau van Leq=103 dB(A), gemeten over 15 minuten.
2. Geluidsmetingen
Clubs/discotheken
Jaar 2024
Kerntaak: versterkte muziek primaire activiteit met geluidsblootstelling tot max niveau. Hoog risico activiteit.
Vereisten voor een werkbaar monitoring systeem:
• Meetprotocol uit convenant werkbaar voor horeca? Nee, er moet een nieuw meetprotocol worden opgezet voor clubs/discotheken en cafés. Kosten € 5.000–7.500 excl BTW.
• Welke meetapparatuur wordt er gebruikt in clubs/discotheken, zit hier een gemeenschappelijke deler in die opgenomen kan worden in meetprotocol?
• In hoeverre meten en registreren clubs/discotheken? Welke systemen gebruiken zij? Kunnen geluidsmetingen/systemen simpel gekoppeld worden aan Soundsken waarbij de kosten en administratieve lasten voor ondernemers tot een minimum worden beperkt? Als er kosten aan verbonden zijn, wie is bereid deze kosten te dragen?
• In hoeverre maken clubs/disco’s gebruik van limiters? Is het voorgestelde jaarlijkse registratieformulier voor de horeca werkbaar?
Jaar 2025
Dit jaar komen de volgende onderdelen aan bod:
• Naleving inrichten.
• Monitoring systeem testen in de praktijk: is het systeem dat bedacht is werkbaar?
• Per 1 januari 2026 officieel starten met monitoring.
Cafés
Jaar 2026
• Afbakening definitie. In Nederland bestaan ongeveer 8.800 cafés. Niet ieder café levert een risico op gehoorschade.
• Waar liggen de risico’s bij cafés?
• In hoeverre worden er in deze doelgroep al geluidsmetingen gedaan? In hoeverre wordt er gebruik gemaakt van limiters?
Jaar 2027
Het opzetten van een monitoring systeem dat voor deze doelgroep simpel, haalbaar, betaalbaar en werkbaar is.
3. Gehoorbescherming
Dit geldt alleen voor clubs/discotheken.
Bezoekers worden in staat gesteld gehoorbescherming aan te schaffen en worden over die mogelijkheid zoveel mogelijk geïnformeerd. Dit kan bijvoorbeeld bij de bar, bij merchandise, toiletten, kassa, ingang of bij verstrekking van de entreebewijzen.
Bij de informatie en de duiding van verkoopplekken kan gebruik worden gemaakt van de materialen uit de I love My Ears (ILME) campagne.
4. Voorlichting aan bezoekers
Bij clubs/discotheken creëren we aandacht voor het voorkomen van gehoorschade. Bewustwording bij bezoekers is van essentieel belang.
KHN wil samen met VeiligheidNL gaan kijken hoe de ILME campagne ingezet kan worden in de horeca. Belangrijke boodschappen zijn: draag oordoppen met een muziekfilter, houd voldoende afstand tot de speakers en gun je oren af en toe wat rust.
5. Deskundigheidsbevordering van werknemers
KHN inventariseert bij haar leden welke behoeften en randvoorwaarden er gelden voor het uitvoeren van activiteiten op het gebied van deskundigheidsbevordering.
In ieder geval begint KHN met communicatie naar de leden waar de volgende hoofdboodschappen centraal staan:
• Max geluidniveau van 103 dB(A) gemeten over 15 minuten.
• Beschikbaarheid oordoppen met muziekfilter.
KHN wil onderzoeken of de e-learning binnen ILME ook geschikt is voor horeca. Wanneer dit het geval is, zal KHN deze actief onder de aandacht van de leden brengen.
6. Kennis en onderzoek
KHN en de leden van KHN zullen waar mogelijk meewerken aan het verkrijgen en verspreiden van kennis.
Een 0-meting naar het gebruik van gehoorbescherming en de kennis van gasten over de risico’s van versterkte muziek bij clubs/discotheken is interessant. KHN pakt dit graag op in samenwerking met VeiligheidNL en VWS. Daar is wel externe financiering voor nodig.
De Landelijke Kamer van Verenigingen (LKvV) is een van de grootste studentenorganisaties van Nederland. Als overkoepelend orgaan behartigt zij de belangen van 49 verenigingen, tezamen ruim 47.000 studenten. Op deze verenigingen worden met enige regelmaat, maar niet standaard, feesten met versterkt geluid georganiseerd, waarbij passend volume wordt gebruikt om een goede ervaring te geven.
zet zich middels ondertekening van dit convenant op de volgende manier in voor de volgende onderwerpen:
1. Geluidniveau
De LKvV stimuleert dat haar leden de audio-emissies beperken tot een hoogste equivalent gemiddeld geluidniveau van Leq=103 dB(A), gemeten over 15 minuten.
2. Geluidsmetingen
De LKvV zet zich in om het gebruik van limiters op de verenigingen te handhaven of aan te moedigen. Zij gaat hierover graag in gesprek met (convenants)partners over de mogelijke hulp bij de aanschaf en installatie van limiters voor verenigingen waar deze nog niet aanwezig is. De LKvV stimuleert haar lidverenigingen om, wanneer de limiter aanwezig is, deze te registreren zodat de gemeten waardes gebruikt kunnen worden voor monitoring. Daarbij gaat de LKvV graag in gesprek over het mogelijk maken van makkelijk uit te voeren metingen met simpele meetapparatuur.
3. Gehoorbescherming
De LKvV gaat in gesprek met aanbieders van gehoorbescherming om haar lidverenigingen voordelig gehoorbescherming met muziekfilter aan te kunnen bieden aan de leden van de lidverenigingen. Hierin wordt gebruik gemaakt van kwalitatief goede oordoppen, getest en gecertificeerd. Deze gehoorbescherming wordt verstrekt op een gemakkelijk te bereiken locatie op de lidverenigingen.
4. Voorlichting aan bezoekers
De LKvV neemt deel aan de I Love My Ears campagne en deelt de initiatieven en campagnes omtrent preventie van gehoorschade met haar lidverenigingen zodat zij voorlichting kunnen geven en bewustzijn kunnen creëren. Dit wordt gedaan door middel van nieuwsbrieven, plenaire vergaderingen en sociale media.
5. Deskundigheidsbevordering van werknemers
Elk jaar wordt er tijdens de Sociëteitsdag, georganiseerd door de LKvV, een workshop gegeven aan verenigingsbestuurders over gehoorschade. De bestuurders, technici en barvrijwilligers van de lidverenigingen hebben de mogelijkheid om een e-learning te volgen over gehoorschade. De LKvV faciliteert in kennis over preventie van gehoorschade door lidverenigingen op de hoogte te houden van de ontwikkelingen omtrent preventie van gehoorschade en door lidverenigingen in contact te brengen met convenantpartners wanneer zij daar behoefte aan hebben.
6. Kennis en onderzoek
De LKvV werkt mee aan en blijft op de hoogte van onderzoek dat wordt gedaan naar aanleiding van het convenant. Daarbij gaat zij graag in gesprek over mogelijkheden om de preventie van gehoorschade voort te zetten.
NL Actief zet zich als brancheorganisatie van de fitness in om zoveel mogelijk mensen aan het sporten, bewegen en fitnessen te krijgen om mensen gezonder, fitter en vitaler te krijgen. Ook zetten we ons in om de nadelige effecten zoveel als mogelijk te beperken zoals het voorkomen van blessures, het gebruik van doping of eventuele gehoorschade.
zet zich middels ondertekening van dit convenant op de volgende manier in voor de volgende onderwerpen:
1. Geluidniveau
In het derde convenant is beschreven:
De maximale waarden voor de locaties van NL Actief worden in 2019 bepaald en vastgesteld. Als de gevonden waarden het minimum overschrijden, onderzoekt NL Actief in 2020 vooral het gebruik van limiters om het geluidniveau te beperken. Uit het adviesonderzoek ‘Faciliteren van geluidsmetingen’ van 2023 wordt advies gegeven om de steekproeven te vergroten. NL Actief gaat onderzoek doen op welke wijze de steekproef uitgebreid kan worden.
2. Geluidsmetingen
Om punt 1 op te pakken zullen er geluidsmetingen moeten worden uitgevoerd. NL Actief zal dit periodiek tijdens kwaliteitsaudits meenemen.
3. Gehoorbescherming
Pas na het doen van de metingen zoals beschreven bij 2 zal bepaald worden of het aanbieden en/of adviseren van gehoorbescherming van toepassing is voor de fitnessbranche. Hiernaast zal er toetsing plaatsvinden binnen de branche of er behoefte is aan het dragen van gehoorbescherming of de informatie over dit thema.
4. Voorlichting aan bezoekers
NL Actief zal bijdragen aan de ontwikkeling van de I Love My Ears (ILME) campagne en deze onder de aandacht brengen bij de leden. Indien gewenst kunnen de leden de e-learning volgen.
NL Actief zal de opgestelde communicatie uitingen delen op haar kanalen. De leden van NL Actief worden op gezette tijden geïnformeerd over de inhoud en strekking van het Convenant, waardoor zij zich bewuster worden van hun voorlichtende rol naar hun klanten.
5. Deskundigheidsbevordering van werknemers
Informeren in de literatuur van de fitnesstrainer niveau 3.
NL Actief zal, in de literatuur van de opleiding Fitnesstrainer niveau 3 een passage opnemen over preventie gehoorschade. Hierbij zal een toetsing plaats vinden in de theorie-toets.
De ILME campagne zal onder de aandacht worden gebracht bij de leden. Indien gewenst kunnen de leden de e-learning volgen.
NL Actief zal jaarlijks een artikel plaatsen in het e-zine van NL Actief.
NL Actief zal de opgestelde communicatie uitingen delen op haar kanalen. De leden van NL Actief worden op gezette tijden geïnformeerd over de inhoud en strekking van het Convenant waardoor zij zich bewuster worden van hun voorlichtende rol naar hun klanten.
6. Kennis en onderzoek
NL Actief zal waar nodig bijdragen aan onderzoek en haar kennis delen met andere convenant partners.
zet zich middels ondertekening van dit convenant op de volgende manier in voor de volgende onderwerpen:
1. Geluidniveau
In bioscopen en filmtheaters worden de kinderfilms (voor bezoekers tot 12 jaar, de zgn. ‘kindermatinees’) afgespeeld op een gewogen gemiddelde, over een kwartier gemeten, van minder dan 88 dB(A).
In de praktijk zal een kindermatinee film (gemeten op stand 4,5) tussen de 75 dB(A) en 80 dB(A) uitkomen.
De reguliere films die in bioscopen en filmtheaters worden gedraaid (voor bezoekers van 12 jaar en ouder), worden afgespeeld op een gewogen gemiddelde, over een kwartier gemeten, van minder dan 92,5 dB(A).
In de praktijk zal een reguliere film (gemeten op stand 5; 6; 7) tussen de 80 dB(A) en 89 dB(A) uitkomen.
Wanneer het NVBF-bureau een klacht van een consument binnenkrijgt, wordt deze klacht met het desbetreffende lid besproken. NVBF houdt een lijst bij met binnengekomen klachten en zal bij terugkerende klachten het lid aanspreken.
De technici werkzaam bij de leden stellen de installaties in op het gewenste geluidniveau en we laten steekproeven uitvoeren.
2. Geluidsmetingen
Ieder halfjaar vindt één geluidsmeting plaats in een bioscoop of filmtheater:
• in een reguliere bioscoopzaal;
• in een Dolby (Atmos) zaal;
• in een IMAX-theater.
Per jaar vinden er minimaal 6 metingen plaats.
Het geluidniveau wordt gedurende een bioscoop(film)voorstelling gemeten met daarvoor geschikte apparatuur.
Internationaal wordt binnen de cinema industrie gebruik gemaakt van CLA, dit staat voor ‘Central Listening Area’. Om deze locatie te bepalen, wordt eerst een bovenaanzicht van de zaal, met daarop het stoelenplan, in ogenschouw genomen. De breedte van het CLA loopt vanaf 1/3 van de zaal breedte tot 2/3 breedte. In de lengte loopt deze vanaf 1/3 van het stoelenplan tot 2/3 van het stoelenplan. Doorgaans vormt dit zich tot een rechthoek waarbij het midden van deze rechthoek het exacte CLA is. De meetmicrofoon wordt geplaatst op gemiddeld oorhoogte van een zittend persoon. Dit is ongeveer op 1,2m hoogte en afhankelijk van het type stoel.
CinemaNext (CN) verricht steekproefsgewijs de metingen, verwerkt deze en stelt de rapportages op. Hierin is CN strikt onafhankelijk, blijkende uit dat CN:
• bepaalt bij welke bioscoop of filmtheater wordt gemeten;
• de metingen verricht op geheel zelfstandige wijze en zich daarover verantwoordt in ‘geluidsrapportages’;
• de geluidsrapportages opstelt zonder enige inmenging van de NVBF en haar aangesloten leden.
De NVBF maakt van de metingen, op grond van de aangeboden geluidsrapportages geanonimiseerde samenvattingen.
De NVBF zal jaarlijks de verrichte metingen en ‘geluidsrapportages’ presenteren aan de betrokken convenantpartijen.
Sinds de aansluiting bij de eerdere convenanten zijn er geen geluidsoverschrijdingen geconstateerd. Dit blijft de doelstelling van de NVBF.
De NVBF streeft ernaar om het aantal steekproeven gedurende de looptijd van het convenant te verhogen naar 10 per jaar.
De NVBF streeft ernaar om ieder jaar het aantal metingen met 1 extra te verhogen, zodat we in het vierde jaar op 10 metingen uitkomen.
3. Gehoorbescherming
N.v.t.
4. Voorlichting aan bezoekers
N.v.t.
5. Deskundigheidsbevordering van werknemers
Tijdens de Algemene Ledenvergaderingen en in de nieuwsbrieven wordt er structureel aandacht gegeven aan het thema geluid en gehoorschade. Ook worden de meetrapportages anoniem met de leden gedeeld.
De NVBF zal tevens een uitvraag onder haar leden doen om in beeld te krijgen waar de (kennis)behoefte onder haar leden ligt op het gebied van geluid en gehoorschade. Afhankelijk van de input zal er een (online) bijeenkomst worden georganiseerd.
6. Kennis en onderzoek
De NVBF zal tijdens de looptijd van het convenant contact zoeken met de convenantpartners om te bezien of er in samenwerking tot deskundigheidsbevordering kan worden gekomen.
‘De belangrijkste momenten waanzinnig maken!’ Vanuit dit geloof ondersteunt en versterkt DeBesteSchoolfeesten.nl middelbare scholen, verspreid over heel Nederland, bij het verzorgen van schoolfeesten, diploma-uitreikingen, open dagen en overige schoolevents zoals lustrumfeesten en reünies. Tijdens de schoolfeesten en events die DeBesteSchoolfeesten.nl verzorgt, zet zij zich er voor in dat scholieren op een voor het gehoor veilige manier kunnen genieten van muziek, nu en in de toekomst, en dat zij daarbij geen onherstelbare schade oplopen. Dat doet zij door zich te conformeren aan de vrijetijdsnorm van ‘Veilig geluidniveau in de vrije tijd’ welke gebaseerd is op de Expert Opinion on Music Induced Hearing Loss. Dit wordt geborgd door het geluidniveau tijdens de feesten te monitoren met de inzet van een geluidsmeter. Ook wil zij een bijdrage leveren aan het vergroten van de bewustwording van de risico’s van hard geluid. In de aanloop van een schoolfeest worden middelbare scholen door de DeBesteSchoolfeesten.nl gestimuleerd om ouders en leerlingen te informeren over de gevaren van gehoorschade en het belang van goede gehoorbescherming. DeBesteSchoolfeesten.nl werkt samen met NOIZEZZ, leverancier van gehoorbescherming. In deze samenwerking staat het stimuleren en het informeren van ouders en leerlingen over gehoorschade en het aanbieden van betaalbare gehoorbescherming tijdens het schoolfeest centraal. Daarom wordt er tijdens ieder schoolfeest betaalbare gehoorbescherming aangeboden via een ‘fancy’ oordoppen dispenser. Zij staat open voor samenwerkingen met andere partners om bij te dragen aan educatie over gehoorschade en het stimuleren van gehoorbescherming.
zet zich middels ondertekening van dit convenant op de volgende manier in voor de volgende onderwerpen:
1. Geluidniveau
• DeBesteSchoolfeesten.nl zet zich ervoor in om de audio-emissie tijdens schoolfeesten te beperken en te monitoren binnen de gestelde normen.
• Voor muziekevenementen voor jongeren tussen de 13 en 17 jaar hanteert DeBesteSchoolfeesten.nl een geluidniveau afgestemd op de aanwezigheid van leeftijdsgroepen zoals beschreven in het convenant en is het geluidniveau maximaal 97 dB(A) voor de audio-emissie.
Hierbij is het doel dat tenminste 90% van de metingen binnen de geluidsnormen blijft.
2. Geluidsmetingen
• DeBesteSchoolfeesten.nl committeert zich aan de meetmethodes van het convenant en rapporteert dit als voorgeschreven door de metingen door te sturen naar Soundsken.
• Met de inzet van een decibel meter 10eazy RT Klasse 2 wordt er een hoogste equivalent gemiddeld geluidniveau in Leq, gemeten over iedere 15 minuten, tijdens de gehele duur van het schoolfeest, in het midden van de ruimte op minimaal 0,5 meter boven de hoofden van de leerlingen.
Hierbij is het doel dat het volume bij tenminste 75% van de (met versterkte muziek ondersteunde) feesten en events gemeten wordt.
3. Gehoorbescherming
• DeBesteSchoolfeesten.nl biedt op elk schoolfeest gehoorbescherming aan middels een ‘fancy’ oordoppen dispenser waar docenten en leerlingen betaalbare gehoorbescherming kunnen scoren.
Hierbij is het doel dat er bij tenminste 75% van de (met versterkte muziek ondersteunde) feesten en events oordoppen middels een ‘fancy’ dispenser worden aangeboden.
4. Voorlichting aan bezoekers
• DeBesteSchoolfeesten.nl zet zich ervoor in om het bewustzijn over de gevaren van gehoorschade te vergroten. Middels een informatiepakket dat schoolfeestcommissies c.q. middelbare scholen in de aanloop van het schoolfeest ontvangen, worden zij aangespoord om ouders en leerlingen voorafgaand hierover te informeren.
• Tijdens het schoolfeest plaatst DeBesteSchoolfeesten.nl bij de ‘entree’ een roll-up banner die bezoekers bewust maakt over de gevaren van gehoorschade en de aanwezigheid van betaalbare gehoorbescherming op het schoolfeest middels een oordoppen dispenser, worden er diverse flyers van de I Love My Ears campagne verspreid en wordt er een ‘jingle’ afgespeeld die leerlingen aanspreekt over hun bewustzijn m.b.t. de gevaren van hard geluid.
Hierbij is het doel dat er bij tenminste 75% van de (met versterkte muziek ondersteunde) feesten en events wordt ingezet op bewustwording.
5. Deskundigheidsbevordering van werknemers
• DeBesteSchoolfeesten.nl organiseert tenminste één keer per jaar een workshop (al dan niet verzorgd door externe partijen) voor werknemers en freelancers over de juiste inzet van dB-meters die de kwaliteit van metingen moet doen bevorderen.
6. Kennis en onderzoek
• DeBesteSchoolfeesten.nl is van harte bereid om opgedane kennis te delen met convenantpartners en stelt zich proactief op in het gebied van onderzoek.
De VPT heeft als doel: het bevorderen, verspreiden en uitwisselen van kennis en ervaring op het gebied van de technische en vormgevingsaspecten van de podiumkunsten, voorstellingen en de locaties waar deze plaatsvinden.
De VPT vertegenwoordigd een groot deel van de technische kant van het podiumkunsten veld. Podiumkunsten zijn alle activiteiten waarbij activiteiten op een fysiek/virtueel podium worden verricht voor publiek. De podiumkunsten worden in theaters, op festivals, schoolfeesten, beurzen, begrafenissen, musea etc. toegepast. Ook in de virtuele wereld zijn de podiumkunsten aanwezig. De VPT heeft als doelstelling kennis te delen met haar leden en de omgeving waarin de leden werkzaam zijn, alsmede de belangen van haar leden te behartigen.
De leden van de VPT (theaters, technici en technische bedrijven) zetten zich in om gehoorschade door versterkt geluid te voorkomen. Door onderzoek is nog niet aangetoond dat er een causaal verband is tussen gehoorschade door versterkt geluid bij podiumkunsten. Echter de VPT hanteert hierbij het voorzorgprincipe: als er kans is op serieuze of onomkeerbare schade, dan mag het gebrek aan volledige wetenschappelijke zekerheid niet gebruikt worden als reden om maatregelen uit te stellen.
zet zich middels ondertekening van dit convenant op de volgende manier in voor de volgende onderwerpen:
1. Geluidniveau
De VPT en haar leden zullen zorgen voor bewustwording omtrent de maximale geluidniveaus zoals in het convenant genoemd.
Waar mogelijk zet de VPT zich in om met versterkt geluid onder de Leq=100 dB(A) te blijven, gemeten over 15 minuten.
De VPT zal haar leden gaan activeren om bij de FOH (Front of House/regie) een eenvoudige zichtbare geluidsmeting te verzorgen. De verzamelde informatie heeft tot doel om een grotere bewustwording bij de technici (en locatie eigenaren) te creëren hoe om te gaan met diverse soorten optredens op diverse podia in verschillende omgevingen.
De hieruit verkregen informatie zal de VPT gaan delen met haar leden en de convenantpartijen, met als doel het gesprek aan te gaan omtrent technische mogelijkheden om de gehoorschade door geluidsversterking te voorkomen. Denk daarbij aan opstelling geluidsapparatuur, gebruik geluidsapparatuur, afspraken met optredende artiesten, afstelling monitormix en zaalversterking etc. De VPT zal de informatie delen via het tijdschrift Zichtlijnen, digitale kanalen, live en virtuele bijeenkomsten.
2. Geluidsmetingen
De VPT wil in deze fase voornamelijk inzetten op bewustwording. Op de grote podia wordt door professionele bedrijven geluid permanent gemeten. Echter de meeste leden van de VPT werken met meer dagelijks veranderende omstandigheden, qua optreden, installatie, omgeving etc. Wij willen ons met onze leden inzetten om te komen tot een voor die situaties praktische, efficiënt uitvoerbaar en betaalbare meetmethode.
De VPT zal haar kennis inzetten om te komen tot een manier om geluidsmetingen die gedaan worden in tijdelijke situaties, in elke dag veranderende omstandigheden, te vertalen naar gegevens die vergelijkbaar zijn met de vanuit vaste locaties voor registratie aangeleverde data. Door de tijdelijke situaties en veranderende omstandigheden kan de VPT geen structurele overschrijdingen vaststellen. Artikel 3.2.7 is niet van toepassing.
3. Gehoorbescherming
De VPT zal haar leden aanmoedigingen gebruik te gaan maken van de I Love My Ears campagne materialen. Samen met onze leden zullen we mogelijk nog extra activiteiten ontplooien richting publiek maar meer specifiek richting scholen en jongeren.
4. Voorlichting aan bezoekers
De VPT zal waar mogelijk bezoekers voorlichten over de gevaren van gehoorschade.
5. Deskundigheidsbevordering van werknemers
De VPT zal bijeenkomsten organiseren om met haar leden kennis te delen met andere partijen in de keten zoals docenten, technici en meer specifiek amateurtechnici, ambtenaren en andere gebruikers van geluidssystemen.
De VPT zal uit haar midden ervaringsdeskundigen verzoeken zich kenbaar te maken aan andere partijen in de keten.
De VPT zal met haar leden werken aan een richtlijn voor verantwoord versterkt geluid.
6. Kennis en onderzoek
De VPT onderschrijft de onderzoeksagenda uit het convenant. Zij zal haar medewerking verlenen aan de onderzoeksvragen met kennis en specialisten uit haar netwerk. Waar nodig zal zij leden benaderen om aan onderzoeksvragen met hun kennis mee te doen.
OSAT initieert, stuurt en coördineert het overleg tussen het werkveld en het podiumtechnisch onderwijs.
OSAT vertegenwoordigt alle 17 MBO-opleidingen die Podium- en Evenementen Techniek (PET) geven op niveau 2, 3 of 4: Vista (Arcus) College; Deltion College; Friesland College; Grafisch Lyceum Rotterdam; Herman Brood Academie; MBO College Hilversum (ROC van Amsterdam); Mediacollege Amsterdam; Noorderpoortcollege; TechNova (A12) College; ROC Friese Poort; ROC Tilburg; ROC van Twente; Curio College; SintLucas; Albeda College; ROC Midden Nederland; Rijnijssel College.
In een plenaire bijeenkomst 29 september 2020 (waar OSAT onderwijsveld, Werkveld en Bestuur vertegenwoordigd waren) is besloten dat OSAT namens de opleidingen het Convenant zal ondertekenen.
Het onderwijzen aan studenten over een passend volume en het toepassen van goede maatregelen, sluiten aan bij een verantwoorde werkwijze van toekomstige technici in de entertainmentindustrie en de cultuursector. De te onderwijzen wet- en regelgeving en Best Practices zijn vastgelegd in de Kwalificatie Dossiers Podium- en Evenemententechniek. Dit dossier is in september 2023 vernieuwd.
zet zich middels ondertekening van dit convenant op de volgende manier in voor de volgende onderwerpen:
1. Geluidniveau
De audio-emissies beperken tot een hoogste equivalent gemiddeld geluidniveau van Leq=103 dB(A), gemeten over 15 minuten.
Onder geluidniveau wordt verstaan het Leq-niveau in dB(A) gemeten over een periode van 15 minuten, aan de mengtafel of een andere voor de gemiddelde geluidsdruk representatieve plek, op een hoogte van ongeveer 2 meter boven de vloer.
Voor muziekevenementen voor kinderen en jongeren worden de volgende maximale geluidniveaus voor de audio-emissies gehanteerd:
– bij shows voor jonge kinderen (t/m 13 jaar) wordt een maximaal geluidniveau voor de audio-emissie van 91 dB(A) gehanteerd.
– voor shows voor kinderen/jongeren van 14 en 15 jaar is dit maximaal 96 dB(A).
– voor shows voor kinderen/jongeren van 16 en 17 jaar is dit maximaal 100 dB(A).
Indicatief voor de leeftijdskeuze is de gekozen doelgroep en/of de aanwezigheid van meer dan 50% van een bepaalde doelgroep.
2. Geluidsmetingen
Studenten doen kennis op over het meten van het geluidniveau van muzieklocaties: met geschikte apparatuur (minimaal IEC 61672:2003, klasse 2).
3. Gehoorbescherming
Studenten doen kennis op over voor bezoekers aan te schaffen gehoorbescherming. Dit kan bijvoorbeeld bij de bar, bij merchandise stands, toiletten, kassa, ingang of bij verstrekking bij de entreebewijzen. Ook kunnen bezoekers voorafgaand aan het bezoek van een locatie informatie ontvangen. Bijvoorbeeld via de bezoekersinformatie die bezoekers voorafgaand aan het bezoek van een locatie ontvangen, bij het aankoopproces van een kaartje of via informatie op het kaartje. In de muzieklocatie zelf worden bezoekers ook geïnformeerd. Dit kan bijvoorbeeld via de materialen uit de I Love My Ears (ILME) campagne.
4. Voorlichting aan bezoekers
Het bevorderen van bewustwording onder bezoekers is van essentieel belang. OSAT stimuleert haar opleidingen mee te doen aan de ILME campagne, zowel voor de studenten zelf als voor gebruik voor de bezoekers waar zij in hun stageplaats mee te maken krijgen.
5. Deskundigheidsbevordering van werknemers
De beste deskundigheidsbevordering is een goed opgeleide student die de opgedane kennis toepast op zijn/haar stageplek (en baan). Zij zijn de werknemers van de toekomst!
6. Kennis en onderzoek
OSAT doet waar mogelijk mee aan onderzoeken onder (toekomstige) professionals en bezoekers.
VeiligheidNL is het kenniscentrum voor letselpreventie en zet zich al 40 jaar in om het leven van mensen veilig(er) te maken door veilig gedrag en een veilige omgeving te stimuleren. Veiligheid is niet vanzelfsprekend. Het is het resultaat van onderzoek, van wetenschap, van interventies, van gedrag. VeiligheidNL richt zich op de meest voorkomende en meest ernstige letsels, waar preventie belangrijk én mogelijk is. Vanaf 2018 is de Hoorstichting gefuseerd met VeiligheidNL en zet VeiligheidNL zich ook in voor de monitoring en preventie van gehoorschade door blootstelling aan hard geluid.
zet zich middels ondertekening van dit convenant op de volgende manier in voor de volgende onderwerpen:
1. Geluidniveau
N.v.t.
2. Geluidsmetingen
N.v.t.
3. Gehoorbescherming
• VeiligheidNL informeert bezoekers vanuit de I Love My Ears (ILME) interventie voorafgaand en tijdens het bezoek over het belang van gehoorbescherming. Met behulp van de ‘Doppies’ campagne vraagt VeiligheidNL samen met de ILME partners aandacht voor het belang van gehoorbescherming. Deze campagne benadrukt het belang van zowel aanschaf van adequate gehoorbescherming als het daadwerkelijk dragen hiervan. ‘Doppies’ is onderdeel van de ILME interventie waarvan VeiligheidNL projectleider is.
4. Voorlichting aan bezoekers
• Via ILME worden bezoekers van locaties met versterkte muziek op een positieve manier bewust gemaakt van en gestimuleerd tot het opvolgen van de belangrijkste adviezen om zo lang mogelijk van muziek en het gehoor te genieten, namelijk 1) draag oordoppen met muziekfilter, 2) neem oorpauzes en 3) neem afstand tot de geluidsbron.
• VeiligheidNL inventariseert bij alle convenantpartijen mogelijkheden van en wensen voor voorlichtings- en/of communicatiematerialen. In afstemming met de betrokken convenantpartijen worden materialen ontwikkeld en verspreid.
• VeiligheidNL vervult een coördinerende rol voor de convenantpartners als het gaat om voorlichtings- en/of communicatiematerialen.
5. Deskundigheidsbevordering van werknemers
• VeiligheidNL ondersteunt convenantpartijen bij de inventarisatie van behoeften en randvoorwaarden die gelden voor de uitvoer van activiteiten op het gebied van deskundigheidsbevordering binnen de branche.
• VeiligheidNL faciliteert vanuit de ILME interventie convenantpartijen en hun leden in de ontwikkeling en verspreiding van materialen t.b.v. deskundigheidsbevordering van werknemers.
• VeiligheidNL vervult een coördinerende rol voor de convenantpartners als het gaat om materialen t.b.v. deskundigheidsbevordering van werknemers.
6. Kennis en onderzoek
• Doorlopend vergaart VeiligheidNL op gestructureerde wijze kennis over gehoorschade door blootstelling aan hard geluid in de vrijetijdssfeer. Deze kennis publiceert en deelt VeiligheidNL. N.a.v. deze kennis kan VeiligheidNL convenantpartijen adviseren over de zes onderwerpen in het convenant.
• In het kader van ILME monitort VeiligheidNL bezoekers en werknemers om inzicht te krijgen in bewustwording, kennis en gedrag omtrent risico’s en preventie van gehoorschade in de vrijetijdssfeer.
• VeiligheidNL brengt actuele kennislacunes en onderzoeksvragen in kaart.
• VeiligheidNL vervult een coördinerende rol voor de convenantpartners om onderzoeksvragen te inventariseren en uit te werken tot onderzoeksvoorstellen.
GGD GHOR Nederland is dé belangenbehartiger voor de publieke gezondheid en veiligheid in Nederland. Als overkoepelende brancheorganisatie van de 25 Gemeentelijke Gezondheidsdiensten (GGD’en) en Geneeskundige Hulpverleningsorganisaties in de Regio (GHOR) werken wij mét en vóór onze leden aan het versterken van de publieke gezondheid en veiligheid in Nederland.
GGD’en GHOR bureaus zien gehoorschade als een belangrijk en onomkeerbaar gezondheidsprobleem. GGD’en en GHOR bureaus dragen binnen de mogelijkheden en afspraken die zij hierover met gemeenten maken vanuit verschillende disciplines en kanalen bij aan de preventie en monitoring van gehoorschade.
zet zich middels ondertekening van dit convenant op de volgende manier in voor de volgende onderwerpen:
1. Geluidniveau
In het kader van evenementenadvisering door de GHOR wordt er op de volgende wijze geadviseerd:
Als er tijdens het evenement (harde) muziek ten gehore wordt gebracht is het van belang dat de bezoekers, op een voor het gehoor veilige manier, van deze muziek kunnen genieten. Vanuit gezondheidskundig oogpunt adviseren wij om, waar dat mogelijk is met behoud van een optimale beleving, het geluidniveau onder de 100 dB te brengen. Dit advies is gebaseerd op de rapporten van de Gezondheidsraad8 en de WHO9 uit 2022.
Neem daarom (minimaal) de volgende maatregelen:
• Beperk het geluidniveau waar dat mogelijk is met behoud van een optimale beleving tot een hoogste equivalent gemiddeld geluidniveau gemeten over 15 minuten van Leq=100 dB(A)
• Voor muziekevenementen voor kinderen en jongeren hanteren we de volgende maximale geluidniveaus voor de audio-emissies:
■ Bij shows voor jonge kinderen (t/m 13 jaar) wordt een maximaal geluidniveau voor de audio-emissie van 91 dB(A) gehanteerd.
■ Voor shows voor kinderen van 14 en 15 jaar is dit maximaal 96 dB(A).
■ Voor shows voor jongeren van 16 en 17 jaar is dit maximaal 100 dB(A).
2. Geluidsmetingen
N.v.t.
3. Gehoorbescherming
In het kader van evenementenadvisering door de GHOR wordt er op de volgende wijze geadviseerd:
• Omdat er bij een geluidniveau van 100/103 dB(A) nog steeds risico’s op gehoorschade is, adviseren wij om gehoorbescherming te dragen.
• Zorg dat er op het evenemententerrein gehoorbeschermingsmiddelen verkrijgbaar zijn. Deze gehoorbeschermingsmiddelen dienen op laagdrempelige wijze beschikbaar en goed vindbaar te zijn voor de bezoekers. Vanaf de volgende geluidniveaus is het dragen van adequate gehoorbescherming nodig: voor jongeren en kinderen tot 18 jaar vanaf 88 dB(A) en voor meerderjarigen vanaf 18 jaar en ouder vanaf 92,5 dB(A). De gehoorbescherming dient voldoende te dempen, minimaal 15–20 dB. Tevens dienen de gehoorbeschermingsmiddelen te beschikken over een kwalitatief goed muziekfilter.
• Informeer bezoekers zoveel mogelijk vóór het bezoek over het belang van het dragen van gehoorbeschermingsmiddelen. Dit kan bijvoorbeeld via de bezoekersinformatie die bezoekers voorafgaand aan het bezoek van een muzieklocatie ontvangen, bij het aankoopproces van een kaartje of via informatie op het kaartje. Informeer bezoekers daarnaast op de muzieklocatie zelf. Dit kan bijvoorbeeld via de posters uit de I Love My Ears (ILME) campagne.
4. Voorlichting aan bezoekers
Als adviseur van ouders, kinderen, jeugdigen en scholen vragen GGD’en -binnen de mogelijkheden en afspraken die zij hierover met gemeenten maken vanuit de Jeugdgezondheidszorg en het Programma Gezonde School in hun contacten met ouders, jeugdigen en scholen, periodiek aandacht voor het thema gehoorschadepreventie, signaleren zij risicovol gedrag en dragen zij via het onderwijs bij aan bewustwording bij kinderen en jeugdigen en aan een geluidvriendelijke omgeving. Daarvoor kunnen zij Gezonde School benutten. Tot slot bieden GGD’en ouders en jeugdigen actuele informatie aan over gehoorschadepreventie via de online platforms GroeiGids en JouwGGD.
5. Deskundigheidsbevordering van werknemers
GGD GHOR Nederland ondersteunt de GGD’en bij de uitvoering van preventie gehoorschade door het delen van actuele informatie over gehoorschade preventie en het organiseren van uitwisseling tussen professionals over best practices. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om informatie over het meetprotocol dat wordt gehanteerd door de convenantpartners en informatie over de ILME campagne.
Deze activiteiten worden uitgevoerd samen met VeiligheidNL. De uitvoering hiervan gebeurt bijvoorbeeld via webinars en het verspreiden van informatie op het Kennisnet Platform Preventie Gehoorschade.
6. Kennis en onderzoek
De GGD’en voeren vierjaarlijks de gezondheidsmonitor Jeugd uit. Een deel van de vragen hierin ligt vast, een deel is door de GGD’en zelf in te vullen. Een aantal GGD’en neemt vragen over gehoorschade mee in deze gezondheidsmonitor. De resultaten hiervan zullen gedeeld worden met de conventantpartners
Best practices op het gebied van evenementenbeleid, zoals bijvoorbeeld de gemeente Amsterdam die uitvoert, worden gevolgd en gedeeld met de achterban en de convenantpartners.
WHO global standard for safe listening venues and events 2022: piekgeluidniveau’s (p15), monitoring (p24), akoestiek en geluidssysteem (p31), gehoorbescherming (p39), stiltezones (p 46), deskundigheidsbevordering en voorlichting (p 53).
Advies Gehoorschade door versterkte muziek d.d. 30 november 2022, nr. 2022/30: aansluiten bij WHO advies van 100 dBLAeq, 15 min (p27) en het stimuleren van het gebruik van gehoorbescherming (p27)
Gommer, Verweij, Snijders (2018). Advies maximale geluidniveaus voor muziekactiviteiten. Bilthoven; RIVM.
Het gehanteerde geluidniveau wordt bepaald door de leeftijd van de bezoekersdoelgroep en/of de aanwezigheid van meer dan 50% van een bepaalde leeftijdsgroep. Bij een gemengde groep van 13 t/m 17 jaar wordt 97 dB(A), gemeten over 15 minuten als maximale waarde aangehouden.
‘Optimaal’ is wat subjectief ... maar dat leggen we graag uit:
Bezoekers willen deel uitmaken van iets unieks en speciaals en ze willen deze ervaring delen met gelijkgestemde anderen. Daarnaast wordt het bezoek aan live muziekevenementen gebruikt als middel om bewondering van de artiest (het fan zijn) te demonstreren. Daarnaast bezoekt men live muziek omdat bezoekers nieuwsgierig zijn naar nieuw materiaal van artiesten en ook om nieuwe artiesten of muziekstromingen te ontdekken.
WHO Global standard for safe listening venues & events, ISBN 978-92-4-004311-4 (electronic version), 2022
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-3787.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.