Besluit van de Minister van Klimaat en Groene Groei van 4 november 2024, nr. WJZ/87381004, houdende wijziging van het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Nederlandse Emissieautoriteit 2021 in verband met de Tijdelijke wet inframarginale elektriciteitsheffing

De Minister van Klimaat en Groene Groei,

Gelet op afdeling 10.1.1. van de Algemene wet bestuursrecht;

Gezien de schriftelijke instemming van het bestuur van de Nederlandse Emissieautoriteit;

Besluit:

ARTIKEL I

Het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Nederlandse Emissieautoriteit 2021 wordt als volgt gewijzigd:

Artikel 2b komt te luiden:

Artikel 2b

Aan het bestuur van de NEa wordt mandaat en machtiging verleend voor de bevoegdheden vervat in de artikelen 14, 15, 16 en 23 van de Tijdelijke wet inframarginale elektriciteitsheffing.

ARTIKEL II

Het besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 4 november 2024

De Minister van Klimaat en Groene Groei, S.Th.M. Hermans

Tegen dit besluit kan degene wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken binnen zes weken na de dag van dagtekening van deze Staatscourant een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij de Minister van Klimaat en Groene Groei, directie Wetgeving en Juridische Zaken, Postbus 20401, 2500 EK Den Haag.

TOELICHTING

Omwille van de goede uitvoering van de Tijdelijke wet inframarginale elektriciteitsheffing, wordt artikel 23 aan de opsomming toegevoegd van de bevoegdheden die de Minister van Klimaat en Groene Groei (KGG) aan het bestuur van de Nederlandse emissieautoriteit (NEa) mandateert in het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Nederlandse Emissieautoriteit 2021. Met de toevoeging van dat artikel is het bestuur van de NEa bevoegd om namens de Minister van KGG op verzoek gegevens te verstrekken aan de Autoriteit Consument en Markt en aan de Belastingdienst, voor zover de verstrekking daarvan nodig is voor de uitvoering van de Tijdelijke wet inframarginale elektriciteitsheffing. Dit impliceert dat het bestuur van de NEa ook bevoegd is om namens de Minister van KGG de betreffende gegevens van genoemde partijen in ontvangst te nemen en te verwerken, voor zover dit nodig is voor de uitvoering van de Tijdelijke wet inframarginale elektriciteitsheffing.

Voor zover het om persoonsgegevens gaat, is de NEa namens de Minister van KGG verwerkingsverantwoordelijke in de zin van de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG). Omdat geen sprake is van mandatering van de bevoegdheid om besluiten in de zin van de Algemene wet bestuursrecht, worden AVG-gerelateerde besluiten (bijvoorbeeld op een inzageverzoek) door de Minister van KGG genomen.

De Minister van Klimaat en Groene Groei, S.Th.M. Hermans

Naar boven