Bouw & Infra

Bedrijfstakeigen Regelingen 2025

Verbindendverklaring gewijzigde cao-bepalingen

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Besluit van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 19 november 2024 tot wijziging van het besluit tot algemeenverbindendverklaring van bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst Bedrijfstakeigen Regelingen Bouw & Infra

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

Gelezen het verzoek van Technisch Bureau Bouw & Infra namens alle partijen bij bovengenoemde collectieve arbeidsovereenkomst, strekkende tot algemeenverbindendverklaring van gewijzigde bepalingen van deze collectieve arbeidsovereenkomst;

Partijen ter ener zijde: Bouwend Nederland, de vereniging van bouw- en infrabedrijven, Bond van Aannemers van Tegelwerken in Nederland (Bovatin), Vereniging van Steiger-, Hoogwerk- en Betonbekistingbedrijven (VSB), Vereniging van Infrabedrijven MKB INFRA, Boorinfo Branche Vereniging, Ondernemersorganisatie MKB Bouw, Vereniging Wapeningsstaal Nederland (VWN), Vereniging voor aannemers in de sloop (VERAS), Noordelijke Vereniging Burgerlijke- en Utiliteitsbouw (NVBU), Straatwerk Nederland, Vereniging van Erkende Na-Isolatiebedrijven in Nederland (VENIN), Vereniging Gebouwgeschil Nederland, secties Metselen en Voegen, WoningBouwersNL en Vereniging van Waterbouwers;

Partijen ter andere zijde: FNV en CNV.

Gelet op de artikelen 2, 4 en 5 van de Wet op het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten;

Besluit:

Dictum I

Het besluit tot algemeenverbindendverklaring van bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst Bedrijfstakeigen Regelingen Bouw & Infra1 wordt met inachtneming van dictum II als volgt gewijzigd:

A

De onder dictum I opgenomen bepaling wordt als volgt gewijzigd:

Artikel 2 lid 2 van II. FINANCIERINGSREGLEMENT AANVULLINGSFONDS van Hoofdstuk 3 Stichting Aanvullingsfonds Bouw & Infra komt te luiden:

‘Artikel 2 - Premieverplichting

  • 2. De hoogte van de in lid 1 bedoelde premie wordt jaarlijks door het bestuur van de stichting vastgesteld.

    • Vanaf 1 januari 2025 is de premie vastgesteld op:

      • 3,14% van het door de werkgever aan de werknemer uitbetaalde vast overeengekomen loon (bouwplaatswerknemers), waarvan 0,05%-punt voor rekening komt van de werknemer;

      • 0,10% van het door de werkgever aan de werknemer uitbetaalde bruto salaris (uta-werknemers), waarvan 0,05%-punt voor rekening komt van de werknemer.’

Dictum II

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2025 en heeft geen terugwerkende kracht.

’s-Gravenhage, 19 november 2024

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, namens deze, De directeur Uitvoeringstaken Arbeidsvoorwaardenwetgeving, P. S. Nanhekhan


X Noot
1

Stcrt. 2020, nr. 58904; laatstelijk gewijzigd bij besluit van 30 september 2024 (Stcrt. 2024, nr. 29296)

Naar boven