Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Ministerie van Justitie en Veiligheid | Staatscourant 2024, 31026 | ander besluit van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Ministerie van Justitie en Veiligheid | Staatscourant 2024, 31026 | ander besluit van algemene strekking |
De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
Gelet op artikel 7, zesde lid, van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren en artikel 1 van de Regeling algemene onkostenvergoeding rechterlijke ambtenaren;
Besluit:
De Regeling algemene onkostenvergoeding rechterlijke ambtenaren wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel 1 wordt na ‘jaarlijks’ ingevoegd ‘per 1 januari’.
B
Artikel 2 vervalt.
C
De bijlage bij de Regeling algemene onkostenvergoeding rechterlijke ambtenaren komt voor 2022 als volgt te luiden:
|
Functie |
Totaal |
Toga- vergoeding |
Vakliteratuur |
Kleine consumpties |
Representatie |
|---|---|---|---|---|---|
|
president Hoge Raad procureur-generaal Hoge Raad |
€ 5.492 |
€ 102 |
€ 1.009 |
€ 150 |
€ 4.231 |
|
procureurs-generaal die het College van PG’s vormen |
€ 5.324 |
€ 102 |
€ 1.009 |
€ 150 |
€ 4.063 |
|
plaatsvervangend procureur-generaal bij de Hoge Raad |
€ 3.070 |
€ 102 |
€ 1.009 |
€ 150 |
€ 1.809 |
|
landelijk hoofdadvocaat-generaal hoofdadvocaat-generaal hoofdofficier van justitie |
€ 2.903 |
€ 102 |
€ 838 |
€ 150 |
€ 1.813 |
|
plaatsvervangend hoofdofficier van justitie |
€ 2.219 |
€ 102 |
€ 1.009 |
€ 150 |
€ 958 |
|
vice-president van de Hoge Raad senior raadsheer gerechtshof senior raadsheer Centrale Raad van Beroep senior raadsheer College van Beroep voor het Bedrijfsleven cvp-senior bij de gerechtshoven, CRvB en CBb (overgangsregeling) |
€ 2.049 |
€ 102 |
€ 1.009 |
€ 150 |
€ 788 |
|
senior rechter A senior rechter advocaat-generaal Hoge Raad senior advocaat generaal ressortsparket advocaat-generaal ressortsparket cvp-senior bij de rechtbanken (overgangsregeling) |
€ 1.878 |
€ 102 |
€ 838 |
€ 150 |
€ 788 |
|
senior officier van justitie A senior officier van justitie officier van justitie substituut-officier van justitie officier enkelvoudige zaken |
€ 1.709 |
€ 102 |
€ 838 |
€ 150 |
€ 619 |
|
raadsheer Hoge Raad raadsheer gerechtshof rechter raadsheer Centrale Raad van Beroep raadsheer College van Beroep voor het Bedrijfsleven (senior) gerechtsauditeur, tevens raadsheer-plaatsvervanger in een gerechtshof waarbij hij is aangesteld (senior) gerechtsauditeur, tevens rechter-plaatsvervanger in een rechtbank waarbij hij is aangesteld |
€ 1.541 |
€ 102 |
€ 1.009 |
€ 150 |
€ 280 |
|
griffier (+ substituut-griffier) Hoge Raad |
€ 862 |
– |
€ 428 |
€ 150 |
€ 284 |
|
(senior) gerechtsauditeur rechter in opleiding officier in opleiding |
€ 620 |
– |
€ 470 |
€ 150 |
– |
D
De bijlage bij de Regeling algemene onkostenvergoeding rechterlijke ambtenaren komt voor 2023 als volgt te luiden:
|
Functie |
Totaal |
Toga- vergoeding |
Vakliteratuur |
Kleine consumpties |
Representatie |
|---|---|---|---|---|---|
|
president Hoge Raad procureur-generaal Hoge Raad |
€ 6.435 |
€ 120 |
€ 1.183 |
€ 176 |
€ 4.956 |
|
procureurs-generaal die het College van PG’s vormen |
€ 6.238 |
€ 120 |
€ 1.183 |
€ 176 |
€ 4.759 |
|
plaatsvervangend procureur-generaal bij de Hoge Raad |
€ 3.597 |
€ 120 |
€ 1.183 |
€ 176 |
€ 2.118 |
|
landelijk hoofdadvocaat-generaal hoofdadvocaat-generaal hoofdofficier van justitie |
€ 3.402 |
€ 120 |
€ 982 |
€ 176 |
€ 2.124 |
|
plaatsvervangend hoofdofficier van justitie |
€ 2.600 |
€ 120 |
€ 1.183 |
€ 176 |
€ 1.121 |
|
vice-president van de Hoge Raad senior raadsheer gerechtshof senior raadsheer Centrale Raad van Beroep senior raadsheer College van Beroep voor het Bedrijfsleven cvp-senior bij de gerechtshoven, CRvB en CBb (overgangsregeling) |
€ 2.401 |
€ 120 |
€ 1.183 |
€ 176 |
€ 922 |
|
senior rechter A senior rechter advocaat-generaal Hoge Raad senior advocaat generaal ressortsparket advocaat-generaal ressortsparket cvp-senior bij de rechtbanken (overgangsregeling) |
€ 2.201 |
€ 120 |
€ 982 |
€ 176 |
€ 923 |
|
senior officier van justitie A senior officier van justitie officier van justitie substituut-officier van justitie officier enkelvoudige zaken |
€ 2.003 |
€ 120 |
€ 982 |
€ 176 |
€ 725 |
|
raadsheer Hoge Raad raadsheer gerechtshof rechter raadsheer Centrale Raad van Beroep raadsheer College van Beroep voor het Bedrijfsleven (senior) gerechtsauditeur, tevens raadsheer-plaatsvervanger in een gerechtshof waarbij hij is aangesteld (senior) gerechtsauditeur, tevens rechter-plaatsvervanger in een rechtbank waarbij hij is aangesteld |
€ 1.806 |
€ 120 |
€ 1.183 |
€ 176 |
€ 327 |
|
griffier (+ substituut-griffier) Hoge Raad |
€ 1.010 |
– |
€ 502 |
€ 176 |
€ 332 |
|
(senior) gerechtsauditeur rechter in opleiding officier in opleiding |
€ 727 |
– |
€ 551 |
€ 176 |
– |
E
De bijlage bij de Regeling algemene onkostenvergoeding rechterlijke ambtenaren komt voor 2024 als volgt te luiden:
|
Functie |
Totaal |
Toga- vergoeding |
Vakliteratuur |
Kleine consumpties |
Representatie |
|---|---|---|---|---|---|
|
president Hoge Raad procureur-generaal Hoge Raad |
€ 6.346 |
€ 119 |
€ 1.167 |
€ 174 |
€ 4.886 |
|
procureurs-generaal die het College van PG’s vormen |
€ 6.152 |
€ 119 |
€ 1.167 |
€ 174 |
€ 4.692 |
|
plaatsvervangend procureur-generaal bij de Hoge Raad |
€ 3.547 |
€ 119 |
€ 1.167 |
€ 174 |
€ 2.087 |
|
landelijk hoofdadvocaat-generaal hoofdadvocaat-generaal hoofdofficier van justitie |
€ 3.355 |
€ 119 |
€ 969 |
€ 174 |
€ 2.093 |
|
plaatsvervangend hoofdofficier van justitie |
€ 2.564 |
€ 119 |
€ 1.167 |
€ 174 |
€ 1.104 |
|
vice-president van de Hoge Raad senior raadsheer gerechtshof senior raadsheer Centrale Raad van Beroep senior raadsheer College van Beroep voor het Bedrijfsleven cvp-senior bij de gerechtshoven, CRvB en CBb (overgangsregeling) |
€ 2.368 |
€ 119 |
€ 1.167 |
€ 174 |
€ 908 |
|
senior rechter A senior rechter advocaat-generaal Hoge Raad senior advocaat generaal ressortsparket advocaat-generaal ressortsparket cvp-senior bij de rechtbanken (overgangsregeling) |
€ 2.171 |
€ 119 |
€ 969 |
€ 174 |
€ 909 |
|
senior officier van justitie A senior officier van justitie officier van justitie substituut-officier van justitie officier enkelvoudige zaken |
€ 1.976 |
€ 119 |
€ 969 |
€ 174 |
€ 714 |
|
raadsheer Hoge Raad raadsheer gerechtshof rechter raadsheer Centrale Raad van Beroep raadsheer College van Beroep voor het Bedrijfsleven (senior) gerechtsauditeur, tevens raadsheer-plaatsvervanger in een gerechtshof waarbij hij is aangesteld (senior) gerechtsauditeur, tevens rechter-plaatsvervanger in een rechtbank waarbij hij is aangesteld |
€ 1.781 |
€ 119 |
€ 1.167 |
€ 174 |
€ 321 |
|
griffier (+ substituut-griffier) Hoge Raad |
€ 996 |
– |
€ 495 |
€ 174 |
€ 327 |
|
(senior) gerechtsauditeur rechter in opleiding officier in opleiding |
€ 717 |
– |
€ 543 |
€ 174 |
– |
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, met dien verstande dat:
a. Artikel I, onder C, terugwerkt tot en met 1 januari 2022;
b. Artikel I, onder D, terugwerkt tot en met 1 januari 2023;
c. Artikel I, onder E, terugwerkt tot en met 1 januari 2024.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
’s-Gravenhage, 9 september 2024
De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, T.H.D. Struycken
De algemene onkostenvergoeding voor rechterlijke ambtenaren wordt jaarlijks per 1 januari geïndexeerd op basis van de afgeleide consumentenprijsindex (CPI). Eerder vond de jaarlijkse indexering plaats aan de hand van de afgeleide CPI over het gehele voorgaande kalenderjaar. Sinds 1 januari 2014 wordt voor de indexering een gewijzigde periode van twaalf maanden aangehouden. Door een technische fout is destijds in de toelichting een verkeerde indexeringsperiode omschreven, te weten oktober tot en met september, die met deze wijziging hersteld wordt. De periode van twaalf maanden die voor de indexering is aangehouden betreft namelijk die van de maanden september tot en met september.
De indexering van de bedragen van de algemene onkostenvergoeding voor het jaar T geschiedt dus op basis van de afgeleide CPI over de periode van september van het jaar T min 2 tot en met september T min 1. Het te hanteren indexeringspercentage is zo vóór de ingangsdatum van 1 januari bekend en herberekeningen en nabetalingen zijn niet nodig. Artikel 2 van de Regeling algemene onkostenvergoeding rechterlijke ambtenaren (hierna: de regeling) kan komen te vervallen, gelet op de terugwerkende kracht die niet meer vereist is.
Nu artikel 2 van de regeling bepaalde dat de indexering per 1 januari plaatsvindt, is dit thans in artikel 1 van de regeling bepaald.
Op grond van artikel 1 van de regeling zijn de bedragen, vermeld in de bijlage als bedoeld in artikel 3 van de regeling, per 1 januari 2022 geïndexeerd met 2,57%. Dit is de afgeleide CPI over de periode september 2020 tot en met september 2021 zoals deze volgt uit berekeningen van het CBS.
Op grond van artikel 1 van de regeling zijn de bedragen, vermeld in de bijlage als bedoeld in artikel 3 van de regeling, per 1 januari 2023 geïndexeerd met 17,16%. Dit is de afgeleide CPI over de periode september 2021 tot en met september 2022 zoals deze volgt uit berekeningen van het CBS.
Op grond van artikel 1 van de regeling zijn de bedragen, vermeld in de bijlage als bedoeld in artikel 3 van de regeling, per 1 januari 2024 geïndexeerd met -1,39%. Dit is de afgeleide CPI over de periode september 2022 tot en met september 2023 zoals deze volgt uit berekeningen van het CBS.
In de bijlage van artikel 3 zijn de volgende bedragen opgenomen: het totaalbedrag op jaarbasis en de bedragen op jaarbasis per deelpost.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt voor onderdeel C terug tot en met 1 januari 2022, voor onderdeel D terug tot en met 1 januari 2023 en voor onderdeel E terug tot en met 1 januari 2024. Dit is voor onderdelen C en D nodig teneinde de geïndexeerde bedragen voor die jaren nog toe te kunnen passen. Voor onderdeel E is de terugwerkende kracht nodig teneinde de nieuwe geïndexeerde bedragen toe te passen voor het gehele jaar 2024. Dit is te rechtvaardigen omdat uit de regeling volgt dat de indexering jaarlijks per 1 januari plaatsvindt. De indexering in de jaren 2022 en 2023 is louter begunstigend voor de rechterlijke ambtenaren. De niet-begunstigende indexering in het jaar 2024 is reeds voorafgaand aan 1 januari 2024 per circulaire bekendgemaakt.
’s-Gravenhage, 9 september 2024
De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, T.H.D. Struycken
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2024-31026.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.