NWO-Talentprogramma, Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek

Vidi 2024

Call for proposals

Inhoudsopgave

1

Inleiding

1

 

1.1

Achtergrond

1

 

1.2

Beschikbaar budget

2

 

1.3

Indieningsdeadlines

2

2

Doel

2

 

2.1

Doelstelling van het programma

3

 

2.2

Maatschappelijke impact

3

3

Voorwaarden voor aanvragers

3

 

3.1

Wie kan aanvragen

4

 

3.2

Wat kan aangevraagd worden

4

 

3.3

Het opstellen en indienen van de vooraanmelding en de aanvraag

4

 

3.4

Indieningsvoorwaarden

8

 

3.5

Subsidievoorwaarden

9

4

Beoordelingsprocedure

12

 

4.1

De San Francisco Declaration (DORA)

13

 

4.2

Procedure

13

 

4.3

Criteria

17

5

Subsidieverplichtingen

18

6

Contact en overige informatie

21

 

6.1

Contact

21

 

6.2

Overige informatie

21

7

Bijlage

21

 

7.1

Toelichting op budget

21

1 Inleiding

In deze Call for proposals leest u hoe de aanvraagprocedure is ingericht voor de subsidieronde NWO- Talentprogramma Vidi 2024. Deze Call for proposals valt onder de verantwoordelijkheid van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO).

U vindt in deze Call for proposals achtereenvolgens informatie over het doel van dit programma (hoofdstuk 2), de voorwaarden voor de subsidieaanvraag (hoofdstuk 3) en hoe uw aanvraag wordt beoordeeld (hoofdstuk 4). Deze informatie heeft u nodig om een aanvraag voor subsidie te kunnen indienen. In hoofdstuk 5 vindt u de subsidieverplichtingen die van toepassing zijn in geval van toewijzing. In hoofdstuk 6 staan de contactgegevens en in hoofdstuk 7 de bijlagen.

1.1 Achtergrond

Het NWO-Talentprogramma kent drie financieringsvormen, afgestemd op verschillende fasen in de wetenschappelijke carrière van onderzoekers (Veni, Vidi en Vici). De Veni is voor pas gepromoveerde onderzoekers, de Vidi voor ervaren onderzoekers en de Vici voor onderzoekers die hebben aangetoond een eigen onderzoekslijn te kunnen ontwikkelen.

Elke subsidievorm kent één indienronde per jaar en heeft een afzonderlijke Call for Proposals.

De aanvragen worden in het Talentprogramma per wetenschapsdomein behandeld, het gaat om: exacte en natuurwetenschappen (ENW), sociale en geesteswetenschappen (SGW), toegepaste en technische wetenschappen (TTW) en zorgonderzoek en medische wetenschappen (ZonMw). Kies het domeinloket dat het beste bij uw aanvraag past, zie hiervoor hoofdstuk 3.

De Vidi-ronde 2024 kent negen loketten binnen de vier domeinen van NWO. De domeinen TTW en ZonMw hebben ieder één eigen loket. Domein ENW heeft één loket en zes panels waarin vooraanmeldingen worden behandeld. Domein SGW heeft zes loketten; één loket per disciplinair beoordelingspanel.

  • Exacte en Natuurwetenschappen (ENW);

  • Aard- en milieuwetenschappen;

  • Chemie;

  • Levenswetenschappen;

  • Natuurkunde en Astronomie;

  • Wiskunde;

  • Informatica;

  • Sociale en Geesteswetenschappen (SGW);

  • Cultuur- en taalwetenschappen;

  • Economie en bedrijfskunde;

  • Filosofie, historische wetenschappen en religie;

  • Gedrag en onderwijs;

  • Recht en bestuur;

  • Sociale wetenschappen;

  • Toegepaste en Technische Wetenschappen (TTW);

  • Zorgonderzoek en Medische wetenschappen (ZonMw).

Let op: Indien u twijfelt over welk loket het meest geschikt is voor indiening van de aanvraag, dan dient u tijdig, dus voorafgaand aan het indienen van de vooraanmelding, contact op te nemen met NWO (zie ook paragraaf 3.3.3).

1.1.1 Veranderingen ten opzichte van de vorige Call for proposals

Sinds de Vidi ronde van 2023 is het niet meer mogelijk gebruik te maken van de 75/25% regeling. In deze regeling brachten aanvragers het gehele salaris ten laste van de subsidie en besteedden daarvan 25% maximaal aan neventaken. In deze ronde kunnen aanvragers uitsluitend de salariskosten aanvragen voor de fte die feitelijk direct aan het te honoreren onderzoeksproject besteed wordt. Aanvragers kunnen een keuze maken uit een voltijd- of een deeltijdaanstelling.

Vanaf 2024 geven aanvragers bij Domein ENW zelf aan in welk disciplinair panel zij hun vooraanmelding beoordeeld willen hebben. Voor de uitgewerkte aanvraag verandert er niets.

Vanaf 2024 start NWO met een nieuwe pilot voor vrouwen in de Vidi ronde. Deze pilot is een eerste stap om het doelgroepenbeleid voor vrouwen te verankeren in de bestaande financieringsinstrumenten. NWO wil hiermee bijdragen aan een groei van het aantal vrouwen in hogere wetenschappelijke posities.

In de procedure is de zienswijze vervangen door de mogelijkheid tot het indienen van een verzoek om correctie van een feitelijke onjuistheid. Zie paragraaf 4.2 en 4.2.3 voor nadere informatie.

1.2 Beschikbaar budget

Het subsidieplafond voor deze Call for proposals bedraagt in totaal € 70.550.000 vanuit het budget van het Talentprogramma. Het subsidieplafond per domein is:

  • Het subsidieplafond voor het domein ENW beslaat 31.450.000 euro.

  • Het subsidieplafond voor het domein SGW beslaat 17.850.000 euro.

  • Het subsidieplafond voor het domein TTW beslaat 8.500.000 euro.

  • Het subsidieplafond voor het domein ZonMw beslaat 12.750.000 euro.

Binnen deze Call for proposals worden naar verwachting maximaal 83 aanvragen toegewezen.

  • Circa 37 voor ENW

  • Circa 21 voor SGW

  • Circa 10 voor TTW

  • Circa 15 voor ZonMw.

1.3 Indieningsdeadlines

De deadline voor het indienen van vooraanmeldingen is dinsdag 5 november 2024, voor 14:00:00 CET. De deadline voor het indienen van aanvragen is dinsdag 8 april 2025, voor 14:00:00 CEST.

Bij het indienen van uw aanvraag in ISAAC/Mijn ZonMw dient u ook online nog gegevens in te voeren. Begin daarom ten minste één dag vóór de deadline van deze Call for proposals met het indienen van uw vooraanmelding/aanvraag. Vooraanmeldingen/aanvragen die na de deadline worden ingediend, worden niet in behandeling genomen.

2 Doel

Dit hoofdstuk beschrijft de doelstelling van het programma en de maatschappelijke impact.

2.1 Doelstelling van het programma

Het doel van het NWO-Talentprogramma is creatieve ruimte scheppen voor avontuurlijke, talentvolle, baanbrekende onderzoekers, waarin zij onderzoek naar eigen keuze kunnen doen, een eigen onderzoekslijn kunnen ontwikkelen en hun talent verder kunnen ontplooien.

De Vidi-doelgroep bestaat uit onderzoekers in het stadium van transitie naar leiderschap, waarvoor de Vidi kan bijdragen aan de ontwikkeling van de onderzoeker op dit gebied. Onderzoekers die in aanmerking komen voor een Vidi-subsidie hebben academische kwaliteiten die duidelijk uitstijgen boven wat gebruikelijk is en geven blijk van ontwikkeling van leiderschaps-en mentorkwaliteiten.

De Vidi-subsidie is bedoeld om wetenschappelijk innovatief onderzoek te financieren en hiermee deze onderzoekers de mogelijkheid te geven een onderzoeksgroep op te richten of uit te breiden.

Stimulering vrouwelijke onderzoekers

We nodigen vrouwelijke onderzoekers nadrukkelijk uit om een aanvraag in te dienen. De vertegenwoordiging en doorstroom van vrouwen in de wetenschap loopt helaas sterk achter bij die van mannen (Monitor Vrouwelijke Hoogleraren 2023). NWO en het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) spannen zich gezamenlijk in om dit te doorbreken, met als doel bij te dragen aan de groei van het aantal vrouwen in hogere wetenschappelijke posities. Om die reden start NWO een pilot die moet leiden tot meer toewijzingen voor vrouwen. Wanneer er in het beoordelingsproces meerdere aanvragen vergelijkbaar en tenminste ‘zeer goed’ worden beoordeeld zal de voorkeur worden gegeven aan de vrouwelijke kandidaat.

Voor de exacte uitwerking hiervan, zie paragraaf 4.2.13.

Let op: Om hiervoor in aanmerking te komen, dienen vrouwelijke aanvragers in ISAAC/Mijn ZonMw bij basisgegevens onder het kopje ‘Gender’ de categorie ‘Vrouw’ ingevuld te hebben.

2.2 Maatschappelijke impact

Nieuwe kennis en inzichten vanuit wetenschappelijk onderzoek kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken van vandaag én morgen. Denk aan de energietransitie, gezondheid en zorg, of klimaatverandering. Door interactie en afstemming tussen onderzoekers en mogelijke kennisgebruikers, neemt de kans op het toepassen van kennis toe en daarmee ook de kans op maatschappelijke impact. Via haar beleid op impact bevordert NWO de mogelijke bijdrage vanuit onderzoek aan maatschappelijke vraagstukken door het stimuleren van productieve interacties met maatschappelijke belanghebbenden. Zowel tijdens de ontwikkeling als in de uitvoering van het onderzoek. Dit doet zij op een manier die past bij het doel van het financieringsinstrument.

2.2.1 Impact op maat

Afhankelijk van het doel van het financieringsinstrument kiest NWO een bijbehorende benadering die de kans op maatschappelijke impact optimaal ondersteunt. Het primaire doel van het financieringsinstrument bepaalt de keuze voor de benadering die NWO inzet om kennisbenutting in verschillende fases van het project (aanvraag, uitvoering, na afloop) te bevorderen en de inspanning die van aanvrager(s) en partners gevraagd wordt.

In dit programma wordt de Impact Outlook benadering toegepast. Onderzoekers kunnen hierbij kiezen op welk soort impact ze hun eigen focus willen leggen, en er wordt proportioneel gekeken naar wat er kan voor de overige impact.

NWO biedt een e-learning module aan die geïnteresseerden op weg kan helpen via NWO Impact - Online workshops. Voor meer informatie over het kennisbenuttingsbeleid van NWO zie de website: Kennisbenutting | NWO.

3 Voorwaarden voor aanvragers

Dit hoofdstuk bevat de voorwaarden die gelden voor uw subsidieaanvraag. Eerst wordt beschreven wie subsidie kan aanvragen (paragraaf 3.1) en waarvoor u subsidie kunt aanvragen (paragraaf 3.2). Vervolgens vindt u de voorwaarden voor het opstellen en indienen van de aanvraag (paragrafen 3.3 en 3.4) en specifieke subsidievoorwaarden (paragraaf 3.5).

3.1 Wie kan aanvragen

Aanvragen kunnen worden ingediend door gepromoveerde onderzoekers met of zonder (vast) dienstverband, afkomstig uit binnen- of buitenland. Onderzoekers kunnen een aanvraag indienen als zij hun PhD hebben behaald in de acht jaar voorafgaand aan de peildatum van de ronde, 1 oktober 2024. Voor deze indientermijn kan in bepaalde gevallen extensie worden verleend (zie vanaf paragraaf 3.4.2.).

De hoofdaanvrager dient tijdens de looptijd van het project in dienst te zijn bij de instelling waar het onderzoek plaatsvindt.

Het onderzoek vindt plaats bij één van de onderstaande organisaties. NWO vraagt aanvragers om een ‘inbeddingsgarantie’ afkomstig van de gekozen organisatie (zie paragraaf 3.3.1):

  • Universiteiten gevestigd in het Koninkrijk der Nederlanden;

  • Universitair medische centra;

  • KNAW- en NWO-instituten;

  • het Nederlands Kanker Instituut;

  • het Max Planck Instituut voor Psycholinguïstiek te Nijmegen;

  • NCB Naturalis;

  • Advanced Research Centre for NanoLithography (ARCNL);

  • Prinses Máxima Centrum.

Aanvragers met een deeltijd dienstverband dienen garant te staan voor adequate begeleiding van het project en van alle op het project werkzame personen voor wie subsidie wordt aangevraagd.

Aanvullende voorwaarden:

  • a. Aanvragen worden gedaan door individuele onderzoekers (niet door duo’s of (onderzoeks-)groepen).

  • b. Een aanvrager mag:

    • maximaal één vooraanmelding indienen in de Vidi-ronde 2024;

    • niet voor meerdere subsidievormen binnen het NWO-Talentprogramma in hetzelfde kalenderjaar een aanvraag indienen;

    • voor Vidi maximaal twee keer een vooraanmelding indienen. Indien een in behandeling genomen vooraanmelding/aanvraag tijdens het beoordelingsproces wordt ingetrokken door de aanvrager, telt deze indiening mee voor het maximum aantal indieningen per aanvrager, tenzij dit plaatsvindt in het kader van een door NWO gehonoreerd beroep op de Tegemoetkomingsregeling kindverlof of de Tegemoetkomingsregeling bij overmacht (voor meer informatie hierover zie paragraaf 3.4.4).

  • c. Onderzoekers die eerder een aanvraag toegewezen zagen in een subsidievorm binnen het Talentprogramma (voorheen: de Vernieuwingsimpuls) mogen daarna voor diezelfde subsidievorm niet opnieuw indienen.

  • d. Een onderzoeker mag maximaal 24 maanden voor de geplande einddatum van een lopende Talentprogramma-subsidie (voorheen: Vernieuwingsimpuls) een aanvraag voor een volgende subsidievorm binnen het NWO-Talentprogramma indienen.

3.2 Wat kan aangevraagd worden

Voor een aanvraag in deze Call for proposals kan in totaal maximaal € 850.000 worden aangevraagd. De maximale looptijd van het voorgestelde project is vijf jaar. Als het voorgestelde onderzoek korter van duur is, wordt het maximumbedrag evenredig teruggebracht. Vraag alleen datgene aan wat essentieel is om het project uit te voeren. Een nadere toelichting op de subsidiabele kosten vindt u in de bijlage bij deze Call for proposals (zie paragraaf 7.1).

3.3 Het opstellen en indienen van de vooraanmelding en de aanvraag

Maak gebruik van het juiste loket

De Vidi-ronde 2024 kent negen loketten binnen de vier domeinen van NWO. Domein ENW heeft één loket en zes panels waarin vooraanmeldingen worden behandeld. Domein SGW heeft zes loketten; één per disciplinair beoordelingspanel. De domeinen TTW en ZonMw hebben ieder één eigen loket. Zie voor de loketten paragraaf 3.3.3.

Aanvraag start met een vooraanmelding

Aanvragers dienen een vooraanmelding in te dienen om in aanmerking te komen voor een Vidi. Indien er een positief besluit volgt op de vooraanmelding, wordt de aanvrager uitgenodigd om een volledige aanvraag in te dienen. Indien er een negatief besluit volgt op de vooraanmelding, kan de aanvrager geen volledige aanvraag indienen.

3.3.1 Vooraanmelding

Formulier, online aanvraagsysteem en inbeddingsgarantie

Het is verplicht uw vooraanmelding in het Engels op te stellen.

Voor het opstellen van uw vooraanmelding doorloopt u de volgende stappen:

  • download het vooraanmeldingsformulier vanuit het online aanvraagsysteem ISAAC/Mijn ZonMw of vanaf de website van NWO of ZonMw (op de website van het betreffende financieringsinstrument). ZonMw maakt gebruik van een aangepast vooraanmeldingsformulier. Vooraanmelding in ZonMw dient uitsluitend gebruik te worden gemaakt van dat formulier;

  • vul het vooraanmeldingsformulier in;

  • vul na een gesprek met de instelling waar u beoogt het onderzoek uit te voeren het inbeddingsgarantieformulier in, laat deze door de decaan ondertekenen. Als u bij een instituut zonder decaan werkt, laat het formulier dan door een andere tekenbevoegde ondertekenen. Sla het inbeddingsgarantieformulier op als pdf;

  • vul uw ISAAC- of Mijn ZonMw-account aan met actuele contactgegevens (telefoonnummers en emailadres, inclusief uw mobiele telefoonnummer);

  • vul uw ISAAC-account of Mijn ZonMw-account waar nodig aan door het invullen van het vakje ‘Gender’, zie ‘Stimulering vrouwelijke onderzoekers’ bij paragraaf 2.1;

  • sla het vooraanmeldingsformulier op als pdf-document (zonder beveiliging) en upload deze voor vooraanmeldingen bij Exacte en Natuurwetenschappen (ENW), Sociale en Geesteswetenschappen (SGW) en Toegepaste en Technische Wetenschappen (TTW) in het juiste loket in het online aanvraagsysteem ISAAC (www.isaac.nwo.nl) of voor vooraanmeldingen bij ZonMw in Mijn ZonMw (mijn.zonmw.nl);

  • upload de inbeddingsgarantie los van de vooraanmelding in ISAAC/MijnZonMw.

  • upload de literatuurlijst (zie het kopje optionele bijlagen hieronder) los van de vooraanmelding in ISAAC/Mijn ZonMw.

  • De inbeddingsgarantie en eventueel de literatuurlijst dienen als pdf-bestand (zonder beveiliging) te worden ingediend. Andere bijlagen dan de inbeddingsgarantie en de literatuurlijst zijn niet toegestaan;

  • Het indienen van een vooraanmelding kan alleen via het online aanvraagsysteem ISAAC of Mijn ZonMw. Aanvragen die niet via ISAAC/Mijn ZonMw zijn ingediend, worden niet in behandeling genomen. U bent als aanvrager verplicht een vooraanmelding via het eigen persoonlijke ISAAC-account /Mijn ZonMw in te dienen.

Non-referenten opgeven

  • Het is mogelijk om maximaal drie non-referenten op te geven. Aanvragers kunnen deze non-referenten opgeven in ISAAC of Mijn ZonMw, tegelijk met het indienen van de vooraanmelding. NWO zal deze non- referenten niet benaderen om als externe referent de aanvraag te beoordelen. Let op: Het is alleen mogelijk om non-referenten op te geven bij het indienen van de vooraanmelding. Deze non-referenten gelden voor de gehele beoordelingsprocedure.

Het Evidence-based curriculum vitae in de vooraanmelding

Voeg aan de vooraanmelding het Evidence-based CV van de aanvrager toe. Dit bestaat uit een:

  • beschrijving van het academisch profiel van de aanvrager (maximaal 1200 woorden)

  • beschrijving van maximaal 10 key output items van de aanvrager inclusief toelichting (minimaal 400 en maximaal 700 woorden)

  • kort onderzoeksidee (maximaal 150 woorden).

Let op: U mag enkel kwaliteitsindicatoren gebruiken op het niveau van het individuele output item, zoals indicatoren over een specifiek artikel. U kunt ontvangen bedragen voor losse beurzen etc. noemen. Verwijs niet naar reputatie van publicatieplatformen, maar geef onderbouwing van relevante kwaliteiten en bijdragen. Het is niet toegestaan om lijsten of totale aantallen van publicaties, beurzen of prijzen te noemen, noch is het toegestaan om het totale ontvangen bedrag te noemen.

De inbeddingsgarantie is een verplichte bijlage

De bijlage voor de inbeddingsgarantie dient conform het door NWO aangeboden template opgesteld te worden. De bijlage dient los van de aanvraag in ISAAC of Mijn ZonMw geüpload te worden. De bijlage dient als pdf-bestand (zonder beveiliging) te worden ingediend.

Optionele bijlage vooraanmelding

  • Literatuurlijst voor referenten: Een literatuurlijst van maximaal tien stuks relevante wetenschappelijke literatuur die nauw verwant zijn aan uw onderzoeksidee. NWO gebruikt de literatuurlijst – samen met uw onderzoeksidee, key words en opgegeven discipline – om te zoeken naar potentiële referenten voor uw aanvraag. Uw literatuurlijst zal niet worden voorgelegd aan de commissie. Sla de lijst op als pdf-bestand en upload deze als aparte bijlage in het online aanvraagsysteem ISAAC of Mijn ZonMw.

Andere bijlagen dan hierboven vermelde bijlagen zijn niet toegestaan.

Begin tijdig met de vooraanmelding

Het is belangrijk om tijdig te beginnen met uw vooraanmelding in ISAAC/Mijn ZonMw:

  • indien u nog geen ISAAC/Mijn ZonMw-account heeft, dient deze op tijd te worden aangemaakt om eventuele aanmeldproblemen te voorkomen;

  • nieuwe organisaties moeten eventueel nog door NWO toegevoegd worden aan ISAAC. Werkt een hoofd- en/of medeaanvrager bij een organisatie die niet is opgenomen in de database van ISAAC? U kunt dit dan melden via relatiebeheer@nwo.nl zodat de organisatie kan worden toegevoegd. Hier zijn enige dagen voor nodig. Daarom is het van belang dit uiterlijk een week voor de deadline te melden.

  • u moet ook online nog gegevens invoeren. U bent zelf verantwoordelijk voor het correct invullen van de juiste contactgegevens in uw ISAAC-profiel. Doe dit vóór het indienen van de vooraanmelding.

Vooraanmeldingen die na de deadline worden ingediend, neemt NWO niet in behandeling.

Voor vragen van technische aard verzoeken wij u contact op te nemen met de ISAAC-helpdesk of ZonMw servicedesk, zie contact (hoofdstuk 6).

NWO gaat er vanuit dat de aanvrager de organisatie waar die werkzaam is heeft geïnformeerd over het indienen van de vooraanmelding en dat de organisatie de subsidievoorwaarden van deze Call for proposals aanvaardt.

3.3.2 Aanvraag

Indien er een positief besluit volgt op de vooraanmelding, wordt de aanvrager uitgenodigd om een volledige aanvraag in te dienen. Indien er een negatief besluit volgt op de vooraanmelding, kan de aanvrager geen volledige aanvraag indienen.

Het is verplicht uw aanvraag in het Engels op te stellen.

Het indienen van een aanvraag kan alleen via het online aanvraagsysteem ISAAC of Mijn ZonMw. Aanvragen die niet via ISAAC/ZonMw zijn ingediend, worden niet in behandeling genomen.

Opstellen van uw aanvraag

  • Download het aanvraagformulier vanuit het online aanvraagsysteem ISAAC of vanaf de website van NWO of ZonMw (op de website van het betreffende financieringsinstrument). Het domein ZonMw maakt gebruik van een aangepast aanvraagformulier. Voor aanvragen in het domein ZonMw dient uitsluitend gebruik te worden gemaakt van dat formulier;

  • vul het aanvraagformulier in;

  • vul uw ISAAC of Mijn ZonMw-account aan met actuele contactgegevens (telefoonnummers en e- mailadres, inclusief uw mobiele telefoonnummer);

  • sla het aanvraagformulier op als pdf-document en upload deze in het online aanvraagsysteem ISAAC (www.isaac.nwo.nl) of voor aanvragen bij ZonMw in Mijn ZonMw (mijn.zonmw.nl);

  • voeg optionele bijlagen toe; bijlages dienen los van de aanvraag in ISAAC/Mijn ZonMw geüpload te worden. De bijlages dienen als pdf-bestand (zonder beveiliging) te worden ingediend.

Opzet aanvraag

  • Beschrijving van het onderzoeksvoorstel, ingevulde motivering voor de keuze van instelling en beschrijving van het verband tussen het onderzoeksvoorstel en het profiel van de aanvrager (maximaal 4000 woorden op maximaal 8 pagina’s, inclusief voetnoten);

  • ingevulde paragraaf wetenschappelijke en/of maatschappelijke impact (maximaal 1000 woorden op maximaal 2 pagina’s);

  • ingevulde paragraaf datamanagement; en

  • aanvraagbegroting.

Optionele bijlage(n) aanvraag

  • Indien van toepassing: ingevuld en ondertekend formulier ‘Verklaring cofinanciering’ ter bevestiging van de cofinanciering als pdf-bestand (zie paragraaf 3.5.6);

  • verklaring overschrijding bedrag (zie paragraaf 3.5.6.);

  • inbeddingsgarantie, alleen indien er wijzigingen zijn ten opzichte van de ingediende inbeddingsgarantie in de vooraanmelding.

Andere bijlagen dan hierboven vermelde bijlagen zijn niet toegestaan.

Begin tijdig met de aanvraag:

  • U bent als aanvrager verplicht een aanvraag via het eigen persoonlijke ISAAC/Mijn ZonMw-account in te dienen;

  • organisaties waar u beoogt het onderzoek uit te voeren moeten eventueel nog door NWO toegevoegd worden aan ISAAC;

  • u moet ook online nog gegevens invoeren. U bent zelf verantwoordelijk voor het correct invullen van de juiste contactgegevens in uw ISAAC-profiel. Doe dit vóór het indienen van de aanvraag.

Aanvragen die na de deadline worden ingediend, neemt NWO niet in behandeling. Voor vragen van technische aard verzoeken wij u contact op te nemen met de ISAAC/ZonMw-servicedesk, zie contact (hoofdstuk 6).

3.3.3 Advies over loketkeuze

Voor deze Call geldt dat u een keuze moet maken bij welk loket binnen de Vidi subsidievorm u een aanvraag gaat indienen. U heeft de keuze uit:

  • Exacte- en Natuurwetenschappen (ENW);

  • Toegepaste en Technische Wetenschappen (TTW);

  • Zorgonderzoek en Medische wetenschappen (ZonMw);

  • Sociale en Geesteswetenschappen (SGW), Cultuur en taalwetenschappen;

  • Sociale en Geesteswetenschappen (SGW), Economie en bedrijfskunde;

  • Sociale en Geesteswetenschappen (SGW), Filosofie, historische wetenschappen en religie;

  • Sociale en Geesteswetenschappen (SGW), Gedrag en onderwijs;

  • Sociale en Geesteswetenschappen (SGW), Recht en bestuur;

  • Sociale en Geesteswetenschappen (SGW), Sociale wetenschappen.

Domein ENW heeft één loket en de vooraanmeldingen worden behandeld in zes gescheiden panels. De keuze voor het panel geeft u aan in het aanvraagformulier. U kunt bij ENW kiezen uit zes panels: Aard- en milieuwetenschappen; Levenswetenschappen; Chemie; Natuurkunde en Astronomie; Wiskunde; Informatica. De verdeling van de ENW-subdisciplines over de panels is op de NWO-website te vinden.

Binnen het domein SGW zijn er zes verschillende loketten in ISAAC. De verdeling van de disciplines over de panels zijn op de NWO website te vinden: Panelindeling programma's Domein Sociale en Geesteswetenschappen | NWO.

Bedenk tijdig welk loket het meest geschikt is als loket om uw vooraanmelding in te dienen. Na indiening is uw keuze voor het loket en panel definitief, en bestaat er geen mogelijkheid meer om de aanvraag binnen een ander loket of panel te laten beoordelen. Twijfelt u tussen loketten, bijvoorbeeld omdat uw aanvraag een (deels) loket-overstijgend karakter heeft, neem dan ruim voor de deadline contact op met een van de contactpersonen van de Vidi subsidievorm. Deze persoon kan u adviseren binnen welk loket uw aanvraag het beste kan worden behandeld. U maakt echter zelf de definitieve keuze.

Voor advies kunt u contact opnemen met de volgende domeinen:

ENW:

enw-vidi@nwo.nl

SGW:

sgw-vidi@nwo.nl

TTW:

ttw-vidi@nwo.nl

ZonMw:

vidi@zonmw.nl

Voor de meest actuele telefoonnummers kunt u terecht op de NWO website: https://www.nwo.nl/onderzoeksprogrammas/nwo-talentprogramma.

3.4 Indieningsvoorwaarden

3.4.1 Formele voorwaarden voor indiening

Vooraanmelding

NWO toetst uw vooraanmelding op onderstaande voorwaarden. Alleen als uw vooraanmelding aan deze voorwaarden voldoet, wordt deze toegelaten tot de beoordelingsprocedure. U wordt gevraagd om na indiening van een vooraanmelding twee weken beschikbaar te zijn om eventuele administratieve correcties door te voeren en zo (alsnog) te voldoen aan de voorwaarden voor indiening.

Deze voorwaarden zijn:

  • de aanvrager voldoet aan de in paragraaf 3.1 gestelde voorwaarden;

  • de vooraanmelding voldoet aan de DORA-richtlijnen zoals beschreven in paragraaf 4.1;

  • het vooraanmeldingsformulier is, na eventueel verzoek tot aanvulling of wijziging, compleet en volgens de instructies ingevuld;

  • de vooraanmelding is ingediend via het ISAAC/Mijn ZonMw-account van de hoofdaanvrager;

  • de vooraanmelding is ontvangen voor de gestelde deadline;

  • de vooraanmelding is in het Engels opgesteld;

  • alle vereiste bijlagen zijn, na eventueel verzoek tot aanvulling of wijziging, compleet en volgens de instructies ingevuld en voorwaarden van deze Call for proposals opgesteld en ingediend.

Aanvraag

NWO toetst uw aanvraag op onderstaande voorwaarden. Alleen als uw aanvraag aan deze voorwaarden voldoet, wordt deze toegelaten tot de beoordelingsprocedure. U wordt gevraagd om na indiening van een aanvraag twee weken beschikbaar te zijn om eventuele administratieve correcties door te voeren en zo (alsnog) te voldoen aan de voorwaarden voor indiening.

Deze voorwaarden zijn:

  • De aanvrager voldoet aan de in paragraaf 3.1 gestelde voorwaarden;

  • de aanvraag voldoet aan de DORA-richtlijnen zoals beschreven in paragraaf 4.1;

  • het aanvraagformulier is, na eventueel verzoek tot aanvulling of wijziging, compleet en volgens de instructies ingevuld;

  • de aanvraag is ingediend via het ISAAC/Mijn ZonMw-account van de aanvrager;

  • de aanvraag is ontvangen voor de gestelde deadline;

  • de aanvraag is in het Engels opgesteld;

  • de aanvraagbegroting is volgens de voorwaarden van deze Call for proposals opgesteld;

  • het voorgestelde project heeft een looptijd van maximaal vijf jaar (zie paragraaf 3.2);

  • alle vereiste bijlagen zijn, na eventueel verzoek tot aanvulling of wijziging, compleet en volgens de instructies ingevuld en voorwaarden van deze Call for proposals opgesteld en ingediend.

3.4.2 Carrière-afhankelijke indienperiode en extensieregeling

Deze ronde staat open voor onderzoekers die tussen 1 oktober 2016 en 1 oktober 2024 zijn gepromoveerd.

De datum waarop een aanvrager de doctorstitel mag dragen is in beginsel leidend. Als er meer dan zes maanden zit tussen de verdediging en het voeren van de doctorstitel, dan geldt de datum van de verdediging.

Voor onderzoekers die twee keer een PhD-traject hebben afgerond, geldt dat de datum van de tweede promotie leidend is als peildatum voor indiening.

De genoemde maximum carrière afhankelijke indienperiode kan door NWO worden verlengd als er sprake is van langdurig verlof in verband met ziekte, zorgverlof of een afgeronde opleiding tot een aantal klinisch specialismen.

Verlenging is eveneens mogelijk voor ouders indien zij zorg dragen voor één of meerdere kinderen. Daarnaast is verlenging mogelijk bij een combinatie van bovengenoemde gronden.

De maximale extensie is in alle gevallen 5 jaar.

Voor meer informatie zie https://www.nwo.nl/extensieregeling. Als u gebruik wilt maken van de extensieregeling, neemt u hierover altijd vóór indiening contact op met NWO (zie 6.1).

3.4.3 Tegemoetkomingsregeling Kindverlof

Voor aanvragers die gedurende de beoordelingsperiode verlof hebben in verband met de komst van een kind (kindverlof) biedt NWO, voor instrumenten waarin geen medeaanvragers opgevoerd kunnen worden, de mogelijkheid om gebruik te maken van de 'Tegemoetkomingsregeling kindverlof'. Deze is van toepassing bij deze Call for proposals.

Zie voor meer informatie https://www.nwo.nl/tegemoetkomingsregeling-kindverlof.

Als een aanvrager gebruik wil maken van deze regeling dient deze een met redenen omkleed schriftelijk verzoek in bij NWO via de contactpersoon van deze subsidieronde (zie 6.1). Bij dit verzoek verstrekt de aanvrager alle informatie op grond waarvan NWO een beslissing kan nemen, met inbegrip van informatie waaruit blijkt dat de aanvrager is verhinderd om input te leveren wegens kindverlof.

3.4.4 Tegemoetkomingsregeling bij overmacht

Aanvragers die gedurende een aanvraagprocedure of gedurende de loop van een project verhinderd zijn om tijdig de benodigde input (zoals uw aanvraag, weerwoord, interview of rapportage) te leveren kunnen mogelijk een beroep doen op de NWO Tegemoetkomingsregeling bij overmacht. Zie voor meer informatie: https://www.nwo.nl/tegemoetkomingsregeling-bij-overmacht.

3.5 Subsidievoorwaarden

Op alle aanvragen zijn de NWO Subsidieregeling 2017 en het Akkoord bekostiging wetenschappelijk onderzoek van toepassing.

3.5.1 Naleving Nationale leidraad kennisveiligheid

Wetenschap van wereldklasse kan profiteren van internationale samenwerking. De Nationale leidraad kennisveiligheid (hierna: de Leidraad) helpt kennisinstellingen ervoor te zorgen dat internationale samenwerking veilig kan plaatsvinden. Bij kennisveiligheid gaat het om ongewenste overdracht van gevoelige kennis en technologie die de nationale veiligheid aantast; om heimelijke beïnvloeding van onderwijs en onderzoek door statelijke actoren, en daarmee de academische vrijheid en de sociale veiligheid in gevaar brengt; en om ethische kwesties die kunnen spelen in de samenwerking met landen die de grondrechten niet respecteren.

Het is de verantwoordelijkheid van de aanvrager om na te gaan of het project in lijn is en blijft met de Leidraad. Met het indienen van de aanvraag committeert de aanvrager zich aan de overwegingen in deze Leidraad. In geval van het vermoeden van schending van de Leidraad bij een bij NWO ingediende aanvraag voor projectfinanciering of een door NWO gefinancierd project, kan NWO de aanvrager verzoeken om een risicoafweging te overleggen waaruit blijkt dat de overwegingen uit de Leidraad zijn gevolgd. Indien de aanvrager niet aan het verzoek van NWO voldoet of als de risicoafweging klaarblijkelijk een schending van de Leidraad behelst, kan dit gevolgen hebben voor de subsidieverlening of vaststelling door NWO. Ook kan NWO in een voorkomend geval nadere voorwaarden opnemen in de toewijzingsbrief.

De Nationale leidraad kennisveiligheid vindt u op de website van de rijksoverheid: Home | Loket Kennisveiligheid.

3.5.2 Datamanagement

Resultaten van wetenschappelijk onderzoek moeten kunnen worden gerepliceerd, geverifieerd en gefalsifieerd. In het digitale tijdperk betekent dit dat behalve publicaties ook onderzoeksdata zo veel mogelijk vrij toegankelijk moeten zijn. NWO verwacht dat de onderzoeksdata die voortkomen uit projecten die door NWO zijn gefinancierd zo veel mogelijk vrij beschikbaar komen voor hergebruik door andere onderzoekers.

NWO hanteert daarbij het principe: “zo open als mogelijk, beschermd indien nodig”. Van onderzoekers wordt verwacht dat zij ten minste die data en/of niet-numerieke resultaten die ten grondslag liggen aan de conclusies van binnen het project gepubliceerde werken openbaar maken, gelijktijdig met de publicatie zelf. Eventuele kosten die hiervoor worden gemaakt, kunnen worden meegenomen in de projectbegroting.

Onderzoekers maken kenbaar hoe met data voortkomend uit het project wordt omgegaan aan de hand van de datamanagementparagraaf in de aanvraag, en het datamanagementplan na toewijzing van subsidie.

Datamanagementparagraaf

De datamanagementparagraaf maakt deel uit van de aanvraag. Onderzoekers wordt gevraagd reeds voor aanvang van het onderzoek te bedenken hoe de verzamelde data geordend en gecategoriseerd moeten worden zodat zij vrij beschikbaar kunnen worden gesteld. Vaak zullen al vóór het tot stand komen van de data en de analyse daarvan maatregelen getroffen moeten worden om opslag en deling later mogelijk te maken.

Indien niet alle data voortkomende uit het project openbaar gemaakt kunnen worden, bijvoorbeeld om redenen van privacy, ethiek of valorisatie, dient de aanvrager dit beargumenteerd kenbaar te maken in de datamanagementparagraaf.

De datamanagementparagraaf wordt niet beoordeeld en daarom ook niet meegewogen in de beslissing om een aanvraag al dan niet toe te wijzen. Zowel de referenten als de commissie kunnen wel advies geven met betrekking tot de datamanagementparagraaf.

3.5.3 Wetenschappelijke integriteit

Het project dat NWO financiert moet, conform de NWO Subsidieregeling 2017, uitgevoerd worden in overeenstemming met de nationaal en internationaal aanvaarde normen van wetenschappelijk handelen zoals neergelegd in de Nederlandse Gedragscode Wetenschappelijke Integriteit (2018). Met het indienen van de aanvraag committeert de aanvrager zich aan deze code. In geval van (mogelijke) schending van deze normen bij een door NWO gefinancierd project, dient de aanvrager NWO hiervan onverwijld op de hoogte te stellen en dient deze alle ter zake relevante documenten aan NWO te overleggen. Meer informatie over de gedragscode en het beleid op het gebied van wetenschappelijke integriteit vindt u op de website: Wetenschappelijke integriteit | NWO.

3.5.4 Ethische verklaring of vergunning

Het is de verantwoordelijkheid van de aanvrager om na te gaan of voor de uitvoering van het voorgestelde project een ethische verklaring of vergunning noodzakelijk is. De aanvrager dient er voor te zorgen dat deze tijdig wordt verkregen bij de relevante instelling of ethische commissie. Het wel of niet hebben van een ethische verklaring of vergunning op het moment van het aanvraagproces heeft geen invloed op de beoordeling van de aanvraag. Bij toewijzing wordt de subsidie verleend onder de voorwaarde dat de benodigde ethische verklaring of vergunning vóór de uiterste startdatum van het project is verkregen. Het project kan pas starten nadat NWO een kopie van de ethische verklaring of vergunning heeft ontvangen.

3.5.5 Nagoya Protocol

Het Nagoya Protocol zorgt voor een eerlijke en billijke verdeling van voordelen voortvloeiende uit het gebruik van genetische rijkdommen (Access and Benefit Sharing; ABS). Onderzoekers die voor hun onderzoek gebruikmaken van genetische bronnen in/uit het buitenland dienen zich op de hoogte te stellen van het Nagoya Protocol (ABS Focal Point - ABS Focal Point). NWO gaat er vanuit dat zij de noodzakelijke acties ten aanzien van het Nagoya Protocol nemen.

3.5.6 Additionele bijdrage(n) aan project

Zowel de instelling waar het project wordt uitgevoerd als een derde partij kunnen een (financiële) bijdrage leveren aan het project.

  • Wanneer de instelling een financiële bijdrage levert, dient een ‘Verklaring overschrijding bedrag’ te worden aangeleverd. Dit is bijvoorbeeld het geval als de instelling (een deel van) het salaris van de onderzoeker betaalt.

  • Wanneer een derde partij een bijdrage levert, dient een ‘Verklaring cofinanciering’ te worden aangeleverd.

Zowel de ‘Verklaring overschrijding bedrag’ als de ‘Verklaring cofinanciering’ zijn geautoriseerde verklaringen waarin de betreffende partij garandeert de in de aanvraag genoemde bijdrage voor haar rekening te nemen. Het verplichte format voor de verklaringen staan in ISAAC/Mijn ZonMw en op de financieringspagina.

1: Verklaring overschrijding bedrag

Indien het maximum aan te vragen NWO-subsidiebedrag (€ 850.000) in de aanvraagbegroting overschreden wordt, dient de instelling waar het project zal worden uitgevoerd bij indiening van de aanvraag te garanderen dat zij de overschrijding voor haar rekening neemt indien de aanvraag toegewezen wordt. Indien hier sprake van is dient de aanvrager het formulier ‘Verklaring overschrijding bedrag’ als bijlage te uploaden bij het indienen van de aanvraag. NWO stelt hiervoor het sjabloon beschikbaar op de financieringspagina.

2: Verklaring cofinanciering

In geval van een bijdrage door een derde partij dient bij het indienen van de aanvraag een Verklaring cofinanciering bijgevoegd te worden, ondertekend door de partij die (‘in cash’ of ‘in kind’) bijdraagt. NWO stelt hiervoor een sjabloon Verklaring cofinanciering verplicht die op de financieringspagina’s van de domeinen beschikbaar wordt gesteld.

Definities verklaring cofinanciering:

  • Totale projectkosten: benodigde financiële middelen plus in natura (in kind) bijdragen;

  • Cofinanciering: financiële (in cash) en/of in natura bijdrage(n);

  • In natura (in kind) bijdragen: gekapitaliseerde personele en/of materiële bijdragen van gebruikers.

  • Gebruiker: natuurlijke personen of rechtspersonen (nationaal of internationaal) die de resultaten van het onderzoek kunnen toepassen en kunnen bijdragen aan het bereiken van wetenschappelijke en/of maatschappelijke impact (zie paragraaf 5.1.5);

  • Cofinancier: een organisatie die cofinanciering bijdraagt aan het project.

Voor cofinanciering gelden de volgende uitgangspunten:

  • Financiële bijdragen worden gebruikt ter dekking van een deel van de totale projectkosten en vormen samen met de NWO-bijdrage de benodigde financiële middelen;

  • NWO is hoofdfinancier in de projecten. Projectaanvragen waarbij de cofinanciering van de cofinanciers meer dan 49% van de totale projectkosten bedraagt, worden niet in behandeling genomen;

  • In het geval van TTW: NWO-TTW gaat ervan uit dat verstrekkers van cofinanciering een belang hebben als gebruiker. Cofinanciers en gebruikers nemen altijd deel aan de gebruikerscommissie (zie paragraaf 5.1.5);

  • Er mogen geen voorwaarden gesteld zijn aan de levering van de cofinanciering. Ook mag de levering van de cofinanciering niet afhankelijk zijn van het al dan niet bereiken van een bepaald stadium in het onderzoeksplan (bijv. go/no-go moment).

  • De toegezegde cofinanciering is het netto bedrag dat de aanvrager ontvangt. Als voor toegezegde cofinanciering BTW van toepassing is komt deze bovenop het toegezegde bedrag.

Facturatie in cash cofinanciering

NWO gebruikt de cash cofinanciering ter dekking van een gedeelte van de totale projectkosten. NWO factureert na toewijzing van de aanvraag de partij die zich met een in cash bijdrage heeft gecommitteerd tegenover de aanvrager/projectleider. Na ontvangst worden deze middelen door NWO toegewezen aan het project (budget).

Toelaatbaar als in kind cofinanciering:

  • Personele inzet en materiële bijdragen, op voorwaarde dat de waarde ervan bepaald wordt en dat deze bijdragen volledig onderdeel uitmaken van het project;

  • Diensten en know how mogen bij de kennisinstelling(en) van de aanvrager(s) niet reeds beschikbaar of voorhanden zijn;

  • In kind bijdragen worden alleen geaccepteerd onder de voorwaarde dat het gedeelte dat door de cofinancier wordt ingebracht integraal onderdeel is van het werkplan en als identificeerbare inspanning kan worden gevolgd of aangemerkt.

Waardebepaling in kind cofinanciering:

  • Personele inzet wordt gewaardeerd op basis van uren x tarief. Het uurtarief dient bepaald te worden aan de hand van de Handleiding Overheidstarieven (HOT). Van cofinancierende organisaties wordt verlangd dat zij het best bij de werkelijke loonkosten passende tarief uit deze handleiding kiezen. De tarieven uit HOT gelden eveneens als maximum in geval de werkelijke loonkosten hoger zijn. Bij de bepaling van het uurtarief wordt uitgegaan van een standaard productief aantal uur van 1.400 per jaar. Voor de tarieven, zie tabel 2.1 in paragraaf 2.2, de kolom ‘Uurtarief productieve uren, excl. btw’ van de meest recente HOT op de NWO website (www.nwo.nl/salaristabellen);

  • De waarde voor materiële in kind bijdragen wordt bepaald op basis van kostprijs voor verbruiksgoederen. Commerciële tarieven worden niet geaccepteerd. De waarde van investeringen/apparatuur wordt bepaald op basis van reguliere afschrijvingen, rekening houdend met intensiteit van gebruik en de reeds gedane afschrijvingen volgens van toepassing zijnde verslaggrondslagen;

  • Voor in kind bijdragen in de vorm van diensten of know how (kennis, software, toegang tot databases of cellijnen) geldt dat de waarde in het economisch verkeer vastgesteld moet zijn en dat alleen de werkelijke kosten die direct toe te rekenen zijn aan het project mogen worden meegeteld als cofinanciering. Dit is te allen tijde zonder winstopslag. Daarnaast geldt dat de dienst of know how niet al bij de aanvrager beschikbaar is of voorhanden mag zijn;

  • Cofinanciers dienen de opbouw en hoogte van de opgevoerde in kind-bijdragen incl. de uurtarieven te specificeren in de verklaring cofinanciering. Bij vragen kan NWO verzoeken om nadere motivering en bewijsstukken van de gehanteerde tarieven en eveneens om aanpassing.

Niet toelaatbaar als cofinanciering (zowel in cash als in kind):

  • Door NWO toegekende financiering1;

  • Cofinanciering mag niet afkomstig zijn van instellingen waar op grond van deze Call for proposals het onderzoek uitgevoerd zou kunnen worden zoals beschreven in 3.1, ook als dit een andere instelling is dan waarvoor de aanvrager werkzaam zal zijn of het onderzoek zal uitvoeren;

  • Kortingen op (commerciële) tarieven voor o.a. materialen, apparatuur en/of diensten;

  • Kosten m.b.t. overhead, begeleiding van de AIO’s, adviezen tijdens en/of deelname aan de gebruikerscommissie (zie paragraaf 5.1.5);

  • Kosten voor diensten die voorwaardelijk zijn;

  • Kosten die volgens deze Call for proposals niet worden vergoed (bijv. klinische trials, servicekosten apparatuur);

  • Kosten van apparatuur indien een van de (hoofd)doelen van de onderzoeksaanvraag is om verbetering/meerwaarde te creëren van deze apparatuur.

  • Er mag geen dubbelfinanciering plaatsvinden. Indien een (deel)project door een andere (Europese) subsidieverlener wordt gefinancierd, zal de volledige Vidi aanvraag niet worden toegewezen.

Verantwoording in kind cofinanciering

De aanvrager rapporteert aan NWO over de in kind cofinanciering die hij/zij/hen van een cofinancier heeft ontvangen (zie paragraaf 5.1.1). De aanvrager legt conform de NWO Subsidieregeling 2017 jaarlijkse verantwoording af. Wanneer een cofinancier zijn verplichtingen niet of niet geheel nakomt ten op zichte van de aanvrager kan dit gevolgen hebben voor de subsidievaststelling (zie art 3.4.5 van de NWO Subsidieregeling 2017).

Verklaring cofinanciering

In een Verklaring cofinanciering spreekt de cofinancier zowel inhoudelijke als financiële steun uit aan het project en bevestigt deze de toegezegde cofinanciering. Verklaringen cofinanciering van cofinanciers, welke genoemd worden in de aanvraag, zijn verplicht als bijlagen bij het indienen van de aanvraag. Deze moeten zijn ondertekend door een tekenbevoegd persoon van de cofinancier. Het is van belang dat de cofinancier in de Verklaring cofinanciering de omvang van de bijdrage expliciet aangeeft. De Verklaring is onvoorwaardelijk en bevat geen ontbindende bepalingen.

NWO stelt een verplicht format voor de Verklaring cofinanciering beschikbaar op de financieringspagina van deze Call for proposals op de NWO website.

In geval van toewijzing dient de cofinancier zijn bijdrage(n) te bevestigen in de consortiumovereenkomst. In deze overeenkomst worden ook verdere afspraken gemaakt tussen de cofinancier(s) en de aanvrager(s). (zie paragraaf 5.1.3).

Bij TTW worden Verklaringen cofinanciering waarin in-cash- en/of in-kind steun wordt toegezegd, meegestuurd naar referenten en commissieleden.

4 Beoordelingsprocedure

Dit hoofdstuk beschrijft allereerst de beoordeling volgens de DORA-principes (paragraaf 4.1) en hoe de beoordelingsprocedure verloopt (paragraaf 4.2). Vervolgens somt het de criteria op waaraan de beoordelingscommissie uw aanvraag toetst (paragraaf 4.3).

Voor alle bij de beoordeling en/of besluitvorming betrokken personen en betrokken NWO-medewerkers is de NWO Code Persoonlijke Belangen van toepassing (Code persoonlijke belangen | NWO).

NWO streeft naar een inclusieve cultuur, waarin geen plaats is voor bewuste of onbewuste barrières vanwege culturele, etnische of religieuze achtergrond, gender, seksuele oriëntatie, gezondheid of leeftijd (Diversiteit en inclusie | NWO). NWO stimuleert referenten en leden van een beoordelingscommissie actief om zich bewust te worden van impliciete associaties en te proberen deze te minimaliseren. NWO voorziet hen van informatie over concrete manieren om de beoordeling van een aanvraag te verbeteren.

4.1 De San Francisco Declaration (DORA)

NWO is ondertekenaar van de San Francisco Declaration on Research Assessment (DORA). DORA is een wereldwijd initiatief dat beoogt de manier waarop onderzoek en onderzoekers worden beoordeeld te verbeteren. DORA bevat aanbevelingen voor onderzoeksfinanciers, onderzoeksinstellingen, wetenschappelijke tijdschriften en andere partijen.

DORA richt zich op het terugdringen van het onkritisch gebruik van bibliometrische indicatoren en het wegnemen van onbewuste vooringenomenheid (unconscious bias) bij de beoordeling van onderzoek en onderzoekers. Overkoepelende filosofie van DORA is dat onderzoek moet worden beoordeeld op zijn eigen kwaliteiten en verdiensten in plaats van op basis van afgeleide indicatoren, zoals het tijdschrift waarin het onderzoek wordt gepubliceerd.

NWO gaat bij het beoordelen van het wetenschappelijk track record van aanvragers uit van een brede definitie van wetenschappelijke output.

NWO verzoekt commissieleden en referenten bij de beoordeling van aanvragen niet af te gaan op indicatoren als de Journal Impact Factor of de h-index. U mag deze niet vermelden in uw aanvraag. Wel mag u naast publicaties ook andere wetenschappelijk producten te vermelden, zoals datasets, patenten, software en code enzovoort.

Voor meer informatie over wat NWO doet om de principes van DORA te implementeren zie: DORA | NWO.

4.2 Procedure

De aanvraagprocedure bestaat uit de volgende stappen:

  • Indiening van de vooraanmelding;

  • In behandeling nemen van de vooraanmelding;

  • Beoordeling van de vooraanmelding;

    • Voorlopig advies beoordelingscommissie

    • Mogelijkheid tot indienen van een verzoek om correctie van een feitelijke onjuistheid in het negatief voorlopig advies;

  • Besluitvorming vooraanmelding;

  • Indiening van de aanvraag;

  • In behandeling nemen van de aanvraag;

  • Beoordeling van de aanvraag;

    • Peer review door referenten;

    • Weerwoord;

    • Preadvisering beoordelingscommissie;

    • Interviewselectie (alleen ZonMw);

    • Interview;

    • Vergadering van de beoordelingscommissie;

  • Besluitvorming aanvraag.

Voor deze Call for proposals wordt per loket een externe, onafhankelijke beoordelingscommissie ingesteld, bestaande uit vertegenwoordigers uit de wetenschap met kennis van het vakgebied. De taak van de beoordelingscommissie is om de ingediende aanvragen en de daarop betrekking hebbende stukken in onderlinge samenhang en op eigen merites te beoordelen op basis van de gegeven selectiecriteria in deze Call.

4.2.1 Indiening van de vooraanmelding

Voor deze Call for proposals is het indienen van een vooraanmelding verplicht. Een vooraanmelding is een beknopte aanvraag. Voor indiening van de vooraanmelding is een standaardformulier beschikbaar op de financieringspagina van deze Call for proposals op de NWO en ZonMw webpagina’s. In uw vooraanmelding moet u zich houden aan de vragen die in de toelichting van dit formulier staan en aan de werkwijze die in de toelichting staat. Ook moet u zich houden aan de voorwaarden voor het maximale aantal woorden en pagina’s. De door u ingevulde vooraanmelding moet voor de deadline via ISAAC/MijnZonMw zijn ontvangen (zie paragraaf 1.3). De hoofdaanvrager ontvangt na indiening van de vooraanmelding een ontvangstbevestiging.

Het is alleen in deze fase mogelijk om non-referenten te registreren (zie paragraaf 4.2.8).

4.2.2 In behandeling nemen van de vooraanmelding

Zo snel mogelijk nadat u uw vooraanmelding heeft ingediend, hoort u of NWO uw vooraanmelding in behandeling neemt. NWO bepaalt dit aan de hand van een aantal administratief-technische criteria (zie de formele voorwaarden voor indiening, paragraaf 3.4). Alleen als uw vooraanmelding hieraan voldoet, kan NWO deze in behandeling nemen.

Houd er rekening mee dat NWO/ZonMw u binnen twee weken na de indieningsdeadline kan benaderen om eventuele administratieve correcties door te voeren om (alsnog) te voldoen aan de voorwaarden voor indiening. U krijgt één keer de gelegenheid om de correcties door te voeren, hiervoor krijgt u vijf werkdagen de tijd.

4.2.3 Beoordeling vooraanmelding

Bij het schrijven van de vooraanmelding dient u er rekening mee te houden dat de commissie die uw vooraanmelding beoordeelt breed is samengesteld. De vooraanmelding moet ook toegankelijk zijn voor commissieleden uit andere wetenschapsdisciplines binnen het door u gekozen loket. In het geval dat domeinen werken met meerdere beoordelingspanels dan wordt de (disciplinaire) samenstelling van deze panels op de betreffende domeinpagina (https://www.nwo.nl/calls/nwo-talentprogramma, onder de tab “Oriënteren” > ”Beoordeling”) verder toegelicht.

De beoordelingscommissies beoordelen de vooraanmeldingen aan de hand van de criteria vergelijkenderwijs en prioriteren deze naar kansrijkheid, zonder gebruik te maken van externe referenten. Zij selecteren en formuleren hun commentaar aan de hand van de inhoudelijke beoordelingscriteria (zie paragraaf 4.3.1) en geven de vooraanmelding per beoordelingscriterium een cijfermatige score. Hierbij wordt de NWO-scoretabel gehanteerd (op een schaal van 1 tot 9, waarbij ‘1’ excellent is en ‘9’ ontoereikend).

Aanvragers ontvangen het voorlopig oordeel van de beoordelingscommissie. Aanvragers met een voorlopig negatief advies ontvangen daarbij in ieder geval de motivering van de beoordelingscommissie. Indien een aanvrager van mening is dat de motivering een feitelijke onjuistheid bevat, dan heeft de aanvrager drie werkdagen de tijd om tot een correctie daarvan te verzoeken, via het daarbij aangeleverde format. Deze optie is niet bedoeld om aanvullende, nieuwe informatie betreffende de aanvraag te verstrekken of vragen te stellen aan de commissie. Met inachtneming van deze verzoeken beoordeelt de commissie of zij aanleiding ziet om haar voorlopige oordeel te wijzigen. Daarna wordt de definitieve prioritering vastgesteld.

4.2.4 Ex aequo

Deze beleidsmaatregel is alleen van toepassing bij de vooraanmeldingen en de interviewselectie. Voor de eindprioritering (na de interviewfase) van aanvragen geldt alleen de maatregel ‘Stimulering vrouwelijke onderzoekers’, zoals beschreven in paragraaf 2.1 en 4.2.13.

Onder ex aequo verstaat NWO de situatie waarin twee of meer aanvragen op basis van hun gewogen score niet van elkaar te onderscheiden zijn. Een ex aequo situatie is relevant rondom de selectiegrens. Of er sprake is van een ex aequo situatie wordt als volgt bepaald. Het uitgangspunt is de door de beoordelingscommissie opgestelde prioritering, met eindscores afgerond op 2 decimalen. De referentiescore is de score van de laagst geprioriteerde aanvraag binnen de selectiegrens. Alle aanvragen met een score die 0,05 of minder van de referentiescore afliggen, worden in overweging genomen. Zo worden de aanvragen geselecteerd die binnen 0,10 gelijk zijn. Indien een ex aequo situatie zich voordoet op de selectiegrens, dan zal ter stimulering van het aandeel vrouwen in de wetenschap de aanvraag van een vrouwelijke aanvrager als hoogste eindigen. Als de ex aequo-situatie daarmee niet wordt doorbroken, zal de aanvraag met de beste score op het criterium ‘Kwaliteit en innovatief karakter van de aanvraag’ als hoogste eindigen.

4.2.5 Besluit vooraanmelding

Het advies van de beoordelingscommissie over de vooraanmeldingen wordt ter besluitvorming aan de besturen van de verschillende domeinen voorgelegd. De hoogst geprioriteerde aanvragers ontvangen het besluit dat zij voor de deadline een aanvraag mogen in dienen. De overige aanvragers ontvangen een besluit dat zij geen aanvraag mogen indienen. Deze aanvragers hebben niet de mogelijkheid om in dat geval alsnog een aanvraag in te dienen, ook niet in een ander domein dan waarin de vooraanmelding is ingediend.

4.2.6 Indiening van een aanvraag

Voor indiening van de aanvraag is een standaardformulier beschikbaar op de financieringspagina van deze Call for proposals op de NWO en ZonMw-webpagina’s. In uw aanvraag moet u zich houden aan de vragen die in dit formulier staan en aan de werkwijze die in de toelichting staat. Ook moet u zich houden aan de voorwaarden voor het maximale aantal woorden en pagina’s.

Uw volledig ingevulde aanvraagformulier moet voor de deadline via ISAAC/Mijn ZonMw zijn ontvangen (zie paragraaf 1.3). Na dit tijdstip kunt u geen aanvraag meer indienen. De hoofdaanvrager ontvangt na indiening van de aanvraag een ontvangstbevestiging.

4.2.7 In behandeling nemen van de aanvraag

Nadat u uw aanvraag heeft ingediend, hoort u of NWO/ZonMw uw aanvraag in behandeling neemt. NWO/ZonMw bepaalt dit aan de hand van een aantal administratief-technische criteria (zie de formele voorwaarden voor indiening, paragraaf 3.4). Alleen als uw aanvraag hieraan voldoet, kan NWO deze in behandeling nemen.

Houd er rekening mee dat NWO u binnen twee weken na de indieningsdeadline kan benaderen om eventuele administratieve correcties door te voeren om (alsnog) te voldoen aan de voorwaarden voor indiening. U krijgt één keer de gelegenheid om de correcties door te voeren, hiervoor krijgt u vijf werkdagen de tijd.

4.2.8 Peer review door referenten

Voordat de beoordelingscommissie zich over uw aanvraag buigt, vraagt NWO eerst input van tenminste twee externe referenten. Dit zijn onafhankelijke adviseurs die deskundig zijn op het onderwerp van de aanvraag. Zij beoordelen de aanvraag op basis van de in de Call for proposals genoemde beoordelingscriteria (paragraaf 4.3).

Aanvragers kunnen non-referenten opgeven in ISAAC, tegelijk met het indienen van de vooraanmelding. Het is mogelijk om (maximaal drie) non-referenten op te geven. NWO zal deze non-referenten niet benaderen om als externe referent de aanvraag te beoordelen.

4.2.9 Weerwoord

De aanvrager ontvangt geanonimiseerde referentenrapporten. De aanvrager heeft daarna de gelegenheid om een weerwoord te formuleren. De aanvrager krijgt vijf werkdagen de tijd om uw weerwoord via ISAAC/Mijn ZonMw in te dienen. Mocht u besluiten de aanvraag in te trekken, dan dient u dit zo snel mogelijk per e-mail aan het bureau te melden en de aanvraag in ISAAC/Mijn ZonMw in te trekken. Indien NWO uw weerwoord na de deadline ontvangt, wordt het niet meegenomen in de verdere procedure.

4.2.10 Preadvisering beoordelingscommissie

Hierna worden uw aanvraag, de referentenrapporten en uw weerwoord voor commentaar voorgelegd aan enkele leden van de beoordelingscommissie (de preadviseurs). De preadviseurs geven schriftelijk een inhoudelijk en beargumenteerd commentaar op de aanvraag. Zij formuleren dit commentaar aan de hand van de inhoudelijke beoordelingscriteria (zie paragraaf 4.3.2) en geven de aanvraag per beoordelingscriterium een cijfermatige score. Hierbij wordt de NWO scoretabel gehanteerd (op een schaal van 1 tot 9, waarbij ‘1’ excellent is en ‘9’ ontoereikend). De preadvisering wordt gebruikt als voorbereiding op de interviewselectie en/of het interview.

4.2.11 Interviewselectie

Deze stap in het proces is alleen van toepassing op aanvragen ingediend binnen het loket ZonMw.

De aanvragen, de referentenoordelen, het weerwoord en de preadviezen worden aan de beoordelingscommissie voorgelegd. De beoordelingscommissie maakt op basis hiervan een eigen afweging die resulteert in een ranglijst. De hoogst geprioriteerde aanvragers worden geselecteerd voor verdere deelname aan de ronde en ontvangen een uitnodiging voor een interview.

De domeinen ENW, TTW en SGW hebben geen interviewselectie. Alle indieners van een aanvraag binnen deze domeinen worden uitgenodigd voor een interview.

4.2.12 Interview

Tijdens het interview heeft de beoordelingscommissie de gelegenheid om vragen te stellen, ook nieuwe vragen die nog niet door de referenten zijn opgeworpen. De aanvrager kan hier tijdens het interview in de discussie met de commissie op reageren. Op deze wijze wordt hoor- en wederhoor toegepast. Het interview is een belangrijk onderdeel van de beoordeling en kan leiden tot bijstelling van de beoordeling en de score van de aanvraag tot dan toe.

4.2.13 Vergadering van de beoordelingscommissie

De beoordelingscommissie maakt op basis van het beschikbare materiaal een eigen afweging. Hierbij geldt dat de referentenrapporten in belangrijke mate richtinggevend zijn voor de uiteindelijke beoordeling, maar niet per se onverkort worden overgenomen door de beoordelingscommissie. De commissie weegt de argumenten van de referenten (ook onderling) en bekijkt of in het weerwoord een goede reactie is geformuleerd op de kritische opmerkingen uit de referentenrapporten. De commissie heeft bovendien, anders dan de referenten, zicht op de kwaliteit van de overige ingediende aanvragen en weerwoorden. Dit brengt met zich mee dat de commissie tot een andere beoordeling kan komen dan de referenten. Daarnaast worden ook de interviews meegenomen in de afweging van de beoordelingscommissie.

De commissie stelt naar aanleiding van de bespreking een schriftelijk advies op aan het domeinbestuur over de kwaliteit en prioritering van de aanvragen. Dit advies baseert zij op de beoordelingscriteria. De aanvraag als geheel moet tenminste de kwalificatie ‘zeer goed’ krijgen om in aanmerking te komen voor de subsidie.

Voor meer informatie over de kwalificaties zie NWO | Financiering aanvragen, hoe werkt dat?.

Stimuleringsmaatregel vrouwelijke onderzoekers

Zoals in paragraaf 2.1 beschreven staat, start NWO een pilot om vrouwelijke onderzoekers extra te stimuleren. Dit doet NWO als volgt. De gewogen score van de aanvragen wordt in de prioritering na de interviewfase afgerond op het dichtstbijzijnde veelvoud van 0,5. Binnen iedere groep van aanvragen die naar hetzelfde veelvoud van 0,5 afgerond zijn, worden vrouwen geprioriteerd en wordt daarna gesorteerd op basis van de on-afgeronde gewogen score. De aanvragen worden vervolgens van boven naar beneden toegewezen tot het subsidieplafond is bereikt. In het geval van een gelijke eindpositie (op twee decimalen nauwkeurig na sortering), zal de aanvraag met de beste score op het criterium ‘Kwaliteit en innovatief karakter van de aanvraag’ als hoogste eindigen. Als de ex aequo situatie daarmee niet wordt doorbroken, zal de aanvraag die op basis van de eindscore door de meeste commissieleden het best is beoordeeld als hoogste eindigen. Als dit ook geen uitsluitsel biedt, wordt de keuze doorgestuurd naar het besluitnemend orgaan.

4.2.14 Besluitvorming

Tot slot toetst het domeinbestuur de gevolgde procedure en het advies van de beoordelingscommissie. Vervolgens stelt het de definitieve kwalificaties vast en besluit over toe- en afwijzing van de aanvragen.

4.2.15 Tijdpad

Hieronder treft u het tijdpad aan voor deze Call for proposals. Het kan zijn dat NWO het noodzakelijk acht om tijdens de lopende procedure nog aanpassingen in het tijdpad van deze Call for proposals aan te brengen.

Uiteraard ontvangt u hierover op tijd bericht.

Vooraanmeldingen

 

Dinsdag 5 november 2024 14:00:00 CET

Deadline vooraanmeldingen

November/december 2024

Commissie beoordeelt vooraanmeldingen

Januari 2025

Aanvragers ontvangen voorlopig advies wel/niet uitwerken vooraanmelding tot een aanvraag

Medio februari 2025

Besluit wel/niet uitwerken vooraanmelding tot aanvraag door het domeinbestuur

Eind februari 2025

Aanvragers ontvangen besluit wel/niet uitwerken vooraanmelding tot een aanvraag

Aanvragen

 

Dinsdag 8 april 2025 14:00:00 CEST

Deadline aanvragen

April/mei/juni 2025

Raadplegen referenten

Mei/juni 2025

Aanvragers kunnen een weerwoord indienen

Begin juli 2025

Interviewselectie (ZonMw)

Begin september 2025

Interviews en vergadering beoordelingscommissie

Oktober 2025

Besluit domeinbestuur

4.3 Criteria

4.3.1 Inhoudelijk beoordelingscriterium vooraanmelding

De vooraanmeldingen die binnen deze Call for proposals worden ingediend, worden inhoudelijk beoordeeld aan de hand van het volgende criterium:

  • 1. Kwaliteit van de onderzoeker

    • a) Of de onderzoeker past in de doelgroep: is de onderzoeker in transitie naar leiderschap, d.w.z. klaar voor de oprichting van een onderzoeksgroep of de uitbreiding van een recente onderzoeksgroep, en in hoeverre zal de Vidi bijdragen aan de leiderschapsontwikkeling van de onderzoeker?

    • b) de mate waarin de kwaliteiten van de onderzoeker duidelijk uitstijgen boven wat gebruikelijk is binnen de internationale peer group, blijkend uit het cv, door de kwaliteit en impact van de key output en door andere academische prestaties2;

    • c) de mate waarin het werk van de onderzoeker duidelijk gepositioneerd is ten opzichte van wetenschappelijke en (indien mogelijk) maatschappelijke thema's of vragen;

    • d) de kwaliteit van het (inter)nationale netwerk, het samenwerkingsvermogen en de mate van zichtbaarheid van de onderzoeker;

    • e) de mate waarin de onderzoeker in het cv het vermogen aantoont innovatieve ideeën te genereren en deze zelfstandig te ontwikkelen;

    • f) de mate waarin de benadering van leiderschap en mentorschap van de onderzoeker en de plannen voor het bijdragen aan de ontwikkeling van individuen, zoals door de onderzoeker beschreven in het academisch profiel, passend zijn;

    • g) of de key output en het academisch profiel van de onderzoeker duidelijk aansluiten bij het onderzoeksidee, of dat de onderzoeker een overtuigende visie presenteert over hoe deze afstemming zal worden bereikt.

4.3.2 Inhoudelijke beoordelingscriteria aanvraag

De aanvragen die binnen deze Call for proposals worden ingediend, worden inhoudelijk beoordeeld aan de hand van de volgende criteria:

  • 1. Kwaliteit en innovatief karakter van het onderzoeksvoorstel (75%);

  • 2. Wetenschappelijke en/of maatschappelijke impact (25%).

  • 1. Kwaliteit en innovatief karakter van het onderzoeksvoorstel

    • a) De mate waarin het voorgestelde onderzoek het potentieel heeft om een belangrijke bijdrage te leveren aan de vooruitgang van de wetenschap3;

    • b) de mate waarin het voorgestelde onderzoek (elementen van) wetenschappelijke innovatie bevat wat betreft theorie, methoden en/of onderwerp;

    • c) de mate waarin het voorgestelde onderzoek verder gaat dan een incrementele ontwikkeling van het huidige onderzoek van de aanvrager;

    • d) of het voorgestelde onderzoek een evenwichtige balans vindt tussen uitdagendheid en haalbaarheid4;

    • e) of het voorstel aansluit bij expertise van de onderzoeker, of dat de onderzoeker een overtuigende visie presenteert over hoe deze aansluiting zal worden bereikt;

    • f) de mate waarin de voorgestelde aanpak passend is;

    • g) de helderheid van het voorstel, waaronder de vraagstelling en de doelstellingen.

  • 2. Wetenschappelijke en/of maatschappelijke impact

    De aanvrager heeft de keuze in het onderzoeksvoorstel de focus te leggen op het bereiken van wetenschappelijke impact, maatschappelijke impact, of een combinatie daarvan.

    NWO beoordeelt wetenschappelijke impact als volgt;

    • a) of het voorstel een ambitieuze visie en passende strategie uitdrukt wat betreft de verspreiding en/of de implementatie van de onderzoeksresultaten in het eigen vakgebied, aanverwante vakgebieden en het bredere wetenschapsveld.

    NWO beoordeelt maatschappelijke impact als volgt;

    • b) in hoeverre het project een toegevoegde waarde voor maatschappelijke impact heeft;

    • c) in hoeverre het project potentieel heeft voor maatschappelijke impact op korte en lange termijn; en

    • d) of het voorstel een ambitieuze visie en passende strategie uitdrukt wat betreft de wijze(n) waarop het voorgestelde onderzoek kan leiden tot maatschappelijke impact.

    Onafhankelijk van de bovenstaande keuze, weegt de beoordelingscommissie als onderdeel van dit criterium ook mee;

    • e) in hoeverre de motivatie voor de focus op wetenschappelijke impact en/of maatschappelijke impact overtuigend is;

    • f) indien de focus primair op wetenschappelijke impact ligt: op welke manier tijdens de looptijd van het project proportionele aandacht gegeven wordt aan het vergroten van (onvoorziene) kansen voor maatschappelijke impact;

    • g) indien de focus primair op maatschappelijke impact ligt: op welke manier tijdens de looptijd van het project proportionele aandacht gegeven wordt aan het vergroten van (onvoorziene) kansen voor wetenschappelijke impact.

    Het is mogelijk een goede score te krijgen voor dit criterium als de focus van het voorstel ligt op wetenschappelijke impact, als de focus ligt op maatschappelijke impact, of als de focus verspreid is over beide vormen van impact. De score voor dit criterium is onafhankelijk van de gekozen focus; de ene vorm van impact is niet beter of minder dan de andere.

5 Subsidieverplichtingen

In dit hoofdstuk worden de verschillende subsidieverplichtingen toegelicht die – in aanvulling op de in paragraaf 3.5 genoemde subsidievoorwaarden – van toepassing zijn na toewijzing.

5.1.1 Start, verslaglegging en afwikkeling

Indien een subsidie wordt toegewezen, treedt de laureaat in dienst bij de onderzoeksinstelling waarvoor de aanvraag is ingediend en worden er afspraken gemaakt over de eindverslaglegging en eventuele begeleiding vanuit het domein. Een Vidi-project dient binnen zes maanden na toewijzing te starten. De toegewezen projecten worden in beheer genomen door het domein waarbij de aanvraag is ingediend. Tijdens het Vidi- project bent u als projectleider verantwoordelijk voor de voortgangs- en eindverslagen en u draagt de financiële eindverantwoording. Bij het toewijzingsbesluit wordt u geïnformeerd wie uw NWO/ZonMwcontactpersoon is gedurende de looptijd en aan welke verplichtingen u moet voldoen.

Richtlijnen bij de financiële verantwoording van NWO-Talentprogramma-subsidies

  • 1. De verleende subsidie dient conform de door u in te zenden definitieve begroting te worden besteed. Doel van deze definitieve begroting is de financiële verantwoording te ondersteunen.

  • 2. In uw aanvraag heeft u onder het kopje Budget reeds aangegeven welke begrotingsposten noodzakelijk zijn voor uitvoering van het onderzoek. Aangezien deze postenverdeling op inhoudelijke gronden (kan het voorgestelde onderzoek hiermee worden uitgevoerd?) is getoetst en goedgekeurd, levert dit de grondslag voor het opstellen van de definitieve begroting.

  • 3. De definitieve begroting dient, teneinde eventuele omissies uit te sluiten, in overleg met de financieel beheerder van de ontvangende instelling te worden opgesteld. De begroting dient als basis voor het financieel beheer van NWO en van de ontvangende instelling én voor de accountant die achteraf een verklaring moet afgeven bij de jaarrekening.

  • 4. Het format waarin de definitieve begroting moet worden opgemaakt is gelijk aan het format waarin de financiële verantwoording na afloop dient te worden vormgegeven. NWO stelt hiervoor een format beschikbaar.

  • 5. Binnen 3 maanden na de einddatum van de subsidie dient naast een inhoudelijke eindrapportage tevens een financiële verantwoording over de uitvoering van het gesubsidieerde onderzoek te worden ingediend. De ontvangen subsidie en de op het onderzoek geboekte kosten zijn onderdeel van de reguliere controle door de accountant ten behoeve van de jaarrekening.

  • 6. Definitieve vaststelling en eventuele betaling vindt plaats na goedkeuring van het inhoudelijke en financiële eindverslag. Daarbij wordt nog een (algemeen) voorbehoud gemaakt voor eventuele tekortkomingen naar aanleiding van de accountantscontrole bij de instellingen.

5.1.2 Datamanagement

Na toewijzing van een aanvraag dient de aanvrager de datamanagementparagraaf uit te werken tot een datamanagementplan. Aanvragers kunnen hierbij gebruik maken van het advies van de referenten en commissie. De aanvrager beschrijft in het plan of gebruik gemaakt wordt van bestaande data of dat het om een nieuwe dataverzameling gaat en hoe de dataverzameling dan FAIR: vindbaar, toegankelijk, interoperabel en herbruikbaar gemaakt wordt. Het datamanagementplan dient voor indiening te zijn afgestemd met een data steward of vergelijkbare functionaris van de organisatie waar het project wordt uitgevoerd. Uiterlijk vier maanden na toewijzing van de aanvraag moet dat plan via ISAAC/Mijn ZonMw zijn ingediend bij NWO. NWO beoordeelt het plan zo snel mogelijk. Goedkeuring van het datamanagementplan door NWO is voorwaarde voor de subsidieverlening. Het plan kan tijdens het onderzoek worden bijgesteld.

Meer informatie over het datamanagementprotocol van NWO staat op: Research datamanagement | NWO.

5.1.3 Intellectueel eigendom en consortiumovereenkomst

Met betrekking tot de intellectuele eigendom (IE) geldt het NWO IE-beleid. Het NWO IE-beleid is te vinden in hoofdstuk 4 van de NWO Subsidieregeling 2017.

Aanvragers moeten een door NWO gefinancierd project uitvoeren in de tijd dat ze voor de kennisinstelling werken. Indien een aanvrager of een door NWO gefinancierde onderzoeker bij meerdere werkgevers is aangesteld, dient de andere werkgever ten behoeve van de aanvrager afstand te doen van eventuele IE- rechten die uit het project voortvloeien.

In geval van een consortiumbijeenkomst

Het afsluiten van een consortiumovereenkomst na toewijzing van de aanvraag is één van de voorwaarden voor de start van het project. In deze overeenkomst worden afspraken gemaakt over intellectueel eigendom en publicatie, kennisoverdracht, geheimhouding, betalingen van cofinanciering en voortgangs- en eindverslagen. Uploaden in ISAAC/Mijn ZonMw is noodzakelijk voordat een project kan starten.

De regie om tot de consortiumovereenkomst te komen ligt bij de aanvrager. NWO ondertekent de overeenkomst zelf niet.

Partijen kunnen kiezen voor de standaardtekst van de modelovereenkomst die conform de NWO Subsidieregeling 2017 is opgesteld en beschikbaar is op de financieringspagina voor deze Call for proposals. Ook bestaat de mogelijkheid om op de onderdelen IE en publicatieprocedure eigen afspraken te maken of reeds bestaande afspraken toe te passen. De modelprojectovereenkomst voorziet hierin.

5.1.4 Maatschappelijk verantwoord licentiëren

Uit het project kan kennis voortkomen die geschikt is voor toepassing in de maatschappij. Bij het aangaan van afspraken over licentie- en/of overdracht van onder deze Call for proposals ontwikkelde onderzoeksresultaten dient rekening te worden gehouden met de tien principes voor maatschappelijk verantwoord licentiëren, zoals opgenomen in het NFU rapport “NFU-19.3793 Maatschappelijk Verantwoord Licenseren CMYK 7.indd”.

5.1.5 Gebruikerscommissie

Na toewijzing van het project wordt voor aanvragen in domein TTW een gebruikerscommissie ingesteld, conform artikel 3.3.2.a van de NWO Subsidieregeling 2017, om te bevorderen dat de kennis uit het onderzoek ook daadwerkelijk en effectief aan gebruikers wordt overgedragen. Dit gebeurt op basis van de in het projectplan voorgestelde gebruikerscommissie, en de projectleider neemt hiervoor het initiatief. Deze gebruikerscommissie volgt het project en adviseert over de voortgang.

Gebruikers van onderzoek worden gedefinieerd als natuurlijke personen of rechtspersonen (nationaal of internationaal) die de resultaten van het onderzoek kunnen toepassen. Soms is er onderscheid te maken tussen directe gebruikers van de ontwikkelde kennis, meestal bedrijven, en eindgebruikers, die de producten van die bedrijven afnemen. Beide hebben hun eigen rol in de innovatieketen en moeten benoemd worden in het kennisbenuttingsplan. Het is expliciet de bedoeling dat potentiële technologiegebruikers en eindgebruikers buiten de eigen kring en buiten het onderzoeksgebied van de aanvragende onderzoekers van het begin tot het eind bij het project worden betrokken. De gebruikers moeten de kennis uit het onderzoek op de (middel)lange termijn kunnen toepassen. In de aanvraag moeten de gebruikers voor zover bekend, worden genoemd.

Er moeten minimaal vier gebruikers zitting hebben in de gebruikerscommissie, welke in de aanvraag opgenomen dienen te worden. In de gebruikerscommissie moeten minimaal twee niet-academische partijen vertegenwoordigd zijn. Deze gebruikers hoeven geen financiële bijdrage te leveren, maar dienen deel te nemen aan de gebruikerscommissie.

  • Academische gebruikers kunnen bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend, (associate/assistant/full) professoren zijn die werkzaam zijn aan een andere (buitenlandse) kennisinstelling en geïnteresseerd in het beoogde onderzoek.

  • Onder niet-academische partijen wordt onder andere verstaan: bedrijven, klinieken, patiëntenverenigingen, stichtingen, maatschappelijke of publieke organisaties. Niet-academische partijen zijn partijen die op basis van de lijst met toegestane organisaties, zoals beschreven onder paragraaf 3.1 (Wie kan aanvragen) in de Call for Proposals of soortgelijke buitenlandse organisaties, geen aanvraag kunnen indienen bij NWO.

Gebruikers mogen uit zowel Nederland als het buitenland komen en werkzaam zijn aan een Nederlandse of buitenlandse organisatie, instituut, kennisinstelling, universiteit en/of bedrijf.

5.1.6 Open Access

NWO heeft de Berlin Declaration (2003) ondertekend en is lid van cOAlitie S (2018) en zet zich in om de resultaten van wetenschappelijk onderzoek dat door NWO gefinancierd wordt vrij toegankelijk te maken via internet (Open Access). Daarmee geeft NWO invulling aan het beleid van de Nederlandse regering om al het publiek gefinancierde onderzoek Open Access beschikbaar te maken. Wetenschappelijke publicaties van onderzoek dat is gefinancierd op basis van toewijzingen voortvloeiend uit deze Call for proposals dienen daarom Open Access beschikbaar te zijn volgens de Beleidsregel Open Access.

Wetenschappelijke artikelen

Voor wetenschappelijke artikelen geldt dat zij direct op het moment van publicatie (zonder embargo) Open Access beschikbaar gesteld moeten worden via één van de volgende routes:

  • Publicatie in een volledig open access tijdschrift of platform dat is geregistreerd in de DOAJ;

  • publicatie in een abonnementstijdschrift en het deponeren van tenminste de auteursversie van het artikel in een Open Access repository die is geregistreerd in OpenDOAR;

  • publicatie in een tijdschrift waarvoor een transformatieve Open Access overeenkomst beschikbaar is tussen de UNL en een uitgever. Zie daarover: Open Access.

Boeken

Voor boeken, boekhoofdstukken en bundels gelden afwijkende voorwaarden. Zie daarover de Beleidsregel Open Access op Open Science | NWO.

CC BY licentie

Met het oog op een optimale verspreiding van publicaties moet tenminste een Creative Commons (CC BY) licentie worden toegepast. Bij de aanwezigheid van zwaarwegende belangen kan de auteur verzoeken om te publiceren onder toepassing van een CC BY-ND licentie. Voor boeken, bundels en boekhoofdstukken staat de keuze van een CC BY licentie vrij.

Kosten

Eventuele kosten voor publiceren in volledig Open Access tijdschriften kunnen worden begroot in de projectbegroting door gebruikmaking van de budgetmodule ‘materieel’. Kosten voor publicaties in hybride tijdschriften komen niet in aanmerking voor vergoeding door NWO. Voor Open Access boeken kan een beroep gedaan worden op het aparte NWO Open Access boekenfonds.

Voor een nadere toelichting op het Open Access beleid van NWO zie: Open Science | NWO.

6 Contact en overige informatie

6.1 Contact

6.1.1 Inhoudelijke vragen

Voor inhoudelijke vragen over deze Call for proposals kunt u kijken op de website van het Talentprogramma of neemt u contact op met:

Algemene vragen Talentprogramma en extensies:

talent@nwo.nl

NWO-Talentprogramma

Domein ENW

Postbus 93460

2509 AC ’s-Gravenhage

enw-vidi@nwo.nl

NWO-Talentprogramma

Domein SGW

Postbus 93461

2509 AC ’s-Gravenhage

sgw-vidi@nwo.nl

NWO-Talentprogramma

Domein TTW

Postbus 3021

3502 GA Utrecht

ttw-vidi@nwo.nl

NWO-Talentprogramma

ZonMw

Postbus 93245

2509 AE ’s-Gravenhage

vidi@zonmw.nl

6.1.2 Technische vragen over het elektronisch aanvraagsysteem ISAAC

Bij technische vragen over het gebruik van ISAAC kunt u contact opnemen met de ISAAC-helpdesk. Raadpleeg eerst de handleiding voordat u de helpdesk om advies vraagt. De ISAAC-helpdesk is bereikbaar van maandag t/m vrijdag van 10.00 tot 17.00 uur op telefoonnummer +31 (0) 70 34 40 600. U kunt uw vraag ook per e-mail stellen via isaac.helpdesk@nwo.nl. U ontvangt dan binnen twee werkdagen een reactie.

6.1.3 Technische vragen over het elektronisch aanvraagsysteem Mijn ZonMw

Neem bij technische vragen betreffende het gebruik van Mijn ZonMw contact op met de ZonMw servicedesk. Raadpleeg eerst de handleiding voordat u de helpdesk om advies vraagt. De ZonMw Service desk is van maandag t/m vrijdag tussen 8.00 tot 17.00 uur bereikbaar via 070 349 51 76 of servicedesk@zonmw.nl.

6.2 Overige informatie

NWO verwerkt persoonsgegevens die zij in het kader van deze ronde ontvangt conform de NWO privacyverklaring, Privacyverklaring | NWO.

NWO kan aanvragers mogelijk benaderen voor een evaluatie van de procedure en/of het onderzoeksprogramma.

7 Bijlage

7.1 Toelichting op budget

Hieronder volgt een toelichting op het budget. U dient NWO vooraf toestemming te vragen voor tussentijdse wijzigingen van inhoudelijke, personele of financiële aard ten opzichte van het onderzoeksplan en de daaraan gekoppelde definitieve begroting.

Algemeen

  • De begroting die bij de aanvraag wordt ingediend, is gebaseerd op de voor het onderzoek subsidiabele directe personeelskosten en directe materiële kosten.

  • De administratie van de subsidie dient plaats te vinden bij de ontvangende instelling.

  • Voor de subsidie dient één uniek administratienummer in gebruik te worden genomen. De administratie dient overeenkomstig de definitieve begroting te worden ingericht waarbij een duidelijk onderscheid gemaakt dient te worden tussen personele en materiële kosten.

  • Het is verplicht om het salaris van de aanvrager te begroten (ook als hier een eigen bijdrage voor is). Het daadwerkelijke salaris van de aanvrager mag worden begroot, ook als dit buiten salaristabellen valt.

Geen dubbelfinanciering

Zoals in de NWO subsidieregeling staat vermeld (zie website: https://www.nwo.nl/financiering/hoe-werkt-dat/subsidieregeling) geldt dat NWO slechts projectkosten vergoedt die niet uit andere middelen zijn of worden gefinancierd. Er mag geen dubbelfinanciering plaatsvinden. Indien een (deel)project door een andere (Europese) subsidieverlener wordt gefinancierd, zal de volledige Vidi aanvraag niet worden toegewezen.

Personeel

Voor personeel dat een substantiële bijdrage levert aan het onderzoek kan subsidie voor de salariskosten worden aangevraagd. Subsidiëring van deze salariskosten is afhankelijk van het type aanstelling en de organisatie waar het personeel is/wordt aangesteld.

  • Bij de personeelskosten wordt uitgegaan van de werkelijke brutosalarissen en de opslagen opgenomen in het Akkoord bekostiging wetenschappelijk onderzoek (het Akkoord), met uitzondering van de einde- projectvergoeding. Voor de bepaling van de hoogte van deze opslagen voor de Vidi-ronde 2024 gelden de normpercentages uit het Akkoord (UNL-tabel, Salaristabellen | NWO) op moment van subsidieverlening.

  • Voor universitair medisch centra wordt uitgegaan van de werkelijke brutosalarissen en de opslagen conform de op het moment van subsidieverlening geldende NFU-salaristabellen (Salaristabellen | NWO).

  • Voor personeel van overige organisaties worden salariskosten gefinancierd op basis van de cao- inschaling van de betreffende medewerker conform de op het moment van subsidieverlening geldende tarieven uit tabel 2.2, kolom ‘Uurtarief productieve uren, excl. btw’ van de Handleiding Overheidstarieven (Salaristabellen | NWO).

  • Voor de Nederlandse Cariben geldt dat de rijksoverheid in Caribisch Nederland ambtenaren op de BES- eilanden onder andere voorwaarden in dienst neemt dan in Europees Nederland.

    Arbeidsvoorwaarden | Werken bij Rijksdienst Caribisch Nederland | Rijksdienst Caribisch Nederland (rijksdienstcn.com).

  • Het is niet toegestaan om wetenschappelijk personeel in de posities UD, UHD en professor te begroten, anders dan de projectleider.

Materieel

Het aan te vragen materieel budget is gespecificeerd naar de onderstaande drie posten:

Projectgebonden goederen/diensten

  • Verbruiksgoederen (glaswerk, chemicaliën, cryogene vloeistoffen, etc.);

  • meet- en rekentijd (bijv. supercomputertoegang, etc.);

  • kosten voor aanschaf of gebruik van dataverzamelingen (bijv. van het CBS);

  • toegang tot grote (inter)nationale faciliteiten (bijv., cleanroom, synchrotron, etc.);

  • werk door derden (bijv. laboratoriumanalyses, dataverzameling, citizen science, etc.).

Reis- en verblijfskosten ten behoeve van de aangevraagde personeelsposities

  • Reis- en verblijfskosten;

  • congresbezoek (maximaal 2 per jaar per aangevraagde wetenschappelijke personeelspositie);

  • veldwerk;

  • werkbezoek.

Uitvoeringskosten

  • Zelf te organiseren binnenlands symposium/conferentie/workshop;

  • kosten voor Open Access-publiceren (uitsluitend in full gold Open Access tijdschriften, geregistreerd in de ‘Directory of Open Access Journals’ Directory of Open Access Journals - DOAJ);

  • kosten datamanagement;

  • kosten voor vergunningaanvragen (bijv. dierproeven).

Niet aangevraagd kunnen worden:

  • Basisvoorzieningen binnen de instelling (bijvoorbeeld laptop, kantoormeubilair etc.);

  • onderhouds- en verzekeringskosten;

  • benchfee (alle kosten moeten gespecificeerd zijn).

Apparatuur/investeringen

  • Er kan financiering worden aangevraagd voor investeringen in apparatuur, dataverzamelingen en/of software (bijvoorbeeld lasers, specialistische computers of computerprogramma’s). De kosten voor het gebruik van apparatuur op een project kunnen via het materieel budget aangevraagd worden.

Kennisbenutting

Het doel van dit onderdeel van het budget is het bevorderen van de benutting van de uit het onderzoek voortkomende kennis5.

Aangezien kennisbenutting in de verschillende wetenschapsgebieden zeer veel verschillende vormen kent, is het aan de aanvrager om te specificeren welke kosten nodig zijn, bijvoorbeeld voor het maken van een lespakket, een haalbaarheidsstudie naar toepassingsmogelijkheden, of kosten voor het indienen van een octrooiaanvraag.

Het aangevraagde budget dient in de aanvraag adequaat gespecificeerd te worden.

Internationalisering

Met budget voor internationalisering wordt het stimuleren van internationale samenwerking beoogd. Het aangevraagde bedrag moet worden gespecificeerd.

Subsidiabel zijn:

  • Reis- en verblijfskosten voor zover het om directe projectkosten gaat voortvloeiende uit de internationale samenwerking en additionele kosten voor internationalisering die niet op een andere manier worden gedekt;

  • reis- en verblijfskosten voor buitenlandse gastonderzoekers;

  • kosten voor de organisatie van internationale workshops/ symposia / wetenschappelijke bijeenkomsten.


X Noot
1

Onder door NWO toegewezen financiering wordt verstaan financiering welke verkregen is door toewijzing van een aanvraag bij NWO. Hierbij is het niet relevant in welk programma deze financiering verkregen is, of wie de ontvanger van de subsidie is.

X Noot
2

Onder 'andere academische prestaties' verstaat NWO onder meer bijdragen aan de ontwikkeling van wetenschappelijke theorieën en methoden, indicaties van zelfstandigheid, bijdragen aan Open Science en 'academic citizenship'.

X Noot
3

NWO hanteert een brede definitie van het begrip wetenschap, waaronder ook technologie en klinisch onderzoek vallen.

X Noot
4

Aspecten die kunnen worden meegenomen in de beoordeling van de haalbaarheid zijn onder meer passendheid van het netwerk en institutionele inbedding, het logische en technologische kader, planning en tijdschema, en middelen, zoals de toewijzing van personeel, data, tools, technologie en institutionele ondersteuning. NWO staat open voor de selectie van high risk – high gain projecten.

X Noot
5

In deze budgetmodule wordt aangesloten bij de definitie voor “kennisoverdracht” die de Europese Commissie hanteert in de Communautaire kaderregeling inzake staatssteun voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie (PbEU 2014, C 198).

Naar boven