Besluit van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 8 februari 2023, nr. 2023-000040482, houdende benoeming van de overige leden van de staatscommissie rechtsstaat en vaststelling van de vergoeding

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

Gelet op artikel 6, derde lid, van de Kaderwet adviescolleges en artikel 2 van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies;

Besluit:

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder staatscommissie: de staatscommissie rechtsstaat, bedoeld in artikel 1 van het Instellingsbesluit staatscommissie rechtsstaat.

Artikel 2

De overige leden van de staatscommissie zijn:

  • a. C. (Corissa) Abdoeljamil

  • b. F. (Fatma) Çapkurt

  • c. M. E. (Eva) González Pérez

  • d. M.L.M. (Marc) Hertogh

  • e. E.J. (Ernst) Numann

  • f. C.C.M. (Kees) Vendrik

  • g. D. (Diantha) Vliet

  • h. A.K. (Kutsal) Yesilkagit.

Artikel 3

De voorzitter en de overige leden van de staatscommissie ontvangen een vaste vergoeding per maand, overeenkomstig schaal 18 van paragraaf 6.3 van de CAO Rijk 2022-2024, met een deeltijdfactor 0,1.

Artikel 4

  • 1. Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag waarop het Instellingsbesluit staatscommissie rechtsstaat in werking treedt. Indien de Staatscourant waarin dit besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven na de dag waarop het Instellingsbesluit staatscommissie rechtsstaat in de Staatscourant wordt geplaatst, treedt het besluit in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst, en werkt het terug tot en met de dag waarop het Instellingsbesluit staatscommissie rechtsstaat in werking treedt.

  • 2. Dit besluit vervalt op het moment dat de staatscommissie wordt opgeheven.

Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, H.G.J. Bruins Slot

Naar boven