De Autoriteit Consument en Markt,
Gelet op afdeling 10.1.1 van de Algemene wet
bestuursrecht, de artikelen 2, tweede lid, en 5, tweede lid, van de
Instellingswet Autoriteit Consument en Markt en de artikelen 2, tweede lid,
onderdeel d en 2g, eerste lid, van de Wet bescherming
klokkenluiders;
Besluit:
ARTIKEL I
Het Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging
ACM 2013 wordt als volgt gewijzigd:
A
Aan Hoofdstuk 3 wordt een nieuw artikel 3.11 toegevoegd, luidende:
-
3.11 Tot het werkterrein van de in de artikelen 3.3 tot en met 3.6 en 3.9a
genoemde directies behoort ook het op verzoek verstrekken van informatie over
de procedure bij een melding, de ontvangst van een melding, het onderzoek naar
aanleiding van een melding en het onderhouden van contact met een melder zoals
bedoeld in respectievelijk artikel 2g, eerste lid, onderdelen a, b, c en d, van
de Wet bescherming klokkenluiders.
B
Aan artikel 4a.3 wordt een lid toegevoegd, luidende:
-
3. De compliance officer vervult de rol van onafhankelijk functionaris bij wie
het vermoeden van een misstand kan worden gemeld, zoals bedoeld in artikel 2,
tweede lid, onderdeel d, van de Wet bescherming klokkenluiders.
ARTIKEL II
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van
uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
’s-Gravenhage, 7 juli 2023
De Autoriteit Consument en Markt, namens
deze, overeenkomstig het door het bestuur op 21 september 2023
genomen besluit,
T.M. Snoep bestuursvoorzitter
Tegen dit besluit kan degene, wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is
betrokken, binnen zes weken na de dag van bekendmaking van dit besluit een
gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij de Autoriteit Consument en Markt,
Directie Juridische Zaken, Postbus 16326, 2500 BH, Den Haag. In dit
bezwaarschrift kan een belanghebbende op basis van artikel 7:1a, eerste lid,
van de Algemene wet bestuursrecht, de Autoriteit Consument en Markt verzoeken
in te stemmen met rechtstreeks beroep bij de bestuursrechter.
TOELICHTING
Het Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging ACM 2013 regelt de
organisatie van de ACM en de bevoegdheden van het personeel van de ACM. Het
onderhavige besluit wijzigt deze regeling in verband met de uitbreiding van
haar takenpakket vanwege de inwerkingtreding van de Wet van 25 januari 2022 tot
wijziging van de Wet Huis voor klokkenluiders en enige andere wetten ter
implementatie van Richtlijn (EU) 2019/1937 van het Europees Parlement en de
Raad van 23 oktober 2019 (PbEU 2019, L 305) (hierna: de Wet bescherming
klokkenluiders).
De Wet bescherming klokkenluiders wijst een aantal andere instanties dan
het Huis voor klokkenluiders aan waar eveneens meldingen van mistanden kunnen
worden gemaakt. Omdat de ACM reeds toezichthouder is op de gebieden van o.a.
consumentenbescherming en mededinging op grond van een aantal specifieke wetten
bepaalt artikel 2c, onderdeel 1°, van de Wet bescherming klokkenluiders dat de
ACM zorg draagt voor de ontvangst en opvolging van meldingen voor zover bevoegd
op deze gebieden. In artikel 2g, eerste lid, onderdeel a tot en met d, van de
Wet bescherming klokkenluiders worden de concrete daarbij behorende taken
opgesomd. Onderdeel A van artikel I van dit besluit belegt deze taken bij de
directies Consumenten, Energie, Telecom, Vervoer en Post, Mededinging en
Zorg.
De Wet bescherming klokkenluiders bepaalt voorts in artikel 2, eerste lid,
in samenhang gelezen met artikel 2, tweede lid, onder d, dat elke werkgever bij
wie ten minste vijftig werknemers werkzaam zijn een interne procedure vaststelt
voor het melden van misstanden binnen de organisatie en daartoe een
onafhankelijke functionaris aanstelt bij wie deze vermoedens kunnen worden
gemeld. Onderdeel B van dit besluit bepaalt middels een wijziging van
artikel 4a.3, tweede lid, onder d, dat de rol van onafhankelijk functionaris
binnen de ACM door de compliance officer wordt vervuld.