Autorisatiebesluit voor de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, ten behoeve van Stichting Inlichtingenbureau, in verband met het controleren van subsidies op grond van de Subsidieregeling ESF+ 2021–2027, Rijksdienst voor Identiteitsgegevens

Datum 21 juni 2023

Kenmerk 2023- 0000341182

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, ten behoeve van Stichting Inlichtingenbureau, heeft verzocht om autorisatie voor de systematische verstrekking van gegevens uit de basisregistratie personen in verband met het controleren van subsidies op grond van de Subsidieregeling ESF+ 2021–2027. Dit verzoek van 30 mei 2023, 2023-0000336668 betreft een wijziging van het besluit van 27 december 2022, 2022-000069774.

Gelet op de artikelen 3.1 en 3.2 van de Wet basisregistratie personen wordt op dit verzoek als volgt besloten.

Paragraaf 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. de Minister van SZW:

de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ten behoeve van Stichting Inlichtingenbureau;

b. de Wet BRP:

de Wet basisregistratie personen;

c. het Besluit BRP:

het Besluit basisregistratie personen;

d. de basisregistratie personen:

de basisregistratie personen, bedoeld in artikel 1.2 van de Wet BRP;

e. de systematische verstrekking:

de systematische verstrekking, bedoeld in artikel 1.1, onder g, van de Wet BRP;

f. de systeembeschrijving:

de systeembeschrijving, bedoeld in artikel 1 van het Besluit BRP;

g. de persoonslijst:

de persoonslijst, bedoeld in artikel 1.1, onder c, van de Wet BRP;

h. de ingezetene:

de ingezetene, bedoeld in artikel 1.1, onder f, van de Wet BRP;

i. de niet-ingezetene:

de persoon die geen ingezetene is, bedoeld in artikel 1.1, onder f, van de Wet BRP en van wie een persoonslijst is opgenomen in de basisregistratie personen;

j. autorisatietabelregel:

de tabel ten behoeve van de systematische verstrekking van gegevens, bedoeld in artikel 1.1, onder g, van de Wet BRP;

k. de verstrekking van gegevens op verzoek:

de verstrekking van gegevens, bedoeld in artikel 37, eerste lid, onder c, van het Besluit BRP, waarbij het aantal personen waarover informatie wordt verstrekt per verzoek ten hoogste tien bedraagt;

l. de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens:

de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

m. ESF-subsidie:

de subsidie die aan de centrumgemeenten is verleend als bedoeld in artikel 1.8 van de Subsidieregeling ESF+ 2021–2027;

n. jongeren:

personen jonger dan 28 jaar als bedoeld in artikel 2b.3, eerste lid, onder c, van de Subsidieregeling ESF+2021–2027 juncto artikel 1.1 van de Subsidieregeling ESF+2021–2027;

o. niet-uitkeringsgerechtigden:

niet-uitkeringsgerechtigden als bedoeld in artikel 2b.3, eerste lid, onder a, van de Subsidieregeling ESF+2021–2027;

p. vreemdelingen met rechtmatig verblijf:

vreemdelingen die rechtmatig in Nederland verblijven als bedoeld in artikel 2b.3, eerste lid, onder e, van de Subsidieregeling ESF+2021–2027;

q. vreemdelingen die tijdelijke bescherming genieten;

vreemdelingen die tijdelijke bescherming genieten als bedoeld in artikel 1 van de Vreemdelingenwet 2000, omdat zij onder de reikwijdte vallen van het Uitvoeringsbesluit van 4 maart 2022 van de richtlijn2001/55/EG of een verlenging daarvan, als bedoeld in artikel 2b.3, eerste lid, onder f, van de Subsidieregeling ESF+ 2021–2027;

r. centrumgemeenten:

gemeenten die taken uitvoeren voor de eigen gemeente en meerdere regiogemeenten en hiervoor mandaat hebben ontvangen van de regiogemeenten.

Paragraaf 2. De verstrekking van gegevens op verzoek aan de Minister van SZW

Artikel 2

  • 1. Aan de Minister van SZW wordt op zijn verzoek een gegeven verstrekt dat is vermeld op de persoonslijst van een ingezetene, indien het een gegeven betreft dat is opgenomen in bijlagen I en II bij dit besluit.

  • 2. De Minister van SZW verzoekt slechts om een gegeven dat is opgenomen in bijlage I bij dit besluit indien het verzoek gericht is op het verkrijgen van gegevens over:

    • a. jongeren ten aanzien van wie aan de gemeente een ESF-subsidie is verleend;

    • b. niet-uitkeringsgerechtigden ten aanzien van wie aan de gemeente een ESF-subsidie is verleend.

  • 3. De Minister van SZW verzoekt slechts om een gegeven dat is opgenomen in bijlage II bij dit besluit indien het verzoek gericht is op het verkrijgen van gegevens over de vreemdeling met rechtmatig verblijf en de vreemdeling of tijdelijke bescherming geniet, ten aanzien van wie aan de gemeente een ESF-subsidie is verleend.

  • 4. Aan de Minister van SZW worden geen gegevens verstrekt, indien een of meer van de gegevens waarvan de Minister van SZW bij zijn verzoek gebruik heeft gemaakt, niet is opgenomen in bijlagen I en II bij dit besluit.

Paragraaf 3. Overige verstrekkingen aan de Minister van SZW

Artikel 3

  • 1. De verstrekking van gegevens aan de Minister van SZW die op grond van dit besluit plaatsvindt, bevat geen gegeven waarbij “indicatie onjuist dan wel strijdigheid met de openbare orde” is vermeld.

  • 2. Indien aan de Minister van SZW gegevens worden verstrekt van een persoonslijst waarvan de bijhouding is opgeschort, bevat de verstrekking tevens de gegevens omtrent de reden en de datum van de opschorting, alsmede, voor zover deze gegevens zijn opgenomen op de persoonslijst, gegevens over de verificatie en de aanlevering van de verstrekte gegevens.

  • 3. Bij de afvoering van een persoonslijst uit de basisregistratie personen worden aan de Minister van SZW, indien de code “fout” als omschrijving reden opschorting bijhouding op de persoonslijst is vermeld en de afnemersindicatie als actuele aanduiding bij de persoonslijst is vermeld, de volgende gegevens verstrekt:

    • a. A-nummer persoon;

    • b. omschrijving reden opschorting bijhouding;

    • c. datum opschorting bijhouding.

Paragraaf 4. Slotbepalingen

Artikel 4

  • 1. De Minister van SZW verstrekt aan de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties onverwijld alle nieuw gebleken informatie die betrekking heeft op hetgeen geregeld is in dit besluit.

  • 2. Deze informatie betreft in ieder geval wijzigingen in:

    • a. de taak of de wijze van uitvoering van de taak van de Minister van SZW;

    • b. de regelgeving ten aanzien van de taak of de wijze van uitvoering van de taak van de Minister van SZW;

    • c. de gegevens uit de basisregistratie personen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de taak van de Minister van SZW.

Artikel 5

Het besluit van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 27 december 2022, 2022-0000697741, wordt ingetrokken.

Artikel 6

Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2023.

Het besluit en de bijlagen bij het besluit worden gepubliceerd in de Staatscourant.

’s-Gravenhage, 21 juni 2023

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Digitalisering en Koninkrijksrelaties namens deze, F. Jacob Directeur Uitvoering

Bezwaar

Belanghebbenden kunnen binnen zes weken na bekendmaking van dit besluit daartegen per brief bezwaar maken bij de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Postbus 10451, 2501 HL Den Haag. Het bezwaarschrift moet zijn ondertekend, voorzien zijn van een datum alsmede de naam en het adres van de indiener en dient vergezeld te gaan van de gronden waarop het bezwaar berust en, zo mogelijk, een afschrift van het besluit waartegen het bezwaar is gericht.

BIJLAGE I

Bijlage bij artikel 2 van dit besluit.

RUBRIEK

OMSCHRIJVING

   

01

PERSOON

   

01.01.20

Burgerservicenummer persoon

01.03.10

Geboortedatum persoon

   

51

PERSOON

   

51.01.20

Burgerservicenummer persoon

BIJLAGE II

Bijlage bij artikel 2 van dit besluit.

RUBRIEK

OMSCHRIJVING

   

01

PERSOON

   

01.01.20

Burgerservicenummer persoon

   

51

PERSOON

   

51.01.20

Burgerservicenummer persoon

   

10

VERBLIJFSTITEL

   

10.39.10

Aanduiding verblijfstitel

10.39.20

Datum einde verblijfstitel

10.39.30

Ingangsdatum verblijfstitel

   

60

VERBLIJFSTITEL

   

60.39.10

Aanduiding verblijfstitel

60.39.20

Datum einde verblijfstitel

60.39.30

Ingangsdatum verblijfstitel

TOELICHTING

1. Algemeen

Inleiding

De Wet basisregistratie personen (Wet BRP) vormt de juridische basis voor de basisregistratie personen. In de basisregistratie personen zijn persoonsgegevens opgeslagen in de vorm van persoonslijsten.

De basisregistratie personen bevat gegevens over personen die zijn ingeschreven bij een van de gemeenten in Nederland. De gemeenten houden deze gegevens bij.

Verder zijn in de basisregistratie personen gegevens opgenomen van personen die buiten Nederland woonachtig zijn, zogenoemde niet-ingezetenen. Gegevens van niet-ingezetenen worden bijgehouden door de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Deze registratie van niet-ingezetenen in de basisregistratie personen wordt aangeduid als de Registratie Niet-Ingezetenen (RNI). Over niet-ingezetenen wordt een beperkter aantal gegevens bijgehouden dan over ingezetenen. De gegevens in de RNI zijn niet aangemerkt als authentieke gegevens. Gegevens over niet-ingezetenen kunnen namelijk minder gemakkelijk actueel gehouden worden dan gegevens over ingezetenen.

De Wet BRP biedt de grondslag voor systematische gegevensverstrekking over ingezetenen en niet-ingezetenen aan overheidsorganen en daartoe aangewezen andere organisaties. Bij de systematische verstrekking worden vanuit een centraal bestand op geautomatiseerde wijze persoonsgegevens uit de basisregistratie personen verstrekt.

Organisaties die in aanmerking komen voor systematische gegevensverstrekking

Allereerst komen overheidsorganen in aanmerking voor systematische gegevensverstrekking uit de basisregistratie personen. Daarnaast kunnen ook organisaties die werkzaamheden verrichten met een gewichtig maatschappelijk belang daarvoor in aanmerking komen, indien deze werkzaamheden en deze organisaties op grond van artikel 3.3 van de Wet BRP zijn aangewezen. Voorts voorziet artikel 3.13 Wet BRP in systematische gegevensverstrekking aan onderzoeksinstellingen. Waar in het vervolg van deze toelichting zal worden gesproken over "de afnemer" worden daarmee zowel overheidsorganen als derden als onderzoeksinstellingen bedoeld.

Het autorisatiebesluit

Afnemers die systematisch gegevens verstrekt willen krijgen uit de basisregistratie personen dienen hiertoe een verzoek in bij de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Het verzoek wordt gedaan in de vorm van een autorisatieaanvraagformulier. In dit formulier is aangegeven welke gegevens, over welke personen en voor welke taken de aanvrager op systematische wijze verstrekt wenst te krijgen. Het verzoek wordt getoetst, waarbij wordt uitgegaan van de beoordelingscriteria zoals deze zijn neergelegd in de Wet BRP en het Besluit basisregistratie personen (Besluit BRP). Onder meer bepalend is of en in hoeverre de verstrekking van de gegevens noodzakelijk is voor de goede vervulling van de taak van de aanvrager. Hierbij wordt steeds de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de personen, van wie de aanvrager gegevens verstrekt wenst te krijgen, gewaarborgd.

Na toetsing van het autorisatieverzoek wordt door de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een autorisatiebesluit ten behoeve van de aanvrager genomen. In dit autorisatiebesluit wordt bepaald welke gegevens over welke categorieën van personen en in welke gevallen aan de afnemer worden verstrekt. Aan het autorisatiebesluit kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden in het belang van een zorgvuldige en doelmatige gegevensverstrekking.

Het autorisatiebesluit wordt voor zover mogelijk technisch vertaald in een zogenoemde autorisatietabelregel. Aan de hand van de autorisatietabelregel wordt de geautoriseerde afnemer herkend en kan de gegevensverstrekking vanuit de basisregistratie personen geautomatiseerd afgewikkeld worden.

2. Toelichting op de wijzen van verstrekken

De systematische gegevensverstrekking uit de basisregistratie personen kan op verschillende wijzen plaatsvinden. Op grond van dit besluit vindt de verstrekking op de volgende manieren plaats:

De verstrekking op verzoek

Een afnemer kan op verzoek een set gegevens van een persoonslijst verstrekt krijgen. In het autorisatiebesluit is opgenomen welke gegevens van welke categorieën personen mogen worden opgevraagd.

Overige verstrekkingen

Door technische problemen kan het voorkomen dat het berichtenverkeer in een bepaalde periode niet of niet juist heeft plaatsgevonden.

Op een persoonslijst kan bij historische gegevens de indicatie “onjuist dan wel strijdigheid met de openbare orde” geplaatst worden. Deze gegevens zijn foutief en worden daarom in principe niet verstrekt.

Indien gegevens worden opgevraagd van een persoonslijst die is opgeschort, hetgeen onder meer gebeurt indien een ingezetene is overleden of geëmigreerd, worden de reden en datum opschorting bijhouding van de persoonslijst meeverstrekt. Bij verstrekking van gegevens van een persoonslijst van een niet-ingezetene, is het van belang om aan te geven wanneer de gegevens op de persoonslijst geverifieerd zijn en welke organisatie de in een categorie opgenomen gegevens heeft aangeleverd. Om dit te bereiken, worden de verificatiegegevens of de gegevens over de aanleverende organisatie, voor zover die gegevens zijn opgenomen op de persoonslijst, meeverstrekt als er gegevens worden verstrekt uit een categorie waarin die gegevensgroepen voorkomen.

3. De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

De geadresseerde van dit besluit is de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ten behoeve van Stichting Inlichtingenbureau (in deze toelichting genoemd: de Minister van SZW).

De Minister van SZW is een overheidsorgaan als bedoeld in artikel 1.1, onder t, van de Wet BRP.

3.1. Taak van de Minister van SZW

De Europese Commissie heeft in reactie op de Covid-19 pandemie een herstelpakket ter beschikking gesteld waaronder het instrument REACT-EU. Onder REACT-EU is aanvullend budget beschikbaar gesteld aan het Europees Sociaal Fonds (ESF) met als doel de sociaaleconomische gevolgen van de coronapandemie op te vangen en voorbereidingen te treffen voor een groen, digitaal en veerkrachtig herstel van de economie.

Het ESF+ programma voor 2021–2027 is onder meer gericht op ondersteuning van mensen in Nederland met een kwetsbare arbeidsmarktpositie. Dit is een brede doelgroep waarbij het niet uitmaakt of zij werken, werkzoekend zijn, een opleiding volgen of hun leven na detentie willen oppakken. Binnen de prioriteit ‘kwetsbare werkenden en werkzoekenden’ wordt ingezet op de drie doelstellingen;

  • verbeteren van de toegang tot de arbeidsmarkt

  • een leven lang ontwikkelen en

  • actieve inclusie.

De Minister van SZW verleent op grond van de Subsidieregeling ESF+ 2021–2027 subsidies uit het ESF aan centrumgemeenten voor de bevordering van toegang tot werk. Middels projecten wordt door de centrumgemeenten hieraan uitvoering gegeven.

De volgende personen kunnen aan de projecten van de centrumgemeenten deelnemen indien zij op het moment van de start van hun deelname aan een project behoren tot een of meer van de volgende doelgroepen:

  • jongeren ten aanzien van wie aan de gemeente een ESF-subsidie is verleend;

  • niet-uitkeringsgerechtigden ten aanzien van wie aan de gemeente een ESF-subsidie is verleend;

  • vreemdelingen met rechtmatig verblijf ten aanzien van wie aan de gemeente een ESF-subsidie is verleend; en

  • vreemdelingen die tijdelijke bescherming genieten ten aanzien van wie aan de gemeente een ESF-subsidie is verleend.

De Minister van SZW heeft de taak om te controleren of deze subsidies rechtmatig zijn besteed door de centrumgemeenten aan projecten, die binnen de doelstelling van deze ESF-subsidie vallen. Deze taak voert de Minister van SZW uit op grond van artikel 3, eerste en vierde lid, artikel 5 en artikel 8 Kaderwet SZW-subsidies juncto artikel 1.8 en artikel 2b.3, eerste lid, onder a, c, e en f van de Subsidieregeling ESF+ 2021–2027. Het gaat hier specifiek om de controle of de deelnemers van de projecten van de centrumgemeenten behoren tot een van de personen met een afstand tot de arbeidsmarkt als bedoeld in de Subsidieregeling ESF+ 2021–2027.

Voor de uitvoering van deze taak controleert de Minister van SZW de leeftijd van de deelnemer, of hij onder de definitie van niet-uitkeringsgerechtigde valt en of hij rechtmatig verblijft in Nederland of tijdelijke bescherming geniet. Hiervoor heeft de Minister van SZW gegevens uit de basisregistratie personen nodig. Voor de Minister van SZW is het niet noodzakelijk om te toetsen of de deelnemer ingezetene is/is geweest en of hij/zij overleden is/was bij deelname aan het project. Deze toets wordt door de gemeenten uitgevoerd.

Stichting Inlichtingenbureau (hierna: het Inlichtingenbureau) verzorgt de informatiedienstverlening tussen de centrumgemeenten en de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Van de centrumgemeente ontvangt het Inlichtingenbureau een lijst met burgerservicenummers van de personen die deel hebben genomen aan de projecten van de centrumgemeenten. Namens de Minister van SZW controleert het Inlichtingenbureau of aan bovengenoemde criteria is voldaan. Hierbij bevraagt het Inlichtingenbureau namens de Minister van SZW de basisregistratie personen.

3.2. Wijzen van verstrekken aan de Minister van SZW

De Minister van SZW krijgt de gegevens die noodzakelijk zijn voor de vervulling van de hierboven beschreven taak op systematische wijze verstrekt uit de basisregistratie personen. De systematische verstrekking aan de Minister van SZW vindt plaats door middel van gegevensverstrekking op verzoek.

De verstrekking van gegevens op verzoek aan de Minister van SZW

De Minister van SZW mag op verzoek gegevens opvragen uit de basisregistratie personen. Het betreft de gegevens die zijn opgenomen in bijlagen I en II bij dit besluit. De Minister van SZW mag gegevens opvragen over jongeren, namelijk personen jonger dan 28 jaar ten aanzien van wie aan de gemeente een ESF-subsidie is verleend. Tevens mag de Minister van SZW gegevens opvragen over personen die onder de definitie niet-uitkeringsgerechtigden vallen ten aanzien van wie aan de gemeente een ESF-subsidie is verleend.

Als laatste mag de Minister van SZW de gegevens opvragen van vreemdelingen met rechtmatig verblijf en vreemdelingen die tijdelijke bescherming genieten, ten aanzien van wie aan de gemeente een ESF-subsidie is verleend.

De subsidie uit ESF+ wordt na afloop van de begeleiding van de deelnemers aan de centrumgemeenten uitgekeerd. De centrumgemeenten dient binnen dertien weken na beëindiging van het project een verzoek in tot vaststelling van de subsidie bij de Minister van SZW, zodat gecontroleerd kan worden of de bestede kosten aan het project subsidiabel zijn. Bij het verzoek tot vaststelling van de subsidie wordt een verantwoording van een einddeclaratie gevoegd. De einddeclaratie bestaat uit een lijst van Burgerservicenummers van de deelnemers en een rapportage waaruit blijkt of de deelnemer van het project wel of niet onder de doelgroep valt.

Gedurende en/of na afloop van de projectperiode verstrekt de centrumgemeente een lijst van burgerservicenummers aan het Inlichtingenbureau, waarmee het Inlichtingenbureau namens de Minister van SZW de benodigde persoonsgegevens opvraagt uit de basisregistratie personen. Met de daaruit verkregen antwoordberichten stelt het Inlichtingenbureau rapportages op, waaruit blijkt of de deelnemer van het project wel of niet onder de doelgroep valt. Het rapport wordt als onderdeel van de eindrapportage door de Minister van SZW beoordeelt om te bepalen of de centrumgemeenten subsidie ontvangen voor de geleverde begeleiding van deelnemers die onder de ESF+ doelgroepen vallen. Wanneer de deelnemer niet onder de doelgroep valt, komt de centrumgemeente niet in aanmerking voor een subsidie voor de betreffende deelnemer.

3.3. Toelichting te verstrekken gegevens

Categorie 01 Persoon

De Minister van SZW gebruikt het Burgerservicenummer ter identificatie van de deelnemer.

Daarnaast wordt aan hand van de geboortedatum vastgesteld of de deelnemer jonger is dan 28 jaar en daarmee onder één van de doelgroepen valt.

Categorie 10 Verblijfstitel

De aanduiding van de verblijfstitel en de ingangs-en einddatum van de geldigheid daarvan is nodig om te bepalen of de deelnemer rechtmatig in Nederland verblijf houdt op het moment dat hij/zij deelneemt aan het project.

Categorie 51 Persoon (historisch) en Categorie 60 Verblijfstitel (historisch)

De controle die de Minister van SZW uitvoert geschiedt per peilmoment. Een peilmoment vindt maximaal om de zes maanden plaats. De projectperiode van een gemeentelijk project varieert tussen de twee en maximaal drie jaar.

Om de controle van de toerekening van een peilmoment in het verleden – binnen de projectperiode – te kunnen uitvoeren, is het voor de Minister van SZW nodig om deze historische gegevens te raadplegen.

4. Inlichtingenplicht

Teneinde de autorisatie actueel te houden dient de Minister van SZW tijdig inlichtingen te verschaffen over wijzigingen die zich voordoen in zijn taak, in de regelingen waarop die taak is gebaseerd of wijzigingen in de gegevens uit de basisregistratie personen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van die taak. Het is de uitdrukkelijke verantwoordelijkheid van de Minister van SZW om deze informatie onverwijld kenbaar te maken aan de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Eventuele gevolgen van onjuistheden in de autorisatie als gevolg van het niet of niet tijdig doorgeven van dergelijke wijzigingen komen voor de verantwoordelijkheid van de Minister van SZW.

5. Wijzigingen

Met dit besluit wordt het autorisatiebesluit van 27 december 2022, 2022-0000697741, ingetrokken. Deze intrekking is het gevolg van de volgende wijzigingen.

Ten eerste is de grondslag van deze autorisatie gewijzigd met de komst van de nieuwe subsidieregeling ESF+ 2021–2027. De subsidieregeling ESF+ 2021–2027 hangt samen met het nieuwe ESF+ programma voor 2021–2027, wat (onder meer) gericht is op het verbeteren van de arbeidspositie van kwetsbare werkenden en werkzoekenden.

Ten tweede is de doelgroep “vreemdelingen die tijdelijke bescherming genieten” toegevoegd aan de doelgroepen in het nieuwe autorisatiebesluit.

6. Publicatie

Dit besluit wordt gepubliceerd in de Staatscourant. Het besluit wordt tevens geplaatst op de internetpagina van de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens, publicaties.rvig.nl.

Naar boven