ARTIKEL I
In artikel 6, vierde lid, onderdeel a, van de Regeling
naturalisatietoets Nederland wordt ‘ten minste viermaal heeft deelgenomen’
vervangen door ‘ten minste driemaal heeft deelgenomen’.
ARTIKEL II
Deze regeling treedt in werking met ingang van de eerste dag na de datum
van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
TOELICHTING
Algemeen
In deze wijziging van de Regeling naturalisatietoets Nederland wordt het
vereiste aantal examenpogingen per niet behaald examenonderdeel in het kader
van de ontheffing van de naturalisatietoets op basis van aantoonbaar geleverde
inspanningen (hierna: AGI) verlaagd van vier naar drie.
Deze wijziging is in overeenstemming met een wijziging van de Regeling
inburgering 2021 waarin het aantal examenpogingen per niet behaald
examenonderdeel in het kader van de ontheffing van het inburgeringsexamen wordt
verminderd van vier naar drie. De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
heeft de Tweede Kamer hierover op 20 december 2022 geïnformeerd (Kamerstukken
II 2022/23, 32 824,
nr. 380). De verlaging van het vereiste aantal examenpogingen is
gebaseerd op een extern onderzoek naar de effecten van het verlagen van het
aantal examenpogingen voor de ontheffingsgrond AGI van de inburgeringsplicht.
Dit onderzoek is uitgevoerd naar aanleiding van een verkenning van
verbetermogelijkheden voor de Wet inburgering 2013. In de motie van het lid
Maatoug (Kamerstukken II 2021/22,
32 824,
nr. 374) is de regering verzocht de Tweede Kamer voor 1 januari 2023
een verlaging van het benodigd aantal examenpogingen per examenonderdeel in
overweging te nemen bij het vinden van een oplossing voor in de praktijk van de
inburgeringsplicht ervaren knelpunten bij de ontheffing op basis van AGI.
Met de aanpassing wordt tegemoetgekomen aan inburgeraars voor wie het
inburgeringsexamen te hoog gegrepen is. Uit het genoemde onderzoek is gebleken
dat er een beperkte zal groep zijn die onder de huidige regels het examen zou
behalen en in de nieuwe situatie een ontheffing zal aanvragen (naar schatting
1,7 procent van het aantal geslaagden). Dit is een aanvaardbare en beperkte
groep en daarmee wegen de voordelen (minder spanning en stress bij
inburgeraars, er worden kosten en tijd bespaard en er wordt minder beroep
gedaan op de beschikbare (examen)capaciteit bij DUO en taalonderwijsaanbieders)
op tegen dit nadeel, aldus de Minister voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid in
de genoemde brief van 20 december 2022.
Omdat de naturalisatietoets behaald is als de betrokkene het
inburgeringsexamen, bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de Wet inburgering
met goed gevolg heeft afgelegd, alsmede gelet op het vorenstaande, heb ik
besloten om de naturalisatieregelgeving hiermee in lijn te brengen. Daarmee
wordt voorkomen dat personen die niet-inburgeringsplichtig zijn meer
examenpogingen zouden moeten doen dan inburgeringsplichtigen.
In de wijziging van de Regeling inburgering 2021 (artikel 12.2a) is bepaald
dat in artikel 2.4b, onderdeel a, van de tot 1 januari 2022 geldende Regeling
inburgering het aantal examenpogingen wordt verlaagd van vier naar drie. Deze
bepaling werkt via artikel 6, tweede lid, van de Regeling naturalisatietoets
Nederland door in de naturalisatiewetgeving.
Artikelsgewijs
Artikel I
De verlaging van het aantal examenpogingen per niet behaald examenonderdeel
van de naturalisatietoets van vier naar drie is opgenomen in artikel 6, vierde
lid, onderdeel a.
Artikel II
De invoeringstermijn van deze regeling bedraagt minder dan twee maanden en
ook de inwerkingtredingsdatum wijkt af van de in het Kabinetsstandpunt inzake
Vaste Verandermomenten neergelegde uitgangspunt. Deze uitzonderingen zijn
toegestaan omdat met de onderhavige wijzigingen ongewenste nadelen voor de
doelgroep, namelijk de betrokken verzoekers, worden voorkomen (Aanwijzing 4.17,
vijfde lid, onder a, van de Aanwijzingen voor de regelgeving). De onderhavige
wijziging is voor hen begunstigend.
De Staatssecretaris van
Justitie en Veiligheid,
E. van der Burg