Wijziging Regeling gespen Herinneringsmedaille Humanitaire hulpverlening bij Rampen

2 december 2022

Nr. BS2022029171

De Minister van Defensie,

Gelet op artikel 3, tweede lid, van het Besluit Herinneringsmedaille Humanitaire hulpverlening bij Rampen;

Besluit:

ARTIKEL I

Artikel 1 van de Regeling gespen Herinneringsmedaille Humanitaire hulpverlening bij Rampen wordt als volgt gewijzigd:

1. Voor de tekst wordt de aanduiding ‘1.’ geplaatst.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 2. In verband met de hulpverlening in militair verband bij de leniging van de nood van slachtoffers van de aardbeving in Haïti in de periode 19 augustus 2021 tot en met 1 september 2021 wordt de gesp ‘HAÏTI 2021’ ingesteld.

ARTIKEL II

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage, 2 december 2022

De Minister van Defensie, K.H. Ollongren

TOELICHTING

Het Besluit Herinneringsmedaille Humanitaire hulpverlening bij Rampen (HHR) strekt er toe om personen die, deel uitmakend van of tezamen met de krijgsmacht, daadwerkelijk hulp hebben verleend en daarbij in alle opzichten een goede plichtsbetrachting en een goed gedrag hebben betoond, in aanmerking te brengen voor een herinneringsmedaille. De herinneringsmedaille wordt toegekend met een gesp. Ingaande 1 juli 2018 stelt de Minister van Defensie de gesp in, waar dit voorheen bij Koninklijk Besluit geschiedde (Stb. 2018, 237).

Deze wijziging voorziet in het toevoegen van de gesp Haïti 2021.

Haïti werd op zaterdag 14 augustus 2021 getroffen door een zware aardbeving. Hierbij zijn meer dan 2200 doden en 12.000 gewonden gevallen. Meer dan 135.000 panden liepen schade op of zijn verwoest.

Op verzoek van de Haïtiaanse regering via het regionale Caribbean Disaster Emergency Management Agency (CDEMA) en het EU Emergency Response Coordination Center (ERCC), besloten de Ministers van Defensie en voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking tot de inzet van het marineschip Zr.Ms. Holland en geëmbarkeerde eenheden. De militaire noodhulp kwam bovenop de financiële hulp die Nederland al eerder beschikbaar stelde, aan onder meer het Rode Kruis en via ongeoormerkte bijdragen aan VN-organisaties. Nederland werkte in deze operatie nauw samen met Europese partners in de Caribische regio, zoals Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk, alsmede met de Verenigde Staten en landen in de regio.

Zr.Ms. Holland, die onder aansturing van de Commandant der Zeemacht in het Caribisch Gebied (CZMCARIB) viel, was reeds op Curaçao gestationeerd als stationsschip. Aan boord van Zr.Ms. Holland waren naast de 75-koppige bemanning en enkele marechaussees, een hulpteam van mariniers en genisten van de landmacht, een NH90-helikopter en snelle vaartuigen aanwezig om de nodige hulp te bieden. Het schip is op Curaçao beladen met onder meer voedsel, water en hulpgoederen.

Zr.Ms. Holland is ingezet voor 14 dagen ondersteuning. Met snelle rubberboten hebben militairen onder meer civiel internationaal medisch personeel naar de zwaarst getroffen delen van Haïti gebracht. Daarnaast hielden de militairen zich vooral bezig met de distributie van levensmiddelen, hulpgoederen en medische spullen. Ook brachten ze schade in kaart zodat duidelijk werd wat er nodig was om in de getroffen gebieden hulp te bieden.

De Minister van Defensie, K.H. Ollongren

Naar boven