Toelatingsbeleid Vaarweg Noordzee-Eemshaven, Rijkswaterstaat

Toelatingsbeleid voor bovenmaatse schepen, buitengewoon grote schepen en tankers op de Vaarweg Noordzee-Eemshaven van en naar de Eemshaven.

Datum: 17 oktober 2022

Status: Definitief

Eerste versie november 2014

Evaluatie februari 2016

Evaluatie november 2017

Evaluatie november 2018

Evaluatie november 2019

Evaluatie november 2020

Evaluatie november 2021

De hoofdingenieur-directeur van Rijkswaterstaat Noord-Nederland maakt het volgende bekend.

In verband met de verantwoordelijkheid voor een vlot en veilig scheepvaartverkeer op de Vaarweg Noordzee-Eemshaven en gelet op de artikelen 2.1, lid 1, sub c, 3.1, sub 1 en 2 van de Waterwet, artikel 3.1, van het Waterbesluit, artikel 3, van het Tracébesluit Verruiming Vaarweg Eemshaven-Noordzee van 29 september 2014, artikel 4 van de Scheepvaartverkeerswet, artikel 1, lid 1, sub i, van het Scheepvaartreglement Eemsmonding, artikel 7, lid 5, van het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland betreffende het gebruik en beheer van de territoriale zee van 3 tot 12 zeemijlen, Verdrag inzake de Internationale Bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee, 1972, en voorts gelet op artikel 4.81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, is in samenspraak met het Duitse bevoegd gezag het toelatingsbeleid voor bovenmaatse schepen, buitengewoon grote schepen, tankers en LNG carriers op de Vaarweg Noordzee-Eemshaven van en naar de Eemshaven als volgt vastgesteld.

Inhoud

1

Uitgangspunten

1

2

Scheepsafhankelijke voorwaarden

2

3

Hydrologische en meteorologische voorwaarden

3

4

Evaluatie

3

Bijlage A De sleepbootmatrix

4

Bijlage B De stroommatrix

5

Bijlage C De Windmatrix

6

1 Uitgangspunten

Het toelatingsbeleid sluit aan bij de inhoud en strekking van de volgende regelingen:

  • Scheepvaartreglement Eemsmonding (SRE);

  • Die Schifffahrtsordnung Emsmündung (EmsSchO);

  • Besluit plaatselijke regelingen op grond van het scheepvaartreglement Eemsmonding (2020);

  • Bekanntmachung zur Schifffahrtsordnung Emsmündung vom 26. Marz 2021;

  • Die Verordnung zur Einführung der Schifffahrtsordnung Emsmündung (EmsSchEV).

Definities

Tijgebonden schepen zijn:

  • 1. Bovenmaatse schepen (art. 1, lid 1, sub g, SRE) met een diepgang groter dan 10 meter, bestemd voor of komend uit de Eemshaven;

  • 2. Alle buitengewoon grote schepen (art 9.1 Plaatselijke regelingen Eemsmonding) met een diepgang groter dan 10 meter, bestemd voor of komend uit de Eemshaven;

  • 3. Alle zeegaande olie- en productentankers met een diepgang groter dan 8 meter, bestemd voor of komend uit de Eemshaven;

  • 4. Alle LNG carriers bestemd voor of komend van de LNG terminal in Eemshaven.

Geulgebonden schepen zijn schepen, die vanwege hun diepgang alleen kunnen varen in de diepe vaarweg. Deze schepen worden beschouwd als schepen die door hun diepgang beperkt zijn in hun manoeuvreerbaarheid, zoals gedefinieerd in voorschrift 3, onderdeel h, van de Internationale Bepalingen.

Maximaal toegestane breedtes

De maximaal toegestane breedte op de Vaarweg Noordzee-Eemshaven is 32,30 meter voor alle schepen met een diepgang groter dan 11 meter.

Voor LNG carriers wordt, op basis van de uitkomsten van vaarsimulaties, veiligheidsstudies en overleg met het bevoegde gezag, een maximale breedte van 50 meter toegestaan voor schepen met een maximale diepgang van 12 meter en een maximale lengte van 300 meter.

2 Scheepsafhankelijke voorwaarden

Randvoorwaarden tijpoort

  • Tijgebonden schepen dienen minimaal 24 uur voor ETA een tijpoort aan te vragen bij de bevoegde autoriteit.

  • Tijgebonden schepen zijn verplicht binnen de grenzen van de door de bevoegde autoriteit afgegeven tijpoort het vaarwater te bevaren.

  • Bij onvoorziene hydrologische of meteorologische omstandigheden is in nauw overleg tussen bevoegde autoriteiten en loodsen een afwijking van het voorgeschreven tijpoort mogelijk.

Overweging gedeeltelijke tijpoort

De bevoegde autoriteit kan binnen een tijpoort een “gedeeltelijke tijpoort” aangeven indien het scheepvaartaanbod hiertoe aanleiding geeft. Deze maatregel zal alleen in hoogst uitzonderlijke gevallen worden toegepast en wordt in onderling overleg met alle betrokken partijen, waaronder de verkeersdeelnemers, door bevoegde autoriteit vastgesteld.

Het volgende wordt daarbij in overweging genomen:

  • ETA Westereems verkenningston en ETA Boei 27;

  • Aanwezige oploopmogelijkheden (diepgang van schepen, aanwezige knelpunten, daadwerkelijke waterstand en bevaarbare diepte);

  • Berekende tijpoorten van overige schepen.

    De beide bevoegde autoriteiten dienen hiertoe over adequate middelen te beschikken om tijpoorten te berekenen.

Loodsassistentie

Geulgebonden schepen dienen door twee loodsen aan boord beloodst te worden. De loodsen van geulgebonden schepen moeten beschikking hebben over een werkende NMS (Navigator Marginale Schepen).

Sleepbootassistentie

Tijgebonden schepen moeten gebruik maken van sleepboten. Het gebruik van sleepbootassistentie wordt aan de hand van de sleepbootmatrix voorgeschreven, zie bijlage A. De bevoegde autoriteit kan, in nauw overleg met loodsen, afwijken van deze matrix indien de uitrusting van de schepen of andere omstandigheden hiertoe aanleiding geven.

Knelpunt

Nabij de bocht bij boei 11-12 kan het voorbijlopen c.q. ontmoeten op tegengestelde koersen van geulgebonden schepen met andere schepen onveilige situaties opleveren.

Dit gedeelte wordt aangemerkt als knelpunt in het VTM. Het VTM/VTS voorziet in beheersmaatregelen.

Aanvullend moet er op de gehele route kruisende vaart met LNG carriers zoveel mogelijk vermeden worden. Dit geldt met name bij de in- en uitvaart van de LNG carriers van/naar Eemshaven.

VTS Ems informeert de overige scheepvaart om deze situaties te voorkomen.

3 Hydrologische en meteorologische voorwaarden

Zicht

Voordat de loodsreis begint, wordt het zicht beoordeeld. Bij aanvang van de reis moet voor buitengewoon grote schepen het zicht bij Westereemsboei 1.000 meter of meer zijn. Bij teruglopend zicht of bij twijfel wordt de vaarweg pas bevaren na nauw overleg met de verkeerscentrale Eems.

De reis wordt voortgezet wanneer het zicht na aanvang onverwacht terugloopt.

IJsgang

Wanneer ten gevolge van ijsgang de boeien opgenomen zijn is er een Duitse Radarberatung-loods aanwezig.

Dwarsstroom

Voor tijgebonden schepen kan een beperking gelden, om alleen op of rond stil van hoogwater of stil van laagwater de Eemshaven in- en uit te varen. De maximale dwarsstroom voor de Eemshaven is opgenomen in bijlage B.

De bevoegde autoriteit kan, in nauw overleg met loodsen, afwijken van deze matrix indien de uitrusting van de schepen of andere omstandigheden hiertoe aanleiding geven.

Wind

Voor de toelating van tijgebonden schepen tot de Eemshaven en Vaarweg Noordzee-Eemshaven is een windkrachtbeperking van kracht.

De windsnelheid is gedefinieerd als een 10-minutengemiddelde op de windmeter van meetpaal Eemshaven.

De maximale windsnelheden staan genoemd in Bijlage C.

Under keel clearance

Op de Vaarweg Noordzee-Eemshaven wordt de tijpoort probabilistisch berekend met een kans op bodemberoering van 0,017%.

4 Evaluatie

Onderhavig toelatingsbeleid zal regelmatig geëvalueerd worden door RWS, RLCN en GSP mede op basis van praktijkervaring. Indien nodig zal het toelatingsbeleid worden aangepast. RWS informeert de Duitse bevoegde autoriteit over aanpassingen.

Leeuwarden,

de hoofdingenieur-directeur van Rijkswaterstaat Noord-Nederland, J.H.M. de Ruig

BIJLAGE A DE SLEEPBOOTMATRIX

S’gracht

DWT (deadweight)

Alle diepgangen

Alle categoriën

i.o. loods

Dry Bulk carriers

DWT (deadweight)

T≤11,0 m.

T>11,0m

Tot 50.000

i.o. loods

i.o. loods

50.000 – 80.000

2 X 56 ton ASD óf

1 X 56 ton ASD + 2 X 30 ton

3 X 56 ton ASD

80.000 – 115.000

3 X 56 ton ASD

3 X 56 ton ASD

> 115.000

4 X 56 ton ASD (tot 13,8 m/s)

4 X 56 ton ASD (tot 13,8 m/s)

Olie- en Producttankers

DWT (deadweight)

T≤11,0 m.

T>11,0m

Tot 50.000

i.o. loods

i.o. loods

50.000 – 80.000

2 X 56 ton ASD óf

1 X 56 ton ASD + 2 X 30 ton

3 X 56 ton ASD

80.000 – 115.000

3 X 56 ton ASD

3 X 56 ton ASD

> 115.000

4 X 56 ton ASD (tot 13,8 m/s)

4 X 56 ton ASD (tot 13,8 m/s)

LNG carriers met bestemming EET

DWT (deadweight)

Alle diepgangen

Alle categoriën

3 X (minimaal) 56 ton ASD en 1 X (minimaal) 70 ton

BIJLAGE B DE STROOMMATRIX

Matrix met daarin opgenomen de maximale dwarsstroom voor de Eemshaven.

S’gracht

Richting

Diepgang

Lengte

Stroom

Dwarsstroom

Maximaal

[kts]

 

Invaart

T>10,0m.

 

eb

1,00

 

Invaart

T>10,0m.

 

vloed

1,50

 
           

Uitvaart

T>10,0m

   

Geen beperking

 

Dry Bulk Carriers

Richting

Diepgang

Lengte

Stroom

Dwarsstroom

Maximaal

[kts]

 

Invaart

T>10,0m

<200m

eb

0,75

 

Invaart

T>10,0m

<200m

vloed

1,00

 

Invaart

T> 10,0m

≥ 200m

eb en vloed

0,50

 
           

Uitvaart

T≤10,0 m

<200m

 

Geen beperking

 

Uitvaart

T≤10,0m

≥ 200m

eb en vloed

1,50

 

Uitvaart.

T>10,0m

<200m

eb en vloed

1,00

 

Uitvaart

T> 10,0m

≥ 200m

eb en vloed

0,50

 

Olie- en Producttankers1

Richting

Diepgang

Lengte

Stroom

Dwarsstroom

Maximaal

[kts]

 

In- en uitvaart

8,0m< T ≤ 10,0m

>160m

eb

0,75

 

In- en uitvaart

8,0m< T ≤ 10,0m

>160m

vloed

1,00

 

In- en uitvaart

T > 10,0m

>160m

eb en vloed

0,50

 
X Noot
1

Voor olie- en producttankers met een lengte kleiner dan 160,00 m. en een diepgang van 8 meter of minder zal geen tijpoort berekend worden.

In verband met dwarsstroom voor de haven in relatie tot de risicovolle (chemicaliën en aardolieproducten) lading is er voor tankers en LNG carriers een strenger tijpoort regime dan voor de overige scheepvaart.

LNG Carriers1

Richting

Diepgang

Lengte

Stroom

Dwarsstroom

Maximaal

[kts]

Opm.

Invaart

   

eb en vloed

0,50

Geladen (op HW)

           

Uitvaart

   

eb en vloed

0,50

Geladen (op HW)

calamiteit

Uitvaart

   

eb en vloed

0,502

In ballast (op HW)

Uitvaart

   

eb en vloed

0,502

In ballast (op LW)

X Noot
1

Voor olie- en producttankers met een lengte kleiner dan 160,00 m. en een diepgang van 8 meter of minder zal geen tijpoort berekend worden.

In verband met dwarsstroom voor de haven in relatie tot de risicovolle (chemicaliën en aardolieproducten) lading is er voor tankers en LNG carriers een strenger tijpoort regime dan voor de overige scheepvaart.

X Noot
2

Analoog aan maximale dwarsstroom voor olie- en producttankers T>10,0m

BIJLAGE C WINDMATRIX

De volgende limieten zijn van kracht voor de maximale windsnelheid.

Windsnelheid betreft de 10 minuut gemiddelde windsnelheid (zonder vlagen) meetpaal Eemshaven [https://waterberichtgeving.rws.nl/wbviewer/maak_grafiek.php?loc=brknfb&set=eemsgeul&nummer=6&format=wbcharts].

Scheepstype

Windlimiet Noordzee-Eemshaven1

[m/s]

S’gracht

15,5

Dry Bulk Carriers

15,5

Olie- en producttankers

15,5

LNG Carriers

13,8

X Noot
1

gemeten op windmeter van meetpaal Eemshaven

Naar boven