Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| toelatingsorganisatie kwaliteitsborging bouw | Staatscourant 2022, 29922 | andere beschikking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| toelatingsorganisatie kwaliteitsborging bouw | Staatscourant 2022, 29922 | andere beschikking |
Datum: 22 december 2022
Registratienummer: RBH-4001/CS-1001
Gelezen de accreditatiebeschikking van de Raad voor Accreditatie van Bureau Veritas Inspection and Certification The Netherlands B.V. (hierna: certificerende instelling), gevestigd te Amersfoort, van 7 december 2022;
BESLUIT:
In deze beschikking wordt verstaan onder:
degene die beschikt over een certificaat als bedoeld in artikel 1.35, eerste lid, van het Bouwbesluit 2012;
conformiteitsbeoordelingsdocument voor certificering van werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties als bedoeld in artikel 1.35, eerste lid, van het Bouwbesluit 2012;
conformiteitsbeoordelingsinstantie als bedoeld in artikel 1.36, eerste lid, van het Bouwbesluit 2012;
Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening;
Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw als bedoeld in artikel 7ak en artikel 7aa onder b van de Woningwet;
de op deze beschikking van toepassing zijnde wet- en regelgeving, waaronder:
– de Wet: artikel 2, artikel 3, artikel 92 en artikel 93 van de Woningwet en artikel 4.3 van de Omgevingswet;
– het Besluit: artikel 1.34, artikel 1.35, artikel 1.36, het eerste tot en met het zes lid, artikel 1.37, het eerste tot en met het vierde lid, artikel 1.39, het eerste tot en met het vijfde lid, met uitzondering van de laatste volzin van het vierde lid en artikel 1.40, eerste lid, van het Bouwbesluit 2012;
– de Regeling: de Regeling Bouwbesluit 2012;
– Mandaat: Besluit mandaat en machtiging Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw inzake uitvoering wettelijke taken certificering werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties;
– Ondermandaat: Mandaatbesluit directeur TloKB;
– De beleidsregels en beleidsaanwijzingen van de toelatingsorganisatie.
1. De minister heeft op grond van artikel 3, tweede lid van de Woningwet en artikel 1.36, eerste lid, van het Besluit beslist op uw aanvraag om aanwijzing van de certificerende instelling als certificerende instelling voor het afgeven van certificaten voor werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties als bedoeld in artikel 1.35, van het Besluit, op basis van het aangewezen certificatieschema BRL 6000-25.
2. Met deze beschikking wijst de minister de certificerende instelling aan als certificerende instelling voor het afgeven van certificaten voor werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties en laat de instelling daarmee toe tot het stelsel van gecertificeerde werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties onder intrekking van de beschikking 3 oktober 2022
3. De reikwijdte van de aanwijzing als certificerende instelling is op grond van artikel 1.15 van de Regeling op basis van het aangewezen certificatieschema BRL 6000-25, 15 juni 2022 (registratienummer CS-1001).
4. De certificerende instelling beschikt per 7 december 2022 over een accreditatie volgens NEN-EN-ISO/IEC 17065 van de Raad voor Accreditatie op basis van het in het eerste lid genoemde aangewezen certificatieschema.
5. Voor de uitoefening van de taken is de certificerende instelling bekleed met openbaar gezag en wordt zij aangemerkt als (zelfstandig) bestuursorgaan. De certificerende instelling moet zich houden en uitvoering geven aan de Algemene wet bestuursrecht, de Wet open overheid en de Archiefwet.
6. De certificerende instelling stelt een selectielijst(en) voor het werkterrein CO-stelsel vast en laat deze publiceren in de Staatscourant op grond van artikel 5, eerste lid, van de Archiefwet.
Op deze beschikking is telkens van toepassing de van toepassing zijnde en opvolgende wet- en regelgeving waaronder ook de beleidsregels en beleidsaanwijzingen van de toelatingsorganisatie.
1. De toelatingsorganisatie houdt namens de minister op grond van artikel 92, derde lid, artikel 93, tweede lid van de Woningwet, de artikelen 1.35 tot en met 1.40 van het Besluit, het Mandaat, de Algemene wet bestuursrecht toezicht en deze beschikking, toezicht op de naleving van de toepassing van het certificatieschema voor werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties.
2. De toelatingsorganisatie kan namens de minister op grond van het Mandaat, artikel 92, derde lid, van de Woningwet en de Algemene wet bestuursrecht handhavend optreden met betrekking tot de toepassing van het aangewezen certificatieschema voor certificering van werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties.
1. De toelatingsorganisatie trekt namens de minister de aanwijzing van de certificerende instelling in, indien de certificerende instelling niet, op grond van artikel 2, tweede lid, van deze beschikking, beschikt over accreditatie volgens NEN-EN-ISO/IEC 17065 afgegeven door de Raad voor Accreditatie op basis van het in artikel 2, derde lid, van deze beschikking genoemde aangewezen certificatieschema.
2. De toelatingsorganisatie trekt namens de minister de aanwijzing van de certificerende instelling in, indien de certificerende instelling daarom verzoekt op grond van artikel 1.36, zesde lid, van het Besluit.
3. Het voornemen om de taken als aangewezen certificerende instelling voor het afgeven van certificaten voor werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties van het aangewezen certificatieschema, als bedoeld in artikel 2, derde lid, van deze beschikking, te beëindigen meldt de certificerende instelling minimaal zes maanden voor de effectuering van het voornemen aan de toelatingsorganisatie.
4. De toelatingsorganisatie kan de aanwijzing van de certificerende instelling namens de minister intrekken, indien:
a. de gegevens die met het oog op de aanwijzing zijn verstrekt, zodanig onjuist of onvolledig blijken, dat op de aanvraag om aanwijzing een andere beslissing zou zijn genomen, indien bij de beoordeling daarvan de juiste omstandigheden volledig bekend waren geweest;
b. de certificerende instelling niet meer voldoet aan de krachtens gestelde regels, als bijvoorbeeld in het geval de aangewezen certificerende instelling haar accreditatie, als bedoeld in artikel 2, derde lid, van deze beschikking verliest;
c. de certificerende instelling handelt in strijd met de van toepassing zijnde wet- en regelgeving, waaronder de wet- en regelgeving als genoemd in artikel 1 aanhef en onder f en artikel 2, vijfde lid, van deze beschikking;
d. de certificerende instelling failliet is verklaard.
5. Indien de aanwijzing van de certificerende instelling wordt ingetrokken, blijven de afgegeven certificaten op basis van het aangewezen certificatieschema, als bedoeld in artikel 2, derde lid, van deze beschikking, geldig gedurende zes maanden na de datum waarop de beschikking tot intrekking van de aanwijzing is gegeven of als het certificaat op het moment van intrekking van de aanwijzing een kortere geldigheidsduur heeft dan zes maanden, gedurende die geldigheidsduur. De toelatingsorganisatie kan namens de minister een kortere termijn vaststellen of bepalen dat de geldigheid van een afgegeven certificaat voor werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties terstond wordt beëindigd, indien de uitvoering van de werkzaamheden van certificaathouders leidt tot strijdigheden met de wet- en regelgeving.
1. De toelatingsorganisatie schorst namens de minister de aanwijzing van de certificerende instelling voor een door haar vast te stellen termijn, op grond van artikel 2, aanhef en onder c van het Mandaat en artikel 1.36, zesde lid, van het Besluit.
2. De aanwijzing van de certificerende instelling wordt in ieder geval geschorst, op grond van artikel 2, aanhef en onder c van het Mandaat en artikel 1.36, zesde lid, aanhef en onder b, van het Besluit, indien de certificerende instelling in surseance van betaling verkeert.
De toelatingsorganisatie kan de aangewezen certificerende instelling namens de minister een waarschuwing geven, inhoudende dat door de toelatingsorganisatie geconstateerde tekortkomingen bij de toepassing van het aangewezen certificatieschema, als bedoeld in artikel 2, derde lid, van deze beschikking, worden onderzocht en dat aan de toelatingsorganisatie dient te worden gerapporteerd over de oorzaken van die tekortkomingen en de wijze waarop deze worden hersteld.
Aan de aanwijzing en het aangewezen blijven als certificerende instelling voor het afgeven van certificaten voor werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties zijn de volgende voorwaarden verbonden aan de certificerende instelling:
a. leeft de van toepassing zijnde wet- en regelgeving na, waaronder de wet- en regelgeving als genoemd in artikel 1 aanhef en onder f van deze beschikking, het bepaalde in het Aanwijzingskader certificerende instelling CO-stelsel, de opvolgende Aanwijzingskaders en andere en opvolgende van toepassing zijnde (beleids)aanwijzingen en beleidsregels van de toelatingsorganisatie.
b. brengt personen die namens de toelatingsorganisatie actief zijn, niet in een positie waarbij hun onafhankelijkheid, objectiviteit, veiligheid of gezondheid in het geding kan komen;
c. informeert de toelatingsorganisatie per direct, over ernstige afwijkingen (gerelateerd aan onafhankelijkheid of competentie van de medewerkers of waarbij uitgegeven certificaten zijn hersteld of herroepen) vastgesteld tijdens een beoordeling door de Raad voor Accreditatie (ex artikel 2, aanhef en onder e van het Mandaat, artikel 1.39, derde lid van het Besluit);
d. informeert de toelatingsorganisatie onverwijld, uiterlijk binnen twee werkdagen, over een door de rechtbank uitgesproken faillissement of surseance van betaling (ex artikel 1.39, eerste lid, van het Besluit);
e. informeert onverwijld haar klanten, die het aangaan, over een schorsing of intrekking van de aanwijzing voor het certificatieschema, als bedoeld in artikel 2, derde lid van deze beschikking en over de consequenties daarvan;
f. verstrekt aan de toelatingsorganisatie, in het geval dat haar aanwijzing voor het aangewezen certificatieschema, als bedoeld in artikel 2, derde lid van deze beschikking is geschorst, een overzicht van de geldige certificaten, die de certificerende instelling onder de aanwijzing heeft uitgegeven;
g. verstrekt aan de toelatingsorganisatie, in het geval dat haar aanwijzing van het aangewezen certificatieschema, als bedoeld in artikel 2, derde lid van deze beschikking is ingetrokken, binnen maximaal half jaar na het intrekken van de aanwijzing, bewijzen van de intrekkingen van de certificaten;
h. ziet erop toe dat de toepassing van het aangewezen certificatieschema, als bedoeld in artikel 2, derde lid, van deze beschikking, plaatsvindt overeenkomstig de in het certificatieschema gestelde eisen aan de beoordeling en de beschrijving, bedoeld in artikel 1.35, eerste lid en artikel 1.37 van het Besluit en artikel 1.17 en artikel 1.18 van de Regeling en treft de maatregelen die nodig zijn om een onjuiste toepassing van het certificatieschema tegen te gaan (ex artikel 1.37, lid 4 van het Besluit);
i. neemt het door de toelatingsorganisatie verstrekte registratienummer RBH-4001/CS-1001 waarmee de certificerende instelling is opgenomen in het Register Gasverbrandingsinstallaties, op in alle documenten die onderdeel uitmaken van haar certificeringswerkzaamheden in het kader van werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties.
j. verstrekt een toestemming aan haar certificaathouder die beschikt over een geldig certificaat voor het uitvoeren van de gecertificeerde werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties het beeldmerk ‘CO-VRIJ’ (ex artikel 1.41, eerste lid van het Besluit en artikel 1.23, eerste en derde lid van de Regeling);
k. ziet toe op dat haar certificaathouders het beeldmerk ‘CO-VRIJ’, zoals vastgesteld in het reglement voor het beeldmerk voor werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties (ex artikel 1.41, eerste lid van het Besluit en artikel 1.23, eerste en derde lid van de Regeling), correct toepassen;
l. verstrekt gegevens met betrekking tot certificaathouders ten behoeve van het register (ex artikel 1.39, tweede lid, van het Besluit) volgens een door de toelatingsorganisatie beschikbaar gesteld format;
m. verstrekt jaarlijks, voor 1 maart, aan de toelatingsorganisatie het periodiek opgesteld verslag van de uitgevoerde werkzaamheden, de rechtmatigheid en doeltreffendheid van die werkzaamheden (ex artikel 1.39, vierde lid, van het Besluit en artikel 1.21, tweede lid, van de Regeling);
n. verstrekt jaarlijks voor 1 maart en iedere tweede week van een kwartaal over het afgelopen kwartaal, aan de toelatingsorganisatie een overzicht van meldingen (bijna-)ongelukken, als bedoeld in artikel 1.38 van het Besluit, met daarbij aangegeven de gemeten concentratie koolmonoxide en een beschrijving van de ruimte waarin de concentratie is gemeten (ex artikel 1.21, derde lid, van de Regeling);
o. verstrekt jaarlijks, voor 1 maart, aan de toelatingsorganisatie een overzicht van de ingediende verzoeken in het kader van de Wet open overheid (Woo) (ex artikel 2, aanhef onder e van het Mandaat, artikel 1.39, derde lid van het Besluit);
p. verstrekt jaarlijks, voor 1 maart, aan de toelatingsorganisatie een analyse over de effectiviteit van de “bovenwettelijke eisen” waarop de certificerende instelling toezicht houdt bij haar certificaathouders (ex artikel 2, aanhef onder e van het Mandaat, artikel 1.39, derde lid van het Besluit);
q. zendt aan de toelatingsorganisatie een kopie van iedere definitieve beoordelingsrapportage (kantoor, bijwoning) van de Raad voor Accreditatie, waarin de certificerende instelling beoordeeld is op het werkveld CO-stelsel (ex artikel 2, aanhef onder e van het Mandaat, artikel 1.39, derde lid van het Besluit).
1. De toelatingsorganisatie houdt namens de minister op grond van artikel 2 aanhef en aanhef onder f van het Mandaat, artikel 1.40 van het Besluit en artikel 1.22 van de Regeling een openbaar register bij van:
a. aangewezen certificatieschema’s,
b. aangewezen certificerende instellingen, en
c. door de certificerende instelling verstrekte gegevens over certificaathouders.
2. Op grond van artikel 2 aanhef en onder f en artikel 3 van het Mandaat, artikel 1.22 van de Regeling en artikel 1.40, tweede lid, van het Besluit zijn en worden nadere regels gesteld met betrekking tot de gegevens die in het register worden opgenomen.
3. Het register wordt kosteloos langs elektronische weg ter beschikking gesteld aan eenieder.
4. Van de certificerende instelling worden door de toelatingsorganisatie voorstaande gegevens geregistreerd, indien aan de orde.
Deze beschikking treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 3 oktober 2022.
Op www.officielebekendmakingen.nl vindt u de officiële publicaties van de beschikking.
Met de inwerkingtreding van deze beschikking wordt ‘de Aanwijzingsbeschikking Bureau Veritas als certificerende instelling voor het afgeven van certificaten voor werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties’ met de datum 3 oktober 2022 ingetrokken om reden van de accreditatie.
Deze beschikking wordt aangehaald als: Aanwijzingsbeschikking Bureau Veritas als certificerende instelling voor het afgeven van certificaten voor werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties. De aanwijzing van de certificerende instelling wordt opgenomen in het Register Gasverbrandingsinstallaties op de website van de toelatingsorganisatie.
Rijswijk, 22 december 2022
De Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, namens deze: De directeur van de Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw, M.P. Tummers
Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kunnen belanghebbenden bij de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening tegen deze beslissing bezwaar maken. Belanghebbenden doen dit door een gemotiveerd bezwaarschrift in te dienen binnen zes weken na bekendmaking van deze beslissing. Het bezwaarschrift moet door de indiener dan wel zijn of haar gemachtigde zijn ondertekend en bevat ten minste zijn naam en adres, de dagtekening, een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht en de gronden waarop het bezwaar rust. Het bezwaarschrift moet worden gericht aan: de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening met tussenkomst van de Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw, per e-mail: bezwaar@tlokb.nl.
Het indienen van een bezwaarschrift schort op grond van artikel 6:16 van de Algemene wet bestuursrecht niet de werking van het hierboven vermelde besluit op. Dat betekent dat de beschikking blijft gelden in de tijd dat een bezwaarschrift in behandeling is. Gelet hierop kan, indien tegen de beschikking bezwaar wordt aangetekend, gedurende de bezwaartermijn tevens een verzoek om een voorlopige voorziening worden ingediend bij de Voorzieningenrechter van de daartoe bevoegde rechtbank. Hiervoor is griffierecht verschuldigd.
Wanneer u een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening indient, verzoeken wij u vriendelijk om een afschrift van het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening toe te zenden aan de Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw, per e-mail: bezwaar@tlokb.nl.
Per 1 oktober 2020 is het wettelijk stelsel certificering werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties in werking getreden (hierna: CO-stelsel). Dit wettelijk stelsel volgt op aanbevelingen in het rapport ‘Koolmonoxide Onderschat en onbegrepen gevaar’ van de Onderzoeksraad voor Veiligheid1. Met het wettelijk stelsel wordt beoogd het aantal incidenten met koolmonoxide te beperken door de kwaliteit van werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties te verbeteren en is daarmee invulling gegeven aan het advies van de Gezondheidsraad2 over de gevaren van blootstelling aan lage concentraties koolmonoxide. Het wettelijk stelsel betreft voorschriften ten aanzien van de werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties inclusief de benodigde rookgasafvoer en luchttoevoer. Deze werkzaamheden mogen vanaf 1 april 2023 alleen nog worden uitgevoerd door bedrijven die daarvoor gecertificeerd zijn.
De bevoegdheid om bedrijven te certificeren komt te liggen bij de daarvoor door de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (hierna: VRO) aangewezen certificerende instelling. De aangewezen certificerende instelling maakt voor de beoordeling teneinde van het verstrekken van certificaten gebruik van een aangewezen certificatieschema. Aangezien de aangewezen certificerende instelling is bekleed met openbaar gezag in het kader van dit stelsel en voor de uitoefening van de betreffende taken als (zelfstandig) bestuursorgaan wordt aangemerkt, moet de certificerende instelling zich onder meer houden aan de Algemene wet bestuursrecht (Awb), de Wet open overheid (Woo) en de Archiefwet (Aw). Op grond van de Aw dient de certificerende instelling een selectielijst vast te stellen en te laten publiceren in de Staatscourant. Nadere informatie hieromtrent is te vinden op de website3 van het Nationaal Archief. In de Woningwet is opgenomen dat de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen (Kzbo) niet van toepassing is op de aangewezen certificerende instelling.
Op grond van artikel 92, derde lid, van de Woningwet wijst de Minister voor VRO de Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw (hierna: TloKB) aan om wettelijke bevoegdheden in verband met het CO-stelsel namens de minister uit te voeren. De TloKB is een zelfstandig bestuursorgaan en beschikt per 22 april 2022 over een mandaat en machtiging ten behoeve van de uitvoering van de wettelijke taken binnen het CO-stelsel (zie Mandaat). Dit mandaat en deze machtiging is ondergemandateerd aan de directeur van de TloKB (zie Ondermandaat). De TloKB wijst namens de Minister voor VRO een certificerende instelling aan om certificaten af te geven voor werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties aan.
De opgenomen voorwaarden in dit besluit op de aanwijzing als certificerende instelling, zijn een aanvulling op de nationale wet- en regelgeving. Indien de certificerende instelling de voorwaarden en/of de toepasselijke wet- en regelgeving niet in acht neemt, dan kan dit leiden tot intrekking van de aanwijzing.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2022-29922-n1.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.