Besluit van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 16 augustus 2022, kenmerk 3401117-1032931-OBP, houdende de wijziging van de Bezoldigingsregeling centrale commissie medisch-wetenschappelijk onderzoek

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Gelet op artikel 14, tweede lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen;

Besluit:

ARTIKEL I

De Bezoldigingsregeling centrale commissie medisch-wetenschappelijk onderzoek wordt als volgt gewijzigd.

A

Na artikel 2 wordt een nieuw artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 2a

De bezoldiging van de plaatsvervangend voorzitters van de centrale commissie wordt vastgesteld volgens het maximum van salarisschaal 18 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren, rekening houdend met een arbeidsduur van gemiddeld 8 uren per week.

B

In artikel 3 wordt ‘de leden’ vervangen door ‘de overige leden’.

C

In artikel 5 wordt na ‘De voorzitter,’ ingevoegd ‘de plaatsvervangend voorzitters,’ en wordt ‘de leden’ vervangen door ‘de overige leden’.

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 juli 2021.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E.J. Kuipers

TOELICHTING

In artikel 14 van de Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen is geregeld dat de Centrale commissie voor medisch-wetenschappelijk onderzoek (verder de commissie) uit ten hoogste 32 leden bestaat waaronder een voorzitter. De commissie wijst uit haar midden één of meer plaatsvervangend voorzitters aan (binnen de commissie aangeduid als vicevoorzitters).

Alle leden van de commissie worden op grond van de Bezoldigingsregeling centrale commissie medisch-wetenschappelijk onderzoek bezoldigd volgens het maximum van salarisschaal 18 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst, echter met een verschillende taakduur. De voorzitter werd bezoldigd rekening houdend met een arbeidsduur van gemiddeld 24 uren per week. De overige leden, inclusief de plaatsvervangend voorzitters, werden bezoldigd rekening houdend met een arbeidsduur van gemiddeld 4 uren per week.

De afgelopen jaren is de aanspraak op de tijd van de plaatsvervangend voorzitters echter zodanig toegenomen dat die 4 uur onvoldoende is gebleken om professioneel invulling te kunnen geven aan die rol.

Om die reden is besloten om per 1 juli 2022 aan de plaatsvervangend voorzitters een arbeidsduur van gemiddeld 8 uur per week toe te kennen.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E.J. Kuipers

Naar boven