De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,
Gelet op de artikelen 5.2 en 5.4 van
de Wet dieren;
Besluit:
ARTIKEL I
Na het opschrift van paragraaf 3.5 van de
Regeling veterinaire maatregelen specifieke dierziekten of zoönosen worden de
volgende artikelen ingevoegd:
Artikel 3.12 Vervoer van commercieel gehouden hoenderachtigen, ganzen
of eenden
-
1. Het is verboden hoenderachtigen, ganzen of eenden, met
uitzondering van eendagskuikens van die diersoorten, te vervoeren tussen
inrichtingen in Nederland waar deze vogels commercieel worden gehouden.
-
2. In afwijking van het eerste lid is het vervoer toegestaan
indien:
-
a. het vervoer rechtstreeks plaatsvindt;
-
b. het vervoer plaatsvindt overeenkomstig een
hygiëneprotocol; en
-
c. de vogels vergezeld gaan van een verklaring die minder
dan 24 uur oud is van een dierenarts waaruit blijkt dat deze dieren op basis
van een klinische inspectie geen ziekteverschijnselen vertonen.
-
3. De verklaring, bedoeld in het tweede lid, onderdeel c, bevat
in elk geval:
-
a. de datum en het tijdstip van de klinische inspectie;
-
b. de contactgegevens en het subregistratienummer, bedoeld
in artikel 5a.1, derde lid, van de Regeling houders van dieren, van de
inrichting waarvandaan het vervoer plaatsvindt;
-
c. de bevindingen van de klinische inspectie; en
-
d. de naam en de handtekening van de dierenarts.
-
4. De exploitant van de inrichting waar de vogels, bedoeld in
het eerste lid, onder toepassing van het tweede lid worden afgeleverd, bewaart
de in het tweede lid, onderdeel c, bedoelde verklaring gedurende zes
maanden.
Artikel 3.13 Vervoer van eenden en kalkoenen naar een
slachthuis
-
1. Het is verboden eenden of kalkoenen te vervoeren tussen een
inrichting waar eenden of kalkoenen commercieel worden gehouden en een
slachthuis in Nederland.
-
2. In afwijking van het eerste lid is het vervoer toegestaan
indien:
-
a. het vervoer rechtstreeks plaatsvindt;
-
b. het vervoer plaatsvindt overeenkomstig een
hygiëneprotocol; en
-
c. de eenden of kalkoenen vergezeld gaan van een verklaring
die minder dan 24 uur oud is van een dierenarts waaruit blijkt dat deze dieren
op basis van een klinische inspectie geen ziekteverschijnselen vertonen.
-
3. De verklaring, bedoeld in het tweede lid, onderdeel c, bevat
in elk geval:
-
a. de datum en het tijdstip van de klinische inspectie;
-
b. de contactgegevens en het subregistratienummer, bedoeld
in artikel 5a.1, derde lid, van de Regeling houders van dieren van de
inrichting waarvandaan het vervoer plaatsvindt;
-
c. de bevindingen van de klinische inspectie; en
-
d. de naam en de handtekening van de dierenarts.
-
4. De exploitant van de slachthuis waar de eenden of kalkoenen
onder toepassing van het tweede lid worden afgeleverd, bewaart de in het tweede
lid, onderdeel c, bedoelde verklaring gedurende zes maanden.
ARTIKEL II
Deze regeling wordt bekendgemaakt op
www.rijksoverheid.nl,1 en treedt in werking op 27 december 2021 om 17:00 uur.
’s-Gravenhage, 24 december 2021
De Minister van
Landbouw, Natuur en
Voedselkwaliteit,
C.J. Schouten
TOELICHTING
Met deze regeling wordt de Regeling veterinaire maatregelen
specifieke dierziekten en zoönosen aangepast. Die regeling bevat in hoofdstuk 3
preventieve maatregelen om de verspreiding van vogelgriep te voorkomen. Aan de
bestaande maatregelen worden twee maatregelen toegevoegd over het vervoer van
hoenderachtigen, ganzen of eenden tussen inrichtingen in Nederland en het
vervoer van eenden of kalkoenen naar een slachthuis in Nederland.
In juni zijn bovengenoemde maatregelen ingetrokken, omdat het
infectierisico met H5N8 was verlaagd. De uitbraken sinds oktober zijn
veroorzaakt door een nieuwe virusvariant H5N1, die met wilde vogels uit Rusland
is binnengekomen. Transport van levende vogels vormt een risico voor
verspreiding van het virus. Dat geldt vooral voor het zogeheten ‘vervoer voor
het leven’, waarbij vogels worden vervoerd naar een inrichting waar zij nog
enige tijd verblijven. De consequenties van vervoer van besmette maar nog niet
gedetecteerde vogels is groot, omdat de dieren nog een tijd op een inrichting
blijven. De kans op verspreiding kan worden verkleind door de dieren
voorafgaand aan vervoer te laten inspecteren door een dierenarts. Deze
maatregelen worden daarom opnieuw ingevoerd.
Voor het vervoer van hoenderachtigen, ganzen of eenden, met
uitzondering van eendagskuikens, gelden beperkingen (artikel 3.12). Een
transport tussen inrichtingen in Nederland waar die vogels worden gehouden is
alleen toegestaan indien dit rechtstreeks plaatsvindt, wordt voldaan aan een
daartoe opgesteld hygiëneprotocol en indien wordt beschikt over een positieve
verklaring van de dierenarts. Deze verklaring heeft betrekking op alle
hoenderachtigen, ganzen of eenden die worden gehouden op het bedrijf
waarvandaan het transport plaatsvindt, is gebaseerd op een klinische inspectie
en is ten tijde van de aankomst van het transport niet ouder dan 24 uur. De
vervoerder dient de verklaring bij zich te hebben en bij aflevering van de
vogels over te dragen aan de ontvangende partij. Deze dient de verklaring
gedurende zes maanden te bewaren met het oog op controle vanuit een oogpunt van
bioveiligheid.
Voor het vervoer van eenden of kalkoenen naar de slacht is een
klinische inspectie door een dierenarts vereist (artikel 3.13). Afvoer naar de
slacht mag alleen plaats vinden met een verklaring dat dit bedrijf klinisch is
geïnspecteerd door een dierenarts, binnen 24 uur voor de afvoer. Deze soorten
lijken relatief vaker besmet te worden. Vervoer van besmette dieren is een
risico en met een inspectie door de dierenarts kan een besmetting mogelijk
eerder aan het licht komen en wel voordat de afvoer naar de slacht heeft
plaatsgevonden.
Deze regeling wordt op basis van artikel 5.2 van de Wet dieren
bekendgemaakt op internet en treedt op korte termijn in werking, op 27 december
2021 om 17:00. Dit met het oog op de uitvoering en handhaving. De media zullen
worden geïnformeerd over deze bekendmaking. De regeling wordt ook aan de
Staatscourant aangeboden voor publicatie.
De Minister van
Landbouw, Natuur en
Voedselkwaliteit,
C.J. Schouten