Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Ministerie van Binnenlandse Zaken en KoninkrijksrelatiesStaatscourant 2021, 4664Overig

City Deal Ruimte voor Lopen, Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

DEEL 1: City Deal op hoofdlijnen

Algemene Context – Agenda Stad

Steden, departementen, private partijen, kennisinstellingen en andere actoren werken aan de totstandkoming van de Agenda Stad, die de groei, innovatie en leefbaarheid van steden in samenhang moet versterken om daarmee het concurrentievermogen en groeipotentieel van het Nederlandse stedennetwerk te vergroten.

Betrokkenen beogen hier onder andere invulling aan te geven door middel van het sluiten van ‘City Deals’. City Deals onderscheiden zich in het feit dat ze:

  • Een aansprekende ambitie formuleren ten aanzien van een of meerdere grote maatschappelijke opgaven;

  • Agglomeratiekracht organiseren (massa/schaalvoordeel door samenwerking tussen en/of binnen stedelijke regio’s);

  • Betrokkenheid kennen van uiteenlopende publieke en private Partijen (waaronder het Rijk);

  • Innovatief en gericht zijn op doorbraken, door bijvoorbeeld bestaande systemen anders vorm te geven;

  • (Inter)nationaal aansprekend en verkoopbaar zijn.

Context City Deal Ruimte voor Lopen

Lopen. Het is misschien wel de grootste mijlpaal in het leven van een kind, maar vervolgens is het zo alledaags, dat het als vanzelfsprekend lijkt te worden aangenomen. Bij de inrichting van steden, het sportbeleid of zelfs bij het maken van een routebeschrijving naar een locatie is de voetganger nog niet altijd een factor waar rekening mee gehouden wordt.

Langzamerhand lijkt de voetganger de wind mee te krijgen. Steeds meer actieve burgers, maatschappelijke partijen, bestuurders en professionals brengen het belang van lopen, van mensen in de publieke ruimte onder de aandacht. Wetenschappers, journalisten en schrijvers brengen een stroom publicaties en boeken op gang over de waarde van de mens te voet. Voor duurzame en gezonde mobiliteit, het bestrijden van eenzaamheid, bevorderen van vitaliteit, samenhang in buurten en wijken, veiligheid, de groene en biodiverse stad: ruimte voor lopen draagt bij aan het welzijn van mens en samenleving. Op dit moment voegt de voetganger zich naar de omgeving: met de smalle stoepen, vaak nog met lantaarnpalen, reclameborden en elektriciteitshuisjes, mensen lopen ondanks de routeapps die de auto adviseren of je naar de dichtstbijzijnde bushalte sturen, ondanks dat voetgangers gedoogd worden op fietspaden. Als er mooie voetpaden zijn, worden ze volop gebruikt en wordt de omgeving leefbaarder. Dit is een grote kans: door samen te bouwen aan leefomgeving die uitnodigt tot lopen wordt er bijgedragen aan vele vraagstukken die mensen en steden raken. Er is werk aan de winkel.

In de stad komen alle bovengenoemde thema’s bij elkaar. De woningbouwopgave en stedelijke verdichting leidt bovendien tot een verdere verhoging van de druk op de openbare ruimte en de infrastructuur. Het besef groeit dat het creëren van meer ruimte voor lopen (en fietsen) een bijdrage levert om hier het hoofd aan te bieden. De coronacrisis maakt de urgentie groot en steden wereldwijd nemen ingrijpende maatregelen die eerder niet voor mogelijk werden gehouden. Rijbanen worden domein van de voetganger. Maar ook al voor de coronacrisis zetten verschillende partijen de eerste stappen om lopen als vertrekpunt te nemen bij het ontwerpen van een leefbare en vitale stad. Voorbeeldprojecten zijn nu nodig om leerervaringen op te doen en te ontdekken wat wel en niet werkt: vandaar dat de samenwerking is gezocht in deze City Deal met aan koplopende steden, beleidsverantwoordelijke ministeries en andere partijen om samen te experimenteren en kennis op te doen.

De City Deal Ruimte voor Lopen werkt daarbij intensief samen met het gelijknamige Platform. Het platform zet in op meer ruimte voor lopen in het hoofd, in het beleid en buiten. Hiermee wordt het gezamenlijk belang van lopen zichtbaarder. Het vergroot en verbindt de kennis over lopen en deelt goede voorbeelden. De aangesloten partners werken aan een positief imago, een wandelcultuur, een aantrekkelijke omgeving. En het platform gaat voor lopen als een vanzelfsprekend en integraal onderdeel van beleid, ontwerp en beheer. Deze ambities zijn uitgewerkt in de Agenda Ruimte voor Lopen.

Doelen City Deal Ruimte voor Lopen

De City deal kent vijf doelen:

  • 1) De ideale voetgangersstad

    Het ontwikkelen van kennis over de ideale voetgangersstad als vitale, duurzame, veilige, biodiverse en gezonde leefomgeving door ontwerpend onderzoek, interventies en experimenten;

  • 2) Samen oplopen

    Het positioneren van ruimte voor lopen als integraal onderdeel van het beleid ten aanzien van ruimte, mobiliteit, recreatie, veiligheid, biodiversiteit, economie, omgeving en gezondheid bij steden, provincies en de rijksoverheid;

  • 3) Verleiden om te lopen

    Het ontwikkelen van impactvolle strategieën en het creëren van een goed aanbod om te verleiden tot meer lopen en het bevorderen van een gezonde duurzame leefstijl door het doen van experimenten, campagnes en interventies;

  • 4) Een vitaal stedennetwerk

    Het ontwikkelen van een vitaal stedennetwerk gericht op kennisuitwisseling over lopen & stedelijk gebied;

  • 5) Innovatie versnellen en verspreiden

    Het creëren van innovaties, die aanstekelijk werken en makkelijk te verspreiden zijn en snel door andere partijen kunnen worden overgenomen.

De eerste drie doelen hebben een inhoudelijk karakter en worden vertaald in drie werklijnen (zie hierna). De doelen 4 en 5 zijn meer procesmatig van aard en er op gericht om de impact van de City Deal te vergroten en een structureel karakter te geven.

Werklijnen City Deal Ruimte voor Lopen

De Partijen hebben een inventarisatie gemaakt van thema’s en projecten die relevant zijn voor de City Deal. Hierbij zijn drie werklijnen naar voren gekomen. Samen vormen deze de kern van het programma voor de periode 2020 – 2024 van deze City Deal. De werklijnen worden hieronder nader toegelicht.

Werklijn 1: De ideale voetgangersstad: inrichtingsprincipes, routestructuren en hoe maak je ruimte voor lopen

In deze werklijn wordt geëxperimenteerd met de stad van de toekomst. Bij de inrichting van de fysieke leefomgeving moet de voetganger een volwaardige plek krijgen in het ontwerp en afwegingsproces. Dit betekent ook meer inzicht in de kwantitatieve opgave van voetgangers in de stad

Binnen deze werklijn staan de volgende ontwikkelvragen centraal:

  • Hoe maken we letterlijk ruimte voor de voetganger op straat. Wat betekent de ruimteclaim voor lopen ten opzichte van andere ruimteclaims? Hoe verdeel je de ruimte? Hoe prioriteer je? Wat is het basisniveau van de openbare ruimte voor een voetganger?

  • Welke kennis is nodig om te ontwerpen aan de ideale stad voor de mens te voet? Er is nog nauwelijks iets in beeld over de voetganger als modaliteit. Welke cijfers en data zijn nodig, zoals voetgangersstromen en aantallen?

  • Gebiedsontwikkeling (nieuw en bestaand): hoe zien in de ideale voetgangersstad woongebieden, werkgebieden en stationsomgevingen eruit en blijft het onderscheid tussen deze gebieden wel bestaan?

  • Hoe integreer je het ov-netwerk en lopen en hoge kwaliteit voor de voetganger: op wijkniveau verbindingen leggen tussen bushaltes en voorzieningen. Hoe ontwerpen we voor lopen in de stationsomgeving van de toekomst?

  • Wat zijn de kosten en baten van voetgangersbeleid? Welke voordelen heeft een goed voetgangersbeleid?

Voorbeelden van samenwerkingsprojecten om deze vragen te beantwoorden:

  • Ontwikkelen van kennis over loopinfrastructuur, de stadswandelstructuur en een groen stedelijk wandelnetwerk, inclusief de verbinding tussen stad en omgeving.

  • Integraal ontwerpen aan lopen & OV; goede samenwerking tussen partijen betrokken bij pilots van OV hubs. Het project ‘Groene Poorten’ tussen de provincie Noord-Holland en de NS kan als inspiratie dienen hiervoor.

  • Concrete projecten benaderen vanuit de ideale voetgangersstad, ingezoomd op het niveau van een wijk (1km bij 1km of de ’15 min neighbourhood’). Zet hier op in om alles perfect te maken voor de voetganger. Hoe moet zo’n wijk er dan uitzien?

  • Hoe kom je op een aangename en voor iedereen toegankelijke manier van je eigen voordeur tot aan voorzieningen? Hoe integreer je stadsnatuur en een loopnetwerk?

  • Opzetten Living labs in werkgebieden.

Werklijn 2: Samen oplopen: organiseren van integraliteit

In deze werklijn worden ervaringen uitgewisseld en geëxperimenteerd met verschillende manieren van integraal werken. Lopen is in potentie een succesvol samenbindend middel. Toch is het zoeken naar manieren om het concreet vorm te geven. Hiervoor is er binnen overheidsinstanties interne draagkracht nodig. Ook het betrekken van de doelgroep, de lopers, bij het beleid hoort hierbij. Lopen raakt veel verschillende beleidstakken, sport, gezondheid, groen, recreatie, mobiliteit en ruimtelijke ordening. Hoe zorg je ervoor dat dit onderwerp goed landt binnen de organisatie? Lopen lijkt op dit moment bij overheden op veel verschillende manieren belegd te zijn. Dit raakt ook aan agendering: zorgen dat het management en bestuur van deelnemende organisaties overtuigd raken van het belang doordat lopen als beleidsthema zichtbaarder wordt en de waarde evident. Hoe zorg je ervoor dat lopen ook wordt gezien, zowel (hoog)ambtelijk als in de politiek?

Hierbij staan de volgende ontwikkelvragen centraal:

  • Lopen is voor de meeste steden een nieuw onderwerp en het roept binnen de organisatie zowel positieve als negatieve reacties op. Daarnaast herkent een groot deel van de collega’s het überhaupt nog niet als beleidsvraagstuk. Hoe organiseer je een effectieve lobby, draagvlak en bewustwording, zowel ambtelijk en bestuurlijk? Hoe krijg je collega’s, management en bestuur enthousiast om mee te werken? En bij wie leg je vervolgens de verantwoordelijkheid?

  • Lopen raakt bijna alles: van mobiliteit tot welzijn, van recreatie tot gebiedsontwikkeling. Hoe organiseer je de inzet en hoe slecht je de grenzen tussen beleidsthema’s. Hoe leg je bijvoorbeeld de verbinding tussen het domein van omgeving, ruimte en mobiliteit met gezondheid. Hoe zorg je dat lopen een vast onderdeel is van het mobiliteitsbeleid, en dat voetgangers bij alle beleidsterreinen worden genoemd? Hoe veranker je de ambitie ruimte voor lopen in de gemeentelijke begroting?

  • Welke nieuwe rollen ontstaan in de gemeentelijke organisatie? Is dat de mobiliteitsadviseur lopen, de loopplanoloog, de stadsergonoom, loopcoördinator, programma coördinator lopen?

  • Als lopen eenmaal beleidsmatig goed is verankerd en vastgesteld in de gemeenteraad,. Maar hoe maak je de vertaalslag van beleid naar praktijk, waar te beginnen? Vertaling van data naar visie naar uitvoering op straat. Is er een ‘routekaart’ te ontwikkelen voor steden om loopproblemen op te lossen en kansen te verzilveren?

  • Hoe is verdeling van bevoegdheden over de medeoverheden, wie pakt welke rol, wat betekent dit voor financiën, samenwerking, agendering etc.

  • Het in kaart brengen van de maatschappelijke meerwaarde van lopen is belangrijk in het meekrijgen van verschillende partijen. Welke methoden zijn effectief en zijn praktisch inzetbaar?

Voorbeelden van samenwerkingsprojecten om deze vragen te beantwoorden:

  • Een stevig integraal programma of een uitvoeringsstrategie starten in crisistijd, slim meekoppelen: meer met minder. Ontwikkelen van verschillende manieren om lopen te verankeren in de organisatie, zowel inhoudelijk als financieel.

  • Ervaring uitwisselen op concrete lopende uitvoeringsprojecten waar meerdere beleidsdomeinen bij betrokken zijn: groene ommetjes met burgers, beweegrondjes, wandelroutes op bedrijventerreinen. Wie heb je nodig, welke argumenten overtuigen en hoe werken overheden, burgers en private partijen samen?

  • Samen ervaring opdoen met cross sector samenwerking fysieke & sociale domein: bijvoorbeeld: wandelroutes tegen eenzaamheid of wandelend vergaderen.

  • Hoe organiseer je een effectieve lobby, draagvlak en bewustwording, zowel ambtelijk en bestuurlijk? Hoe krijg je collega’s, management en bestuur enthousiast om mee te werken, welke argumentatie, feiten en cijfers helpen daarbij?

Werklijn 3: Verleiden om te lopen

Lopen stimuleren: het gebeurt en kan nu al. In deze werklijn wordt gezocht naar interventies die slagen om mensen daadwerkelijk meer te laten lopen, die ook op andere plekken kunnen worden ingezet. Waar in werklijn 1 de focus ligt op ontwerp, inrichting en infrastructuur, gaat werklijn 3 over het daadwerkelijk stimuleren van (groepen) mensen om meer te lopen.

Binnen deze werklijn gaan steden en organisaties van elkaars goede voorbeelden en initiatieven leren. Maar ook wordt er geëxperimenteerd met nieuwe initiatieven, waaruit vervolgens lessen getrokken worden.

Ervaringen met campagnes, events en nudges leveren bovendien waardevolle inzichten op voor het beleid. Daarnaast kan kennis uit de gedragswetenschap ingezet worden om mensen te verleiden tot lopen. Door een brede coalitie aan gemeenten kunnen slimme combinaties gemaakt worden.

De volgende ontwikkelvragen centraal:

  • De helft van de Nederlanders voldoet niet aan de (lage) beweegnorm. Hoe kan lopen bijdragen om deze wel te halen en welke interventies werken?

  • Hoe kan lopen onderdeel worden van werken?

  • Hoe kan de voetganger meer in de keten worden meegenomen: voor- en natransport

  • Data: kan er op landelijk niveau een tool ontwikkeld worden om meer te weten over (het gedrag van) de voetganger?

Voorbeelden van samenwerkingsprojecten om deze vragen te beantwoorden:

  • Campagnes uitrollen, bijvoorbeeld: wandelnaarjewerkdag, outdoorofficeday, buitenspeeldag, Gezond Natuur Wandelen, Fitstap. Daaraan gekoppeld: onderzoek naar effectieve gedragsbeïnvloeding.

  • Lopen promoten door acties en ‘nudges’; ‘loophackaton’: routebeschrijvingen van alle locaties van partners loop-vriendelijk maken, ongevraagd loopvriendelijke routebeschrijvingen sturen naar publiekstrekkers, de attractiewaarde van looproutes verbeteren, de beleving van lopen aantrekkelijker maken.

  • Steden, OV vervoerders als onderdeel van ketenmobiliteit.

  • Koppeling tussen gezondheid en gedrag, nader onderzoeken: wat betekent lopen voor de nu (in gezondheid) ondervertegenwoordigde groep?

DEEL 2: Partijen en hun gezamenlijke ambitie

City Deal partijen

  • 1. De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, mevrouw K. Ollongren, hierna te noemen: BZK;

  • 2. De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de heer R. Knops, hierna te noemen: RVB;

  • 3. De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, mevrouw C. van Nieuwenhuizen, hierna te noemen: IenW;

  • 4. Staatsbosbeheer, te dezen vertegenwoordigd door de heer S. Thijsen, directeur, hierna te noemen: Staatsbosbeheer;

Partijen genoemd onder 1 tot en met 4 ieder handelend in hun hoedanigheid van bestuursorgaan en hierna samen te noemen: het Rijk;

  • 5. Gedeputeerde staten van de provincie Fryslân, namens deze: mevrouw A. Fokkens-Kelder, gedeputeerde, hierna te noemen: Provincie Fryslân;

De partij genoemd onder 5 handelend in zijn hoedanigheid van bestuursorgaan en hierna te noemen: de Provincie;

  • 6. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam, namens deze: mevrouw E. Schieven, directeur verkeer & openbare ruimte, hierna te noemen: gemeente Amsterdam;

  • 7. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Groningen, namens deze: de heer R. van der Schaaf, wethouder Ruimtelijke Ontwikkeling en Wijkvernieuwing hierna te noemen: gemeente Groningen;

  • 8. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leeuwarden, namens deze: de heer F. Douwstra, wethouder, hierna te noemen: gemeente Leeuwarden;

  • 9. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nijmegen, namens deze: de heer B. Velthuis, wethouder, hierna te noemen: gemeente Nijmegen;

  • 10. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam, namens deze: mevrouw J. Bokhove, wethouder Mobiliteit, Jeugd en Taal: gemeente Rotterdam;

  • 11. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Tilburg, namens deze: de heer M. Jacobs, wethouder, hierna te noemen: gemeente Tilburg;

  • 12. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zwolle, namens deze: de heer W. Dogger wethouder, hierna te noemen: gemeente Zwolle;

Partijen genoemd onder 7 tot en met 13 ieder handelend in hun hoedanigheid van bestuursorgaan en hierna samen te noemen: de Gemeenten;

  • 13. Arcadis, te dezen vertegenwoordigd door mevrouw M. den Braber, directeur water, klimaat en landschap, hierna te noemen: Arcadis;

  • 14. CROW, te dezen vertegenwoordigd door de heer P. Litjens, algemeen directeur, hierna te noemen: CROW;

  • 15. Kenniscentrum Sport en Bewegen, te dezen vertegenwoordigd door de heer B. van Oostveen, directeur-bestuurder, hierna te noemen: Kenniscentrum Sport en Bewegen;

  • 16. Platform31, te dezen vertegenwoordigd door de heer H. Karakus, algemeen directeur, hierna te noemen: Platform31;

Partijen genoemd onder 13 tot en met 16 hierna samen te noemen: de kennisinstellingen en private partijen;

  • 17. Alles is Gezondheid, te dezen vertegenwoordigd door mevrouw K. van Ruiten, programmadirecteur, hierna te noemen: Alles is Gezondheid;

  • 18. Alliantie Werken in Beweging, te dezen vertegenwoordigd door mevrouw F. Hulshof, hierna te noemen: Alliantie Werken in Beweging;

  • 19. Fietsersbond, te dezen vertegenwoordigd door mevrouw E. van Garderen, directeur, hierna te noemen: Fietsersbond;

  • 20. I'M BINCK, te dezen vertegenwoordigd door de heer G.J. Peek, voorzitter, hierna te noemen: I'M BINCK;

  • 21. Koninklijke Wandel Bond Nederland, te dezen vertegenwoordigd door de heer P. Sanders, directeur, hierna te noemen: KWBN;

  • 22. NatureDesks, te dezen vertegenwoordigd door mevrouw I. Biris, oprichter, hierna te noemen: NatureDesks;

  • 23. Stichting Gezond Natuur Wandelen, te dezen vertegenwoordigd door de heer J. Kuiper, voorzitter, hierna te noemen: Stichting Gezond Natuur Wandelen;

  • 24. Wandelnet, te dezen vertegenwoordigd door mevrouw A. van Dijk, directeur, hierna te noemen: Wandelnet;

Partijen genoemd onder 17 tot en met 24 hierna samen te noemen: de Maatschappelijke organisaties;

Hierna allen tezamen genoemd: Partijen.

Partijen spreken samen de ambitie uit om de krachten te bundelen en komen overeen:

Een City Deal te sluiten over het creëren van meer ruimte voor lopen.

Zich te committeren aan een vierjarig traject van samenwerking, waarin zij, verantwoordelijk zijn voor de genoemde afspraken, elkaar kunnen aanspreken op voortgang en kwaliteit van de resultaten in relatie tot de doelstellingen. De Partijen gaan voor ‘continuïteit van het publieke belang’ en bouwen daarvoor een organisatie op die kan aansturen, rapporteren en faciliteren.

Actief deel te nemen aan de City Deal en bij te dragen aan activiteiten door concrete cases en proposities in te brengen (zoals beschreven in: Deel 3 afspraken).

Relatie City Deal en Platform Ruimte voor Lopen

Zowel de City Deal Ruimte voor Lopen als het Platform werken aan dezelfde doelstelling: lopen stimuleren en de omstandigheden voor lopen in de openbare ruimte en waar mogelijk semi-publieke ruimte verbeteren. De City Deal maakt als actiegericht experimenteer- en leernetwerk deel uit van het Platform. De City Deal is daarmee als het ware een uitvoeringslijn van het Platform om innovatie en domeinoverschrijdende samenwerking aan te jagen. In de City Deal wordt gedurende 4 jaar de versnelling gezocht op drie werklijnen, met als doel hun resultaten breed te delen. Er vindt periodiek afstemming plaats tussen het Platform en de City Deal om activiteiten op elkaar af te stemmen. De verbinding tussen het Platform en de City Deal Ruimte voor Lopen is geborgd door deelname van een bureaumedewerker van het Platform aan kerngroep van de City Deal. De overheidspartijen die deelnemen in de City Deal zijn automatisch partner van het platform Ruimte voor Lopen.

Aansluiten nieuwe deelnemers

De steden, provincie en andere organisaties van de City Deal zijn koplopers maar beslist niet de enige ambitieuze partijen op dit terrein. De Partijen hebben het voortouw genomen voor het maken van afspraken waarvan alle andere spelers in Nederland profijt kunnen hebben. Daarmee is dit ook geen ‘closed deal’ en is er voor andere geïnteresseerden de mogelijkheid om aan te sluiten. De criteria hiervoor zijn het onderschrijven van de doelstellingen van de City Deal en de bereidheid om mee te investeren met mensen en middelen. De City Deal is immers een ondernemend netwerk. In principe vindt toetreding plaats met de vaststelling van een nieuw jaarprogramma. Dit is tevens het moment dat Partijen kunnen terugtreden. In de slotbepalingen onder Deel 4 Proces en organisatie staat de procedure tot toetreding van nieuwe partijen beschreven.

DEEL 3: Afspraken

Stedennetwerk als leergemeenschap en springplank voor het verspreiden van innovatie

Partijen committeren zich om via concrete praktijkprojecten bij te dragen aan het veranderen van het denken en doen over lopen. De steden bouwen aan een

leergemeenschap rondom concrete cases waarin ze samen met het Rijk en de provincies de

intentie uitspreken om experimenteerruimte te bieden als de praktijk daarom vraagt.

Deze leeromgeving kenmerkt zich door het aan de hand van concrete projecten werken aan daadwerkelijke realisatie, samen met betrokken professionals. Daarbij wordt rond de cases een leeromgeving versterkt door naast co creëren (samen doen) ook te leren van de andere steden op dit onderwerp.

Tot slot worden de lessen en innovaties gedeeld (opgeschaald) naar andere partijen. Dit kan bijvoorbeeld in de vorm van inrichtingsprincipes, een handreiking, bouwstenen voor gemeentelijk of provinciaal loopbeleid of een implementatieplan. Ook kan dit via een relatie met het hoger en universitair onderwijs. Tevens wordt aansluiting gezocht bij relevante Partnerschappen van de Europese Agenda Stad om de kracht van het Europees stedennetwerk te benutten en best practices en kennis uit te wisselen.

Op deze wijze leveren de betrokken Partijen een schat aan kennis en ervaring die ook kan worden benut voor onderwijs, onderzoek, evaluatie van rijks-, regionaal en lokaal beleid. De Partijen verbinden lokale samenwerkingsverbanden zoals living labs, regionale adaptatiestrategieën of Communities of Practice (COP’s) met (inter)nationale kennisontwikkeling.

Inzet en acties Partijen

Het Rijk

Het Rijk zal zich inspannen om bestaande of nieuwe versnellingsmogelijkheden, leerpunten of barrières die naar voren komen uit deze City Deal waar wenselijk en mogelijk te agenderen en te werken aan oplossingen in regelgeving, regelingen, organisatie en rolopvatting. Daartoe stellen de overige Partijen op basis van pilots van deze City Deal een lijst samen van de knelpunten die de gewenste doorbraak in de weg staan, waar ook gekeken wordt naar reeds bestaande informatie.

  • BZK, namens deze het interbestuurlijk programma Agenda Stad (DGBRW), zal zich inspannen om de innovatieve oplossingen voor stedelijke vraagstukken die worden ontwikkeld in deze City Deal te versterken en te borgen; deze te verbinden met relevante onderdelen van BZK; met andere Rijkspartijen; en te zorgen voor goede interbestuurlijke verhoudingen met de betrokken medeoverheden. Tevens zal Agenda Stad deze City Deal begeleiden, door ontwikkelen en de eindresultaten delen met andere gemeenten.

  • BZK, namens deze het Rijksvastgoedbedrijf, zet zich in voor het ontwikkelen en delen van kennis over het faciliteren van lopen vanuit kantoren en in werkgebieden, toegankelijkheid van werkgebieden en doet met samenwerkingspartijen ontwerpend onderzoek aan voetgangersvriendelijk en toegankelijkheid.

  • BZK, namens deze de directie Woningbouw, zal zich inspannen te experimenteren met ruimte voor lopen in een stedelijke omgeving in het kader van de woningbouwopgave en daarmee de binnenstedelijke verdichtingsopgave en ter realisatie van gezondere, inclusievere en veiligere steden. In gezamenlijkheid met de City Deal partijen zet zij zich in om pilotprojecten te starten om nieuwe kennis en innovatie op te doen bij grootschalige woningbouwlocaties, binnenstedelijke gebiedsontwikkelingen en stedelijke vernieuwingsgebieden.

  • In het kader van de verkeersveiligheid, zet IenW zich in voor het ontwikkelen en delen van kennis omtrent voetgangersveiligheid, waaronder het verbeteren van voetgangersvoorzieningen rond stations.

  • Staatsbosbeheer zet zich in voor de verbinding tussen stad en natuurgebieden via “groen als nutsvoorziening tot aan de voordeur”, en het ontwikkelen van strategieën gericht op groen en lopen in gebiedsontwikkeling.

De provincie
  • De provincie Fryslân ontwikkelt en deelt kennis over Shared Space, onder andere via het Kenniscentrum Shared Space, over het proces en deze wijze van (her)inrichten van de openbare ruimte. Hiernaast draagt de provincie Fryslân deze City Deal uit naar de Friese gemeenten middels het Overleg Verkeer en Vervoer Fryslân (OVVF), naar relevante samenwerkingspartners en binnen relevante netwerken zoals “Friese preventieaanpak”, “Bloeizone Fryslân” en het “Healthy Aging Network Northern Netherlands”.

De gemeenten

Gemeenten spannen zich in om gemeentelijke rolopvatting, organisatie, beleid of regelgeving aan te passen als dat tot versnelling van een doorbraak naar meer ruimte voor lopen in de stad zal leiden. Iedere gemeente draagt concrete pilots aan waarin binnen stedelijke ontwikkelingen gestuurd wordt op meer ruimte voor lopen.

  • De gemeente Amsterdam brengt kennis in over het ontwikkelen van voetgangersbeleid en biedt een fysieke omgeving waar maatregelen onderzocht kunnen worden. Gemeente Amsterdam ontwikkelt kennis over de ideale voetgangersstad gekoppeld aan binnenstedelijke gebiedsontwikkeling en brengt ervaring in over de synergie die voor de voetganger te bereiken is tussen het mobiliteitsbeleid en openbare ruimte-beleid, groenbeleid, gezondheidsbeleid etc.

  • De gemeente Groningen zet zich in om lopen en de ontwikkeling van looproutes als integraal onderdeel van het gezondheidsbeleid, onze leidraad openbare ruimte en ons mobiliteitsbeleid meer aandacht te geven. In onze wijkvernieuwingswijken, onze binnenstad en het stationsgebied krijgt de voetganger de ruimte, waarbij alle aspecten van lopen direct in relatie worden gebracht met het welbevinden en de leefkwaliteit van de inwoners van onze gemeente. Wij zullen onze kennispartners (RUG, UMCG en Hanzehogeschool Groningen – op het gebied van kennisontwikkeling rond publieke gezondheid verenigd in de Aletta Jacobs School of Public Health) bij deze ambitie betrekken. Wij zullen de ‘benefits’ van lopen en looproutes promoten. In dit kader is onder meer het populaire Pieterpad, dat dwars door de stad Groningen loopt, voor velen al een mooi voorbeeld van een aansprekende wandelroute.

  • De gemeente Leeuwarden deelt kennis gericht op shared space en draagt bij aan het vertalen van kennis naar het curriculum voor het hoger onderwijs.

  • De gemeente Nijmegen zet zich als wandel- en vierdaagse stad in voor het stimuleren van lopen en de koppeling van beleid gericht op lopen met gezondheid, openbare ruimte, mobiliteit, sport, spelen en ontmoeten. Nijmegen ontwikkelt en deelt graag kennis over de rol van lopen in het creëren van een toegankelijke en gezonde leefomgeving. Dit vertaalt zich in de uitwerking van de omgevingsvisie, het uitvoeren van het lokaal preventie akkoord en Nijmeegs Sportakkoord en het organiseren en stimuleren van samenwerking met partijen in de stad. Verder wil Nijmegen vanuit zijn omgevingsvisie de voetganger een primaire rol geven bij binnenstedelijke gebiedsontwikkelingen zoals de stationsomgeving en nieuwe woonlocaties.

  • De gemeente Rotterdam zet zich actief in op een aantal onderwerpen: de relatie tussen lopen en de toegankelijkheid van OV knooppunten en de verdere uitwerking van ontwerpprincipes, de relatie tussen lopen en gezondheid en het ontwikkelen van instrumenten om mensen te verleiden ook daadwerkelijk te gaan lopen. Rotterdam zal ervaringen en kennis delen over de integrale aanpak van Rotterdam Loopt en de totstandkoming van het programma Rotterdam Loopt.

  • De gemeente Tilburg ontwikkelt en deelt kennis over het verankeren van voetgangersbeleid in de gemeentelijke organisatie en het uitwerken van een strategie gericht op meekoppelen met lopend beleid en uitvoeringsprogramma’s.

  • De gemeente Zwolle ontwikkelt en deelt kennis hoe lopen een volwaardige plek kan worden gegeven in de verstedelijkingsopgave (bestaande uit 60.000 woningen en bijbehorende mobiliteit).

Kennisinstellingen en private partijen
  • Arcadis zet zich in als trekker van werklijn 1 van de City Deal, “De ideale voetgangersstad”, draagt vanuit het atelier landschapsarchitectuur en stedenbouw in samenwerking met mobiliteit bij aan kennisontwikkeling over deze werklijn; en zet zich vanuit de werkgeversrol in voor lopen in de werkdag en lopen als onderdeel van woon-werkverkeer.

  • CROW zal zich inspannen om de kennis en leerervaringen die voortkomen uit de activiteiten in het kader van de City Deal te verwerken in haar kennisproducten zoals publicaties, tools, bijeenkomsten en cursussen. Doelgroepen zijn overheden, marktpartijen en onderwijsinstellingen in met name de domeinen mobiliteit en inrichting en beheer openbare ruimte. Ook zal CROW bij haar op het thema lopen gerichte projecten afstemming zoeken met City Dealprojecten en de bij de City deal aangesloten partijen betrekken.

  • Kenniscentrum Sport en Bewegen zal zich inspannen om haar kennis uit wetenschap, beleid en praktijk in te brengen om de projecten in de City Deal te versterken. Hiernaast gebruikt zij haar netwerk om innovaties te delen en verder te verspreiden.

  • Platform31 zet zich in ter ondersteuning van Agenda Stad met betrekking tot de kwartiermakersfase van deze City Deal. Hiernaast draagt zij gedurende de looptijd bij via kenniscocreatie en -verspreiding en door inhoudelijke bijdragen aan Community of Practice- en themabijeenkomsten. Ook spant Platform31 zich in om relevante kennis- en leerervaringen vanuit de City Deal verder te verspreiden binnen haar netwerk, onder andere in G4, G40- en M50-verband, en om waar mogelijk / relevant verbindingen te leggen met haar eigen thema’s en activiteiten.

Maatschappelijke organisaties

Maatschappelijke organisaties dragen bij door inbreng van kennis en ervaring en denken mee in de projecten van deze City Deal waarin ze daadwerkelijk betrokken zijn. Ze dragen bij aan de verspreiding van de leerervaringen.

  • Alles is Gezondheid zet zich in als trekker van lijn 3 van de City Deal ‘Verleiden tot Lopen’, waarbij onder andere:

    • o Deelnemende gemeenten verbinden aan regionetwerken, waarin lokale partijen samenwerken aan de gezondheid van de inwoners.

    • o Goede voorbeelden en praktijkkennis delen in ons netwerk (via website, nieuwsvoorziening, social media) en breder met andere relevante partijen in Platform Ruimte voor Lopen en daarbuiten.

    • o De mooiste voorbeelden helpen groot te worden.

    • o (Digitale) bijeenkomsten (helpen) organiseren.

    • o Partners en potentiële partners en hun activiteiten of tools aan elkaar gaan verbinden, breed verspreiden en door ontwikkelen.

  • Alliantie Werken in Beweging zet zich in om gezonder werken te stimuleren. Hiernaast zet zij zich in om medewerkers dagelijks meer te laten lopen, naar van en tijdens het werk. Ook richt zij zich op de Beweegvriendelijke Schoolomgeving (i.s.m. JOGG) en stimuleert zij dat kinderen zo veel mogelijk te voet (en op de fiets) naar school komen.

  • Fietsersbond zet zich in voor leefbare leefomgevingen. Belangrijk hierbij is het STOP-principe, ontwerpen vanuit het stappen, dan trappen. De Fietsersbond werkt graag actief mee aan de vraag hoe we de openbare ruimte zowel voor voetgangers als fietsers prettig kunnen inrichten. De stappers en trappers zijn het menselijk gezicht op straat en geven haar haar waarde.

  • I'M BINCK het platform van de Haagse Binckhorst draagt bij aan het promoten van een ideale inrichting voor de voetganger van het gebied De Binckhorst als Living lab werkgebied, door kennisontwikkeling, inschakelen van het netwerk, en het faciliteren van bijeenkomsten.

  • De Koninklijke Wandel Bond Nederland (KWBN) biedt gevarieerde programma’s voor de gezondheidswandelaar (FitStap), de recreatieve wandelaar (wandelevenementen, bedrijfswandelingen) en de competitieve wandelaar (trainingen, meerdaagse wandeltochten). Met 1200 lidorganisaties en een flinke groep van 500 trainers brengt de KWBN mensen in beweging. Alle activiteiten worden dagelijks belicht op de website www.wandel.nl

  • NatureDesks zet zich in voor het promoten van gezond werken en lopen in het stedelijk groen onder meer via de OutdoorOfficeDay.

  • Stichting Gezond Natuur Wandelen brengt specifieke kennis in over lopen & senioren voor de ideale voetgangersstad; kennis van interventies gericht op verleiden om te lopen en het promoten van Gezond Natuur Wandelen. De stichting Gezond Natuur Wandelen streeft naar een landelijk fijnmazig netwerk van gratis wekelijkse natuurwandelingen. Met deze wandelgroepen hebben we volgende doelstellingen:

    • o Bevordering van de positieve gezondheid van de deelnemers en vrijwillige begeleiders door middel van het wandelen zelf, de onderlinge contacten in de groep en het contact met de natuur en het groen in de stad.

    • o Vergroten van het draagvlak voor natuur, groen en biodiversiteit

    • o Het ontwikkelen van krachtige combinaties met andere organisaties zoals de Wandelbond KWBN, het IVN, Staatsbosbeheer en partijen op het gebied van groene infrastructuur om het thema “Natuur en Gezondheid” nog beter op de kaart te zetten.

  • Wandelnet – draagt bij door inbreng van kennis en ervaring en denken en doen mee in de projecten van deze City Deal waarin ze daadwerkelijk betrokken zijn. Dit geldt met name voor de projecten in het kader van werklijn 1 (de ideale voetgangersstad) en werklijn 3 (verleiden om te lopen). Wandelnet draagt bij aan de verspreiding van de leerervaringen. Meer specifiek:

    • o brengt kennis en menskracht in met betrekking tot het verleiden om te lopen, onder andere middels: de jaarlijkse campagne wandelnaarjewerkdag; faciliteren en ontwikkelen wandelroutes

    • o zet in op samenwerking met werkgevers via de Alliantie ‘Werken in Beweging’

    • o brengt kennis en ervaring in met betrekking tot barrières voor wandelaars en het voorkomen/slechten daarvan.

    • o brengt kennis en projecten in met betrekking tot routestructuren voor recreatief lopen en verbinding stad-buitengebied (concept ‘Stad te Voet’)

DEEL 4: Proces en organisatie

Inwerkingtreding en looptijd

Deze City Deal treedt in werking met ingang van de dag na ondertekening en bestaat uit

meerdere fasen gedurende de periode tot oktober 2024. De drie fasen zijn:

  • Fase 1 (tot maart 2021): opstellen werkplan, organisatie en versterking van het netwerk.

  • Fase 2 (maart 2021 tot einde van de City Deal): uitvoering werkplan en opstellen routekaart 2021-2024.

  • Fase 3 (begin 2024 tot einde van de City Deal) opleveren van eindproducten en verspreiden van kennis/innovaties.

De samenwerking tussen de ondergetekenden van de City Deal heeft betrekking op alle fasen.

Monitoring en evaluatie

De voortgang van de City Deal wordt jaarlijks geëvalueerd door de projectleider in samenwerking met het interbestuurlijke programma Agenda Stad. Monitoring van de uitvoering van de City Deal vindt plaats op twee niveaus:

  • a) op het niveau van de concrete initiatieven en projecten;

  • b) op het niveau van de in Deel 1 genoemde doelen.

Op basis van deze evaluatie wordt de routekaart geactualiseerd en het jaarprogramma voor het volgende jaar vastgesteld.

Halverwege de looptijd wordt een rapportage opgesteld waarin de eerste inzichten en resultaten worden gedeeld. Hiernaast wordt in de rapportage vooruitgeblikt op de resterende looptijd en welke vervolgstappen genomen moeten worden om de resultaten uit de City Deal te verspreiden en uit te breiden.

Governance

De governance van deze City Deal is als volgt geregeld:

Projectleider en secretaris

De City Deal wordt geleid door een projectleider, die wordt ondersteund door een secretaris. De projectleider wordt aangesteld door Agenda Stad en initiërende partijen in de voorfase van de City Deal. De projectleider is verantwoordelijk voor het goed verlopen van de City Deal. Hiernaast draagt zij zorg voor het leggen van verbindingen tussen partijen, zowel binnen als buiten de dealpartijen. De projectleider stelt jaarlijks een werkplan, communicatieplan en begroting op die worden vastgesteld in het coalitieoverleg.

Bestuurlijke ambassadeurs

De bestuurlijke ambassadeursgroep bestaat uit DG’s en/of directeuren vanuit de rijksoverheid, burgemeesters en/of wethouders van lokale overheden en bestuurders van overige betrokken partijen. De bestuurlijke ambassadeurs komen zo’n een a twee keer per jaar bij elkaar om de voortgang van de City Deal te bespreken en neemt besluiten over de vervolgstappen. De betrokken bestuurders zijn voorvechters op het thema, denken strategisch mee, openen deuren en bewaken de voortgang van de City Deal. Deze bijeenkomsten worden naast beslispunten voorzien van inspiratie.

Kerngroep

In de kerngroep zitten afgevaardigden van de meest betrokken partijen in de City Deal: BZK, IenW, vertegenwoordigers namens een aantal steden en vertegenwoordigers namens een aantal maatschappelijke en private partijen. Dit is een wendbare, kleinere groep die besluiten voorbereidt en uitvoerende werkzaamheden bespreekt. In de ambtelijke kerngroep worden betrokken Partijen scherp gehouden en wordt gestuurd op het realiseren van mijlpalen en doelen.

De kerngroep organiseert een aantal uitwisselingsbijeenkomsten per jaar waarin alle Partijen uitgenodigd worden en met elkaar de inspiratie, inzichten en voortgang delen en knelpunten met elkaar uitwissen en bespreken.

Coalitieoverleg

In het coalitieoverleg (vrij naar: Coalition of the willing and able) zitten vertegenwoordigers vanuit de organisaties van alle deelnemende partijen aan de City Deal.

Financiering

Partijen leveren bijdragen in natura en in financiële middelen. De Partijen maken gemiddeld 2 dagen per maand vrij voor werkzaamheden die voortkomen uit de City Deal. De steden en provincies leggen ieder een bedrag van 10.000 euro per jaar in. Andere draagkrachtige partijen, te weten: Rijksvastgoedbedrijf en Staatsbosbeheer leggen ook ieder € 10.000,- per jaar in. Arcadis draagt in-kind bij door het trekken van een van de werklijnen. Dat geldt ook voor Alles is Gezondheid. De departementen BZK en IenW dragen ieder € 30.000,- per jaar bij aan de City Deal. MinBZK en MinIenW dragen daarnaast ieder eenmalig € 30.000,- bij voor de procesmatige begeleiding van de City Deal via het interbestuurlijke programma Agenda Stad.

De rest van de partijen dragen bij in natura.

Ook spannen alle partijen zich in om indien nodig voor specifieke onderdelen of projecten gezamenlijk extra financiering te organiseren, en kansen te benutten bijvoorbeeld door gezamenlijk subsidies aan te vragen.

Communicatie

Communicatie over de voortgang van de City Deal en van de projecten die er deel van uitmaken, is een taak die binnen de City Deal belegd wordt. De projectleider en secretaris stellen een communicatieplan op en zijn verantwoordelijk voor een continue stroom aan communicatie uitingen van de City Deal. Partijen kunnen met in achtneming van de huisstijl vrijelijk communiceren over de projecten van City Deal Ruimte voor Lopen. Het interbestuurlijke programma Agenda Stad van BZK ondersteunt de City Deal met haar communicatie. Dit gebeurt onder andere via de website www.agendastad.nl.

Slotbepalingen

Uitvoering in overeenstemming met Unierecht

De afspraken van deze City Deal worden in overeenstemming met het recht van de Europese Unie uitgevoerd in het bijzonder voor zover de afspraken vallen onder de werking van de Europese regels met betrekking tot aanbesteding, mededinging, staatssteun en technische normen en voorschriften.

Gegevenswisseling
  • 1. De in het kader van (de uitvoering van) deze City Deal uitgewisselde dan wel uit te wisselen informatie is in beginsel openbaar. Indien een Partij verzoekt om geheimhouding zullen de overige Partijen deze informatie in beginsel geheim houden en deze geheel noch gedeeltelijk aan enige derde bekendmaken, behoudens voor zover een verplichting tot openbaarmaking voortvloeit uit de wet, een rechterlijke uitspraak of deze City Deal.

  • 2. Partijen dragen er zorg voor dat concurrentiegevoelige en/of privacy gevoelige informatie uitsluitend wordt gedeeld voor zover dit in overeenstemming is met de relevante internationale, Europese en nationale wettelijke kaders. Zij kunnen hiertoe nadere afspraken vastleggen.

Wijzigingen
  • 1. Elke Partij kan schriftelijk verzoeken deze City Deal te wijzigen. De wijziging behoeft de instemming van alle Partijen.

  • 2. Partijen treden in overleg binnen 6 weken nadat een Partij het verzoek heeft kenbaar gemaakt aan de projectleider en secretaris. De projectleider informeert de overige Partijen over de voorgestelde wijziging en vraagt hen om instemming.

  • 3. Nadat alle Partijen aan de projectleider en secretaris kenbaar hebben gemaakt in te stemmen met het verzoek tot wijziging wordt de wijziging en de verklaringen tot instemming als bijlage aan deze City Deal gehecht.

Opzegging
  • 1. Elke Partij kan de City Deal Ruimte voor Lopen met inachtneming van een opzegtermijn van 3 maanden schriftelijk opzeggen, indien een zodanige verandering van omstandigheden is opgetreden dat deelname in de City Deal billijkheidshalve op korte termijn behoort te eindigen. De opzegging moet de verandering in omstandigheden vermelden.

  • 2. Wanneer een Partij deze City Deal opzegt, blijft de deal voor de overige Partijen in stand voor zover de inhoud en de strekking ervan zich daartegen niet verzetten.

  • 3. Ingeval van beëindiging van de City Deal Ruimte voor Lopen krachtens opzegging is geen van de Partijen jegens een andere Partij schadeplichtig.

Toetreding nieuwe partijen
  • 1. In overeenstemming met alle Partijen kunnen anderen tijdens de looptijd van de City Deal Ruimte voor Lopen als nieuwe partijen toetreden tot deze deal.

  • 2. Het schriftelijke verzoek tot toetreding met daarbij de concrete bijdrage aan de City Deal Ruimte voor Lopen wordt gericht aan de projectleider en de secretaris. De projectleider informeert Partijen en vraagt hen om instemming.

  • 3. Zodra alle Partijen aan de projectleider kenbaar hebben gemaakt in te stemmen met het verzoek tot toetreding, ontvangt de toetredende partij de status van Partij van de City Deal Ruimte voor Lopen en gelden voor die partij de voor haar uit de deal voortvloeiende rechten en verplichtingen.

  • 4. Het verzoek tot toetreding en de verklaringen tot instemming worden als bijlagen aan de City Deal Ruimte voor Lopen gehecht.

Nakoming

Partijen komen overeen dat de nakoming van de afspraken in de City Deal Ruimte voor Lopen niet in rechte afdwingbaar is.

Counterparts

De City Deal Ruimte voor Lopen kan worden ondertekend door Partijen in verschillende exemplaren, die samengevoegd hetzelfde rechtsgevolg hebben alsof deze City Deal is ondertekend door alle Partijen in één exemplaar.

Citeertitel

Deze City Deal kan worden aangehaald als City Deal Ruimte voor Lopen.

Inwerkingtreding en looptijd

Deze City Deal treedt in werking met ingang van de dag na ondertekening door alle Partijen en eindigt op 1 oktober 2024. Partijen treden uiterlijk twee maanden voor de in het eerste lid genoemde datum in overleg over voorzetting van deze City Deal.

Periodiek overleg

Over de voortgang van de City Deal voeren Partijen periodiek overleg, zoals

beschreven in het hoofdstuk over de organisatie in deel 3 Afspraken.

Openbaarmaking
  • 1. Deze City Deal zal net als andere City Deals openbaar worden gemaakt door publicatie in de Staatscourant, waardoor anderen kennis kunnen nemen van de City Deals.

  • 2. BZK rapporteert over de Agenda Stad, alsmede de hieruit voortvloeiende City Deals naar de Tweede Kamer van de Staten-Generaal.

Aldus overeengekomen en in tweevoud ondertekend,