Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Inspectie Leefomgeving en Transport | Staatscourant 2021, 35271 | andere beschikking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Inspectie Leefomgeving en Transport | Staatscourant 2021, 35271 | andere beschikking |
Datum 12 september 2022
Nummer ILT-2022/37988
Betreft Verklaring veilig gebruik luchtruim luchthaven Middenmeer
DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT,
Handelende in overeenstemming met de Minister van Defensie;
Gelezen de aanvraag van de provincie Noord-Holland, ontvangen 11 juli 2022, contactpersoon dhr. R. H. voor een de afgifte van een Verklaring Veilig Gebruik Luchtruim voor de luchthaven Middenmeer, gelegen op een perceel aan de Flevoweg 1 te Middenmeer, gemeente Wieringermeer;
Gezien:
het besluit van gedeputeerde staten van Noord-Holland van 29 maart 2022 tot wijziging van de Luchthavenregeling Middenmeer;
Overwegende dat:
– het besluit van provinciale staten van de provincie Noord-Holland van 29 maart 2022, kenmerk: 1790894 tot wijziging van de Luchthavenregeling Middenmeer, die volgens artikel 8.64, zesde lid, van de Wet luchtvaart niet in werking treedt dan nadat de Minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft verklaard dat het veilig gebruik van het luchtruim door het luchthavenluchtverkeer is gewaarborgd;
– De wijziging van de Luchthavenregeling betreft de tekstuele wijziging van de definitie voor toegestane lichte vliegtuigen en het onjuiste gebruik van de termen vliegtuigbewegingen en vluchten;
– bij de afgifte van deze Verklaring Veilig Gebruik Luchtruim de omstandigheden voor het gebruik van het luchtruim boven en in de directe omgeving niet zijn gewijzigd;
Gelet op artikel 8.49, eerste lid, jo. artikel 8.64, zesde lid, van de Wet luchtvaart;
Besluit:
De Minister van Infrastructuur en Waterstaat verklaart dat het veilig gebruik van het luchtruim door het luchthavenluchtverkeer, zoals opgenomen in de wijziging van de Luchthavenregeling Middenmeer, is gewaarborgd op grond van de door de provincie aangeleverde informatie die is beoordeeld op technisch-operationele veiligheidscriteria, voortvloeiende uit nationale luchtvaartwet- en regelgeving.
De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, namens deze, Inspecteur Luchtvaart infra en luchtruim, Afdeling Vergunningverlening rail en luchtvaart.
Bezwaarmogelijkheid
Indien u het niet eens bent met deze beslissing, kunt u hiertegen op grond van het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht binnen zes weken na de datum waarop deze beslissing is verzonden, schriftelijk bezwaar aantekenen.
Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten:
– de naam en het adres van de indiener;
– de dagtekening;
– een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht;
– de gronden van het bezwaar.
Tevens ontvangen wij graag uw telefoonnummer dan wel e -mailadres.
Het bezwaarschrift kunt u richten aan:
Inspectie Leefomgeving en Transport
Afdeling Juridische zaken Postbus 16191
2500 BD DEN HAAG
De luchthavenregeling Middenmeer staat het gebruik van micro light airplanes (verder: MLA), met een startgewicht tot maximaal 450 kg, de light sports aircraft (verder: LSA), met een startgewicht tot maximaal 600 kg, en very light aircraft (verder: VLA), met een startgewicht tot maximaal 750 kg, toe.
De wijziging van de luchthavenregeling betreft de tekstuele wijziging van de definitie voor toegestane lichte vliegtuigen en het onjuiste gebruik van de termen vliegtuigbewegingen en vluchten. Zo werd er gesproken over 2.750 vluchten waar dit 2.750 vliegtuigbewegingen voor LSA’s en VLA’s moet zijn. Daarnaast is een nieuwe definitie lichte vliegtuigen toegevoegd. Hiermee worden vliegtuigen met een startgewicht tot maximaal 890 kg niet zijnde Micro Light Aeroplanes (verder: lichte vliegtuigen) bedoeld. Volgens artikel 8.49, eerste lid, jo. artikel 8.64, zesde lid, van de Wet luchtvaart treedt een wijziging van een luchthavenregeling niet eerder in werking dan nadat Onze Minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft verklaard dat het veilig gebruik van het luchtruim door het luchthavenverkeeer is gewaarborgd. Deze Verklaring Veilig Gebruik Luchtruim geeft hier invulling aan.
Door het gebruik van de luchthaven door een vliegtuig, niet zijnde een mla, met een maximaal startgewicht van 890 kg gelden er op grond van de Regeling Veilig Gebruik Luchthavens en andere Terreinen (RVGLT), die in de Wet luchtvaart is geborgd door middel van artikel 8a.1 van deze wet, stingentere obstakelbeperkingen in de directe omgeving van de luchthaven dan voor gebruik van de luchthaven door uitsluitend en alleen MLA’s.
Artikel 25, tweede lid van de RVGLT stelt het volgende:
Indien een luchthaven als bedoeld in het eerste lid eveneens gebruikt wordt door een vliegtuig, niet zijnde een mla, met een maximaal startgewicht van 890 kg, zijn, in afwijking van het eerste lid, de artikelen 10, 11, 12, 14a en 14b van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de voorschriften en aanbevelingen van onderdeel 9.2 van deel I van bijlage 14 niet van toepassing zijn.
Voor de luchthaven Middenmeer betekent dit dat de, onder de Internationale Burgerluchtvaartcriteria, zoals verwoord in de ICAO Annex 14 (verder: Annex 14), gestelde obstakelvlakken (obstacle limitation surfaces (verder: OLS)) van toepassing zijn.
In hoofdstuk 4 van Annex 14 zijn in Table 4-1, kolom (2) de dimensies en hellingen van deze obstakelvlakken aangegeven, meer concreet gaat het om de take-off en approach, transitional, conical en inner horizontal surfaces.
De Annex 14 schrijft voor dat de approach- en transitional surfaces vrij moeten zijn van obstakels. Verder zijn de conical- en inner horizontal surface van toepassing. Voor de omgeving van de luchthaven heeft de exploitant van de luchthaven geïnventariseerd in hoeverre deze obstakelvlakken vrij zijn van obstakels. Hierbij heeft de exploitant geconstateerd dat meerdere obstakels (o.a. windturbines, communicatiemast en windmeetmast) de obstakelvlakken behorende bij het gewenste toekomstige gebruik penetreren. Om aan te tonen dat ondanks deze obstakels er veilig gebruik kan worden gemaakt van de luchthaven, heeft de exploitant de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied een rapport Plan-/objectanalyse obstakels i.v.m. Luchthavenregeling Middenmeer aangeboden dat als onderdeel van de aanvraag voor een Verklaring veilig gebruik luchtruim (verder: Vvgl) is meegezonden.
Voor de communicatiemast en enkele windturbines waarvan de hoogtes strijdig zijn met de conical en inner horizontal surface is in opdracht van de exploitant van de luchthaven een aeronautical study uitgevoerd. Het betreft de bijlage bij de aanvraag genaamd ‘Aeronautical Study luchthaven Middenmeer’ van 23 november 2015.
In 2018 is er nabij de luchthaven een windmeetmast geplaatst met een hoogte van circa 140 meter. Deze windmeetmast is geplaatst binnen het gebied van de inner horizontal surface waar een hoogte is toegestaan van maximaal 45 meter. Het betreft een kritische locatie gelegen direct nabij het verkeerscircuit van de luchthaven Middenmeer. Deze windmeetmast overschrijdt dit vlak in ruime mate.
N.a.v. de plaatsing van deze windmeetmast is een aanvullende ‘Aeronautical Study’ uitgevoerd, gedateerd 28 juni 2018.
Beide rapportages zijn aangeboden aan de Inspectie Leefomgeving en Transport (verder: Inspectie) als onderdeel van het verzoek tot afgifte van de Vvgl.
Gezien de kritische obstakelsituatie rond de luchthaven Middenmeer zijn er mitigerende maatregelen en gebruiksvoorwaarden door de exploitant uitgewerkt, waardoor het gebruik van de luchthaven door vliegtuigen, niet zijnde een mla, met een maximaal startgewicht van 890 kg verantwoord wordt geacht. De mitigerende maatregelen en gebruiksvoorwaarde n zijn hierbij dat de luchthaven alleen mag worden gebruikt door gebruikers na verkregen toestemming van de exploitant. Het gebruik van de luchthaven is onder de voorwaarde van ‘prior permission required’ (PPR). Hierbij worden de gebruikers van de luchthaven vooraf gebriefd over de obstakelsituatie ter plaatse waaronder begrepen de aanwezigheid van de windmeetmast.
Daarnaast is de windmeetmast duidelijk aangegeven op de zogenaamde Visual Approach Chart voor de luchthaven Middenmeer, die als zodanig is gepubliceerd op de website van de exploitant van de luchthaven Middenmeer.
Verder zal de exploitant van luchthaven Middenmeer voor openstelling van de luchthaven een minimum vliegzicht van 5.000 meter aanhouden bij een minimale wolkenbasis van 1000 ft. Met deze openstellingsbeperkingen wordt er dus alleen gevlogen onder condities waarbij de obstakels rondom de luchthaven, waaronder de genoemde windmeetmast, tijdig kunnen worden waargenomen. De in 2018 geplaatste windmeetmast, die kritisch is gelegen nabij het verkeerscircuit, is van adequate obstakellichten voorzien om de zichtbaarheid te vergroten.
Mede op grond van deze aeronautical studies is door de exploitant geconcludeerd dat er op de luchthaven Middenmeer veilig kan worden geopereerd met vliegtuigen, niet zijnde een MLA, die een maximaal startgewicht hebben van 890 kg. De exploitant heeft onderzoek gedaan naar obstakels in de nabijheid van het circuitgebied en heeft geconstateerd dat deze obstakels, waaronder begrepen de in 2018 geplaatste windmeetmast, geen gevolgen hebben voor het veilig gebruik van luchthaven Middenmeer. De exploitant heeft aanvullende voorzieningen getroffen voor een verder veilig gebruik en zal de inrichting van de luchthaven in overeenstemming brengen met de eisen zoals deze zijn opgenomen in de RVGLT voor het gebruik door luchtvaartuigen met een maximaal startgewicht van 890 kg.
Eventuele toekomstige uitbreiding naar luchtvaartuigen behorend tot de categorie GA is, vanwege de huidige en nieuw te plaatsen windturbines, nu en in de toekomst niet mogelijk.
Voor de vluchtvoorbereiding is het van belang dat de vliegers over goede informatie, zoals o.a. de specifieke ligging van het verkeerscircuit en de lokale actuele obstakelsituatie. Om de luchthaven informatie toegankelijk te maken wordt de luchthaven Middenmeer opgenomen in de Nederlandse luchtvaartpublicaties (AIP). De eerder benoemde Visual Approach Chart, waarop o.a. het verkeerscircuit en de obstakels zijn aangeven, zal onderdeel uitmaken van deze publicatie.
Aangezien de beoordeling van een verzoek tot afgifte VVGL zich beperkt tot de ter plaatse geldende luchtruimstructuur incl. beoordeling van de obstakelvlakken (Annex 14, OLS), maakt de beoordeling van de inrichting en uitrusting van de luchthaven geen onderdeel uit van deze beoordeling.
Het is aan de exploitant van de luchthaven Middenmeer om de inrichting en uitrusting van de luchthaven, daar waar dit nog niet het geval is, voor gebruik van vliegtuigen, niet zijnde een mla, met een maximaal startgewicht van 890 kg te laten voldoen aan de eisen zoals gesteld in de artikelen 10, 11, 12, 14a en 14b van de RVGLT, met dien verstande dat de voorschriften en aanbevelingen van onderdeel 9.2 van deel I van bijlage 14 niet van toepassing zijn. Een van de voorwaarden is dat de ICAO Annex 14 approach- en transitional surface vrij zijn en worden gehouden van obstakels.
De door de aanvrager overlegde documenten, waaronder de beide aeronautical studies, zijn door de Inspectie beoordeeld. Met de uitvoering van de door de exploitant voorgestelde mitigerende maatregelen en gebruiksvoorschriften kan de Inspectie een Verklaring Veilig Gebruik Luchtruim voor de luchthavenregeling Middenmeer afgeven.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2021-35271-n1.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.