Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Ministerie van Economische Zaken en KlimaatStaatscourant 2021, 30783Overig

Oproep om belangstelling kenbaar te maken voor deelname aan een IPCEI-CIS (Cloud Infrastructuur en Services), Ministerie van Economische Zaken en Klimaat

1. Oproep voor voorstellen

Middels deze oproep vraagt het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat aan geïnteresseerde partijen om hun belangstelling kenbaar te maken voor deelname aan een Europese IPCEI (Important Project of Common European Interest) op het gebied van Cloud Infrastructuur en Services. Ik benadruk dat dit een inventarisatie van interesse betreft en geen oproep om subsidieaanvragen voor projecten in te dienen. Aan deze inventarisatie kunnen ook geen rechten worden ontleend. Ik zal aan de hand van deze vrijblijvende inventarisatie dus ook geen besluiten nemen die gericht zijn op rechtsgevolg.

Aanleiding

De afgelopen jaren heeft digitalisering onze economie en samenleving aanzienlijk veranderd. Het opslaan, delen en verwerken van data spelen daarin een steeds grotere rol. Steeds meer organisaties en bedrijven maken daarbij gebruik van clouddiensten voor o.a. dataopslag, software, rekenkracht of het gebruik van slimme algoritmen. Deze diensten zijn daardoor een belangrijk fundament voor verdere digitalisering geworden en maken deel uit van veel digitale innovaties zoals Artificial Intelligence en Internet of Things.

Daarnaast bestaat er voor veel sectoren in Nederland, zoals bijvoorbeeld de industrie, gezondheidszorg, onderwijs, mobiliteit, energie en agro een sterk groeiende behoefte aan veilige en betrouwbare data-infrastructuren en oplossingen die data (zeker bij privacy- of bedrijfsgevoelige data) toegankelijk en bewerkbaar kunnen maken, voor zowel bedrijfsprocessen als R&D. De toegang tot deze diensten wordt daarmee in toenemende mate bepalend voor het concurrentie- en innovatievermogen. Hiermee zijn cloudinfrastructuren en diensten van sterk toenemende strategische betekenis voor het economische en maatschappelijke verkeer in Nederland en de Europese Unie.

De EU is hierbij in groeiende mate afhankelijk van niet-Europese spelers waar het clouddiensten en infrastructuren betreft.1 Deze afhankelijkheid is problematisch vanwege een gebrek aan autonomie, keuzevrijheid, risico’s voor het verdienvermogen van ons bedrijfsleven en zorgt voor risico’s inzake privacy, veiligheid en integriteit van gegevens.

Het is daarom van belang voor de EU om nieuwe generatie technologische oplossingen te ontwikkelen, zodat de groeiende hoeveelheid data op een veilige, transparante en privacy vriendelijke manier opgeslagen en gedeeld kan worden, in het belang van de Europese dataeconomie, het bedrijfsleven, de publieke sector en haar burgers. Substantiële investeringen in de nieuwe generatie(s) cloud infrastructuur en services spelen hierbij een cruciale rol.

Op 15 oktober 2020 hebben 27 lidstaten daarom de gezamenlijke verklaring2 voor een Europees initiatief voor cloudfederatie ondertekend. Hierin hebben lidstaten afgesproken om samen te werken aan een stelsel van verbonden Europese cloudinfrastructuren, bestaande uit een nieuwe generatie veilige, energie efficiënte, privacy vriendelijke, transparante en interoperabele clouddiensten.

Het IPCEI CIS project moet aan dit doel bijdragen door gezamenlijk een nieuwe generatie cloud oplossingen in de EU te ontwikkelen en daarmee de Europese waardeketen te versterken. Geïnteresseerde Nederlandse bedrijven zouden hier een belangrijke rol in kunnen spelen.

Important Project of Common European Interest (IPCEI)

De Europese Commissie kan goedkeuring geven om overheidssteun te verlenen aan belangrijke projecten van gemeenschappelijk Europees belang.3 Om als belangrijk project van gemeenschappelijk Europees belang te kunnen worden aangemerkt (een IPCEI), moet een project kwantitatief of kwalitatief innovatief en vernieuwend zijn, aantoonbare Europese spill over effecten hebben en passen in de Europese waardeketen van clouddiensten. Het dient bijzonder groot in omvang of reikwijdte te zijn en/of een zeer aanzienlijke technologische of financiële risicograad te vertonen. Het ambitieniveau moet dermate zijn dat zonder publieke financiering de projecten niet mogelijk zijn. Voor projecten die onderdeel zijn van een IPCEI mogen overheden, mits voldaan wordt aan de criteria uit de IPCEI mededeling van de Europese Commissie en goedgekeurd door de Europese Commissie, meer steun geven dan binnen de gebruikelijke staatssteunkaders mogelijk is, tot wel 100% van de funding gap.

Een IPCEI is een geïntegreerd Europees project dat bestaat uit meerdere nationale projecten van bedrijven (en/of onderzoeksinstellingen) uit diverse EU-lidstaten die complementair zijn aan elkaar, synergie hebben, en aantoonbaar bijdragen aan de doelen van de EU en die noodzakelijk zijn om het doel van de IPCEI te bereiken. Een IPCEI project moet concreet, duidelijk en aanwijsbaar bijdragen tot één of meer Uniedoelstellingen, zoals benoemd in de IPCEI mededeling, en moet een aanzienlijk effect hebben op het concurrentievermogen van de Unie, op duurzame groei, op het aangaan van maatschappelijke uitdagingen of waardecreatie in de hele Unie.

Wil een IPCEI project kunnen slagen dan gaat het dus niet alleen om de projecten die zich in Nederland aanmelden, maar zeker ook om het samenhangende geheel aan projecten uit andere lidstaten van de Europese Unie. Eerdere projecten die zijn goedgekeurd zijn: de IPCEI Microelectronics4, twee IPCEI’s op het gebied van batterijen5 en een IPCEI project over een tunnel tussen Denemarken en Duitsland.6

Het specifieke doel van de IPCEI Cloud Infrastructuur en Services is de ontwikkeling en stimulering van een nieuwe generatie cloud- en edge infrastructuren en diensten in de EU. Dit moet worden bereikt door vernieuwing van de Europese waardeketen via onderzoek en ontwikkeling, uitbreiding en verbinding van Europees cloudaanbod en capaciteit, en eerste industriële toepassing van deze nieuwe generatie infrastructuur en diensten. Hierbij is ook specifiek aandacht voor standaarden (vergroten van interoperabiliteit van clouddiensten), cyberveiligheid, duurzaamheid (energie efficiency) en het mogelijk maken van sectorale Europese data ruimtes.

Voor de geïnteresseerde partijen in Nederland biedt deelname aan de IPCEI mogelijkheden om samen te werken met andere partijen in de EU aan de ontwikkeling van deze nieuwe generatie diensten en onderdeel te worden van het nieuwe Europese ecosysteem. Dit moet bijdragen aan een sterkere concurrentiepositie en betere toegang tot mondiale markten.

Doel van de oproep

Bedrijven die (1) geïnteresseerd zijn in deelname aan deze IPCEI en (2) bereid zijn om met concrete investeringen bij te dragen aan de doelstellingen van dit initiatief, worden opgeroepen om hun belangstelling kenbaar te maken.

Het doel van de oproep is om tot een inventarisatie van projecten te komen die (Europees) gecombineerd kunnen gaan worden en daarmee elkaar gaan versterken.

Het is van belang uw interesse nu kenbaar te maken. Doet u dat pas in een later stadium, dan is het zeer waarschijnlijk niet meer mogelijk om nog onderdeel te worden van het geïntegreerde Europese project, zoals dat op dit moment in hoog tempo samen met de andere lidstaten wordt vormgegeven.

In deze fase verplicht u zich niet tot deelname aan een mogelijke Europese IPCEI dan wel tot het aangaan van financiële verplichtingen. Ook ik verplicht mij met deze oproep niet tot het aangaan van verplichtingen en ik kan op dit moment niet toezeggen dat Nederland met overheidsfinanciering gaat deelnemen aan een IPCEI Cloud Infrastructuur en Services. De kosten die u maakt in verband met deelname aan deze interessepeiling worden niet vergoed.

2. Proces: hoe gaat het in zijn werk?

Het proces om tot een IPCEI Cloud Infrastructuur en Services te komen, bestaat uit de volgende stappen:

Informatiebijeenkomst

Er zal een informatiebijeenkomst georganiseerd worden waarin kort zal worden toegelicht (1) wat het IPCEI instrument inhoudt, (2) hoe het beoogde proces zal verlopen en (3) de reikwijdte van de projecten binnen de IPCEI CIS.

Tijdens deze bijeenkomst heeft u gelegenheid om vragen te stellen. De bijeenkomst zal plaatsvinden op 17 juni a.s. van 13:00u-14:30u. Meer informatie hierover is te vinden op de website van RVO.

1. Uw belangstelling kenbaar maken

U dient vóór 11 juli a.s. 18:00 uur uw belangstelling kenbaar te maken. Dat doet u door uw inzending te mailen naar teamiris@rvo.nl

Op de website www.rvo.nl/subsidie-en-financieringswijzer/interessepeiling-ipcei-cloud-infra-en-services kunt u meer informatie vinden inclusief de formulieren die gebruikt kunnen worden als onderdeel van de inzending. De volgende gegevens zullen in elk geval worden opgevraagd:

  • Een samenvattend formulier met onder andere uw contactgegevens, een beknopt projectplan, inclusief een (voorlopige) begroting en een indicatieve exploitatieberekening;

  • Een project portfolio;

  • Een funding gap analyse.

Hoe concreter deze formulieren ingevuld worden, hoe beter er bezien kan worden of het project in potentie past onder het IPCEI instrument en mogelijk deel kan nemen aan het verdere proces van deze specifieke IPCEI. Het project portfolio en de funding gap analyse zijn belangrijke documenten die een rol spelen in het notificatietraject naar de Europese Commissie.

De funding gap moet zo realistisch mogelijk opgesteld worden. Bij de staatssteungoedkeuring kan door de Commissie immers verlangd worden dat een claw back wordt opgelegd waarbij op het einde van de financieringsperiode de funding gap getoetst wordt aan de realiteit, met een mogelijke terugvordering van subsidie indien de reële funding gap veel lager zou blijken.

De indiening van de formulieren en documenten is in dit stadium geen (definitieve) indiening van een projectvoorstel, maar een blijk van belangstelling, waarbij de betrokken autoriteiten gedurende het hele proces om bijkomende informatie kunnen vragen.

Wij verzoeken u de informatie in de Engelse taal aan te leveren.

2. Overleg met andere landen

De informatie in de voorstellen wordt na de sluitingsdatum beoordeeld op, onder andere, de aansluiting op de beoogde overkoepelende Europese waardeketen van de IPCEI Cloud Infrastructuur en Services.

Om tot een geïntegreerd Europees project te komen wordt met de ingeleverde informatie het gesprek aangegaan met andere lidstaten, bedrijven en kennisinstellingen. Dit kan gedaan worden door met uw voorstel te participeren in een of meerdere Europese matchmakingsbijeenkomsten die in het kader van de opzet van deze IPCEI zullen worden georganiseerd door de Europese Commissie. De exacte datum of data van deze bijeenkomst(en) moet nog worden vastgesteld.

3. Indienen van een subsidieaanvraag en besluit daarover

Een oproep in de Staatscourant voor het indienen van een subsidieaanvraag zal alleen volgen wanneer er (a) voldoende belangstelling is vanuit de industrie, (b) voldoende potentieel aan de voor dit doel beoogde projecten is en (c) er (voldoende) budget beschikbaar kan worden gesteld.

Partijen die hun interesse via deze peiling bekend hebben gemaakt, maken een grotere kans dat zij uitgenodigd worden hun voorstel in te dienen.

Een mogelijk steunvoornemen voor uw project zal vooraf door de Europese Commissie op de geldende staatssteunregels worden getoetst. Elke lidstaat zal dat individueel en ongeveer gelijktijdig doen voor haar nationale projecten. Dit proces zal een langere periode in beslag gaan nemen, vergt veel capaciteit en leidt naar verwachting op zijn vroegst begin 2022 tot een uitkomst.

Let wel, op dit moment kan nog niet aangegeven worden dat de Europese IPCEI-CIS er daadwerkelijk gaat komen.

3. Toelichting

3.1 Inhoud van de oproep voor belangstelling: waar zijn we naar op zoek?

De scope van de IPCEI CIS is momenteel nog heel breed, maar richt zich in ieder geval op de versterking van de Europese digitale en fysieke infrastructuur. We zijn daarom op zoek naar initiatieven die Europese cloudinfrastructuren en diensten kunnen gaan versterken. Dergelijke initiatieven moeten een focus hebben op minimaal één van de vijf bouwblokken zoals geïdentificeerd binnen de concept Europese waardeketen (Infrastructure, Interconnection, Foundation services, Processing services of Initial roll-out), en/of een bijdrage leveren aan de voorwaarden op het punt van standaardisering, cyberveiligheid, duurzaamheid (energie efficiëntie), en cloud- en edge capaciteiten voor data ruimtes en diensten. Bij het kenbaar maken van de interesse moet duidelijk worden aangeven aan welk onderdeel het initiatief verwacht te kunnen bijdragen. In figuur 1 is de concept Europese waardeketen weergegeven.

Figuur 1 Concept Europese waardeketen d.d. 01-06-2021

Figuur 1 Concept Europese waardeketen d.d. 01-06-2021

3.2 Voorwaarden en financiering

Wie kan zijn belangstelling kenbaar maken en informatie over zijn initiatief indienen?

Ondernemingen die in Nederland zijn gevestigd en een project willen uitvoeren, kunnen informatie over hun initiatief indienen. Bij voorkeur gaat het om een samenwerkingsverband van meerdere ondernemingen, al dan niet in samenwerking met kennisinstellingen. Als er in dat samenwerkingsverband ondernemingen zijn die zich in andere landen van de Europese Unie bevinden is dat een pré, maar geen noodzakelijke voorwaarde. Middelgrote en kleine ondernemingen worden nadrukkelijk ook uitgenodigd om hun belangstelling kenbaar te maken. Geborgd moet zijn dat rechten vastgelegd in Nederlandse en Europese regelgeving voor mensenrechten, privacy, intellectuele eigendom en bedrijfsgeheimen volledig kunnen worden gegarandeerd. Het is mogelijk dat dit niet het geval is als indienende partijen en entiteiten van een deelnemend consortium van een initiatief (tevens) vallen onder de reikwijdte van niet-Europese wet- en regelgeving (‘EU extra territorial legislation’) welke wet- en regelgeving kan conflicteren met de EU wet- en regelgeving op die terreinen.

Wanneer starten en eindigen de activiteiten?

Interessant zijn projecten waarvan de zogeheten “final investment decision” nog niet genomen is, en die, mocht er een overheidsbijdrage voor beschikbaar gesteld kunnen worden, in de komende jaren hun “final investment decision” willen nemen en willen gaan starten met de realisatie van het project.

Er bestaat een brede wens in EU om de IPCEI Cloud Infrastructuur en Services snel te starten en tot meetbare resultaten te brengen. Om als Nederland hierop aan te kunnen sluiten, kunnen projecten, die begin 2022 al een “final investment decision” kunnen nemen en per 2025 duidelijke concrete gerealiseerde mijlpalen kunnen rapporteren, met voorrang behandeld gaan worden. Geïnteresseerde partijen worden gevraagd in hun projectplannen nadrukkelijk aan te geven of de projecten aan deze criteria zullen kunnen voldoen.

Hoeveel kan de overheid bijdragen aan de eventuele IPCEI Cloud Infrastructuur en Services en waarvoor?
  • Het is nu nog niet duidelijk of-en hoeveel budget er beschikbaar zal zijn. Daarover wordt pas besloten als duidelijk is of er voldoende interesse onder het Nederlandse bedrijfsleven bestaat, wat het potentieel aan interessante projecten is en de inpasbaarheid daarvan in de geïntegreerde Europese IPCEI. Of er budget beschikbaar wordt gesteld wordt bepaald door het kabinet.

  • De Europese Commissie zal een eventuele overheidsbijdrage in ieder geval op de volgende elementen toetsen7:

    • (1) De steun mag niet de projectkosten subsidiëren die een onderneming sowieso zou moeten maken, noch mag deze een vergoeding zijn voor het normale zakelijke risico van een economische activiteit. De verwezenlijking van het project dient zonder de steun onmogelijk te zijn of het project dient te worden verwezenlijkt in beperktere omvang of op beperktere schaal of op een andere manier die de van het project verwachte voordelen aanzienlijk zou beperken (2). Steun zal alleen als evenredig worden beschouwd indien hetzelfde resultaat niet met minder steun zou kunnen worden behaald.

    • Indien er geen alternatief project is, zal de Commissie zich ervan vergewissen dat het steunbedrag niet hoger uitkomt dan het minimum dat voor het gesteunde project noodzakelijk is om voldoende winstgevend te zijn, doordat daarmee bijvoorbeeld een interne opbrengstvoet (IRR) kan worden behaald die overeenstemt met de sectorale of ondernemingsspecifieke benchmark of hurdle rate.

    • Het maximale subsidiebedrag per deelnemer en per project zal worden bepaald aan de hand van de vastgestelde financieringskloof (funding gap)8 afgezet tegen de in aanmerking komende kosten. Indien dit door de analyse van de financieringskloof wordt gerechtvaardigd, kan de steunintensiteit oplopen tot 100% van de in aanmerking komende kosten.

  • De begunstigde moet ook zelf investeren en risico willen lopen. Nederland ziet cofinanciering door de deelnemer als een vereiste.

  • De in aanmerking komende kosten zijn de in bijlage 1 opgenomen kosten van de Mededeling van de Europese Commissie9. Een eventuele subsidie is in ieder geval geen subsidie voor het normale zakelijke risico van de activiteit.

  • Een eventuele subsidie is in ieder geval geen prijssubsidie. IPCEI is namelijk niet bedoeld om continue steun over een langere periode te geven. Doel van IPCEI is om een ‘kick start’ te geven, bijvoorbeeld aan (bepaalde projecten in) een sector.

  • Projecten die op het moment van het kenbaar maken van belangstelling in het kader van deze call al zijn gestart, kunnen niet meer in het verdere traject meedoen.

3.3 Overwegingen of het zin heeft om aan een IPCEI Cloud Infrastructuur en Services deel te nemen

Als u zich aanmeldt, vraagt u geen subsidie aan, maar maakt u uw belangstelling kenbaar. Ik zal dan ook geen besluit nemen om wel of geen subsidie toe te kennen. Mogelijke besluiten om subsidie te verstrekken volgen in een later stadium. Mocht u interesse hebben om aan een eventuele IPCEI Cloud Infrastructuur en Services mee te doen, dan worden hieronder enkele overwegingen geschetst. Deze kunnen u helpen om een beeld te vormen of het zinvol is om u aan te melden:

U moet voor het project aannemelijk kunnen maken dat:

  • er voldoende vertrouwen is in de technische en economische haalbaarheid;

  • er voldoende vertrouwen is dat de deelnemers hun eigen aandeel in de projectkosten kunnen financieren;

  • dat IPCEI het juiste instrument is om het initiatief verder te brengen (het project bijvoorbeeld niet met andere beschikbare instrumenten kan worden gerealiseerd);

  • er een financieringskloof is om de hoge ambities te realiseren en een mogelijke subsidie voldoende stimulerend effect heeft;

  • tijdens en na realisatie van het project moet het resultaat voldoen aan alle relevante Europese wet- en regelgeving (o.a. de AVG);

  • geborgd is dat rechten vastgelegd in Nederlandse en Europese regelgeving voor mensenrechten, privacy, intellectuele eigendom en bedrijfsgeheimen volledig kunnen worden gegarandeerd;

  • er aantoonbaar toegevoegde waarde voor de Europese waardeketen wordt gecreëerd;

  • het bijdraagt aan realisatie van de Europese Datastrategie en in het bijzonder de digitale soevereiniteit van EU;

  • er geen infrastructuur of diensten worden gecreëerd die openbare orde of veiligheid van de EU of (één van) haar lidstaten in gevaar brengen.

Daarnaast zijn in ieder geval de volgende zaken van belang:

  • u moet bereid zijn de informatie te verschaffen die het ministerie nodig heeft voor de gesprekken met de andere Europese landen, alsmede die informatie die nodig is in de prenotificatie- en notificatieprocedure bij de Europese Commissie. U moet bereid zijn actief mee te werken in deze procedures. Dit is een intensief traject en alle kosten die u daarvoor maakt zijn niet subsidiabel;

  • het technische en industriële project van de onderneming kan gezamenlijk betrekking hebben op onderzoek, ontwikkeling en innovatie (O&O&I) – art 21 van de IPCEI mededeling – evenals de eerste industriële toepassing – art 22 – in overeenstemming met de in de IPCEI Mededeling opgenomen richtlijnen voor in aanmerking komende kosten. Het door de onderneming voorgestelde technische en industriële project moet zeer innovatief zijn en verder gaan dan de huidige state of the art technologieën en kennis op dat gebied;

  • het project kan alleen worden ondersteund als er sprake is van marktfalen, waardoor het niet uitgevoerd kan worden zonder dergelijke steun;

  • kennisverspreiding (spill-over) is in een IPCEI-project heel erg belangrijk. U moet bereid zijn de kennis en ervaringen die u opdoet tijdens het project te delen met andere partijen in binnen- en buitenland, ook buiten de projectpartners. Doel van een IPCEI is namelijk dat er een gemeenschappelijk Europees belang mee gediend is, dat wil zeggen dat het meerwaarde en positieve spillover effecten heeft voor meerdere economieën in de Europese Unie. Concurrentiegevoelige informatie hoeft u niet te delen, wel moet u bereid zijn ook dit type informatie op vertrouwelijke basis te delen met de Nederlandse overheid. De overheid zal vertrouwelijke informatie ook met de Europese Commissie moeten delen om haar in staat te stellen het project te kunnen toetsen op onder meer marktfalen en daarmee een beoordeling kunnen maken of de (eventuele) staatssteun verenigbaar is met de interne markt;

  • voor middelgrote en kleine ondernemingen geldt dat de investeringen die zij kunnen doen wellicht kleiner zijn dan die van andere ondernemingen, maar dat hoeft geen beletsel te zijn om mee te doen. De IPCEI als geheel, als geïntegreerd Europees project, moet omvangrijk zijn. Het gaat uiteindelijk om de inpasbaarheid van het project in het grotere Europese geheel;

  • er zijn lidstaten die bij hun interessepeiling wel een ondergrens toepassen, te weten projecten met subsidiabele kosten van minimaal € 1 miljoen. Op dit moment stelt Nederland een dergelijke ondergrens niet, wel kan dit een criterium worden om tot de vorming van een integraal Europees project te komen. Participanten dienen daartoe “funding gap” analyse aan te leveren;

  • een integraal project is een aantal individuele projecten dat onderdeel uitmaakt van een gezamenlijke structuur, roadmap of programma dat gericht is op hetzelfde doel en gebaseerd op een coherente systeembenadering. De individuele componenten van het geïntegreerde project mogen gerelateerd zijn aan afzonderlijke onderdelen van de waardeketen, maar dienen complementair en noodzakelijk te zijn voor het bereiken van de belangrijke Europese doelstelling;

  • er mag ten aanzien van uw onderneming geen bevel tot terugvordering uitstaan van steun die ingevolge een besluit van de Europese Commissie onrechtmatig en met de interne markt onverenigbaar is verklaard;

  • voor IPCEI projecten is belangrijk dat aangetoond kan worden dat van een mogelijke overheidsbijdrage een stimulerend effect uitgaat. Dat brengt in ieder geval met zich dat zonder een mogelijke overheidsbijdrage het initiatief geen doorgang zou vinden of (veel) beperkter in omvang of in schaal zou zijn;

  • uw onderneming mag zich niet in financiële moeilijkheden bevinden op 31 december 2019 of reddingssteun dan wel herstructureringssteun hebben ontvangen die nog lopende is. De IPCEI mededeling is van toepassing op ondernemingen die op 31 december 2019 niet in moeilijkheden verkeerden maar mogelijk wel in de periode van 1 januari 2020 tot en met 30 juni 2021 in moeilijkheden zijn gekomen. Op dit moment beziet de Europese Commissie of deze uitzondering verlengd kan worden tot 31 december 2021.

’’s-Gravenhage, 10 juni 2021

De Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, namens deze, F.W. Vijselaar Directeur-Generaal Bedrijfsleven en Innovatie


X Noot
8

Met de financieringskloof wordt het verschil bedoeld tussen de positieve en negatieve kasstromen gedurende de levensduur van de investering, contant gemaakt op basis van een passende disconteringsfactor waarin het rendement tot uiting komt dat de begunstigde verlangt om het project uit te voeren, met name gelet op de daaraan verbonden risico’s.