Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriekDatum ondertekening
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en SportStaatscourant 2021, 26470Besluiten van algemene strekking

Regeling van de Minister voor Medische Zorg en de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 18 mei 2021, kenmerk 210510-1007317-S, houdende wijziging van de Regeling Sportakkoord 2020–2022 in verband met extra financiële middelen voor gezonde leefstijlinterventies in 2021

De Minister voor Medische Zorg en de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Gelet op artikel 3 van de Kaderwet VWS-subsidies;

Besluiten:

ARTIKEL I

De Regeling Sportakkoord 2020–2022 wordt als volgt gewijzigd:

A

Aan artikel 2 wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. De minister verstrekt aan de gemeenten, genoemd in Bijlage V, in 2021 ambtshalve een uitkering voor activiteiten op het gebied van gezonde leefstijlinterventies. Het gaat hierbij om de uitvoering van extra interventies, naast het al bestaande aanbod in de gemeente, gericht op de bevordering van een gezonde leefstijl.

B

Na artikel 4 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 4a. Hoogte van de uitkering voor leefstijlinterventies

De maximale hoogte van de uitkering, bedoeld in artikel 2, derde lid, per gemeente is de hoogte zoals vastgesteld in Bijlage V.

C

In artikel 5, eerste lid, wordt na ‘Een uitkering’ ingevoegd ‘voor de activiteiten, bedoeld in artikel 2, eerste en tweede lid,’.

D

In artikel 6 wordt onder vernummering van het derde en vierde lid tot het vierde en vijfde lid een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. De minister neemt voor de uitkering, bedoeld in artikel 2, derde lid, binnen 13 weken na publicatie van deze regeling in de Staatscourant een besluit omtrent de verlening van de uitkering.

D

Artikel 7 wordt als volgt gewijzigd:

1. Onder vernummering van het tweede tot het derde lid, wordt een lid ingevoegd, luidende:

  • 2. In aanvulling op het eerste lid, wordt, indien toepassing wordt gegeven aan artikel 8, derde lid, de verantwoordingsinformatie uiterlijk op 15 juli van het jaar volgend op het jaar bedoeld in het eerste lid verstrekt overeenkomstig het bepaalde in artikel 27 van het Besluit financiële verhouding 2001.

2. In het derde lid (nieuw) wordt onder vervanging van de punt aan het slot van onderdeel c door een puntkomma een onderdeel toegevoegd, luidende:

  • d. of uitvoering is gegeven aan gezonde leefstijlinterventies.

E

In artikel 8 wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. De minister kan, in overleg met de ontvanger van de uitkering, afzien van terugvordering van onverschuldigd betaalde bedragen in het jaar waar de verlening betrekking op heeft als het restant van de uitkering in het daaropvolgende jaar door de ontvanger kan worden besteed aan activiteiten als bedoeld in artikel 2.

F

Artikel 11 komt te luiden:

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling Sportakkoord en leefstijlinterventies 2020–2022.

G

Na Bijlage IV wordt een bijlage toegevoegd, luidende:

BIJLAGE V. LIJST VAN MAXIMALE UITKERINGSBEDRAGEN PER GEMEENTE VOOR GEZONDE LEEFSTIJLINTERVENTIES IN 2021

Gemeente

Maximale uitkeringsbedragen voor gezonde leefstijlinterventies in 2021

Alphen-Chaam

€ 22.571,15

Ameland

€ 22.571,15

Asten

€ 22.571,15

Baarle-Nassau

€ 22.571,15

Beek

€ 22.571,15

Beemster

€ 22.571,15

Beesel

€ 22.571,15

Bergeijk

€ 22.571,15

Bergen (L)

€ 22.571,15

Blaricum

€ 22.571,15

Boekel

€ 22.571,15

Brielle

€ 22.571,15

Bunnik

€ 22.571,15

Dantumadiel

€ 22.571,15

Doesburg

€ 22.571,15

Drechterland

€ 22.571,15

Druten

€ 22.571,15

Eemnes

€ 22.571,15

Eersel

€ 22.571,15

Enkhuizen

€ 22.571,15

Gennep

€ 22.571,15

Grave

€ 22.571,15

Gulpen-Wittem

€ 22.571,15

Hardinxveld-Giessendam

€ 22.571,15

Harlingen

€ 22.571,15

Hattem

€ 22.571,15

Heerde

€ 22.571,15

Heeze-Leende

€ 22.571,15

Hilvarenbeek

€ 22.571,15

Kapelle

€ 22.571,15

Landerd

€ 22.571,15

Landsmeer

€ 22.571,15

Laren

€ 22.571,15

Meerssen

€ 22.571,15

Midden-Delfland

€ 22.571,15

Mill en Sint Hubert

€ 22.571,15

Montfoort

€ 22.571,15

Mook en Middelaar

€ 22.571,15

Nederweert

€ 22.571,15

Noord-Beveland

€ 22.571,15

Olst – Wijhe

€ 22.571,15

Ommen

€ 22.571,15

Oostzaan

€ 22.571,15

Opmeer

€ 22.571,15

Ouder-Amstel

€ 22.571,15

Oudewater

€ 22.571,15

Pekela

€ 22.571,15

Renswoude

€ 22.571,15

Reusel-De Mierden

€ 22.571,15

Rozendaal

€ 22.571,15

Scherpenzeel

€ 22.571,15

Schiermonnikoog

€ 22.571,15

Simpelveld

€ 22.571,15

Sint Anthonis

€ 22.571,15

Someren

€ 22.571,15

Son en Breugel

€ 22.571,15

Staphorst

€ 22.571,15

Terschelling

€ 22.571,15

Texel

€ 22.571,15

Uitgeest

€ 22.571,15

Vaals

€ 22.571,15

Valkenburg aan de Geul

€ 22.571,15

Vlieland

€ 22.571,15

Voerendaal

€ 22.571,15

Waalre

€ 22.571,15

Waterland

€ 22.571,15

Weesp

€ 22.571,15

West Maas en Waal

€ 22.571,15

Westerveld

€ 22.571,15

Westervoort

€ 22.571,15

Westvoorne

€ 22.571,15

Wormerland

€ 22.571,15

Woudenberg

€ 22.571,15

Zandvoort

€ 22.571,15

Zoeterwoude

€ 22.571,15

Aa en Hunze

€ 45.142,30

Aalsmeer

€ 45.142,30

Aalten

€ 45.142,30

Achtkarspelen

€ 45.142,30

Alblasserdam

€ 45.142,30

Albrandswaard

€ 45.142,30

Baarn

€ 45.142,30

Beekdaelen

€ 45.142,30

Berg en Dal

€ 45.142,30

Bergen (NH)

€ 45.142,30

Bernheze

€ 45.142,30

Best

€ 45.142,30

Bladel

€ 45.142,30

Bloemendaal

€ 45.142,30

Bodegraven-Reeuwijk

€ 45.142,30

Borger-Odoorn

€ 45.142,30

Borne

€ 45.142,30

Borsele

€ 45.142,30

Boxmeer

€ 45.142,30

Bronckhorst

€ 45.142,30

Brummen

€ 45.142,30

Bunschoten

€ 45.142,30

Buren

€ 45.142,30

Castricum

€ 45.142,30

Coevorden

€ 45.142,30

Cranendonck

€ 45.142,30

Cuijk

€ 45.142,30

Culemborg

€ 45.142,30

Dalfsen

€ 45.142,30

De Wolden

€ 45.142,30

Deurne

€ 45.142,30

Diemen

€ 45.142,30

Dinkelland

€ 45.142,30

Dongen

€ 45.142,30

Drimmelen

€ 45.142,30

Duiven

€ 45.142,30

Echt-Susteren

€ 45.142,30

Edam-Volendam

€ 45.142,30

Eijsden-Margraten

€ 45.142,30

Elburg

€ 45.142,30

Epe

€ 45.142,30

Ermelo

€ 45.142,30

Geertruidenberg

€ 45.142,30

Geldrop-Mierlo

€ 45.142,30

Gemert-Bakel

€ 45.142,30

Gilze en Rijen

€ 45.142,30

Goes

€ 45.142,30

Goirle

€ 45.142,30

Gorinchem

€ 45.142,30

Haaksbergen

€ 45.142,30

Halderberge

€ 45.142,30

Heemskerk

€ 45.142,30

Heemstede

€ 45.142,30

Heiloo

€ 45.142,30

Hellendoorn

€ 45.142,30

Hendrik-Ido-Ambacht

€ 45.142,30

Hillegom

€ 45.142,30

Hof van Twente

€ 45.142,30

Hulst

€ 45.142,30

IJsselstein

€ 45.142,30

Kaag en Braassem

€ 45.142,30

Koggenland

€ 45.142,30

Krimpen aan den IJssel

€ 45.142,30

Laarbeek

€ 45.142,30

Landgraaf

€ 45.142,30

Langedijk

€ 45.142,30

Leiderdorp

€ 45.142,30

Leudal

€ 45.142,30

Leusden

€ 45.142,30

Lisse

€ 45.142,30

Lochem

€ 45.142,30

Loon op Zand

€ 45.142,30

Losser

€ 45.142,30

Maasdriel

€ 45.142,30

Maasgouw

€ 45.142,30

Maassluis

€ 45.142,30

Meppel

€ 45.142,30

Midden-Drenthe

€ 45.142,30

Moerdijk

€ 45.142,30

Montferland

€ 45.142,30

Neder-Betuwe

€ 45.142,30

Nieuwkoop

€ 45.142,30

Noordenveld

€ 45.142,30

Nuenen c.a.

€ 45.142,30

Nunspeet

€ 45.142,30

Oegstgeest

€ 45.142,30

Oisterwijk

€ 45.142,30

Oldambt

€ 45.142,30

Oldebroek

€ 45.142,30

Oldenzaal

€ 45.142,30

Oost Gelre

€ 45.142,30

Ooststellingwerf

€ 45.142,30

Opsterland

€ 45.142,30

Oude IJselstreek

€ 45.142,30

Papendrecht

€ 45.142,30

Putten

€ 45.142,30

Raalte

€ 45.142,30

Reimerswaal

€ 45.142,30

Renkum

€ 45.142,30

Rhenen

€ 45.142,30

Rijssen-Holten

€ 45.142,30

Roerdalen

€ 45.142,30

Rucphen

€ 45.142,30

Schouwen-Duiveland

€ 45.142,30

Sliedrecht

€ 45.142,30

Sluis

€ 45.142,30

Stadskanaal

€ 45.142,30

Stede Broec

€ 45.142,30

Steenbergen

€ 45.142,30

Stein

€ 45.142,30

Teylingen

€ 45.142,30

Tholen

€ 45.142,30

Tubbergen

€ 45.142,30

Twenterand

€ 45.142,30

Tynaarlo

€ 45.142,30

Tytsjerksteradiel

€ 45.142,30

Uithoorn

€ 45.142,30

Urk

€ 45.142,30

Valkenswaard

€ 45.142,30

Veendam

€ 45.142,30

Veere

€ 45.142,30

Voorschoten

€ 45.142,30

Voorst

€ 45.142,30

Waddinxveen

€ 45.142,30

Wageningen

€ 45.142,30

Wassenaar

€ 45.142,30

Westerwolde

€ 45.142,30

Weststellingwerf

€ 45.142,30

Wierden

€ 45.142,30

Wijdemeren

€ 45.142,30

Wijk bij Duurstede

€ 45.142,30

Winterswijk

€ 45.142,30

Woensdrecht

€ 45.142,30

Zaltbommel

€ 45.142,30

Zeewolde

€ 45.142,30

Zundert

€ 45.142,30

Zwartewaterland

€ 45.142,30

Altena

€ 67.713,44

Barendrecht

€ 67.713,44

Barneveld

€ 67.713,44

Berkelland

€ 67.713,44

Beuningen

€ 67.713,44

De Bilt

€ 67.713,44

De Fryske Marren

€ 67.713,44

De Ronde Venen

€ 67.713,44

Den Helder

€ 67.713,44

Doetinchem

€ 67.713,44

Dronten

€ 67.713,44

Etten-Leur

€ 67.713,44

Goeree-Overflakkee

€ 67.713,44

Gooise Meren

€ 67.713,44

Harderwijk

€ 67.713,44

Heerenveen

€ 67.713,44

Heerhugowaard

€ 67.713,44

Hellevoetsluis

€ 67.713,44

Het Hogeland

€ 67.713,44

Heusden

€ 67.713,44

Hollands Kroon

€ 67.713,44

Hoogeveen

€ 67.713,44

Horst aan de Maas

€ 67.713,44

Houten

€ 67.713,44

Huizen

€ 67.713,44

Kampen

€ 67.713,44

Kerkrade

€ 67.713,44

Krimpenerwaard

€ 67.713,44

Lingewaard

€ 67.713,44

Medemblik

€ 67.713,44

Middelburg

€ 67.713,44

Molenlanden

€ 67.713,44

Nijkerk

€ 67.713,44

Noardeast-Fryslan

€ 67.713,44

Noordoostpolder

€ 67.713,44

Noordwijk

€ 67.713,44

Oosterhout

€ 67.713,44

Overbetuwe

€ 67.713,44

Peel en Maas

€ 67.713,44

Pijnacker-Nootdorp

€ 67.713,44

Rheden

€ 67.713,44

Ridderkerk

€ 67.713,44

Rijswijk

€ 67.713,44

Roermond

€ 67.713,44

Schagen

€ 67.713,44

Smallingerland

€ 67.713,44

Soest

€ 67.713,44

Steenwijkerland

€ 67.713,44

Terneuzen

€ 67.713,44

Tiel

€ 67.713,44

Uden

€ 67.713,44

Utrechtse Heuvelrug

€ 67.713,44

Veldhoven

€ 67.713,44

Venray

€ 67.713,44

Vijfheerenlanden

€ 67.713,44

Vlissingen

€ 67.713,44

Waadhoeke

€ 67.713,44

Waalwijk

€ 67.713,44

Weert

€ 67.713,44

West-Betuwe

€ 67.713,44

Wijchen

€ 67.713,44

Woerden

€ 67.713,44

Zevenaar

€ 67.713,44

Zuidplas

€ 67.713,44

Zutphen

€ 67.713,44

Zwijndrecht

€ 67.713,44

Almelo

€ 90.284,59

Assen

€ 90.284,59

Capelle aan den IJssel

€ 90.284,59

Eemsdelta (Appingedam, Delfzijl en Loppersum)

€ 90.284,59

Gouda

€ 90.284,59

Hardenberg

€ 90.284,59

Hoorn

€ 90.284,59

Katwijk

€ 90.284,59

Lansingerland

€ 90.284,59

Leidschendam-Voorburg

€ 90.284,59

Lelystad

€ 90.284,59

Midden-Groningen

€ 90.284,59

Nieuwegein

€ 90.284,59

Roosendaal

€ 90.284,59

Schiedam

€ 90.284,59

Stichtse Vecht

€ 90.284,59

Veenendaal

€ 90.284,59

Velsen

€ 90.284,59

Vlaardingen

€ 90.284,59

Westerkwartier

€ 90.284,59

Zeist

€ 90.284,59

Amstelveen

€ 112.855,74

Beverwijk

€ 112.855,74

Deventer

€ 112.855,74

Heerlen

€ 112.855,74

Helmond

€ 112.855,74

Hengelo

€ 112.855,74

Hilversum

€ 112.855,74

Hoeksche Waard

€ 112.855,74

Meierijstad

€ 112.855,74

Nissewaard

€ 112.855,74

Oss

€ 112.855,74

Purmerend

€ 112.855,74

Súdwest Fryslân

€ 112.855,74

Alkmaar

€ 135.426,89

Alphen aan den Rijn

€ 135.426,89

Delft

€ 135.426,89

Emmen

€ 135.426,89

Leeuwarden

€ 135.426,89

Leiden

€ 135.426,89

Maastricht

€ 135.426,89

Venlo

€ 135.426,89

Westland

€ 135.426,89

Zoetermeer

€ 135.426,89

Zwolle

€ 135.426,89

Sittard-Geleen

€ 112.855,74

Dordrecht

€ 135.426,89

Ede

€ 135.426,89

Amersfoort

€ 180.569,19

Apeldoorn

€ 180.569,19

Arnhem

€ 180.569,19

Den Bosch

€ 180.569,19

Enschede

€ 180.569,19

Haarlem

€ 180.569,19

Haarlemmermeer

€ 180.569,19

Nijmegen

€ 180.569,19

Zaanstad

€ 180.569,19

Breda

€ 180.569,19

Almere

€ 270.853,78

Tilburg

€ 270.853,78

Amsterdam

€ 451.422,96

Den Haag

€ 451.422,96

Eindhoven

€ 451.422,96

Groningen

€ 451.422,96

Rotterdam

€ 451.422,96

Utrecht

€ 451.422,96

Bergen op Zoom

€ 90.284,59

Boxtel

€ 45.142,30

Brunssum

€ 45.142,30

Haaren

€ 22.571,15

Heumen

€ 22.571,15

Lopik

€ 22.571,15

Oirschot

€ 22.571,15

Sint Michielsgestel

€ 45.142,30

Vught

€ 45.142,30

 

€ 23.000.000

ARTIKEL II

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister voor Medische Zorg, T. van Ark

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, P. Blokhuis

TOELICHTING

Algemeen

De onderhavige regeling strekt tot wijziging van de Regeling Sportakkoord 2020–2022 (hierna: de Regeling).

Sport en bewegen zijn onlosmakelijk verbonden aan een gezonde, actieve leefstijl. Een leefstijl die juist in de strijd tegen corona, en ook na corona van belang is. Een gezonde leefstijl en mentale vitaliteit krijgen met deze extra impuls dan ook bijzondere aandacht.

Allereerst heeft de rijksoverheid begin maart 2021 besloten om 10 miljoen euro extra beschikbaar te stellen via de SPUK Sportakkoord ten behoeve van Sport en bewegen.

Met de onderhavige wijzigingsregeling wordt nog eens 23 miljoen aan gemeenten beschikbaar gesteld, in dit geval gericht op gezonde leefstijl(interventies). Dit budget is bedoeld voor versterking van de uitvoering van afspraken in lokale preventieakkoorden als ook voor extra ondersteuning aan gemeenten om erkende leefstijlinterventies in te zetten. De gedachte achter deze extra stimulans is dat deze bijdraagt aan het verder versterken van de lokale infrastructuur, die immers uitgaat van lokale en regionale samenwerking met partners om een kwalitatief sterk aanbod van preventieve interventies te realiseren, met oog voor de maatschappelijke betekenis van die samenwerkingsverbanden.

De rol van de gemeente hierbij is enerzijds regievoerder en anderzijds die van partner aan tafel met de relevante stakeholders om gezamenlijk de beoogde landelijke doelstellingen door te vertalen naar de lokale specifieke context. Deze opzet laat ruimte voor lokale en/of specifieke invulling door de betreffende gemeente.

Voor de aanbevolen inzet van erkende interventies wordt verwezen naar de landelijke database van erkende leefstijlinterventies van het RIVM, afdeling Gezond Leven (https://www.loketgezondleven.nl). Deze erkende leefstijlinterventies zijn gericht op een brede range aan leefstijlthema’s, doelgroepen en leeftijdsgroepen. De uitvoering wint aan kracht als die sterk is ingebed in de lokale structuren en gebaseerd op eerder bewezen werkwijzen. Meerdere landelijke organisaties waaronder VNG, VSG, Trimbos-instituut, Pharos, JOGG, Kenniscentrum Sport en Bewegen en het RIVM kunnen waar gewenst ondersteunen bij de keuze en toepassing van passende en erkende interventies.

Artikelsgewijs

Artikel I, onderdeel A

Op grond van artikel 2, derde lid, verleent de minister voor het jaar 2021 een specifieke uitkering aan de gemeenten, genoemd in Bijlage V, voor in dat jaar nieuw te starten activiteiten op het gebied van gezonde leefstijlinterventies. Met het oog op het terugdringen van administratieve lasten voor de gemeenten verleent de minister de specifieke uitkering voor de gezonde leefstijlinterventies niet op aanvraag, maar ambtshalve. Hiervoor is gekozen omdat de gemeenten al voor 8 november 2020 een aanvraag hebben ingediend voor de uitkering voor een lokaal sportakkoord in het jaar 2021.

Artikel I, onderdeel B

De maximale hoogte van de uitkering voor leefstijlinterventies per gemeente is opgenomen in Bijlage V.

Artikel I, onderdeel C

In artikel 5 is een zinsnede toegevoegd om te verduidelijken dat een uitkering voor de uitvoering van een lokaal sportakkoord, living lab of het aanstellen van een sportformateur op aanvraag wordt verstrekt. De eenmalige uitkering voor activiteiten op het gebied van gezonde leefstijlinterventies worden op grond van de onderhavige wijzigingsregeling ambtshalve verstrekt.

Artikel I, onderdeel D

Voor de verantwoording van de gelden die worden ingezet voor de uitvoering van leefstijlinterventies wordt aangesloten bij de verantwoording via de SiSa-systematiek, zoals die nu ook al geldt voor de uitkering voor lokale sportakkoorden. De aanvrager geeft in de verantwoording ook aan of uitvoering is gegeven aan de gezonde leefstijlinterventies. Indien toepassing wordt gegeven aan artikel 8, derde lid, zal de verantwoording via de SiSa-systematiek worden gevraagd in zowel het jaar volgend op de verlening van de uitkering als in het daaropvolgende jaar.

Artikel I, onderdeel E

De minister kan een (deel van een) specifieke uitkering terugvorderen, als blijkt dat de uitkering in het jaar waar de verlening betrekking op heeft niet is besteed aan de activiteiten waarvoor de uitkering is verleend. Met het oog op de doelstelling van de regeling kan terugvordering achterwege blijven als in overleg met de gemeente wordt vastgesteld dat het geld in een volgend jaar besteed kan worden aan activiteiten als bedoeld in artikel 2. Dit kunnen de activiteiten zijn waarvoor de uitkering is verleend of vergelijkbare activiteiten die eveneens bijdragen aan de doelstelling van de regeling. Van de mogelijkheid om terugvordering achterwege te laten, wordt alleen gebruikgemaakt bij wijze van uitzondering. In beginsel wordt de uitkering besteed in het jaar waar de verlening betrekking op heeft. Dit geldt zowel voor de middelen voor de uitvoering van het Sportakkoord als de extra middelen voor leefstijlinterventies.

Artikel I, onderdeel F

De citeertitel wordt gewijzigd, omdat de Regeling met onderhavige wijziging tevens betrekking heeft op leefstijlinterventies.

Artikel I, onderdeel G

Bijlage V betreft de lijst met maximale uitkeringsbedragen voor gezonde leefstijlinterventies per gemeente in 2021. Met deze wijzigingsregeling worden de uitkeringsbedragen vastgesteld die gemeenten ontvangen in 2021.

Artikel II

In afwijking van de systematiek van vaste verandermomenten bij regelgeving, treedt deze regeling in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. Hiervoor is gekozen omdat de budgetten ambtshalve worden verhoogd en deze wijziging zo spoedig mogelijk gevolg moet hebben, zodat gemeenten de specifieke uitkering nog in 2021 kunnen inzetten.

De Minister voor Medische Zorg, T. van Ark

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, P. Blokhuis