Bestuursovereenkomst Landelijk Verbeterprogramma Overwegen overwegproject Sint Anthonisweg/Spoorstraat te Boxmeer

Partijen:

1. De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, handelend als bestuursorgaan en als rechtsgeldig vertegenwoordiger van de Staat der Nederlanden, gezeteld te 's-Gravenhage, namens deze de directeur-generaal Mobiliteit, C. van der Burg, hierna te noemen: het Rijk;

en

2. De gemeente Boxmeer, vertegenwoordigd door de burgemeester, K.W.T. Soest, als rechtsgeldig vertegenwoordiger van de publiekrechtelijke rechtspersoon de gemeente Boxmeer, hierna te noemen: de gemeente Boxmeer;

Gezamenlijk te noemen "partijen";

Overwegende:

  • 1. Het Landelijk Verbeterprogramma Overwegen (LVO)1 heeft aIs doel het samen met betrokken partijen bevorderen van een veilige en vlotte doorstroming van weg- en spoorverkeer op overwegen met slimme, innovatieve en kosteneffectieve maatregelen, zodat het aantal incidenten of de kans daarop vermindert.

  • 2. Voor specifieke lokale overwegprojecten met een hoog verbeterpotentieel waar maatwerk is vereist en die voldoen aan de uitgangspunten en randvoorwaarden van het LVO, geldt een jaarlijkse tranchegewijze aanpak.

  • 3. Eén van de uitgangspunten voor toelating tot een tranche is dat de te treffen maatregelen plaatsvinden in cofinanciering met de decentrale overheden, waarbij vanuit het Rijk een maximale bijdrage aan 50% van de meest kosteneffectieve oplossing kan worden verstrekt.

  • 4. Bij brief van 20 juni 2018, kenmerk IENW/BSK-2018/119317, heeft de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat de overweg Sint Anthonisweg/Spoorstraat te Boxmeer tot de vijfde tranche van het LVO toegelaten.

  • 5. Partijen hebben een gedeeld beeld over de problematiek en over de te treffen maatregelen, zijn het eens over de cofinanciering en willen uitvoering geven aan de realisatie van het overwegproject SintAnthonisweg/Spoorstraat in de verwachting dat dit positieve effecten heeft op de doorstroming en veiligheid op de overweg Sint Anthonisweg/Spoorstraat en de aansluitende (hoofd)wegen van de gemeente Boxmeer.

  • 6. Als eerste stap in het kader van het realiseren van het overwegproject Sint Anthonisweg/Spoorstraat leggen partijen de tussen hen gemaakte afspraken vast in deze bestuursovereenkomst. De gemeente Boxmeer beoogt aansluitend nadere afspraken te maken met ProRail over de te nemen vervolgstappen. Het gemeentelijk aandeel (25%) in de totaalkosten van maatregel 1 (verlengen dubbelsporigheid) en 4 (opheffen Schilderspad en herrouteren fietsverkeer) is opgenomen in de Begroting 2021 van de Gemeente Boxmeer, die op 5 november 2020 door de gemeenteraad is vastgesteld. Ook de provincie Noord-Brabant draagt voor 25% bij aan de maatregelen 1 en 4. De bijdrage wordt middels een subsidiebeschikking aan de gemeente Boxmeer beschikbaar gesteld. Financieel wordt dit buiten deze bestuursovereenkomst geregeld.

Komen het volgende overeen:

Artikel 1. Definities

In deze bestuursovereenkomst wordt verstaan onder:

overwegproject:

geheel aan verplichtingen, maatregelen en werkzaamheden die zijn genoemd of voortvloeien uit de bij of krachtens deze bestuursovereenkomst gemaakte afspraken ter realisatie van verbetering van de veiligheid en doorstroming bij de spoorwegovergang Sint Anthonisweg/Spoorstraat te Boxmeer, meer in het bijzonder de maatregelen opgenomen in het rapport LVO Boxmeer – overweg SintAnthonisweg/Spoorstraat, Rapportage WP2A/B Integrale Probleemanalyse2 en verder uitgewerkt in de rapportage voor de fietsstraat3 en adviesnota voor het verlengen van de dubbelsporigheid4.

BOV-kosten:

de kosten voor het beheer, het onderhoud en de vervanging van het overwegproject.

Project Maaslijn:

het project in verband met het elektrificeren en aanbrengen van versnellingsmaatregelen op de Maaslijn, zoals bedoeld is in en in de tussen het Rijk en de provincies Limburg, Noord-Brabant en Gelderland gesloten Bestuursovereenkomst Maaslijn d.d. 10-02-2020/12-02- 2020.

Artikel 2. Doel bestuursovereenkomst

Deze bestuursovereenkdmst strekt ertoe afspraken vast te leggen over:

  • a. het in cofinanciering realiseren van het overwegproject;

  • b. het beheer, het onderhoud en de vervanging van het gerealiseerde overwegproject.

Artikel 3. Reikwijdte

De bestuursovereenkomst heeft betrekking op het realiseren, het financieren en de BOV-kosten van het overwegproject. Hierbij gelden als vertrekpunt de specificaties en functionele eisen, zoals opgenomen in het rapport LVO Boxmeer – overweg Sint Anthonisweg/Spoorstraat, Rapportage WP2A/B Integrale Probleemanalyse d.d. 13 februari 2018 en verder uitgewerkt in de rapportage voor de fietsstraat d.d. 13 juni 2019 en de adviesnota verlengen spoor Boxmeer d.d. 7 juni 2019.

Artikel 4. Financiering en risico's

  • 1. Met inachtneming van de afspraak over betaling van eventuele risico’s zoals verwoord in het tweede lid van dit artikel, verstrekt het Rijk een vaste bijdrage voor het overwegproject. Dit project voldoet aan de bepalingen in het LVO voor specifieke lokale overwegprojecten. De bijdrage betreft een eenmalige vaste bijdrage ten gunste van de gemeente Boxmeer (ter grootte van € 688.219,00,– exclusief Btw voor maatregel 4 (opheffen Schilderspad en herrouteren fietsverkeer) van het overwegproject. Daarnaast zal door het Rijk en ten laste van het overwegproject LVO een risicodragende bijdrage, met inachtneming van de afspraak over betaling zoals verwoord in het tweede lid van dit artikel, ter grootte van € 791.336,00,– exclusief Btw worden toegekend voor maatregel 1 (verlengen dubbelsporigheid) van het overwegproject. De risicodragendheid van deze bijdrage vanuit het LVO heeft betrekking op de uitvoering van maatregel 1 zoals hiervoor omschreven. Deze bedragen en alle overige bedragen in deze bestuursovereenkomst zijn uitgedrukt in prijspeil 2020. Het bedrag zal in de vorm van een subsidie worden verstrekt. Jaarlijks zal indexering van de nog niet door het Rijk betaalde voorschotten van de verleende subsidie plaatsvinden. Het Rijk zal jaarlijks het indexcijfer vaststellen, rekening houdend met de Index Bruto Overheidsinvesteringen (IBOI) en de indexatie zoals deze beschikbaar wordt gesteld door het Ministerie van Financiën.

  • 2. Het Rijk draagt zorg voor de financiering van het rijksdeel via overdracht van het nader door de gemeente Boxmeer aan te geven Btw-bedrag aan het BTW Compensatiefonds en het resterende bedrag aan de gemeente Boxmeer, nadat door de gemeente Boxmeer een Object­/Projectovereenkomst is gesloten met ProRail en de gemeente Boxmeer aan het Rijk het te compenseren BTW bedrag heeft kenbaar gemaakt. Daartoe dient de gemeente Boxmeer een raming van de daarmee gemoeid gaande kosten met de Btw-tarieven aan te geven. De bijdrage voor maatregel 4 dient eveneens ter afkoop van de mogelijke project- en procedurerisico's. Indien zich dragende risico's voordoen bij de uitvoering van maatregel 1, dan zullen de daaruit voortvloeiende kosten in beginsel betaald worden door de veroorzaker van het opgetreden risico. Dat betekent dat kostenoverschrijding bij de uitvoering van maatregel 1 wordt gedragen door de veroorzaker van die kostenoverschrijding. Indien de kosten lager uitvallen, is dit voordeel ook voor de betreffende veroorzaker.

  • 3. De hoogte en de voorwaarden van de bijdrage van de provincie Noord-Brabant aan de maatregelen 1 en 4 worden verwoord in een subsidiebeschikking van de Provincie Noord-Brabant.

  • 4. De bijdrage van de gemeente Boxmeer aan maatregel 1 is in beginsel vast en risicoloos met uitzondering van de regel dat de veroorzaker van het risico de daaruit voortvloeiende kostenoverschrijding betaalt.

  • 5. Indien het project na afronding van de planstudiefase door de gemeente Boxmeer alsnog wordt stilgelegd, dan zal het Rijk, door tussenkomst van ProRail, de helft van de kosten van de planstudie bij de gemeente Boxmeer terugvorderen.

  • 6. De gemeente Boxmeer is formeel opdrachtgever voor nadere uitwerking, aanbesteding en realisatie van maatregel 4 (opheffen Schilderspad en herrouteren fietsverkeer). Het Rijk verleent haar bijdrage aan de gemeente Boxmeer na oplevering van de werkzaamheden en na de door ProRail uitgevoerde inspectie. De gemeente Boxmeer betrekt ProRail in een toets op het ontwerp van maatregel 4 uiterlijk vóór besluitvorming over vaststellen van het ontwerp. Nadere uitwerking, aanbesteding en realisatie van maatregel 4 zijn randvoorwaardelijk voor maatregel 1 omdat met een betere doorstroming van gemotoriseerd verkeer als gevolg van maatregel 1 de ontruiming van de overweg in voldoende mate gegarandeerd moet zijn (maatregel 4);

  • 7. Op basis van de dienstregeling die eind 2024 ingaat, is middels simulaties aangetoond dat de oplossing die door de Project Maaslijn wordt uitgevoerd voor de gemeente Boxmeer een effectieve invulling is van Maatregel 1. Indien de dienstregeling in de toekomst wijzigt kan er mogelijk sprake zijn van een verminderde effectiviteit van de maatregel.

Artikel 5. Planning

Partijen streven ernaar de werkzaamheden ten behoeve van de realisatie van het overwegproject volledig, dus tot en met de afhandeling van eventuele restpunten en financiële afronding, te hebben afgerond uiterlijk in 2025. Het moment van indienststelling is daarbij voorzien uiterlijk in 2024. Partijen beseffen dat de planning richtinggevend is en treden met elkaar in overleg indien zich onvoorziene omstandigheden voordoen waardoor de planning niet haalbaar is.

Artikel 6. Beheer, onderhoud en vervangingskosten.

  • 1. Het beheer, het onderhoud en de vervanging van de constructie van het spoorse deel van het overwegproject (maatregel 1) worden in opdrachtvan het Rijk uitgevoerd door de spoorwegbeheerder, waarbij kosten voor onderhoud en vervanging voor rekening van het Rijk zijn.

  • 2. Het aanleggen/creëren van een alternatieve route voor fietsverkeer en het afsluiten van het Schilderspad voor fietsverkeer van het overwegproject (maatregel 4) worden in opdracht en voor rekening van de gemeente Boxmeer als wegbeheerder uitgevoerd, waarbij kosten voor onderhoud en vervanging voor rekening van de gemeente Boxmeer zijn.

Artikel 7. Publiekrechtelijke verplichtingen

  • 1. Partijen bevorderen zoveel mogelijk, met inachtneming van wettelijke procedures en de te betrachten zorgvuldigheid jegens derden, dat de procedures tot het nemen van publiekrechtelijke besluiten met voortvarendheid worden doorlopen.

  • 2. Indien de in het eerste lid bedoelde procedures ertoe leiden dat uitvoering van de bestuursovereenkomst niet of althans niet op de door partijen bij het aangaan ervan voorgestane wijze kan worden uitgevoerd, bezien partijen of de bestuursovereenkomst wijziging of (gedeeltelijke) beëindiging behoeft. Artikel 9 wordt hierbij in acht genomen.

Artikel 8. Onvoorziene omstandigheden

  • 1. Partijen treden met elkaar in overleg indien zich onvoorziene omstandigheden voordoen, die van dien aard zijn dat naar de maatstaven van redelijkheid en billijkheid ongewijzigde instandhouding van deze bestuursovereenkomst niet kan worden verwacht.

  • 2. Het overleg vindt plaats binnen vier weken nadat een partij daartoe mededeling heeft gedaan aan de andere partij. Partijen bezien in goed overleg of deze bestuursovereenkomst wijziging of (gedeeltelijke) beëindiging behoeft.

Artikel 9. Wijziging

  • 1. Elke partij kan de andere partij schriftelijk verzoeken de bestuursovereenkomst te wijzigen of (gedeeltelijk) te beëindigen. De wijziging behoeft de instemming van beide partijen.

  • 2. Partijen treden in overleg binnen vier weken nadat een partij de wens daartoe aan de andere partij schriftelijk heeft meegedeeld.

  • 3. De wijziging en de verklaring tot instemming worden als bijlage aan de bestuursovereenkomst gehecht. De wijzing van de Bestuursovereenkomst wordt gepubliceerd in de Staatscourant.

Artikel 10. Geschillen

  • 1. Deze bestuursovereenkomst is in rechte afdwingbaar.

  • 2. Er is sprake van een geschil indien een van de partijen daarvan schriftelijk en gemotiveerd melding maakt aan de andere partij, waarna partijen binnen twintig werkdagen na een zodanige melding eerst met elkaar in overleg treden om te bezien of in der minne een oplossing van het geschil kan worden gevonden.

  • 3. Indien binnen twee maanden na melding van het geschil, bedoeld in het eerste lid, tussen partijen geen overeenstemming is bereikt, staat het ieder van de partijen vrij het geschil voor te leggen aan de bevoegde rechter te Den Haag.

SLOTBEPALINGEN

Artikel 11. Inwerkingtreding en looptijd

  • 1. Deze bestuursovereenkomst treedt in werking met ingang van de dag na ondertekening door alle partijen en eindigt als de ter uitvoering van deze bestuursovereenkomst te realiseren infrastructuur in dienst is gesteld en de financiële afronding gereed is.

  • 2. Rechtsgevolgen die voortvloeien uit deze bestuursovereenkomst en die naar hun aard geacht worden door te werken of eventueel ontstaan na de beëindiging van deze bestuursovereenkomst, worden afgehandeld in overeenstemming met deze bestuursovereenkomst.

Artikel 12. Toepasselijk recht

Op deze bestuursovereenkomst is uitsluitend Nederlands recht van toepassing.

Artikel 13. Publicatie in de Staatscourant

Binnen tien werkdagen na ondertekening van deze bestuursovereenkomst wordt de tekst daarvan door het Rijk gepubliceerd in de Staatscourant.

Aldus overeengekomen en in tweevoud ondertekend,Den Haag, 00 MAAND 2021

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, namens deze, de directeur-generaal Mobiliteit, C. van der Burg

De gemeente Boxmeer, namens deze, de burgemeester, K.W.T van Soest


X Noot
1

Brief aan de Tweede Kamer van 24 juni 2013; Kamerstukken II 2012/13, 29 893, nr. 148.

X Noot
2

LVO Boxmeer – overweg Sint Anthonisweg/Spoorstraat Rapportage WP2A/B Integrale Probleemanalyse, 13 februari 2018, Area dis Nederland B.V.

X Noot
3

LVO Boxmeer St. Anthonisweg – Uitwerking Fietsstraat- 079978685 D d.d. 13 juni 2019, Arcadis Nederland B.V.

X Noot
4

Adviesnota LVO verlengen spoor Boxmeer E74-FBE-KA-1900382_LVO d.d. 7 juni 2019, Movares adviseurs & ingenieurs

Naar boven