Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Mondriaan FondsStaatscourant 2021, 19492Besluiten van algemene strekking

Compensatieregeling Coronacrisis Musea met een private collectie

Het bestuur van het Mondriaan Fonds,

Gelet op artikel 10 lid 4 van de Wet op het specifiek cultuurbeleid;

Besluit:

Artikel 1. Definities

In de regeling wordt verstaan onder:

1. het fonds:

het Mondriaan Fonds,

2. het bestuur:

de directeur-bestuurder van het fonds,

3. eigen inkomsten:

de volgende baten, welke terug te vinden zijn in de goedgekeurde jaarrekening aan de batenkant van de exploitatierekening:

  • a. publieksinkomsten; en

  • b. overige inkomsten, zijnde:

    • 1. directe opbrengsten in de vorm van sponsorinkomsten en overige inkomsten;

    • 2. indirecte opbrengsten; en

    • 3. overige bijdragen.

    Onder eigen inkomsten worden in elk geval niet begrepen de volgende baten:

    • a. subsidies die zijn verstrekt door een bestuursorgaan;

    • b. overige bijdragen uit publieke middelen;

    • c. rentebaten;

    • d. bijdragen in natura;

    • e. kapitalisatie van vrijwilligers;

    • f. waardering vrijkaarten; en

    • g. overige baten die geen relatie hebben met cultureel ondernemerschap.

4. museum met een private collectie:

een publiekstoegankelijke instelling met een overwegend private collectie.

Artikel 2. Doel

Het fonds kan subsidie verstrekken in de vorm van een bijdrage aan musea met een private collectie die van vitaal belang zijn voor de lokale culturele infrastructuur en die liquiditeitsproblemen hebben of verwachten te krijgen, om deze musea zo veel mogelijk in stand te houden.

Artikel 3. Doelgroep

De bijdrage kan worden aangevraagd door een in Nederland gevestigd museum dat:

  • a. als kernactiviteit het beheer en behoud van een private collectie van cultureel erfgoed van regionaal en/of nationaal belang heeft; en

  • b. in de jaren 2018 en 2019 gemiddeld 20.000 of meer betalende bezoekers trok; en

  • c. bij het afstoten het bepaalde in de Erfgoedwet en de Leidraad voor het Afstoten van Museale Objecten (LAMO) volgt en waar mogelijk het waardestellend kader van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; en

  • d. in het bezit is van de ANBI-status.

Artikel 4. Voorwaarden

  • 1. Voor subsidie komen uitsluitend musea met een private collectie in aanmerking die

    • a. liquiditeitsproblemen hebben of verwachten te krijgen als gevolg van de maatregelen ter bestrijding van COVID-19; en

    • b. voor zover mogelijk gebruik hebben gemaakt van de generieke compensatiemaatregelen van de rijksoverheid alsmede van door andere overheden getroffen coulancemaatregelen.

  • 2. Subsidie wordt uitsluitend verstrekt voor zover:

    • a. de door de instelling verworven eigen inkomsten over het jaar 2019, blijkend uit de goedgekeurde jaarrekening die betrekking heeft op dat jaar ten minste 15 procent bedragen van de totale baten van die instelling; en

    • b. de publieksactiviteiten van de instelling in 2020 zijn, en in de eerste helft van 2021 naar verwachting zullen worden belemmerd als gevolg van COVID-19-maatregelen.

  • 3. Indien de uitkomst van de berekening, bedoeld in tweede lid onderdeel a van dit artikel niet een geheel getal is, wordt dat getal naar beneden afgerond indien het eerste cijfer achter de komma een 4 of lager is, en naar boven afgerond indien dat cijfer een 5 of hoger is.

  • 4. Het Mondriaan Fonds kan bij het vaststellen van het percentage eigen inkomsten bepaalde eigen inkomsten buiten beschouwing laten, indien deze door de instelling in de jaarrekening zijn verantwoord op een wijze die tot oneigenlijk gebruik van deze regeling zou leiden.

  • 5. Geen subsidie wordt verstrekt aan aanvragers aan wie reeds een bijdrage is toegekend op grond van de Compensatieregeling Coronacrisis Musea meer dan 100.000 bezoekers.

  • 6. Geen subsidie wordt verstrekt als de aanvrager een instellingssubsidie van het Rijk ontvangt.

Artikel 5. De aanvraag

  • 1. Een aanvraag wordt ingediend met behulp van een door het bestuur opgesteld aanvraagformulier.

  • 2. Een aanvraag wordt alleen in behandeling genomen als het volledig ingevulde aanvraagformulier tijdig is ontvangen door het Mondriaan Fonds en vergezeld gaat van de vereiste bijlagen.

  • 3. De aanvraag dient in ieder geval voorzien te zijn van:

    • a. een kenschets van het museum met een omschrijving van de samenstelling van de collectie met indien van toepassing een onderscheid tussen publieke en private collectie en de activiteiten van de instelling in de afgelopen drie jaar, inclusief doelstellingen, doelgroepen, functie in de regio, samenwerkingen en publieksbereik; en

    • b. bewijsstukken van het aantal betalende bezoekers in 2018 en 2019; en

    • c. een overzicht van de eigen inkomsten in 2019; en

    • d. een indicatie van gemiste en te missen inkomsten van het museum ten gevolge van de COVID-19-maatregelen van het kabinet en indien van toepassing een overzicht van het gebruik door het museum van de generieke maatregelen en de coulancemaatregelen van OCW en de andere overheden; en

    • e. door een accountant goedgekeurde jaarrekeningen van de jaren 2018 en 2019; en

    • f. een door het bestuur ondertekende verklaring dat het museum bij het afstoten het bepaalde in de Erfgoedwet en de Leidraad voor het Afstoten van Museale Objecten (LAMO) volgt en waar mogelijk het waardestellend kader van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

  • 4. Het bestuur behandelt de aanvragen in één ronde. De bijbehorende start- en sluitingsdatum worden op de website bekend gemaakt.

  • 5. Een aanvraag die niet voldoet aan het bepaalde in deze regeling wordt afgewezen.

  • 6. De aanvraag wordt digitaal ingediend.

Artikel 6. Beoordeling

  • 1. Indien met het aantal ingediende aanvragen het subsidieplafond als bedoeld in artikel 8 niet wordt overschreden, wordt de aanvraag door het bestuur beoordeeld.

  • 2. Indien met het aantal ingediende aanvragen het subsidieplafond zoals bedoeld in artikel 9 wordt overschreden of als het bestuur twijfelt, wordt de aanvraag voorgelegd aan de adviescommissie.

  • 3. Aanvragen zoals bedoeld in het tweede lid van dit artikel worden voorgelegd aan een adviescommissie, mits zij voldoen aan de vereisten om voor subsidie in aanmerking te komen.

  • 4. Bij de beoordeling van een aanvraag voor een museum met een private collectie geeft de adviescommissie een oordeel over het belang van het museum. Daarbij weegt zij de onderstaande aspecten in onderlinge samenhang:

    • het belang en de kwaliteit van de private collectie,

    • het belang en de kwaliteit van het tentoonstellingsbeleid,

    • het belang en de reputatie van de aanvragende instelling,

    • de lokale en regionale inbedding.

    De adviescommissie weegt de geografische spreiding evenals diversiteit van de materiële en immateriële collecties van de totale groep te honoreren musea in haar oordeel mee.

  • 5. Indien de adviescommissie de in het vierde lid van dit artikel bedoelde aspecten niet van voldoende belang acht, brengt zij een negatief advies uit over de aanvraag.

  • 6. Indien de adviescommissie de in het vierde lid van dit artikel bedoelde aspecten van voldoende belang acht, brengt zij een positief advies uit over de aanvraag.

Artikel 7. Hoogte subsidiebedrag

  • 1. De subsidie bedraagt 22,3 procent van de gemiddeld over de jaren 2018 en 2019 verworven eigen inkomsten van de instelling, blijkend uit de jaarrekeningen die betrekking hebben op die jaren.

  • 2. De subsidie bedraagt niet meer dan 1.000.000 euro.

Artikel 8. Subsidieplafond

Het subsidieplafond bedraagt 7.500.000 euro.

Artikel 9. Besluit

  • 1. Het bestuur besluit gelijktijdig op alle aanvragen op basis van deze regeling en de Compensatieregeling Coronacrisis Kunsthallen.

  • 2. Het bestuur verdeelt de beschikbare subsidies volgens de beoordelingsprocedure als bedoeld in artikel 6 en de rekenregel zoals bedoeld in artikel 7.

  • 3. Indien het subsidieplafond door toepassing van het bepaalde in artikel 6 en artikel 7 zou worden overschreden, worden de te verlenen subsidiebedragen naar rato verlaagd tot het niveau waarbinnen het totaal beschikbare bedrag volledig kan worden benut.

  • 4. Indien het subsidieplafond van deze regeling niet wordt bereikt, kan het restant worden toegevoegd aan het budget van de Compensatieregeling Coronacrisis Kunsthallen.

  • 5. Indien het subsidieplafond van deze regeling of het subsidieplafond zoals bedoeld in artikel 8 van de Compensatieregeling Coronacrisis Kunsthallen niet wordt bereikt, kan het bestuur in afwijking van de van toepassing zijnde voorschriften over de hoogte van het subsidiebedrag besluiten de op basis van deze regeling en de op basis van de Compensatieregeling Coronacrisis Kunsthallen te verlenen subsidiebedragen naar rato te verhogen, met dien verstande dat de subsidie niet meer dan 1.000.000 euro bedraagt.

  • 6. Op een volledige aanvraag wordt zo spoedig mogelijk maar maximaal binnen tweeëntwintig weken na de in artikel 5, vierde lid bedoelde sluitingsdatum beslist door het bestuur. Het bestuur deelt de beslissing binnen vijf werkdagen na het besluit schriftelijk mee aan de aanvrager.

Artikel 10. Hardheidsclausule

Het bestuur kan, gelet op het belang dat deze regeling beoogt te beschermen, artikelen of onderdelen daarvan buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover strikte toepassing leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 11. Overig

In alle gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslist het bestuur.

Artikel 12. Inwerkingtreding

  • 1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

  • 2. Indien de Staatscourant waarin deze regeling wordt geplaatst wordt uitgegeven na 10 april 2021, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt zij terug tot en met 10 april 2021.

Artikel 13. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Compensatieregeling Coronacrisis Musea met een private collectie.

Deze regeling zal na goedkeuring door de Minister van Onderwijs Cultuur en Wetenschap in de Staatscourant worden geplaatst.

De stichting Mondriaan Fonds, E. van der Lingen directeur-bestuurder

TOELICHTING BIJ COMPENSATIEREGELING CORONACRISIS MUSEA MET EEN PRIVATE COLLECTIE

Inleiding

Deze regeling maakt onderdeel uit van het Tweede Steunpakket dat het kabinet ter beschikking heeft gesteld. Naast de verlenging van de generieke maatregelen voor de eerste helft van 2021 heeft het kabinet besloten tot een aanvullend steunpakket voor de culturele en creatieve sector.

Ook musea met een overwegend private collectie die geen gebruik hebben kunnen maken van het eerste steunpakket kunnen worden beschouw als vitale onderdelen van de cultuursector en hebben veel schade geleden door de Corona maatregelen.

Bij het opstellen van de regeling en de toelichting is zoveel als mogelijk aangesloten bij de Compensatieregeling Coronacrisis Musea meer dan honderdduizend bezoekers, de Compensatieregeling Coronacrisis Musea 40.000–100.000, en de Compensatieregeling Coronacrisis Musea 7.500 en meer bezoekers en de toelichtingen daarop. Het Algemeen Reglement van het Mondriaan Fonds is van toepassing op deze regeling, onder andere de bepalingen over de bezwaarprocedure.

Voor wie

Deze compensatieregeling is bedoeld voor musea met een private collectie die in 2018 en 2019 gemiddeld meer dan 20.000 betalende bezoekers trokken en die financiële problemen hebben als gevolg van de maatregelen tegen de verspreiding van COVID-19. Doel is tegemoet te komen aan de gederfde inkomsten, omdat het vanaf 15 maart 2020 niet meer mogelijk was het beoogde aantal betalende bezoekers te ontvangen.

Voorwaarden

In artikel 4 zijn de voorwaarden opgenomen waaraan een museum moet voldoen om voor een bijdrage in aanmerking te komen. Naarmate een museum minder afhankelijk is van eigen inkomsten, zal het naar verwachting ook minder hard worden geraakt door de COVID-19-crisis. Daarom is er in het kader van deze regeling voor gekozen te werken met een minimum aan eigen inkomsten dat een instelling in 2019 onder normale omstandigheden zou hebben behaald: het aandeel in de totale baten van de instelling moet in 2019 ten minste 15 procent zijn geweest. De gedachte is dat een instelling die onder dat percentage zit, de in dat geval relatief beperkte terugval in eigen inkomsten zelf zal kunnen dekken.

Uitgesloten zijn musea die een toekenning hebben gekregen op basis van de Compensatieregeling Coronacrisis Musea meer dan 100.000 bezoekers. Die was immers bedoeld voor musea met een publieke collectie.

Procedure

De bijdrage wordt op aanvraag verstrekt. Indiening kan gedurende een beperkte periode die begint op de door het bestuur vastgestelde datum.

Alle aanvragen die op tijd zijn ingediend, compleet zijn (zie voor de bijlagen die moeten worden ingediend artikel vijf van de regeling) en aan alle voorwaarden voldoen worden in behandeling genomen.

Als het aangevraagde bedrag van het totaal aantal aanvragen het subsidieplafond niet overschrijdt, worden de aanvragen door het bestuur beoordeeld.

Als de bestuurder twijfelt of als het subsidieplafond wel wordt overschreden, wordt de aanvraag aan een adviescommissie voorgelegd. Deze beoordeelt de aanvragen aan de hand van de in het vierde lid van artikel 6 bedoelde aspecten.

Hoogte bijdrage

Bij de bepaling van de hoogte van de bijdrage wordt de systematiek van de rekenregel conform de Regeling aanvullende ondersteuning culturele en creatieve sector COVID-19 gehanteerd. In totaal is 7.500.000 euro beschikbaar.

De budgetten van deze regeling en de Compensatieregeling Coronacrisis Kunsthallen zijn communicerende vaten. Is er een tekort bij de ene Regeling en een overschot bij de andere, wordt het budget overgeheveld.

Als het subsidieplafond door het toepassen van de rekenregel wordt overschreden, worden de te verlenen subsidiebedragen naar rato verlaagd tot het niveau waarbinnen het totaal beschikbare bedrag volledig kan worden benut.

Mocht na toepassing van de rekenregel budget in één of beide regelingen overblijven, dan kan het bestuur besluiten de te verlenen subsidies op basis van deze regeling en van de Compensatieregeling Coronacrisis Kunsthallen met een private collectie naar rato te verhogen.