Overwegende:
dat de Nassaulaan gelegen is binnen de bebouwde kom van Haarlem;
dat de Nassaulaan in beheer is bij de gemeente Haarlem;
dat de Nassaulaan een weg is als bedoeld in artikel 18, lid 1 onder d van de WVW 1994;
dat gelet op dit artikel het college van burgemeester en wethouders van Haarlem bevoegd is verkeersbesluiten te nemen voor deze weg;
dat de bevoegdheid voor het nemen van verkeersbesluiten door het college van burgemeester en wethouders van Haarlem is gemandateerd aan het afdelingshoofd Beheer en Beleid Openbare Ruimte;
dat in het verleden een besluit is genomen omtrent het aanduiden van een gereserveerde parkeerplaats voor de doelgroep arts op de Nassaulaan, ter hoogte van no. 54;
dat voor die doelgroep het bord model E8 van het RVV 1990 is geplaatst met daarop de tekst ‘arts’;
dat in het kader van het Strategisch Plan Afvalscheiding (SPA) bovengrondse inzamelcontainers worden geplaatst op het parkeervak van de Nassaulaan ter hoogte van no. 54;
dat om die reden de bestaande gereserveerde artsenparkeerplaats op dat parkeervak moet worden opgeheven;
dat de gereserveerde artsenparkeerplaats kan worden opgeheven door middel van het verwijderen van het verkeersbord E8 van bijlage 1 van het RVV 1990, met daarop de tekst ’arts’;
dat de gemeente Haarlem onderzoek heeft uitgevoerd naar het instellen van een voor artsen gereserveerde parkeerplaats in de directe nabijheid van de te verwijderen locatie;
dat het aanwijzen van een alternatieve locatie voor een artsenparkeerplaats in de directe nabijheid tot de mogelijkheden behoort;
dat vanwege het specifieke gebruik van een dergelijke parkeerplaats het gewenst is zo’n parkeerplaats te reserveren voor vergunninghouders op grond van de parkeerverordening;
dat gelet op artikel 12 van het BABW voor het verwijderen van het verkeersbord E8 van bijlage 1 van het RVV 1990 met daarop de tekst ‘arts’, een verkeersbesluit is vereist;
dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 deze verkeersmaatregel -het verwijderen van bord E8 van de bijlage 1 van het RVV 1990, met onderborden- strekt tot het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;
dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 deze verkeersmaatregel voorts strekt tot het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet milieubeheer;
dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer in het geding komt bij het treffen van deze verkeersmaatregel;
dat gelet op voorgaande overwegingen het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer van ondergeschikt belang wordt geacht;
dat gelet op artikel 24 van het BABW overleg is gevoerd met de gemandateerde van de politie;
dat de politie heeft ingestemd met de hierna genoemde verkeersmaatregelen, mits voldaan wordt aan het gestelde in het BABW en de daarbij behorende uitvoeringsvoorschriften.