Instelling tijdelijk gebied met beperkingen (TGB) Deelen, tevens ontheffing minimum VFR-vlieghoogte

18 maart 2021

Kenmerk: BS 2021006251

Nr: MLA/061/2021

De Minister van Defensie,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Infrastructuur en Waterstaat;

Gelezen het verzoek van de commandant van de 11e Luchtmobiele Brigade van 23 januari 2021;

Gelet op de artikelen 2, tweede lid, 9 en 19, derde lid, van het Besluit luchtverkeer 2014;

Besluit:

Artikel 1

  • 1. Ten behoeve van de commando-overdracht van de 11e Luchtmobiele Brigade wordt, ter bescherming van burger- en militair luchtverkeer, het tijdelijke gebied met beperkingen (TGB) Deelen ingesteld, begrensd door de volgende coördinaten en hoogten:

    TGB Deelen

    een cirkel met een straal van zesenhalve (6,5) nautische mijlen met als middelpunt 52°03'35.02"N 005°52'18.97"E, van grondniveau tot 3.000 voet AMSL. Uitgezonderd van het TGB zijn de EHR 9 (Harskamp) en EHR 61 (Arnhemse Heide) (zie figuur);

  • 2. Het TGB Deelen, genoemd in het eerste lid, wordt ingesteld op woensdag 2 juni 2021 van 13:00 uur tot 16:30 uur lokale tijd.

    Figuur: TGB Deelen

    Figuur: TGB Deelen

Artikel 2

Voor het gebruik van het TGB Deelen gelden de volgende regels:

  • a. het uitvoeren van andere vluchten dan de bij de commando overdracht betrokken vluchten in het TGB is niet toegestaan, met uitzondering van gecoördineerde HEMS- en SAR-vluchten en vluchten van de Landelijke Eenheid, Dienst Infrastructuur, afdeling Luchtvaart en overige gecoördineerde vluchten door luchtvaartuigen die vooraf toestemming hebben verkregen van de plaatselijke luchtverkeersleiding van Deelen hetzij van het MilATCC Schiphol;

  • b. de aan de commando-overdracht deelnemende gezagvoerders en gezagvoerders van vluchten als genoemd in onderdeel a dienen radiocontact te hebben met de plaatselijke luchtverkeersleiding van Deelen hetzij het MilATCC Schiphol voor het binnenvliegen van het TGB en dienen te voldoen aan de voorwaarden, gesteld door de plaatselijke luchtverkeersleiding van Deelen hetzij het MilATCC Schiphol;

  • c. tijdens het vliegen binnen het TGB dienen de aan de commando overdracht deelnemende gezagvoerders gebruik te maken van een SSR-transponder met mode S of modes A en C;

  • d. de daadwerkelijke activering en de-activering van het TGB zal vooraf worden gemeld aan de supervisor van het MilATCC Schiphol; de daadwerkelijke activering en de-activering van het TGB wordt tevens gecoördineerd met het Operationeel Coördinatie Centrum Defensie Helikopter Commando (OCC DHC);

  • e. de zweefvliegclub Terlet wordt binnen het TGB Deelen in de gelegenheid gesteld om, na coördinatie met de uitvoerder en het Operationeel Coördinatie Centrum Defensie Helikopter Commando (OCC DHC), gebruik te maken van zweefvliegsectoren; hiervoor dienen werkafspraken te worden vastgelegd tussen de genoemde partijen.

Artikel 3

Voor deelnemende militaire transportvliegtuigen en helikopters wordt binnen de in artikel 1, tweede lid, genoemde laterale begrenzingen van het TGB, ontheffing verleend van het verbod, genoemd in paragraaf SERA.5005, onderdeel (f), van verordening (EU) nr. 923/2012 om een VFR-vlucht uit te voeren beneden de minimum VFR-vlieghoogte onder de volgende voorschriften en beperkingen:

  • a. de toegestane minimum VFR-vlieghoogte binnen de daglichtperiode bedraag 100 voet AMSL voor helikopters en 600 voet AMSL voor militaire transportvliegtuigen, of incidenteel zoveel lager als in verband met de opdracht noodzakelijk is.

  • b. binnen het TGB Deelen gelden voorts de volgende regels:

    • 1°. laagvliegen is alleen toegestaan voor luchtvaartuigen die deelnemen aan de commando-overdracht;

    • 2°. met betrekking tot het vliegzicht en de wolkenbasis gelden de eisen voor VFR-vluchten;

    • 3°. tijdens de vlucht worden gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder begrepen, dan wel mensenverzamelingen zoveel mogelijk vermeden;

    • 4°. het overvliegen van bebouwing, met name ziekenhuizen en sanatoria, wordt zoveel mogelijk vermeden;

    • 5°. de ontheffing van de minimum VFR-vlieghoogte geldt alleen voor die delen van de vlucht die voor het doel van de vlucht noodzakelijk zijn;

    • 6°. aanvliegroutes en -hoogten worden zodanig gekozen dat geluidhinder zoveel mogelijk wordt voorkomen.

Artikel 4

Voor het gebruik van het TGB Deelen door RPAS gelden de volgende regels:

  • a. gedurende de uitvoering van de vluchten met het RPAS dient te allen tijde contact mogelijk te zijn tussen de uitvoerende eenheid en de plaatselijke luchtverkeersleiding van Deelen hetzij het MilATCC Schiphol;

  • b. het uitvoeren van de vluchten met het RPAS boven aaneengesloten bebouwing en mensenverzamelingen wordt vermeden, tenzij dit voor het doel van de vlucht noodzakelijk is;

  • c. tijdens de uitvoering van de vluchten met het RPAS worden de in het Operations Manual en Permit to Fly opgenomen beperkingen in acht genomen;

  • d. voor aanvang van de vluchten met het RPAS stelt de vluchtuitvoerder zich op de hoogte met betrekking tot plaatsen die geschikt zijn voor het uitvoeren van een noodlanding;

  • e. de vliegroute en vlieghoogte worden zodanig gekozen dat in geval van een noodlanding het risico voor derden zoveel mogelijk wordt beperkt;

  • f. de maximale vlieghoogte binnen het TGB bedraagt 2.000 voet AMSL.

Artikel 5

Handelen in strijd met artikel 2, onderdeel a, van deze beschikking levert een strafbaar feit op ingevolge artikel 33 van het Besluit luchtverkeer 2014.

Artikel 6

Deze beschikking treedt in werking met ingang van woensdag 2 juni 2021 en vervalt met ingang van donderdag 3 juni 2021.

Deze beschikking zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en zal tevens bekend worden gemaakt door middel van een NOTAM.

De Minister van Defensie, voor deze, De Directeur Militaire Luchtvaart Autoriteit, J.P. Apon Commodore

Tegen deze beschikking kunnen belanghebbenden op grond van de Algemene wet bestuursrecht binnen 6 weken na de dag waarop deze beschikking is bekendgemaakt, een bezwaarschrift indienen. Dit bezwaarschrift kan digitaal of schriftelijk worden ingediend. Het digitale bezwaarschrift dient te worden ingediend via www.defensie.nl/bezwaarJDV. Het schriftelijke bezwaarschrift dient te worden gericht aan de Minister van Defensie, DienstenCentrum Juridische Dienstverlening, ter attentie van de Commissie advisering bezwaarschriften Defensie, MPC 55A, Postbus 90004, 3509 AA Utrecht. Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en moet ten minste bevatten: de naam en het adres van de indiener; de dagtekening; een omschrijving van de beschikking waartegen het bezwaar is gericht en de gronden van het bezwaar. Indien onverwijlde spoed dat vereist, is het mogelijk een voorlopige voorziening te vragen bij de president van de rechtbank die bevoegd is. In dat geval is griffierecht verschuldigd. Voorwaarde is dat een bezwaarschrift is ingediend.

TOELICHTING

Op 2 juni 2021 vindt de commando-overdracht plaats van de commandant van de 11de Luchtmobiele Brigade. Bij deze commando-overdracht zijn diverse vliegende eenheden betrokken. Om de overdracht veilig te laten verlopen is het noodzakelijk dat het betrokken luchtruim tijdelijk wordt gesloten. Derhalve worden met deze beschikking op grond van artikel 9 van het Besluit luchtverkeer 2014 het tijdelijk gebied met beperkingen (TGB) Deelen ingesteld.

Binnen het TGB is op grond van artikel 19, derde lid, van het Besluit luchtverkeer 2014 aan de gezagvoerders van de militaire transportvliegtuigen en helikopters ontheffing verleend van het verbod, genoemd in paragraaf SERA.5005, onderdeel (f), van verordening (EU) nr. 923/2012 om een VFR-vlucht uit te voeren beneden de minimum VFR-vlieghoogte. De ontheffing van de minimum VFR-vlieghoogte geldt alleen voor die delen van de vlucht die voor het doel van de vlucht, dus in het kader van de uitvoering van de commando-overdracht, noodzakelijk zijn. Dit betekent dat niet continu laag wordt gevlogen.

Luchtvaartuigen in gebruik bij de Landelijke Eenheid, Dienst Infrastructuur, afdeling Luchtvaart, en luchtvaartuigen ten behoeve van HEMS- en SAR-vluchten mogen het tijdelijk gebied met beperkingen binnenvliegen na toestemming van de plaatselijke luchtverkeersleiding Deelen hetzij van het MilATCC Schiphol. Dit geldt ook voor, door tussenkomst van het MilATCC Schiphol, gecoördineerde vluchten. De zweefvliegclub van Terlet wordt in de gelegenheid gesteld om in samenspraak met het onderdeel Coördinatie centrum (OCC) van het Defensie Helikopter Commando (DHC) gebruik te maken van zweefvliegsectoren. Afspraken hieromtrent dienen te worden vastgelegd in werkafspraken tussen de genoemde partijen.

Naar boven