Verlenen opsporingsvergunning aardwarmte Brakel-Zuidoost, Ministerie van Economische Zaken en Klimaat

Besluit 12-3-2021

DGKE-WO / V-38

Procesverloop:

  • Visser & Smit Hanab B.V. en ENGIE Energy Solutions B.V. (hierna: V&SH en ENGIE) hebben per bericht van 13 september 2019 en aangevuld op 4 oktober 2019 een aanvraag ingediend voor een opsporingsvergunning voor aardwarmte, ingevolge artikel 6 van de Mijnbouwwet (hierna: Mbw). V&SH is de beoogde uitvoerder overeenkomstig artikel 22, lid 5, Mbw. Het aangevraagde gebied genaamd Brakel-Zuidoost, ligt in de provincies Gelderland en Noord-Brabant, in de gemeenten West Betuwe en Zaltbommel (Gelderland) en Altena (Noord-Brabant). De oppervlakte van het aangevraagde gebied bedraagt 12,50 km2. Deze aanvraag is deels concurrerend ingediend op de reeds aangevraagde opsporingsvergunning voor aardwarmte Bommelerwaard 2, ingediend door Hydreco GeoMEC B.V.

    De aangevraagde geldigheidsduur van de vergunning is vijf jaar;

  • in de Staatscourant van 6 november 2019 (Staatscourant 2019, nr. 60136), is een uitnodiging geplaatst voor het indienen van concurrerende aanvragen op het gedeelte van de aanvraag dat niet met Bommelerwaard 2 concurreert. Binnen de termijn van dertien weken vanaf de publicatie in de Staatscourant is geen concurrerende aanvraag ontvangen op het aangevraagde gebied Brakel-Zuidoost;

  • per bericht van 5 februari 2020 en aangevuld op 14 februari 2020 is de aanvraag opsporingsvergunning voor aardwarmte Brakel-Zuidoost zodanig gewijzigd, dat deze niet meer concurreert met de aanvraag opsporingsvergunning voor aardwarmte Bommelerwaard 2. De oppervlakte van het aangevraagde gebied na wijziging is 27,21 km2;

  • TNO-AGE (hierna: TNO) heeft op verzoek van de Minister van Economische Zaken en Klimaat (hierna: Minister van EZK) op 3 augustus 2020 advies uitgebracht (kenmerk: AGE 20-10.074);

  • Staatstoezicht op de mijnen (hierna: Sodm) heeft op verzoek van de Minister van EZK op 9 april 2020 advies uitgebracht (kenmerk: 20067576-ADV-409);

  • het College van gedeputeerde staten van de provincie Gelderland (hierna: GS Gld.) heeft op grond van artikel 16 van de Mbw op 18 maart 2020 advies uitgebracht (kenmerk: 2019-010470);

  • het College van gedeputeerde staten van de provincie Noord-Brabant (hierna: GS N-B) heeft op grond van artikel 16 van de Mbw op 12 mei 2020 advies uitgebracht (kenmerk: C2261383/4671260);

  • de Mijnraad heeft op verzoek van de Minister van EZK per bericht van 17 december 2020 advies uitgebracht (kenmerk: MIJR/20320907).

Gelet op:

de artikelen 6, 7, 9, 11, eerste tot en met vierde lid, eerste volzin, 12, eerste lid, 13, 15, 16, 17, eerste lid en 105, derde lid, van de Mijnbouwwet, alsmede artikel 1.3.1 van de Mijnbouwregeling.

Besluit

Artikel 1

Aan Visser & Smit Hanab B.V. en ENGIE Energy Solutions B.V. (hierna: de vergunninghouder) wordt een opsporingsvergunning voor aardwarmte verleend voor het gebied genaamd Brakel-Zuidoost.

Artikel 2

Visser & Smit Hanab B.V. wordt aangewezen als de persoon die de feitelijke werkzaamheden uitvoert of daartoe opdracht verleent, als bedoeld in artikel 22, lid 5, Mijnbouwwet.

Artikel 3

De vergunning geldt voor het gebied dat ligt in de provincie Gelderland en Noord-Brabant, in de gemeenten West Betuwe en Zaltbommel (Gelderland) en de gemeente Altena (Noord-Brabant) wordt begrensd door de rechte lijnen tussen de punten zoals weergegeven in tabel 1.

Tabel 1:

Punt

X

Y

1

133170,000

419662,000

2

130836,000

423126,000

3

133009,000

424707,000

4

134635,000

427028,000

5

138288,897

426092,863

6

137499,000

425046,000

7

136293,000

423448,000

8

136626,000

422041,000

9

136070,000

421665,000

Bovenstaande coördinaten zijn weergegeven volgens het stelsel van de Rijksdriehoekmeting (RD).

Op basis van deze grensbeschrijving is de oppervlakte van het gebied 27,21 km2.

Artikel 4

De vergunninghouder geeft uitvoering aan het werkplan dat onderdeel uitmaakt van de op 13 september 2019 ingediende aanvraag.

Artikel 5

De vergunninghouder neemt bij de uitvoering van het werkplan de volgende voorwaarden in acht:

  • voor het verstrijken van het tweede jaar na onherroepelijk worden van de vergunning overlegt de vergunninghouder een geactualiseerd werkplan aan de Minister van Economische Zaken en Klimaat;

  • zes maanden voorafgaand aan de uitvoering van fysieke activiteiten overlegt de vergunninghouder aan de Minister van Economische Zaken en Klimaat een geactualiseerde organisatiestructuur en -invulling, conform de dan geldende technische standaarden, welke aan de inspecteur-generaal der mijnen wordt voorgelegd.

Artikel 6

De vergunning geldt vanaf het tijdstip waarop zij in werking is getreden tot drie jaar na het tijdstip waarop zij onherroepelijk is geworden.

De vergunning treedt in werking met ingang van de dag na die waarop de beschikking is bekendgemaakt.

Deze beschikking wordt bekendgemaakt door toezending aan de aanvrager. Van deze beschikking wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, namens deze: J.L. Rosch MT-lid directie Warmte en Ondergrond

Tegen dit besluit kan degene, wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken, binnen 6 weken na de dag waarop dit besluit is verzonden, een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij de Minister van Economische Zaken en Klimaat, directie Wetgeving en Juridische Zaken, Postbus 20401, 2500 EK Den Haag. Dit besluit is verzonden op de in de aanhef vermelde datum.

Naar boven