Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
Noord-HollandStaatscourant 2020, 9414Verkeersbesluiten



Provincie Noord-Holland - verkeersbesluit - plaatsing en verwijdering van diverse borden - N246, gemeente Zaanstad

Logo Noord-Holland

Verkeersbesluit van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland van 4 februari 2020, nr. 1364488/1364495, tot plaatsing en verwijdering van diverse borden, van bijlage I van het RVV 1990, op de N246, in de gemeente Zaanstad. 

Aanleiding

De provincie Noord-Holland verricht werkzaamheden op de N246 tussen het kruispunt met de N203 de N244. In dat traject vervangt zij twee bruggen, de Prinses Amaliabrug (voormalig Beatrixbrug) en de Kogerpolderbrug en worden er diverse andere maatregelen genomen. Deze maatregelen verbeteren de verkeersdoorstroming en de verkeersveiligheid op deze weg en de bereikbaarheid van de regio. Als gevolg van deze maatregelen dienen diverse verkeersborden te worden geplaatst en te verwijderd. Hiervoor is een verkeersbesluit nodig. 

Maatregelen en motivering 

  • -

    Kruispunt N246/Noorddijk (Westknollendam)

    • o

      Verplaatsen van de brom- fietsoversteek naar de zuidzijde van het kruispunt Noorddijkweg-N246. Op deze kruising is de oversteekplaats voor (brom)fietsers verplaatst van de noordzijde naar de zuidzijde van de kruising. De reden daarvan is dat in de nieuwe situatie de oversteeklengte aan de zuidzijde voor (brom)fietsers korter is dan aan de noordzijde. Een kortere oversteek komt de veiligheid van het (brom)fietsverkeer en de doorstroming van het gemotoriseerde verkeer op de N246 ten goede. De N246 krijgt ter hoogte van de oversteek een verhoogde rijbaanscheiding. Indien nodig kunnen (brom)fietsers en voetgangers dan in twee etappes oversteken.

      Aan de westzijde sluit de (brom)fietsoversteek aan op het bestaande (brom)fietspad langs de N246. Aan de oostzijde is de oversteek via een brug over de langs de N246 gelegen vaart aangesloten op de parallel aan de Noorddijk gelegen Vrijheidsweg. Op ongeveer 150 m ten oosten van de kruising is er voor (brom)fietsers een (brug)verbinding tussen de Vrijheidsweg en de Noorddijk.

      Om de bestemming van het nieuwe fietspad aan de zuidzijde voor (brom)fietsers duidelijk te maken zullen borden G12a (verplicht (brom)fietspad) van bijlage I van het RVV 1990 worden geplaatst. Op de locatie van de verwijderde oversteek zullen deze borden worden verwijderd. 

  • -

    Prinses Amaliabrug (voormalige Beatrixbrug) (Westknollendam)

    • o

      De prinses Amaliabrug is in de plaats gekomen van de Beatrixbrug. De nieuwe brug is veiliger ingericht voor het gemotoriseerde verkeer en voor (brom)fietsers. Met name voor fietsers en bromfietsers is de situatie veiliger geworden omdat aan één zijde van deze brug (westzijde) een vrij liggend en breder (brom)fietspad met een ongelijkvloerse verbinding (tunnel) van en naar de Starnmeerdijk is gerealiseerd. In de oude situatie was het zowel voor (brom)fietsers als het gemotoriseerde verkeer een stuk onveiliger. Fietsers en bromfietsers van en naar de Starnmeerdijk konden de N246 gelijkvloers oversteken. Dat was geen verkeersveilige situatie vanwege het grote massa- en snelheidsverschil tussen overstekende fietsers en het gemotoriseerde verkeer op de N246 (maximumsnelheid is 80 km/h). Verder lag aan weerszijden van de brug een relatief smal en in twee richtingen gebruikt fietspad dat op de brug direct aan de rijbaan grensde. Bij tegemoetkomend verkeer was dit voor met name (brom)fietsers geen veilige situatie.

      Omdat de nieuwe brug aan de westzijde is voorzien van een betere en veiligere (brom)fietsverbinding voor beide richtingen, is bij het ontwerp van de brug geen rekening gehouden met een (brom)fietspad aan de oostzijde. Om de bestemming van de tunnel voor (brom)fietsers duidelijk te maken worden op de naar de tunnel toe leidende paden borden G12a. Voor zover nog aanwezig zullen de borden G12a en G12b waarmee het inmiddels verdwenen (brom)fietspad aan de oostzijde van de brug was aangeduid, worden verwijderd.  

  • -

    Kruispunten Kogerpolder – N246 (De Woude) en Markervaart –N246 (Markenbinnen)

    • o

      Op deze kruispunten wordt een voorsorteerstrook aangebracht voor het verkeer dat vanaf de N246 links slaat. Als gevolg hiervan moet het fietspad meer dan 10 m worden uitgebogen. Omdat het fietspad verder weg ligt van de rijbaan van de N246 maakt het fietspad voor afslaande bestuurders geen logisch onderdeel meer uit van de voorrangswegstatus van de N246. In die situatie is het veiliger om (brom)fietsers voorrang te laten verlenen aan het verkeer op de Kogerpolder en Markervaart.

      Deze voorrangssituatie zal worden aangeduid met borden B6 op het fietspad. 

  • -

    Rotonde bij aansluiting Starnmeerdijk – N246 en toegangsweg/parallelweg tussen Middelweg en Kogerpolder. (De Woude)

    • o

      Aan de oostzijde van de N246 wordt een parallelweg aangelegd tussen de Middelweg en de Kogerpolder. Ter hoogte van De Woude krijg deze parallelweg en de Starnmeerdijk met een rotonde een aansluiting op de N246. Deze rotonde wordt aangelegd volgens de landelijke richtlijn. De rotonde bevindt zich buiten de bebouwde kom daarom dienen bestuurders op het (brom)fietspad voorrang te verlenen aan het overige verkeer op de rijbaan.

      Om de verkeersafwikkeling bij de rotonde vlot en veilig te laten verlopen zullen diverse verkeerstekens moeten worden verwijderd en geplaatst. Concreet gaat het om borden D1 (aanduiding rotonde met verplichte rijrichting), D2 (verplichting om verkeersheuvel aan de rechterzijde te passeren, B1 (voorrangsweg), B6 (geef voorrang) en G12a (verplicht pad voor fietsers en bromfietsers).

 Noodzaak en doelstelling verkeersbesluit

Op grond van artikel 15, lid 1 van de Wegenverkeerswet 1994 en artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) moet voor het plaatsen en verwijderen van de hiervoor in het besluit genoemde borden een verkeersbesluit worden genomen. De doelstelling van dit verkeersbesluit is het verzekeren van de veiligheid op de weg en het beschermen van weggebruikers en passagiers. Deze belangen zijn genoemd in artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994. 

Advies politie

Over een verkeersbesluit moet op grond van artikel 24 van het BABW overleg worden gevoerd met de korpschef van het betrokken politiekorps. Dit besluit is voorgelegd aan de daartoe gemachtigde medewerker verkeersadvisering van de politie. Deze heeft een positief advies gegeven.

Afweging belangen

De hiervoor beschreven maatregelen dragen bij aan een vlottere en veiligere verkeersafwikkeling op de N246. Met name voor (brom)fietsers en voetgangers wordt het oversteken van de N246 veiliger doordat dank zij de infrastructurele aanpassingen waardoor de weg ongelijkvloers of in twee etappes kan worden overgestoken. De aanleg van de rotonde, de aanleg van linksaf stroken en de aansluiting van de parallelwegen dragen bij aan een veiligere en vlottere uitwisseling van het verkeer tussen de N246 en de zijwegen. bewoners en bedrijven in de omgeving.Het verwijderen van de fietsverbinding aan de oostzijde van de Prinses Amaliabrug treft wel het belang van personen die in het verleden van deze verbinding gebruik maakten om vanuit de wijk West Knollendam naar de Starnmeerdijk (aan de noordzijde van de Tapsloot) te gaan en terug. Naar onze mening is er een redelijk goed en veilig alternatief via de nabij gelegen Westknollendamtunnel, het fietspad langs de N246 en de tunnel bij de Prinses Amaliabrug. Door het bredere (brom)fietspad aan één zijde van de Amaliabrug is het veiliger geworden voor (brom)fietser dan de twee smalle (brom)fietspaden die voorheen waren. Voetgangers en fietser kunnen nu veilig ongelijkvloers oversteken via de nieuwe tunnel du Starnmeerdijk blijft bereikbaar .Door het opheffen van eerdergenoemde fietsverbinding zullen naar onze mening geen belangen onevenredig getroffen worden.  

Bevoegdheid

Het weggedeelte waar dit verkeersbesluit over gaat, is in beheer bij de provincie Noord-Holland. Daarom zijn wij (Gedeputeerde Staten van Noord-Holland) op grond van artikel 18, lid 1, sub b, van de Wegenverkeerswet 1994 het bevoegde bestuursorgaan om dit verkeersbesluit te nemen. 

Besluit

Gelet op het voorgaande besluiten wij: 

  • 1.

    Door plaatsing van borden B6 van bijlage I van het RVV 1990 op het fietspad langs de N246 op de hierna genoemde kruispunten de voorrang zodanig te regelen dat (brom)fietsers voorrang moeten verlenen aan het verkeer op de zijweg:

    • a.

      De kruising met de Markervaart nabij Markenbinnen;

    • b.

      De kruising met de Starnmeerdijk bij De Woude;

    • c.

      De kruising met de Kogerpolder bij De Woude.

  • 2.

    Door plaatsing van borden D1 bijlage I van het RVV 1990 de kruising N246/Starnmeerdijk bij De Woude aan te duiden als rotonde.

  • 3.

    Door plaatsing van borden B6 bijlage I van het RVV 1990 bestuurders op de naar de rotonde toe leidende wegen te verplichten voorrang te verlenen aan het verkeer op de rijbaan van de rotonde.

  • 4.

    Door plaatsing van borden D2 bijlage I van het RVV 1990 op de rijbaanscheidingen bij de rotonde, bestuurders die de rotonde naderen te verplichten deze rijbaanscheidingen aan de rechterkant te passeren.

  • 5.

    Door plaatsing van borden G12a bijlage I van het RVV 1990 op de paden naar de tunnel onder de Prinses Amaliabrug nabij West Knollendam, deze paden te bestemmen als (verplicht) bromfietspad voor gebruik in twee richtingen.

  • 6.

    Voor zover nodig, het bord G12a bijlage I van het RVV 1990 ter aanduiding van het inmiddels aan de oostzijde van de N246 opgeheven fietspad tussen de Westknollendam en de Starnmeerdijk bij West Knollendam, te verwijderen.

 Haarlem, 4 februari 2020, 

Gedeputeerde Staten van Noord-Holland,

namens dezen,   

F.C.D. Noordberger Sectormanager Beheerstrategie en Programmering Infrastructuur a.i.  

Rechtsmiddelen

1.Als u belanghebbende bent kunt u binnen zes weken na de verzending, uitreiking of publicatie van dit besluit schriftelijk bezwaar aantekenen. Het bezwaarschrift kunt u sturen aan Gedeputeerde Staten van Noord-Holland, ter attentie van de secretaris van de Hoor- en adviescommissie, Postbus 3007, 2001 DA Haarlem. Wij verzoeken u om in uw bezwaarschrift het telefoonnummer te vermelden waarop u overdag bereikbaar bent. Ook kunt u voor meer informatie de provinciale website bezoeken: www.noord-holland.nl. Indien u bezwaar heeft ingediend is het mogelijk gebruik te maken van een minder formele procedure: een gesprek tussen u en medewerkers die namens van het college van gedeputeerde staten deelnemen. Indien uw bezwaar zich hiervoor leent, wordt contact met u opgenomen, maar u kunt hier ook zelf om verzoeken, Een gesprek tast uw rechten als bezwaarmaker niet aan. Bovenstaand besluit treedt in werking, ook al wordt een bezwaarschrift ingediend. Gelijktijdig met het indienen van een bezwaarschrift kunt u –bij een spoedeisend belang- een voorlopige voorziening vragen bij de voorzieningenrechter van de rechtbank Noord-Holland. 

2.Voor vragen of opmerkingen over het besluit kunt u bellen met het servicepunt Noord-Holland, telefoonnummer (gratis): 0800 200 600.