Staatscourant van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties | Staatscourant 2020, 69086 | Interne regelingen |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties | Staatscourant 2020, 69086 | Interne regelingen |
In de tekst achter het derde opsommingsteken wordt de zin: ‘Dit pensioengevend inkomen passen we ieder jaar per 1 januari aan met de wijziging van de salarissen in uw sector’ vervangen door de tekst: ‘Wijzigt dit pensioengevend inkomen door een wijziging van de salarissen in uw sector? Dan geeft uw werkgever dit aan ons door.’
In paragraaf 3.8.3 ‘U neemt zelf ontslag’ wordt onder ‘Wat gebeurt er met uw pensioen als u zelf ontslag neemt?’ de zin ‘Dan mag u maximaal vijf jaar vrijwillig pensioen bij ons blijven opbouwen.’ vervangen door de volgende zin: ‘Dan mag u maximaal 10 jaar vrijwillig pensioen bij ons blijven opbouwen.’
In de zin ‘Als de hoogte van uw pensioen € 497,27 of meer bruto per jaar is, kunt u uw pensioen van ABP meenemen naar een ander pensioenfonds.’ wordt het bedrag ‘€ 497,27’ vervangen door ‘€ 503,24’.
De huidige tekst van hoofdstuk 3.11 wordt vervangen door de volgende tekst:
‘Welke keuzes kunt u maken als u met pensioen gaat?
U kunt vanaf uw pensioenleeftijd een aantal keuzes maken:
Zie Hoofdstuk 5.1 U wilt met pensioen op uw pensioenleeftijd.
Zie hoofdstuk 5.2 U wilt eerder of later met pensioen dan op uw pensioenleeftijd.
Zie Hoofdstuk 5.3 U wilt meer of minder pensioen.’
In de zin ‘En is de hoogte van uw pensioen € 497,27 bruto per jaar of meer?’ wordt het bedrag ‘€ 497,27’ vervangen door ‘€ 503,24’.
In de zin ‘Let op! Is de hoogte van uw pensioen minder dan € 497,27, maar meer dan € 2,- bruto per jaar?’ wordt het bedrag ‘€ 497,27’ vervangen door ‘€ 503,24’.
De huidige tekst van hoofdstuk 5 wordt vervangen door de volgende tekst:
‘Als u met pensioen gaat, kunt u een aantal keuzes maken. U kunt deze keuzes ook combineren.
Uw keuzes
5.1 U wilt met pensioen op uw pensioenleeftijd
5.2 U wilt eerder of later met pensioen dan op uw pensioenleeftijd
5.3 U wilt meer of minder pensioen
Eerder stoppen of juist langer doorwerken? Meer pensioen nu of juist later? Er is meer mogelijk dan u denkt. Bekijk welke keuzes u heeft.
Let op! Heeft u meegedaan aan de levensloopregeling? En heeft u levenslooptegoed dat u nog niet heeft gebruikt voor levensloopverlof? Dan kunt u dit omzetten in ouderdomspensioen. Uw ouderdomspensioen wordt hierdoor hoger. Uw totale pensioenopbouw mag niet meer worden dan u fiscaal had mogen opbouwen. U maakt de keuze de dag voor het bereiken van uw AOW-leeftijd maar uiterlijk een dag voor u met pensioen gaat. Dit kan alleen als uw pensioendatum of AOW-leeftijd voor 1 januari 2022 ligt. De levensloopregeling vervalt op 1 januari 2022.
Let op! Maakt u gebruik van Nettopensioen of neemt u aanvullend vrijwillig deel aan ons pensioen? De keuzes die u maakt gelden dan automatisch ook hiervoor.
Let op! De keuzes die u maakt als u met pensioen gaat kunt u niet meer terugdraaien.
Welke keuzes u kunt maken, hangt af van uw situatie op het moment dat u met pensioen gaat.
U kunt….
|
Uw situatie |
Met pensioen voor de pensioenlft |
Met pensioen op uw pensioenlft |
Met pensioen na uw pensioenlft |
Eerst een hoger of lager pensioen |
Partnerpensioen ruilen voor ouderdomspensioen |
|---|---|---|---|---|---|
|
U bent gewezen werknemer maar u bouwt vrijwillig pensioen bij ons op. |
✓ |
✓ |
✓ |
✓ |
✓ |
|
U valt onder de nDER en heeft recht op een UGM-uitkering, een werkloosheidsuitkering, een ontslaguitkering of een arbeidsongeschiktheidspensioen |
✓ |
✓ |
✓ |
✓ |
✓ |
|
U bouwt geen pensioen meer bij ons op (gewezen deelnemer). |
✓ |
✓ |
✓ |
✓ |
✓ |
|
U valt onder de oDER en heeft recht op een UGM-uitkering, een werkloosheidsuitkering, een ontslaguitkering of een arbeidsongeschiktheidspensioen |
✓ |
✓ |
✓ |
✓ |
✓ |
|
U en uw ex-partner hebben bij de scheiding het pensioen gesplitst (conversie). Voor uw pensioen blijven de keuzes gelden, zoals hierboven vermeld. In deze situatie heeft uw ex-partner een keuze. |
✓ |
✓ |
✓ |
_ |
_ |
Wat is uw pensioenleeftijd?
De pensioenleeftijden in deze pensioenregeling zijn de AOW-leeftijd of de 65-jarige leeftijd. We gaan er standaard van uit dat u met pensioen gaat op uw AOW-leeftijd.
In de volgende situaties is uw pensioendatum/pensioenleeftijd altijd uw 65ste verjaardag:
– U heeft gekozen voor de oude Diensteinderegeling (oDER);
– U bent ontslagen als militair vóór 1 januari 2017 en bent nog deelnemer in deze pensioenregeling;
– U ontving op 31 december 2018 een UGM-uitkering;
– U bouwt geen pensioen meer op in deze regeling en bent in 2019 65 jaar geworden.
Wat moet u doen om pensioen te krijgen?
U krijgt van ons het formulier ‘Met pensioen gaan’. Dit formulier krijgt u 6 maanden voordat u uw pensioenleeftijd bereikt. Met het formulier vraagt u uw ABP-pensioen bij ons aan.
Heeft u dit formulier niet gekregen? Neemt u dan contact (zie hoofdstuk 13 Heeft u vragen of klachten) met ons op.
Wanneer krijgt u uw pensioen?
U krijgt uw pensioen vanaf de dag waarop u uw pensioenleeftijd bereikt. Wij betalen uw pensioen in de tweede helft van iedere maand. Wij betalen dit tot de laatste dag van de maand waarin u overlijdt.
U kunt kiezen wanneer u met pensioen wilt gaan:
• U wilt voor uw pensioenleeftijd met pensioen. Ontvangt u nog een uitkering zoals UGM of een ontslaguitkering? Met pensioen gaan kan gevolgen hebben voor uw uitkering en de hoogte van uw pensioen.
• U wilt na uw pensioenleeftijd met pensioen.
U wilt voor uw pensioenleeftijd met pensioen
Let op!
Werkt u nog als militair? U kunt dan nog niet met pensioen. Uw pensioen kan pas ingaan, nadat u gestopt bent met werken als militair.
Let op! Heeft u recht op een UGM-uitkering of een ontslaguitkering? Dan stopt deze als u voor uw pensioendatum met pensioen gaat. Ook stopt dan de pensioenopbouw, waardoor u een lager pensioen krijgt dan wanneer u op uw pensioenleeftijd met pensioen gaat. Bovendien wordt uw pensioen ook lager als u het eerder laat ingaan, omdat u het dan over een langere periode ontvangt. Wij berekenen uw pensioen dan met vervroegingsfactoren.
Heeft u een werkloosheidsuitkering of militair arbeidsongeschiktheidspensioen?
Als u vóór uw pensioenleeftijd met pensioen gaat, kan dat negatieve gevolgen hebben voor de hoogte van uw uitkering. Of dit zo is, kunt u navragen bij de instantie waarvan u de uitkering ontvangt.
Let op! Ontvangt u een militair arbeidsongeschiktheidspensioen en/of bouwt u premievrij pensioen op vanwege arbeidsongeschiktheid? En laat u uw pensioen ingaan? Dan loopt de pensioenopbouw door. Ontvangt u een werkloosheidsuitkering? En laat u uw pensioen ingaan? Dan loopt de pensioenopbouw meestal ook door. De pensioenopbouw kan dan wel lager worden of mogelijk zelfs stoppen.
Het ouderdomspensioen dat u nog opbouwt, moet u laten ingaan als de pensioenopbouw volledig is geëindigd.
Let op! Als u uw pensioen laat ingaan voor de AOW-leeftijd geldt een hoger belastingtarief
Gaat u vóór uw pensioenleeftijd met pensioen?
Uw pensioen gaat in op de dag waarop u eerder met pensioen gaat. Hieronder leest u wat de regels hiervoor zijn.
Wat zijn de regels?
Wilt u met pensioen voordat u AOW krijgt? Dan zijn dit de regels:
• U kunt met pensioen vanaf de eerste dag van de maand waarin u 60 wordt.
• Wij betalen het pensioen in de 2e helft van iedere maand.
• Gaat u eerder dan vijf jaar voor uw AOW-leeftijd met pensioen en werkt u nog? Dan bent u verplicht om minder te gaan werken. U ontvangt hiervoor een formulier. Op het formulier moet u aangeven dat u minder gaat werken en in de toekomst niet opnieuw meer gaat werken (we noemen dit een intentieverklaring). Dit is voorgeschreven door de Belastingdienst.
• U kunt ervoor kiezen om uw pensioen in hoogte te laten variëren. U kunt er bijvoorbeeld voor kiezen dat u tot aan de datum waarop u AOW krijgt een hoger (zie hoofdstuk 5.3 U wilt meer of minder pensioen of partnerpensioen) pensioen van ons krijgt. En dat u na de datum waarop u AOW krijgt een lager pensioen van ons krijgt. In MijnABP ziet u hoeveel u dan krijgt. Hieronder staat een voorbeeld.
Voorbeeld
U heeft ervoor gekozen om op uw 63e met pensioen te gaan. U krijgt op uw 67e AOW van de overheid. U wilt daarom van uw 63e tot aan uw 67e een hoger ABP-pensioen ontvangen. Als u AOW krijgt, wilt u een wat lager pensioen van ons krijgen. Zo blijven na uw 63euw inkomsten uit pensioen en AOW gelijk.
|
U krijgt salaris |
U krijgt hier een hoger ABP-pensioen: € 2500,- |
U krijgt hier een lager ABP-pensioen: € 1750,- |
|
U krijgt AOW: € 750,- |
||
|
U gaat op uw 63e met pensioen |
U krijgt AOW op uw 67ste |
Wat moet u doen als u eerder met pensioen wilt gaan?
U moet ons schriftelijk aangeven op welke datum u met pensioen wilt gaan. De datum moet in de toekomst liggen. U krijgt van ons een schriftelijke reactie waarin we de datum bevestigen.
Wat gebeurt er met de hoogte van uw pensioenuitkering als u eerder met pensioen gaat?
We rekenen uit hoeveel pensioen u krijgt als u eerder met pensioen gaat. We gebruiken hiervoor de rekenregels die in bijlage 1 Tabellenboek van dit reglement staan. Daar staat ook een voorbeeld.
Let op! Als u eerder met pensioen gaat, krijgt u een lager pensioen dan wanneer u met pensioen gaat op uw pensioenleeftijd. U ontvangt over een langere periode pensioen. Hierdoor wordt het pensioen dat u maandelijks ontvangt, lager. We berekenen dat met vervroegingsfactoren.
In MijnABP kunt u zelf berekenen hoeveel pensioen u krijgt als u eerder met pensioen gaat. U kunt hier ook uw pensioen aanvragen.
Wat gebeurt er met het nabestaandenpensioen als u eerder met pensioen gaat?
Als u overlijdt, krijgt uw partner partnerpensioen en uw kind wezenpensioen. Hoe we het partner- en wezenpensioen berekenen, hangt af van uw situatie. Er zijn drie mogelijkheden.
1. Toen u met pensioen ging, werkte u bij het Ministerie van Defensie en u stopte met werken of u ontving een UGM of ontslaguitkering en deze stopte.
2. Toen u met pensioen ging, ontving u een werkloosheidsuitkering of bouwde u premievrij pensioen op in de pensioenregeling.
3. Toen u met pensioen ging, werkte u niet meer bij het Ministerie van Defensie.
We leggen de situaties hieronder uit.
1. Toen u met pensioen ging, werkte u bij het Ministerie van Defensie en stopte u met werken of u ontving een UGM of ontslaguitkering en deze stopte.
In deze situatie gaan we voor het nabestaandenpensioen uit van het ouderdomspensioen dat u heeft opgebouwd tot de datum waarop u eerder met pensioen ging. Hierop passen we geen vervroegingsfactoren toe. In hoofdstuk 3.9 U overlijdt, uw partner of ex-partner overlijdt of uw kind overlijdt, leest u meer over het partnerpensioen.
2. Toen u met pensioen ging, ontving u een WW-uitkering of bouwde u premievrij pensioen op in deze regeling.
In deze situatie gaan we voor het nabestaandenpensioen uit van ouderdomspensioen dat u zou hebben opgebouwd tot aan uw pensioenleeftijd. Hierop passen we geen vervroegingsfactoren toe. In hoofdstuk 3.9 U overlijdt, uw partner of ex-partner overlijdt of uw kind overlijdt, leest u meer over het partnerpensioen.
3. Toen u met pensioen ging, werkte u niet meer bij het Ministerie van Defensie.
Toen u met pensioen ging werkte u niet meer bij een ABP-werkgever. In deze situatie gaan we voor het nabestaandenpensioen uit van het ouderdomspensioen dat u had opgebouwd toen u uit dienst ging. Hierop passen we geen vervroegingsfactoren toe.
U wilt na uw pensioenleeftijd met pensioen
Wilt u met pensioen na uw pensioenleeftijd? Dan stelt u uw pensioen uit. Hieronder leest u welke regels hiervoor gelden.
Wat zijn de regels?
Werkt u als militair en heeft u recht op een UGM-uitkering? Uw pensioen moet op de pensioenleeftijd voor minimaal 10% ingaan. U kunt de rest van uw pensioen tot maximaal 5 jaar na uw pensioenleeftijd opnemen. Bij uw pensioenaanvraag kunt u aan ons doorgeven of u gedeeltelijk of volledig met pensioen wilt gaan.
In MijnABP ziet u hoeveel u dan krijgt.
Heeft u recht op een ontslaguitkering, werkloosheidsuitkering of militair arbeidsongeschiktheidspensioen?
Als u uw pensioen wilt uitstellen, moet u dat voor uw pensioenleeftijd aan ons doorgeven. U kunt tot maximaal 5 jaar na uw AOW-leeftijd met pensioen. Dit pensioen moet u zelf aanvragen.
InMijnABP ziet u hoeveel u dan krijgt.
U werkt niet meer als militair en bouwt geen pensioen meer bij ons op?
U kunt tot maximaal 5 jaar na uw AOW-leeftijd met pensioen. Dit pensioen moet u zelf aanvragen. In MijnABP ziet u hoeveel u dan krijgt.
Wat gebeurt er met uw pensioen?
We rekenen uit hoeveel pensioen u krijgt als u later dan uw pensioenleeftijd met pensioen gaat. We gebruiken hiervoor de rekenregels die in bijlage 1 Tabellenboek van dit reglement staan. Daar staat ook een rekenvoorbeeld.
Let op! Als u later met pensioen gaat, krijgt u voor het deel dat u nog niet met pensioen bent een hoger pensioen dan wanneer u met pensioen gaat op uw pensioenleeftijd. Hierbij speelt het volgende:
– Als u later met pensioen gaat, ontvangt u over een kortere periode pensioen. Hierdoor wordt het pensioen dat u maandelijks ontvangt, hoger. We berekenen dat met uitstelfactoren.
U kunt uw ouderdomspensioen en partnerpensioen verhogen of verlagen. Dat kan op een aantal manieren. Combinaties zijn ook mogelijk.
• U wilt meer ouderdomspensioen en geen partnerpensioen
U ruilt het hele partnerpensioen in voor een hoger ouderdomspensioen.
• U wilt eerst een hoger pensioen en later een lager pensioen. Of andersom.
U kiest tijdelijk voor een hoger of lager pensioen, of andersom.
Hieronder leggen we dit uit.
U wilt meer ouderdomspensioen en geen partnerpensioen
Wanneer kunt u kiezen om het partnerpensioen te ruilen?
U kunt uw ouderdomspensioen verhogen door hiervoor het partnerpensioen te ruilen. Wij kunnen dit pas voor u regelen als uw partner ons hiervoor toestemming heeft gegeven.
U kunt hiervoor kiezen op het moment dat u met pensioen gaat. Als u gedeeltelijk met pensioen gaat, kunt u voor dat gedeelte een keuze maken. Als u daarna volledig met pensioen gaat kunt u voor dat nieuwe gedeelte ook weer een keuze maken.
Let op! Als u ervoor kiest om het partnerpensioen te ruilen, kunt u dat later niet meer veranderen.
Wat als u geen partner heeft?
Ook als u geen partner heeft, kunt u uw eigen pensioen verhogen door het partnerpensioen te ruilen. We regelen dit voor u op het moment dat u met pensioen gaat. Wij vragen u dan dit te bevestigen.
Wat gebeurt er met uw ouderdomspensioen als u ruilt?
Kiest u ervoor om het partnerpensioen te ruilen voor ouderdomspensioen? Dan rekenen we opnieuw uit hoeveel pensioen u krijgt. We gebruiken hiervoor de rekenregels die in bijlage 1 Tabellenboek van dit reglement staan. Daar staat ook een rekenvoorbeeld.
In MijnABP kunt u ook zelf berekenen hoeveel pensioen u krijgt als u het partnerpensioen ruilt.
Wanneer kunt u het partnerpensioen niet ruilen?
• U heeft er bij uw scheiding voor gekozen het pensioen te splitsen of te verdelen (verevenen). Dit deel kunt u niet ruilen.
• Uw pensioen is lager dan de afkoopgrens. Dit is een bedrag dat de overheid elk jaar vaststelt. Is uw pensioen lager dan dit bedrag, dan mogen we uw totale pensioen in één keer uitbetalen.
U wilt eerst een hoger pensioen en later een lager pensioen. Of andersom.
Wanneer kunt u kiezen voor tijdelijk een hoger of lager pensioen?
Als u met pensioen gaat, krijgt u iedere maand hetzelfde bedrag aan pensioen. Wilt u de eerste jaren een hoger pensioen en later een lager pensioen? Of andersom? Dan kan dat. Dit zijn de regels:
• U kunt hiervoor kiezen op het moment dat u met pensioen gaat.
• We kijken naar het hoogste en het laagste pensioen dat u kiest. Het laagste bedrag moet minimaal 75% zijn van het hoogste bedrag. Maakt u gebruik van de mogelijkheid om voor uw AOW-leeftijd met pensioen te gaan? Het pensioen dat we gebruiken om de AOW te overbruggen telt dan niet mee voor deze berekening.
Let op! Als uw ouderdomspensioen is ingegaan, kunt u de verhoging of verlaging niet meer veranderen.
Wat gebeurt er met uw pensioen?
Kiest u ervoor om uw pensioen tijdelijk te verhogen of te verlagen? Dan berekenen we opnieuw hoe hoog uw pensioen wordt. We gebruiken hiervoor de rekenregels die in bijlage 1 Tabellenboek van dit reglement staan. Daar staat ook een rekenvoorbeeld.
Wat gebeurt er met het partnerpensioen en wezenpensioen?
Het partnerpensioen en het wezenpensioen veranderen niet.’
Onder ‘Pensioen dat u in een jaar opbouwt’ wordt het huidige rekenvoorbeeld vervangen door het volgende rekenvoorbeeld:
‘Rekenvoorbeeld opbouw ouderdomspensioen (bruto bedragen)
Leeftijd: 25 jaar
Dienstverband: fulltime
Pensioengevend inkomen: € 27.000
Franchise (op jaarbasis): € 13.150
Pensioengrondslag: € 27.000 – € 13.150 = € 13.850
Opbouwpercentage: 1,788%
Als alles hetzelfde blijft, wordt de pensioenberekening als volgt:
Pensioenopbouw per jaar: 1,788% van € 13.850 = € 247,64
Bij doorwerken tot 62 jaar: 37 jaar (van 25ste tot 62ste) x € 247,64 = € 9.162,68
Daarna UGM van 62 tot 67 jaar: 5 jaar x € 247,64 x 50% = € 619,10
Pensioen op pensioenleeftijd: € 9.162,68 + € 619,10 = € 9.781,78
Vanaf uw AOW-leeftijd komt daar de AOW-uitkering bij.’
Onder de zin ‘Deze onderdelen lichten we hierna toe’ wordt de volgende tekst toegevoegd: ‘Let op! Uw pensioenopbouw stopt uiterlijk 5 jaar na uw AOW-leeftijd. U kunt ook tot maximaal 5 jaar na uw AOW-leeftijd met pensioen. Dit pensioen moet u zelf aanvragen.’
De tekst van de alinea met de kop ‘Hoe hoog is uw pensioengevend inkomen als u ziek bent of verlof heeft of om een andere persoonlijkereden geen of minder salaris ontvangt?’ wordt vervangen door: ‘Bent u ziek? Of heeft u verlof? Of ontvangt u om een andere persoonlijke reden geen of minder salaris? Voor het pensioengevend inkomen gaan we uit van de situatie waarin u niet ziek zou zijn geworden, met verlof zou zijn gegaan of om een andere persoonlijke reden geen of minder salaris ontvangt. Over dit pensioengevend inkomen berekenen we opbouw van uw pensioen voor zover dit is toegestaanbinnen de Wet op de loonbelasting. Zie ook 3.7 U heeft verlof.’
Onder ‘Hoe hoog is uw pensioengevend inkomen als u een lager salaris krijgt?’ wordt de huidige tekst vervangen door de volgende tekst: ‘Krijgt u een lagere functie en daardoor ook een lager salaris? Is dit gebaseerd op een collectieve arbeidsovereenkomst of een andere collectieve regeling van arbeidsvoorwaarden? En gebeurt dit binnen 10 jaar voor de pensioenleeftijd? Dan berekenen we uw pensioenopbouw met uw oude pensioengevend inkomen. En niet met uw nieuwe, lagere salaris. Wijzigt dit pensioengevend inkomen door een wijziging van de salarissen in uw sector? Dan geeft uw werkgever dit aan ons door.’
In de tabel onder ‘Hoogte franchise (het bedrag waarover u geen pensioen opbouwt omdat u AOW krijgt)’ wordt het bedrag ‘€ 42.972,41’ twee maal vervangen door ‘€ 43.322,41’, het bedrag ‘€ 12.800’ vervangen door ‘€ 13.150’ en het bedrag ‘€ 14.200’ door ‘€ 14.550’.
De huidige tekst onder ‘Kan de hoogte van de franchise veranderen?’ wordt vervangen door de volgende tekst: ‘Ja, dat kan. ABP past de hoogte van de franchise aan als de hoogte van de AOW verandert. We kijken dan naar de AOW voor gehuwden. De veranderingen van de AOW voor gehuwden moet meer dan € 50 zijn ten opzichte van de laatste wijziging van onze franchise. Wij ronden de franchise af op € 50.’
In de tabel onder ‘Hoogte van het opbouwpercentage’ wordt het bedrag ‘€ 42.972,41’ twee maal vervangen door ‘€ 43.322,41’.
De huidige rekenvoorbeelden worden vervangen door de volgende rekenvoorbeelden:
‘Rekenvoorbeeld
• Een volledige werkweek bij uw werkgever is 38 uur.
• Uw deeltijdpercentage is 50, u werkt 19 uur.
• Uw pensioengevend inkomen is € 25.000.
• Uw pensioengevend inkomen bij een volledige werkweek is: € 25.000 / 0,5= € 50.000.
• Uw franchise bij een volledige werkweek is € 14.550
• Uw pensioengrondslag bij een volledige werkweek is: € 50.000 – € 14.550 = € 35.450
• U bouwt pensioen op over € 35.450 x 0,5 = € 17.725’
‘Rekenvoorbeeld
• Een volledige werkweek bij uw werkgever is 38 uur.
• Uw deeltijdpercentage is 50, u werkt 19 uur.
• Uw pensioengevend inkomen is € 70.000.
• Uw franchise bij een volledige werkweek is € 14.550.
• Uw pensioengevend inkomen bij een volledige werkweek is: € 70.000 / 0,5= € 140.000
• Het fiscaal maximum is € 112.189
• Uw pensioengrondslag is € 112.189 – € 14.550 = € 97.639
• U bouwt pensioen op over € 97.639 x 0,5 = € 48.819,50’
‘Rekenvoorbeeld
• Een volledige werkweek bij uw werkgever is 38 uur.
• U werkt 40 uur.
• Uw deeltijdpercentage is 40/38 = 1,052632.
• Uw pensioengevend inkomen bij 38-urige werkweek is: € 108.000.
• Uw franchise bij een volledige werkweek is € 14.550.
• Uw pensioengevend inkomen bij een 40-urige werkweek is € 113.684,26 (€ 108.000 x 1,052632).
Het pensioengevend inkomen van € 108.000 is lager dan het bedrag dat in de wet staat. Maar het pensioengevend inkomen van € 113.984,26 is hoger dan het bedrag dat in de wet staat. Daarom verlagen we uw deeltijdpercentage als volgt:
Fiscaal maximum/uw pensioengevend inkomen bij een volledige werkweek
€ 112.189 / € 108.000 = 1,0388. Dit is uw nieuwe deeltijdpercentage.
U bouwt pensioen op over:
(Fulltime pensioengevend inkomen – franchise) x aangepaste deeltijdpercentage
(€ 108.000 – € 14.550) x 1,0388 = € 97.075,86’
Onder ‘Partnerpensioen’ en vervolgens onder ‘1. U bent deelnemer’ wordt de huidige tekst vervangen door de volgende tekst: ‘Bent u deelnemer en overlijdt u voordat u met ouderdomspensioen bent gegaan? Dan is het partnerpensioen 70% van het ouderdomspensioen dat u tot uw pensioenleeftijd opgebouwd zou hebben. We houden er rekening mee dat u gedurende de periode waarin u een UGM-uitkering zou hebben ontvangen, 50% pensioen opbouwt. Ook houden we rekening met uw inverdientijd.’
Onder ‘Wezenpensioen’ en vervolgens onder ‘Hoeveel wezenpensioen krijgen uw kinderen (zie 3.3 U heeft kinderen) die jonger zijn dan 25 jaar?’ wordt de huidige tekst achter het eerste opsommingsteken vervangen door de volgende tekst:
‘U bouwt pensioen op of u bent met pensioen
– Overlijdt u en is er een verzorger van de kinderen? Dan krijgen uw kinderen ieder 14% van het pensioen dat u heeft opgebouwd of zou hebben opgebouwd tot uw pensioenleeftijd.
– Overlijdt u en is er geen verzorger van de kinderen? Dan krijgen uw kinderen ieder 28% van het pensioen dat u heeft opgebouwd of zou hebben opgebouwd tot uw pensioenleeftijd.
– Overlijdt de verzorger later ook? Dan krijgen uw kinderen ieder 28% van het pensioen dat u heeft opgebouwd of zou hebben opgebouwd tot uw pensioenleeftijd.’
Onder ‘Is er een maximum pensioengevend inkomen voor de premieberekening en mijn pensioenopbouw?’ wordt de huidige tekst vervangen door de volgende tekst: ‘Voor het pensioengevend inkomen geldt per 1 januari 2021 als fiscaal maximum: € 112.189. Heeft u een pensioengevend inkomen boven € 112.189? Dan kunt in onze regeling netto pensioen (zie hoofdstuk 14 Regelingen waar u voor kunt kiezen) boven het deel van € 112.189 vrijwillig pensioen opbouwen. Het fiscaal maximum wordt ieder jaar door de wetgever vastgesteld.’
In de zin ‘Let op! Werkt u in deeltijd? Dan geldt er een lager fiscaal maximum. Dit is dan het deeltijdpercentage maal € 110.111.’ wordt het bedrag ‘€ 110.111’ vervangen door ‘€ 112.189’.
In de tabel onder het kopje ‘Waarover berekenen we de premie bij de pensioenen?’ wordt in de tweede rij (Franchise) het bedrag ‘€ 12.800’ vervangen door ‘€ 13.150 ’.
In de tabel onder het kopje ‘Waarover berekenen we de premie bij de pensioenen?’ wordt in de derde rij (Maximum) het bedrag ‘€ 110.111’ vervangen door ‘€ 112.189’.
In de zin ‘Let op! Ontvangt u op 1 januari 2019 al een UGM-uitkering? Dan bedraagt de franchise voor de berekening van de premie € 20.000.’ wordt het bedrag ‘€ 20.000’ vervangen door ‘€ 20.500’.
Onder de tabel wordt de volgende tekst toegevoegd: ‘Bereikte u 5 jaar geleden uw AOW-leeftijd? Dan bouwt u geen pensioen meer op. U betaalt ook geen pensioenpremie meer.’
De zin ‘Is uw bruto pensioen hoger dan € 2 maar lager dan € 497,27 per jaar (2020)?’ wordt vervangen door de volgende zin: ‘Is uw bruto pensioen hoger dan € 2 maar lager dan € 503,24 per jaar (2021).’
In de zin ‘Als de hoogte van uw pensioen bij een andere pensioenuitvoerder lager is dan € 497,27 bruto per jaar, draagt die pensioenuitvoerder uw pensioen mogelijk automatisch naar ABP over.’ wordt het bedrag ‘€ 497,27’ vervangen door ‘€ 503,24’.
In de zin ‘Let op! Als de hoogte van uw pensioen minder is dan € 497,27 maar meer dan € 2,- bruto per jaar dan draagt ABP uw pensioen automatisch over naar de pensioenuitvoerder waar u pensioen opbouwt.’ wordt het bedrag ‘€ 497,27’ vervangen door ‘€ 503,24’.
In hoofdstuk 12 wordt de tekst van de alinea met de kop ‘Welke informatie krijgt u van ons?’ vervangen door de volgende tekst:
‘Hieronder staat welke informatie u van ons krijgt, en hoe vaak u deze informatie van ons krijgt.
• Als u start als deelnemer
Als u begint met pensioen opbouwen bij ABP ontvangt u van ons Pensioen 1-2-3. Hierin staat welke regels er gelden en in welke gevallen u zelf iets moet doen.
• UPO
Dit is het Uniform Pensioen Overzicht. Als deelnemer krijgt u dit ieder jaar van ons. In uw UPO staat hoeveel pensioen u tot nu toe heeft opgebouwd. Er staat ook in hoeveel pensioen u naar verwachting krijgt als u met pensioen gaat op uw pensioenleeftijd. Ook ziet u hier een inschatting van uw pensioen op uw pensioenleeftijd als er in de toekomst mee- of tegenvallers zijn. Er staat ook bij welke verhoging wij bij dit pensioen optellen als we indexeren. Uw UPO staat ook in MijnABP.
• Pensioenoverzicht als u met pensioen bent
Bent u met pensioen? Dan sturen wij u ieder jaar een pensioenoverzicht. Daarin staat hoeveel pensioen u krijgt. En hoeveel het partnerpensioen en het wezenpensioen is. Er staat ook bij welke verhoging wij bij dit pensioen optellen als we indexeren. Uw Pensioenoverzicht staat ook in MijnABP.
• Pensioenoverzicht als u nu geen pensioen meer bij ons opbouwt
Heeft u eerder pensioen bij ons opgebouwd, maar doet u dat nu niet meer? Dan zetten wij elk jaar voor u een pensioenoverzicht klaar in MijnABP. Daarin staat hoeveel pensioen u bij ons heeft opgebouwd. Er staat ook bij welke verhoging wij bij dit pensioen optellen als we indexeren. Ook ziet u hier een inschatting van uw te verwachten pensioen op uw pensioenleeftijd en van uw pensioen als er in de toekomst mee- of tegenvallers zijn. Dit overzicht krijgt u daarnaast ook elke vijf jaar toegestuurd.
• Pensioenoverzicht voor uw ex-partner
Heeft u pensioen bij ons opgebouwd en bent u uit elkaar? En heeft uw ex-partner niet afgezien van partnerpensioen? Dan sturen wij uw ex-partner elke vijf jaar een pensioenoverzicht. Daarin staat hoeveel partnerpensioen uw ex-partner krijgt.
• Beëindigingsbrief
Stopt uw deelname aan onze regeling? Dan stopt u ook met pensioen opbouwen bij ons. Wij sturen u dan een beëindigingsbrief en informeren u over het pensioen dat u bij ons heeft opgebouwd. Dit ziet u op MijnABP. Er staat ook in welke keuzes u voor uw pensioen nog kunt maken.
• Met pensioen gaan
U krijgt van ons het formulier ‘Met pensioen gaan’. Dit formulier krijgt u 6 maanden voordat u uw pensioenleeftijd bereikt. Met het formulier vraagt u uw ABP-pensioen bij ons aan.
• Verlaging van uw pensioen
Als we uw pensioen moeten verlagen, zal het bestuur u hierover schriftelijk informeren. Zie ook 7.6 Verlagen van uw pensioen.’
De zin ‘U kunt deelnemen als uw pensioengevend inkomen hoger is dan € 110.111 (2020) en:‘ wordt vervangen door de volgende zin: ‘U kunt deelnemen als uw pensioengevend inkomen hoger is dan € 112.189 (2021) en:’.
Onder de opsomming onder ‘Risicopakket’ wordt de zin ‘Deze percentages gelden voor het ouderdomspensioen dat u opgebouwd zou hebben met uw pensioengevend inkomen boven het fiscaal maximum als u tot uw 68e geworden in dienst was gebleven.’, wordt vervangen door de volgende zin: ‘Deze percentages gelden voor het ouderdomspensioen dat u opgebouwd zou hebben met uw pensioengevend inkomen boven het fiscaal maximum als u tot de eerste dag van de maand waarin u 68 jaar zou zijn geworden in dienst was gebleven.’
Onder ‘Wanneer stopt mijn deelname?’ achter het eerste opsommingsteken wordt het bedrag ‘€ 110.111’ vervangen door ‘€ 112.189’.
De zin ‘De nettofactor is met ingang van 1 januari 2020 vastgesteld op 50,5%.’ wordt vervangen door de volgende zin: ‘De nettofactor is met ingang van 1 januari 2021 vastgesteld op 50,5%.’
De huidige tekst van hoofdstuk 14.3 wordt vervangen door de volgende tekst:
‘Wilt u een andere aanvulling op uw pensioen dan ABP ExtraPensioen of Nettopensioen? U kunt vrijwillig aan onze pensioenregeling blijven deelnemen als één van de volgende situaties op u van toepassing is:
• U werkt niet meer bij een ABP-werkgever.
• U heeft levensloopverlof en bent u in het tweede jaar van dit verlof.
• U heeft recht op een militair arbeidsongeschiktheidspensioen, of u heeft recht op een UGM-, ontslag- of werkloosheidsuitkering vanuit een ontslag bij een ABP-werkgever, waarbij u gedeeltelijk pensioen opbouwt.
U kunt voor het deel dat u geen pensioen opbouwt, vrijwillig blijven deelnemen aan onze regeling en aanvullend pensioen opbouwen. Hiervoor betaalt u zelf de premie. U betaalt dan premie voor ouderdomspensioen en nabestaandenpensioen. U kiest zelf voor welk percentage u wilt deelnemen. Het is mogelijk om voor 25%, 50%, 75% of 100% deel te nemen. Eenmaal per kalenderjaar kunt u uw deelnamepercentage wijzigen.
Hoe lang kunt u aanvullend pensioen opbouwen?
• Werkt u niet meer bij een ABP-werkgever? En bent u als ondernemer verplicht inkomstenbelasting te betalen (o.a. ZZP’er)? Dan mag u maximaal 10 jaar de pensioenopbouw voortzetten en in alle andere gevallen maximaal 3 jaar nadat u uit dienst bent getreden.
• Komt u op of na uw AOW-leeftijd bij een ABP-werkgever in dienst? Dan kunt u maximaal tot 5 jaar na uw AOW-leeftijd vrijwillig deelnemen.
• Heeft u recht op een militair arbeidsongeschiktheidspensioen, of heeft u recht op een UGM-, ontslag- of werkloosheidsuitkering waarbij u gedeeltelijk pensioen opbouwt, dan kunt u zolang u recht heeft op deze uitkeringen vrijwillig blijven deelnemen.
Let op! Wilt u aanvullend pensioen opbouwen? Vraag dat dan binnen 9 maanden bij ons aan nadat zich een van de hiervoor vermelde situaties voordoet.’
De tabellen in paragraaf 1 worden vervangen door de volgende tabellen:
Factoren voor later laten ingaan van opgebouwd pensioen bij een pensioenrekenleeftijd van 65
|
Leeftijd |
60 |
61 |
62 |
63 |
64 |
65 |
66 |
67 |
68 |
69 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
|
Factor |
0,762 |
0,802 |
0,845 |
0,892 |
0,944 |
1,000 |
1,062 |
1,129 |
1,204 |
1,286 |
|
Leeftijd |
70 |
71 |
72 |
73 |
74 |
75 |
76 |
77 |
||
|
Factor |
1,377 |
1,478 |
1,591 |
1,717 |
1,860 |
2,022 |
2,206 |
2,418 |
Bij pensioneren op tussenliggende leeftijden bepalen wij uw factor naar verhouding.
Factoren voor eerder of later laten ingaan van opgebouwd pensioen bij een pensioenrekenleeftijd van 67
|
Leeftijd |
60 |
61 |
62 |
63 |
64 |
65 |
66 |
67 |
68 |
69 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
|
Factor |
0,676 |
0,711 |
0,749 |
0,791 |
0,836 |
0,885 |
0,940 |
1,000 |
1,066 |
1,140 |
|
Leeftijd |
70 |
71 |
72 |
73 |
74 |
75 |
76 |
77 |
||
|
Factor |
1,221 |
1,311 |
1,412 |
1,526 |
1,653 |
1,799 |
1,964 |
2,154 |
Bij pensioneren op tussenliggende leeftijden bepalen wij uw factor naar verhouding.
Factoren voor eerder laten ingaan van opgebouwd pensioen bij een pensioenrekenleeftijd van 68
|
Leeftijd |
60 |
61 |
62 |
63 |
64 |
65 |
66 |
67 |
68 |
69 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
|
Factor |
0,635 |
0,668 |
0,703 |
0,742 |
0,784 |
0,831 |
0,882 |
0,938 |
1,000 |
1,069 |
|
Leeftijd |
70 |
71 |
72 |
73 |
74 |
75 |
76 |
77 |
||
|
Factor |
1,145 |
1,231 |
1,326 |
1,433 |
1,553 |
1,690 |
1,847 |
2,026 |
Bij pensioneren op tussenliggende leeftijden bepalen wij uw factor naar verhouding.
In het ‘Voorbeeld van toepassing van de tabel’ wordt onder ‘Uw ouderdomspensioen na vervroeging:’ de zin ‘Vanaf uw 65e wordt uw ouderdomspensioen 0,826 (2020) van € 1.000 = € 826 per maand.’ vervangen door de volgende zin: ‘Vanaf uw 65e wordt uw ouderdomspensioen 0,831 (2021) van € 1.000 = € 831 per maand.’
De huidige tekst onder ‘Voorbeeld:’ wordt vervangen door de volgende tekst:
‘U gaat op uw 65e met pensioen.
Leeftijd van uw partner is niet van belang.
Uw ouderdomspensioen is op uw 65e € 1.000 per maand.
U heeft een partnerpensioen als u overlijdt na uw 65e van € 700 per maand.
Het partnerpensioen dat u heeft opgebouwd kan u optellen bij uw ouderdomspensioen. We rekenen met een uitruilfactor van 0,193 (zie tabel onder bijlage 3). Uitruilen van € 700 partnerpensioen levert een extra ouderdomspensioen op van € 700 x 0,193 (2021) = € 135,10
Uw ouderdomspensioen wordt:
€ 1000 + € 135,10 = € 1.135,10.
Als u overlijdt ontvangt uw partner geen partnerpensioen.’
Na het voorbeeld in paragraaf 2 ‘Partnerpensioen ruilen voor extra ouderdomspensioen’ wordt een nieuwe paragraaf ingevoegd, genaamd: ‘3. Hoogte van het ouderdomspensioen eerste jaren hoger’.
In de paragraaf 3 wordt de volgende tabel opgenomen:
Factoren bij in hoogte variëren van ouderdomspensioen
|
Leeftijd vanaf |
|||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
|
59 |
60 |
61 |
62 |
63 |
64 |
65 |
66 |
67 |
68 |
||
|
Leeftijd tot |
60 |
0,052 |
|||||||||
|
61 |
0,107 |
0,053 |
|||||||||
|
62 |
0,167 |
0,110 |
0,054 |
||||||||
|
63 |
0,232 |
0,172 |
0,113 |
0,056 |
|||||||
|
64 |
0,302 |
0,239 |
0,177 |
0,117 |
0,058 |
||||||
|
65 |
0,379 |
0,312 |
0,247 |
0,183 |
0,121 |
0,060 |
|||||
|
66 |
0,462 |
0,392 |
0,323 |
0,256 |
0,190 |
0,125 |
0,062 |
||||
|
67 |
0,553 |
0,479 |
0,406 |
0,335 |
0,265 |
0,196 |
0,129 |
0,064 |
|||
|
68 |
0,653 |
0,575 |
0,497 |
0,422 |
0,348 |
0,275 |
0,204 |
0,134 |
0,066 |
||
|
69 |
0,763 |
0,680 |
0,598 |
0,518 |
0,439 |
0,362 |
0,286 |
0,212 |
0,140 |
0,069 |
|
|
70 |
0,885 |
0,796 |
0,709 |
0,624 |
0,540 |
0,457 |
0,377 |
0,298 |
0,221 |
0,145 |
|
|
71 |
1,020 |
0,926 |
0,833 |
0,741 |
0,652 |
0,564 |
0,478 |
0,394 |
0,311 |
0,231 |
|
|
72 |
1,171 |
1,070 |
0,970 |
0,873 |
0,777 |
0,683 |
0,591 |
0,501 |
0,412 |
0,326 |
|
|
73 |
1,339 |
1,231 |
1,124 |
1,020 |
0,917 |
0,816 |
0,717 |
0,620 |
0,526 |
0,433 |
|
|
74 |
1,529 |
1,412 |
1,298 |
1,185 |
1,075 |
0,967 |
0,860 |
0,756 |
0,653 |
0,553 |
|
|
75 |
1,743 |
1,618 |
1,494 |
1,373 |
1,254 |
1,137 |
1,022 |
0,909 |
0,799 |
0,690 |
|
|
76 |
1,987 |
1,851 |
1,718 |
1,587 |
1,458 |
1,331 |
1,206 |
1,084 |
0,964 |
0,847 |
|
|
77 |
2,266 |
2,119 |
1,974 |
1,831 |
1,691 |
1,553 |
1,418 |
1,285 |
1,154 |
1,026 |
|
|
78 |
2,587 |
2,427 |
2,269 |
2,114 |
1,961 |
1,811 |
1,663 |
1,517 |
1,374 |
1,234 |
|
Onder de tabel wordt het volgende voorbeeld opgenomen:
‘Voorbeeld van de toepassing van de tabel:
• Stel uw AOW-leeftijd is 67 jaar.
• Op uw 63e is uw ouderdomspensioen op uw 68e € 1.000 per maand.
• U wilt in juli 2020 op uw 63e met pensioen en tot uw AOW-datum een hoger pensioen. U kiest ervoor om € 100 extra voor uw AOW-datum te ontvangen (en heeft dan na u AOW-datum een lager pensioen).
• We gaan uw pensioen eerst vervroegen en daarna verhogen.
• Uw vervroegd pensioen wordt dan:
- eerst vervroegen we uw pensioen naar uw 63e. Dat is 0,742 (2021) van € 1.000 = € 742 per maand.
• U wilt uw vervroegde pensioen met € 100 verhogen:
- de ruilfactor bij hoog-laag tussen uw 63e en 67e is 0,265 (2021). Voor elke euro die u tussen uw 63e en 67e meer wilt ontvangen, ontvangt u 26,5 eurocent minder vanaf uw 67e.
- de € 100 die u tussen uw 63e en 67e meer wilt ontvangen kost u € 100 x 0,265 = € 26,50. Dit gaat af van uw ouderdomspensioen vanaf uw AOW-leeftijd.
- Van uw 63e tot uw 67e wordt uw ouderdomspensioen dan € 742 + € 100 = € 842 per maand.
- Vanaf uw 67e wordt uw ouderdomspensioen dan levenslang € 742 – € 26,50= € 715,50. Daarnaast ontvangt u dan uw AOW-uitkering.
Het voorbeeld kan ook andersom. Dan kiest u ervoor om na uw AOW een hoger pensioen te ontvangen.’
De huidige paragrafen 2, 3, 4 en 5 worden omgenummerd naar respectievelijk paragrafen 3, 4, 5 en 6.
De eerste drie tabellen in paragraaf 4 worden vervangen door de volgende tabellen:
|
Leeftijd |
OP |
OOP |
|---|---|---|
|
65 |
17,216 |
7,333 |
|
66 |
16,659 |
7,273 |
|
67 |
16,096 |
7,204 |
|
68 |
15,529 |
7,127 |
|
69 |
14,956 |
7,041 |
|
70 |
14,380 |
6,945 |
|
71 |
13,801 |
6,839 |
|
72 |
13,220 |
6,722 |
|
73 |
12,638 |
6,594 |
|
74 |
12,056 |
6,456 |
|
75 |
11,477 |
6,306 |
|
Leeftijd |
Volledig kapitaalgedekt PP1 |
|---|---|
|
PP |
|
|
65 |
3,285 |
|
66 |
3,280 |
|
67 |
3,285 |
|
68 |
3,276 |
|
69 |
3,259 |
|
70 |
3,235 |
|
71 |
3,204 |
|
72 |
3,164 |
|
73 |
3,116 |
|
74 |
3,058 |
|
75 |
2,990 |
Opgebouwd vanaf 1-1-2018, uitruilbaar, TPP (tijdelijk partnerpensioen ter compensatie loonheffing) n.v.t., PP bevat wezenpensioen
|
Leeftijd |
Kapitaalgedekt PP65+1 |
Volledig kapitaalgedekt PP2 |
||
|---|---|---|---|---|
|
PP |
TPP |
PP |
TPP |
|
|
65 |
3,286 |
0,044 |
2,354 |
0,039 |
|
66 |
3,281 |
0,030 |
2,356 |
0,027 |
|
67 |
3,286 |
0,017 |
2,354 |
0,016 |
|
68 |
3,276 |
0,006 |
2,347 |
0,006 |
|
69 |
3,260 |
0,001 |
2,334 |
0,001 |
|
70 |
3,236 |
0,000 |
2,317 |
0,000 |
|
71 |
3,204 |
0,000 |
2,294 |
0,000 |
|
72 |
3,165 |
0,000 |
2,265 |
0,000 |
|
73 |
3,116 |
0,000 |
2,229 |
0,000 |
|
74 |
3,058 |
0,000 |
2,188 |
0,000 |
|
75 |
2,990 |
0,000 |
2,139 |
0,000 |
De huidige tekst onder ‘voorbeeld van de toepassing van de tabel:’ wordt vervangen door de volgende tekst:
‘U gaat op uw 65e met pensioen.
U heeft bij ons een jaarlijks ouderdomspensioen vanaf uw 68e van € 300 per jaar. Als u overlijdt is het partnerpensioen 70% x 300 = € 210 per jaar.
We toetsen uw ouderdomspensioen dat u zou krijgen vanaf uw 65e. We moeten uw ouderdomspensioen dus vervroegen van 68 naar 65 jaar. Deze bedraagt dan € 300 x 0,831 (2021) = € 249,30.
Zowel het ouderdomspensioen als het partnerpensioen zijn lager dan de afkoopgrens.
In 2021 geldt op 65 jaar voor uw ouderdomspensioen een afkoopfactor van 17,216. De afkoopfactor van het partnerpensioen opgebouwd vanaf 1-1-2018 is dan 3,285.
U ontvangt van ons (€ 249,30 x 17,216) + (€ 210 x 3,285) = € 4.291,95 + € 689,85 = € 4.981,80.
Op dit bruto bedrag wordt o.a. loonheffing nog ingehouden, dus wat u op uw bankrekening ontvangt is lager.
U ontvangt géén maandelijkse pensioenen meer van ons.’
De vierde tabel in paragraaf 4 wordt vervangen door de volgende tabel:
|
Leeftijd |
PP |
TPP |
|---|---|---|
|
16 |
34,767 |
30,109 |
|
17 |
34,574 |
29,819 |
|
18 |
34,376 |
29,522 |
|
19 |
34,174 |
29,219 |
|
20 |
33,967 |
28,908 |
|
21 |
33,754 |
28,590 |
|
22 |
33,536 |
28,265 |
|
23 |
33,312 |
27,932 |
|
24 |
33,083 |
27,591 |
|
25 |
32,847 |
27,241 |
|
26 |
32,605 |
26,884 |
|
27 |
32,357 |
26,518 |
|
28 |
32,102 |
26,143 |
|
29 |
31,841 |
25,759 |
|
30 |
31,573 |
25,366 |
|
31 |
31,298 |
24,964 |
|
32 |
31,015 |
24,515 |
|
33 |
30,726 |
24,044 |
|
34 |
30,429 |
23,598 |
|
35 |
30,125 |
23,101 |
|
36 |
29,813 |
22,593 |
|
37 |
29,494 |
22,126 |
|
38 |
29,166 |
21,634 |
|
39 |
28,831 |
21,085 |
|
40 |
28,487 |
20,539 |
|
41 |
28,135 |
19,993 |
|
42 |
27,775 |
19,403 |
|
43 |
27,407 |
18,831 |
|
44 |
27,030 |
18,278 |
|
45 |
26,645 |
17,661 |
|
46 |
26,252 |
17,013 |
|
47 |
25,850 |
16,402 |
|
48 |
25,439 |
15,722 |
|
49 |
25,020 |
15,026 |
|
50 |
24,592 |
14,388 |
|
51 |
24,156 |
13,715 |
|
52 |
23,710 |
12,965 |
|
53 |
23,257 |
12,218 |
|
54 |
22,795 |
11,474 |
|
55 |
22,324 |
10,667 |
|
56 |
21,845 |
9,886 |
|
57 |
21,357 |
9,061 |
|
58 |
20,861 |
8,193 |
|
59 |
20,357 |
7,374 |
|
60 |
19,845 |
6,458 |
|
61 |
19,325 |
5,520 |
|
62 |
18,798 |
4,660 |
|
63 |
18,264 |
3,765 |
|
64 |
17,722 |
2,732 |
|
65 |
17,173 |
1,531 |
|
66 |
16,617 |
0,452 |
|
67 |
16,056 |
0,000 |
|
68 |
15,490 |
0,000 |
|
69 |
14,919 |
0,000 |
|
70 |
14,344 |
0,000 |
|
71 |
13,767 |
0,000 |
|
72 |
13,187 |
0,000 |
|
73 |
12,606 |
0,000 |
|
74 |
12,026 |
0,000 |
|
75 |
11,448 |
0,000 |
|
76 |
10,874 |
0,000 |
|
77 |
10,304 |
0,000 |
|
78 |
9,742 |
0,000 |
|
79 |
9,188 |
0,000 |
|
80 |
8,644 |
0,000 |
|
81 |
8,115 |
0,000 |
|
82 |
7,600 |
0,000 |
|
83 |
7,102 |
0,000 |
|
84 |
6,622 |
0,000 |
|
85 |
6,162 |
0,000 |
|
86 |
5,725 |
0,000 |
|
87 |
5,312 |
0,000 |
|
88 |
4,923 |
0,000 |
|
89 |
4,558 |
0,000 |
|
90 |
4,219 |
0,000 |
|
91 |
3,904 |
0,000 |
|
92 |
3,612 |
0,000 |
|
93 |
3,341 |
0,000 |
|
94 |
3,091 |
0,000 |
|
95 |
2,864 |
0,000 |
|
96 |
2,656 |
0,000 |
|
97 |
2,467 |
0,000 |
|
98 |
2,294 |
0,000 |
|
99 |
2,138 |
0,000 |
|
100 |
1,997 |
0,000 |
|
101 |
1,873 |
0,000 |
|
102 |
1,763 |
0,000 |
|
103 |
1,665 |
0,000 |
|
104 |
1,580 |
0,000 |
|
105 |
1,506 |
0,000 |
|
106 |
1,446 |
0,000 |
|
107 |
1,395 |
0,000 |
|
108 |
1,351 |
0,000 |
|
109 |
1,313 |
0,000 |
|
110 |
1,279 |
0,000 |
|
111 |
1,250 |
0,000 |
|
112 |
1,225 |
0,000 |
|
113 |
1,203 |
0,000 |
|
114 |
1,183 |
0,000 |
|
115 |
1,164 |
0,000 |
|
116 |
1,144 |
0,000 |
|
117 |
1,116 |
0,000 |
|
118 |
1,068 |
0,000 |
|
119 |
0,959 |
0,000 |
|
120 |
0,883 |
0,000 |
De vijfde tabel in paragraaf 4 wordt vervangen door de volgende tabel:
|
Leeftijd |
Wezenpensioen |
|---|---|
|
0 |
18,861 |
|
1 |
18,301 |
|
2 |
17,728 |
|
3 |
17,142 |
|
4 |
16,541 |
|
5 |
15,926 |
|
6 |
15,297 |
|
7 |
14,652 |
|
8 |
13,991 |
|
9 |
13,315 |
|
10 |
12,623 |
|
11 |
11,914 |
|
12 |
11,187 |
|
13 |
10,444 |
|
14 |
9,683 |
|
15 |
8,903 |
|
16 |
8,105 |
|
17 |
7,287 |
|
18 |
6,450 |
|
19 |
5,593 |
|
20 |
4,715 |
|
21 |
3,816 |
|
22 |
2,896 |
|
23 |
1,953 |
|
24 |
0,988 |
|
25 |
0,000 |
In paragraaf 3 onder tabel ‘Afkoopfactoren wezenpensioen’ wordt de tekst ‘Omdat het nabestaandenpensioen onder de afkoopgrens van € 497,27 (2020) ligt, kopen wij het als volgt af:
• Partnerpensioen: € 280 x 25,641 = € 7.179,48
• Wezenpensioen: 14% x € 400 x 10,923 = € 611,69’
vervangen door de volgende tekst:
‘Omdat het nabestaandenpensioen onder de afkoopgrens van € 503,24 (2021) ligt, kopen wij het als volgt af:
• Partnerpensioen: € 280 x 27,407 = € 7.673,96
• Wezenpensioen: 14% x € 400 x 11,187 = € 626,47’
De zin ‘Dan berekenen we de factor als volgt: 9,717 + 9,968 = 19,685.’ wordt vervangen door de volgende zin: ‘Dan berekenen we de factor als volgt: 10,840 + 11,072 = 21,912.’
De zin ’De omzettingsfactor wordt dan 9,8425.’ wordt vervangen door de volgende zin: ‘De omzettingsfactor wordt dan 10,956.’
De tekst ‘Als u uit dienst gaat wordt € 100.000 op dat moment omgezet in ouderdoms- en partnerpensioen
– uw ouderdomspensioen wordt dan € 100.000/10,743 (2020) = € 9.303,39 per jaar.
– het partnerpensioen wordt dan 70% van € 9.308,39 = € 6.515,87.’
wordt vervangen door de volgende tekst:
‘Als u uit dienst gaat wordt € 100.000 op dat moment omgezet in ouderdoms- en partnerpensioen
– uw ouderdomspensioen wordt dan € 100.000/11,797 x (2021) = € 8.476,73 per jaar.
– het partnerpensioen wordt dan 70% van € 8.476,73 = € 5.933,71 per jaar.
– het wezenpensioen wordt dan 14% van € 8.476,73 = € 1.186,74 per jaar (per halve wees).’
De tabellen in paragraaf 5 worden vervangen door de volgende tabellen:
|
Leeftijd |
Middelloonregeling militairen (AKP) |
|---|---|
|
15 |
6,148 |
|
16 |
6,289 |
|
17 |
6,428 |
|
18 |
6,571 |
|
19 |
6,717 |
|
20 |
6,867 |
|
21 |
7,021 |
|
22 |
7,177 |
|
23 |
7,338 |
|
24 |
7,505 |
|
25 |
7,672 |
|
26 |
7,841 |
|
27 |
8,012 |
|
28 |
8,188 |
|
29 |
8,370 |
|
30 |
8,554 |
|
31 |
8,743 |
|
32 |
8,936 |
|
33 |
9,132 |
|
34 |
9,330 |
|
35 |
9,535 |
|
36 |
9,743 |
|
37 |
9,951 |
|
38 |
10,168 |
|
39 |
10,390 |
|
40 |
10,613 |
|
41 |
10,840 |
|
42 |
11,072 |
|
43 |
11,311 |
|
44 |
11,549 |
|
45 |
11,797 |
|
46 |
12,047 |
|
47 |
12,300 |
|
48 |
12,561 |
|
49 |
12,826 |
|
50 |
13,095 |
|
51 |
13,371 |
|
52 |
13,652 |
|
53 |
13,938 |
|
54 |
14,231 |
|
55 |
14,530 |
|
56 |
14,835 |
|
57 |
15,152 |
|
58 |
15,476 |
|
59 |
15,809 |
|
60 |
16,148 |
|
61 |
16,499 |
|
62 |
16,859 |
|
63 |
17,229 |
|
64 |
17,616 |
|
65 |
18,018 |
|
66 |
18,426 |
|
67 |
18,849 |
|
68 |
19,294 |
|
69 |
18,671 |
|
70 |
18,057 |
|
71 |
17,518 |
|
72 |
16,965 |
|
73 |
16,397 |
|
74 |
15,813 |
|
75 |
15,218 |
|
Leeftijd |
Middelloonregeling militairen |
|---|---|
|
n.v.t. |
21,929 |
De huidige tekst onder ‘U bent in dienst en u spaart bij met het ABP ExtraPensioen en u overlijdt’ wordt vervangen door de volgende tekst:
‘We berekenen de verhoging van het nabestaandenpensioen als volgt:
De som van uw inleg en rendement gedeeld door 21,929. Deze factor is niet afhankelijk van uw leeftijd op het moment dat u overlijdt.’
Onder ‘Voorbeeld:’ wordt de zin ‘Het partnerpensioen is: € 54.000/21,580 = € 2.502,32 per jaar, zolang uw partner leeft.’ vervangen door de volgende zin: ‘Het partnerpensioen is: € 54.000/21,929 = € 2.462,49 per jaar, zolang uw partner leeft.’
Onder ‘Voorbeeld’ wordt de zin ‘Per halve wees bedraagt het wezenpensioen: 14/70 x € 2.517,13 =
€ 503,43.’ vervangen door de volgende zin: ‘Per halve wees bedraagt het wezenpensioen: 14/70 x € 2.462,49 = € 492,50.’
De ‘Bijlage Nettopensioen Lifecycleverloop en beheerkosten’ wordt vervangen door:
Bijlage Nettopensioen Lifecycleverloop en beheerkosten
|
Horizon |
Aandelen Ontwikkelde Markten |
Aandelen Opkomende Markten |
Vastgoed |
Grondstoffen |
Bedrijfsobligaties |
Staatsobligaties |
Indexleningen |
Staatsobligaties Lange Looptijden |
Beheertarief bruto (jaarbasis) |
Kortingspercentage1 |
Beheertarief netto (jaarbasis) |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
|
0 |
24,00% |
8,00% |
6,00% |
2,00% |
10,00% |
50,00% |
0,00% |
0,00% |
0,294% |
75,95% |
0.071% |
|
1 |
27,00% |
9,00% |
6,75% |
2,25% |
10,00% |
40,50% |
2,25% |
2,25% |
0,310% |
75,95% |
0.074% |
|
2 |
29,40% |
9,80% |
7,35% |
2,45% |
10,00% |
32,80% |
4,10% |
4,10% |
0,322% |
75,95% |
0.077% |
|
3 |
31,80% |
10,60% |
7,95% |
2,65% |
10,00% |
25,90% |
5,55% |
5,55% |
0,334% |
75,95% |
0.080% |
|
4 |
34,20% |
11,40% |
8,55% |
2,85% |
10,00% |
19,80% |
6,60% |
6,60% |
0,347% |
75,95% |
0.083% |
|
5 |
36,00% |
12,00% |
9,00% |
3,00% |
10,00% |
15,00% |
7,50% |
7,50% |
0,356% |
75,95% |
0.086% |
|
6 |
37,80% |
12,60% |
9,45% |
3,15% |
10,00% |
10,80% |
8,10% |
8,10% |
0,365% |
75,95% |
0.088% |
|
7 |
39,60% |
13,20% |
9,90% |
3,30% |
10,00% |
7,20% |
8,40% |
8,40% |
0,375% |
75,95% |
0.090% |
|
8 |
40,80% |
13,60% |
10,20% |
3,40% |
10,00% |
4,40% |
8,80% |
8,80% |
0,381% |
75,95% |
0.092% |
|
9 |
42,00% |
14,00% |
10,50% |
3,50% |
10,00% |
2,00% |
9,00% |
9,00% |
0,387% |
75,95% |
0.093% |
|
10 |
43,20% |
14,40% |
10,80% |
3,60% |
10,00% |
0,00% |
9,00% |
9,00% |
0,393% |
75,95% |
0.095% |
|
11 |
44,40% |
14,80% |
11,10% |
3,70% |
10,00% |
0,00% |
8,00% |
8,00% |
0,399% |
75,95% |
0.096% |
|
12 |
45,60% |
15,20% |
11,40% |
3,80% |
10,00% |
0,00% |
7,00% |
7,00% |
0,406% |
75,95% |
0.098% |
|
13 |
46,20% |
15,40% |
11,55% |
3,85% |
10,00% |
0,00% |
6,50% |
6,50% |
0,409% |
75,95% |
0.098% |
|
14 |
46,80% |
15,60% |
11,70% |
3,90% |
10,00% |
0,00% |
6,00% |
6,00% |
0,412% |
75,95% |
0.099% |
|
15 |
48,00% |
16,00% |
12,00% |
4,00% |
10,00% |
0,00% |
5,00% |
5,00% |
0,418% |
75,95% |
0.101% |
|
16 |
48,60% |
16,20% |
12,15% |
4,05% |
10,00% |
0,00% |
4,50% |
4,50% |
0,421% |
75,95% |
0.101% |
|
17 |
49,20% |
16,40% |
12,30% |
4,10% |
10,00% |
0,00% |
4,00% |
4,00% |
0,424% |
75,95% |
0.102% |
|
18 |
49,80% |
16,60% |
12,45% |
4,15% |
10,00% |
0,00% |
3,50% |
3,50% |
0,427% |
75,95% |
0.103% |
|
19 |
49,80% |
16,60% |
12,45% |
4,15% |
10,00% |
0,00% |
3,50% |
3,50% |
0,427% |
75,95% |
0.103% |
|
20 |
50,40% |
16,80% |
12,60% |
4,20% |
10,00% |
0,00% |
3,00% |
3,00% |
0,430% |
75,95% |
0.104% |
|
21 |
51,00% |
17,00% |
12,75% |
4,25% |
10,00% |
0,00% |
2,50% |
2,50% |
0,434% |
75,95% |
0.104% |
|
22 |
51,00% |
17,00% |
12,75% |
4,25% |
10,00% |
0,00% |
2,50% |
2,50% |
0,434% |
75,95% |
0.104% |
|
23 |
51,60% |
17,20% |
12,90% |
4,30% |
10,00% |
0,00% |
2,00% |
2,00% |
0,437% |
75,95% |
0.105% |
|
24 |
51,60% |
17,20% |
12,90% |
4,30% |
10,00% |
0,00% |
2,00% |
2,00% |
0,437% |
75,95% |
0.105% |
|
25 |
52,20% |
17,40% |
13,05% |
4,35% |
10,00% |
0,00% |
1,50% |
1,50% |
0,440% |
75,95% |
0.106% |
|
26 |
52,20% |
17,40% |
13,05% |
4,35% |
10,00% |
0,00% |
1,50% |
1,50% |
0,440% |
75,95% |
0.106% |
|
27 |
52,80% |
17,60% |
13,20% |
4,40% |
10,00% |
0,00% |
1,00% |
1,00% |
0,443% |
75,95% |
0.106% |
|
28 |
52,80% |
17,60% |
13,20% |
4,40% |
10,00% |
0,00% |
1,00% |
1,00% |
0,443% |
75,95% |
0.106% |
|
29 |
52,80% |
17,60% |
13,20% |
4,40% |
10,00% |
0,00% |
1,00% |
1,00% |
0,443% |
75,95% |
0.106% |
|
30 |
52,80% |
17,60% |
13,20% |
4,40% |
10,00% |
0,00% |
1,00% |
1,00% |
0,443% |
75,95% |
0.106% |
|
31 |
53,40% |
17,80% |
13,35% |
4,45% |
10,00% |
0,00% |
0,50% |
0,50% |
0,446% |
75,95% |
0.107% |
|
32 |
53,40% |
17,80% |
13,35% |
4,45% |
10,00% |
0,00% |
0,50% |
0,50% |
0,446% |
75,95% |
0.107% |
|
33 |
53,40% |
17,80% |
13,35% |
4,45% |
10,00% |
0,00% |
0,50% |
0,50% |
0,446% |
75,95% |
0.107% |
|
34 |
53,40% |
17,80% |
13,35% |
4,45% |
10,00% |
0,00% |
0,50% |
0,50% |
0,446% |
75,95% |
0.107% |
|
35 |
53,40% |
17,80% |
13,35% |
4,45% |
10,00% |
0,00% |
0,50% |
0,50% |
0,446% |
75,95% |
0.107% |
|
>35 |
54,00% |
18,00% |
13,50% |
4,50% |
10,00% |
0,00% |
0,00% |
0,00% |
0,449% |
75,95% |
0.108% |
ABP ontvangt een korting op de beheertarieven afhankelijk van onder meer de ontwikkeling van het belegd vermogen. De korting over een maand wordt na afloop van die maand vastgesteld. Op de beheerkosten voor de belegging van het nettopensioenkapitaal wordt dezelfde korting toegepast (netto beheertarief). In bovenstaand schema is een verwacht kortingspercentage voor 2021 opgenomen, dat berekend is op basis van de beleggingsmix van september 2020 en het daarbij horend belegd vermogen van € 463,2 miljard. Bij de daadwerkelijke aftrek van de netto beheertarieven op het pensioenkapitaal in een maand wordt rekening gehouden met het kortingspercentage over die maand.
Aanwendfactoren omzetting verworven kapitaal bij einde deelneming en pensionering (peil 1 januari 2021).
|
Leeftijd |
Factor |
Leeftijd |
Factor |
Leeftijd |
Factor |
Leeftijd |
Factor |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
|
21 |
17,011 |
36 |
21,264 |
51 |
24,864 |
66 |
25,91 |
|
22 |
17,278 |
37 |
21,553 |
52 |
25,001 |
67 |
26,208 |
|
23 |
17,555 |
38 |
21,844 |
53 |
25,133 |
68 |
26,583 |
|
24 |
17,837 |
39 |
22,124 |
54 |
25,260 |
69 |
26,964 |
|
25 |
18,116 |
40 |
22,394 |
55 |
25,360 |
70 |
27,356 |
|
26 |
18,393 |
41 |
22,664 |
56 |
25,465 |
71 |
27,764 |
|
27 |
18,673 |
42 |
22,926 |
57 |
25,557 |
72 |
28,189 |
|
28 |
18,959 |
43 |
23,188 |
58 |
25,632 |
||
|
29 |
19,25 |
44 |
23,447 |
59 |
25,721 |
||
|
30 |
19,544 |
45 |
23,687 |
60 |
25,769 |
||
|
31 |
19,838 |
46 |
23,91 |
61 |
25,805 |
||
|
32 |
20,128 |
47 |
24,134 |
62 |
25,865 |
||
|
33 |
20,408 |
48 |
24,326 |
63 |
25,910 |
||
|
34 |
20,697 |
49 |
24,504 |
64 |
25,908 |
||
|
35 |
20,982 |
50 |
24,694 |
65 |
25,845 |
Aanwendfactoren omzetting verworven kapitaal bij overlijden.
|
Leeftijd |
Aanwending |
|---|---|
|
21 |
62,443 |
|
22 |
61,915 |
|
23 |
61,402 |
|
24 |
60,948 |
|
25 |
60,559 |
|
26 |
60,261 |
|
27 |
60,084 |
|
28 |
59,963 |
|
29 |
59,895 |
|
30 |
59,836 |
|
31 |
59,795 |
|
32 |
59,802 |
|
33 |
59,723 |
|
34 |
59,612 |
|
35 |
59,409 |
|
36 |
59,057 |
|
37 |
58,746 |
|
38 |
58,346 |
|
39 |
57,711 |
|
40 |
57,101 |
|
41 |
56,432 |
|
42 |
55,497 |
|
43 |
54,423 |
|
44 |
53,260 |
|
45 |
52,212 |
|
46 |
51,135 |
|
47 |
49,806 |
|
48 |
48,394 |
|
49 |
47,136 |
|
50 |
45,857 |
|
51 |
44,391 |
|
52 |
43,113 |
|
53 |
41,846 |
|
54 |
40,432 |
|
55 |
39,187 |
|
56 |
38,069 |
|
57 |
36,861 |
|
58 |
35,682 |
|
59 |
34,598 |
|
60 |
33,523 |
|
61 |
32,470 |
|
62 |
31,437 |
|
63 |
30,426 |
|
64 |
29,425 |
|
65 |
28,420 |
|
66 |
27,414 |
|
67 |
26,406 |
|
68 |
25,398 |
|
69 |
24,390 |
|
70 |
23,385 |
|
71 |
22,383 |
|
72 |
21,387 |
|
73 |
20,395 |
|
74 |
19,412 |
|
75 |
18,445 |
|
76 |
17,495 |
|
77 |
16,561 |
|
78 |
15,642 |
|
79 |
14,741 |
|
80 |
13,859 |
|
81 |
12,998 |
|
82 |
12,160 |
|
83 |
11,347 |
|
84 |
10,563 |
|
85 |
9,812 |
|
86 |
9,093 |
|
87 |
8,408 |
|
88 |
7,757 |
|
89 |
7,145 |
|
90 |
6,571 |
|
91 |
6,036 |
|
92 |
5,539 |
|
93 |
5,080 |
|
94 |
4,659 |
|
95 |
4,271 |
|
96 |
3,915 |
|
97 |
3,591 |
|
98 |
3,298 |
|
99 |
3,033 |
|
100 |
2,796 |
|
Uitruil |
Factor |
Toelichting |
|---|---|---|
|
Van PP2018 naar OP68 |
0,232 |
Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot een verhoging van het OP op 68 jaar met 0,232 euro |
|
Van OP 68 naar PP2018 |
0,320 |
Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot een verlaging van het OP op 68 jaar met 0,320 euro |
De ‘Bijlage Nettopensioen risicopremie nabestaandenpensioen’ wordt vervangen door:
Bijlage Nettopensioen risicopremie nabestaandenpensioen
De risicopremie voor het risico gedekt nabestaandenpensioen.
Om de premie voor het risico gedekt nabestaandenpensioen vast te stellen gaan we uit van de factor bij de leeftijd van de deelnemer in de kolom sterftekans. Deze vermenigvuldigen we met het risicokapitaal. Het risicokapitaal is het verschil tussen de factor bij leeftijd partner in kolom aanwending maal fiscaal maximaal partnerpensioen en het al gespaarde kapitaal.
|
Leeftijd |
Sterftekans |
Aanwending |
|---|---|---|
|
21 |
0,0001 |
62,443 |
|
22 |
0,0001 |
61,915 |
|
23 |
0,0001 |
61,402 |
|
24 |
0,0001 |
60,948 |
|
25 |
0,0001 |
60,559 |
|
26 |
0,0001 |
60,261 |
|
27 |
0,0001 |
60,084 |
|
28 |
0,0001 |
59,963 |
|
29 |
0,0001 |
59,895 |
|
30 |
0,0002 |
59,836 |
|
31 |
0,0002 |
59,795 |
|
32 |
0,0002 |
59,802 |
|
33 |
0,0002 |
59,723 |
|
34 |
0,0002 |
59,612 |
|
35 |
0,0002 |
59,409 |
|
36 |
0,0002 |
59,057 |
|
37 |
0,0002 |
58,746 |
|
38 |
0,0003 |
58,346 |
|
39 |
0,0003 |
57,711 |
|
40 |
0,0003 |
57,101 |
|
41 |
0,0003 |
56,432 |
|
42 |
0,0004 |
55,497 |
|
43 |
0,0004 |
54,423 |
|
44 |
0,0004 |
53,26 |
|
45 |
0,0005 |
52,212 |
|
46 |
0,0005 |
51,135 |
|
47 |
0,0006 |
49,806 |
|
48 |
0,0007 |
48,394 |
|
49 |
0,0007 |
47,136 |
|
50 |
0,0008 |
45,857 |
|
51 |
0,0009 |
44,391 |
|
52 |
0,001 |
43,113 |
|
53 |
0,0012 |
41,846 |
|
54 |
0,0013 |
40,432 |
|
55 |
0,0015 |
39,187 |
|
56 |
0,0017 |
38,069 |
|
57 |
0,0019 |
36,861 |
|
58 |
0,0021 |
35,682 |
|
59 |
0,0024 |
34,598 |
|
60 |
0,0027 |
33,523 |
|
61 |
0,0030 |
32,470 |
|
62 |
0,0034 |
31,437 |
|
63 |
0,0038 |
30,426 |
|
64 |
0,0042 |
29,425 |
|
65 |
0,0048 |
28,420 |
|
66 |
0,0054 |
27,414 |
|
67 |
0,0061 |
26,406 |
|
68 |
0,0069 |
25,398 |
|
69 |
0,0078 |
24,390 |
|
70 |
0,0088 |
23,385 |
|
71 |
0,0100 |
22,383 |
|
72 |
0,0114 |
21,387 |
|
73 |
n.v.t. |
20,395 |
|
74 |
n.v.t. |
19,412 |
|
75 |
n.v.t. |
18,445 |
|
76 |
n.v.t. |
17,495 |
|
77 |
n.v.t. |
16,561 |
|
78 |
n.v.t. |
15,642 |
|
79 |
n.v.t. |
14,741 |
|
80 |
n.v.t. |
13,859 |
|
81 |
n.v.t. |
12,998 |
|
82 |
n.v.t. |
12,160 |
|
83 |
n.v.t. |
11,347 |
|
84 |
n.v.t. |
10,563 |
|
85 |
n.v.t. |
9,812 |
|
86 |
n.v.t. |
9,093 |
|
87 |
n.v.t. |
8,408 |
|
88 |
n.v.t. |
7,757 |
|
89 |
n.v.t. |
7,145 |
|
90 |
n.v.t. |
6,571 |
|
91 |
n.v.t. |
6,036 |
|
92 |
n.v.t. |
5,539 |
|
93 |
n.v.t. |
5,080 |
|
94 |
n.v.t. |
4,659 |
|
95 |
n.v.t. |
4,271 |
|
96 |
n.v.t. |
3,915 |
|
97 |
n.v.t. |
3,591 |
|
98 |
n.v.t. |
3,298 |
|
99 |
n.v.t. |
3,033 |
|
100 |
n.v.t. |
2,796 |
De ‘Bijlage nettopensioen risicopremie arbeidsongeschiktheid’ wordt vervangen door:
Bijlage nettopensioen risicopremie arbeidsongeschiktheid
De risicopremie voor premievrije voortzetting bij arbeidsongeschiktheid
De risicopremie voor premievrije voortzetting van de deelneming bij arbeidsongeschiktheid in de zin van de WIA. De risicopremie is gelijk aan onderstaand percentage vermenigvuldigd met ofwel de premie volgens de premiestaffel (bij opbouw- of totaalpakket) ofwel de risicopremie voor nabestaandenpensioen (bij alleen risicopakket).
|
Leeftijdsklasse |
Opslag |
|---|---|
|
15 t/m 19 |
0,0 |
|
20 t/m 24 |
0,8 |
|
25 t/m 29 |
1,6 |
|
30 t/m 34 |
2,3 |
|
35 t/m 39 |
1,9 |
|
40 t/m 44 |
1,2 |
|
45 t/m 49 |
0,7 |
|
50 t/m 54 |
0,5 |
|
55 t/m 59 |
0,4 |
|
60 t/m 64 |
0,2 |
|
65 t/m 67 |
0,0 |
Bij het begrip ‘Dagloon’ wordt het bedrag ‘€ 219,28’ vervangen door het bedrag ‘€ 223,40’.
De huidige tabel ‘bedragen en percentages’ in bijlage 3 wordt vervangen door de volgende tabel:
|
Omschrijving |
Datum |
||
|---|---|---|---|
|
01-01-2021 |
|||
|
6.5 |
Maxima |
Aftoppingsgrens pensioengevend inkomen |
€ 112.189 |
|
7.1.2 |
Franchise |
Franchise premiegrondslag OP/NP |
€ 13.150 (u heeft geen UGM-uitkering op 1-1-2019) € 20.500 (u heeft een UGM-uitkering op 1-1-2019) |
|
6.6 |
Premie |
Premie OP/NP |
23,8% |
|
7.1.2 |
De franchise en opbouwpercentage |
Franchise opbouw OP |
€ 14.550 (bij opbouwpercentage 1,875%; inkomen gelijk of hoger dan € 43.322,41) |
|
€ 13.150 (bij opbouwpercentage 1,788%; inkomen tot € 43.222,41) € 20.500 (bij opbouwpercentage 1,875%; u heeft een UGM-uitkering op 1-1-2019 ) |
|||
|
5.1.3 |
U wilt meer ouderdomspensioen |
Ruilvoet omzetten PP65+ naar OP op 65 jaar |
0,185 Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot een verhoging van het OP op 65 jaar met 0,185 euro |
|
Ruilvoet omzetten PP65+ naar OP op 67 jaar |
0,209 Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot een verhoging van het OP op 67 jaar met 0,209 euro |
||
|
Ruilvoet omzetten PP65+ naar OP op 68 jaar |
0,223 Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot een verhoging van het OP op 68 jaar met 0,223 euro |
||
|
Ruilvoet omzetten PP2018 naar OP op 65 jaar |
0,193 Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verhoging van het OP op 65 jaar met 0,193 euro |
||
|
Ruilvoet omzetten PP2018 naar OP op 67 jaar |
0,218 Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verhoging van het OP op 67 jaar met 0,218 euro |
||
|
Ruilvoet omzetten PP2018 naar OP op 68 jaar |
0,232 Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verhoging van het OP op 68 jaar met 0,232 euro |
||
|
Overgangbepaling A bij art 17.6.9a PR, zoals dat luidde op 31-12-2018 |
Ruilvoet omzetten OP65 naar PP65+ |
0,260 Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot verlaging van het OP vanaf 65 jaar met 0,260 euro |
|
|
Ruilvoet omzetten OP65 naar PP2018 |
0,266 Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verlaging van het OP vanaf 65 jaar met 0,266 euro |
||
|
Ruilvoet omzetten OP67 naar PP65+ |
0,294 Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot verlaging van het OP vanaf 67 jaar met 0,294 euro |
||
|
Ruilvoet omzetten OP67 naar PP2018 |
0,300 Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verlaging van het OP vanaf 67 jaar met 0,300 euro |
||
|
Ruilvoet omzetten OP68 naar PP65+ |
0,313 Uitruil van 1 euro PP65+ leidt tot verlaging van het OP vanaf 68 jaar met 0,313 euro |
||
|
Ruilvoet omzetten OP68 naar PP2018 |
0,320 Uitruil van 1 euro PP2018 leidt tot verlaging van het OP vanaf 68 jaar met 0,320 euro |
||
|
Hoofdstuk 17 PR, zoals dat luidde op 31-12-2018Overgangsbepaling: |
Maximum compensatie premiebetaling over nabestaandenpensioen |
||
|
A13 bij par. 7 |
€ 7.155,97 |
||
|
B12 bij par. 7 |
€ 7.155,97 |
||
|
bij art. 17.9.5 |
€ 7.155,97 |
||
|
13 |
ABP ExtraPensioen |
Vast rendement Kosten |
0,0% per maand 0,04% per maand (afgerond) |
De huidige tabel onder ‘Uitruilfactoren ouderdomspensioen in kapitaalgedekt partnerpensioen PP65- bij eindigen deelneming (Hoofdstuk 17 artikel 17.6.9b)’ wordt vervangen door de volgende tabel:
|
van OP68 |
van OP67 |
van OP65 |
|
|---|---|---|---|
|
Leeftijd |
naar PP65- |
naar PP65- |
naar PP65- |
|
15 |
0,0673 |
0,0639 |
0,0576 |
|
16 |
0,0680 |
0,0645 |
0,0581 |
|
17 |
0,0687 |
0,0651 |
0,0586 |
|
18 |
0,0693 |
0,0656 |
0,0591 |
|
19 |
0,0698 |
0,0661 |
0,0595 |
|
20 |
0,0702 |
0,0665 |
0,0599 |
|
21 |
0,0706 |
0,0669 |
0,0602 |
|
22 |
0,0710 |
0,0672 |
0,0605 |
|
23 |
0,0713 |
0,0675 |
0,0608 |
|
24 |
0,0716 |
0,0678 |
0,0610 |
|
25 |
0,0720 |
0,0681 |
0,0613 |
|
26 |
0,0723 |
0,0684 |
0,0615 |
|
27 |
0,0727 |
0,0688 |
0,0618 |
|
28 |
0,0730 |
0,0691 |
0,0621 |
|
29 |
0,0733 |
0,0694 |
0,0623 |
|
30 |
0,0736 |
0,0696 |
0,0625 |
|
31 |
0,0739 |
0,0699 |
0,0628 |
|
32 |
0,0741 |
0,0701 |
0,0629 |
|
33 |
0,0743 |
0,0703 |
0,0631 |
|
34 |
0,0745 |
0,0704 |
0,0632 |
|
35 |
0,0747 |
0,0706 |
0,0633 |
|
36 |
0,0748 |
0,0706 |
0,0634 |
|
37 |
0,0748 |
0,0707 |
0,0634 |
|
38 |
0,0748 |
0,0707 |
0,0633 |
|
39 |
0,0747 |
0,0706 |
0,0632 |
|
40 |
0,0746 |
0,0704 |
0,0631 |
|
41 |
0,0743 |
0,0702 |
0,0628 |
|
42 |
0,0739 |
0,0698 |
0,0625 |
|
43 |
0,0734 |
0,0693 |
0,0620 |
|
44 |
0,0728 |
0,0687 |
0,0615 |
|
45 |
0,0720 |
0,0679 |
0,0608 |
|
46 |
0,0711 |
0,0670 |
0,0599 |
|
47 |
0,0699 |
0,0660 |
0,0589 |
|
48 |
0,0686 |
0,0647 |
0,0578 |
|
49 |
0,0671 |
0,0632 |
0,0565 |
|
50 |
0,0653 |
0,0616 |
0,0550 |
|
51 |
0,0634 |
0,0597 |
0,0533 |
|
52 |
0,0611 |
0,0576 |
0,0514 |
|
53 |
0,0586 |
0,0552 |
0,0492 |
|
54 |
0,0558 |
0,0525 |
0,0468 |
|
55 |
0,0527 |
0,0496 |
0,0442 |
|
56 |
0,0492 |
0,0463 |
0,0412 |
|
57 |
0,0454 |
0,0427 |
0,0380 |
|
58 |
0,0412 |
0,0388 |
0,0345 |
|
59 |
0,0366 |
0,0345 |
0,0306 |
|
60 |
0,0317 |
0,0298 |
0,0265 |
|
61 |
0,0263 |
0,0247 |
0,0219 |
|
62 |
0,0204 |
0,0192 |
0,0170 |
|
63 |
0,0141 |
0,0132 |
0,0117 |
|
64 |
0,0073 |
0,0068 |
0,0060 |
In de tabel wordt een de volgende nieuwe regel toegevoegd onder ‘Besch overbruggingstoelage’:
|
EENMALIGE UITKERING |
SALARIS |
VARIABEL |
100% |
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2020-69086.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.