Verlenen opsporingsvergunning aardwarmte Rotterdam-Stad, Ministerie van Economische Zaken en Klimaat

Besluit 25-09-2020

DGKE-WO / V-2180

Procesverloop:

  • Hydreco GeoMEC B.V. (hierna: Hydreco) en gemeente Rotterdam hebben per bericht ontvangen op 4 juli 2018 een aanvraag ingediend voor een opsporingsvergunning voor aardwarmte, ingevolge artikel 6 van de Mijnbouwwet (hierna: Mbw). Het aangevraagde gebied is genaamd Rotterdam-Stad. De aangevraagde geldigheidsduur van de vergunning is zes jaar;

  • in de Staatscourant van 17 september 2018 (Staatscourant 2018, nr. 51800) is een uitnodiging geplaatst voor het indienen van concurrerende aanvragen. Binnen de termijn van dertien weken zijn twee concurrerende aanvragen ontvangen, voor de gebieden genaamd Rotterdam-Bar en Rotterdam 7;

  • per bericht van 11 november 2019 is de aanvraag Rotterdam-Stad zodanig gewijzigd dat deze niet meer concurreert. Het aangevraagde gebied ligt in de provincie Zuid-Holland, in de gemeenten Lansingerland, Rotterdam en Schiedam. De oppervlakte van het aangevraagde gebied na wijziging is 69,20 km². Tevens is Shell Geothermal B.V. (hierna: Shell) toegevoegd als mede-aanvrager en beoogd mede-vergunninghouder;

  • TNO-AGE (hierna: TNO) heeft op verzoek van de Minister van Economische Zaken en Klimaat (hierna: Minister van EZK) per bericht ontvangen op 1 april 2020 advies uitgebracht (kenmerk: AGE 20-10.034);

  • Staatstoezicht op de Mijnen (hierna: SodM) heeft op verzoek van de Minister van EZK per bericht ontvangen op 2 april 2019 advies uitgebracht (kenmerk: 19057306/ADV-45). Per bericht van 17 januari 2020 heeft SodM aangegeven geen reden te zien tot aanvulling van het uitgebrachte advies naar aanleiding van de wijziging van de aanvraag;

  • het College van gedeputeerde staten van de provincie Zuid-Holland (hierna: GS) heeft op grond van artikel 16 van de Mbw op 19 mei 2020 advies uitgebracht (kenmerk: ODH-2020-00061758);

  • de Mijnraad is, op grond van artikel 105, derde lid, van de Mbw om advies gevraagd en heeft per bericht van 15 juli 2020 advies uitgebracht (kenmerk: MIJR/20198643).

Besluit

Artikel 1

Aan Hydreco GeoMEC B.V., gemeente Rotterdam en Shell Geothermal B.V. (hierna: de vergunninghouder) wordt een opsporingsvergunning voor aardwarmte verleend voor het gebied genaamd Rotterdam-Stad.

Artikel 2

Hydreco GeoMEC B.V. wordt degene die de werkzaamheden uitvoert of daartoe opdracht verleent, als bedoeld in artikel 22, vijfde lid, Mbw.

Artikel 3

De vergunning geldt voor het gebied dat ligt in de provincie Zuid-Holland, in de gemeenten Lansingerland, Rotterdam en Schiedam en wordt begrensd door de rechte lijnen tussen de punten zoals weergegeven in tabel 1.

Tabel 1:

Punt

X

Y

1

92575,447

435333,187

2

90459,066

435358,864

3

89011,916

436739,355

4

87696,227

436739,285

5

86986,886

438693,914

6

85865,491

441893,202

7

86656,000

441978,000

8

86790,992

442075,950

9

87528,775

442538,689

10

88292,867

443031,019

11

89526,695

443030,713

12

90369,652

441999,525

13

91199,099

442581,578

14

91832,837

443030,141

15

93030,377

443029,844

16

94300,000

441964,916

17

94300,000

438300,000

18

94860,855

436740,121

19

96415,895

436734,790

20

96869,326

435542,177

21

99196,047

435258,484

22

98848,409

433425,740

23

92387,153

432080,670

24

93207,376

433795,570

25

93862,230

435439,880

26

93051,524

436016,720

Bovenstaande coördinaten zijn weergegeven volgens het stelsel van de Rijksdriehoekmeting (RD).

Op basis van deze grensbeschrijving is de oppervlakte van het gebied 69,20 km2.

Artikel 4

De vergunninghouder geeft uitvoering aan het werkprogramma dat onderdeel uitmaakt van de op 4 juli 2018 ingediende aanvraag.

Artikel 5

De vergunninghouder neemt bij de uitvoering van het werkprogramma de volgende voorwaarden in acht:

  • voor het verstrijken van het tweede jaar na onherroepelijk worden van de vergunning overlegt de vergunninghouder een geactualiseerd werkprogramma aan de Minister van Economische Zaken en Klimaat, waarin de omvang van het vergunde gebied wordt geëvalueerd op basis van de warmtevraag en het warmteaanbod;

  • zes maanden voorafgaand aan de uitvoering van fysieke activiteiten overlegt de vergunninghouder aan de Minister van Economische Zaken en Klimaat een geactualiseerde organisatiestructuur en -invulling, conform de dan geldende technische standaarden, welke aan de inspecteur-generaal der mijnen wordt voorgelegd.

Artikel 6

De vergunning geldt vanaf het tijdstip waarop zij in werking is getreden tot vier jaar na het tijdstip waarop zij onherroepelijk is geworden.

Artikel 7

De vergunning treedt in werking met ingang van de dag na die waarop de beschikking is bekendgemaakt.

Deze beschikking wordt bekendgemaakt door toezending aan de aanvrager. Van deze beschikking wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, namens deze: J.L. Rosch MT-lid directie Warmte en Ondergrond

Tegen dit besluit kan degene, wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken, binnen 6 weken na de dag waarop dit besluit is verzonden, een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij de Minister van Economische Zaken en Klimaat, directie Wetgeving en Juridische Zaken, Postbus 20401, 2500 EK Den Haag. Dit besluit is verzonden op de in de aanhef vermelde datum.

Naar boven