Besluit Aanvaarding aanvraagdossier vergunningen project Porthos, Ministerie van Economische Zaken en Klimaat

Datum: 4 september 2020

Nummer: DGKE-WO/20225778

De Minister van Economische Zaken en Klimaat,

Overwegende,

Dat het project Porthos (Port of Rotterdam CO2 Transport Hub and Storage), dat een gezamenlijk initiatief is van het Havenbedrijf Rotterdam N.V., Energie Beheer Nederland en N.V. Nederlandse Gasunie, voornemens is om een CO2-leiding aan te leggen door het Rotterdamse havengebied naar opslaglocaties onder de Noordzee waarin CO2 vanuit de Rotterdamse industrie wordt opgeslagen;

Dat de Verordening (EU) 347/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2013 betreffende richtsnoeren voor de trans-Europese energie-infrastructuur en tot intrekking van Beschikking nr. 1364/2006/EG en tot wijziging van de Verorde­ningen (EG) nr. 713/2009, (EG) nr. 714/2009 en (EG) nr. 715/2009 (PbEU 2013, L 115) (hierna: de Verordening) op 1 juni 2013 van kracht is geworden;

Dat de Verordening beoogt – als onderdeel van de energie­strategie – de energiebehoeften van Europa te moderniseren en uit te breiden en netwerken met elkaar te verbinden. Dat in de Verordening regels zijn opgenomen voor de vergunningverlening voor projecten die op grond van de Verordening zijn aangemerkt als projecten van gemeenschappelijk belang;

Dat Porthos is aangemerkt als een energie-infrastructuurproject dat is opgenomen op de Unielijst van projecten van gemeenschappelijk belang, als bedoeld in artikel 3, vierde lid, van de Verordening in samenhang met bijlage VII bij de Verordening;

Dat op grond van artikel 141a, eerste lid, aanhef en onder b, van de Mijnbouwwet is bepaald dat op de besluitvorming voor dit project de rijkscoördinatieregeling als bedoeld in artikel 3.35 eerste lid, aanhef en onder c, van de Wet ruimtelijke ordening (hierna: Wro) van toepassing is;

Dat dit onder meer betekent dat de voorbereiding en bekendmaking van diverse voor het project benodigde besluiten worden gecoördineerd, overeenkomstig artikel 3.35, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wro, waarbij de Minister van Economische Zaken en Klimaat met deze coördinatie is belast;

Dat dit tevens tot gevolg heeft dat op grond van de Verordening de bevoegde instantie het aanvraagdossier aanvaardt (ingevolge artikel 10, vierde lid, aanhef en onder c, van de Verordening);

Dat gelet op het bepaalde in artikel 3.35, tweede en derde lid, artikel 141a, eerste lid, aanhef en onder b, van de Mijnbouwwet, de Minister van Economische Zaken en Klimaat is aangemerkt als nationaal bevoegde instantie als bedoeld in artikel 8, eerste lid, Verordening;

Dat op 22 juni 2020 het ontwerp-aanvraagdossier als bedoeld in artikel 10, vierde lid, aanhef en onder c, van de Verordening is ontvangen.

De vergunningaanvragen betreffen omgevingsvergunningen voor het compressorstation en het P18-A platform, de vergunning op grond van de Mijnbouwwet voor de CO2-pijpleiding, de vergunning op grond van de Wet natuurbescherming en tot slot een aanvraag voor wijziging van de bestaande P18-4 vergunning voor de permanente opslag van CO2 in het voor­komen P18-4;

Dat in het aanvraagdossier op 22 juni 2020 een wijziging heeft plaatsgevonden ten behoeve van de aanvraag voor een vergunning op grond van de Wet natuurbescherming en de omgevingsvergunning voor het P18-A platform en dat op het aanvraagdossier een aanvulling heeft plaatsgevonden ten behoeve van de aanvraag voor de vergunning op grond van de Mijnbouwwet voor de CO2-transportleiding;

Dat is gebleken dat het aanvraagdossier, nadat aanvullende informatie is overgelegd, compleet is. Dat gelet daarop er geen beletsel is het aanvraagdossier te aanvaarden.

Gelet op:

Artikel 10, vierde lid, aanhef en onder c, Verordening,

Besluit:

Artikel 1

Inzake het project Porthos wordt het ontwerp van het aanvraagdossier dat is ingediend op 22 juni 2020 mede namens de andere bevoegde gezagen aanvaard als bedoeld in artikel 10, vierde lid, aanhef en onder c, van de Verordening.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking de dag na die waarop het bekend is gemaakt.

Dit besluit wordt bekendgemaakt door toezending aan Porthos Development C.V.

Van dit besluit wordt mededeling gedaan in de Staatscourant en in lokale media.

’s-Gravenhage, 4 september 2020

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, namens deze, R. Cino MT lid directie Warmte & Ondergrond

Dit besluit moet worden aangemerkt als een voorbereidingsbesluit als bedoeld in artikel 6:3 van de Algemene wet bestuursrecht en is niet vatbaar voor bezwaar of beroep, tenzij deze beslissing de belanghebbende los van het voor te bereiden besluit rechtstreeks in zijn belang treft.

Naar boven