Besluit van de inspecteur-generaal van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit namens de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 17 juli 202, nr. NVWA/2020/3797, tot vaststelling van het Specifiek interventiebeleid dierlijke bijproducten (IB02-SPEC 33, versie 03)

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

Gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 8.1 van de Wet dieren, artikel 6, zevende lid, van het Besluit mandaat, volmacht en machtiging LNV 2019 en het Algemeen Interventiebeleid Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit;

Besluit vast te stellen de volgende beleidsregel:

1. DOEL EN TOEPASSINGSGEBIED

Het Specifiek interventiebeleid dierlijke bijproducten beschrijft, binnen de kaders van het Algemeen Interventiebeleid van de NVWA (NVWA-IB02) de interventiegrenzen voor specifieke overtredingen binnen het werkterrein dierlijke bijproducten en geeft per overtreding nadere invulling aan het hiervoor genoemde algemeen interventiebeleid.

Overtredingen die door de inspecteur/toezichthouder worden waargenomen en die niet in dit IB02-SPEC 33 zijn opgenomen, worden voorgelegd aan de Afdeling Expertise van de Directie Handhaven, teneinde een klasseindeling en een interventie te bepalen.

2. DEFINITIES EN WETTELIJKE BASIS

2.1 Definities en afkortingen

Voor de algemene definities wordt verwezen naar het Algemeen Interventiebeleid van de NVWA.

2.2 Wettelijke Basis

De wettelijke basis voor het Specifiek interventiebeleid dierlijke bijproducten is:

  • Verordening (EG) nr. 1069/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften inzake niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten en afgeleide producten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1774/2002 (verordening dierlijke bijproducten);

  • Verordening (EU) nr. 142/2011 van de Commissie van 25 februari 2011 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 1069/2009 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften inzake niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten en afgeleide producten en tot uitvoering van Richtlijn 97/78/EG van de Raad wat betreft bepaalde monsters en producten die vrijgesteld zijn van veterinaire controles aan de grens krachtens die richtlijn;

  • Verordening (EG) nr. 999/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2001 houdende vaststelling van voorschriften inzake preventie, bestrijding en uitroeiing van bepaalde overdraagbare spongiforme encefalopathieën, in het bijzonder de artikelen 7 en 8, in samenhang met bijlage IV en bijlage V, punt 3;

  • De Wet dieren, in het bijzonder de artikelen 3.4, eerste lid, en 6.2, eerste lid;

  • Het Besluit dierlijke producten, in het bijzonder hoofdstuk 3;

  • Het Besluit diervoeders 2012, in het bijzonder artikel 2.1;

  • De Regeling dierlijke producten, in het bijzonder hoofdstuk 3;

  • De Regeling diervoeders 2012, in het bijzonder artikel 7.

3. Werkwijze

3.1 Het bepalen van de ernst van de overtreding

Overtredingen worden ingedeeld naar de klassen zoals gedefinieerd in het Algemeen Interventiebeleid van de NVWA.

Bij de indeling in de klassen is beoordeeld in hoeverre een overtreding een (risico op) een gevaar kan vormen voor de volks- of diergezondheid of het milieu. Daarbij zijn de volgende overwegingen meegenomen:

  • Is er sprake van een incidentele of structurele overtreding? Tegen een structurele overtreding kunnen andere interventies nodig zijn dan tegen een incidentele overtreding.

  • Een aantal wettelijke normen in de bijlage zijn in meerdere klassen (B, C en/of D) ingedeeld omdat de ernst van de overtreding afhankelijk is van de feiten en omstandigheden van het geval. De inspecteur zal op basis van de feiten en de risicoafweging die klasse hanteren die bij die risico inschaling hoort.

Overtredingen uit de klasse B zijn overtredingen met een (risico op) een ernstig gevaar voor de volks- of diergezondheid of het milieu.

Overtredingen uit de klasse C zijn overtredingen die geen overtreding uit de klasse B vormen maar toch een (risico op) een gevaar voor de volks- of diergezondheid of milieu vormen.

Overtredingen uit de klasse D zijn overtredingen met een (risico op) een gering gevaar voor de volks- of diergezondheid of het milieu.

In de bijlage van dit document zijn de klasseindeling, interventiegrenzen en specifieke interventies opgenomen voor de afzonderlijke overtredingen van de wetgeving met betrekking tot dierlijke bijproducten.

Afwijken van de in dit document voorgeschreven interventie is alleen mogelijk in overleg met, en na akkoord van, het afdelingshoofd. De onderbouwing van de reden om af te wijken wordt vastgelegd.

3.2 Het bepalen van interventies bij een overtreding

De Wet dieren kan zowel bestuurs- als strafrechtelijk worden gehandhaafd. Hieronder wordt het palet van mogelijke sanctionerende en corrigerende interventies weergegeven.

Sanctionerende interventies

Overtredingen van de Wet dieren worden doorgaans bestuurlijk beboet. Indien de ernst van de overtreding of de omstandigheden waaronder deze is begaan daartoe aanleiding geven, legt de NVWA deze aan het Openbaar Ministerie voor. Dit volgt uit artikel 8.10, eerste lid, van de Wet dieren. Het Openbaar Ministerie beslist of het overgaat tot strafrechtelijke afdoening. Afgezien van de in artikel 8.11 genoemde overtredingen is strafrechtelijke afdoening niet voorbehouden aan een vooraf aan te geven overtreding van een bepaald voorschrift, maar kan in beginsel bij alle overtredingen van de bij of krachtens de Wet dieren gestelde voorschriften noodzakelijk zijn.

De kolommen ‘interventie bij eerste overtreding’ en ‘interventie bij herhaalde overtreding’ in de bijlage van dit document vermelden uitsluitend de bestuurlijke boete als sanctionerende interventie die doorgaans wordt toegepast. Dit laat onverlet dat, als een overtreding zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk kan worden afgedaan, op grond van de specifieke feiten en omstandigheden kan worden besloten om in plaats van een bestuurlijke boete een proces verbaal op te maken ten behoeve van strafrechtelijke afdoening. Op voorhand is niet in de bijlage aan te geven wanneer wordt overgegaan tot een strafrechtelijke sanctionerende interventie. Daarom vormt deze paragraaf een aanvulling op de inhoud van de interventiematrix.

In alle gevallen geldt overigens dat een strafrechtelijke sanctionerende interventie (een proces verbaal) te allen tijde kan worden gecombineerd met een bestuursrechtelijke corrigerende interventie (een herstelmaatregel).

Corrigerende interventie

Corrigerende interventies kunnen naast of in plaats van sanctionerende interventies worden ingezet. Dat kan nuttig zijn zodra blijkt dat sanctionerende interventies (alleen) onvoldoende leiden tot naleving van de regelgeving. Voor welke corrigerende interventie gekozen wordt, verschilt van geval tot geval. Voorbeelden hiervan zijn een last onder dwangsom, een last onder bestuursdwang of een verbod tot het verrichten van bepaalde activiteiten.

Corrigerende interventies hebben als doel te bevorderen dat de overtreder zijn bedrijfsprocessen blijvend beheerst zodat bestaande overtredingen worden beëindigd en nieuwe worden voorkomen. Een corrigerende interventie moet proportioneel zijn en toegesneden op de specifieke situatie van de overtreder. Een corrigerende interventie mag niet ingrijpender voor de overtreder zijn dan strikt noodzakelijk om de overtreding te beëindigen of herhaling ervan te voorkomen. Overgaan tot ingrijpender corrigerende interventies kan indien gemotiveerd kan worden waarom een minder ingrijpende corrigerende interventie onvoldoende effect heeft gehad of zal hebben.

Specifieke corrigerende interventie

Als een of meer overtredingen worden geconstateerd die in ernst, aantal en tijdsbestek een corrigerende interventie rechtvaardigen wordt met een specifieke corrigerende interventie in het bedrijfsproces ingegrepen. Dit ingrijpen kan betrekking hebben op:

  • a. beëindiging van een overtreding of

  • b. voorkoming van nieuwe overtredingen.

Aan een specifieke corrigerende interventie kan een last onder dwangsom of last onder bestuursdwang worden verbonden.

Als opnieuw overtredingen worden geconstateerd wordt opnieuw een corrigerende interventie ingezet als ernst, aantal en tijdsbestek van de overtreding(en) dit rechtvaardigt. Zo nodig met ingrijpender maatregelen of een hogere dwangsom.

Generieke corrigerende interventie

Mocht de overtreder ondanks een of meer specifieke corrigerende interventies nieuwe overtredingen blijven begaan die in ernst, aantal en tijdsbestek ingrijpen rechtvaardigen kan worden overgegaan tot een generieke corrigerende interventie.

Hiertoe kan ook meteen worden overgegaan als er weliswaar nog geen (herhaalde) specifieke corrigerende interventie is opgelegd maar er op voorhand aanwijzingen zijn dat deze onvoldoende tot naleving zullen leiden.

Bij het bepalen van nut en noodzaak van een generieke interventie wordt integraal bekeken in hoeverre de overtreder, afgezien van de wetgeving over dierlijke bijproducten, andere wettelijke eisen naleeft waarop de NVWA toezicht houdt.

3.3 Herhaalde overtreding en verscherpt toezicht

Herhaalde overtreding

Er is sprake van een herhaalde overtreding wanneer tijdens een (her)inspectie opnieuw een overtreding wordt vastgesteld van dezelfde wettelijke norm, of van een wettelijke norm die hetzelfde doel beoogt, waarvoor tegen de overtreder in de daaraan voorafgaande periode van drie jaar reeds een interventie werd toegepast.

Herinspectie

Na het constateren van een overtreding klasse B of C kan een extra inspectie worden uitgevoerd om na te gaan of gemaakte afspraken over het opheffen van de overtreding zijn nagekomen.

Stapeling

Tijdens een (her)inspectie kunnen meerdere overtredingen van verschillende wettelijke voorschriften en van verschillende overtredingsklassen worden vastgesteld. Voor het handelen in dergelijke situaties zie punt 2.3 van het Algemeen Interventiebeleid van de NVWA. Ten aanzien van het stapelen van overtredingen geldt, bij het opleggen van de bestuurlijke boete, dat er wordt uitgegaan van maximaal vijf overtredingen per overtreder, per controlemoment, per locatie.

Verscherpt toezicht

Als bij meerdere opeenvolgende (her)inspecties blijkt dat overtredingen zich blijven voordoen, kan de NVWA besluiten verscherpt toezicht in te stellen. Dit wordt aan de overtreder medegedeeld. Verscherpt toezicht houdt in dat de NVWA vaker inspecteert en, indien zij overtredingen constateert, naast een sanctionerende interventie ook corrigerende interventies kan opleggen die passend zijn om de geconstateerde overtreding(en) te beëindigen of herhaling ervan te voorkomen. Per overtreder wordt een maatwerkaanpak opgesteld. Na afloop van een van tevoren vastgestelde periode wordt geëvalueerd of voortzetting van het verscherpt toezicht wenselijk is. Ook dit wordt gecommuniceerd met de overtreder.

3.4 Internettoezicht

Op internet worden op handelssites (digitale platforms) geregeld advertenties geplaatst met verboden content. De NVWA kan in die gevallen op basis van de Algemene wet bestuursrecht bij zowel de aanbieder als de beheerder van de handelssite gegevens vorderen. Beheerders van handelssites kunnen de NVWA alternatieven bieden om te interveniëren, zoals het verwijderen van advertenties. In dergelijke gevallen kan de NVWA volstaan met nalevingshulp aan de aanbieder bijvoorbeeld vlak nadat de advertentie is verwijderd. Is er sprake van herhaling dan kunnen alsnog gegevens worden gevorderd en kan worden opgeschaald in de handhaving

4. ARBO, MILIEU EN VEILIGHEID

Niet van toepassing

5. Vervanging

Deze beleidsregel vervangt het op 5 oktober 2017 vastgestelde Specifiek interventiebeleid dierlijke bijproducten (IB02-SPEC 33, versie 02). Ten opzichte van versie 02 zijn de wettelijke normen en overtredingsklassen vollediger en eenduidiger geformuleerd. Bestaande regels in de bijlage met meerdere wettelijke normen zijn waar nodig uitgesplitst naar evenzovele regels. Alle nog ontbrekende relevante wetgeving is aan de bijlage toegevoegd, waaronder alle wijzigingen van wetgeving sinds de inwerkingtreding van versie 02. Tenslotte is het hoofddocument en de bijlage ingericht volgens een uniforme opzet, geldend voor alle domeinen.

Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als “Specifiek interventiebeleid NVWA dierlijke bijproducten (IB02-SPEC 33, versie 03)”.

Inwerkingtreding

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 17 augustus 2020.

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, Namens deze: M.A. Ruys De inspecteur-generaal van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit

BIJLAGE BIJLAGE BIJ IB02-SPEC 33, VERSIE 03: SPECIFIEK INTERVENTIEBELEID NVWA DIERLIJKE BIJPRODUCTEN (IB02-SPEC 33, VERSIE 03)

Identificatie

Norm

 

Grondslag

Interventie

       

Doormelding

ID regel

Normadressaat

Normbeschrijving

Wet- en regelgeving

Afwijking van de norm

Overtredingsklasse

Motivering overtredingsklasse

Interventie bij eerste overtreding

Interventie bij herhaalde overtreding

doormelding cross compliance (in het kader van gemeenschappelijk landbouwbeleid)

Gemeenschappelijke bepalingen

33R101010

Exploitanten die dierlijke bijproducten doen ontstaan

Zodra exploitanten dierlijke bijproducten of afgeleide producten die in het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 1069/2009 vallen doen ontstaan, identificeren zij deze en zorgen zij ervoor dat deze overeenkomstig genoemde verordening worden verwerkt (beginpunt)

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 4, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R101020

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

De exploitanten zorgen er in alle fasen van het verzamelen, het vervoer, de hantering, de behandeling, de transformatie, de verwerking, de opslag, het in de handel brengen, de verdeling, het gebruik en de verwijdering binnen de ondernemingen die zij controleren, voor dat de dierlijke bijproducten en afgeleide producten voldoen aan de vereisten van Verordening (EG) nr. 1069/2009, die betrekking hebben op hun activiteiten

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 4, tweede lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

Verwijdering en gebruik van dierlijke bijproducten en afgeleide producten

33R102010

Houders van landdieren, met uitzondering van pelsdieren

Het voederen van landdieren, met uitzondering van pelsdieren, met verwerkte dierlijke eiwitten die afkomstig zijn van dieren of delen van dieren van dezelfde diersoort is verboden

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 11, eerste lid, onder a

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R102020

Houders van landbouwhuisdieren, met uitzondering van pelsdieren

Het voederen van landbouwhuisdieren, met uitzondering van pelsdieren, met keukenafval en etensresten of voedermiddelen die keukenafval en etensresten bevatten of daarvan afkomstig zijn is verboden

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 11, eerste lid, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R102030

Houders van landbouwhuisdieren, met uitzondering van pelsdieren

Het is de houder van landbouwhuisdieren, met uitzondering van pelsdieren, verboden keukenafval, etensresten of voedermiddelen die keukenafval bevatten of daarvan afkomstig zijn als bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 voorhanden te hebben, tenzij het keukenafval of etensresten betreft dat is ontstaan in de huishouding van de houder en buiten het bereik van die dieren en uitsluitend verpakt voorhanden wordt gehouden in afwachting van afvoer

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 11, eerste lid, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.4, eerste lid

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R102040

Exploitanten die keukenafval en etensresten of voedermiddelen die dat bevatten (doen) vervoeren

Het is verboden keukenafval, etensresten of voedermiddelen die keukenafval of etensresten bevatten of daarvan afkomstig zijn als bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 te vervoeren naar plaatsen waar landbouwhuisdieren, met uitzondering van pelsdieren, worden gehouden of af te leveren aan die houders

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 11, eerste lid, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.4, tweede lid

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R102050

Houders van grazende landbouwhuisdieren

Het laten grazen van landbouwhuisdieren op land waarop andere organische meststoffen en bodemverbeteraars dan mest zijn gebruikt en het voederen van landbouwhuisdieren met groenvoer afkomstig van dergelijk land is verboden, tenzij het grazen of maaien plaatsvindt na een wachttijd die een toereikende beheersing van de risico’s voor de gezondheid van mens en dier garandeert en ten minste 21 dagen bedraagt

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 11, eerste lid, onder c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R102060

Exploitanten van aquacultuurbedrijven

Het voederen van gekweekte vissen met verwerkte dierlijke eiwitten die afkomstig zijn van gekweekte vis of delen van gekweekte vis van dezelfde soort is verboden

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 11, eerste lid, onder d

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R102070

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Categorie 1-materiaal wordt:

a) als afval verwijderd door verbranding:

i) rechtstreeks, zonder voorafgaande verwerking, of

ii) nadat het is verwerkt, door sterilisatie onder druk indien de bevoegde autoriteit dat voorschrijft, en nadat het resulterende materiaal duurzaam is gemerkt;

b) indien het categorie 1-materiaal afval is, verwijderd of nuttig toegepast door meeverbranding:

i) rechtstreeks, zonder voorafgaande verwerking, of

ii) nadat het is verwerkt, door sterilisatie onder druk indien de bevoegde autoriteit dat voorschrijft, en nadat het resulterende materiaal duurzaam is gemerkt;

c) indien het gaat om ander categorie 1-materiaal dan materiaal als bedoeld in artikel 8, onder a), onder i) en ii), verwijderd door het te verwerken door sterilisatie onder druk, het resulterende materiaal duurzaam te merken en het op een toegelaten stortplaats te begraven;

d) indien het gaat om categorie 1-materiaal als bedoeld in artikel 8, onder f), verwijderd door het op een toegelaten stortplaats te begraven;

e) als brandstof verstookt, al dan niet na verwerking, of

f) gebruikt voor de vervaardiging van afgeleide producten als bedoeld in de artikelen 33, 34 en 36 en in de handel gebracht overeenkomstig deze artikelen.

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 12

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R102080

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Categorie 2-materiaal wordt:

a) als afval verwijderd door verbranding:

i) rechtstreeks, zonder voorafgaande verwerking, of

ii) nadat het is verwerkt, door sterilisatie onder druk indien de bevoegde autoriteit dat voorschrijft, en nadat het resulterende materiaal duurzaam is gemerkt;

b) indien het categorie 2-materiaal afval is, verwijderd of nuttig toegepast door meeverbranding:

i) rechtstreeks, zonder voorafgaande verwerking, of

ii) nadat het is verwerkt, door sterilisatie onder druk indien de bevoegde autoriteit dat voorschrijft, en nadat het resulterende materiaal duurzaam is gemerkt;

c) op een toegelaten stortplaats verwijderd nadat het is verwerkt door sterilisatie onder druk en nadat het resulterende materiaal duurzaam is gemerkt;

d) gebruikt voor de vervaardiging van organische meststoffen of bodemverbeteraars die op de markt worden gebracht overeenkomstig artikel 32, na verwerking door sterilisatie onder druk, indien nodig, en na duurzame merking van het resulterende materiaal;

e) tot compost verwerkt of omgezet in biogas:

i) nadat het is verwerkt door sterilisatie onder druk en nadat het resulterende materiaal duurzaam is gemerkt, of

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 13

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

   

ii) al dan niet na verwerking, indien het gaat om mest, het maag-darmkanaal en de inhoud hiervan, melk, producten op basis van melk, biest en eieren en eierproducten waarvan de bevoegde autoriteit niet denkt dat zij een ernstige overdraagbare ziekte kunnen verspreiden;

f) zonder verwerking op het land uitgereden, indien het gaat om mest, de inhoud van het maag-darmkanaal gescheiden van het maag-darmkanaal, melk, producten op basis van melk en biest waarvan de bevoegde autoriteit niet denkt dat zij een ernstige overdraagbare ziekte kunnen verspreiden;

g) indien het gaat om materiaal afkomstig van waterdieren, ingekuild, tot compost verwerkt of omgezet in biogas;

h) als brandstof verstookt, al dan niet na verwerking, of

i) gebruikt voor de vervaardiging van afgeleide producten als bedoeld in de artikelen 33, 34 en 36 en in de handel gebracht overeenkomstig deze artikelen.

             

33R102090

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Categorie 3-materiaal wordt:

a) als afval verwijderd door verbranding, al dan niet na verwerking;

b) indien het categorie 3-materiaal afval is, verwijderd of nuttig toegepast door meeverbranding, al dan niet na verwerking;

c) verwijderd op een toegelaten stortplaats, na verwerking;

d) verwerkt, tenzij het categorie 3-materiaal zodanig door ontbinding of bederf is aangetast dat het via dat product een onaanvaardbaar risico voor de volksgezondheid of de diergezondheid vormt, en vervolgens gebruikt:

i) voor de vervaardiging van voeder voor andere landbouwhuisdieren dan pelsdieren, dat overeenkomstig artikel 31 in de handel wordt gebracht, tenzij het gaat om materiaal als bedoeld in artikel 10, onder n), o) en p);

ii) voor de vervaardiging van voeder voor pelsdieren, dat overeenkomstig artikel 36 in de handel wordt gebracht;

iii) voor de vervaardiging van voeder voor gezelschapsdieren, dat overeenkomstig artikel 35 in de handel wordt gebracht, of

iv) voor de vervaardiging van organische meststoffen of bodemverbeteraars, die overeenkomstig artikel 32 in de handel worden gebracht;

e) gebruikt voor de vervaardiging van rauw voeder voor gezelschapsdieren, dat overeenkomstig artikel 35 in de handel wordt gebracht;

f) tot compost verwerkt of omgezet in biogas;

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 14

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

   

g) indien het gaat om materiaal afkomstig van waterdieren, ingekuild, tot compost verwerkt of omgezet in biogas;

h) indien het gaat om andere schelpen van schelpdieren en schalen van schaaldieren dan degene die zijn bedoeld in artikel 2, lid 2, onder f), en eierschalen, gebruikt onder door de bevoegde autoriteit vastgestelde voorwaarden ter voorkoming van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid;

i) als brandstof verstookt, al dan niet na verwerking;

j) gebruikt voor de vervaardiging van afgeleide producten als bedoeld in de artikelen 33, 34 en 36 en in de handel gebracht overeenkomstig deze artikelen;

k) als het gaat om in artikel 10, onder p), bedoeld keukenafval en etensresten, verwerkt door sterilisatie onder druk, verwerkt met de methoden in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b), of verwerkt tot compost of omgezet in biogas, of

l) zonder verwerking op het land uitgereden, indien het gaat om rauwe melk, biest en daarvan afgeleide producten, waarvan de bevoegde autoriteit niet denkt dat zij een via dat product op mens of dier overdraagbare ziekte kunnen verspreiden.

             

33R102101

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten gebruiken voor diagnose, onderwijs, onderzoek, tentoonstellingen en/of artistieke activiteiten

In afwijking van artikel 12 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 mogen, met toestemming van de bevoegde autoriteit, dierlijke bijproducten en afgeleide producten worden gebruikt voor tentoonstellingen en artistieke activiteiten en voor diagnose, onderwijs en onderzoek, onder voorwaarden ter beheersing van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 12, in samenhang met artikel 16, onder b, en artikel 17, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R102102

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten gebruiken voor diagnose, onderwijs, onderzoek, tentoonstellingen en/of artistieke activiteiten

In afwijking van artikel 13 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 mogen, met toestemming van de bevoegde autoriteit, dierlijke bijproducten en afgeleide producten worden gebruikt voor tentoonstellingen en artistieke activiteiten en voor diagnose, onderwijs en onderzoek, onder voorwaarden ter beheersing van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 13, in samenhang met artikel 16, onder b, en artikel 17, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R102103

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten gebruiken voor diagnose, onderwijs, onderzoek, tentoonstellingen en/of artistieke activiteiten

In afwijking van artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 mogen, met toestemming van de bevoegde autoriteit, dierlijke bijproducten en afgeleide producten worden gebruikt voor tentoonstellingen en artistieke activiteiten en voor diagnose, onderwijs en onderzoek, onder voorwaarden ter beheersing van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 14, in samenhang met artikel 16, onder b, en artikel 17, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R102111

Exploitanten die dierlijke bijproducten verzamelen of gebruiken voor bijzondere vervoederingsdoeleinden

In afwijking van artikel 13 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 mag, net toestemming van de bevoegde autoriteit, categorie 2-materiaal dat afkomstig is van dieren die niet zijn gedood of gestorven als gevolg van de aanwezigheid of vermoede aanwezigheid van een op mens of dier overdraagbare ziekte worden verzameld en gebruikt voor vervoedering aan dierentuindieren, circusdieren, andere reptielen en roofvogels dan dierentuindieren of circusdieren, pelsdieren, wilde dieren, honden in erkende kennels of meutes, honden en katten in asielen en maden en wormen die als visaas worden gebruikt, onder voorwaarden ter beheersing van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 13, in samenhang met artikel 16, onder c, en artikel 18, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R102112

Exploitanten die dierlijke bijproducten verzamelen of gebruiken voor bijzondere vervoederingsdoeleinden

In afwijking van artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 mag, met toestemming van de bevoegde autoriteit, categorie 3-materiaal, worden verzameld en gebruikt voor vervoedering aan dierentuindieren, circusdieren, andere reptielen en roofvogels dan dierentuindieren of circusdieren, pelsdieren, wilde dieren, honden in erkende kennels of meutes, honden en katten in asielen en maden en wormen die als visaas worden gebruikt, onder voorwaarden ter beheersing van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 14, in samenhang met artikel 16, onder c, en 18, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R102120

Exploitanten die dierlijke bijproducten verzamelen of gebruiken voor bijzondere vervoederingsdoeleinden

In afwijking van artikel 12 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 mag, met toestemming van de bevoegde autoriteit, categorie 1-materiaal als bedoeld in artikel 8, onder b, ii), van Verordening (EG) nr. 1069/2009, dat is verkregen van dierentuindieren, worden vervoederd aan dierentuindieren

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 12, in samenhang met artikel 16, onder c, en artikel 18, tweede lid, onder a

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a, in samenhang met artikel 3.9, eerste lid

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R102131

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

In afwijking van artikel 12 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 mag of mogen, met toestemming van de bevoegde autoriteit:

– dode gezelschapsdieren worden verwijderd door begraving;

– categorie 1-materiaal als bedoeld in artikel 8, onder a, v), en onder b, ii), in afgelegen gebieden worden verwijderd door verbranding of begraving ter plaatse of op een andere wijze onder officieel toezicht waarbij de overdracht van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid wordt voorkomen;

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 12, in samenhang met artikel 16, onder d, en artikel 19, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a, in samenhang met artikel 3.10

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

   

– categorie 1-materiaal als bedoeld in artikel 8, onder b, ii), van Verordening (EG) nr. 1069/2009 in gebieden die vrijwel ontoegankelijk zijn, dat slechts toegankelijk zou zijn onder omstandigheden die, om geografische of klimatologische redenen of ten gevolge van een natuurramp, risico’s zouden inhouden voor de gezondheid en veiligheid van het personeel dat het materiaal verzamelt, of dat slechts toegankelijk zou zijn met inzet van onevenredige middelen voor het verzamelen van materiaal, worden verwijderd door verbranding of begraving ter plaatse of op een andere wijze onder officieel toezicht waarbij de overdracht van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid wordt voorkomen;

             
   

– andere dierlijke bijproducten dan categorie 1-materiaal als bedoeld in artikel 8, onder a, i), bij een uitbraak van een meldingsplichtige ziekte, worden verwijderd door verbranding of begraving ter plaatse, in omstandigheden waarmee de overdracht van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid wordt voorkomen, indien het vervoer naar de dichtstbijzijnde voor de verwerking of verwijdering van dierlijke bijproducten erkend bedrijf het gevaar van verspreiding van gezondheidsrisico’s zou doen toenemen of, bij een wijdverbreide uitbraak van een epizoötie, in dergelijke bedrijven tot een overschrijding van de destructiecapaciteit zou leiden, en

– bijproducten van bijen en bijenteelt worden verwijderd door verbranding of begraving ter plaatse, in omstandigheden waarmee de overdracht van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid wordt voorkomen

             

33R102132

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

In afwijking van artikel 13 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 mag of mogen, met toestemming van de bevoegde autoriteit:

- dode paardachtigen worden verwijderd door begraving;

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 13, in samenhang met artikel 16, onder d, en artikel 19, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a, in samenhang met artikel 3.10

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

   

- categorie 2-materiaal in afgelegen gebieden worden verwijderd door verbranding of begraving ter plaatse of op een andere wijze onder officieel toezicht waarbij de overdracht van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid wordt voorkomen;

- categorie 2-materiaal in gebieden die vrijwel ontoegankelijk zijn, dat slechts toegankelijk zou zijn onder omstandigheden die, om geografische of klimatologische redenen of ten gevolge van een natuurramp, risico’s zouden inhouden voor de gezondheid en veiligheid van het personeel dat het materiaal verzamelt, of dat slechts toegankelijk zou zijn met inzet van onevenredige middelen voor het verzamelen van materiaal, worden verwijderd door verbranding of begraving ter plaatse of op een andere wijze onder officieel toezicht waarbij de overdracht van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid wordt voorkomen;

             
   

- categorie 2-materiaal dat geen risico voor de volksgezondheid en de diergezondheid inhoudt, worden verwijderd op een andere wijze dan door verbranding of begraving ter plaatse, onder officieel toezicht, als de hoeveelheid materiaal per week niet meer bedraagt dan een volume dat wordt vastgesteld in verhouding tot de verrichte activiteiten en de diersoort waarvan de dierlijke bijproducten in kwestie afkomstig zijn;

- andere dierlijke bijproducten dan categorie 1-materiaal als bedoeld in artikel 8, onder a, i), bij een uitbraak van een meldingsplichtige ziekte, worden verwijderd door verbranding of begraving ter plaatse, in omstandigheden waarmee de overdracht van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid wordt voorkomen, indien het vervoer naar de dichtstbijzijnde voor de verwerking of verwijdering van dierlijke bijproducten erkend bedrijf het gevaar van verspreiding van gezondheidsrisico’s zou doen toenemen of, bij een wijdverbreide uitbraak van een epizoötie, in dergelijke bedrijven tot een overschrijding van de destructiecapaciteit zou leiden, en

             
   

- bijproducten van bijen en bijenteelt worden verwijderd door verbranding of begraving ter plaatse, in omstandigheden waarmee de overdracht van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid wordt voorkomen

             

33R102133

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

In afwijking van artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 mag of mogen, met toestemming van de bevoegde autoriteit:

– categorie 3-materiaal in afgelegen gebieden worden verwijderd door verbranding of begraving ter plaatse of op een andere wijze onder officieel toezicht waarbij de overdracht van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid wordt voorkomen;

– categorie 3-materiaal in gebieden die vrijwel ontoegankelijk zijn, dat slechts toegankelijk zou zijn onder omstandigheden die, om geografische of klimatologische redenen of ten gevolge van een natuurramp, risico’s zouden inhouden voor de gezondheid en veiligheid van het personeel dat het materiaal verzamelt, of dat slechts toegankelijk zou zijn met inzet van onevenredige middelen voor het verzamelen van materiaal, worden verwijderd door verbranding of begraving ter plaatse of op een andere wijze onder officieel toezicht waarbij de overdracht van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid wordt voorkomen;

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 14, in samenhang met artikel 16, onder d, en artikel 19, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a, in samenhang met artikel 3.10

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

   

– categorie 3-materiaal dat geen risico voor de volksgezondheid en de diergezondheid inhoudt, worden verwijderd op een andere wijze dan door verbranding of begraving ter plaatse, onder officieel toezicht, als de hoeveelheid materiaal per week niet meer bedraagt dan een volume dat wordt vastgesteld in verhouding tot de verrichte activiteiten en de diersoort waarvan de dierlijke bijproducten in kwestie afkomstig zijn;

– andere dierlijke bijproducten dan categorie 1-materiaal als bedoeld in artikel 8, onder a, i), bij een uitbraak van een meldingsplichtige ziekte, worden verwijderd door verbranding of begraving ter plaatse, in omstandigheden waarmee de overdracht van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid wordt voorkomen, indien het vervoer naar de dichtstbijzijnde voor de verwerking of verwijdering van dierlijke bijproducten erkend bedrijf het gevaar van verspreiding van gezondheidsrisico’s zou doen toenemen of, bij een wijdverbreide uitbraak van een epizoötie, in dergelijke bedrijven tot een overschrijding van de destructiecapaciteit zou leiden, en

             
   

– bijproducten van bijen en bijenteelt worden verwijderd door verbranding of begraving ter plaatse, in omstandigheden waarmee de overdracht van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid wordt voorkomen

             

Algemene verplichtingen – verzamelen, vervoer en traceerbaarheid

33R103010

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Exploitanten verzamelen, identificeren en vervoeren dierlijke bijproducten onverwijld onder voorwaarden ter voorkoming van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 21, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R103020

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Exploitanten zorgen ervoor dat dierlijke bijproducten en afgeleide producten tijdens het vervoer vergezeld gaan van een handelsdocument of, indien deze verordening of een overeenkomstig lid 6 vastgestelde maatregel dat voorschrijft, een gezondheidscertificaat. In afwijking hiervan mag mest zonder handelsdocument of gezondheidscertificaat rechtstreeks wordt vervoerd tussen twee locaties van hetzelfde agrarische bedrijf, of worden vervoerd tussen agrarische bedrijven en gebruikers die de mest op het land uitrijden overeenkomstig de bij of krachtens het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet gestelde regels.

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 21, tweede lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a, in samenhang met artikel 3.6, tweede lid

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R103030

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

De handelsdocumenten en gezondheidscertificaten waarvan dierlijke bijproducten en afgeleide producten tijdens het vervoer vergezeld gaan, bevatten op zijn minst informatie over de oorsprong, de bestemming en de hoeveelheid van deze producten, alsook een beschrijving van de dierlijke bijproducten of afgeleide producten en, indien Verordening (EG) nr. 1069/2009 markering voorschrijft, de daarop aangebrachte markering. Bij vervoer van dierlijke bijproducten in Nederland mag een ander handelsdocument als bedoeld in dat onderdeel worden gebruikt.

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 21, derde lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a, in samenhang met artikel 3.6, eerste lid

Het handelsdocument bevat geen informatie over de oorsprong, bestemming, hoeveelheid, aard en/of markering van de dierlijke bijproducten of afgeleide producten, waardoor deze niet traceerbaar zijn; de informatie is ook niet via een alternatief systeem kenbaar gemaakt

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R103040

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

De handelsdocumenten en gezondheidscertificaten waarvan dierlijke bijproducten en afgeleide producten tijdens het vervoer vergezeld gaan, bevatten op zijn minst informatie over de oorsprong, de bestemming en de hoeveelheid van deze producten, alsook een beschrijving van de dierlijke bijproducten of afgeleide producten en, indien Verordening (EG) nr. 1069/2009 markering voorschrijft, de daarop aangebrachte markering. Bij vervoer van dierlijke bijproducten in Nederland mag een ander handelsdocument als bedoeld in dat onderdeel worden gebruikt.

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 21, derde lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a, in samenhang met artikel 3.6, eerste lid

Het handelsdocument of het alternatieve systeem waarmee de informatie kenbaar is gemaakt bevat onvoldoende of onjuiste informatie over de oorsprong, bestemming, hoeveelheid, aard en/of markering van de dierlijke bijproducten of afgeleide producten, maar deze zijn nog wel traceerbaar

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R103050

Exploitanten die dierlijke bijproducten of afgeleide producten verzenden, vervoeren of ontvangen

Exploitanten die dierlijke bijproducten of afgeleide producten verzenden, vervoeren of ontvangen, houden een administratie van die zendingen alsook de desbetreffende documenten of gezondheidscertificaten bij. Dit is echter niet van toepassing indien overeenkomstig artikel 21, lid 2, tweede alinea, of overeenkomstig uitvoeringsvoorschriften die op grond van artikel 21, lid 6, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 zijn vastgesteld, toestemming is verleend om dierlijke bijproducten of afgeleide producten zonder documenten of gezondheidscertificaten te vervoeren.

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 22, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R103060

Exploitanten die dierlijke bijproducten of afgeleide producten verzenden, vervoeren of ontvangen

Exploitanten die dierlijke bijproducten of afgeleide producten verzenden, vervoeren of ontvangen beschikken over systemen en procedures voor de identificatie van de andere exploitanten aan wie hun dierlijke bijproducten of afgeleide producten zijn geleverd, en de exploitanten van wie zij hun levering hebben ontvangen. Deze informatie wordt op verzoek aan de bevoegde autoriteiten verstrekt.

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 22, tweede lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

Algemene verplichtingen – registratie en erkenning

33R104010

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Met het oog op registratie stellen de exploitanten de bevoegde autoriteit alvorens de exploitatie te starten in kennis van de inrichtingen of bedrijven onder hun controle die actief zijn in welke fase ook van de productie, het vervoer, de hantering, de verwerking, de opslag, het in de handel brengen, de verdeling, het gebruik of de verwijdering van dierlijke bijproducten en afgeleide producten. Zij verstrekken de bevoegde autoriteit informatie over de categorie dierlijke bijproducten of afgeleide producten onder hun controle, en de aard van de verrichte activiteiten waarbij dierlijke bijproducten en afgeleide producten als grondstof worden gebruikt.

In afwijking hiervan wordt geen inkennisstelling met het oog op registratie vereist voor activiteiten waarvoor inrichtingen die dierlijke bijproducten doen ontstaan, al erkenning hebben gekregen of zijn geregistreerd overeenkomstig Verordening (EG) nr. 852/2004 of Verordening (EG) nr. 853/2004; en voor activiteiten waarvoor inrichtingen of bedrijven al erkenning hebben gekregen overeenkomstig artikel 24 van Verordening (EG) nr. 1069/2009. Dezelfde afwijking geldt voor activiteiten waarbij alleen ter plaatse dierlijke bijproducten ontstaan en die worden uitgevoerd op boerderijen of op andere plaatsen waar dieren worden gehouden, gefokt of verzorgd.

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 23, eerste lid, in samenhang met vierde lid en met Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 20, vierde lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a, in samenhang met artikel 3.5

Exploitant vervaardigt afgeleide producten, slaat deze op of handelt in dierlijke bijproducten of afgeleide producten als hoofdactiviteit maar heeft geen inkennisstelling met het oog op DBP-registratie gedaan en heeft bij de NVWA geen andere erkenningen, registraties of andere vergunningen

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

   

De afwijking geldt ook voor exploitanten als bedoeld in artikel 20, vierde lid, van Verordening (EU) nr. 142/2011, voor zover zij door de bevoegde autoriteit zijn vrijgesteld van de kennisgevingsplicht.

             

33R104020

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Met het oog op registratie stellen de exploitanten de bevoegde autoriteit alvorens de exploitatie te starten in kennis van de inrichtingen of bedrijven onder hun controle die actief zijn in welke fase ook van de productie, het vervoer, de hantering, de verwerking, de opslag, het in de handel brengen, de verdeling, het gebruik of de verwijdering van dierlijke bijproducten en afgeleide producten. Zij verstrekken de bevoegde autoriteit informatie over de categorie dierlijke bijproducten of afgeleide producten onder hun controle, en de aard van de verrichte activiteiten waarbij dierlijke bijproducten en afgeleide producten als grondstof worden gebruikt

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 23, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

Exploitant vervaardigt afgeleide producten, slaat deze op of handelt in dierlijke bijproducten of afgeleide producten als nevenactiviteit en heeft geen inkennisstelling met het oog op DBP-registratie gedaan maar heeft bij de NVWA wel andere erkenningen, registraties of vergunningen, of de exploitant transporteert dierlijke bijproducten of afgeleide producten en heeft geen inkennisstelling met het oog op DBP-registratie gedaan, en heeft bij de NVWA al dan niet andere erkenningen, registraties of vergunningen

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104030

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Met het oog op registratie stellen de exploitanten de bevoegde autoriteit alvorens de exploitatie te starten in kennis van de inrichtingen of bedrijven onder hun controle die actief zijn in welke fase ook van de productie, het vervoer, de hantering, de verwerking, de opslag, het in de handel brengen, de verdeling, het gebruik of de verwijdering van dierlijke bijproducten en afgeleide producten. Zij verstrekken de bevoegde autoriteit informatie over de categorie dierlijke bijproducten of afgeleide producten onder hun controle, en de aard van de verrichte activiteiten waarbij dierlijke bijproducten en afgeleide producten als grondstof worden gebruikt

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 23, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

Exploitant vervaardigt afgeleide producten, slaat deze op, of handelt in of transporteert dierlijke bijproducten of afgeleide producten als nevenactiviteit, is erkend of geregistreerd bij de NVWA voor deze activiteit, maar niet op de juiste manier

D

(Risico op) gering gevaar voor mens en/of dier

Mededeling ter plaatse

Nalevingshulp

Beoordelen wel/niet opheffen geringe overtreding

Nalevingshulp

Evt. waarschuwing en herinspectie

n.v.t.

33R104040

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

In relatie tot hun registratie verstrekken exploitanten de bevoegde autoriteit actuele informatie over de inrichtingen of bedrijven onder hun controle als bedoeld in lid 1, onder a, onder andere over elke wezenlijke wijziging van de activiteiten, zoals sluiting van een bestaande inrichting of een bestaand bedrijf

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 23, tweede lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104050

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

De exploitanten zorgen ervoor dat de inrichtingen of bedrijven onder hun controle door de bevoegde autoriteit worden erkend, als deze inrichtingen of bedrijven een of meer van de volgende activiteiten uitvoeren:

a) verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 zijn toegestaan;

b) verwijdering van dierlijke bijproducten en afgeleide producten als afval door verbranding, met uitzondering van inrichtingen of bedrijven die een exploitatievergunning hebben overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG;

c) verwijdering of hergebruik van dierlijke bijproducten en afgeleide producten, als het om afval gaat, door meeverbranding, met uitzondering van inrichtingen of bedrijven die een exploitatievergunning hebben overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG;

d) gebruik van dierlijke bijproducten en afgeleide producten als stookbrandstof;

e) vervaardiging van voeder voor gezelschapsdieren;

f) vervaardiging van organische meststoffen en bodemverbeteraars;

g) omzetting van dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten in biogas of compost;

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 24, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

De exploitant beschikt niet over een (voorwaardelijke) erkenning en verricht activiteiten waarvoor een erkenning is vereist

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

   

h) hantering van dierlijke bijproducten na het verzamelen ervan, door handelingen als sorteren, snijden, koelen, invriezen, zouten, verwijderen van huiden of verwijderen van specifiek risicomateriaal;

i) opslag van dierlijke bijproducten; j) opslag van afgeleide producten die bedoeld zijn om:

i) te worden verwijderd door storting of verbranding of die bedoeld zijn om een nuttige toepassing te krijgen of te worden verwijderd door meeverbranding;

ii) als brandstof te worden verstookt; iii) te worden gebruikt als voeder, met uitzondering van inrichtingen of bedrijven die zijn erkend of geregistreerd overeenkomstig Verordening (EG) nr. 183/2005; iv) te worden gebruikt als organische meststoffen en bodemverbeteraars, met uitzondering van opslag op een plaats waar zij direct worden uitgereden

             

33R104060

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

De exploitanten zorgen ervoor dat de inrichtingen of bedrijven onder hun controle door de bevoegde autoriteit worden erkend, als deze inrichtingen of bedrijven een of meer van de volgende activiteiten uitvoeren:

a) verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 zijn toegestaan;

b) verwijdering van dierlijke bijproducten en afgeleide producten als afval door verbranding, met uitzondering van inrichtingen of bedrijven die een exploitatievergunning hebben overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG;

c) verwijdering of hergebruik van dierlijke bijproducten en afgeleide producten, als het om afval gaat, door meeverbranding, met uitzondering van inrichtingen of bedrijven die een exploitatievergunning hebben overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG;

d) gebruik van dierlijke bijproducten en afgeleide producten als stookbrandstof;

e) vervaardiging van voeder voor gezelschapsdieren;

f) vervaardiging van organische meststoffen en bodemverbeteraars;

g) omzetting van dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten in biogas of compost;

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 24, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

De exploitant beschikt over een (voorwaardelijke) erkenning en verricht tevens activiteiten waarvoor een andere erkenning is vereist

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

   

h) hantering van dierlijke bijproducten na het verzamelen ervan, door handelingen als sorteren, snijden, koelen, invriezen, zouten, verwijderen van huiden of verwijderen van specifiek risicomateriaal;

i) opslag van dierlijke bijproducten;

j) opslag van afgeleide producten die bedoeld zijn om:

i) te worden verwijderd door storting of verbranding of die bedoeld zijn om een nuttige toepassing te krijgen of te worden verwijderd door meeverbranding;

ii) als brandstof te worden verstookt; iii) te worden gebruikt als voeder, met uitzondering van inrichtingen of bedrijven die zijn erkend of geregistreerd overeenkomstig Verordening (EG) nr. 183/2005; iv) te worden gebruikt als organische meststoffen en bodemverbeteraars, met uitzondering van opslag op een plaats waar zij direct worden uitgereden

             

33R104070

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a en h, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten van inrichtingen of bedrijven met als activiteit de verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 van genoemde verordening zijn toegestaan, of de hantering van dierlijke bijproducten na het verzamelen ervan, door handelingen als sorteren, snijden, koelen, invriezen, zouten, verwijderen van huiden of verwijderen van specifiek risicomateriaal zorgen ervoor dat de inrichtingen of bedrijven onder hun controle zo zijn gebouwd dat zij op efficiënte wijze kunnen worden schoongemaakt en ontsmet, waarbij de vloeren indien nodig zo zijn gelegd dat de afvoer van vloeistoffen wordt vergemakkelijkt

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 25, eerste lid, onder a

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104080

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a en h, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten van inrichtingen of bedrijven met als activiteit de verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 van genoemde verordening zijn toegestaan, of de hantering van dierlijke bijproducten na het verzamelen ervan, door handelingen als sorteren, snijden, koelen, invriezen, zouten, verwijderen van huiden of verwijderen van specifiek risicomateriaal zorgen ervoor dat de inrichtingen of bedrijven onder hun controle toegang geven tot adequate voorzieningen voor persoonlijke hygiëne, zoals toiletten, kleedkamers en wasbakken voor het personeel

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 25, eerste lid, onder b,

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid.

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104090

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a en h, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten van inrichtingen of bedrijven met als activiteit de verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 van genoemde verordening zijn toegestaan, of de hantering van dierlijke bijproducten na het verzamelen ervan, door handelingen als sorteren, snijden, koelen, invriezen, zouten, verwijderen van huiden of verwijderen van specifiek risicomateriaal zorgen ervoor dat de inrichtingen of bedrijven onder hun controle voorzien zijn van adequate voorzieningen ter bescherming tegen schadelijke dieren zoals insecten, knaagdieren en vogels

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 25, eerste lid, onder c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104100

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a en h, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten van inrichtingen of bedrijven met als activiteit de verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 van genoemde verordening zijn toegestaan, of de hantering van dierlijke bijproducten na het verzamelen ervan, door handelingen als sorteren, snijden, koelen, invriezen, zouten, verwijderen van huiden of verwijderen van specifiek risicomateriaal zorgen ervoor dat de inrichtingen of bedrijven onder hun controle de installaties en apparatuur in goede staat houden

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 25, eerste lid, onder d

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104110

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a en h, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten van inrichtingen of bedrijven met als activiteit de verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 van genoemde verordening zijn toegestaan, of de hantering van dierlijke bijproducten na het verzamelen ervan, door handelingen als sorteren, snijden, koelen, invriezen, zouten, verwijderen van huiden of verwijderen van specifiek risicomateriaal zorgen ervoor dat in de inrichtingen of bedrijven onder hun controle de meetapparatuur periodiek wordt geijkt

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 25, eerste lid, onder d

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104120

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a en h, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten van inrichtingen of bedrijven met als activiteit de verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 van genoemde verordening zijn toegestaan, of de hantering van dierlijke bijproducten na het verzamelen ervan, door handelingen als sorteren, snijden, koelen, invriezen, zouten, verwijderen van huiden of verwijderen van specifiek risicomateriaal zorgen ervoor dat de inrichtingen of bedrijven onder hun controle beschikken over adequate regelingen voor de schoonmaak en ontsmetting van de aanwezige containers en voertuigen, om besmettingsrisico te voorkomen

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 25, eerste lid, onder e

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104130

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a en h, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Iedereen die in de inrichtingen of bedrijven met als activiteit de verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 van genoemde verordening zijn toegestaan, of de hantering van dierlijke bijproducten na het verzamelen ervan, door handelingen als sorteren, snijden, koelen, invriezen, zouten, verwijderen van huiden of verwijderen van specifiek risicomateriaal werkt, draagt adequate, schone en, indien nodig, beschermende kleding.

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 25, tweede lid, eerste zin

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104140

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a en h, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Als dit in een bepaalde inrichting of bedrijf met als activiteit de verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 van genoemde verordening zijn toegestaan, of de hantering van dierlijke bijproducten na het verzamelen ervan, door handelingen als sorteren, snijden, koelen, invriezen, zouten, verwijderen van huiden of verwijderen van specifiek risicomateriaal nodig is stelt de exploitant een procedure vast voor de bewegingen van personen om deze bewegingen te controleren en het correcte gebruik van voet- en wielbaden te beschrijven

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 25, tweede lid, onder c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104150

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a en h, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Als dit in een bepaalde inrichting of bedrijf met als activiteit de verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 van genoemde verordening zijn toegestaan, of de hantering van dierlijke bijproducten na het verzamelen ervan, door handelingen als sorteren, snijden, koelen, invriezen, zouten, verwijderen van huiden of verwijderen van specifiek risicomateriaal nodig is betreden personen die in een vuil gedeelte werken, het schone gedeelte niet zonder van tevoren hun arbeidskleding en schoenen te hebben gewisseld of gedesinfecteerd

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 25, tweede lid, tweede zin en onder a

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104160

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a en h, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Als dit in een bepaalde inrichting of bedrijf met als activiteit de verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 van genoemde verordening zijn toegestaan, of de hantering van dierlijke bijproducten na het verzamelen ervan, door handelingen als sorteren, snijden, koelen, invriezen, zouten, verwijderen van huiden of verwijderen van specifiek risicomateriaal nodig is wordt de uitrusting en apparatuur niet van het vuile naar het schone gedeelte gebracht zonder eerst te worden schoongemaakt en ontsmet

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 25, tweede lid, tweede zin en onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104170

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

In inrichtingen of bedrijven met als activiteit verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 van genoemde verordening zijn toegestaan worden dierlijke bijproducten zo gehanteerd dat besmettingsrisico wordt voorkomen

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 25, derde lid, onder a

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104180

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

In inrichtingen of bedrijven met als activiteit verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 van genoemde verordening zijn toegestaan worden dierlijke bijproducten zo snel mogelijk verwerkt. Na verwerking worden afgeleide producten zo gehanteerd en opgeslagen dat besmettingsrisico wordt voorkomen

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 25, derde lid, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104290

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

In inrichtingen of bedrijven met als activiteit verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 van genoemde verordening zijn toegestaan worden alle delen van de dierlijke bijproducten en afgeleide producten, indien nodig, bij elke verwerking ervan gedurende een bepaalde tijdspanne op een bepaalde temperatuur gebracht en wordt herbesmettingsrisico voorkomen

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 25, derde lid, onder c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104200

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten van inrichtingen of bedrijven met als activiteit verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 van genoemde verordening zijn toegestaan controleren regelmatig de relevante parameters (met name temperatuur, druk, tijd en omvang van de partikels), indien nodig met automatische apparaten

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 25, derde lid, onder c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104210

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onder a, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

In inrichtingen of bedrijven met als activiteit verwerking van dierlijke bijproducten door sterilisatie onder druk, met verwerkingsmethoden als bedoeld in artikel 15, lid 1, eerste alinea, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of met alternatieve methoden die overeenkomstig artikel 20 van genoemde verordening zijn toegestaan worden voor alle gedeelten van de inrichtingen of bedrijven reinigingsprocedures opgesteld en schriftelijk vastgelegd

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 25, derde lid, onder e

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104220

Exploitanten met een erkenning of registratie overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EG) nr. 853/2004 of overeenkomstig artikel 6 van Verordening (EG) nr. 852/2004

De behandeling, verwerking of opslag van dierlijke bijproducten in inrichtingen die zijn erkend of geregistreerd overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EG) nr. 853/2004 of overeenkomstig artikel 6 van Verordening (EG) nr. 852/2004, wordt uitgevoerd onder voorwaarden ter voorkoming van versleping en, indien nodig, in een hiervoor bestemd gedeelte van de inrichting

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 26, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R104230

Exploitanten die grondstoffen voor de vervaardiging van niet voor menselijke consumptie bestemde gelatine en/of collageen opslaan, behandelen of verwerken

Grondstoffen voor de vervaardiging van niet voor menselijke consumptie bestemde gelatine en collageen mogen worden opgeslagen, behandeld of verwerkt in de inrichtingen die hiervoor specifiek zijn gemachtigd overeenkomstig Verordening (EG) nr. 853/2004, bijlage III, sectie XIV, hoofdstuk I, punt 5, en sectie XV, hoofdstuk I, punt 5, op voorwaarde dat het risico van besmetting met ziekten is voorkomen door scheiding van deze grondstoffen van de grondstoffen voor de vervaardiging van producten van dierlijke oorsprong

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 26, tweede lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

Algemene verplichtingen – eigen controles en risicoanalyse en kritische controlepunten

33R105010

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Exploitanten zorgen voor de invoering van eigen controles in hun inrichtingen om op de naleving van Verordening (EG) nr. 1069/2009 toe te zien. Zij zorgen ervoor dat geen dierlijke bijproducten of afgeleide producten waarvan wordt vermoed of is vastgesteld dat zij niet aan genoemde verordening voldoen, de inrichtingen of bedrijven verlaten, tenzij deze bestemd zijn om te worden verwijderd

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 28

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

De exploitant heeft geen, onvoldoende of inadequate eigen controles ingevoerd om te borgen dat de verordening wordt nageleefd, waardoor dierlijke bijproducten of afgeleide producten in de handel worden gebracht die niet voldoen aan de daarvoor geldende eisen

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R105020

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Exploitanten zorgen voor de invoering van eigen controles in hun inrichtingen om op de naleving van Verordening (EG) nr. 1069/2009 toe te zien. Zij zorgen ervoor dat geen dierlijke bijproducten of afgeleide producten waarvan wordt vermoed of is vastgesteld dat zij niet aan genoemde verordening voldoen, de inrichtingen of bedrijven verlaten, tenzij deze bestemd zijn om te worden verwijderd

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 28

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

De exploitant heeft geen, onvoldoende of inadequate eigen controles ingevoerd, waardoor onvoldoende is geborgd dat de verordening wordt nageleefd en dat er geen dierlijke bijproducten of afgeleide producten in de handel worden gebracht die niet voldoen aan de daarvoor geldende eisen

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R105030

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Exploitanten zorgen voor de toepassing van eigen controles in hun inrichtingen om op de naleving van Verordening (EG) nr. 1069/2009 toe te zien. Zij zorgen ervoor dat geen dierlijke bijproducten of afgeleide producten waarvan wordt vermoed of is vastgesteld dat zij niet aan genoemde verordening voldoen, de inrichtingen of bedrijven verlaten, tenzij deze bestemd zijn om te worden verwijderd

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 28

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

De exploitant past geen, onvoldoende of inadequate eigen controles toe om te borgen dat de verordening wordt nageleefd, waardoor dierlijke bijproducten of afgeleide producten in de handel worden gebracht die niet voldoen aan de daarvoor geldende eisen

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R105040

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Exploitanten zorgen voor de toepassing van eigen controles in hun inrichtingen om op de naleving van Verordening (EG) nr. 1069/2009 toe te zien. Zij zorgen ervoor dat geen dierlijke bijproducten of afgeleide producten waarvan wordt vermoed of is vastgesteld dat zij niet aan genoemde verordening voldoen, de inrichtingen of bedrijven verlaten, tenzij deze bestemd zijn om te worden verwijderd

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 28

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

De exploitant past geen, onvoldoende of inadequate eigen controles toe, waardoor onvoldoende is geborgd dat de verordening wordt nageleefd en dat er geen dierlijke bijproducten of afgeleide producten in de handel worden gebracht die niet voldoen aan de daarvoor geldende eisen

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R105050

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Exploitanten zorgen voor de handhaving van eigen controles in hun inrichtingen om op de naleving van Verordening (EG) nr. 1069/2009 toe te zien. Zij zorgen ervoor dat geen dierlijke bijproducten of afgeleide producten waarvan wordt vermoed of is vastgesteld dat zij niet aan genoemde verordening voldoen, de inrichtingen of bedrijven verlaten, tenzij deze bestemd zijn om te worden verwijderd

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 28

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

De exploitant handhaaft de eigen controles niet, onvoldoende of inadequaat om te borgen dat de verordening wordt nageleefd, waardoor dierlijke bijproducten of afgeleide producten in de handel worden gebracht die niet voldoen aan de daarvoor geldende eisen

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R105060

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Exploitanten zorgen voor de handhaving van eigen controles in hun inrichtingen om op de naleving van Verordening (EG) nr. 1069/2009 toe te zien. Zij zorgen ervoor dat geen dierlijke bijproducten of afgeleide producten waarvan wordt vermoed of is vastgesteld dat zij niet aan genoemde verordening voldoen, de inrichtingen of bedrijven verlaten, tenzij deze bestemd zijn om te worden verwijderd

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 28

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

De exploitant handhaaft de eigen controles niet, onvoldoende, of inadequaat, waardoor onvoldoende is geborgd dat de verordening wordt nageleefd en dat er geen dierlijke bijproducten of afgeleide producten in de handel worden gebracht die niet voldoen aan de daarvoor geldende eisen

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R105070

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten van inrichtingen of bedrijven met als activiteit verwerking van dierlijke bijproducten, de omzetting van dierlijke bijproducten in biogas en compost, de hantering en opslag van meer dan één categorie dierlijke bijproducten of afgeleide producten in dezelfde inrichting of hetzelfde bedrijf of de vervaardiging van voeder voor gezelschapsdieren zorgen voor de invoering, toepassing en handhaving van een permanente schriftelijke procedure of permanente schriftelijke procedures op basis van de beginselen van risicoanalyse en kritische controlepunten (Hazard analysis and critical control points, HACCP)

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 29, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R105080

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten die (een) permanente schriftelijke procedure(s) op basis van de beginselen van HACCP moeten invoeren, toepassen en handhaven zorgen er met name voor dat zij:

a) elk gevaar onderkennen dat voorkomen, geëlimineerd of tot een aanvaardbaar niveau gereduceerd moet worden;

b) de kritieke controlepunten identificeren in het stadium of de stadia waarin beheersing essentieel is om een gevaar te voorkomen of te elimineren dan wel tot een aanvaardbaar niveau te reduceren;

c) grenswaarden vaststellen voor de kritieke controlepunten teneinde te kunnen bepalen wat aanvaardbaar en wat niet aanvaardbaar is op het vlak van preventie, eliminatie of reductie van een onderkend gevaar;

d) efficiënte bewakingsprocedures op de kritische controlepunten vaststellen en toepassen;

e) corrigerende maatregelen vaststellen wanneer uit de bewaking blijkt dat een kritisch controlepunt niet volledig onder controle is;

f) procedures vaststellen om te verifiëren of de onder a tot en met e) genoemde maatregelen volledig zijn en naar behoren functioneren (deze verificatieprocedures worden regelmatig toegepast);

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 29, tweede lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

De wijze van invoering, toepassing en/of handhaving van het HACCP-plan is zodanig dat geen sprake is van beheersing, waardoor een direct gevaar voor dier- en/of volksgezondheid en/of milieu ontstaat

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

   

g) op de aard en de omvang van het bedrijf afgestemde documenten en registers opstellen waaruit blijkt dat de onder a tot en met f) omschreven maatregelen daadwerkelijk worden toegepast.

             

33R105090

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten die (een) permanente schriftelijke procedure(s) op basis van de beginselen van HACCP moeten invoeren, toepassen en handhaven zorgen er met name voor dat zij elk gevaar onderkennen dat voorkomen, geëlimineerd of tot een aanvaardbaar niveau gereduceerd moet worden

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 29, tweede lid, onder a

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

Niet elk relevant gevaar dat voorkomen, geëlimineerd of tot een aanvaardbaar niveau gereduceerd moet worden is onderkend

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R105100

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten die (een) permanente schriftelijke procedure(s) op basis van de beginselen van HACCP moeten invoeren, toepassen en handhaven zorgen er met name voor dat zij de kritieke controlepunten identificeren in het stadium of de stadia waarin beheersing essentieel is om een gevaar te voorkomen of te elimineren dan wel tot een aanvaardbaar niveau te reduceren

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 29, tweede lid, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

De kritieke controlepunten zijn niet of onvoldoende geïdentificeerd waardoor gevaren onvoldoende worden voorkomen of geëlimineerd of tot een aanvaardbaar niveau worden gereduceerd

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R105110

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten die (een) permanente schriftelijke procedure(s) op basis van de beginselen van HACCP moeten invoeren, toepassen en handhaven zorgen er met name voor dat zij grenswaarden vaststellen voor de kritieke controlepunten teneinde te kunnen bepalen wat aanvaardbaar en wat niet aanvaardbaar is op het vlak van preventie, eliminatie of reductie van een onderkend gevaar

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 29, tweede lid, onder c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

Er zijn geen, onvoldoende of onjuiste grenswaarden vastgesteld voor de kritieke controlepunten waardoor niet of onvoldoende kan worden bepaald wat aanvaardbaar en wat niet aanvaardbaar is op het vlak van preventie, eliminatie of reductie van een onderkend gevaar

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R105120

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten die (een) permanente schriftelijke procedure(s) op basis van de beginselen van HACCP moeten invoeren, toepassen en handhaven zorgen er met name voor dat zij efficiënte bewakingsprocedures op de kritische controlepunten vaststellen en toepassen

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 29, tweede lid, onder d

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

Er zijn geen of onvoldoende efficiënte bewakingsprocedures op de kritische controlepunten vastgesteld en toegepast

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R105130

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten die (een) permanente schriftelijke procedure(s) op basis van de beginselen van HACCP moeten invoeren, toepassen en handhaven zorgen er met name voor dat zij corrigerende maatregelen vaststellen wanneer uit de bewaking blijkt dat een kritisch controlepunt niet volledig onder controle is

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 29, tweede lid, onder e

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

Er zijn geen, onvoldoende of onjuiste corrigerende maatregelen vastgesteld voor situatie waarin uit de bewaking blijkt dat een kritisch controlepunt niet volledig onder controle is

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R105140

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten die (een) permanente schriftelijke procedure(s) op basis van de beginselen van HACCP moeten invoeren, toepassen en handhaven zorgen er met name voor dat zij procedures vaststellen om te verifiëren of de in artikel 29, tweede lid, onder a tot en met e) genoemde maatregelen volledig zijn en naar behoren functioneren. Deze verificatieprocedures worden regelmatig toegepast

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 29, tweede lid, onder f

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

Er zijn geen, onvoldoende of onjuiste verificatieprocedures opgesteld en/of de verificatieprocedures worden niet, onvoldoende of onjuist toegepast

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R105150

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten die (een) permanente schriftelijke procedure(s) op basis van de beginselen van HACCP moeten invoeren, toepassen en handhaven zorgen er met name voor dat zij op de aard en de omvang van het bedrijf afgestemde documenten en registers opstellen waaruit blijkt dat de onder a tot en met f) omschreven maatregelen daadwerkelijk worden toegepast

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 29, tweede lid, onder g

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

Er zijn geen, onvoldoende of onjuiste documenten en/of registers opgesteld, en/of de documenten en/of registers zijn niet afgestemd op de aard en de omvang van het bedrijf

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R105160

Exploitanten met activiteiten als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Ingeval een product, een verwerking of een stadium van productie, verwerking, opslag of distributie enige wijziging ondergaat, dient de exploitant de HACCP-procedures te herbezien en, waar nodig, aan te passen

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 29, derde lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

In de handel brengen – dierlijke bijproducten en afgeleide producten voor vervoedering aan landbouwhuisdieren met uitzondering van pelsdieren

In de handel brengen – organsiche meststoffen en bodemverbeteraars

In de handel brengen – afgeleide producten die worden gereguleerd door bepaalde andere communautaire wetgeving

In de handel brengen – voeder voor gezelschapsdieren en andere afgeleide producten

33R209010

Exploitanten die voeder voor gezelschapsdieren of andere afgeleide producten dan de in de artikelen 31, 32, 33 en 35 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 bedoelde afgeleide producten in de handel brengen

Exploitanten mogen andere afgeleide producten dan de in de artikelen 31, 32, 33 en 35 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 bedoelde afgeleide producten in de handel brengen mits zij de risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid beheersen door veilige bevoorrading overeenkomstig artikel 37 van genoemde verordening

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 36, onder b, i)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R209020

Exploitanten die voeder voor gezelschapsdieren of andere afgeleide producten dan de in de artikelen 31, 32, 33 en 35 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 bedoelde afgeleide producten in de handel brengen

Exploitanten mogen andere afgeleide producten dan de in de artikelen 31, 32, 33 en 35 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 bedoelde afgeleide producten in de handel brengen mits zij de risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid beheersen door veilige behandeling overeenkomstig artikel 38 van genoemde verordening, als veilige bevoorrading voor onvoldoende controle kan zorgen

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 36, onder b, ii)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R209030

Exploitanten die andere afgeleide producten dan de in de artikelen 31, 32, 33 en 35 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 bedoelde afgeleide producten in de handel brengen

Exploitanten mogen andere afgeleide producten dan de in de artikelen 31, 32, 33 en 35 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 bedoelde afgeleide producten in de handel brengen mits zij de risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid beheersen door verificatie dat de producten alleen voor een veilig eindgebruik overeenkomstig artikel 39 van genoemde verordening worden gebruikt, als veilige behandeling niet voor voldoende controle kan zorgen

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 36, onder b, iii)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

Invoer uit, doorvoer tussen en uitvoer naar derde landen

33R110010

Exploitanten die dierlijke bijproducten uitvoeren naar derde landen

De uitvoer naar derde landen van dierlijke bijproducten en afgeleide producten die bestemd zijn om te worden verbrand of gestort, is verboden

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 43, eerste lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R110020

Exploitanten die dierlijke bijproducten uitvoeren naar derde landen

De uitvoer naar derde landen van dierlijke bijproducten en afgeleide producten naar derde landen die geen lid zijn van de OESO voor gebruik in een biogas- of composteerinstallatie, is verboden

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 43, tweede lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R110030

Exploitanten die dierlijke bijproducten uitvoeren naar derde landen

Categorie 1-materiaal, categorie 2-materiaal en daarvan afgeleide producten mogen slechts voor andere doeleinden dan verbranden, storten, vergisten of composteren worden uitgevoerd naar derde als voorschriften voor de uitvoer daarvan zijn vastgesteld. In afwijking hiervan vindt de uitvoer van gespecificeerd risicomateriaal slechts plaats overeenkomstig Verordening (EG) nr. 999/2001, en vindt de uitvoer van dierlijke bijproducten en afgeleide producten die zijn gemengd of verontreinigd met afvalstoffen die in Beschikking 2000/532/EG als gevaarlijke afvalstoffen zijn vermeld, slechts plaats overeenkomstig de voorschriften van Verordening (EG) nr. 1013/2006.

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 43, derde lid, in samenhang met vijfde lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

Officiële controles

33R111010

Exploitanten met een erkenning of voorwaardelijke erkenning overeenkomstig artikel 24, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Exploitanten zorgen ervoor dat een inrichting of bedrijf wordt stilgelegd, als de bevoegde autoriteit de erkenning intrekt of, in geval van voorwaardelijke erkenning, nalaat deze te verlengen of een volwaardige erkenning te verlenen

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 44, derde lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R111020

Exploitanten die dierlijke bijproducten of afgeleide producten naar lidstaten verzenden of uit lidstaten ontvangen

Wanneer een exploitant van plan is materiaal van categorie 1, materiaal van categorie 2 of vleesbeendermeel of dierlijke vetten afgeleid van materiaal van categorie 1 en categorie 2 naar een andere lidstaat te verzenden, brengt hij de bevoegde autoriteit van de lidstaat van oorsprong en de bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming op de hoogte. In reactie op de aanvraag van de exploitant besluit de bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming binnen een gespecificeerde tijdsspanne om de ontvangst van de zending te weigeren, onvoorwaardelijk te aanvaarden, of aan de ontvangst van de zending voorwaarden te verbinden.

Exploitanten mogen voor diagnose en onderzoek bestemde monsters, bestaande uit categorie 1- en categorie 2-materiaal en vleesbeendermeel of dierlijk vet dat afgeleid is van categorie 1- en categorie 2-materiaal, of uit verwerkte dierlijke eiwitten, echter naar een andere lidstaat zenden zonder de bevoegde autoriteit van de lidstaat van oorsprong overeenkomstig op de hoogte te brengen en zonder dat de bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming de zending aanvaardt.

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 48, eerste lid, in samenhang met Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 11, derde lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

De exploitant heeft de bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming niet, niet tijdig of onjuist op de hoogte gebracht van zijn voornemen om categorie 1- of 2-materiaal of daarvan afgeleid gesmolten vet of vleesbeendermeel naar een andere lidstaat te verzenden

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R111030

Exploitanten die dierlijke bijproducten of afgeleide producten naar lidstaten verzenden of uit lidstaten ontvangen

Wanneer een exploitant van plan is materiaal van categorie 1, materiaal van categorie 2 of vleesbeendermeel of dierlijke vetten afgeleid van materiaal van categorie 1 en categorie 2 naar een andere lidstaat te verzenden, brengt hij de bevoegde autoriteit van de lidstaat van oorsprong en de bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming op de hoogte. In reactie op de aanvraag van de exploitant besluit de bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming binnen een gespecificeerde tijdsspanne om de ontvangst van de zending te weigeren, onvoorwaardelijk te aanvaarden, of aan de ontvangst van de zending voorwaarden te verbinden.

Exploitanten mogen voor diagnose en onderzoek bestemde monsters, bestaande uit categorie 1- en categorie 2-materiaal en vleesbeendermeel of dierlijk vet dat afgeleid is van categorie 1- en categorie 2-materiaal, of uit verwerkte dierlijke eiwitten, echter naar een andere lidstaat zenden zonder de bevoegde autoriteit van de lidstaat van oorsprong overeenkomstig op de hoogte te brengen en zonder dat de bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming de zending aanvaardt.

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 48, eerste lid, in samenhang met Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 11, derde lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

De exploitant handelt in strijd met het besluit van de bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming ten aanzien van de verzending van categorie 1- of 2-materiaal of daarvan afgeleid gesmolten vet of vleesbeendermeel

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R111040

Exploitanten die dierlijke bijproducten of afgeleide producten naar lidstaten verzenden of uit lidstaten ontvangen

Categorie 1- en 2-materialen, dierlijke bijproducten, vleesbeendermeel en dierlijke vetten als bedoeld in artikel 48, eerste lid van Verordening (EG) nr. 1069/2009 worden rechtstreeks vervoerd naar de inrichting of het bedrijf van bestemming, dat overeenkomstig de artikelen 23, 24 en 44 van genoemde verordening geregistreerd of erkend moet zijn, of, indien het om mest gaat, naar het agrarisch bedrijf van bestemming

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 48, vierde lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

Categorie 1- of 2-materiaal of daarvan afgeleid gesmolten vet of vleesbeendermeel werd niet rechtstreeks vervoerd naar het bedrijf van bestemming genoemd in de toestemming, maar naar een ander bedrijf, en heeft vandaaruit niet alsnog het bestemmingsbedrijf bereikt

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R111050

Exploitanten die dierlijke bijproducten of afgeleide producten naar lidstaten verzenden of uit lidstaten ontvangen

Categorie 1- en 2-materialen, dierlijke bijproducten, vleesbeendermeel en dierlijke vetten als bedoeld in artikel 48, eerste lid van Verordening (EG) nr. 1069/2009 worden rechtstreeks vervoerd naar de inrichting of het bedrijf van bestemming, dat overeenkomstig de artikelen 23, 24 en 44 van genoemde verordening geregistreerd of erkend moet zijn, of, indien het om mest gaat, naar het agrarisch bedrijf van bestemming

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 48, vierde lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

Categorie 1- of 2-materiaal of daarvan afgeleid gesmolten vet of vleesbeendermeel werd niet rechtstreeks vervoerd naar het bedrijf van bestemming genoemd in de toestemming, maar via een ander bedrijf, vanwaaruit het alsnog het bestemmingsbedrijf heeft bereikt

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R111060

Exploitanten die dierlijke bijproducten of afgeleide producten naar lidstaten verzenden of uit lidstaten ontvangen

Indien dierlijke bijproducten of afgeleide producten via het grondgebied van een derde land naar andere lidstaten worden verzonden, moeten de zendingen in de lidstaat van oorsprong verzegeld zijn en moeten de producten vergezeld gaan van een gezondheidscertificaat.

De verzegelde zendingen mogen alleen via een grensinspectiepost en overeenkomstig artikel 6 van Richtlijn 89/662/EEG opnieuw in de Gemeenschap worden binnengebracht.

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 48, vijfde lid

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

Algemene bepalingen – eindpunt in de productieketen van bepaalde afgeleide producten

Verwijdering en gebruik van dierlijke bijproducten en afgeleide producten – beperkingen op het gebruik van dierlijke bijproducten en afgeleide producten

33R202010

Houders van grazende landbouwhuisdieren

Voor het laten grazen van landbouwhuisdieren op land, of het voederen ervan met groenvoer afkomstig van dat land, waarop organische meststoffen en bodemverbeteraars gebruikt zijn, geldt dat de wachttijd van ten minste 21 dagen als genoemd in artikel 11, lid 1, onder c), van Verordening (EG) nr. 1069/2009 in acht moet zijn genomen, en er uitsluitend organische meststoffen en bodemverbeteraars gebruikt mogen zijn die in overeenstemming zijn met artikel 32, leden 1 en 2, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 en met bijlage XI, hoofdstuk II, bij Verordening (EU) nr. 142/2011. Die voorwaarden zijn echter niet van toepassing indien uitsluitend mest en guano, en inhoud van het maag-darmkanaal, melk, melkproducten, melkderivaten, biest en biestproducten waarvan de bevoegde autoriteit meent dat zij geen risico op verspreiding van een ernstige dierziekte inhouden op het land gebruikt zijn.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 5, tweede lid, in samenhang met bijlage II, hoofdstuk II

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

Verwijdering en gebruik van dierlijke bijproducten en afgeleide producten – verwijdering door verbranding, verwijdering of hergebruik door meeverbranding en gebruik als brandstof

33R203010

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 zien erop toe dat in de bedrijven onder hun controle wordt gewaarborgd dat dierlijke bijproducten en afgeleide producten zo snel mogelijk na aankomst worden verwijderd, overeenkomstig de door de bevoegde autoriteit vastgestelde voorschriften. In afwachting van de verwijdering worden de producten correct opgeslagen, overeenkomstig de door de bevoegde autoriteit vastgestelde voorschriften.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder a

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203015

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 zien erop toe dat in de bedrijven onder hun controle wordt gewaarborgd dat de installaties zijn uitgerust met adequate voorzieningen voor de reiniging en ontsmetting van gebruikte recipiënten en voertuigen, met name in een daarvoor aangewezen ruimte waaruit afvalwater wordt verwijderd overeenkomstig de wetgeving van de Unie, om het risico van verontreiniging te voorkomen.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203020

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 zien erop toe dat in de bedrijven onder hun controle wordt gewaarborgd dat de installaties op een verharde vloer met een goede waterafvoer staan

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203025

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 zien erop toe dat in de bedrijven onder hun controle wordt gewaarborgd dat de installaties zijn voorzien van adequate voorzieningen ter bescherming tegen schadelijke dieren als insecten, knaagdieren en vogels. Hiertoe wordt een gedocumenteerd bestrijdingsprogramma gebruikt.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder d

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203030

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 zien erop toe dat in de bedrijven onder hun controle wordt gewaarborgd dat het personeel toegang heeft tot adequate voorzieningen voor persoonlijke hygiëne, zoals toiletten, kleedruimten en wasbakken, indien dat nodig is om besmettingsrisico’s te voorkomen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder e

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203035

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 zien erop toe dat in de bedrijven onder hun controle wordt gewaarborgd dat voor alle delen van de ruimten reinigingsprocedures worden vastgelegd en gedocumenteerd

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder f, eerste zin

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203040

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 zien erop toe dat in de bedrijven onder hun controle voor de reiniging geschikt materiaal en geschikte schoonmaakmiddelen worden verstrekt

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder f, tweede zin

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203045

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 zien erop toe dat in de bedrijven onder hun controle wordt gewaarborgd dat de controle op de hygiëne regelmatige inspectie van de omgeving en de apparatuur omvat. De inspectieschema’s en resultaten moeten worden gedocumenteerd en moeten ten minste twee jaar worden bewaard.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder g

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203050

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

De exploitant van een verbrandings- of meeverbrandingsinstallatie als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 treft in samenhang met de inontvangstneming van dierlijke bijproducten en afgeleide producten alle nodige voorzorgsmaatregelen om directe risico’s voor de gezondheid van mens of dier te voorkomen of zo veel als praktisch haalbaar is te beperken

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203055

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Dieren mogen geen toegang hebben tot de installaties, de te verbranden of mee te verbranden dierlijke bijproducten en afgeleide producten, of de as van verbrande of meeverbrande dierlijke bijproducten

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203060

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Indien de verbrandings- of meeverbrandingsinstallatie als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 gelegen is op een veehouderij moet de verbrandings- of meeverbrandingsinstallatie volledig fysiek worden gescheiden van de dieren en hun voeder en strooisel, zo nodig door een omheining

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 4, onder a

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203065

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Indien de verbrandings- of meeverbrandingsinstallatie als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 gelegen is op een veehouderij moet de apparatuur uitsluitend voor werkzaamheden in de verbrandingsinstallatie en niet elders op het bedrijf worden gebruikt, of anders eerst worden gereinigd en ontsmet

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 4, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203070

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Indien de verbrandings- of meeverbrandingsinstallatie als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 gelegen is op een veehouderij moet het personeel dat in de installatie werkt andere bovenkleding en schoenen aantrekken alvorens met vee of veevoeder in aanraking te komen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 4, onder c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203075

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Te verbranden of mee te verbranden dierlijke bijproducten en afgeleide producten en as moeten worden opgeslagen in afgedekte, correct geïdentificeerde en, zo nodig, lekvrije recipiënten

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 5

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203080

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Dierlijke bijproducten die niet volledig zijn verbrand, moeten opnieuw worden verbrand of op een andere wijze worden verwijderd dan door storting op een toegelaten stortplaats, overeenkomstig de artikelen 12, 13 en 14 van Verordening (EG) nr. 1069/2009, naargelang het artikel dat van toepassing is.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 6

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203085

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties worden zodanig ontworpen, uitgerust, gebouwd en geëxploiteerd dat, zelfs in de meest ongunstige omstandigheden, het bij het proces ontstane gas op beheerste en homogene wijze wordt verhit tot een temperatuur van 850 °C gedurende ten minste 2 seconden of tot een temperatuur van 1 100 °C gedurende 0,2 seconde, gemeten dichtbij de binnenwand of op een door de bevoegde autoriteit toegestaan ander representatief punt van de verbrandings- of meeverbrandingskamer

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203090

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Het ontstaan van residuen van verbranding en meeverbranding en de schadelijkheid ervan worden tot een minimum beperkt. Deze residuen moeten, in voorkomend geval, overeenkomstig de toepasselijke wetgeving van de Unie in de installatie zelf of daarbuiten hergebruikt worden of op een toegelaten stortplaats worden verwijderd.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 3, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens, dier en/of milieu

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203095

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Vervoer en tussentijdse opslag van droge residuen, met inbegrip van stof, vinden op zodanige wijze plaats dat verspreiding in het milieu voorkomen wordt, bijvoorbeeld in gesloten recipiënten

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 3, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens, dier en/of milieu

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203100

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Er wordt gebruikgemaakt van technieken ter bewaking van de parameters en omstandigheden die relevant zijn voor het verbrandings- of meeverbrandingsproces

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 4, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Er wordt geen gebruik gemaakt van technieken ter bewaking van relevante parameters en omstandigheden

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203105

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Er wordt gebruikgemaakt van technieken ter bewaking van de parameters en omstandigheden die relevant zijn voor het verbrandings- of meeverbrandingsproces

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 4, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

De gebruikte technieken ter bewaking van relevante parameters en omstandigheden zijn niet adequaat

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203110

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Gecontroleerd wordt of alle automatische bewakingsapparatuur naar behoren functioneert; jaarlijks wordt een verificatietest uitgevoerd

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 4, punt 3,

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203115

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

De temperatuurmeetresultaten worden op passende wijze geregistreerd en gepresenteerd, zodat de bevoegde autoriteit volgens door haar vast te stellen procedures kan controleren of de in Verordening (EU) nr. 142/2011 vastgestelde bedrijfsvoorschriften worden nageleefd

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 4, punt 4

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

De temperatuurmeetresultaten worden niet geregistreerd

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203120

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

De temperatuurmeetresultaten worden op passende wijze geregistreerd en gepresenteerd, zodat de bevoegde autoriteit volgens door haar vast te stellen procedures kan controleren of de in Verordening (EU) nr. 142/2011 vastgestelde bedrijfsvoorschriften worden nageleefd

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 4, punt 4

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

De registratie of presentatie van de temperatuurmeetresultaten is zodanig dat niet eenvoudig en/of met zekerheid is vast te stellen dat te allen tijde aan de relevante parameters is voldaan

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203125

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

In geval van een defect of van abnormale bedrijfsomstandigheden van een verbrandings- of meeverbrandingsinstallatie vermindert de exploitant de activiteit van de installatie zo spoedig mogelijk of legt hij de installatie stil totdat normaal bedrijf opnieuw mogelijk is

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 5

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Er zijn geen, onvoldoende of inadequate corrigerende acties genomen bij abnormaal bedrijf, onvolledig verbrand materiaal is in de handel of in het milieu gebracht

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203130

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

In geval van een defect of van abnormale bedrijfsomstandigheden van een verbrandings- of meeverbrandingsinstallatie vermindert de exploitant de activiteit van de installatie zo spoedig mogelijk of legt hij de installatie stil totdat normaal bedrijf opnieuw mogelijk is

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, derde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk I, afdeling 5

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Er zijn geen, onvoldoende of inadequate corrigerende acties genomen bij abnormaal bedrijf, maar er is geen onvolledig verbrand materiaal in de handel of in het milieu gebracht

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203135

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

In installaties met een hoge capaciteit is elke verbrandings- of meeverbrandingsstraat uitgerust met ten minste één hulpbrander. Deze brander wordt automatisch ingeschakeld wanneer de temperatuur van de verbrandingsgassen na de laatste toevoer van verbrandingslucht tot onder 850 °C of 1 100 °C zakt, naargelang het geval. Hij wordt ook tijdens de inwerkingstelling en de stillegging van de installatie gebruikt teneinde ervoor te zorgen dat de temperatuur van 850 °C of 1 100 °C, naargelang het geval, gedurende bedoelde werkzaamheden steeds wordt gehandhaafd zolang zich onverbrand materiaal in de verbrandings- of meeverbrandingskamer bevindt.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, vierde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk II, afdeling 1, onder a

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203140

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Wanneer in installaties met een hoge capaciteit de dierlijke bijproducten of afgeleide producten in continubedrijf in de verbrandings- of meeverbrandingskamer worden binnengebracht, is de installatie voorzien van een automatisch systeem dat voorkomt dat dierlijke bijproducten of afgeleide producten bij de inwerkingstelling worden binnengebracht nog voor de temperatuur 850 °C of 1 100 °C, naargelang het geval, is bereikt en wanneer de temperatuur niet gehandhaafd blijft

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, vierde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk II, afdeling 1, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203145

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

De exploitant van een installatie met een hoge capaciteit moet de verbrandingsinstallatie zo exploiteren dat een verbrandingsniveau wordt bereikt waarbij de totale hoeveelheid organische koolstof in de slakken en de bodemas minder bedraagt dan 3%, of hun gloeiverlies minder bedraagt dan 5%, van het droge gewicht van het materiaal. Zo nodig wordt het materiaal met passende technieken voorbehandeld.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, vierde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk II, afdeling 1, onder c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens, dier en/of milieu

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203150

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Terreinen van installaties met een hoge capaciteit, met de bijbehorende terreinen voor de opslag van dierlijke bijproducten, zijn zodanig ontworpen dat het ongeoorloofd en accidenteel vrijkomen van verontreinigende stoffen in bodem, oppervlaktewater en grondwater wordt voorkomen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, vierde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk II, afdeling 2, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens, dier en/of milieu

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203155

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

In een installatie met een hoge capaciteit wordt voorzien in opvangcapaciteit voor van het terrein van de installatie wegvloeiend verontreinigd regenwater en voor verontreinigd water dat afkomstig is van overlopen of brandbestrijding. Zo nodig zorgt de exploitant ervoor dat dergelijk regenwater en water kan worden onderzocht en gezuiverd alvorens het, indien nodig, wordt verwijderd.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, vierde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk II, afdeling 2, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens, dier en/of milieu

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203160

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Installaties met een lage capaciteit worden uitsluitend gebruikt voor de verwijdering van dode gezelschapsdieren als bedoeld in artikel 8, onder a, iii), van Verordening (EG) nr. 1069/2009, categorie 1-materiaal als bedoeld in artikel 8, onder b, e) en f), categorie 2-materiaal als bedoeld in artikel 9, en categorie 3-materiaal als bedoeld in artikel 10 van die verordening, en dode, individueel geïdentificeerde paardachtigen van bedrijven waarvoor geen veterinairrechtelijke verbodsbepalingen gelden overeenkomstig artikel 4, lid 5, of artikel 5 van Richtlijn 2009/156/EG, indien toegestaan door de lidstaat

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, vijfde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk III, onder a

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203165

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Installaties met een lage capaciteit worden uitgerust met een hulpbrander indien categorie 1-materiaal als bedoeld in artikel 8, onder b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 in de installatie wordt binnengebracht

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, vijfde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk III, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R203170

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties die overeenkomstig Richtlijn 2000/76/EG geen exploitatievergunning nodig hebben

Installaties met een lage capaciteit worden zodanig geëxploiteerd dat de dierlijke bijproducten volledig tot as worden gereduceerd

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 6, vijfde lid, in samenhang met bijlage III, hoofdstuk III, onder c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

Verwijdering en gebruik van dierlijke bijproducten en afgeleide producten – eisen voor verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

33R204010

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Verwerkingsbedrijven mogen zich niet op hetzelfde terrein bevinden als slachthuizen of andere inrichtingen die erkend of geregistreerd zijn overeenkomstig Verordening (EG) nr. 852/2004 of Verordening (EG) nr. 853/2004, tenzij de risico's voor de volksgezondheid en de diergezondheid als gevolg van de verwerking van dierlijke bijproducten, die van die slachthuizen of andere inrichtingen afkomstig zijn, door de inachtneming van minstens de volgende voorwaarden tot een minimum worden beperkt:

i) het verwerkingsbedrijf moet fysiek van het slachthuis of de andere inrichting gescheiden zijn, zo nodig door het verwerkingsbedrijf te huisvesten in een gebouw dat volledig van het slachthuis of de andere inrichting is gescheiden;

ii) het volgende moet in het verwerkingsbedrijf worden geïnstalleerd en gebruikt:

– een transportsysteem dat het verwerkingsbedrijf met het slachthuis of de andere inrichting verbindt en niet kan worden omzeild;

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder a, i) t/m iv)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

   

– afzonderlijke ingangen, ontvangstruimten, apparatuur en uitgangen voor zowel het verwerkingsbedrijf als het slachthuis of de inrichting;

iii) er moeten maatregelen worden genomen ter voorkoming van de verspreiding van risico's door toedoen van het personeel dat in het verwerkingsbedrijf en in het slachthuis of de andere inrichting werkt;

iv) onbevoegden en dieren mogen geen toegang hebben tot het verwerkingsbedrijf.

             

33R204015

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Het verwerkingsbedrijf moet bestaan uit een reine en een onreine zone, die adequaat gescheiden moeten zijn

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder b, eerste zin

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204020

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

De onreine zone van een verwerkingsbedrijf moet een overdekte ruimte hebben voor de levering van de dierlijke bijproducten en moet zo gebouwd zijn dat hij gemakkelijk te reinigen en te ontsmetten is. De vloeren moeten zo zijn aangelegd dat vloeistoffen gemakkelijk kunnen wegvloeien.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder b, tweede en derde zin

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204025

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Het verwerkingsbedrijf moet voorzien zijn van geschikte voorzieningen, inclusief toiletten, kleedruimten en wasbakken voor het personeel

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204030

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Het verwerkingsbedrijf moet installaties met voldoende capaciteit voor de productie van warm water en voor het opwekken van stoom hebben voor het verwerken van dierlijke bijproducten

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder d

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204035

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Zo nodig moet de onreine zone installaties hebben om het volume van de dierlijke bijproducten te verkleinen en een installatie om de fijngemaakte dierlijke bijproducten in de verwerkingsinstallatie te laden

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder e

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204040

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Wanneer een warmtebehandeling vereist is, moeten alle installaties voorzien zijn van meetapparatuur om de temperatuur en de tijdsduur te volgen en, indien van toepassing voor de gebruikte verwerkingsmethode, op kritische punten de druk te controleren

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder f, i)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204045

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Wanneer een warmtebehandeling vereist is, moeten alle installaties voorzien zijn van registreertoestellen om de resultaten van deze metingen continu te registreren zodat deze toegankelijk blijven voor eigen en officiële controles

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder f, ii)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Een warmtebehandeling is vereist, maar de installaties zijn niet voorzien van registreertoestellen om de resultaten van deze metingen van de meetapparatuur te registreren

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204050

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Wanneer een warmtebehandeling vereist is, moeten alle installaties voorzien zijn van registreertoestellen om de resultaten van deze metingen continu te registreren zodat deze toegankelijk blijven voor eigen en officiële controles

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder f, ii)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Een warmtebehandeling is vereist, maar registreertoestellen waarvan de installaties zijn voorzien registreren de resultaten van de metingen van de meetapparatuur onvoldoende frequent en/of zodanig dat deze onvoldoende toegankelijk blijven voor eigen en officiële controles

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204055

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Wanneer een warmtebehandeling vereist is, moeten alle installaties voorzien zijn van een adequaat veiligheidssysteem om te voorkomen dat de bijproducten onvoldoende worden verhit

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder f, iii)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Een warmtebehandeling is vereist, maar de installaties zijn niet voorzien van een veiligheidssysteem om te voorkomen dat de bijproducten onvoldoende worden verhit

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204060

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Wanneer een warmtebehandeling vereist is, moeten alle installaties voorzien zijn van een adequaat veiligheidssysteem om te voorkomen dat de bijproducten onvoldoende worden verhit

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder f, iii)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Een warmtebehandeling is vereist, maar het veiligheidssysteem om te voorkomen dat de bijproducten onvoldoende worden verhit is onvoldoende adequaat

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204065

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Om herverontreiniging van het afgeleide product door binnenkomende dierlijke bijproducten te voorkomen, moet het gedeelte van het bedrijf waar het te verwerken binnenkomende materiaal wordt gelost, duidelijk gescheiden zijn van het gedeelte voor de verwerking van dat product en de opslag van het afgeleide product

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder g

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204070

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Het verwerkingsbedrijf moet beschikken over adequate voorzieningen voor het reinigen en ontsmetten van de open en de afsluitbare recipiënten waarin de dierlijke bijproducten zijn ontvangen, alsmede van de vervoermiddelen waarin zij zijn vervoerd, schepen uitgezonderd

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204075

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Het verwerkingsbedrijf moet beschikken over adequate voorzieningen om de wielen van de voertuigen en, indien nodig, de overige onderdelen van het voertuig te ontsmetten bij het verlaten van de onreine zone van het bedrijf

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204080

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Alle verwerkingsbedrijven moeten uitgerust zijn met een afvalwaterlozingsinstallatie die voldoet aan de door de bevoegde autoriteit overeenkomstig de wetgeving van de Unie vastgestelde eisen. In aanvulling hierop mag de bevoegde autoriteit exploitanten verplichten om afvalwater van de onreine zone van verwerkingsbedrijven en van bedrijven of inrichtingen die tussenhandelingen met categorie 1- of categorie 2-materiaal uitvoeren of categorie 1- of categorie 2-materiaal opslaan, onder zodanige voorwaarden te behandelen dat de risico's van ziekteverwekkers worden beperkt

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 4, en afdeling 2, punt 5

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204085

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Het verwerkingsbedrijf moet over een eigen laboratorium beschikken of gebruikmaken van de diensten van een extern laboratorium. Het laboratorium moet zo zijn uitgerust dat de noodzakelijke analyses kunnen worden uitgevoerd en moet door de bevoegde autoriteit erkend zijn op basis van een beoordeling van het vermogen van het laboratorium om die analyses uit te voeren; het moet op basis van internationaal erkende normen geaccrediteerd zijn of regelmatig door de bevoegde autoriteit gecontroleerd worden ter beoordeling van het vermogen van het laboratorium om voornoemde analyses uit te voeren

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 5

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204090

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Als het op basis van een risicobeoordeling, gezien de hoeveelheid producten die wordt behandeld, nodig is dat de bevoegde autoriteit regelmatig of permanent aanwezig is, moeten de verwerkingsbedrijven beschikken over een adequaat uitgeruste afsluitbare ruimte die uitsluitend door de inspectiedienst mag worden gebruikt

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 6

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204095

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Categorie 1-verwerkingsbedrijven en andere bedrijfsruimten waar gespecificeerd risicomateriaal wordt verwijderd, slachthuizen en categorie 2-verwerkingsbedrijven beschikken als eerste fase van de afvalwaterbehandeling over een voorbehandelingsproces voor het opvangen en verzamelen van dierlijk materiaal. De apparatuur voor het voorbehandelingsproces bestaat uit sifons of zeven met een poriegrootte of maaswijdte van maximaal 6 mm in de eindfase van het proces of uit soortgelijke systemen die vaste deeltjes van 6 mm of meer in het afvalwater tegenhouden.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder b, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204100

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Afvalwater uit categorie 1-verwerkingsbedrijven, andere bedrijfsruimten waar gespecificeerd risicomateriaal wordt verwijderd, slachthuizen en categorie 2-verwerkingsbedrijven moet een voorbehandelingsproces doorlopen zodat het gefilterd uit de bedrijfsruimten wordt afgevoerd. Vast dierlijk materiaal uit afvalwater wordt niet vermalen, geweekt of op enige andere wijze verwerkt of onder druk gezet om het voorbehandelingsproces te vergemakkelijken

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder b, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204105

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Al het dierlijke materiaal dat wordt opgevangen bij het voorbehandelingsproces in categorie 1-verwerkingsbedrijven, andere bedrijfsruimten waar gespecificeerd risicomateriaal wordt verwijderd, slachthuizen en categorie 2-verwerkingsbedrijven wordt, naargelang het geval, als categorie 1- of categorie 2-materiaal verzameld en vervoerd en overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1069/2009 verwijderd

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder b, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204110

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Afvalwater dat het voorbehandelingsproces in categorie 1-verwerkingsbedrijven, andere bedrijfsruimten waar gespecificeerd risicomateriaal wordt verwijderd, slachthuizen en categorie 2-verwerkingsbedrijven heeft doorlopen en afvalwater van andere bedrijfsruimten waar dierlijke bijproducten worden gehanteerd of verwerkt, wordt overeenkomstig de wetgeving van de Unie en zonder beperkingen overeenkomstig Verordening (EU) nr. 142/2011 behandeld

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder b, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 4

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204120

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Het verwijderen van dierlijke bijproducten, inclusief bloed en melk, of afgeleide producten, via de afvalwaterstroom verboden. Categorie 3-materiaal bestaande uit centrifuge- en separatorslib mag wel via de afvalwaterstroom worden verwijderd, op voorwaarde dat het een in bijlage X, hoofdstuk II, afdeling 4, deel III, van Verordening (EU) nr. 142/2011 bedoelde behandeling voor centrifuge- en separatorslib heeft ondergaan

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder b, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 6

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204125

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Verwerkingsbedrijven die categorie 1- en categorie 2-materiaal verwerken, moeten zodanig zijn gelegen dat tussen ontvangst van de grondstof en verzending van het afgeleide product de absolute scheiding van categorie 1-materiaal van categorie 2-materiaal gewaarborgd is, tenzij een mengsel van categorie 1- en categorie 2-materiaal als categorie 1-materiaal is verwerkt

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204130

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Verwerkingsbedrijven die categorie 3-materiaal verwerken, zijn niet op hetzelfde terrein gelegen als verwerkingsbedrijven die categorie 1- of categorie 2-materiaal verwerken, tenzij zij zich in een volledig afzonderlijk gebouw bevinden.

Met toestemming van de bevoegde autoriteit mag categorie 3-materiaal evenwel worden verwerkt op een terrein waar categorie 1- of categorie 2-materiaal wordt gehanteerd of verwerkt indien versleping voorkomen wordt door:

a) de ligging van de bedrijfsruimten, met name de voorzieningen voor de ontvangst van de grondstoffen en de wijze waarop deze verder worden gehanteerd;

b) de ligging en het beheer van de apparatuur die voor de verwerking wordt gebruikt, inclusief de opstelling en het beheer van afzonderlijke verwerkingslijnen of van reinigingsprocedures die verspreiding van mogelijke risico's voor de volksgezondheid en de diergezondheid uitsluiten, en

c) de ligging en het beheer van de ruimten voor de tijdelijke opslag van de eindproducten

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder d, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 4, punt 1 en 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204135

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Verwerkingsbedrijven die categorie 3-materiaal verwerken, zijn uitgerust met een installatie waarmee zij de aanwezigheid van vreemde bestanddelen, zoals verpakkingsmateriaal of metaal, in de dierlijke bijproducten of afgeleide producten kunnen opsporen, indien het verwerkte materiaal voor vervoedering bestemd is

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder d, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 4, punt 3, eerste zin

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204140

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

In verwerkingsbedrijven die categorie 3-materiaal verwerken dat voor vervoedering bestemd is, worden vreemde bestanddelen zoals verpakkingsmateriaal of metaal worden vóór of tijdens het verwerkingsproces uit de dierlijke bijproducten verwijderd

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 8, eerste lid, onder d, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk I, afdeling 4, punt 3, tweede zin

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid,

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204145

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Naast de in artikel 25 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 vastgestelde algemene hygiënevoorschriften beschikken verwerkingsbedrijven over een gedocumenteerd plagenbestrijdingsprogramma voor de uitvoering van de bepalingen in artikel 25, lid 1, onder c), van die verordening betreffende de voorzieningen ter bescherming tegen schadelijke dieren zoals insecten, knaagdieren en vogels

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk II, afdeling 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204150

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Er moeten nauwkeurig geijkte meters/registreertoestellen worden gebruikt om de verwerking continu te controleren. Er wordt een administratie bijgehouden met de data waarop de meters/registreertoestellen zijn geijkt.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk II, afdeling 2, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Er worden geen meters/registreertoestellen gebruikt om de verwerking te controleren

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204155

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Er moeten nauwkeurig geijkte meters/registreertoestellen worden gebruikt om de verwerking continu te controleren. Er wordt een administratie bijgehouden met de data waarop de meters/registreertoestellen zijn geijkt.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk II, afdeling 2, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

De meters/registreertoestellen die worden gebruikt om de verwerking te controleren zijn niet of niet nauwkeurig geijkt en/of meten/registreren onvoldoende frequent en/of er is geen administratie van data waarop de meters/registreertoestellen zijn geijkt

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204160

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Materiaal dat mogelijk niet de gespecificeerde warmtebehandeling heeft ondergaan, zoals materiaal dat bij het opstarten van het verwerkingsproces wordt afgevoerd of uit kooktoestellen is gelekt, moet opnieuw door het warmtebehandelingsproces worden geleid of worden verzameld en opnieuw worden verwerkt of worden verwijderd overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1069/2009

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk II, afdeling 2, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204165

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Tenzij de bevoegde autoriteit verwerkingsmethode 1 (sterilisatie onder druk) verplicht stelt, wordt categorie 1- en categorie 2-materiaal verwerkt met een van de in bijlage IV, hoofdstuk III, van Verordening (EU) nr. 142/2011 beschreven methoden 2, 3, 4 en 5

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk II, afdeling 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204170

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Voor iedere in bijlage IV, hoofdstuk III, van Verordening (EU) nr. 142/2011 beschreven verwerkingsmethode omvatten de kritische controlepunten die bepalend zijn voor de bij de verwerking toegepaste warmtebehandeling:

a) de deeltjesgrootte van de grondstof;

b) de bij de warmtebehandeling bereikte temperatuur;

c) de druk, indien op de grondstof uitgeoefend;

d) de duur van de warmtebehandeling of het verwerkingsdebiet van een continuprocedé. Voor ieder kritisch controlepunt moeten minimumnormen voor het verwerkingsproces worden gespecificeerd.

In het geval van chemische behandelingen die door de bevoegde autoriteit zijn toegestaan als verwerkingsmethode 7 overeenkomstig hoofdstuk III, onder G, is ook de gerealiseerde pH-bijstelling een kritisch controlepunt dat bepalend is voor de bij de verwerking toegepaste chemische behandeling.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk II, afdeling 4, punt 1 en 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204175

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

De verzamelde gegevens worden ten minste twee jaar bewaard om aan te tonen dat voor ieder kritisch controlepunt de minimumwaarden voor verwerking worden toegepast

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk II, afdeling 4, punt 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Er worden geen gegevens verzameld en/of bewaard, waardoor het bedrijf niet kan aantonen dat voor ieder kritisch controlepunt de minimumwaarden voor verwerking zijn toegepast

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204180

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

De verzamelde gegevens worden ten minste twee jaar bewaard om aan te tonen dat voor ieder kritisch controlepunt de minimumwaarden voor verwerking worden toegepast

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk II, afdeling 4, punt 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

De verzamelde gegevens worden niet lang genoeg bewaard

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204185

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Categorie 3-materiaal wordt verwerkt met een van de verwerkingsmethoden 1 tot en met 5 of met verwerkingsmethode 7 of, indien het materiaal afkomstig is van waterdieren, met een van de verwerkingsmethoden 1 tot en met 7, zoals beschreven in bijlage IV, hoofdstuk III, van Verordening (EU) nr. 142/2011

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder a, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk II, afdeling 4, punt 4

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204190

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

De exploitant past de parameters voor verwerkingsmethode 1 (sterilisatie onder druk), zoals voorgeschreven in bijlage IV, hoofdstuk III, onderdeel A, van Verordening (EU) nr. 142/2011, toe

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder b, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk III, onderdeel A

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204195

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

De exploitant past de parameters voor verwerkingsmethode 2, zoals voorgeschreven in bijlage IV, hoofdstuk III, onderdeel B, van Verordening (EU) nr. 142/2011, toe

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder b, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk III, onderdeel B

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204200

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

De exploitant past de parameters voor verwerkingsmethode 3, zoals voorgeschreven in bijlage IV, hoofdstuk III, onderdeel C, van Verordening (EU) nr. 142/2011, toe

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder b, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk III, onderdeel C

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204205

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

De exploitant past de parameters voor verwerkingsmethode 4, zoals voorgeschreven in bijlage IV, hoofdstuk III, onderdeel D, van Verordening (EU) nr. 142/2011, toe

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder b, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk III, onderdeel D

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204210

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

De exploitant past de parameters voor verwerkingsmethode 5, zoals voorgeschreven in bijlage IV, hoofdstuk III, onderdeel E, van Verordening (EU) nr. 142/2011, toe

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder b, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk III, onderdeel E

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204215

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

De exploitant past de parameters voor verwerkingsmethode 6, zoals voorgeschreven in bijlage IV, hoofdstuk III, onderdeel F, van Verordening (EU) nr. 142/2011, toe

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder b, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk III, onderdeel F

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204220

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

De exploitant past de parameters toe waarvan hij, bij wijze van verwerkingsmethode 7, overeenkomstig bijlage IV, hoofdstuk III, onderdeel G, punt 1 en 2, van Verordening (EU) nr. 142/2011, de veiligheid heeft aangetoond. In afwijking hiervan kunnen, met toestemming van de bevoegde autoriteit, verwerkingsmethoden die vóór de datum van inwerkingtreding van Verordening (EU) nr. 142/2011 zijn goedgekeurd overeenkomstig bijlage V, hoofdstuk III, bij Verordening (EG) nr. 1774/2002 worden toegepast.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder b, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk III, onderdeel G, punten 1, 2 en 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204230

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Materiaal dat afkomstig is van de verwerking van categorie 1- en categorie 2-materiaal wordt permanent gemerkt overeenkomstig de voorschriften voor het merken van bepaalde afgeleide producten in bijlage VIII, hoofdstuk V, van Verordening (EU) nr. 142/2011. Het merken is echter niet vereist voor biodiesel, gehydrolyseerd materiaal, mengsels van varkensmest en pluimveemest met ongebluste kalk en hernieuwbare brandstoffen die zijn geproduceerd uit gesmolten vet, afkomstig uit categorie 1- en categorie 2-materiaal, die geproduceerd zijn volgens de voorschriften uit bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel D, respectievelijk H, I, J en L, van genoemde verordening

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 1, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Materiaal afkomstig van de verwerking van categorie 1- en categorie 2-materiaal wordt niet permanent gemerkt terwijl dat wel vereist is

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204235

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Materiaal dat afkomstig is van de verwerking van categorie 1- en categorie 2-materiaal wordt permanent gemerkt overeenkomstig de voorschriften voor het merken van bepaalde afgeleide producten in bijlage VIII, hoofdstuk V, van Verordening (EU) nr. 142/2011. Het merken is echter niet vereist voor biodiesel, gehydrolyseerd materiaal, mengsels van varkensmest en pluimveemest met ongebluste kalk en hernieuwbare brandstoffen die zijn geproduceerd uit gesmolten vet, afkomstig uit categorie 1- en categorie 2-materiaal, die geproduceerd zijn volgens de voorschriften uit bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel D, respectievelijk H, I, J en L, van genoemde verordening

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 1, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Materiaal afkomstig van de verwerking van categorie 1- en categorie 2-materiaal wordt permanent gemerkt, maar niet overeenkomstig de voorschriften

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R204240

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Bij toepassing van het procedé alkalische hydrolyse worden de verwerkingsnormen uit bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel A, punt 2 in acht genomen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel A, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204245

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Voor het procedé hydrolyse bij verhoogde druk en temperatuur mag categorie 2- en categorie 3-materiaal worden gebruikt

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel B, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204250

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Bij toepassing van het procedé hydrolyse bij verhoogde druk en temperatuur worden de verwerkingsnormen uit bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel B, punt 2, van Verordening (EU) nr. 142/2011 in acht genomen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel B, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204255

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Bij toepassing van het procedé biogasproductie door middel van hydrolyse bij verhoogde druk worden de verwerkingsnormen uit bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel C, punt 2, van Verordening (EU) nr. 142/2011 in acht genomen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel C, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204260

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Voor het procedé biodieselproductie mag een vetfractie afkomstig van dierlijke bijproducten van alle categorieën worden gebruikt

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel D, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204265

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Bij toepassing van het procedé biodieselproductie worden de verwerkingsnormen uit bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel D, punt 2, van Verordening (EU) nr. 142/2011 in acht genomen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel D, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204270

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Voor het procedé Brookesvergassing mag categorie 2- en categorie 3-materiaal worden gebruikt

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel E, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204275

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Bij toepassing van het procedé Brookesvergassing worden de verwerkingsnormen uit bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel E, punt 2, van Verordening (EU) nr. 142/2011 in acht genomen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel E, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204280

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Voor verstoking in een thermische ketel mag een vetfractie afkomstig van dierlijke bijproducten van alle categorieën worden gebruikt

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel F, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204285

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Bij de verstoking van dierlijk vet in een thermische ketel worden de verwerkingsnormen uit bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel F, punt 2, onder a, b en c in acht genomen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel F, punt 2, onder a, b en c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204290

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

De verstoking van ander materiaal van dierlijke oorsprong dan dierlijk vet is niet toegestaan

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel F, punt 2, onder d

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204295

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Vet afkomstig van categorie 1- en categorie 2-materiaal wordt verstookt in hetzelfde bedrijf waar het vet gesmolten wordt, teneinde de opgewekte energie voor de verwerkingsprocessen te gebruiken. Met toestemming van de bevoegde autoriteit mag dit vet echter ten behoeve van verstoking naar andere bedrijven worden vervoerd, mits het bedrijf van bestemming toestemming voor de verstoking heeft en strenge voorwaarden worden toegepast voor de scheiding tussen verbranding en de verwerking van levensmiddelen of diervoeders in een erkend bedrijf op dezelfde locatie.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel F, punt 2, onder e

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204300

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

De verstoking vindt plaats overeenkomstig de wetgeving van de Unie ter bescherming van het milieu, met name overeenkomstig de in die wetgeving vastgestelde normen inzake de beste beschikbare technieken (BBT) voor de controle en de bewaking van emissies

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel F, punt 2, onder f

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens, dier en/of milieu

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204305

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Voor het procedé thermomechanische biobrandstofproductie mogen mest, de inhoud van het maag-darmkanaal en categorie 3-materiaal worden gebruikt

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel G, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204310

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Bij toepassing van het procedé thermomechanische biobrandstofproductie worden de verwerkingsnormen uit bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel G, punt 2, van Verordening (EU) nr. 142/2011 in acht genomen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel G, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204315

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Voor het proces behandeling van varkens- en pluimveemest met kalk mag mest als bedoeld in artikel 9, onder a, van Verordening (EG) nr. 1069/2009, afkomstig van varkens en pluimvee worden gebruikt.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel I, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204320

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Bij toepassing van het proces behandeling van varkens- en pluimveemest met kalk worden de verwerkingsnormen uit bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel I, punt 2, van Verordening (EU) nr. 142/2011 in acht genomen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel I, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Het bedrijf houdt zich niet aan de fysische, chemische en technische parameters of past een afwijkend proces toe, en heeft daarvan niet, of niet op de juiste manier aangetoond dat dit proces even efficiënt is als het voorgeschreven proces

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204325

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Bij toepassing van het proces behandeling van varkens- en pluimveemest met kalk worden de verwerkingsnormen uit bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel I, punt 2, van Verordening (EU) nr. 142/2011 in acht genomen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel I, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Het bedrijf houdt zich onvoldoende aan de voorschriften voor controle en beheersing van het proces

C

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204330

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Voor het meerstapskatalyseproces voor de productie van hernieuwbare brandstoffen mag gesmolten vet afkomstig van categorie 2-materiaal dat is verwerkt met verwerkingsmethode 1 (sterilisatie onder druk), visolie of gesmolten vet afkomstig van categorie 3-materiaal dat is verwerkt met een van de verwerkingsmethoden 1 tot en met 5 of verwerkingsmethode 7, of (in het geval van materiaal dat is afgeleid van visolie) een van de verwerkingsmethoden 1 tot en met 7, of visolie of gesmolten vet die/dat geproduceerd is overeenkomstig respectievelijk sectie VIII of sectie XII van bijlage III bij Verordening (EG) nr. 853/2004 worden gebruikt. Het gebruik van gesmolten vet afkomstig van categorie 1-materiaal voor dit proces is verboden

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel J, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204335

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Bij toepassing van het meerstapskatalyseproces voor de productie van hernieuwbare brandstoffen worden de voorschriften uit bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel J, punt 2, van Verordening (EU) nr. 142/2011 in acht genomen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel J, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204340

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Voor het proces inkuiling van vismateriaal mogen alleen categorie 2-materiaal als bedoeld in artikel 9, onder f i) en ii), van Verordening (EG) nr. 1069/2009 en categorie 3-materiaal, verkregen uit waterdieren, worden gebruikt

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel K, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204345

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Bij toepassing van het proces inkuiling van vismateriaal worden de voorschriften uit bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel K, punt 2, van Verordening (EU) nr. 142/2011 in acht genomen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel K, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204350

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Voor het proces meerfasige katalytische hydrobehandeling voor de productie van hernieuwbare brandstoffen mag gesmolten vet afkomstig van categorie 1-materiaal, dat is verwerkt volgens verwerkingsmethode 1 (sterilisatie onder druk), gesmolten vet afkomstig van categorie 2-materiaal dat is verwerkt met verwerkingsmethode 1 (sterilisatie onder druk), visolie of gesmolten vet afkomstig van categorie 3-materiaal dat is verwerkt met een van de verwerkingsmethoden 1 tot en met 5 of verwerkingsmethode 7, of (in het geval van materiaal dat is afgeleid van visolie) een van de verwerkingsmethoden 1 tot en met 7, of visolie of gesmolten vet die/dat geproduceerd is overeenkomstig respectievelijk sectie VIII of sectie XII van bijlage III bij Verordening (EG) nr. 853/2004 worden gebruikt

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel L, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204355

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Bij toepassing van het proces meerfasige katalytische hydrobehandeling voor de productie van hernieuwbare brandstoffen worden de voorschriften uit bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel J, punt 2, van Verordening (EU) nr. 142/2011 in acht genomen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel L, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204360

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Producten afkomstig van de verwerking van categorie 1-materiaal worden verwijderd overeenkomstig artikel 12, onder a of b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009, verwijderd door begraving op een toegelaten stortplaats, omgezet in biogas onder de voorwaarden genoemd in bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 3, punt 1, onder a, iii), van Verordening (EU) nr. 142/2011, of verder verwerkt tot vetderivaten voor andere gebruiksdoeleinden dan vervoedering

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 3, punt 1, onder a

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204365

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Producten afkomstig van de verwerking van categorie 2- en categorie 3-materiaal worden verwijderd overeenkomstig artikel 12, onder a of b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of door begraving op een toegelaten stortplaats, al dan niet na verwerking overeenkomstig artikel 13, onder a en b, respectievelijk artikel 14, onder a en b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009, of worden verder verwerkt tot vetderivaten voor andere gebruiksdoeleinden dan vervoedering, gebruikt als organische meststof of bodemverbeteraar, verwerkt tot compost of omgezet in biogas

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 3, punt 1, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204370

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Materiaal dat verwerkt is met gebruikmaking van alkalische hydrolyse als omschreven in bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel A, van Verordening (EU) nr. 142/2011 mag in een biogasinstallatie worden omgezet en daarna bij een minimumtemperatuur van 900 °C snel verbrand en vervolgens snel afgekoeld („geblust”) worden. Indien het in artikel 8, onder a en b, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 genoemde materiaal als grondstof wordt gebruikt, vindt de omzetting in biogas in een gesloten systeem plaats, op dezelfde locatie als de verwerking.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 3, punt 2, onder a

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204375

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Biodiesel en residuen van de destillatie van biodiesel verkregen overeenkomstig de voorschriften uit bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel D, mogen zonder enige beperking op grond van Verordening (EU) nr. 142/2011, gebruikt worden als brandstof (eindpunt)

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 3, onder a, in samenhang met artikel 9, aanhef en onder c, en met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 3, punt 2, onder b, i)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204380

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Glycerol, afkomstig van de biodieselproductie als bedoeld in bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel D, van Verordening (EU) nr. 142/2011, uit categorie 1- of categorie 2-materiaal dat is verwerkt met gebruikmaking van verwerkingsmethode 1 als beschreven in bijlage IV, hoofdstuk III, onderdeel A, van genoemde verordening, mag voor technische doeleinden worden gebruikt, worden omgezet in biogas (waarna de gistingsresiduen op het land mogen worden uitgereden op het nationale grondgebied van de lidstaat van productie, mits de bevoegde autoriteit hiertoe besloten heeft), of worden gebruikt voor denitrificatie in een afvalwaterzuiveringsinstallatie, waarna de denitrificatieresiduen op het land mogen worden uitgereden overeenkomstig Richtlijn 91/271/EEG van de Raad

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 3, punt 2, onder b, iii)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204385

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Glycerol, afkomstig van de biodieselproductie als bedoeld in bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel D, van Verordening (EU) nr. 142/2011, uit categorie 3-materiaal mag voor technische doeleinden worden gebruikt, worden omgezet in biogas (waarna de gistingsresiduen op het land mogen worden uitgereden), of voor vervoedering worden gebruikt, op voorwaarde dat de glycerol niet afkomstig is van categorie 3-materiaal als bedoeld in artikel 10, onder n), o) en p), van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 3, punt 2, onder b, iv)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204390

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Benzine en andere met het in bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel J, van Verordening (EU) nr. 142/2011 bedoelde meerstapskatalyseproces voor de productie van hernieuwbare brandstoffen geproduceerde brandstoffen, mogen zonder enige beperking op grond van genoemde verordening, gebruikt worden als brandstof (eindpunt)

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 3, onder i, in samenhang met artikel 9, aanhef en onder c, en met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 3, punt 2, onder c, i)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204395

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

De in het meerstapskatalyseproces voor de productie van hernieuwbare brandstoffen voor het ontkleuren gebruikte klei en slib afkomstig van het voorbehandelingsproces als bedoeld in bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel J, punt 2, onder a, mag door verbranding of meeverbranding worden verwijderd, worden omgezet in biogas of worden gecomposteerd of voor de vervaardiging van afgeleide als bedoeld in artikel 36, onder a, i), van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 3, punt 2, onder c, ii)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204400

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Het door inkuiling van vismateriaal verkregen eindproduct mag, voor categorie 2-materiaal, worden gebruikt voor de doeleinden als bedoeld in artikel 13, onder a tot en met d) en g) tot en met i), van Verordening (EG) nr. 1069/2009 zonder verdere verwerking of als voeder voor dieren zoals bedoeld in artikel 18 of artikel 36, onder a ii), van die verordening, of voor categorie 3-materiaal, worden gebruikt voor doeleinden als bedoeld in artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 3, punt 2, onder e

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204405

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Met de meerfasige katalytische hydrobehandeling als bedoeld in bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel L, van Verordening (EU) nr. 142/2011 geproduceerd(e) hernieuwbare diesel, hernieuwbare reactiebrandstof, hernieuwbaar propaan en hernieuwbare benzine, mag zonder enige beperking op grond van genoemde verordening, gebruikt worden als brandstof (eindpunt)

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 3, onder k, in samenhang met artikel 9, aanhef en onder c, en met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 3, punt 2, onder f, i)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204410

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Uit de meerfasige katalytische hydrobehandeling als bedoeld in bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 2, onderdeel L, van Verordening (EU) nr. 142/2011 vrijgekomen gom, slib of gebruikte bleekaarde uit het voorbehandelingsproces worden verwijderd overeenkomstig artikel 12, onder a) of b), van Verordening (EG) nr. 1069/2009 of door begraving op een toegelaten stortplaats, omgezet in biogas (op voorwaarde dat gistingsresiduen van de biogasomzetting worden verwijderd door verbranding, meeverbranding of begraving op een toegelaten stortplaats) of gebruikt voor technische doeleinden zoals bedoeld in artikel 36, onder a, i), van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 3, punt 2, onder f, ii)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R204415

Exploitanten van verwerkingsbedrijven en andere inrichtingen

Ander afval dan dierlijke bijproducten en daarvan afgeleide producten als bedoeld in bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 3, punt 2, dat van de verwerking van dierlijke bijproducten afkomstig is, zoals slib, filterinhoud, as en gistingsresiduen, wordt verwijderd overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1069/2009 en Verordening (EU) nr. 142/2011

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 9, aanhef en onder c, in samenhang met bijlage IV, hoofdstuk IV, afdeling 3, punt 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

Verwijdering en gebruik van dierlijke bijproducten en afgeleide producten – eisen inzake de omzettting van dierlijke bijproducten en afgeleide producten in biogas en compost

33R205010

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas

Een biogasinstallatie moet beschikken over een pasteurisatie-/ontsmettingstoestel dat niet overgeslagen kan worden, voor de dierlijke bijproducten of afgeleide producten waarvan de maximale deeltjesgrootte 12 mm bedraagt alvorens dit toestel binnen te gaan, tenzij de biogasinstallatie uitsluitend gebruikt wordt voor de omzetting van de in bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 2 vermelde dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, eerste zin, in samenhang met punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R205020

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas

Het pasteurisatie-/ontsmettingstoestel is uitgerust met apparatuur waarmee kan worden bewaakt of de temperatuur van 70 °C gedurende een uur wordt bereikt

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder a

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R205030

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas

Het pasteurisatie-/ontsmettingstoestel is uitgerust met registreertoestellen die de resultaten van de bewaking van het behalen van de temperatuur van 70 °C gedurende een uur continu registreren

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Het pasteurisatie-/ontsmettingstoestel is niet uitgerust met registreertoestellen die de resultaten van de bewaking van het behalen van de temperatuur van 70 °C gedurende een uur registreren

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R205040

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas

Het pasteurisatie-/ontsmettingstoestel is uitgerust met registreertoestellen die de resultaten van de bewaking van het behalen van de temperatuur van 70 °C gedurende een uur continu registreren

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

De registratie van de resultaten van de bewaking van het behalen van de temperatuur van 70 °C gedurende een uur vindt niet voldoende frequent of anderszins inadequaat plaats

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205050

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas

Het pasteurisatie-/ontsmettingstoestel is uitgerust met een adequaat veiligheidssysteem om te voorkomen dat het te verwerken materiaal onvoldoende wordt verhit

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Het pasteurisatie-/ontsmettingstoestel is niet uitgerust met een veiligheidssysteem om te voorkomen dat het te verwerken materiaal onvoldoende wordt verhit

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R205060

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas

Het pasteurisatie-/ontsmettingstoestel is uitgerust met een adequaat veiligheidssysteem om te voorkomen dat het te verwerken materiaal onvoldoende wordt verhit

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, onder c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Het veiligheidssysteem om te voorkomen dat het te verwerken materiaal onvoldoende wordt verhit is niet adequaat

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205070

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas

Indien de biogasinstallatie zich op of naast bedrijfsterreinen bevindt waar landbouwhuisdieren worden gehouden en de installatie ook andere producten dan alleen mest, melk of biest van deze dieren gebruikt, dient de installatie zich op een zekere afstand te bevinden van de plaats waar de dieren worden gehouden. Die afstand moet zodanig zijn dat de biogasinstallatie geen onaanvaardbaar risico voor de overdracht van op mens of dier overdraagbare ziekten inhoudt. In ieder geval moet de biogasinstallatie volledig fysiek van de dieren en hun voeder en strooisel worden gescheiden, zo nodig door een omheining.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205080

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas

Elke biogasinstallatie moet beschikken over een eigen laboratorium of gebruikmaken van een extern laboratorium. Het laboratorium moet zo zijn uitgerust dat het de noodzakelijke analyses kan uitvoeren en moet door de bevoegde autoriteit erkend zijn; het moet op basis van internationaal erkende normen geaccrediteerd zijn of regelmatig door de bevoegde autoriteit gecontroleerd worden

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 4

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205090

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in compost

Een composteerinstallatie moet beschikken over een gesloten composteerreactor of gesloten ruimte waardoor de ingevoerde dierlijke bijproducten of afgeleide producten moeten worden geleid. In afwijking hiervan mogen andere soorten composteersystemen worden toegestaan mits zij op zodanige wijze beheerd dat de vereiste tijd- en temperatuurparameters voor al het materiaal in het systeem worden bereikt en zo nodig continu worden bewaakt (tenzij zij uitsluitend het in bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 2, van Verordening (EU) nr. 142/2011 bedoelde materiaal omzetten) en zij aan alle andere toepasselijke bepalingen van genoemde verordening voldoen.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 1, eerste zin, en punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R205100

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in compost

Een gesloten composteerreactor of gesloten ruimte voor compostering is uitgerust met apparatuur om de temperatuur als functie van de tijd te meten

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 1, onder a

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R205110

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in compost

Een gesloten composteerreactor of gesloten ruimte voor compostering is uitgerust met registreertoestellen die de resultaten van het meten van de temperatuur als functie van de tijd registreren, zo nodig continu

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 1, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

De gesloten composteerreactor of gesloten ruimte voor compostering is niet uitgerust met registreertoestellen die de resultaten van het meten van de temperatuur als functie van de tijd registreren

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R205120

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in compost

Een gesloten composteerreactor of gesloten ruimte voor compostering is uitgerust met registreertoestellen die de resultaten van het meten van de temperatuur als functie van de tijd registreren, zo nodig continu

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 1, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

De registratie van het meten van de temperatuur als functie van de tijd vindt onvoldoende frequent of anderszins inadequaat plaats

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205130

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in compost

Een gesloten composteerreactor of gesloten ruimte voor compostering is uitgerust met een adequaat veiligheidssysteem om te voorkomen dat het verwerkte materiaal onvoldoende wordt verhit

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 1, onder c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

De gesloten composteerreactor of gesloten ruimte voor compostering is niet uitgerust met een veiligheidssysteem om te voorkomen dat het verwerkte materiaal onvoldoende wordt verhit

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R205140

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in compost

Een gesloten composteerreactor of gesloten ruimte voor compostering is uitgerust met een adequaat veiligheidssysteem om te voorkomen dat het verwerkte materiaal onvoldoende wordt verhit

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 1, onder c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Het veiligheidssysteem om te voorkomen dat het verwerkte materiaal onvoldoende wordt verhit is niet adequaat

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205160

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in compost

Indien de composteerinstallatie zich op of naast bedrijfsterreinen bevindt waar landbouwhuisdieren worden gehouden en de installatie ook andere producten dan alleen mest, melk of biest van deze dieren gebruikt, dient de installatie zich op een zekere afstand te bevinden van de plaats waar de dieren worden gehouden. Die afstand moet zodanig zijn dat de composteerinstallatie geen onaanvaardbaar risico voor de overdracht van op mens of dier overdraagbare ziekten inhoudt. In ieder geval moet de composteerinstallatie volledig fysiek van de dieren en hun voeder en strooisel worden gescheiden, zo nodig door een omheining.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205170

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in compost

Elke composteerinstallatie moet beschikken over een eigen laboratorium of gebruikmaken van een extern laboratorium. Het laboratorium moet zo zijn uitgerust dat het de noodzakelijke analyses kan uitvoeren en moet door de bevoegde autoriteit erkend zijn; het moet op basis van internationaal erkende normen geaccrediteerd zijn of regelmatig door de bevoegde autoriteit gecontroleerd worden

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 4

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205180

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas of compost

Dierlijke bijproducten moeten zo spoedig mogelijk na aankomst in de biogas- of composteerinstallatie worden omgezet. Tot de behandeling moeten zij adequaat worden opgeslagen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk II, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205190

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas of compost

Open en afsluitbare recipiënten en voertuigen die voor het vervoer van onbehandeld materiaal worden gebruikt, worden in een daarvoor aangewezen gedeelte gereinigd en ontsmet

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk II, punt 2, eerste zin

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205200

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas of compost

De plaats van het gedeelte voor het reinigen van recipiënten en voertuigen die voor het vervoer van onbehandeld materiaal zijn gebruikt wordt zo gekozen of dat gedeelte wordt zo ontworpen dat er geen gevaar bestaat voor verontreiniging van behandelde producten

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk II, punt 2, tweede zin

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205210

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas of compost

Er moeten systematisch preventieve maatregelen tegen vogels, knaagdieren, insecten en ander ongedierte worden getroffen. Hiertoe dient een gedocumenteerd bestrijdingsprogramma te worden gebruikt.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk II, punt 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205220

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas of compost

Voor alle delen van de ruimten worden reinigingsprocedures gedocumenteerd en vastgelegd

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk II, punt 4, eerste zin

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205230

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas of compost

Voor de reiniging moeten geschikt materiaal en geschikte schoonmaakmiddelen worden verstrekt

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk II, punt 4, tweede zin

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205240

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas of compost

De controle op de hygiëne omvat regelmatige inspectie van de omgeving en de apparatuur. De inspectieschema’s en -resultaten moeten worden gedocumenteerd.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk II, punt 5

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205250

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas of compost

De installaties en apparatuur moeten goed worden onderhouden en de meetapparatuur moet regelmatig worden geijkt

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk II, punt 6

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205260

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas of compost

Gistingsresiduen en compost moeten in de biogas- of composteerinstallatie zodanig worden gehanteerd en opgeslagen dat herverontreiniging wordt voorkomen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk II, punt 7

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205270

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas

Categorie 3-materiaal dat als grondstof in een biogasinstallatie met een pasteurisatie-/ontsmettingstoestel wordt gebruikt, moet aan de volgende minimumeisen voldoen:

a) maximale deeltjesgrootte vóór het invoeren in de installatie: 12 mm;

b) minimumtemperatuur van al het materiaal in de installatie: 70 °C, en

c) minimumtijd dat het materiaal zonder onderbreking in de installatie is: 60 minuten.

Melk, melkproducten, melkderivaten, biest en biestproducten van categorie 3 mogen echter zonder pasteurisatie/ontsmetting als grondstof in een biogasinstallatie worden gebruikt, indien zij volgens de bevoegde autoriteit geen risico opleveren voor de verspreiding van een ernstige op mens of dier overdraagbare ziekte.

De in de eerste alinea, onder b en c), vastgestelde minimumeisen zijn ook van toepassing op categorie 2-materiaal dat zonder voorafgaande verwerking in een biogasinstallatie wordt omgezet overeenkomstig artikel 13, onder e ii), van Verordening (EG) nr. 1069/2009.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk III, afdeling 1, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b, in samenhang met artikel 3.12, derde lid

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R205280

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in compost

Categorie 3-materiaal dat als grondstof in een composteerinstallatie wordt gebruikt, moet aan de volgende minimumeisen voldoen:

a) maximale deeltjesgrootte vóór het invoeren in de composteerreactor: 12 mm,

b) minimumtemperatuur van al het materiaal in de reactor: 70 °C, en

c) minimumtijd zonder onderbreking: 60 minuten.

De in de eerste alinea, onder b en c), vastgestelde minimumeisen zijn ook van toepassing op categorie 2-materiaal dat zonder voorafgaande verwerking tot compost wordt verwerkt overeenkomstig artikel 13, onder e ii), van Verordening (EG) nr. 1069/2009.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk III, afdeling 1, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R205290

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas of compost

Met toestemming van de bevoegde autoriteit mogen parameters die afwijken van de in bijlage V, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, van Verordening (EU) nr. 142/2011 vermelde parameters en de standaardomzettingsparameters worden gebruikt. Om toestemming te krijgen moet de aanvrager bewijzen dat die parameters de biologische risico’s afdoende beperken. Dit bewijs omvat een validatie, die wordt uitgevoerd overeenkomstig de in bijlage V, hoofdstuk III, afdeling 2, punt 1, van Verordening (EU) nr. 142/2011 genoemde punten

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk III, afdeling 2, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R205300

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas

Het is toegestaan de in bijlage V, hoofdstuk III, afdeling 2, punt 2, van Verordening (EU) nr. 142/2011 genoemde dierlijke bijproducten om te zetten in biogas als bij thermofiele vergisting de temperatuur van het materiaal in de vergister:

1° ten minste 55°C bedraagt bij een minimale verblijftijd in de vergister van 6 opeenvolgende uren;

2° ten minste 53,5°C bedraagt bij een minimale verblijftijd in de vergister van 8 opeenvolgende uren, of

3° ten minste 52°C bedraagt, bij een minimale verblijftijd in de vergister van 10 opeenvolgende uren;

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk III, afdeling 2, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b, in samenhang met artikel 3.12, derde lid, aanhef en onder a

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R205310

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in compost

Het is toegestaan de in bijlage V, hoofdstuk III, afdeling 2, punt 2, van Verordening (EU) nr. 142/2011 genoemde dierlijke bijproducten om te zetten in compost als bij compostering de temperatuur van het materiaal ten minste 50°C bedraagt tijdens een aaneengesloten periode, waarbinnen de temperatuur ten minste 55°C bedraagt voor ten minste 72 uren

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk III, afdeling 2, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b, in samenhang met artikel 3.12, derde lid, aanhef en onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R205320

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas of compost

Exploitanten mogen gistingsresiduen en compost die zijn geproduceerd volgens parameters die door de bevoegde autoriteit zijn toegestaan overeenkomstig bijlage V, hoofdstuk III, afdeling 2, punt 2 en 3, uitsluitend in de handel brengen in de lidstaten waar die parameters zijn toegestaan

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk III, afdeling 2, punt 4, aanhef en onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b, in samenhang met artikel 3.12, derde lid, aanhef en onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R205330

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas of compost

Representatieve monsters van de gistingsresiduen of de compost, die tijdens of onmiddellijk na de omzetting in de biogasinstallatie of de compostering in de composteerinstallatie worden genomen om het proces te bewaken, moeten aan de volgende normen voldoen:

Escherichia coli: n = 5, c = 1, m = 1 000 , M = 5 000 in 1 g; of

Enterococcaceae: n = 5, c = 1, m = 1 000, M = 5 000 in 1 g; en

representatieve monsters van de gistingsresiduen of de compost, die tijdens de opslag of bij de uitslag uit de betrokken installaties worden genomen, moeten aan de volgende normen voldoen:

Salmonella: geen in 25 g: n = 5, c = 0, m = 0, M = 0.

Waarbij geldt:

n = aantal te testen monsters;

m = drempelwaarde voor het aantal bacteriën; het resultaat wordt als bevredigend beschouwd als het aantal bacteriën in geen enkel monster groter dan m is;

M = maximumwaarde voor het aantal bacteriën; het resultaat wordt als onbevredigend beschouwd als het aantal bacteriën in een of meer monsters gelijk aan of groter dan M is, en

c = aantal monsters waarvoor de bacterietelling een resultaat tussen m en M te zien mag geven en waarbij het monster nog als aanvaardbaar wordt beschouwd als het resultaat van de bacterietelling voor de overige monsters niet groter dan m is

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk III, afdeling 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R205340

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas of compost

Andere dan de in bijlage V, hoofdstuk III, afdeling 2, punt 3, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 bedoelde gistingsresiduen of compost, die niet voldoen aan de microbiologische normen, worden opnieuw omgezet of gecomposteerd en in het geval van salmonella gehanteerd of verwijderd overeenkomstig de instructies van de bevoegde autoriteit

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk III, afdeling 3, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Gistingsresiduen of compost die niet voldoen aan een of meer van de microbiologische normen zijn in de handel gebracht

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R205350

Exploitanten die dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten omzetten in biogas of compost

Andere dan de in bijlage V, hoofdstuk III, afdeling 2, punt 3, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 bedoelde gistingsresiduen of compost, die niet voldoen aan de microbiologische normen, worden opnieuw omgezet of gecomposteerd en in het geval van salmonella gehanteerd of verwijderd overeenkomstig de instructies van de bevoegde autoriteit

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 10, eerste lid, in samenhang met bijlage V, hoofdstuk III, afdeling 3, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Gistingsresiduen of compost die niet voldoen aan een of meer van de microbiologische normen zijn niet herverwerkt of verwijderd, maar nog niet in de handel gebracht en herstel is nog mogelijk

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

Afwijkingen van bepaalde voorschriften van Verordening (EG) nr. 1069/2009

33R206010

Exploitanten die de controle hebben over voor onderzoek of diagnose bestemde monsters, handelsmonsters of demonstratiemateriaal

Exploitanten zorgen ervoor dat zendingen voor onderzoek en diagnose bestemde monsters vergezeld gaan van een handelsdocument waarin het volgende wordt vermeld:

a) de omschrijving van het materiaal en de diersoort van oorsprong;

b) de categorie waartoe het materiaal behoort;

c) de hoeveelheid materiaal;

d) de plaats van oorsprong en de plaats van verzending van het materiaal;

e) de naam en het adres van de afzender;

f) de naam en het adres van de geadresseerde en/of de gebruiker.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 11, tweede lid, in samenhang met bijlage VI, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R206020

Exploitanten die de controle hebben over voor onderzoek of diagnose bestemde monsters, handelsmonsters of demonstratiemateriaal

Gebruikers die voor onderzoek en diagnose bestemde monsters hanteren, treffen alle nodige maatregelen om te voorkomen dat op mens of dier overdraagbare ziekten worden verspreid zolang zij het materiaal onder hun controle hanteren, met name door de toepassing van goede laboratoriumpraktijken

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 11, tweede lid, in samenhang met bijlage VI, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R206030

Exploitanten die de controle hebben over voor onderzoek of diagnose bestemde monsters, handelsmonsters of demonstratiemateriaal

Elk daaropvolgend gebruik van voor onderzoek en diagnose bestemde monsters voor andere doeleinden dan onderzoek in het kader van diagnostische activiteiten of analyse ter bevordering van de wetenschappelijke en technologische vooruitgang in het kader van educatieve of onderzoeksactiviteiten, is verboden.

Tenzij zij voor referentiedoeleinden worden bewaard, worden voor onderzoek en diagnose bestemde monsters en producten die afkomstig zijn van het gebruik van dergelijke monsters, verwijderd:

a) als afval door verbranding of meeverbranding;

b) in het geval van dierlijke bijproducten of afgeleide producten als bedoeld in artikel 8, onder a iv), c) en d), artikel 9 en artikel 10 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 die deel uitmaken van celculturen, laboratoriumsets of laboratoriummonsters, door een behandeling onder voorwaarden die op zijn minst gelijkwaardig zijn aan de gevalideerde methode voor stoomautoclaven en vervolgens door verwijdering als afval of afvalwater overeenkomstig de toepasselijke wetgeving van de Unie;

c) door sterilisatie onder druk gevolgd door verwijdering of gebruik overeenkomstig de artikelen 12 tot en met 14 van Verordening (EG) nr. 1069/2009.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 11, tweede lid, in samenhang met bijlage VI, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 3 en 4

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R206040

Exploitanten die de controle hebben over voor onderzoek of diagnose bestemde monsters, handelsmonsters of demonstratiemateriaal

Gebruikers die voor onderzoek en diagnose bestemde monsters hanteren, houden een register van ontvangen zendingen van die monsters bij. Het register bevat de in bijlage VI, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, bedoelde informatie, alsook de verwijderingsdatum en -methode van de monsters en de eventuele afgeleide producten

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 11, tweede lid, in samenhang met bijlage VI, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 5

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R206050

Exploitanten die de controle hebben over voor onderzoek of diagnose bestemde monsters, handelsmonsters of demonstratiemateriaal

De verwijdering van categorie 3-materiaal als bedoeld in artikel 10 van verordening (EG) nr. 1069/2009, te gebruiken voor onderzoek en onderwijs in het voortgezet onderwijs als bedoeld in artikel 2 van de Wet op het voortgezet onderwijs, vindt plaats overeenkomstig artikel 14, onderdeel a, b of f van verordening (EG) nr. 1069/2009

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 11, tweede lid, in samenhang met bijlage VI, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 6

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b, in samenhang met artikel 3.8, tweede lid

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R206060

Exploitanten die de controle hebben over voor onderzoek of diagnose bestemde monsters, handelsmonsters of demonstratiemateriaal

Exploitanten zorgen ervoor dat handelsmonsters en demonstratiemateriaal vergezeld gaan van een handelsdocument waarin het volgende wordt vermeld:

a) de omschrijving van het materiaal en de diersoort van oorsprong;

b) de categorie waartoe het materiaal behoort;

c) de hoeveelheid materiaal;

d) de plaats van oorsprong en de plaats van verzending van het materiaal;

e) de naam en het adres van de afzender;

f) de naam en het adres van de geadresseerde en/of de gebruiker.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 12, tweede lid, in samenhang met bijlage VI, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R206070

Exploitanten die de controle hebben over voor onderzoek of diagnose bestemde monsters, handelsmonsters of demonstratiemateriaal

Gebruikers die handelsmonsters of demonstratiemateriaal hanteren, treffen alle nodige maatregelen om te voorkomen dat op mens of dier overdraagbare ziekten worden verspreid zolang zij het materiaal onder hun controle hanteren, met name door de toepassing van goede laboratoriumpraktijken

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 12, tweede lid, in samenhang met bijlage VI, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R206080

Exploitanten die de controle hebben over voor onderzoek of diagnose bestemde monsters, handelsmonsters of demonstratiemateriaal

Elk daaropvolgend gebruik van handelsmonsters en demonstratiemateriaal voor andere doeleinden dan onderzoek in het kader van diagnostische activiteiten of analyse ter bevordering van de wetenschappelijke en technologische vooruitgang in het kader van educatieve of onderzoeksactiviteiten, is verboden.

Tenzij de handelsmonsters voor referentiedoeleinden worden bewaard, worden zij na de voltooiing van de bijzondere studies of analyses:

a) terug naar de lidstaat van oorsprong gezonden;

b) naar een andere lidstaat of een derde land gezonden, indien de bevoegde autoriteit van de lidstaat of het derde land van bestemming daartoe vooraf toestemming heeft gegeven, of

c) verwijderd of gebruikt overeenkomstig de artikelen 12, 13 en 14 van Verordening (EG) nr. 1069/2009.

Na afloop van de tentoonstelling of na de artistieke activiteit wordt demonstratiemateriaal teruggezonden naar de lidstaat van oorsprong, verzonden of verwijderd, overeenkomstig de artikelen 12, 13 en 14 van Verordening (EG) nr. 1069/2009

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 12, tweede lid, in samenhang met bijlage VI, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 1, 2 en 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R206090

Exploitanten die dierlijke bijproducten verzamelen of gebruiken voor bijzondere vervoederingsdoeleinden

De dierlijke bijproducten worden naar de gebruikers of naar verzamelcentra vervoerd overeenkomstig bijlage VIII, hoofdstuk I, afdelingen 1 (Voertuigen en recipiënten) en afdeling 3 (Afwijking voor het verzamelen en vervoeren van categorie 3-materiaal dat bestaat uit melk, melkproducten en melkderivaten)

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 13, eerste lid, in samenhang met bijlage VI, hoofdstuk II, afdeling 1, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R206100

Exploitanten die dierlijke bijproducten verzamelen of gebruiken voor bijzondere vervoederingsdoeleinden

Verzamelcentra zijn uitgerust met adequate faciliteiten voor de destructie van ongebruikt materiaal of sturen dit materiaal naar een erkend verwerkingsbedrijf, dan wel naar een erkende verbrandings- of meeverbrandingsinstallatie, overeenkomstig Verordening (EU) nr. 142/2011

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 13, eerste lid, in samenhang met bijlage VI, hoofdstuk II, afdeling 1, punt 2, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R206110

Exploitanten die dierlijke bijproducten verzamelen of gebruiken voor bijzondere vervoederingsdoeleinden

Exploitanten van verzamelcentra die eindgebruikers ander materiaal dan dierlijke bijproducten van waterdieren en aquatische ongewervelden leveren, moeten ervoor zorgen dat het een van de volgende behandelingen ondergaat:

a) denaturering met een oplossing van een kleurstof. De oplossing moet een zodanige concentratie hebben dat de verkleuring van het behandelde materiaal duidelijk zichtbaar is en niet verdwijnt wanneer het behandelde materiaal wordt ingevroren of gekoeld; het volledige oppervlak van alle stukken materiaal moet met de oplossing behandeld worden door onderdompeling van het materiaal in de oplossing of door de oplossing daarop te spuiten of op een andere manier daarop aan te brengen;

b) sterilisatie, dat wil zeggen koken of stomen onder druk totdat elk stuk materiaal volledig doorgekookt is, of

c) elke andere hantering of behandeling die is toegestaan door de bevoegde autoriteit die voor de exploitant verantwoordelijk is

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 13, eerste lid, in samenhang met bijlage VI, hoofdstuk II, afdeling 1, punt 4

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R206160

Exploitanten die dierlijke bijproducten verzamelen of gebruiken voor bijzondere vervoederingsdoeleinden

De voor het voederen van categorie 1-materiaal verantwoordelijke exploitant van een dierentuin slaat het als voeder bestemde materiaal op en vervoedert het in een ingesloten, omheind gebied zodat geen andere vleesetende dieren dan de dierentuindieren waarvoor de vergunning is afgegeven bij het voeder kunnen komen

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 12, in samenhang met artikel 16, onder c), en artikel 18, tweede lid, onder a), en in samenhang met Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 14, tweede lid, en bijlage VI, hoofdstuk II, afdeling 4, onder c, i)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a, in samenhang met artikel 3.9, eerste lid

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R206170

Exploitanten die dierlijke bijproducten verzamelen of gebruiken voor bijzondere vervoederingsdoeleinden

De voor het voederen van categorie 1-materiaal verantwoordelijke exploitant van een dierentuin zorgt ervoor dat als voeder bestemde herkauwers opgenomen zijn in het TSE-bewakingsprogramma dat wordt uitgevoerd overeenkomstig bijlage III bij Verordening (EG) nr. 999/2001 en, in voorkomend geval, overeenkomstig een besluit dat is vastgesteld overeenkomstig artikel 6, lid 1 ter, tweede alinea, van die verordening

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 12, in samenhang met artikel 16, onder c), en artikel 18, tweede lid, onder a), en in samenhang met Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 14, tweede lid, en bijlage VI, hoofdstuk II, afdeling 4, onder c, ii)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a, in samenhang met artikel 3.9, eerste lid

 

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R206180

Exploitanten die dierlijke bijproducten verzamelen of gebruiken voor bijzondere vervoederingsdoeleinden

De voor het voederen van categorie 1-materiaal verantwoordelijke exploitant van een dierentuin houdt een administratie bij waarin ten minste het aantal, de aard, het geschatte gewicht en de oorsprong van de kadavers van de voor vervoedering gebruikte dieren, de uitslagen van de TSE-tests en de datum van vervoedering worden bijgehouden

Verordening (EG) nr. 1069/2009, artikel 12, in samenhang met artikel 16, onder c), en artikel 18, tweede lid, onder a), en in samenhang met Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 14, tweede lid, en bijlage VI, hoofdstuk II, afdeling 4, onder c, iii)

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a, in samenhang met artikel 3.9, eerste lid

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R206190

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Voor zover de bevoegde autoriteit heeft toegestaan dat dierlijke bijproducten worden verwijderd overeenkomstig artikel 19, lid 1, onder a, b), c), e) en f), van Verordening (EG) nr. 1069/2009, vindt die verwijdering plaats met inachtneming van de volgende bijzondere voorschriften van bijlage VI, hoofdstuk III:

a) de bijzondere voorschriften voor de verwijdering van dierlijke bijproducten van afdeling 1;

b) de voorschriften voor de verbranding en begraving van dierlijke bijproducten in afgelegen gebieden van afdeling 2;

c) de voorschriften voor de verbranding en begraving van bijen en bijproducten van bijenteelt van afdeling 3

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 15, in samenhang met bijlage VI, hoofdstuk III

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b, in samenhang met artikel 3.10

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

Verzameling, vervoer, identificatie en traceerbaarheid

33R207040

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Vanaf het in artikel 4, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 genoemde beginpunt in de productieketen moeten dierlijke bijproducten en afgeleide producten worden verzameld en vervoerd in gesloten nieuwe verpakkingen of afgedekte lekvrije recipiënten of voertuigen, met uitzondering van materiaal en producten als bedoeld in afdeling 3 van bijlage VIII, hoofdstuk I, van Verordening (EU) nr. 142/2011

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 1, en afdeling 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207050

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Voertuigen en recipiënten die opnieuw gebruikt kunnen worden en alle opnieuw te gebruiken uitrusting of apparatuur die in contact komen met andere dierlijke bijproducten of afgeleide producten dan afgeleide producten die in de handel worden gebracht overeenkomstig Verordening (EG) nr. 767/2009 en die worden opgeslagen en vervoerd overeenkomstig bijlage II bij Verordening (EG) nr. 183/2005, moeten schoon worden gehouden. Tenzij zij bestemd zijn voor het vervoeren van bijzondere dierlijke bijproducten of afgeleide producten op zodanige wijze dat er geen gevaar voor versleping bestaat, moeten zij met name schoon en droog zijn voor gebruik, en, voor zover nodig, na elk gebruik gereinigd, gespoeld en/of ontsmet te worden om versleping te voorkomen.

Deze voorschriften zijn niet van toepassing ten aanzien van materiaal en producten als bedoeld in afdeling 3 van bijlage VIII, hoofdstuk I, van Verordening (EU) nr. 142/2011.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 2, en afdeling 3

Wet dieren, artikel 6,2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207060

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Recipiënten die opnieuw gebruikt kunnen worden, moeten specifiek bestemd worden voor het vervoer van een bepaald dierlijk bijproduct of afgeleid product, voor zover dat nodig is om versleping te voorkomen. Recipiënten die opnieuw kunnen worden gebruikt, mogen evenwel worden gebruikt, mits de bevoegde autoriteit voor dat gebruik toestemming heeft verleend:

a) voor het vervoeren van verschillende dierlijke bijproducten of afgeleide producten, mits zij na elk gebruik worden gereinigd en ontsmet zodat versleping wordt voorkomen;

b) voor het vervoer van de in artikel 10, onder f, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 bedoelde dierlijke bijproducten of afgeleide producten na het gebruik ervan voor het vervoer van voor menselijke consumptie bestemde producten, onder omstandigheden die versleping voorkomen.

Deze voorschriften zijn niet van toepassing ten aanzien van materiaal en producten als bedoeld in afdeling 3 van bijlage VIII, hoofdstuk I, van Verordening (EU) nr. 142/2011.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 3, en afdeling 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b, in samenhang met artikel 3.13

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207070

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Verpakkingsmateriaal moet overeenkomstig de wetgeving van de Unie worden verwijderd door verbranding of volgens een andere methode.

Deze voorschriften zijn niet van toepassing ten aanzien van materiaal en producten als bedoeld in afdeling 3 van bijlage VIII, hoofdstuk I, van Verordening (EU) nr. 142/2011.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 4, en afdeling 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207080

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Dierlijke bijproducten die bestemd zijn voor de productie van voedermiddelen of rauw voeder voor gezelschapsdieren moeten tijdens het vervoer op een geschikte temperatuur worden gehouden om alle mogelijke risico’s voor de diergezondheid en de volksgezondheid te voorkomen; in het geval van dierlijke bijproducten op basis van vlees en vleesproducten die bestemd zijn voor andere gebruiksdoelen dan menselijke consumptie, is dit bij een maximumtemperatuur van 7 °C, tenzij de bijproducten als voeder worden gebruikt overeenkomstig bijlage II, hoofdstuk I, van Verordening (EU) nr. 142/2011

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207090

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Onverwerkt categorie 3-materiaal dat bestemd is voor de productie van voedermiddelen of voeders voor gezelschapsdieren moet gekoeld, ingevroren of na inkuiling vervoerd en opgeslagen worden, tenzij het:

a) wordt verwerkt binnen 24 uur nadat het is verzameld of nadat het uit de koel- of vriesruimte is gehaald, indien het daaropvolgende vervoer plaatsvindt met een vervoermiddel waarin de opslagtemperatuur gehandhaafd blijft;

b) in het geval van melk, melkproducten of melkderivaten die geen van de in bijlage X, hoofdstuk II, afdeling 4, deel I, van Verordening (EU) nr. 142/2011 genoemde behandelingen hebben ondergaan, in geïsoleerde gekoelde recipiënten wordt vervoerd, tenzij de risico’s op andere manieren kunnen worden beperkt door de kenmerken van het materiaal

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207100

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

De koelwagens die voor het vervoer gebruikt worden, moeten zo ontworpen zijn dat gedurende de gehele vervoerperiode de temperatuur op een geschikt niveau kan worden gehandhaafd en dat de temperatuur kan worden gecontroleerd

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk I, afdeling 2, punt 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207110

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Alle nodige maatregelen moeten worden getroffen om ervoor te zorgen dat zendingen dierlijke bijproducten en afgeleide producten identificeerbaar zijn en tijdens het verzamelen op de plaats van oorsprong van de dierlijke bijproducten alsook tijdens het vervoer gescheiden en identificeerbaar blijven.

Dit geldt echter niet voor producten als bedoeld in bijlage VIII, hoofdstuk II, punt 6, onder a en c.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk II, punt 1, onder a, en punt 6

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

Er zijn geen maatregelen getroffen om ervoor te zorgen dat zendingen dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten identificeerbaar zijn en/of tijdens het verzamelen op de plaats van oorsprong van de dierlijke bijproducten en/of tijdens het vervoer gescheiden en identificeerbaar blijven, waardoor de categorie en/of de aard van de producten niet inzichtelijk is

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R207120

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Alle nodige maatregelen moeten worden getroffen om ervoor te zorgen dat zendingen dierlijke bijproducten en afgeleide producten identificeerbaar zijn en tijdens het verzamelen op de plaats van oorsprong van de dierlijke bijproducten alsook tijdens het vervoer gescheiden en identificeerbaar blijven.

Dit geldt echter niet voor producten als bedoeld in bijlage VIII, hoofdstuk II, punt 6, onder a en c.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk II, punt 1, onder a, en punt 6

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

Er zijn onvoldoende of inadequate maatregelen getroffen om ervoor te zorgen dat zendingen dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten identificeerbaar zijn en/of tijdens het verzamelen op de plaats van oorsprong van de dierlijke bijproducten en/of tijdens het vervoer gescheiden en identificeerbaar blijven, waardoor de categorie en/of de aard van de producten niet eenvoudig inzichtelijk en/of niet eenduidig is

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207130

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Alle nodige maatregelen moeten worden getroffen om ervoor te zorgen dat zendingen dierlijke bijproducten en afgeleide producten identificeerbaar zijn en tijdens het verzamelen op de plaats van oorsprong van de dierlijke bijproducten alsook tijdens het vervoer gescheiden en identificeerbaar blijven.

Dit geldt echter niet voor producten als bedoeld in bijlage VIII, hoofdstuk II, punt 6, onder a en c.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk II, punt 1, onder a, en punt 6

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder a

Er zijn onvoldoende of inadequate maatregelen getroffen om ervoor te zorgen dat zendingen dierlijke bijproducten en/of afgeleide producten identificeerbaar zijn en/of tijdens het verzamelen op de plaats van oorsprong van de dierlijke bijproducten en/of tijdens het vervoer gescheiden en identificeerbaar blijven, maar de categorie en/of de aard van de producten is inzichtelijk en eenduidig

D

(Risico op) gering gevaar voor mens en/of dier

Mededeling ter plaatse

Nalevingshulp

Beoordelen wel/niet opheffen geringe overtreding

Nalevingshulp

Evt. waarschuwing en herinspectie

n.v.t.

33R207140

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Alle nodige maatregelen moeten worden getroffen om ervoor te zorgen dat zendingen dierlijke bijproducten en afgeleide producten van een lidstaat naar een andere lidstaat worden verzonden in verpakkingen, recipiënten of voertuigen die als volgt duidelijk zichtbaar en, op zijn minst voor de duur van het vervoer, met een onuitwisbare kleurcode gemarkeerd zijn om de in Verordening (EU) nr. 142/2011 bedoelde informatie op het oppervlak of een deel van het oppervlak van een verpakking, recipiënt of voertuig dan wel op een daarop aangebracht etiket of symbool aan te geven:

i) voor categorie 1-materiaal, met de kleur zwart;

ii) voor categorie 2-materiaal (met uitzondering van mest en de inhoud van het maag-darmkanaal), met de kleur geel;

iii) voor categorie 3-materiaal, met de kleur groen met een hoog gehalte aan blauw om ervoor te zorgen dat zij duidelijk kan worden onderscheiden van de andere kleuren;

iv) voor ingevoerde zendingen, met de kleur die voor het respectieve materiaal in de punten i), ii) en iii) wordt genoemd, vanaf het moment waarop de zending voorbij de grensinspectiepost van eerste binnenkomst in de Unie is gekomen.

Dit geldt echter niet voor producten als bedoeld in bijlage VIII, hoofdstuk II, punt 6, onder a en c, van Verordening (EU) nr. 142/2011.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk II, punt 1, onder c, en punt 6

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207150

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Tijdens het vervoer en de opslag moet op de verpakking, de recipiënt of het voertuig een etiket worden aangebracht waarop duidelijk de categorie dierlijke bijproducten of afgeleide producten wordt aangegeven, en de in bijlage VIII, hoofdstuk II, punt 2, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 opgenomen woorden zijn afgedrukt, zodanig dat deze op de verpakking, de recipiënt of het voertuig, naargelang het geval, zichtbaar en leesbaar zijn.

Dit geldt echter niet voor producten als bedoeld in bijlage VIII, hoofdstuk II, punt 6, onder a en c.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk II, punt 2 en punt 6

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Tijdens het vervoer en/of de opslag is op de verpakking, de recipiënt en/of het voertuig geen etiket aangebracht en/of op het etiket is niet duidelijk de categorie dierlijke bijproducten of afgeleide producten aangegeven en/of op het etiket zijn de in bijlage VIII, hoofdstuk II, punt 2, onder b), van Verordening (EU) nr. 142/2011 opgenomen woorden niet of onjuist afgedrukt, waardoor de categorie en/of aard van de producten niet inzichtelijk is

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R207160

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Tijdens het vervoer en de opslag moet op de verpakking, de recipiënt of het voertuig een etiket worden aangebracht waarop duidelijk de categorie dierlijke bijproducten of afgeleide producten wordt aangegeven, en de in bijlage VIII, hoofdstuk II, punt 2, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 opgenomen woorden zijn afgedrukt, zodanig dat deze op de verpakking, de recipiënt of het voertuig, naargelang het geval, zichtbaar en leesbaar zijn.

Dit geldt echter niet voor producten als bedoeld in bijlage VIII, hoofdstuk II, punt 6, onder a en c.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder a, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk II, punt 2 en punt 6

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Tijdens het vervoer en/of de opslag is op de verpakking, de recipiënt en/of het voertuig een etiket aangebracht waarop niet duidelijk de categorie dierlijke bijproducten of afgeleide producten is aangegeven en/of op het etiket zijn de in bijlage VIII, hoofdstuk II, punt 2, onder b), van Verordening (EU) nr. 142/2011 opgenomen woorden niet of onjuist afgedrukt, maar de categorie en/of aard van de producten is inzichtelijk

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207170

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Tijdens het vervoer moeten de dierlijke bijproducten en de afgeleide producten vergezeld gaan van een handelsdocument dat is opgesteld overeenkomstig het in dit hoofdstuk vastgestelde model of, wanneer Verordening (EU) nr. 142/2011 dat voorschrijft, een gezondheidscertificaat.

Een dergelijk document of certificaat is evenwel niet vereist indien:

a) afgeleide producten van categorie 3-materiaal en organische meststoffen en bodemverbeteraars binnen dezelfde lidstaat door detailhandelaars worden geleverd aan eindgebruikers die geen exploitant zijn;

b) melk, melkproducten en melkderivaten van categorie 3 worden verzameld en teruggezonden naar exploitanten van melkverwerkingsinrichtingen, die erkend zijn overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EG) nr. 853/2004, indien die exploitanten producten van met name hun afnemers ontvangen die zij tevoren hadden geleverd;

c) mengvoeders als gedefinieerd in artikel 3, lid 2, onder h), van Verordening (EG) nr. 767/2009 die zijn vervaardigd op basis van dierlijke bijproducten of afgeleide producten, in de handel worden gebracht met een verpakking en etikettering overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EG) nr. 767/2009.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder b, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk III, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Tijdens het vervoer gaan de dierlijke bijproducten en/of de afgeleide producten niet vergezeld van een handelsdocument, waardoor de producten niet traceerbaar zijn

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R207180

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Tijdens het vervoer moeten de dierlijke bijproducten en de afgeleide producten vergezeld gaan van een handelsdocument dat is opgesteld overeenkomstig het in dit hoofdstuk vastgestelde model of, wanneer Verordening (EU) nr. 142/2011 dat voorschrijft, een gezondheidscertificaat.

Een dergelijk document of certificaat is evenwel niet vereist indien:

a) afgeleide producten van categorie 3-materiaal en organische meststoffen en bodemverbeteraars binnen dezelfde lidstaat door detailhandelaars worden geleverd aan eindgebruikers die geen exploitant zijn;

b) melk, melkproducten en melkderivaten van categorie 3 worden verzameld en teruggezonden naar exploitanten van melkverwerkingsinrichtingen, die erkend zijn overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EG) nr. 853/2004, indien die exploitanten producten van met name hun afnemers ontvangen die zij tevoren hadden geleverd;

c) mengvoeders als gedefinieerd in artikel 3, lid 2, onder h), van Verordening (EG) nr. 767/2009 die zijn vervaardigd op basis van dierlijke bijproducten of afgeleide producten, in de handel worden gebracht met een verpakking en etikettering overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EG) nr. 767/2009.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder b, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk III, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Tijdens het vervoer gaan de dierlijke bijproducten en/of de afgeleide producten vergezeld van een onvolledig ingevuld en/of volgens een onjuist model opgemaakt handelsdocument, maar de producten zijn wel traceerbaar

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207190

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Het handelsdocument moet ten minste in drievoud worden opgemaakt (een origineel en twee afschriften). Het origineel gaat samen met de zending naar de eindbestemming. De ontvanger moet het bewaren. De producent en de vervoerder bewaren ieder een afschrift. De lidstaten kunnen eisen dat bewijs wordt geleverd dat de zendingen zijn aangekomen, via het Traces-systeem of met een vierde exemplaar van het handelsdocument dat door de ontvanger naar de producent wordt teruggezonden.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder b, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk III, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207200

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Dierlijke bijproducten en afgeleide producten moeten vanaf het in artikel 4, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 genoemde beginpunt van de productieketen tijdens het vervoer in de Europese Unie vergezeld gaan van een handelsdocument dat is opgesteld overeenkomstig het in punt 6 vastgestelde model. Bij vervoer van dierlijke bijproducten in Nederland mag een ander handelsdocument als bedoeld in dat onderdeel worden gebruikt, in papieren of in elektronische vorm, op voorwaarde dat een dergelijk handelsdocument de in opmerking f) van punt 6 van dit hoofdstuk bedoelde informatie bevat.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder b, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk III, punt 4

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b, in samenhang met artikel 3.6, eerste lid

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207210

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Registers en aanverwante handelsdocumenten of gezondheidscertificaten worden ten minste twee jaar bewaard, zodat zij aan de bevoegde autoriteit kunnen worden overgelegd

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder b, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk III, punt 5

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Registers en aanverwante handelsdocumenten of gezondheidscertificaten worden niet bewaard, zodat zij niet aan de bevoegde autoriteit kunnen worden overgelegd

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R207220

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Registers en aanverwante handelsdocumenten of gezondheidscertificaten worden ten minste twee jaar bewaard, zodat zij aan de bevoegde autoriteit kunnen worden overgelegd

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder b, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk III, punt 5

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Registers en/of aanverwante handelsdocumenten of gezondheidscertificaten worden onvoldoende lang bewaard

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207230

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Bij het opstellen van een handelsdocument volgens het model uit bijlage VIII, hoofdstuk III, punt 6, van Verordening (EU) nr. 142/2011 moeten rekening worden gehouden met de opmerkingen onder a t/m e, f, eerste zin, g en h

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder b, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk III, punt 6, onder a t/m e, g en h

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Bij het opstellen van een handelsdocument volgens het model uit bijlage VIII, hoofdstuk III, punt 6, van Verordening (EU) nr. 142/2011 is onvoldoende rekening gehouden met de opmerkingen gemaakt onder a) t/m e), f), eerste zin, g) en/of h), van genoemd punt

D

(Risico op) gering gevaar voor mens en/of dier

Mededeling ter plaatse

Nalevingshulp

Beoordelen wel/niet opheffen geringe overtreding

Nalevingshulp

Evt. waarschuwing en herinspectie

n.v.t.

33R207240

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

Bij het opstellen van een handelsdocument volgens het model uit bijlage VIII, hoofdstuk III, punt 6, van Verordening (EU) nr. 142/2011 moeten rekening worden gehouden met de opmerking onder f

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder b, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk III, punt 6, onder f

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

Bij het opstellen van een handelsdocument volgens het model uit bijlage VIII, hoofdstuk III, punt 6, van Verordening (EU) nr. 142/2011 zijn niet alle gegevens opgenomen als bedoeld in de opmerking gemaakt onder f), van genoemd punt

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207250

Exploitanten die dierlijke bijproducten of afgeleide producten verzenden, vervoeren of ontvangen

De in artikel 22, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 bedoelde administratie voor andere dierlijke bijproducten en afgeleide producten dan de in artikel 3, lid 2, onder h, van Verordening (EG) nr. 767/2009 gedefinieerde, van dierlijke bijproducten of afgeleide producten vervaardigde mengvoeders die in de handel worden gebracht overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EG) nr. 767/2009, moet bestaan uit de in bijlage VIII, hoofdstuk IV, afdeling 1, punt 1, van Verordening (EU) nr. 142/2011 bedoelde gegevens.

In afwijking van punt 1 zijn exploitanten niet verplicht de in punt 1, onder a), b) i), c) i) en iii), en d) ii) en iii), bedoelde gegevens afzonderlijk bij te houden, indien zij een kopie van het in hoofdstuk III vastgestelde handelsdocument voor iedere zending bewaren en deze gegevens ter beschikking stellen in samenhang met de andere gegevens die krachtens punt 1 vereist zijn.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder b, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk IV, afdeling 1, punt 1 en punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

De administratie van de verzender, vervoeder en/of ontvanger bevat onvoldoende gegevens, waardoor de producten niet traceerbaar zijn

B

(Risico op) ernstig gevaar voor mens en/of dier

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

n.v.t.

33R207260

Exploitanten die dierlijke bijproducten of afgeleide producten verzenden, vervoeren of ontvangen

De in artikel 22, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 bedoelde administratie voor andere dierlijke bijproducten en afgeleide producten dan de in artikel 3, lid 2, onder h, van Verordening (EG) nr. 767/2009 gedefinieerde, van dierlijke bijproducten of afgeleide producten vervaardigde mengvoeders die in de handel worden gebracht overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EG) nr. 767/2009, moet bestaan uit de in bijlage VIII, hoofdstuk IV, afdeling 1, punt 1, van Verordening (EU) nr. 142/2011 bedoelde gegevens.

In afwijking van punt 1 zijn exploitanten niet verplicht de in punt 1, onder a), b) i), c) i) en iii), en d) ii) en iii), bedoelde gegevens afzonderlijk bij te houden, indien zij een kopie van het in hoofdstuk III vastgestelde handelsdocument voor iedere zending bewaren en deze gegevens ter beschikking stellen in samenhang met de andere gegevens die krachtens punt 1 vereist zijn.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder b, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk IV, afdeling 1, punt 1 en punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

De administratie van de verzender, vervoeder en/of ontvanger bevat onvoldoende of onjuiste gegevens, maar de producten zijn wel traceerbaar

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207270

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties

Exploitanten van verbrandings- en meeverbrandingsinstallaties houden een administratie bij van de hoeveelheden en de categorie dierlijke bijproducten en afgeleide producten die zijn verbrand of meeverbrand, naargelang van het geval, en de datum waarop die activiteiten zijn uitgevoerd

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, eerste lid, onder b, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk IV, afdeling 1, punt 3

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207280

Exploitanten die dierlijke bijproducten verzamelen of gebruiken voor bijzondere vervoederingsdoeleinden

Exploitanten die dierlijke bijproducten vervoederen aan dierentuindieren, circusdieren, andere reptielen en roofvogels dan dierentuindieren of circusdieren, pelsdieren, wilde dieren, honden in erkende kennels of meutes, honden en katten in asielen of maden en wormen die als visaas worden gebruikt houden van het desbetreffende materiaal ook de hoeveelheid die is gebruikt, de dieren waarvoor het bestemd is en de datum van gebruik bij

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, tweede lid, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk IV, afdeling 2, punt 1

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207290

Exploitanten die dierlijke bijproducten verzamelen of gebruiken voor bijzondere vervoederingsdoeleinden

Exploitanten die dierlijke bijproducten verzamelen voor vervoedering aan dierentuindieren, circusdieren, andere reptielen en roofvogels dan dierentuindieren of circusdieren, pelsdieren, wilde dieren, honden in erkende kennels of meutes, honden en katten in asielen of maden en wormen die als visaas worden gebruikt houden van het desbetreffende materiaal ook de volgende gegevens bij:

i) de gehanteerde of behandelde hoeveelheid overeenkomstig bijlage VI, hoofdstuk I, afdeling 1, punt 4, van Verordening (EU) nr. 142/2011;

ii) de naam en het adres van elke eindgebruiker die het materiaal gebruikt;

iii) de bedrijfsruimten waarnaar het materiaal voor gebruik gebracht is;

iv) de verzonden hoeveelheid, en

v) de datum van verzending van het materiaal.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, tweede lid, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk IV, afdeling 2, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207300

De persoon die verantwoordelijk is voor land waarop andere organische meststoffen en bodemverbeteraars worden uitgereden

De persoon die verantwoordelijk is voor land waarop andere organische meststoffen en bodemverbeteraars worden uitgereden dan de in bijlage II, hoofdstuk II, tweede alinea, van Verordening (EU) nr. 142/2011 bedoelde materialen, en waartoe landbouwhuisdieren toegang hebben of dat voor vervoederingsdoeleinden voor landbouwhuisdieren wordt gemaaid, houdt gedurende ten minste twee jaar een administratie bij van:

1. de hoeveelheden gebruikte organische meststoffen en bodemverbeteraars;

2. de datum waarop en de plaatsen waar de organische meststoffen en bodemverbeteraars op het land zijn uitgereden;

3. de data waarop het land mocht worden begraasd of waarop het land voor de productie van groenvoer voor diervoeder mocht worden gemaaid na het uitrijden van de organische meststof of bodemverbeteraar.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, tweede lid, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk IV, afdeling 4

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207310

Exploitanten van verwerkingsbedrijven die vismeel of andere voedermiddelen verkregen uit waterdieren produceren

Verwerkingsbedrijven die vismeel of andere voeders afkomstig van waterdieren produceren, moeten de volgende gegevens bijhouden:

a) de dagelijks geproduceerde hoeveelheden;

b) de diersoorten van oorsprong en of de waterdieren in het wild gevangen of in aquacultuur gekweekt zijn;

c) voor vismeel afkomstig van gekweekte vis dat bestemd is voor vervoedering aan gekweekte vis van een andere soort, de wetenschappelijke naam van de diersoort van oorsprong.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, tweede lid, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk IV, afdeling 5

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207320

Exploitanten die de controle hebben over dierlijke bijproducten of afgeleide producten

In geval van verbranding of begraving van dierlijke bijproducten overeenkomstig artikel 19, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 houdt de voor die verbranding of begraving verantwoordelijke persoon een administratie bij van:

a) de hoeveelheden, categorieën en soorten dierlijke bijproducten die worden verbrand of begraven;

b) de datum en plaats van verbranding en begraving.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, tweede lid, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk IV, afdeling 6

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207330

Exploitanten van erkende fotografische fabrieken

Exploitanten van de in bijlage XIV, hoofdstuk II, afdeling 11, van Verordening (EU) nr. 142/2011 erkende fotografische fabrieken houden een administratie bij van de aankoop en het gebruik van fotografische gelatine en de verwijdering van overschotten en restanten daarvan

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, tweede lid, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk IV, afdeling 7

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207340

Exploitanten van bedrijven die categorie 1- of categorie 2-materiaal verwerken

In verwerkingsbedrijven voor categorie 1- of categorie 2-materiaal wordt bij wijze van permanente merking glyceroltriheptanoaat (GTH) toegevoegd aan afgeleide producten die een voorafgaande sanerende warmtebehandeling bij een kerntemperatuur van ten minste 80 °C hebben ondergaan en daarna tegen herverontreiniging beschermd blijven

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, derde lid, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk V, punt 1, onder a

Wet dieren, artikel 6,2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207350

Exploitanten van bedrijven die categorie 1- of categorie 2-materiaal verwerken

In verwerkingsbedrijven voor categorie 1- of categorie 2-materiaal wordt glyceroltriheptanoaat (GTH) bij wijze van permanente merking zodanig toegevoegd dat alle afgeleide producten, homogeen in de stof verdeeld, een minimumconcentratie van ten minste 250 mg GTH per kg vet bevatten

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, derde lid, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk V, punt 1, onder b

Wet dieren, artikel 6,2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R207360

Exploitanten van bedrijven die categorie 1- of categorie 2-materiaal verwerken

Verwerkingsbedrijven voor categorie 1- of 2-materiaal beschikken over een systeem voor de monitoring en registratie van parameters op basis waarvan zij aan de bevoegde autoriteit kunnen aantonen dat de vereiste homogene minimumconcentratie van GTH wordt bereikt. Dat monitoring- en registratiesysteem omvat de bepaling van het gehalte aan intact GTH als triglyceride in een gereinigd petroleumether 40-70-extract van GTH uit met regelmatige tussenpozen genomen monsters.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 17, derde lid, in samenhang met bijlage VIII, hoofdstuk V, punt 2

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

Registratie en erkenning van inrichtingen en bedrijven

33R208010

Exploitanten van erkende inrichtingen of bedrijven waar dierlijke bijproducten of afgeleide producten gehanteerd worden

Inrichtingen of bedrijven die voeder voor gezelschapsdieren vervaardigen als bedoeld in artikel 24, lid 1, onder e, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 beschikken over adequate voorzieningen om het binnenkomende materiaal volkomen veilig op te slaan en te behandelen

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 19, aanhef en onder a, in samenhang met bijlage IX, hoofdstuk I, onder a

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R208020

Exploitanten van erkende inrichtingen of bedrijven waar dierlijke bijproducten of afgeleide producten gehanteerd worden

Inrichtingen of bedrijven die voeder voor gezelschapsdieren vervaardigen als bedoeld in artikel 24, lid 1, onder e, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 beschikken over adequate voorzieningen om ongebruikte dierlijke bijproducten te verwijderen die na de vervaardiging van de producten overeenkomstig Verordening (EU) nr. 142/2011 overblijven, of zij moeten dit materiaal overeenkomstig de artikelen 12, 13 en 14 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 en Verordening (EU) nr. 142/2011 naar een verbrandingsinstallatie, een meeverbrandingsinstallatie, een verwerkingsbedrijf of, als het gaat om categorie 3-materiaal, naar een biogas- of composteerinstallatie zenden

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 19, aanhef en onder a, in samenhang met bijlage IX, hoofdstuk I, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R208030

Exploitanten van erkende inrichtingen of bedrijven waar dierlijke bijproducten of afgeleide producten gehanteerd worden

Bedrijfsruimten en voorzieningen waar tussenhandelingen als bedoeld in bijlage IX, hoofdstuk II, aanhef, van Verordening (EU) nr. 142/2011 worden uitgevoerd zijn adequaat gescheiden van hoofdwegen waarlangs verontreiniging kan worden verspreid, en van andere bedrijfsruimten zoals slachthuizen. De ligging van de installaties waarborgt dat respectievelijk categorie 1- en categorie 2-materiaal vanaf de ontvangst tot de verzending volledig gescheiden blijven van categorie 3-materiaal, tenzij dit in volledig gescheiden gebouwen gebeurt.

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 19, aanhef en onder b, in samenhang met bijlage IX, hoofdstuk II, afdeling 1, punt 1, onder a

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R208040

Exploitanten van erkende inrichtingen of bedrijven waar dierlijke bijproducten of afgeleide producten gehanteerd worden

Een bedrijf waar tussenhandelingen als bedoeld in bijlage IX, hoofdstuk II, aanhef, van Verordening (EU) nr. 142/2011 worden uitgevoerd heeft een overdekte ruimte voor de ontvangst en verzending van dierlijke bijproducten, tenzij de dierlijke bijproducten afgevoerd worden door installaties die de verspreiding van risico’s voor de volksgezondheid en de diergezondheid voorkomen, zoals gesloten buizen voor vloeibare dierlijke bijproducten

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 19, aanhef en onder b, in samenhang met bijlage IX, hoofdstuk II, afdeling 1, punt 1, onder b

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R208050

Exploitanten van erkende inrichtingen of bedrijven waar dierlijke bijproducten of afgeleide producten gehanteerd worden

Een bedrijf waar tussenhandelingen als bedoeld in bijlage IX, hoofdstuk II, aanhef, van Verordening (EU) nr. 142/2011 worden uitgevoerd is zo gebouwd dat het eenvoudig kan worden gereinigd en ontsmet. Vloeren moeten zo aangelegd zijn dat vloeistoffen gemakkelijk wegvloeien

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 19, aanhef en onder b, in samenhang met bijlage IX, hoofdstuk II, afdeling 1, punt 1, onder c

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R208060

Exploitanten van erkende inrichtingen of bedrijven waar dierlijke bijproducten of afgeleide producten gehanteerd worden

Een bedrijf waar dierlijke bijproducten worden opgeslagen en/of gehanteerd als bedoeld in artikel 19, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 is voorzien van adequate toiletten, kleedruimen, wasbakken voor het personeel en zo nodig, kantoorruimte die beschikbaar gesteld kan worden aan het personeel dat officiële controles uitvoert

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 19, aanhef en onder b, in samenhang met bijlage IX, hoofdstuk II, afdeling 1, punt 1, onder d

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R208070

Exploitanten van erkende inrichtingen of bedrijven waar dierlijke bijproducten of afgeleide producten gehanteerd worden

Een bedrijf waar dierlijke bijproducten worden opgeslagen en/of gehanteerd als bedoeld in artikel 19, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 is voorzien van adequate voorzieningen die beschermen tegen schadelijke dieren zoals insecten, knaagdieren en vogels

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 19, aanhef en onder b, in samenhang met bijlage IX, hoofdstuk II, afdeling 1, punt 1, onder e

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

Bestuurlijke boete

Corrigerende interventie

Nalevingshulp

n.v.t.

33R208080

Exploitanten van erkende inrichtingen of bedrijven waar dierlijke bijproducten of afgeleide producten gehanteerd worden

Een bedrijf waar dierlijke bijproducten worden opgeslagen en/of gehanteerd als bedoeld in artikel 19, onder b, van Verordening (EU) nr. 142/2011 beschikt over adequate opslagfaciliteiten met regelbare temperatuur en voldoende capaciteit waarin dierlijke bijproducten op geschikte temperaturen bewaard kunnen worden en die zo ontworpen zijn dat deze temperaturen gecontroleerd en geregistreerd kunnen worden waar dit vereist is om de doelstellingen van genoemde verordening te bereiken

Verordening (EU) nr. 142/2011, artikel 19, aanhef en onder b, in samenhang met bijlage IX, hoofdstuk II, afdeling 1, punt 1, onder f

Wet dieren, artikel 6.2, eerste lid

Regeling dierlijke producten, artikel 3.3, eerste lid, onder b

 

C

(Risico op) gevaar voor mens en/of dier

Schriftelijke waarschuwing