Besluit van de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking van 24 juni 2020, nr. Min-Buza.2020.5430-40, tot vaststelling van een subsidieplafond op grond van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Subsidieplafond Women, Peace and Security)

De Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking;

Gelet op artikel 4:26 van de Algemene wet bestuursrecht;

Gelet op artikel 6 van het Subsidiebesluit Ministerie van Buitenlandse Zaken;

Gelet op de artikelen 4.1 tot en met 4.7 van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006;

Besluit:

Artikel 1

  • 1. Voor subsidieverlening op grond van Afdeling 4. Mensenrechten, SDG’s; strategische partnerschappen, van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 in het kader van Women, Peace and Security geldt voor de periode vanaf de inwerkingtreding van dit besluit tot en met 31 december 2025 een subsidieplafond van € 39.200.000,00.

  • 2. Meerjarige subsidies kunnen worden verleend onder de voorwaarde, bedoeld in artikel 4:43 van de Algemene wet bestuursrecht, dat daarvoor in de daarop betrekking hebbende begroting voldoende middelen ter beschikking worden gesteld.

Artikel 2

De verdeling van het subsidieplafond vindt plaats op grond van:

  • a. de kwaliteit van de gehonoreerde aanvragen voor een strategisch partnerschap in het kader van Women, Peace and Security, overeenkomstig de maatstaven die zijn neergelegd in de bijlage bij het besluit van de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking van 22 november 2019, nr. MINBUZA.2019.4593-20, tot vaststelling van beleidsregels voor subsidiëring op grond van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Women, Peace and Security)1, en

  • b. de absorptiecapaciteit van de in de alliantie verenigde organisaties.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 januari 2026.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, namens deze, de Directeur-Generaal Internationale Samenwerking, K. van der Heijden

TOELICHTING

In het besluit van de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking van 22 november 2019, nr. MINBUZA.2019.4593-20, tot vaststelling van beleidsregels voor subsidiëring op grond van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Women, Peace and Security)2 is aangekondigd dat de voor deze partnerschappen beschikbare middelen na de selectie van de partners bekend zouden worden gemaakt, evenals de wijze waarop deze middelen worden verdeeld. Dit besluit strekt tot vaststelling van het subsidieplafond voor Women, Peace and Security en van de wijze van verdeling van dit plafond. In totaal is voor de periode 2021–2025 voor subsidieverlening in het kader van Women, Peace and Security € 39.200.000,00 beschikbaar.

De voor subsidieverlening beschikbare middelen worden verdeeld over de geselecteerde allianties aan de hand van twee criteria: 1. De kwaliteit van de aanvragen voor een Women, Peace and Security partnerschap; 2. De absorptiecapaciteit van de in de alliantie verenigde organisaties.

Ad 1

De kwaliteit van de aanvragen is beoordeeld aan de hand van de criteria voor de beoordeling van aanvragen in fase 2 van het beoordelings- en selectieproces van Women, Peace and Security (zie de bijlage bij het besluit Women, Peace and Security, hoofdstuk 3. Women, Peace and Security, B. Beoordelings- en selectieprocedure en criteria, Fase 2: Beoordeling van de kwaliteit van de ‘Theory of Change’, de visie van de alliantie op de samenwerking met lokale organisaties in de landen waar de aanvraag zich op richt en het Track Record). Uit het resultaat van de beoordeling van de kwaliteit van de geselecteerde organisaties/allianties aan de hand van hun Theory of Change, Track Record en Visie van de alliantie op de samenwerking met lokale organisaties blijkt hun waarde voor de centrale doelstelling van het beleidskader Versterking Maatschappelijk Middenveld en Women, Peace and Security. De doelstelling van het beleidskader Versterking Maatschappelijk Middenveld is het versterken van maatschappelijke organisaties in hun rol van pleiten en beïnvloeden. Hiermee wordt bijgedragen aan een krachtiger maatschappelijk middenveld dat opkomt voor de behoeften en rechten van burgers en hiermee zowel bijdraagt aan verbetering van het sociaal contract tussen burgers en overheid als aan een inclusieve en duurzame samenleving. De doelstelling van Women, Peace and Security is het leveren van een bijdrage aan een ‘enabling environment’ voor participatie en empowerment van vrouwen en meisjes in (post-) conflictgebieden, zodat zij op betekenisvolle wijze kunnen deelnemen aan conflictpreventie en -beslechting, vredesopbouw, besluitvorming over (humanitaire) hulp en wederopbouw en bescherming.

Ad 2

Daarnaast wordt indien nodig rekening gehouden met de absorptiecapaciteit van de geselecteerde organisaties/allianties aan de hand van de grootte van hun budget in 2016, 2017 en 2018. Voor een doelmatige besteding van de beschikbare middelen is het immers van belang dat een subsidieontvanger in staat is de verleende middelen op verantwoorde wijze in te zetten.

De Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, namens deze, de Directeur-Generaal Internationale Samenwerking, K. van der Heijden

Naar boven