Overwegingen ten aanzien van het besluit
Inleiding:
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leiderdorp neemt een verkeersbesluit voor het aanwijzen van 4 parkeerplaatsen voor het opladen van elektrische voertuigen. Aanleiding is een aanvraag op de Bosdreef in Leiderdorp ter hoogte van perceelnummer 31 om twee oplaadpunten met vier parkeerplekken voor het opladen van elektrische voertuigen te realiseren. Deze aanvraag is getoetst aan de criteria zoals omschreven in de beleidsregels en hieruit is gebleken dat de aanvraag aan deze criteria voldoet. Om ervoor te zorgen dat het laadpunten gebruikt kunnen worden voor het opladen van elektrische voertuigen, is de gemeente voornemens om bebording te plaatsen die aangeeft dat de nabijgelegen parkeerplaatsen alleen gebruikt mogen worden voor het opladen van elektrische voertuigen.
Overweging:
De aanschaf en het gebruik van elektrische voertuigen in Nederland neemt toe, wat resulteert in een toenemende vraag naar oplaadfaciliteiten voor elektrische voertuigen. Binnen de gemeente Leiderdorp worden aanvragen voor oplaadpunten voor elektrische voertuigen getoetst aan de beleidsregels die op 10 maart 2017 zijn vastgesteld door het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Leiderdorp. Deze beleidsregels hebben tot doel om de oplaadpunten op weloverwogen locaties te plaatsen. De belangrijkste hiervan zijn:
- het oplaadpunt staan niet direct voor een woning (wanneer aan een woonstraat slechts aan één zijde woningen staan is het mogelijk om aan de andere zijde van de woonstraat (de zijde waar geen woningen staan) een oplaadpaal te plaatsen.)
- de locatie is goed vindbaar en zichtbaar;
- het is aannemelijk dat het betreffende laadpunt door meerdere gebruikers gedeeld kan worden (iedereen met een elektrische auto mag er gebruik van maken, het oplaadpunt in kwestie is en blijft immers een openbare voorziening);
- het oplaadpunt wordt gerealiseerd bij een bestaand parkeervak/ bestaande parkeervakken in eigendom van de gemeente Leiderdorp;
- de oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur kan worden voorzien van twee of meer aansluitpunten en er kunnen – eventueel op termijn – twee of meer parkeerplaatsen worden bediend;
- dat het instellen van deze maatregel niet zal leiden tot significant hogere parkeerdruk is de directe omgeving van het oplaadpunt, aangezien de bestuurder(s) die van de oplaadpunten gebruik gaan maken in de huidige situatie reeds (de omgeving van) de betreffende straat parkeren;
Er worden 2 laadpalen geplaatst; 1 zogenaamde smoothlaadpaal (2 aansluiting met 1-fase) en 1 powerlaadpaal (1 aansluiting met 1-fase en 1 aansluiting met 3-fase laden). Bij de aansluiting met 3 fase laden kan een auto sneller worden opgeladen dan bij een 1-fase aansluiting.Volgens het beleid dient er per aansluiting (stekker) een parkeervak te worden gereserveerd voor het opladen van elektrische voertuigen. In dit geval zouden er dus 4 parkeervakken gereserveerd moeten worden.
Op dit moment zal er maar 1 parkeervak per aansluiting (stekker) worden aangewezen, omdat gezien de huidige vraag naar oplaadpunten het nog niet logisch is om vier parkeervakken te reserveren. Daarom wordt het aantal parkeervakken gereserveerd voor het opladen van elektrische voertuigen nu beperkt tot twee parkeerplaatsen. Het aantal vakken wordt in de toekomst uitgebreid met nog twee parkeervakken als daar voldoende vraag voor is. Op deze wijze wordt rekening gehouden met de hoge parkeerdruk in de huidige situatie.
Wettelijke grondslag
Het besluit is gebaseerd op:
- de Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994);
- het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990);het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW);dat er overeenkomstig artikel 24 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW) overleg is gevoerd met de verkeersadviseur van de politie. Deze heeft een positief advies uitgebracht.
Bevoegdheid
dat burgemeester en wethouders van de gemeente Leiderdorp, overeenkomstig artikel 18, lid 1 onder d van de WVW 1994, het bevoegd gezag zijn voor het nemen van verkeersbesluiten en dat deze bevoegdheid op grond van het mandaatbesluit van 5 februari 2019 -zoals omschreven in het mandaatregister Leiderdorp 2017 hebben gemandateerd aan de programmamanagers en de medewerkers belast met het taakveld verkeer;