overwegende,
dat voertuigen voor langere tijd gestald staan voor het gebouw met huisnummer 197;
dat het hier gaat om caravans en campers;
dat deze lang geparkeerde voertuigen zorgen voor een belemmering van de verkeerssituatie;
dat namelijk onnodig opstoppingen ontstaan wanneer men op de Ceintuurbaan aan het laden en lossen is;
dat hierdoor geen doorstroming plaatsvindt van het verkeer;
dat tevens het in-en uitparkeren moeizaam verloopt doordat een onoverzichtelijke situatie ontstaat door de geparkeerde voertuigen;
dat daarnaast huisnummer 197 meerdere keren op een dag leveranciers ontvangt die met grote vrachtwagen combinaties hun goederen komen afleveren;
dat vanwege het feit dat voertuigen aan de overkant staan geparkeerd, het inparkeren van de grote vrachtwagen onmogelijk is geworden en hierdoor de zijkant van het pand van huisnummer 197 niet te bereiken is;
dat de Politie, eenheid Rotterdam, met het verzoek is gekomen om een parkeerverbod in te stellen op de Ceintuurbaan, het gedeelte vanaf de keerlus (zijde Rozenlaan) tot aan de Elektroweg;
dat de maatregel, gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 (Wvw, besluit van 21 april 1994, Staatsblad (Stb.) 1994, 475, zoals nadien gewijzigd), strekt tot:
- •
het verzekeren van veiligheid op de weg;
- •
het beschermen van weggebruikers en passagiers;
- •
het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;
dat de weg onder beheer is van de gemeente Rotterdam;
dat in het kader van artikel 24 sub a. van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW, besluit van 26 juli 1990, 460, of zoals nadien gewijzigd) wel overleg heeft plaatsgevonden met de Politie, eenheid Rotterdam, waarbij de Politie positief heeft geadviseerd.
Gelet op artikel 18 aanhef en onder d van de Wegenverkeerswet 1994 (Staatsblad 1994, nr. 475, zoals nadien gewijzigd), het bepaalde in het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 en het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer en daartoe bevoegd krachtens door het college van Burgemeester en Wethouders verleend mandaat in het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rotterdam 2016 (gemeenteblad 2016-6556, zoals nadien gewijzigd);
Besluit:
namens het college van Burgemeester en Wethouders van Rotterdam,
Tot het instellen van een parkeerverbod op de Ceintuurbaan, het gedeelte vanaf de keerlus (zijde Rozenlaan) tot aan de Elektroweg,
- •
het plaatsen van drie borden E01 (parkeerverbod) als bedoeld in bijlage I van het RVV 1990;
- •
te bepalen dat de bij dit besluit behorende bordenplan integraal onderdeel uitmaakt van dit verkeersbesluit.
De directeur van Cluster Stadsbeheer wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
Dit besluit wordt zowel in de Staatcourant als op de voor de gemeente gebruikelijke wijze gepubliceerd.
Namens het college van Burgemeester en Wethouders
de directeur van het cluster Stadsontwikkeling,
voor deze, het hoofd Mobiliteit,
Belanghebbenden kunnen tegen dit besluit binnen zes weken na datum van publicatie in de Staatscourant, een bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en wethouders.
Dit bezwaarschrift moet ondertekend zijn en moet ten minste bevatten:
- naam en adres van de indiener
- datum bezwaarschrift
- de gronden van het bezwaar
- een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar zich richt.
Het bezwaarschrift moet worden gezonden naar:
Het college van burgemeester en wethouders,
t.a.v. de Algemene Bezwaarschriftencommissie, postbus 1011, 3000 BA te ROTTERDAM.
Faxnummer Algemene Bezwaarschriftencommissie: (010) 2676300.
U kunt uw bezwaarschrift ook digitaal indienen op: www.rotterdam.nl/bezwaar
U kunt, indien u een bezwaarschrift bij het college heeft ingediend, een verzoek om voorlopige voorziening (o.a. schorsing) indienen bij:
Rechtbank Rotterdam, sector Bestuursrecht, postbus 50951, 3007 BM te ROTTERDAM.
Voor een dergelijk verzoek is griffiegeld verschuldigd.