Verkeersbesluit diverse verkeersmaatregelen Slachthuisbuurt

Logo Haarlem

Nr. 2020/165830

Burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlem,

gelet op de Wegenwet, de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994), het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (hierna: RVV 1990), het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: BABW) en de Uitvoeringsvoorschriften van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: Uitvoeringsvoorschriften BABW).

Overwegende:

dat de Hannie Schaftstraat en de Frans van der Wielstraat gelegen zijn binnen de bebouwde kom van Haarlem;

dat de Hannie Schaftstraat en de Frans van der Wielstraat in beheer zijn bij de gemeente Haarlem;

dat de Hannie Schaftstraat en de Frans van der Wielstraat wegen zijn als bedoeld in artikel 18, lid 1 onder d van de WVW 1994;

dat gelet op bovengenoemd artikel het college van burgemeester en wethouders van Haarlem bevoegd is verkeersbesluiten te nemen voor deze wegen;

dat de bevoegdheid voor het nemen van verkeersbesluiten door het college van burgemeester en wethouders van Haarlem is gemandateerd aan het afdelingshoofd Beheer en Beleid Openbare Ruimte;

dat de wegencategorisering van de gemeente Haarlem is opgenomen in de Structuurvisie Openbare Ruimte (hierna: SOR);

dat deze wegencategorisering aansluit op de categorisering zoals is opgenomen in het landelijke programma Duurzaam Veilig;

dat de Hannie Schaftstraat en de Frans van der Wielstraat zijn gecategoriseerd als erftoegangswegen;

dat de verkeersfunctie op erftoegangswegen ondergeschikt is aan de verblijfsfunctie;

dat tussen de Schipholweg en de Hannie Schaftstraat een woningblok wordt gerealiseerd;

dat het nieuwe woningblok verkeer genereert;

dat aan de zuidkant van het nieuwe woningblok een nieuwe verbinding wordt gerealiseerd met de naam Frans van der Wielstraat;

dat deze nieuwe verbinding wordt aangelegd tussen de Merovingenstraat en de Jetty Velustraat;

dat de Frans van der Wielstraat wordt gecategoriseerd als erftoegangsweg met een maximale toegestane snelheid van 30 km/uur;

dat dit gerealiseerd kan worden door middel van het plaatsen van het verkeersbord A1-30 zonaal van bijlage 1 van het RVV 1990;

dat de Frans van der Wielstraat een smalle rijloper kent en wordt aangewezen als eenrichtingsweg in de rijrichting vanaf de Merovingenstraat met een uitzondering voor fietsverkeer;

dat de keuze voor de richting van het verkeer is gemaakt in het gegeven dat de Merovingenstraat de entree van de wijk is en vanuit daar rondom de woningblokken rijdt;

dat hiermee wordt voorkomen dat verkeer vanuit de Frans van der Wielstraat de Merovingenstraat blokkeert bij het wachten voor de verkeerslichten;

dat dit gerealiseerd kan worden door middel van het plaatsen van verkeersbord C2 en C3 van bijlage 1 van het RVV 1990 met een onderbord met de tekst ‘uitgezonderd (symbool) fietsverkeer’;

dat de Hannie Schafstraat tussen de Merovingenstraat en de Jetty Velustraat wordt heringericht;

dat de huidige langsparkeervakken aan beide zijde van de weg worden opgeheven;

dat het parkeren van de bewoners in het woningblok wordt opgelost en in de zijstraten voldoende ruimte is voor het parkeren van bezoekers;

dat om te voorkomen dat voertuigen langs de Hannie Schaftstraat worden geparkeerd tussen de Merovingenstraat en de Jetty Velustraat een parkeerverbod wordt ingesteld aan beide zijde van de weg;

dat dit gerealiseerd kan worden door het plaatsen van verkeersborden E1 van bijlage 1 van het RVV 1990;

dat de fietsaansluiting op het kruispunt Frans van der Wielstraat – Jetty Velustraat – Truus Oversteegenstraat een fysieke middeneiland heeft;

dat ter ondersteuning van het middeneiland en de veiligheid van het fietsverkeer een gebod wordt ingesteld om het middeneiland aan de rechterzijde te passeren;

dat dit gerealiseerd kan worden door het plaatsen van verkeersborden D2 van bijlage 1 van het RVV 1990;

dat de gemeente Haarlem een behoefte voorziet voor het opladen van elektrische voertuigen door de komst van het nieuwe woningblok;

dat elektrisch aangedreven auto’s in opkomst zijn en er in Nederland in begin 2019 bijna 150.000 elektrische en hybride auto’s zijn geregistreerd;

dat Metropoolregio Amsterdam – elektrische (MRA-e) een concessie heeft aanbesteed en gegund waarbij een derde partij laadpalen realiseert, exploiteert en beheert;

dat de gemeente Haarlem zich heeft aangesloten bij het initiatief MRA-e;

dat de laadpalen voor de volgende doelgroepen zijn bestemd:

- Bezoekers aan de stad

- Bewoners van de stad

- Werknemers van bedrijven gevestigd in de stad

dat de gemeente Haarlem zich ten doel heeft gesteld om in 2030 een klimaat neutrale en duurzame gemeente te zijn;

dat de gemeente Haarlem het realiseren van een schoon wagenpark opgenomen heeft als maatregel om aan de Europese normen op het gebied van luchtkwaliteit te voldoen;

dat de gemeente Haarlem in het kader van bovengenoemd beleid elektrisch rijden wil stimuleren door een openbaar netwerk van oplaadpalen te realiseren;

dat de gemeente Haarlem een overeenkomst is aangegaan met MRA-e om in Haarlem laadpalen te plaatsen;

dat een laadpaal twee aansluitingen voor elektrische voertuigen kent;

dat om een optimale benutting van een openbare oplaadpunt te waarborgen en de voorziene behoefte het wenselijk is om nabij het oplaadpunt een tweetal parkeerplaatsen te reserveren ten behoeve van het opladen van elektrische voertuigen;

dat dit gerealiseerd kan worden door middel van het plaatsen van het verkeersbord E4 van bijlage 1 van het RVV 1990 met een onderbord met de tekst ‘opladen elektrische voertuigen’ en een onderbord dat aanduidt dat het verkeersbord van toepassing is op twee parkeervakken;

dat in het kader van herkenbaarheid de parkeervakken worden voorzien van een stekkersymbool;

dat de twee parkeervakken alleen door elektrische voertuigen gebruikt kunnen worden en dat de hoeveelheid parkeerruimte in de wijk voor niet-elektrische voertuigen daardoor afneemt;

dat het exclusief parkeren voor elektrische auto’s slechts is toegestaan met als doel de auto op te laden, zodat het oplaadpunt voor meerdere gebruikers beschikbaar is;

dat dit gebruik geregeld is in artikel 24, lid 1, sub d ten 2e van het RVV 1990, namelijk ‘de bestuurder mag zijn voertuig niet parkeren op een parkeergelegenheid op een andere wijze of met een ander doel dan op het bord of op het onderbord is aangegeven’;

dat het belang van het ontwikkelen van een openbaar oplaadnetwerk prevaleert boven het verlies aan parkeergelegenheid;

dat gelet op artikel 12 van het BABW voor het plaatsen en verwijderen van de verkeersborden A1-30 zonaal, C2, C3, D2, E1 en E4 van bijlage 1 van het RVV 1990 met de betreffende onderborden een verkeersbesluit is vereist;

dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 de hiervoor genoemde verkeermaatregelen strekken tot het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 de verkeersmaatregel voorts strekt tot het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet milieubeheer;

dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer in het geding is bij het uitvoeren van de hiervoor benoemde verkeersmaatregelen;

dat gelet op voorgaande overwegingen het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer als minder zwaarwegend wordt geacht dan het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

dat gelet op artikel 24 van het BABW overleg is gevoerd met de gemandateerde van de politie;

dat de politie heeft ingestemd met de hierna genoemde verkeersmaatregel.

Het besluit:

Het college van burgemeester en wethouders van Haarlem besluit:

- door middel van het plaatsen van het verkeersbord A1-30 zonaal van bijlage 1 van het RVV 1990 een 30 km/uur zone in te stellen op de Frans van der Wielstraat direct na het kruispunt Frans van der Wielstraat – Merovingenstraat;

- door middel van het plaatsen van de verkeersborden C2 en C3 van bijlage 1 van het RVV 1990 inclusief onderbord met de tekst ‘uitgezonderd fietsverkeer’, een eenrichtingsweg in te stellen op de Frans van der Wielstraat in de rijrichting van de Merovingenstraat naar de Truus Oversteegenstraat (oostelijke richting);

- door middel van het plaatsen van de verkeersborden D2 van bijlage 1 van het RVV 1990 een gebod voor alle bestuurders het verkeersbord voorbij te gaan aan de rechterzijde in te stellen op beide uiteinden van het middeneiland op de fietsaansluiting op het kruispunt Frans van der Wielstraat – Truus Oversteegenstraat;

- door middel van het plaatsen van de verkeersborden E1 van bijlage 1 van het RVV 1990 een parkeerverbod in te stellen aan beide zijde van de Hannie Schaftstraat tussen kruispunt Hannie Schaftstraat – Merovingenstraat en kruispunt Hannie Schafstraat – Jetty Velustraat;

- door middel van het plaatsen van het verkeersbord E4 van bijlage 1 van het RVV 1990 met een onderbord met de tekst ‘opladen elektrische voertuigen’ – en een onderbord met pijlen, waaruit blijkt dat het bord voor twee parkeerplaatsen van toepassing is – op de Frans van der Wielstraat de twee meest westelijke parkeerplaatsen bij kruispunt Frans van der Wielstraat – Merovingenstraat, een tweetal parkeerplaatsen te reserveren ten behoeve van het opladen van elektrische voertuigen.

Situatieschets:

Aldus vastgesteld te Haarlem

Namens het college van burgemeester en wethouders van Haarlem,

Sylvia van Egmond

Hoofd afdeling Beheer en Beleid Openbare Ruimte

Dit besluit treedt in werking na bekendmaking in de Staatscourant. Belanghebbenden kunnen binnen zes weken na publicatie van dit besluit in de Staatscourant bezwaar maken bij burgemeester en wethouders van Haarlem, Postbus 511, 2003 PB te Haarlem. Het bezwaarschrift moet de naam en het adres vermelden van degene die bezwaar maakt, zijn ondertekend en de datum vermelden waarop het is opgesteld. In het bezwaarschrift moet ook worden aangegeven tegen welk besluit bezwaar wordt gemaakt en waarom het bezwaar wordt gemaakt. Door het indienen van het bezwaarschrift wordt dit besluit niet opgeschort. Bij een spoedeisend belang kan degene die een bezwaarschrift heeft ingediend een voorlopige voorziening vragen aan de voorzieningenrechter van de rechtbank, sector bestuursrecht, postbus 1621, 2003 BR te Haarlem. Bij het indienen van een verzoek om voorlopige voorziening moeten griffierechten worden betaald.

Naar boven